Siemens HS658GXS7, tekst van de handleiding
Pagina's 40–51 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 40
nl Zo lukt het
| Bakken op één niveau | Hoogte |
|---|---|
| Hoog gebak / vorm op het rooster | 2 |
| Plat gebak / bakplaat | 3 |
| Bakken op meerdere niveaus | Hoogte |
| 2 niveaus • Braadslede • Bakplaat | 3 1 |
| 2 niveaus 2 roosters met vormen erop | 3 1 |
| 3 niveaus • Bakplaat • Braadslede • Bakplaat | 5 3 1 |
| 4 niveaus 4 roosters met bakpapier | 5 3 2 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerkingen
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Bereiden met stoom is slechts op één niveau mogelijk.
29.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
- Met de braadthermometer kunt u exact bereiden.
Houd de belangrijke informatie aan voor het juiste gebruik. → Pagina 20
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede met opgelegd rooster een niveau onder de aangegeven inschuifhoogte in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.
- Grill grillstukken van vergelijkbaar gewicht en vergelijkbare dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede minstens één niveau onder het rooster in de binnenruimte.
Opmerkingen
- Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. De frequentie hangt af van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
29.4 Stomen
Gerechten voorzichtig bereiden. Het product blijft bijzonder mals.
In tegenstelling tot bereiding met stoom, krijgt het vlees geen korst.
- Gebruik open, hitte- en stoombestendige vormen.
- De stoombak met gaatjes, maat XL, is het meest geschikt. Om afdruipende vloeistof op te vangen, schuift u de braadslede een niveau lager er onder in de binnenruimte.
U kunt ook een glazen schaal gebruiken en deze op het rooster plaatsen.
- Dek levensmiddelen die gewoonlijk au-bain-marie worden bereid met folie af, bijv. met vershoudfolie.
- U hoeft het voedsel niet te keren.
- Als smaakvariatie kunt u vlees, gevogelte of vis vóór het stomen aanbraden. Verkort de bereidingsduur.
Pagina 41
Zo lukt het nl
- Voor grotere stukken is een langere opwarmtijd en een langere bereidingsduur nodig.
- Wanneer u meerdere stukken gebruikt die even zwaar zijn, dan verlengt het apparaat de opwarmtijd.
De bereidingsduur blijft gelijk.
- In het belangrijkste deel van de gebruikershandleiding vindt u informatie, hoe u de stoomfunctie instelt.
→ " Stoom", Pagina 17
Groente op verschillende niveaus
Op 2 niveaus kunt u uitstekend meerdere gerechten of hele menu's bereiden, bijv. broccoli en aardappelen.
Rijst of graan
- Voeg water of vloeistof in de aangegeven verhouding toe.
Zo betekent bijvoorbeeld: 1:1,5 = per 100 g rijst 150 ml vloeistof toevoegen.
29.5 Bereiding van diepvriesproducten
- Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- IJs verwijderen.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
29.6 Bereiding van kant-en-klare voedingsproducten
- Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
- Gebruik een hittebestendige vorm wanneer u het kant-en-klaar gerecht in een vorm bereidt.
29.7 Selectie van gerechten
Insteladvies voor talrijke levensmiddelen gesorteerd op categorie.
