Siemens LB77NAC50, tekst van de handleiding
Afzuigkap · Siemens · 13 pagina's in het Nederlands · pdf: 16 pagina's, 1,2 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com
Storingen op pagina 8
Pagina 8
Vanaf de titel; het begin van pagina 8 staat in de pdf.
9 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 9
9.2 Functiestoringen
9.1 Defecte LED-lampen vervangen
- Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenservice of een erkend vakman (elektromonteur).
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▸ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| De verlichting functioneert niet. | LED-lampje is defect. ▸ Neem contact op met de klantenservice. ▸ Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenservice of een erkend vakman (elektromonteur). |
Pagina 9
Afvoeren nl
10 Afvoeren
10.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
11 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
11.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model: aan de binnenkant van het apparaat (daarvoor de vetfilter demonteren).
op de bovenkant van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
12 Testinstructies
Deze instructies werden opgesteld om het testen van het apparaat te vergemakkelijken.
Gemeten conform EN 61591.
Het apparaat wordt in de toestand bij levering gebruikt.
13 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
Het apparaat werd bij een kleurtemperatuur van 4000 K (schakelstand ) gemeten.
De vetafscheidingsgraad werd inclusief de afneembare filterafdekking bepaald.
Let erop dat de filters tijdens de meting (door wijziging aan de apparaatpositie of inbouwpositie) niet worden verschoven.
Pagina 10
nl Montagehandleiding
13.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Afhankelijk van de apparaatuitvoering
13.2 Afmetingen van het apparaat
Hier vindt u de afmetingen van het apparaat.
13.3 Veiligheidsafstanden
Neem de veiligheidsafstanden van het apparaat in acht.
13.4 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op
10
gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- Wanneer een afzuigkap wordt geïnstalleerd met een haard die afhankelijk is van de ruimtelucht, dan moet de stroomtoevoer van de afzuigkap zijn voorzien van een geschikte veiligheidsschakeling.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- De luchtafvoer niet in een rookkanaal of rookgasafvoer leiden dat in bedrijf is.
Pagina 11
Montagehandleiding nl
- Voer de luchtafvoer niet in een schacht die dient voor het ontluchten van opstelruimtes voor haarden.
- Moet de luchtafvoer in een rook- of afvoergasschoorsteen worden geleid die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden.
- Werk in de buurt van het apparaat nooit met open vuur (bijv. flamberen).
- Installeer het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen), wanneer een gesloten, niet afneembare afdekking aanwezig is. Er mogen geen vonken wegspringen.
- Om warmteophoping te voorkomen dienen de voorgeschreven veiligheidsafstanden te worden aangehouden.
- Houd de informatie van uw kookapparaten aan. Wanneer er in de installatie-instructies van de kookapparaten een afwijkende afstand staat, altijd de grootste afstand in acht nemen. Wanneer gaskooktoestellen en elektrische kooktoestellen samen worden gebruikt, dan geldt de grootste aangegeven afstand.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Is het toestel niet naar behoren bevestigd, dan kan het naar beneden vallen.
- Alle bevestigingsschroeven moeten vast worden gemonteerd.
Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
De filterafdekking kan trillen.
- De filterafdekking langzaam openen.
- De filterafdekking na het openen vasthouden tot deze niet meer natrilt.
- De filterafdekking langzaam sluiten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen. Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Als het apparaat is ingebouwd, moet de stekker van het netsnoer vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
WAARSCHUWING ‒ Gevaar: magnetisme!
Het apparaat bevat permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Personen met elektronische implantaten dienen minimaal een afstand van 10 cm tot het apparaat aan te houden.
13.5 Algemene aanwijzingen
Neem deze algemene aanwijzingen bij de installatie in acht.
Bij de installatie moeten de actuele geldige bouwvoorschriften en de voorschriften van de plaatselijke stroom- en gasleverancier in acht worden genomen. Bij het afvoeren van afvoerlucht moeten de officiële en wettelijke voorschriften, zoals bijv. de plaatselijke bouwverordeningen, in acht worden genomen. Om het apparaat in het geval van service ongehinderd te bereiken, een gemakkelijk toegankelijke montageplaats kiezen.
