Siemens HX745526E, tekst van de handleiding
Pagina's 44–55 van 64 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 34–43verder op pagina 56 →
Pagina 44
Voor het eerste gebruik
Hier vindt u alles wat u moet doen voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
Tijd instellen
Na de aansluiting knipperen op het display het symbool 0 en drie nullen. Stel de tijd in.
- 1. De toets 0 indrukken.
Op het display verschijnt de tijd 12:00. De tijdsymbolen zijn verlicht, de pijl staat voor 0.
- 2. Met de toets of de tijd instellen.
Na enkele seconden wordt de ingestelde tijd overgenomen.
De oven opwarmen
Om de geur van het nieuwe te verwijderen, warmt u de lege, gesloten oven op. Ideaal hiervoor is een uur bij Boven- en onderwarmte op 240 °C. Let erop dat zich geen verpakkingsresten in de binnenruimte bevinden.
Ventileer de keuken zolang de oven opwarmt.
- 1. Met de functiekeuzeknop Boven- en onderwarmte instellen.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop 240 °C instellen.
Na een uur de oven uitschakelen. Hiervoor de functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren voor het eerste gebruik grondig met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
Kookplaat instellen
Uw kookplaat is voorzien van vier gasbranders. Hier kunt u nalezen hoe u de gasbranders aansteekt en de kookplaat instelt.
Reinigen van de branderkelk en het branderdeksel
Reinig het branderdeksel (1) en het branderdeksel (2) met water en afwasmiddel. Droog deze onderdelen goed af.
Plaats de branderkelk en het deksel weer op de branderkom
- (5) . Let erop dat de ontsteking (3) en de vlambeveiligingspin
- (4) niet worden beschadigd.
De sproeier (6) moet droog en schoon zijn. Plaats het branderdeksel altijd exact op de branderkelk.
Gasbrander ontsteken
Plaats het branderdeksel altijd exact op de branderkelk. De openingen op de branderkelk moeten altijd vrij zijn.Alle branderdelen moeten droog zijn.
- 1. Open de bovenste afdekking. Deze moet tijdens het gebruik van het fornuis altijd geopend zijn.
- 2. Draai de schakelaar van de gewenste brander naar links in de ontstekingsstand . Het ontsteken begint.
- 3. Druk de schakelaar helemaal in en houd deze 1-3 seconden ingedrukt. De gasbrander wordt ontstoken.
De ontstekingsbeveiliging wordt geactiveerd. Als de gasvlam uitgaat, wordt de gastoevoer automatisch door de ontstekingsbeveiliging onderbroken.
- 4. Stel de gewenste vlamhoogte in. Tussen de instelling Uit en de instelling is de vlam niet stabiel. U moet daarom altijd een instelling tussen de hoogste en de laagste vlam kiezen.
- 5. Als de vlam weer uitgaat, herhaalt u de procedure vanaf stap
2.
- 6. Voor het uitschakelen van de gasbrander: Draai de gasbranderschakelaar naar rechts in de stand Uit.
De ontsteking mag niet langer dan 15 seconden worden bediend. Wanneer de brander na 15 seconden nog niet ontstoken is, moet u minstens 1 minuut wachten. Herhaal dan de ontstekingsprocedure.
Let op!
Wanneer u kort na het uitschakelen van een nog warme gasbrander de schakelaar bedient, stroomt er gas uit. Wanneer u de schakelaar niet in de ontstekingsstand zet, wordt de gastoevoer na 60 seconden onderbroken.
De gasbrander ontsteekt niet.
Bij stroomuitval of bij vochtige bougies kunt u de gasbrander met een gasaansteker of lucifer ontsteken.
Pagina 45
Tabel - koken
Kies voor elke kookzone de juiste pangrootte. De diameter van de pannenbodem moet met de grootte van de kookzone overeenstemmen.
De kooktijden zijn afhankelijk van de soort, het gewicht en de kwaliteit van de gerechten. Daarom zijn afwijkingen mogelijk.De
optimale bereidingstijd kunt u op basis van uw eigen ervaring bepalen.