Insteladvies voor verschillende gerechten
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Cake, 2 niveaus | Tulbandvorm of Langwerpige bakvorm | 3+1 | 140 - 160 | - | 60 - 80 | |
| Cake, fijn | Langwerpige bakvorm | 2 | 150 - 170 | - | 60 - 80 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160 - 180 | - | 70 - 90 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 170 ¹ | - | 30 - 50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 1. 150 - 160 2. 150 - 160 | Gering uit | 1. 10 2. 25 - 35 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 2 | 150 - 160 | - | 50 - 60 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 160 - 180 | - | 55 - 75 | |
| Gebak van gistdeeg met vochtige bedekking | Braadslede | 3 | 180 - 200 | - | 30 - 40 | |
| Cakerol | Bakplaat | 3 | 180 - 200 ¹ | - | 8 - 15 | |
| Cakerol | Bakplaat | 3 | 180 - 200 ¹ | Gering | 10 - 15 | |
| Muffins | Muffinplaat | 3 | 170 - 190 | - | 15 - 20 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 3 | 160 - 180 | - | 25 - 35 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 3 | 160 - 180 | Gemiddeld | 25 - 35 | |
| Koekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 160 | - | 15 - 30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 41)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
Pagina 42
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 - 160 | - | 15 - 30 | |
| Koekjes, 3 niveaus | 1x Braadslede + 2x Bakplaat | 5+3+1 | 140 - 160 | - | 15 - 30 | |
| Brood, op de plaat 750 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210 - 220 2. 180 - 190 | Sterk uit | 1. 10-15 2. 25-35 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210 - 220 ¹ 2. 180 - 190 | - | 1. 10 - 15 2. 40 - 50 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Braadslede of Langwerpige bakvorm | 2 | 1. 210 - 220 2. 180 - 190 | Sterk uit | 1. 10-15 2. 45-55 | |
| Brood, op de plaat 1500 g | Langwerpige bakvorm | 2 | 200 - 210 | - | 35 - 45 | |
| Plat rond brood | Braadslede | 3 | 220 - 230 | Sterk | 20-30 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 3 | 180 - 200 | - | 20 - 30 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 3 | 200 - 220 | Gemiddeld | 20 - 30 | |
| Pizza, vers - op de bakplaat | Bakplaat | 3 | 200 - 220 | - | 25 - 35 | |
| Pizza, vers - op de bakplaat, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 180 - 200 | - | 35 - 45 | |
| Pizza, vers, dunne bodem, in pizzavorm | Pizzaplaat | 2 | 220 - 230 | - | 20 - 30 | |
| Quiche | Taartvorm , Zwart blik | 1 | 190 - 210 | - | 40 - 50 | |
| Flammkuchen | Braadslede | 3 | 240 - 250 ¹ | - | 10 - 18 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 2 | 200 - 220 | - | 30 - 50 | |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | Ovenschaal | 2 | 150 - 170 | Gemiddeld | 40 - 50 | |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 2 | 160 - 190 | - | 50 - 70 | |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 2 | 200 - 220 | - | 60 - 70 | |
| Kip, 1 kg, ongevuld | Rooster | 2 | 190-210 | Gemiddeld | 50-60 | |
| Kipfilet, stomen | Stoombak | 3 | 100 | - | 15 - 25 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 3 | 220 - 230 | - | 30 - 35 | |
| Kleine kipdelen, à 250 g | Rooster | 3 | 200 - 220 | Gemiddeld | 30 - 45 | |
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 2 | 160 - 180 | - | 120 - 150 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 42)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
Pagina 43
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gans, niet gevuld, 3 kg | Rooster | 2 | 1. 2. 3. | 1. 130-140 2. 150-160 3. 170-180 | Gemiddeld Gemiddeld uit | 1. 110-120 2. 20-30 3. 30-40 |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 180 - 190 | - | 110 - 130 | |
| Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 190 - 200 | - | 120 - 140 | |