De oppervlakken van het apparaat zijn gevoelig. Vermijd beschadigingen bij de montage.
11
Pagina 12
nl Montagehandleiding
13.6 Aanwijzingen voor de elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de stroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De netstekker van de netaansluitkabel moet na de inbouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
- Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
- De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien worden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het apparaat te installeren.
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen.
De aansluitgegevens zijn te vinden op het typeplaatje. Pagina 9
De aansluitleiding is ca. 1,30 m lang.
Dit apparaat voldoet aan de ontstoringsvoorschriften van de EG.
Het apparaat is conform de beschermingsklasse 1. Gebruik daarom het apparaat alleen met aansluiting voorzien van randaarde.
Sluit het apparaat tijdens de montage niet op de voedingsspanning aan.
Ervoor zorgen dat de bescherming tegen aanraking door de inbouw is gegarandeerd.
13.7 Aanwijzingen m.b.t. de inbouwsituatie
Dit apparaat in een keukenkast monteren.
Voor de montage van extra speciale accessoires de daarbij meegeleverde installatiehandleiding aanhouden.
Om de kookdamp optimaal op te vangen, het apparaat in het midden boven de kookplaat monteren.
13.8 Aanwijzingen m.b.t. de luchtafvoerleiding
De fabrikant van het apparaat geeft geen garantie bij klachten die te wijten zijn aan het buizentraject.
Een korte, rechte afvoerbuis met een zo groot mogelijke buisdiameter gebruiken.
Lange, ruwe afvoerbuizen, vele buisbochten of kleine buisdiameters verminderen het afzuigvermogen en verhogen het ventilatorgeluid.
Een afvoerbuis van niet brandbaar materiaal gebruiken.
Om het teruglopen van condens te vermijden, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval monteren.
Ronde buizen
Ronde buizen met een binnendiameter van 150 mm (aanbevolen) of minstens 120 mm gebruiken.
Vierkante buizen
Platte buizen waarvan de binnendoorsnede met de diameter van de ronde buizen overeenkomt:
diameter 150 mm komt overeen met ca. 177 cm². diameter 120 mm komt overeen met ca. 113 cm². Gebruik bij een afwijkende buisdiameter een afdichtstrip.
Geen platte buizen met scherpe bochten gebruiken.
13.9 Aanwijzing voor de luchtafvoerfunctie
Voor de luchtafvoerfunctie moet een terugslagklep worden ingebouwd.
Opmerkingen
Wanneer bij het apparaat geen terugslagklep is meegeleverd, dan kan men een terugslagklep in de vakhandel verkrijgen.
Wanneer de afvoerlucht door de buitenwand wordt geleid, dan moet een telescopische muurcassette worden gebruikt.
13.10 Aanwijzingen bij de circulatiefunctie
Het apparaat mag alleen worden gebruikt wanneer het goed is geïnstalleerd en de leidingen zijn aangesloten.
13.11 Installatie
Meubel controleren
- 1. Controleren of het inbouwmeubel horizontaal staat en voldoende draagvermogen heeft.
Het maximale gewicht van het apparaat bedraagt 10 kg.
Opmerking: De aanwijzingen van de meubelfabrikanten m.b.t. het draagvermogen van het inbouwmeubel in acht nemen.
- 2. Controleren of het inbouwmeubel tot 90 °C hittebestendig is.
- 3. Controleren of het inbouwmeubel ook na de uitsnijwerkzaamheden nog stabiel is.
- 4. Controleer de instelling van de deurscharnieren. Al naar gelang de bouwwijze van het meubel zijn deze na de montage niet langer toegankelijk.
Meubel voorbereiden
Vereiste: Het meubel is geschikt voor de inbouw.
- 1. De uitsparing voor het apparaat maken.
- Zorg er daarbij voor dat de toegestane maten worden aangehouden.