Bereid de gerechten met zo weinig mogelijk water, zodat de vitamines en mineralen behouden blijven. Kies korte kooktijden, zodat de groenten stevig blijven en meer voedingswaarde hebben.
| Voorbeeld | Gerecht | Kookzone Kookstand |
|---|---|---|
| Smelten | Chocolade, boter, margarine | Spaarbrander kleine vlam |
| Verwarmen | Bouillon, groenteconserven | Normale brander kleine vlam Elektrische kookplaat** 1-2 |
| Verwarmen en warm houden | Soepen | Spaarbrander kleine vlam Elektrische kookplaat** 1-2 |
| Stomen* | Vis | Normale brander tussen grote en kleine vlam Elektrische kookplaat** 3-4 |
| Stomen* | Aardappels en overige groenten, vlees | Normale brander tussen grote en kleine vlam Elektrische kookplaat** 3-4 |
| Koken* | Rijst, groente, vleesgerechten (met saus) | Normale brander grote vlam Elektrische kookplaat** 5-6 |
| Braden | Pannenkoeken, aardappels, schnitzels, vissticks | Sterke brander** tussen grote en kleine vlam Wokbrander** |
| * Wanneer u een pan met deksel gebruikt, schakel dan naar een kleinere vlam zodra het eten begint te koken. ** Optioneel. Beschikbaar bij enkele apparaten, afhankelijk van het apparaattype. (We raden u aan een wokpan te gebruiken als u op de wokbrander gaat bakken.) | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
Geschikte pannen
| Branders | Diameter van de pan, minimaal | Diameter van de pan, maximaal |
|---|---|---|
| Wokbrander 4 kW | 24 cm | 28 cm |
| Mini-wokbrander (3,5 kW)* | 24 cm | 28 cm |
| Normale brander 1,7 kW | 18 cm | 24 cm |
| Spaarbrander 1 kW | 12 cm | 18 cm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 45)
* LPG: 3,3 kW
Waarschuwingen voor het gebruik
Onderstaande raadgevingen helpen u energie te besparen en schade vermijden aan de pannen:
Gebruik pannen met een geschikte maat voor elke brander.
Gebruik geen kleine pannen op grote branders. De vlam mag de zijkanten van de pan niet raken.
Gebruik geen vervormde pannen die onstabiel staan op de kookplaat. De pannen zouden kunnen kantelen.
Gebruik altijd pannen met een vlakke en dikke bodem.
Kook niet zonder deksel of met verschoven deksel. Een deel van de energie gaat verloren.
Plaats potten en pannen altijd midden boven de brander anders kunnen deze kantelen.
Plaats de pannen op de roosters, nooit rechtstreeks op de brander.
Controleer voor gebruik of de roosters en de branderdeksels op de juiste wijze zijn geplaatst.
Hanteer de pannen voorzichtig op de kookplaat.
Stoot niet tegen de kookplaat aan, noch plaats hierop te hoge gewichten.
Pagina 46
Gebruik geen twee branders of warmtebronnen voor één pan.
Vermijd het gebruik van grillplaten, kookpotten van aardewerk, enz. gedurende lange tijd op het maximumvermogen.
De oven programmeren
Er bestaan verschillende manieren om de oven te programmeren. Hieronder wordt de programmering van het verhittingstype en de temperatuur of het grillniveau beschreven. Met de oven kan de kooktijd (duur) en de eindtijd van elk gerecht geprogrammeerd worden. Raadpleeg voor nadere informatie het hoofdstuk De tijdfuncties programmeren.
Aanwijzing: Het wordt aanbevolen de oven altijd voor te verwarmen alvorens het voedsel in de oven te doen, om overmatige condensatie op het glas te vermijden.
Verwarmingsmethode en temperatuur
Voorbeeld in de afbeelding: boven en onderwarmte bij 190°C .
- 1. Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethode in.
- 2. Met de temperatuurknop stelt u de temperatuur of grillstand in.
De oven wordt opgewarmd.
Oven uitschakelen.
Functiekeuzeknop op de nulstand draaien.
Instellingen veranderen
U kunt de verwarmingsmethode en temperatuur of grillstand op elk moment met de daarvoor bestemde keuzeknop veranderen.
Snel verwarmen
Met de functie snel verwarmen bereikt de oven zeer snel de geprogrammeerde temperatuur.
Het snel verwarmen moet gebruikt worden voor temperaturen hoger dan 100 ºC. Onderstaande verhittingstypes zijn geschikt:
- Hete lucht 3D
- Boven- en onderwarmte
Voor een gelijkmatig resultaat mag het voedsel pas in de oven worden gedaan als het snel verwarmen is afgelopen.
- 1. Selecteer het verhittingstype en de temperatuur.
- 2. Druk kort op de toets .
Het symbool gaat branden op het indicatiepaneel. De oven begint te verwarmen.
Einde van het snel verwarmen
Er klinkt een signaal. Het symbool verdwijnt van het indicatiepaneel. Plaats het voedsel in de oven.
Snel verwarmen annuleren
Druk kort op de toets . Het symbool verdwijnt van het indicatiepaneel.
