naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens KI82LSDD0, tekst van de handleiding

Pagina's 101–111 van 112 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 86–100

Pagina 101

11 Vriesvak

In het vriesvak kunt u diepvrieswaren bewaren, levensmiddelen bevriezen en ijsblokjes maken.

De temperatuur is van −16 °C tot −24 °C instelbaar.

Langdurig bewaren van levensmiddelen moet op een temperatuur van – 18 °C of lager gebeuren.

Door het invriezen kunt u bederfelijke levensmiddelen gedurende lange tijd bewaren. De lage temperaturen vertragen of stoppen het bederven.

11.1 Deur van het vriesvak

Om ervoor te zorgen dat diepvrieswaren niet ontdooien en het vriesvak niet te sterk verijst, dient u de deur van het vriesvak altijd te sluiten.

Opmerking: Wanneer u de deur van het vriesvak sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur van het vriesvak gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.

11.2 Invriescapaciteit

Het invriesvermogen geeft aan welke hoeveelheid levensmiddelen in hoeveel uur tot in de kern kan worden ingevroren.

Informatie over het invriesvermogen vindt u op het typeplaatje. → Fig. 1 / 6

Voorwaarden voor invriesvermogen

→ "Super-functie inschakelen", Pagina 99

nl

11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak

11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen

101

Pagina 102

nl

Diepvrieswaren verpakken

Geschikt verpakkingsmateriaal en de juiste soort verpakking behouden in hoge mate de productkwaliteit en vermijden vriesbrand.

11.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C

ProductBewaartijd
Vis, worst, klaargemaakte gerechten, brood en banketTot 6 maanden
Gevogelte, vleesTot 8 maanden
Groente, fruitTot 12 maanden

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 102)

11.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Bij het ontdooien kunnen bacteriën zich vermeerderen en kunnen de diepvrieswaren bederven.

12 Ontdooien

12.1 Ontdooien in het koelvak.

Tijdens het gebruik vormen zich op de achterwand van het koelvak afhankelijk van de werking waterdruppels of rijp. De achterwand van het koelvak ontdooit automatisch.

→ Fig. 6

Het dooiwater loopt via de dooiwatergoot in het afvoergat naar de verdampingsschaal en hoeft niet worden afgeveegd.

Neem de volgende informatie in acht om ervoor te zorgen dat dooiwater kan weglopen en geurvorming wordt vermeden: De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen → Pagina 104.

12.2 Ontdooien in het vriesvak

Het diepvriesvak ontdooit niet automatisch. Een laag rijp in het vriesvak vermindert de afgifte van koude aan de diepvrieswaren en verhoogt het energieverbruik.

Vriesvak ontdooien

Het vriesvak regelmatig ontdooien.

→ "Super-functie inschakelen", Pagina 99

Pagina 103

De levensmiddelen bereiken hierdoor heel lage temperaturen en u kunt de levensmiddelen langer op kamertemperatuur bewaren.

→ Pagina 98

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Zet om het ontdooien te versnellen een pan met heet, niet kokend water op een panonderzetter in het vriesvak.

→ Pagina 96

→ Pagina 101

nl

13 Reiniging en onderhoud

Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.

De reiniging van ontoegankelijke plaatsen moet door de servicedienst worden uitgevoerd. Aan de reiniging door de servicedienst kunnen kosten verbonden zijn.

13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging

→ Pagina 98

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Indien beschikbaar koelelementen op de levensmiddelen leggen.

→ Pagina 104

13.2 Apparaat schoonmaken

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.

Pagina 104

nl

Vloeistof in de verlichting of in de bedieningselementen kan gevaarlijk zijn.

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.

Wanneer vloeistof in het afvoergat komt, kan de verdampingsschaal overstromen.

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

→ Pagina 96

13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.

Reinig de dooiwatergoot en het afvoergat regelmatig, om ervoor te zorgen dat het dooiwater kan weglopen.

→ Pagina 105

→ Pagina 105

→ Fig. 7

13.4 Onderdelen eruit halen

Neem wanneer u de uitrustingsdelen grondig wilt reinigen deze uit het apparaat.

Plateau verwijderen

→ Fig. 8

Variabel plateau verwijderen

→ Fig. 9

Vriesvaklegplateau verwijderen

→ Fig. 10

Pagina 105

Deurrek verwijderen

→ Fig. 11

Bewaarlade verwijderen

→ Fig. 12

Groente- en fruitlade verwijderen

Ladefront verwijderen

U kunt het ladefront van de fruit en groentelade en de vriesproductenlade verwijderen voor het gemakkelijker schoonmaken.

→ Fig. 13

13.5 Apparaatonderdelen demonteren

Als u uw apparaat grondig wilt reinigen, kunt u bepaalde onderdelen uit uw apparaat demonteren.

Legplateau boven de fruit- en groentelade

Om de afdekking van de fruit- en groentelade grondig te reinigen, kunt u deze demonteren.

Legplateau boven de fruit- en groentelade verwijderen

→ Pagina 105

nl

Legplateau boven de fruit- en groentelade inbouwen

→ Fig. 14

Pagina 106

nl

14 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 98
2. Wacht 2 minuten.
3. Schakel het apparaat weer in. → Pagina 98
4. Wacht 1 minuut en houd aansluitend °C ingedrukt, tot er 4 akoestische signalen klinken.
5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt.
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Het apparaat is te vaak geopend.
▶ Open de apparaatdeur niet onnodig.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen.
▶ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
▶ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 106)

106

Pagina 107

nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
De koelmachine schakelt vaker en langer in.▶ Het vriesvak regelmatig ontdooien. → Pagina 102
▶ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▶ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag.Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achterwand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid.
▶ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▶ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af.
▶ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
▶ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden.
Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (koelvak) en alarm knipperen.Deur van het koelvak is open.
▶ Sluit de deur van het koelvak.
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 98
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 98 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Bodem van het koelvak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.
▶ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Pagina 104

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 107)

Pagina 108

nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Het apparaat borrelt, zoemt of gorgelt of klikt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.
▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.
▶ Haal flessen of containers van elkaar.
Super-functie is ingeschakeld.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 108)

Pagina 109

14.1 Stroomuitval

Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermindert.

Op onze website van uw apparaat vindt in de technische gegevens de bewaartijd van de diepvriesproducten in geval van een storing.

Opmerkingen

14.2 Apparaatzelftest uitvoeren

Uw apparaat beschikt over een apparaatzelftest, welke storingen weergeeft, die uw service kan verhelpen.

→ Pagina 98

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 96

nl

15 Opslaan en afvoeren

15.1 Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 98

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 102

→ Pagina 103

Pagina 110

nl

15.2 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

WAARSCHUWING

Kans op brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU be-

110

treffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

16 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

Pagina 111

nl

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ Fig. 1 / 6

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

17 Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ Fig. 1 / 6

Dit product bevat een lichtbron van energieklasse E. De lichtbron is leverbaar als reserveonderdeel en mag uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.

Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// eprel.ec.europa.eu/¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

111

← pagina's 86–100Inhoud