| Gebraden varkensvlees met zwoerd, bijv. schouderstuk, 2 kg | Open vorm | 2 | 1. 2. 3. | 1. 100 2. 170-180 3. 200-210 | uit Gering uit | 1. 25-30 2. 60-75 3. 20-25 |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Rooster | 2 | 210 - 220 | - | 40 - 50 | |
| Runderfilet, medium, 1 kg | Open vorm | 2 | 190 - 200 | Gering | 50 - 60 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 200 - 220 | - | 130 - 160 | |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg ² | Open vorm | 2 | 1. 2. | 1. 150 2. 130 | Sterk Gemiddeld | 1. 30 2. 120-150 |
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 200 - 220 | - | 140 - 160 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Rooster | 2 | 220 - 230 | - | 60 - 70 | |
| Rosbief, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 190 - 200 | Gering | 65 - 80 | |
| Burger, 3-4 cm hoog | Rooster | 4 | 3 | - | 25 - 30 | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 170 - 190 | - | 50 - 80 | |
| Lamsbout zonder been, medium, 1,5 kg | Open vorm | 2 | 170 - 180 | Gering | 80 - 90 | |
| Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forel | Rooster | 2 | 170 - 190 | - | 20 - 30 | |
| Vis, gebraden, heel 300 g, bijv. forel | Braadslede | 2 | 1. 2. | 1. 170-180 2. 160-170 | Gering uit | 1. 15-20 2. 5-10 |
| Vis, gestoomd, heel 300 g, bijv. forel | Stoombak | 3 | 80 - 90 | - | 15 - 25 | |
| Visfilet, ongepaneerd, gestoomd | Stoombak | 3 | 80 - 100 | - | 10 - 16 | |
| Bloemkool, heel, stomen | Stoombak | 3 | 100 | - | 25 - 35 | |
| Wortelen in plakjes stomen | Stoombak | 3 | 100 | - | 10 - 20 | |
| Spinazie stomen | Stoombak | 3 | 100 | - | 2 - 3 | |
| Aardappels in de schil, heel | Stoombak | 3 | 100 | - | 35 - 45 | |
| Rijst met lange korrel, 1:1,5 | Vlakke vorm | 3 | 100 | - | 20 - 30 | |
| Eieren, hardgekookt | Stoombak | 3 | 100 | - | 10 - 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 43)
1 Het apparaat voorverwarmen.
2 Giet aan het begin ca. 100 ml vloeistof in de vorm. De watertank moet tijdens het gebruik worden nagevuld.
Pagina 44
nl Zo lukt het
Dessert
Crème caramel of Crème brûlée maken
- 1. Maak de massa voor de crème volgens uw recept.
- 2. Vul de vormpjes tot 2-3 cm hoog met het mengsel.
- 3. Plaats de vormpjes in de stoombak met gaatjes, maat XL.
- 4. Dek levensmiddelen die gewoonlijk au-bain-marie worden bereid met folie af, bijv. met vershoudfolie.
- 5. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- 6. Verleng de bereidingstijd bij vormpjes van zeer dik materiaal.
Yoghurt maken
- 1. De accessoires en de rekjes uit de binnenruimte nemen.
- 2. 1 liter melk (3,5 % vet) op 90°C verwarmen op de kookplaat en tot 40°C laten afkoelen.
Bij houdbare melk is het verwarmen tot 40°C voldoende.
- 3. 150 g yoghurt op koelkasttemperatuur door de melk roeren.
- 4. De massa in kleinere vormen gieten, bijv. in kopjes of kleine glazen.
- 5. De vormen met folie afdekken, bijv. met vershoudfolie.
- 6. Plaats de vormen op de bodem van de binnenruimte.
- 7. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- 8. Laat de yoghurt na de bereiding minimaal 12 uur lang rusten in de koelkast.
Insteladvies voor desserts en compote
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Crème brûlée | Portievormen | 3 | 85 | - | 20 - 30 | |
| Crème caramel | Portievormen | 3 | 85 | - | 25 - 35 | |
| Gestoomde pasta | Braadslede | 3 | 100 | - | 20 - 30 | |
| Yoghurt | Portievormen | Bodem van de binnenruimte | 35 - 40 | - | 300 - 360 | |
| Rijstepap, 1:2,5 | Braadslede | 3 | 1. 1 2. 1 | - | 35-45 | |
| Vruchtencompote, 1/3 water | Braadslede | 3 | 1. 1 2. 1 | - | 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
29.8 Bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen
Informatie en insteladvies over bijzondere bereidingswijzen en andere toepassingen, bijv. langzaam garen of inkoken.