Pagina 47
Tijdfuncties instellen
Uw oven heeft verschillende tijdfuncties. Met de toets 0 vraagt u het menu op en gaat u van de ene naar de andere functie. Zolang u kunt instellen zijn alle symbolen verlicht. De pijl geeft aan bij welke tijdfunctie u zich bevindt. Een al ingestelde tijdfunctie kunt u direct met de toets of wijzigen wanneer voor het tijdsymbool de pijl staat.
- 3. De toets 0 twee keer indrukken.
Op het display staat 0:00. De tijdsymbolen zijn verlicht, de pijl staat voor .
Kookwekker
U kunt de wekker gebruiken als een kookwekker. Hij loopt onafhankelijk van de oven. De wekker heeft een eigen signaal. Zo hoort u of de wekker of een tijdsduur afgelopen is.
- 1. De toets 0 eenmaal indrukken.
Op het display zijn de tijdsymbolen verlicht, de pijl staat voor .
- 2. Met de toets of de wekkertijd instellen. Voorgestelde waarde toets = 10 minuten. Voorgestelde waarde toets = 5 minuten.
Na enige seconden wordt de ingestelde tijd overgenomen. De wekker start. Op het display is het symbool verlicht en de wekkertijd loopt zichtbaar af. De andere tijdsymbolen verdwijnen.
De wekkertijd is afgelopen
Er klinkt een signaal. Op het display staat 0:00. Met de toets 0 de wekker uitschakelen.
Wekkertijd veranderen
Met de toets of de wekkertijd veranderen. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen.
Wekkertijd wissen
Met de toets de wekkertijd weer op 0:00 zetten. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen. De wekker is uitgeschakeld.
Tijdinstellingen opvragen
Wanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Voor het symbool van de tijdfunctie op de voorgrond staat de pijl .
Om Kookwekker , Tijdsduur , Eindtijd of Tijd 0 op te vragen, de toets 0 zo vaak indrukken tot de pijl voor het betreffende symbool staat. De waarde hiervoor verschijnt enkele seconden op het display.
Tijdsduur
U kunt de bereidingstijd van uw gerecht instellen. Wanneer de tijdsduur afgelopen is, wordt de oven automatisch uitgeschakeld. Zo hoeft u geen andere werkzaamheden te onderbreken om de oven uit te schakelen. De bereidingstijd wordt niet ongewild overschreden.
Het voorbeeld in de afbeelding: tijdsduur 45 minuten.
- 1. Met de functiekeuzeknop de verwarmingsmethode instellen.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop de temperatuur of de grillstand instellen.
- 4. Met de toets of de tijdsduur instellen. Voorgestelde waarde toets = 30 minuten Voorgestelde waarde toets = 10 minuten
Na enkele seconden start de oven. Op het display kunt u het verloop van de tijdsduur aflezen en is het symbool verlicht. De andere tijdsymbolen verdwijnen.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display staat 0:00. De toets 0 indrukken. Met de toets of kunt u opnieuw een tijdsduur instellen. Of de toets 0 twee keer indrukken en de functiekeuzeknop op de nulstand draaien. De oven is uitgeschakeld.
Tijdsduur veranderen
Met de toets of de tijdsduur veranderen. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen. Wanneer de wekker ingesteld is, drukt u eerst op de toets 0.
Tijdsduur wissen
Met de toets de tijdsduur weer op 0:00 zetten. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen. De tijdsduur is gewist. Wanneer de wekker ingesteld is, drukt u eerst op de toets 0.
Tijdinstellingen opvragen
Wanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Voor het symbool van de tijdfunctie op de voorgrond staat de pijl .
Om Kookwekker , Tijdsduur , Eindtijd of Tijd 0 op te vragen, de toets 0 zo vaak indrukken tot de pijl voor het betreffende symbool staat. De waarde hiervoor verschijnt enkele seconden op het display.
Pagina 48
Eindtijd
U kunt het tijdstip waarop uw gerecht klaar moet zijn wijzigen. De oven start automatisch en is klaar op het gewenste tijdstip. U kunt het gerecht bijv. 's morgens in de binnenruimte zetten en zo instellen dat het 's middags klaar is.
Let erop dat levensmiddelen niet te lang in de binnenruimte staan en bederven.
Het voorbeeld in de afbeelding: Het is 10:30 uur, de tijdsduur is 45 minuten en de oven moet om 12:30 uur klaar zijn.
- 1. Functiekeuzeknop instellen.
- 2. Temperatuurkeuzeknop instellen.
- 3. De toets 0 twee keer indrukken.
- 4. Met de toets of de tijdsduur instellen.
- 5. De toets 0 indrukken.