Pagina 13
Montagehandleiding nl
- 2. De uitsparing voor de luchtafvoerbuis ofwel boven het inbouwmeubel of achter het inbouwmeubel boven het apparaat maken.
Apparaat uitpakken
Pak uw apparaat uit en controleer alle onderdelen op transportschade. Draag veiligheidshandschoenen wanneer u het apparaat uitpakt.
LET OP
Het frame van het apparaat vormt geen greepelement.
- Til het apparaat niet aan het frame op.
Apparaat voorbereiden
- 1. Bij afvoerluchtfunctie de stuwkleppen bij de luchtuitlaat monteren en vastklikken. ¹
- 2. Verwijder de beschermfolie voorzichtig van het oppervlak.
Apparaat monteren
Opmerking: Het wordt aanbevolen de montage door twee personen uit te laten voeren.
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
- 1. Het apparaat samen met het netsnoer van onderen af in de meubelopening plaatsen, tot de ophangingen vastklikken. Vermijd daarbij stoten en eenzijdige druk.
- 2. De beide bevestigingsschroeven afwisselend links en rechts aandraaien. Gebruik een geschikt gereedschap om de oppervlakken niet te beschadigen.
- 3. De voorste beide schroeven er zo indraaien en de boring zo kiezen, dat het oppervlak van het apparaat gelijk ligt met dat van het inbouwmeubel.
13
Pagina 14
nl Montagehandleiding
- 4. De beide schroefafdekkingen plaatsen.
Afvoerluchtverbinding maken
- 1. De luchtbuis op het luchtaansluitstuk bevestigen.
- 2. De verbinding met de afvoerluchtopening maken.
- 3. De verbindingspunten afdichten.
Apparaat demonteren
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
- 2. Maak de afvoerbuis los.
- 3. De filterafdekking openen.
- 4. De vetfilters verwijderen
De vetfilters niet buigen, om beschadigingen te voorkomen.
- 5. De voorste beide schroeven losdraaien
- 6. De beide bevestigingsschroeven van de ophangingen afwisselend links en rechts losdraaien.
- 7. Het apparaat langzaam naar onderen toe verwijderen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
GEBRUIKERSHANDLEIDING
- 1 Veiligheid ................................................................. 2
- 2 Materiële schade voorkomen ................................. 4
- 3 Milieubescherming en besparing .......................... 5
- 4 Functies .................................................................... 5
- 5 Uw apparaat leren kennen ...................................... 6
- 6 Accessoires ............................................................. 6
- 7 De Bediening in essentie ........................................ 6
8 Reiniging en onderhoud ........................................ 6
9 Storingen verhelpen ............................................... 8
- 10 Afvoeren ................................................................ 9
- 11 Servicedienst ........................................................ 9
- 12 Testinstructies ...................................................... 9
13 MONTAGEHANDLEIDING .................................... 9 13.4 Veilige montage ............................................... 10
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Definitie van de signaalwoorden
Hier vindt u de betekenis van de in deze handleiding gebruikte signaalwoorden.
WAARSCHUWING
Neem deze aanwijzingen in acht om mogelijk ernstig of dodelijk letsel te vermijden.
LET OP
Neem deze aanwijzingen in acht om schade aan het apparaat of andere materiële schade te vermijden.
Opmerking: Dit wijst u op belangrijke informatie.
1.2 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.3 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is alleen bestemd voor inbouw. Houd het speciale installatievoorschrift aan. De veiligheid is alleen gewaarborgd bij een deskundige montage volgens de montagehandleiding. De installateur is verantwoordelijk voor een goede werking op de plaats van opstelling.
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om kookdamp af te zuigen.
2
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Gebruik het apparaat niet:
met een externe kookwekker.
1.4 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan. Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.5 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
- Nooit in de omgeving van het apparaat met open vuur werken (bijv. flamberen).
- Het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen) installeren wanneer de vuurbron een afgesloten, niet verwijderbare afscher-
Pagina 3
Veiligheid nl
ming heeft. Er mogen geen vonken wegspringen.