Langzaam garen
Bereid fijn vlees, bijv. zachte delen van rund, kalf, varken, lam, of gevogelte, langzaam bij lage temperatuur.
Gevogelte of vis langzaam garen
Opmerking: Een starttijdvoorkeuze met eindtijd is bij de verwarmingsmethode langzaam garen niet mogelijk.
Vereiste: De binnenruimte is koud.
- 1. Gebruik vers en hygiënisch perfect vlees, zonder bot.
- 2. De vorm op het rooster op niveau 2 in de binnenruimte plaatsen.
- 3. De binnenruimte en de vorm ca. 15 minuten voorverwarmen.
- 4. Het vlees op de kookplaat van alle kanten zeer heet aanbraden.
- 5. Het vlees direct op de voorverwarmde vorm in de binnenruimte van de oven doen.
Houd om ervoor te zorgen dat het klimaat in de binnenruimte gelijk blijft, de deur van de oven tijdens het langzaam garen gesloten.
- 6. Verwijder na het langzaam garen het vlees uit de binnenruimte.
Insteladvies voor langzaam garen
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwarmingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Eendenborst, rosé à 300 g | Open vorm | 2 | 6 - 8 | 90 ¹ | 45 - 60 | |
| Varkenshaas, heel | Open vorm | 2 | 4 - 6 | 80 ¹ | 45 - 70 | |
| Runderfilet, 1 kg | Open vorm | 2 | 4 - 6 | 80 ¹ | 90 - 120 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 44)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Pagina 45
Zo lukt het nl
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Aanbraadduur in min. | Verwarmingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Kalfsmedaillons, 4 cm dik | Open vorm | 2 | 4 | 80 ¹ | 30 - 50 | |
| Lamsrack, zonder been, à 200 g | Open vorm | 2 | 4 | 80 ¹ | 30 - 45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
| 1 Het apparaat voorverwarmen. | |
| Desinfecteren en hygiëne Ontsmet onberispelijk, hittebestendig servies of babyflesjes. Deze manier komt overeen met de gebruikelijke wijze van uitkoken. Flesjes ontsmetten 1. Reinig de flesjes altijd direct na het drinken met de flessenborstel. Insteladvies voor hygiëne | 2. Reinig de flesjes in de vaatwasser. 3. Zet de flesjes zó in de stoombak, maat XL, dat ze elkaar niet raken. 4. Start het programma "Desinfecteren". 5. Neem het apparaat na het desinfecteren van binnen af. 6. Droog de flesjes af met een schone doek. |
| Gerecht Accessoires / vor- Hoogte men | Verwar- Temperatuur in Stoominten- Tijdsduur mingsme- °C siteit in min. thode → Pagina 9 |
| Jampotten of inmaakgla- Stoombak, maat XL 2 zen voorbereiden | 100 - 10-15 |
| Jampotten nabehandelen Stoombak, maat XL 2 | 100 - 15-20 |
| Schone vorm kiemvrij Stoombak, maat XL 2 maken ¹ 1 Deze manier komt overeen met de gebruikelijke wijze van | 100 - 15-20 uitkoken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
| Deeg laten rijzen Laat deeg altijd in 2 stappen rijzen: eenmaal als het hele deegvolume (1. - al het deeg) en een tweede maal in porties (2. - individueel rijzen). Vereiste: De binnenruimte is koud. 2. 1. Deeg laten rijzen: ‒ Schuif het rooster in de binnenruimte. ‒ Plaats het deeg in een hittebestendige kom op het rooster. 3. Insteladvies voor het laten rijzen van deeg | ‒ Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies. ‒ Open tijdens het rijzen de apparaatdeur niet omdat er anders vocht ontsnapt. Individueel rijzen: ‒ Het deeg verder verwerken en in de uiteindelijk bakvorm doen. ‒ Schuif het deeg op de aangegeven inschuifhoogte in de oven. Veeg vóór het bakken de binnenruimte droog. | |
| Gerecht Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar- Temperatuur in °C Tijdsduur in mingsme- min. thode → Pagina 9 |
| vetrijk deeg, bijv. Panettone Schotel op rooster Vorm op rooster | 1. 2 2. 2 | 1. 1. 40 - 45 1. 40 - 90 2. 2. 40 - 45 2. 30 - 60 |
| Witbrood Schotel op rooster Braadslede | 1. 2 2. 2 | 1. 1. 35 - 40 1. 30 - 40 2. 2. 35 - 40 2. 15 - 25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
Ontdooien
Ontdooi diepvriesproducten met uw apparaat.