De pijl staat voor . Het tijdstip waarop het gerecht klaar is verschijnt.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. Op het display staat 0:00. De toets 0 indrukken. Met de toets of kunt u opnieuw een tijdsduur instellen. Of de toets 0 twee keer indrukken en de functiekeuzeknop op de nulstand draaien. De oven is uitgeschakeld.
Eindtijd veranderen
Met de toets of de eindtijd veranderen. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen. Wanneer de wekker ingesteld is, drukt u eerst twee keer op de toets 0. Verander de eindtijd niet wanneer de tijdsduur al afloopt. Het bereidingsresultaat zou dan niet meer kloppen.
Eindtijd wissen
Met de toets de eindtijd naar de actuele tijd terugzetten. Na enkele seconden wordt de verandering overgenomen. De oven start. Wanneer de wekker ingesteld is, drukt u eerst twee keer op de toets 0.
Tijdinstellingen opvragen
Wanneer er meerdere tijdfuncties zijn ingesteld, zijn de bijbehorende symbolen op het display verlicht. Voor het symbool van de tijdfunctie op de voorgrond staat de pijl .
Om Kookwekker , Tijdsduur , Eindtijd of Tijd 0 op te vragen, de toets 0 zo vaak indrukken tot de pijl voor het betreffende symbool staat. De waarde hiervoor verschijnt enkele seconden op het display.
Tijd
- 6. Met de toets of de eindtijd op een later tijdstip zetten.
Na enkele seconden neemt de oven de instellingen over en schakelt in de wachtstand. Op het display verschijnt het tijdstip waarop het gerecht klaar is, en voor het symbool staat de pijl . De symbolen en 0 verdwijnen. Wanneer de oven start, loopt de tijdsduur zichtbaar af en staat de pijl voor het symbool . Het symbool verdwijnt.
Na de aansluiting of na een stroomonderbreking knipperen op het display het symbool 0 en drie nullen. Stel de tijd in.
- 1. De toets 0 indrukken.
Op het display verschijnt de tijd 12:00. De tijdsymbolen zijn verlicht, de pijl staat voor 0.
- 2. Met de toets of de tijd instellen.
Na enkele seconden wordt de ingestelde tijd overgenomen.
Tijd wijzigen
Er mag geen andere tijdfunctie zijn ingesteld.
- 1. De toets 0 vier keer indrukken.
Op het display zijn de tijdsymbolen verlicht, de pijl staat voor 0.
- 2. Met de toets of de tijd veranderen.
Na enige seconden wordt de ingestelde tijd overgenomen.
Tijdsweergave uit
U kunt ervoor kiezen de tijd niet meer weer te geven. Lees hierover het hoofdstuk Basisinstellingen veranderen na.
Kinderslot
De oven beschikt over een kinderslot om te vermijden dat kinderen deze per ongeluk kunnen inschakelen.
De oven reageert op geen enkele instelling. De kookwekker en de tijd kunnen worden geprogrammeerd met geactiveerd kinderslot.
Wanneer het verhittingstype en de temperatuur of het grillniveau geprogrammeerd zijn, onderbreekt het kinderslot de verhitting.
Activeren van het kinderslot
Er mag geen enkele duur van de bereidingstijd noch eindtijd geprogrammeerd zijn.
Druk de toets gedurende ca. vier seconden in.
Op het indicatiepaneel verschijnt het symbool . Het kinderslot is geactiveerd.
Deactiveren van het kinderslot
Druk de toets gedurende ca. vier seconden in.
Het symbool van het indicatiepaneel wordt uitgeschakeld. Het kinderslot is gedeactiveerd.
Pagina 49
De basisinstellingen wijzigen
Deze oven is voorzien van verschillende basisinstellingen. Deze instellingen kunnen worden aangepast aan de behoeften van de gebruiker.
| Basisinstellingen | Selectie | Selectie | Selectie |
|---|---|---|---|
| • Tijdsindicator | altijd* | enkel met de toets 0 | - |
| • Duur van het signaal na het beëindigen van de kooktijd of de tijd van de kookwekker | ca. 10 s. | ca. 2 min. | ca 5 min. |
| • Wachttijd tot een instelling toegepast wordt | ca. 2 s. | ca. 5 s.* | ca. 10 s. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
* Fabrieksinstelling
Er mag geen andere tijdfunctie geprogrammeerd zijn.
- 1. Druk de toets 0 gedurende ca. 4 seconden in.
Op het indicatiepaneel wordt de huidige basisinstelling voor de tijd getoond, bv. voor de selectie .
- 2. Wijzig de basisinstelling met de toetsen of .
- 3. Bevestig met de toets 0.
Op het indicatiepaneel verschijnt onderstaande basisinstelling. Met de toets 0 kunnen alle niveaus bereikt worden en met de toetsen of kan de instelling gewijzigd worden.
