Siemens KI82LSDD0, tekst van de handleiding
Pagina's 86–100 van 112 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 101 →
Pagina's 1–85: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 86
nl
Raadpleeg de Digitale Gebruikersgids voor meer informatie.
Inhoudsopgave
1 Veiligheid...................................
1.1 Algemene aanwijzingen .......... 1.2 Bestemming van het apparaat .......................................... 1.3 Inperking van de gebruikers ... 1.4 Veiliger transport ..................... 1.5 Veilige installatie...................... 1.6 Veilig gebruik........................... 1.7 Beschadigd apparaat..............
2 Het voorkomen van materiële schade .......................................
3 Milieubescherming en besparing.............................................
3.1 Afvoeren van de verpakking ... 3.2 Energie besparen....................
4 Opstellen en aansluiten............
4.1 Leveringsomvang .................... 4.2 Criteria voor de opstellocatie .. 4.3 Apparaat monteren ................. 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden .............. 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten............................................
5 Uw apparaat leren kennen........
5.1 Apparaat.................................. 5.2 Bedieningspaneel....................
6 Uitrusting...................................
6.1 Legplateau............................... 6.2 Variabel legplateau.................. 6.3 Flessenrek ............................... 6.4 Bewaarlade.............................. 6.5 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar...............
6.6 Boter- en kaasvak ................... 98 6.7 Deurrekken.............................. 98 6.8 Accessoires............................. 98
7 De Bediening in essentie.......... 98
7.1 Apparaat inschakelen.............. 98 7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 98 7.3 Machine uitschakelen.............. 98 7.4 Temperatuur instellen.............. 98
8 Extra functies ............................ 99
8.1 Super-functie ........................... 99 8.2 Sabbat-modus ......................... 99
9 Alarm.......................................... 99
9.1 Deuralarm................................ 99
10 Koelvak................................... 100
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak....................................... 100 10.2 Koudezones in het koelvak. 100 10.3 Sticker "OK"......................... 100
11 Vriesvak.................................. 101
11.1 Deur van het vriesvak.......... 101 11.2 Invriescapaciteit................... 101 11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak....................................... 101 11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen.......... 101 11.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C ......... 102 11.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren .................... 102
Pagina 87
nl
12 Ontdooien............................... 102
12.1 Ontdooien in het koelvak. .... 102 12.2 Ontdooien in het vriesvak .... 102
13 Reiniging en onderhoud........ 103
13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging........................ 103 13.2 Apparaat schoonmaken....... 103 13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.................... 104 13.4 Onderdelen eruit halen......... 104 13.5 Apparaatonderdelen demonteren .............................. 105
14 Storingen verhelpen .............. 106
14.1 Stroomuitval.......................... 109 14.2 Apparaatzelftest uitvoeren.... 109
15 Opslaan en afvoeren.............. 109
15.1 Apparaat buiten gebruik stellen ................................... 109 15.2 Afvoeren van uw oude apparaat ................................... 110
16 Servicedienst.......................... 110
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)......... 111
17 Technische gegevens............ 111
Pagina 88
nl
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.
1.4 Veiliger transport
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat niet alleen optillen.
88
Pagina 89
nl
1.5 Veilige installatie
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!
Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de inbouwbehuizing niet afsluiten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
Pagina 90
nl
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
- Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaatsen.
1.6 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!
Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.
- Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
Pagina 91
nl
Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
- Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen in het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op koude-brandwonden!
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
- Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.
- Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs en oppervlakken van het vriesvak.
VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
- Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
- Rauw vlees en vis in geschikte containers in de koelkast dusdanig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmiddelen of op deze drupt.
91
Pagina 92
nl
- Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.
- Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren.
1.7 Beschadigd apparaat
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. → Pagina 110
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Wanneer de netaansluitkabel of de apparaataansluitkabel van dit apparaat beschadigd raakt, moet deze worden vervangen door een speciale netaansluitkabel of speciale apparaataansluitkabel die verkrijgbaar is bij de fabrikant of de klantenservice.
Pagina 93
nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
- Ventileer de ruimte.
- Het apparaat uitschakelen. → Pagina 98
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Neem contact op met de service. → Pagina 110
Pagina 94
nl
2 Het voorkomen van materiële schade
LET OP!
Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.
- Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.
- Houd kunststofdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.
- Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
- Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
- Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 300 mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
- De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
Energie besparen bij het gebruik.
Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
- Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.
- De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
- Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
- Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
- Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
- Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.
- Ontdooi het vriesvak regelmatig.
- Open het vriesvak slechts kort en sluit het zorgvuldig.
Pagina 95
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 110 contact op.