Aanwijzingen voor het ontdooien
- De stoomfunctie is geschikt voor het ontdooien van diepvries fruit en groente.
- Gebruik voor het ontdooien van gebak verwarmingsmethode 4D‑hetelucht.
- Gevogelte, vlees en vis kunt u beter in de koelkast ontdooien.
- Neem het diepvriesproduct uit de verpakking om te ontdooien.
Pagina 46
nl Zo lukt het
- Accessoires / vormen:
- Doe diepvriesfruit en -groente in de stoombak maat XL. Plaats om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede een niveau daaronder.
- Doe diepvriesproducten, waarbij de vloeistof in het product moet blijven, in de braadslede of in een vorm op het rooster, bijv. diepvriesspinazie.
- Plaats het gebak op het rooster.
- De insteladviezen gelden voor gerechten met diepvriestemperatuur (-18 °C).
Regenereren
Warm gerechten behoedzaam op met gebruik van stoom. De gerechten smaken en zien eruit als vers klaargemaakt. U kunt ook bakproducten van de vorige dag opbakken.
Aanwijzingen voor het regenereren
- Gebruik open, hitte- en stoombestendige vormen.
- Gebruik een platte, brede vorm. Door een koude vorm duurt het regenereren langer.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Leg het voedsel, dat u niet in de vorm bereidt, direct op het rooster op niveau 2 , bijv. broodjes.
- Dek het voedsel niet af.
- Open tijdens het regenereren de deur van de binnenruimte niet, omdat er veel stoom ontsnapt.
- Veeg de binnenruimte na het regenereren droog.
Insteladvies voor het regenereren
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Pizza, gebakken | Rooster | 2 | 170 - 180 ¹ | - | 5 - 15 | |
| Broodjes, baguette, gebakken | Rooster | 2 | 160 - 170 ¹ | - | 10 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 46)
1 Het apparaat voorverwarmen.
Warmhouden
Aanwijzingen voor het warmhouden
- Voorkom condensvorming wanneer u de verwarmingsmethode "Warmhouden" gebruikt. U hoeft de binnenruimte niet af te nemen.
- Dek het voedsel niet af.
- Houd voedsel niet langer dan 2 uur warm.
- Houd er rekening mee dat vele gerechten bij het warmhouden verder garen.
De verschillende standen voor de stoomtoevoer zijn geschikt voor het warmhouden van:
- Stand 1: braadstukken en kort gebraden producten
- Stand 2: ovenschotels en bijgerechten
- Stand 3: eenpansgerechten en soepen
29.9 Testgerechten
De informatie in dit deel is bedoeld voor testinstituten, om het testen van het apparaat conform EN 60350-1 te vergemakkelijken.