- 4. Druk, om te beëindigen, toets 0 gedurende ca. 4 seconden in.
Alle basisinstellingen zijn toegepast.
De basisinstellingen kunnen op elk moment opnieuw gewijzigd worden.
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de kookplaat en de oven goed verzorgt en schoonmaakt, blijven ze lang mooi en intact. Hieronder leggen wij u uit hoe u beide op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van de oven zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde reinigingsmiddelen beschadigd raken, moet u zich aan het volgende houden.
Gebruik bij de reiniging van de kookplaat
- geen onverdund afwasmiddel of reinigingsmiddelen voor de vaatwasmachine,
- geen schuursponsjes,
- geen agressieve reinigingsmiddelen zoals ovensprays of middelen om vlekken te verwijderen,
- geen hogedrukreiniger of stoomstraler.
- Reinig losse onderdelen niet in de vaatwasmachine.
Gebruik bij de reiniging van de oven
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen,
- geen reinigingsmiddelen met een hoog alcoholpercentage,
- geen schuursponsjes,
- geen hogedrukreiniger of stoomstraler.
- Reinig losse onderdelen niet in de vaatwasmachine.
Was nieuwe sponsen voor het eerste gebruik goed uit.
| Zone | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Roestvrijstalen oppervlakken* (afhankelijk van het type apparaat) | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Veeg bij roestvrijstalen oppervlakken altijd in de slijprichting. Anders kunnen er krassen ontstaan. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken van roestvrij staal. Eeen beetje schoonmaakmiddel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Geëmailleerde, gelakte, kunststof- en zeefdruk-oppervlakken* (afhankelijk van het type apparaat) | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Bovenste glazen afscherming* (afhankelijk van het type apparaat) | Glasreiniger: Met een zachte doek schoonmaken. U kunt de bovenste glazen afscherming afnemen om hem schoon te maken. Houd u aan de aanwijzingen in het hoofdstuk Bovenste glazen afscherming! |
| Draaiknoppen Niet afnemen! | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. |
| Omlijsting van de kookplaat | Warm zeepsop: Niet schoonmaken met een schraper, citroen of azijn. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
* Optioneel (beschikbaar voor enkele apparaten, afhankelijk van het apparaattype.)
Pagina 50
| Zone | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Gaskookplaat en pannenhouders* (afhankelijk van het type apparaat) | Warm zeepsop. Weinig water gebruiken, het mag niet door de branderonderdelen in het toestel komen. Overgelopen voedsel en etensresten direct verwijderen. U kunt de pannenhouders afnemen. |
| Pannenhouders van gietijzer*: Niet afwassen in de vaatwasmachine. | |
| Gasbranders* (afhankelijk van het type apparaat) | Branderkop en deksel verwijderen, schoonmaken met warm zeepsop. Niet in de vaatwasmachine reinigen. De gasuitlaatopeningen moeten altijd vrij zijn. Ontstekingskaarsen: kleine zachte borstel. De gasbranders functioneren alleen wanneer de ontstekingskaarsen droog zijn. Alle onderdelen goed drogen. Let er bij het terugplaatsen op dat ze precies goed zitten. De branderdeksels zijn zwart geëmailleerd. In de loop van de tijd verandert de kleur. Dit heeft geen invloed op de werking. |
| Elektrische kookzone* (afhankelijk van het type apparaat) | Schuurmiddelen of reinigingsponzen. De kookplaat hierna kort opwarmen, zodat hij droogt. Vochtige platen roesten in de loop van de tijd. Ten slotte een schoonmaakmiddel aanbrengen. Overgelopen voedsel en etensresten direct verwijderen. |
| Ring op de kookplaat* (afhankelijk van het type apparaat) | Geel- tot blauwkleurige plekken op de ring van de kookplaat met een schoonmaakmiddel voor staal verwijderen. Gebruik hiervoor geen krassende of schurende middelen. |
| Kookplaat van glaskeramiek* (afhankelijk van het type apparaat) | Verzorging: beschermings- en onderhoudsmiddelen voor glaskeramiek. Reiniging: schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek. De aanwijzingen voor het schoonmaken op de verpakking in acht nemen. |
| • Schraper tegen sterke vervuiling: Ontgrendelen en alleen met het schrapermesje reinigen. Let op, het mes is heel scherp. Risico van letsel. Na het reinigen weer sluiten. Beschadigde messen direct vervangen. | |
| Glazen kookplaat* (afhankelijk van het type apparaat) | Verzorging: beschermings- en onderhoudsmiddelen voor het glas Reinging: schoonmaakmiddelen voor het glas. De aanwijzingen voor het schoonmaken op de verpakking in acht nemen. |
| • Schraper tegen sterke vervuiling: Ontgrendelen en alleen met het schrapermesje reinigen. Let op, het mes is heel scherp. Risico van letsel. Na het reinigen weer sluiten. Beschadigde messen direct vervangen. | |
| Deurruit | Glasreiniger: Met een zachte doek schoonmaken. Gebruik geen schrapermesjes. De deur kan worden afgenomen om hem gemakkelijk schoon te maken. Houd u hierbij aan de aanwijzingen in het hoofdstuk Ovendeur verwijderen en inbrengen! |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
* Optioneel (beschikbaar voor enkele apparaten, afhankelijk van het apparaattype.)