De levering bestaat uit:
- Inbouw
- Uitrusting en accessoires¹
- Montagemateriaal
- Montagehandleiding
- Gebruiksaanwijzing
- Klantenservice overzicht
- Garantiebijlage²
- Energielabel
- Informatie over energieverbruik en geluiden
4.2 Criteria voor de opstellocatie
WAARSCHUWING
Kans op explosie!
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.
- Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m³ per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje. → Fig. 1 / 6
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 65 bedragen.
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
2 Niet in alle landen
nl
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10°C tot 38°C.
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u het apparaat gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5°C worden uitgesloten.
Nismaten
Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.
Nisdiepte
Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.
Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.
Nisbreedte
Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.
Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling
Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.
95
Pagina 96
nl
4.3 Apparaat monteren
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding monteren.
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- 1. Haal het informatiemateriaal er uit.
- 2. Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- 3. Het apparaat voor de eerste keer reinigen. → Pagina 103
4.5 Apparaat elektrisch aansluiten
- 1. De apparaatstekker van het aansluitsnoer aan het apparaat aansluiten.
- 2. De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. → Fig. 1 / 6
- 3. De netstekker op vastheid controleren.
- Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
| → Fig. paraat lijk op | 1 , Verschillen tussen uw ap- en de afbeeldingen zijn mogebasis van uitrusting en grootte. |
| A | Vriesvak → Pagina 101 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 96)
96
| B | Koelvak → Pagina 100 |
|---|---|
| 1 | Bedieningspaneel → Pagina 96 |
| 2 | Verlichting |
| 3 | Flessenrek → Pagina 97 |
| 4 | Bewaarlade → Pagina 97 |
| 5 | Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar → Pagina 97 |
| 6 | Typeplaatje → Pagina 111 |
| 7 | Boter- en kaasvak → Pagina 98 |
| 8 | Deurrek voor grote flessen → Pagina 98 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 96)
5.2 Bedieningspaneel
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
→ Fig. 2
| 1 | alarm schakelt het waarschuwingssignaal uit. |
| 2 | schakelt de sabbat-modus aan of uit. |
| 3 | super schakelt de Super-functie in of uit. |
| 4 | Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C. |
| 5 | Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C. |
| 6 | 3 sec. schakelt het apparaat in of uit. |
Pagina 97
nl
6 Uitrusting
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
6.1 Legplateau
Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. → "Plateau verwijderen", Pagina 104
6.2 Variabel legplateau
Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoge te koelen producten te bewaren, bijv. kannen of flessen. U kunt het voorste deel van het variabele legplateau uittrekken en onder het achterste deel van het variabele legplateau schuiven.
→ Fig. 3
Wanneer er meer ruimte nodig is kunt u het voorste en achterste deel van het variabele plateau worden opgeklapt.
→ Fig. 4
6.3 Flessenrek
Bewaar flessen veilig op het flessenrek.
Om het flessenrek naar wens te variëren, kunt u het flessenrek verwijderen en op een andere plaats weer terugzetten.
→ "Plateau verwijderen", Pagina 104
6.4 Bewaarlade
In de bewaarlade heersen lagere temperaturen dan in het koelvak. Temperaturen onder 0 °C kunnen tijdelijk optreden.
Om temperaturen in de buurt van 0°C in de bewaarladen te bereiken, de koelvaktemperatuur op 2°C instellen. → Pagina 98
Gebruik de lagere temperaturen in de lade om snel bedervende levensmiddelen te bewaren, bijv. vis, vlees en worst.
6.5 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar
Bewaar vers fruit en groente onverpakt in de fruit- en groentelade.
Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.
Met de vochtigheidsregelaar kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. Hierdoor kunt u vers fruit en verse groente langer bewaren als bij een conventionele bewaarmethode.
→ Fig. 5
De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt u afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen instellen door het verschuiven van de vochtigheidsregelaar:
- Naar links schuiven voor lage luchtvochtigheid bij het overwegend bewaren van fruit, gemengde belading of hogere belading.
- Naar rechts schuiven voor hoge luchtvochtigheid bij overwegend bewaren van groente of geringe belading.
Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.
Pagina 98
nl
Het condenswater verwijderen met een droge doek en een lage luchtvochtigheid via de vochtigheidsregelaar instellen.
Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.
6.6 Boter- en kaasvak
Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.
6.7 Deurrekken
Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.
→ "Deurrek verwijderen", Pagina 105
6.8 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Eierplateau
Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
- 1. Het apparaat elektrisch aansluiten. → Pagina 96
Opmerking: Wanneer het apparaat eerder via het bedieningspaneel werd uitgeschakeld, 3 sec. 3 seconden ingedrukt houden.
- Het apparaat begint te koelen.
- 2. De gewenste temperatuur instellen. → Pagina 98
7.2 Opmerkingen bij het gebruik
- Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.
Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
- Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur niet door product wordt geblokkeerd.
- Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
- De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:
- Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend
- Beladingshoeveelheid
- Temperatuur van de vers opgeslagen levensmiddelen – Omgevingstemperatuur
- Direct instralend zonlicht
7.3 Machine uitschakelen
- 3 sec. 3 Seconden ingedrukt houden.
7.4 Temperatuur instellen
Koelvaktemperatuur instellen
- Op de gewenste temperatuur drukken.
Pagina 99
De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.
→ "Sticker "OK"", Pagina 100
Vriesvaktemperatuur instellen
- Op de gewenste temperatuur drukken.
Opmerking: Omdat de vriesvaktemperatuur afhankelijk is van de koelvaktemperatuur en de omgevingstemperatuur, kan de vriesvaktemperatuur niet exact worden ingesteld.
De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt −18 °C.
8 Extra functies
Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.
8.1 Super-functie
Bij de Super-functie koelen het koelvak en het vriesvak sterker.
Schakel de Super-functie 4 tot 6 uur vóór het opslaan van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in. Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u de Super-functie.
→ "Invriescapaciteit", Pagina 101
Opmerking: Als de Super-functie is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.
Super-functie inschakelen
- super indrukken.
super brandt.
Opmerking: Na ca. 50 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Super-functie uitschakelen
- Op super drukken.
nl
8.2 Sabbat-modus
Opdat u het apparaat ook op sabbat kunt gebruiken, schakelt de Sabbatmodus alle niet absoluut benodigde functies uit.
Tijdens de Sabbat-modus zijn de volgende functies uitgeschakeld:
- Alarm
- Binnenverlichting
- Akoestische signalen
- Meldingen op het bedieningspaneel
Opmerking: Tijdens de Sabbat-modus schakelt de verlichting van het bedieningspaneel uit. brandt met gereduceerde helderheid.
Sabbat-modus inschakelen
- tussen alarm en super 15 seconden ingedrukt houden, tot een akoestisch signaal klinkt.
brandt.
Opmerking: Na ca. 80 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.
Sabbat-modus uitschakelen
- tussen alarm en super 15 seconden ingedrukt houden, tot een akoestisch signaal klinkt.
9 Alarm
9.1 Deuralarm
Als de deur van het apparaat langere tijd open staat wordt het deuralarm ingeschakeld.
Er klinkt een waarschuwingssignaal, alarm knippert en de ingestelde temperatuur van het betroffen vak knippert.
Pagina 100
nl
Deuralarm uitschakelen
- De apparaatdeur sluiten of op alarm drukken.
- Het waarschuwingssignaal is uitgeschakeld.
10 Koelvak
In het koelvak kunt u vlees, worst, vis, melkproducten, eieren, bereide gerechten en brood en banket bewaren.
De temperatuur is van 2 °C tot 8 °C instelbaar.
Door de koelopslag kunt u ook licht bederfelijke levensmiddelen op korte of middellange termijn bewaren. Hoe lager de gekozen temperatuur is, des te langer blijven de levensmiddelen vers.
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak
- Alleen verse en onbeschadigde levensmiddelen inruimen.
- Bewaar de levensmiddelen luchtdicht verpakt of afgedekt.
- Om de luchtcirculatie niet te hinderen en het bevriezen van levensmiddelen te vermijden, de levensmiddelen niet direct tegen de achterwand plaatsen.
- Laat warme etenswaren en dranken eerst afkoelen.
- Houd de door de fabrikant vermelde houdbaarheidsdatum of gebruiksdatum in acht.
10.2 Koudezones in het koelvak
Door de luchtcirculatie in et koelvak ontstaan verschillende koudezones.
Koudste zone
De koudste zone is tussen de op de zijkant gestempelde pijl en het eronder liggende legplateau.
Tip: Bewaar snel bedervende levensmiddelen in de koudste zone, bijv. vis, worst en vlees.
Warmste zone
De warmste zone bevindt zich helemaal bovenaan in de deur.
Tip: Bewaar minder gevoelige levensmiddelen in de warmste zone, bijv. harde kaas en boter. Hierdoor komt het aroma van de kaas beter tot ontwikkeling en blijft de boter smeerbaar.
10.3 Sticker "OK"
Met de sticker OK kunt u controleren of in het koelvak de voor de levensmiddelen aanbevolen veilige temperatuurbereiken van +4°C of kouder bereikt zijn.
De sticker OK wordt niet bij alle modellen meegeleverd.
Wanneer de sticker OK niet weergeeft, dan de temperatuur stapsgewijze verlagen.
→ "Koelvaktemperatuur instellen", Pagina 98
Na ingebruikneming van het apparaat kan het tot wel 12 uur duren voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
Correcte instelling