| Bakken | ||
| • De instelwaarden gelden voor producten die in de | Bakplaat: hoogte 1 | |
| onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. | – Vormen op het rooster: | |
| • Neem de aanwijzingen voor het voorverwarmen in | Eerste rooster: hoogte 3 | |
| het insteladvies in acht. De instelwaarden gelden | Tweede rooster: hoogte 1 | |
| zonder snel voorverwarmen. | • | Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus: |
| • Gebruik bij het bakken eerst de laagste opgegeven | – Bakplaat: hoogte 5 | |
| temperatuur. | – Braadslede, hoogte 3 | |
| • Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in | – Bakplaat: hoogte 1 | |
| de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde | • | Biscuitgebak |
| moment klaar te zijn. | – Wanneer u op 2 niveaus bakt, de springvormen | |
| • Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus: | diagonaal boven elkaar op het rooster plaatsen. | |
| – Braadslede, hoogte 3 |
Pagina 47
Zo lukt het nl
Insteladvies voor bakken
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Stoomintensiteit | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Spritskoekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 150 ¹ | - | 25 - 40 | |
| Spritskoekjes | Bakplaat | 3 | 140 - 150 ¹ | - | 25 - 40 | |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 140 - 150 ¹ | - | 30 - 40 | |
| Sprits, 3 niveaus | 2x Bakplaat + 1x Braadslede | 5+3+1 | 130 - 140 ¹ | - | 35 - 55 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 3 | 160 ¹ | - | 20 - 30 | |
| Kleine cakes | Bakplaat | 3 | 150 ¹ | - | 25 - 35 | |
| Kleine cakes, 2 niveaus | Braadslede + Bakplaat | 3+1 | 150 ¹ | - | 25 - 35 | |
| Kleine cakes, 3 niveaus | 2x Bakplaat + 1x Braadslede | 5+3+1 | 140 ¹ | - | 35 - 45 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160 - 170 ² | - | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 160 - 170 ² | - | 25 - 35 | |
| Biscuitgebak | Springvorm Ø 26 cm | 2 | 1. 150 - 160 2. 150 - 160 | Gering uit | 1. 10 2. 20-25 | |
| Biscuitgebak, 2 niveaus | Springvorm Ø 26 cm | 3+1 | 150 - 170 ² | - | 30 - 50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 47)
1 Warm het apparaat 5 minuten voor. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
2 Het apparaat voorverwarmen. De functie snel voorverwarmen niet gebruiken.
Stomen
Schuif de braadslede één niveau onder de bak met gaatjes maat XL, wanneer dit in het insteladvies wordt aangegeven.
Inschuifhoogtes
Inschuifhoogtes bij het stomen op één niveau
- Gebruik maximaal 2,5 kg.
- Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 2
Inschuifhoogtes bij stomen op twee niveaus
- Gebruik maximaal 1,8 kg per niveau.
- Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 5
- Stoombak met gaatjes, maat XL: hoogte 3
Insteladvies voor stomen
Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in °C Tijdsduur in men mingsme- min. thode → Pagina 9
Erwten, diepvries, twee bak- 2x 5+3+1 100 - ¹, 2 ken Stoombak, maat XL +
Braadslede
1 ** De controle is beëindigd wanneer op de koudste plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1).
2 De test is beëindigd wanneer op de koudste plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1).
3 Het apparaat voorverwarmen.
4 Een vergelijkbare mate van gaarheid tussen referentiemonster en hoofdmonster wordt bereikt wanneer het referentiemonster 5 minuten (uitgevoerd zoals beschreven in IEC 60350-1) wordt bereid.
Pagina 48
nl Montagehandleiding
| Gerecht | Accessoires / vormen | Hoogte | Verwar-mingsmethode → Pagina 9 | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Broccoli, vers, 300 g | Stoombak, maat XL | 3 | 100 ³ | 7 - 8 ⁴ | |
| Broccoli, vers, een bak | Stoombak, maat XL | 3 | 100 ³ | 7 - 8 ⁴ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
1 ** De controle is beëindigd wanneer op de koudste plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1).
2 De test is beëindigd wanneer op de koudste plek 85°C is bereikt (zie IEC 60350-1).
3 Het apparaat voorverwarmen.
4 Een vergelijkbare mate van gaarheid tussen referentiemonster en hoofdmonster wordt bereikt wanneer het referentiemonster 5 minuten (uitgevoerd zoals beschreven in IEC 60350-1) wordt bereid.