50
| Zone | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Kinderslot* (afhankelijk van het type apparaat) | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Indien een kinderslot op de ovendeur is aangebracht, moet dit voor het reinigen worden verwijderd. Bij sterke verontreiniging functioneert het kinderslot niet goed meer. |
| Afdichting Niet afnemen! | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Niet schuren. |
| Kookzone | Warm zeepsop of water met azijn: Met een schoonmaakdoekje reinigen. Bij sterke verontreiniging een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. Alleen gebruiken in de onverwarmde binnenruimte. |
| • Bij zelfreinigende oppervlakken de zelfreinigingsfunctie gebruiken. Neem hierbij de aanwijzingen van het hoofdstuk Zelfreiniging in acht! Attentie! Gebruik nooit schoonmaakmiddelen voor zelfreinigende oppervlakken. | |
| Glazen kapje op de ovenlamp | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. |
| Telescooprail | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. U kunt de rekjes afnemen om ze schoon te maken. Neem hierbij de aanwijzingen in het hoofdstuk Rekjes verwijderen en inbrengen in acht! |
| Telescooprails* (afhankelijk van het type apparaat) Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet laten weken, in de vaatwasmachine schoonmaken of bij de zelfreiniging meereinigen. Dit kan invloed hebben op de werking van de rekjes en ze kunnen hierdoor beschadigd raken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)
* Optioneel (beschikbaar voor enkele apparaten, afhankelijk van het apparaattype.)
Pagina 51
| Zone | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Toebehoren | Warm zeepsop: Laten weken en met schoonmaakdoekje of een borstel schoonmaken. |
| Aluminium bakplaat*: (afhankelijk van het type apparaat) Met een zachte doek nadrogen. Niet in de vaatwasmachine reinigen. Gebruik in geen geval ovenreiniger. Om krassen te vermijden mogen de metalen oppervlakken nooit met een mes of soortgelijk scherp voorwerp in aanraking komen. Ongeschikt zijn agressieve schoonmaakmiddelen, schuursponsjes en grove reinigingsdoeken. Anders kunnen er krassen ontstaan. | |
| Draaispit* (afhankelijk van het type apparaat) Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. | |
| Braadthermometer* (afhankelijk van het type apparaat) Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. | |
| Ovenlade* (afhankelijk van het type apparaat) | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen. |
| * Optioneel (beschikbaar voor enkele apparaten, afhankelijk van het apparaattype.) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)
Bovenste glasafdekking
Voordat u de bovenste afdekking opent, moet u eerst eventueel gemorst vuil met een doek verwijderen.
Voor de reiniging kan het beste een glasreiniger worden gebruikt
Verwijder de bovenste afdekking voor de reiniging. Houd de afdekking aan weerszijden vast en trek deze naar boven.
Indien de scharnieren van de afdekking losraken, moet u op de letters op de scharnieren letten. Het scharnier met de letter R moet rechts, het scharnier met de letter L moet links worden gemonteerd.
Monteer na het reinigen de bovenste afdekking weer in omgekeerde volgorde.
Sluit de bovenste afdekking pas als de kookplaat is afgekoeld.
Attentie!
Bij apparaten met een glazen afdekplaat met LED-verlichting
mag u voor het schoonmaken van de afdekplaat
- geen onverdunde reinigingsmiddelen,
- geen bijtende en sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen,
- geen agressieve reinigingsmiddelen zoals ovensprays of middelen om vlekken te verwijderen,
- geen hogedrukreinigers of stoomstraalapparaten,
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen en
- geen harde schuur- of schoonmaaksponsjes gebruiken.
De LED-verlichting en de scharnieren van de glazen afdekplaat voor de kookplaat mogen niet in contact komen met vocht. Anders worden het opschrift, de lichten en scharnieren van de glazen afdekplaat beschadigd en kan de LED-verlichting niet meer worden ingeschakeld.
Voor de reiniging
Neem de toebehoren en vormen uit de binnenruimte.