Insteladvies bij grillen
Gerecht Accessoires / vor- Hoogte Verwar- Temperatuur in Tijdsduur in men mingsme- °C / grillstand min.
| thode → Pagina 9 | |
|---|---|
| Toast bruinen Rooster | 5 3 ¹ 4 - 6 |
| 1 Het apparaat niet voorverwarmen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
30 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
30.1 Algemene montage-instructies
Neem deze aanwijzingen in acht voordat u met het inbouwen van het apparaat begint.
- Alleen als de inbouw op deskundige wijze en conform dit installatievoorschrift wordt uitgevoerd, is de veiligheid bij het gebruik gegarandeerd. De monteur is aansprakelijk voor schade als gevolg van een verkeerde inbouw.
- Gebruik de deurgreep niet voor transport of inbouw.
- Het apparaat na het uitpakken controleren. Niet aansluiten in geval van transportschade.
- Voor het eerste gebruik verpakkingsmateriaal en plakfolie verwijderen uit de binnenruimte en van de deur.
- Bij de inbouw van accessoires dient u zich te houden aan de beschrijving in de montagebladen.
- Inbouwmeubels dienen bestand te zijn tegen een temperatuur tot maximaal 95°C, aangrenzende meubelfronten tot 70°C.
- Het apparaat niet inbouwen achter een decor- of meubeldeur. Er bestaat gevaar van oververhitting.
- Voer uitsnijdingswerkzaamheden aan het meubel uit voordat het apparaat wordt geplaatst. Spanen verwijderen. Deze kunnen invloed hebben op de werking van elektrische componenten.
- De contactdoos van het apparaat dient zich in het gebied van het gearceerde vlak of buiten de inbouwruimte te bevinden.
Niet-bevestigde meubels moeten met een gebruikelijke, in de handel verkrijgbare montagebeugel aan de wand worden bevestigd.
- Let er bij apparaten met een draaibaar schakelfront op dat dit bij het naar buiten komen geen aangrenzende meubels raakt.
Pagina 49
Montagehandleiding nl
- Draag werkhandschoenen ter voorkoming van snijwonden. Onderdelen die tijdens het inbouwen toegankelijk zijn, kunnen scherpe randen hebben.
- Maataanduidingen van de afbeeldingen in mm.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Gebruik geen meervoudige stekkerdozen.
- Gebruik uitsluitend verlengkabels die zijn gecertificeerd, een minimale aderdiameter van 1,5 mm² hebben en die voldoen aan de geldende landelijke veiligheidsvereisten.
- Neem contact op met de service wanneer het netsnoer te kort is.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters gebruiken.
LET OP!
Door het apparaat aan de deurgreep te dragen kan deze afbreken. De deurgreep houdt het gewicht van het apparaat niet.
- Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen.
30.4 Inbouw onder een kookplaat
Wordt het apparaat onder een kookplaat ingebouwd, dan moeten de minimale afmetingen in acht worden genomen, eventueel inclusief onderbouw.
30.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
30.3 Inbouw onder een werkblad
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw onder een werkblad in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dient het tussenschot te beschikken over een ventilatie-opening.
- Het werkblad moet aan het inbouwmeubel worden bevestigd.
- Het eventueel voorhanden installatievoorschrift van de kookplaat in acht nemen.
Op basis van de vereiste minimale afstand wordt de minimale dikte van het werkblad berekend .
Pagina 50
nl Montagehandleiding
| Type kookplaat | a opbouw in mm | a vlak gemonteerd in mm | b in mm |
|---|---|---|---|
| Inductiekookplaat | 37 | 38 | 5 |
| Inductiekookplaat met doorlopend kookoppervlak | 47 | 48 | 5 |
| Gaskookplaat | 27 | 38 | 5 |
| Elektrische kookplaat | 27 | 30 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
30.5 Inbouw in een hoge kast
Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw in een hoge kast in acht.
- Met het oog op de luchttoevoer van het apparaat dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatie-opening.
- Wanneer de bovenkast naast de element-achterwanden nog een achterwand heeft, dient deze verwijderd te worden.
- Het apparaat niet te hoog inbouwen, zodat de toebehoren er zonder probleem uitgenomen kunnen worden.
- Let erop dat de luchtcirculatie volgens de tekening is gewaarborgd.
- Apparaten niet te hoog inbouwen, zodat het toebehoren er zonder probleem uitgenomen kan worden.
30.7 Hoekinbouw
Houd de inbouwmaten en de inbouwinstructies bij hoekinbouw aan.
30.6 Inbouw van twee apparaten boven elkaar
Uw apparaat kan ook boven of onder een ander apparaat worden ingebouwd. Neem de inbouwmaten en de inbouwvoorschriften bij de inbouw boven elkaar in acht.
- Om ervoor te zorgen dat de deur van het apparaat kan worden geopend, dient u zich bij de hoekinbouw te houden aan de minimale afmetingen. De maat is afhankelijk van de dikte van het meubelfront en de greep.
30.8 Elektrische aansluiting
- Met het oog op de luchttoevoer van de apparaten dienen de tussenschotten te beschikken over een ventilatieopening.
- Om een voldoende ventilatie van de apparaten te waarborgen, is een ventilatieopening van minimaal 200 cm² in de plint noodzakelijk. Hiervoor de sokkelplaat bijsnijden of een ventilatierooster aanbrengen.
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
- Het apparaat voldoet aan beveiligingsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- De zekering dient in overeenstemming te zijn met de vermogensopgave op het typeplaatje en de lokale voorschriften.
- Het apparaat moet bij alle montagewerkzaamheden spanningsloos zijn.
- Het apparaat mag alleen met de meegeleverde aansluitkabel worden aangesloten.
Pagina 51
Montagehandleiding nl
- De aansluitkabel moet op de achterzijde worden ingestoken tot een klik hoorbaar is. Een 3 m lange aansluitkabel is bij de service verkrijgbaar.
- De aansluitkabel mag alleen worden vervangen door een originele kabel. Die is bij de service verkrijgbaar.
- De bescherming tegen aanraking dient door de inbouw te zijn gewaarborgd.
Apparaat met geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Het apparaat mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- Steek de stekker in het stopcontact met randaarde. Wanneer het apparaat is ingebouwd moet de stekker van de aansluiting op het net vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang neer de netstekker niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
Apparaat zonder geaarde stekker elektrisch aansluiten
Opmerking: Alleen een daartoe bevoegd vakman mag het apparaat aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting kunt u geen aanspraak maken op garantie. In de vast geplaatste elektrische installatie moet een alpolige scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- 1. Fase- en neutraal- ("nul-") leider in het stopcontact identificeren.
Bij een verkeerde aansluiting kan het apparaat worden beschadigd.
- 2. Volgens het aansluitschema aansluiten.
Zie voor de spanning het typeplaatje.
- 3. De aders van de elektrische aansluitleiding dienen overeenkomstig de kleurcodering te worden aangesloten:
‒ groen-geel = aarddraad ‒ blauw = neutraal- ("nul-") leiding ‒ bruin = fase (buitendraad)
30.9 Apparaat inbouwen
- 1. Het apparaat volledig inschuiven en centrisch uitlijnen.
- 2. Het apparaat vastschroeven.
- 3. Bij greeploze keuken met verticale greeplijst: ‒ Breng een geschikt vulstuk aan om eventuele scherpe randen af te dekken en een veilige montage te waarborgen.
‒ Aluminiumprofielen voorboren, om een schroefverbinding te maken .
‒ Apparaat met adequate schroeven bevestigen .
Opmerking: De spleet tussen werkblad en apparaat mag niet door extra lijsten worden afgesloten. Aan de zijwanden van de ombouwkast mogen geen isolatieprofielen worden aangebracht.
30.10 Apparaat demonteren
- 1. Maak het apparaat spanningsloos.
- 2. De bevestigingsschroeven losdraaien.
- 3. Het apparaat iets optillen en helemaal naar buiten trekken.