Bodem, plafond en zijwanden van de binnenruimte schoonmaken
Gebruik hiervoor een schoonmaakdoekje en heet zeepsop of water met azijn.
Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. Alleen gebruiken in de onverwarmde oven. De zelfreinigende oppervlakken nooit behandelen met een schuursponsje of ovenreiniger.
Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte schoonmaken
De achterwand in de oven is voorzien van een laagje zeer poreus keramiek. Spetters van het bakken en braden worden hiervan opgezogen en afgebroken terwijl de oven in gebruik is. Hoe hoger de temperatuur en hoe langer de oven wordt gebruikt, des te beter het resultaat.
Wanneer er ook na herhaald gebruik nog vuil zichtbaar is, gaat u als volgt te werk:
- 1. Bodem, plafond en zijwanden van de binnenruimte zorgvuldig schoonmaken.
- 2. 3D-hetelucht instellen.
- 3. De lege, gesloten oven gedurende ongeveer 2 uur op maximale temperatuur houden.
De keramiekbedekking wordt geregenereerd. Bruinachtige of witachtige resten kunt u, wanneer de binnenruimte afgekoeld is, met water of een zachte doek verwijderen.
Een lichte verkleuring van het keramiek heeft geen invloed op de zelfreiniging.
Attentie!
- Gebruik nooit schurende schoonmaakmiddelen. Deze veroorzaken krassen op de hoogporeuze laag of vernietigen hem.
- Behandel de keramiekbedekking nooit met ovenreiniger. Komt hier per ongeluk ovenreiniger op, verwijder deze dan direct met een spons en voldoende water.
Pagina 52
Inschuifrails verwijderen en bevestigen
U kunt de rails voor het reinigen verwijderen. De oven dient afgekoeld te zijn.
Inschuifrails verwijderen
- 1. Rail voor optillen
- 2. en uit de geleiders nemen (Afbeelding A).
- 3. Hierna de hele rail naar voren trekken
- 4. en verwijderen (Afbeelding B).
$ %
helemaal dichtgeklapt zijn, en bij het verwijderen van de ovendeur helemaal opengeklapt.
Deur verwijderen
- 1. Ovendeur helemaal openen.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afbeelding A).
- 3. Ovendeur tot de aanslag sluiten. Met beide handen links en rechts vastpakken. Nog wat verder sluiten en uitnemen (Afbeelding B).
$ %
Maak de rails schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Inhangroosters bevestigen
- 1. Inhangrooster eerst in de achterste bus plaatsen, iets naar achteren drukken (Afbeelding A)
- 2. en vervolgens in de voorste bus plaatsen (Afbeelding B).
$ %
Deur inbrengen
De ovendeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- 1. Let er bij het inbrengen van de ovendeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afbeelding A).
- 2. De keep op het scharnier dient aan beide kanten in te klikken (Afbeelding B).
$ %
De inschuifrails passen links en rechts. Let erop dat evenals in afbeelding B hoogte 1 en 2 beneden is en hoogte 3, 4 en 5 boven.
Ovendeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de ovendeur verwijderen.
De scharnieren van de ovendeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel. Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afbeelding A), is de ovendeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd. Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de ovendeur opengeklapt zijn (B), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
$ %
Risico van letsel!
Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, klappen ze met grote kracht dicht. Let erop dat de blokkeerhendels altijd
- 3. Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afbeelding C). Ovendeur sluiten.
&
Risico van letsel!
Wanneer de ovendeur er per ongeluk uitvalt of een scharnier dichtklapt, het scharnier niet met uw hand aanraken. Neem contact op met de klantenservice.
Pagina 53
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur uitnemen.
Verwijderen
- 1. Ovendeur verwijderen en met de handgreep naar beneden op een doek leggen.
- 2. De afscherming bovenaan de ovendeur afnemen. Hiervoor links en rechts het lipje met de vingers indrukken (Afbeelding A).
- 3. Bovenste ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding B).
$ %
- 4. Ruit optillen en naar buiten trekken (Afbeelding C).
&
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Risico van letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
Inbrengen
Let er bij het inbrengen op dat “right above“ linksonder ondersteboven staat.
- 1. De ruit schuin naar achteren inschuiven (Afbeelding A).
- 2. Bovenste ruit schuin naar achteren in de beide houders schuiven. Het grote vlak moet zich aan de buitenkant bevinden. (Afbeelding B).
$ %
- 3. De afscherming plaatsen en aandrukken.
- 4. Ovendeur inbrengen.
Gebruik de oven pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet.
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Raadpleeg de volgende tabel voordat u contact opneemt met de servicedienst. Wellicht kunt u zelf de storing verhelpen.
Storingstabel
Is een gerecht u niet goed gelukt, lees er dan het hoofdstuk .Voor u in onze kookstudio getestop na. Hier vindt u bruikbare tips en informatie over koken, bakken en braden.
Risico van een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Reparaties mogen alleen worden gerepareerd door deskundig personeel van de servicedienst dat door ons is opgeleid.
| Fout | Mogelijke oorzaak | Oplossing/Informatie |
|---|---|---|
| De oven functioneert niet. | Zekering defect. | Kijk in de meterkast na of de zekering in orde is. |
| Stroomonderbreking. | Controleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functioneren. | |
| De tijdsindicatie knippert. | Stroomonderbreking. | Stel de tijd opnieuw in. |
| De oven warmt niet op. | Stof op de contacten. | Draai de kookzoneknoppen enkele keren naar rechts en naar links. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
| Fout | Mogelijke oorzaak | Oplossing/Informatie |
|---|---|---|
| De gasbrander ontsteekt niet. | Stroomonderbreking of vochtige ontstekingskaarsen. | Steek de gasbranders aan met een gasaansteker of een lucifer. |
| De LED-verlichting van de glazen afdekplaat functioneert niet. | LED-verlichtingstoets niet ingedrukt. | Druk op de LED-verlichtingstoets. |
| De glazen afdekplaat van het apparaat is niet volledig geopend of is gesloten. | Open de afdekplaat van het apparaat volledig. | |
| De glazen afdekplaat is niet correct gemonteerd. | Controleer of de scharnieren van de afdekplaat correct gemonteerd zijn, zie het hoofdstuk "Glazen afdekplaat". |
Pagina 54
Foutberichten
Wanneer op het indicatiepaneel een foutbericht met verschijnt, druk dan op de toets 0. Het bericht verdwijnt. De ingestelde tijdfunctie wordt gewist. Indien het foutbericht niet verdwijnt, waarschuw dan de technische dienst.
Onderstaande foutberichten kunnen verholpen worden door de gebruiker.
| Foutbericht | Mogelijke oorzaak | Oplossing/aanbevelingen |
|---|---|---|
| Een toets is te lang ingedrukt of is vastgelopen. | Druk alle toetsen één voor één in. Controleer of een toets vastgelopen, bedekt of vuil is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)
Gevaar voor elektrische schokken!
Onjuist uitgevoerde reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen alleen worden uitgevoerd door behoorlijk opgeleid personeel van de Technische Dienst.
Ovenlamp aan het plafond vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige reservelampen, 40 watt, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak. Gebruik uitsluitend originele lampen.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de zijkant van de ovendeur. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FDnr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4020
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Kans op een elektrische schok!
Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 1. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming eruit halen door de schroeven naar links te draaien.
- 3. Lamp vervangen door een van hetzelfde type.
- 4. Glazen afscherming er weer inschroeven.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen afscherming
Als de glazen afscherming beschadigd is, dient hij te worden vervangen. Passende glazen afschermingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het productnummer (Enr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
Pagina 55
Energie en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden in de oven en bij het koken op de kookplaat energie bespaart en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen met de oven
- De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
- Open de ovendeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
- Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Daardoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter. U kunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen.
- Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Energie besparen met de gas-kookplaat
- Kies altijd een pan die de juiste grootte heeft voor uw gerechten. Een grote, slechts weinig gevulde pan heeft veel energie nodig.
- Sluit de pan altijd af met een passend deksel.
- De gasvlam moet altijd contact met de bodem van de pan hebben.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Hier vindt u een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over de te gebruiken vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst.
Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in de vakhandel kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of vormen uit de oven neemt.
Gebak
Bakken op één niveau
Met boven en onderwarmte lukt het gebak het beste.
Wanneer u met 3D-hetelucht bakt, dient u de volgende inschuifhoogtes voor de toebehoren te gebruiken:
- Gebak in vormen: hoogte
- Gebak op de plaat: hoogte
Bakken op meerdere niveaus
Gebruik 3Dhetelucht .
Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus
- Braadslede: hoogte
- Bakplaat: hoogte
Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus
- Bakplaat: hoogte 5
- Braadslede: hoogte
- Bakplaat: hoogte
Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden gedaan, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
In de tabellen vindt u talrijke voorstellen voor uw gerechten.
Wanneer u met 3 rechthoekige bakvormen tegelijk bakt, zet deze dan zoals op de afbeelding aangegeven op het rooster.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Bij lichte bakvormen van dunwandig metaal of glazen vormen is de baktijd langer en wordt het gebak niet zo gelijkmatig bruin.
Wanneer u siliconen vormen wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De deegvormen en receptgegevens kunnen afwijken.