Hete olie en heet vet ontvlammen erg snel.
- Hete olie en vet permanent in het oog houden.
- Nooit brandende olie of vet met water blussen. Kookplaat uitschakelen. Vlammen voorzichtig met deksel, blusdeken of iets dergelijks doven en laten afkoelen.
Gaskookplaten waar geen pan op staat, ontwikkelen tijdens het gebruik grote hitte. Een ventilatieapparaat dat daarop is aangebracht kan beschadigd of in brand raken.
- Gaskookplaten alleen met erop geplaatste pan gebruiken.
Bij gelijktijdig gebruik van meerdere gaskookzones ontwikkelt zich grote hitte. Een ventilatieapparaat dat daarop is aangebracht kan beschadigd of in brand raken.
- Gaskookplaten alleen met erop geplaatste pan gebruiken.
- De hoogste ventilatorstand instellen.
- Twee gaskookplaten nooit langer dan 15 minuten gelijktijdig op de hoogste vlam gebruiken. Twee gaskookzones komen overeen met één grote brander.
- Nooit grote branders met meer dan 5 kW met grootste vlam langer dan 15 minuten gebruiken, bijv. wok.
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voe-
ren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Door het gebruik van een gaskooktoestel ontstaan er warmte, vocht en verbrandingsproducten in de opstellingsruimte.
- Bij gebruik van een gaskooktoestel de afzuigkap inschakelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Pagina 4
nl Materiële schade voorkomen
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
De filterafdekking kan trillen.
- De filterafdekking langzaam openen.
- De filterafdekking na het openen vasthouden tot deze niet meer natrilt.
- De filterafdekking langzaam sluiten.
Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan de ogen beschadigen (risicogroep 1).
- Niet langer dan 100 seconden direct in de ingeschakelde LED-lampen kijken.
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 9
WAARSCHUWING ‒ Gevaar: magnetisme!
Het apparaat bevat permanente magneten. Deze kunnen elektronische implantaten, zoals pacemakers, of insulinepompen beïnvloeden.
- Personen met elektronische implantaten dienen minimaal een afstand van 10 cm tot het apparaat aan te houden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
2 Materiële schade voorkomen
LET OP
Condenswater kan leiden tot corrosie.
- Om de condensvorming te vermijden, het apparaat bij het koken inschakelen.
Als er vocht in de bedieningselementen dringt, kan er schade ontstaan.
- Nooit bedieningselementen met een natte doek reinigen.
Verkeerde reiniging beschadigt de oppervlakken.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reinigen in de slijprichting.
- Nooit bedieningselementen met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal reinigen.
Teruglopend condenswater kan het apparaat beschadigen.
- Monteer om het teruglopen van condens te vermijden, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval. Als u designelementen verkeerd belast, kunnen deze afbreken.
- Niet aan designelementen trekken.
- Geen voorwerpen op designelementen plaatsen of eraan ophangen.
Beschadiging van het oppervlak doordat de beschermfolie niet verwijderd is.
- De beschermfolie voor het eerste gebruik verwijderen van alle apparaatonderdelen.
Gelakte oppervlakken zijn gevoelig.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
"Apparaat schoonmaken", Pagina 7
- Gelakte oppervlakken tegen krassen beschermen.
Pagina 5
Milieubescherming en besparing nl
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kookdamp aan.
Een lagere ventilatiestand betekent minder energieverbruik.
Gebruik de intensiefstand alleen wanneer dit nodig is.
Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ventilatiestand.
De geuren verdelen zich minder in de ruimte.
Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langer nodig is.
Als de verlichting is uitgeschakeld, verbruikt deze geen energie.
De filter met de opgegeven intervallen reinigen of vervangen.
De effectiviteit van het filter blijft behouden.
Het kookdeksel erop plaatsen.
De kookdampen en de condens verminderen.
Gebruik de extra functies alleen indien nodig.
Het uitschakelen van de extra functies reduceert het stroomverbruik.
4 Functies
U kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodus of in de luchtcirculatiemodus.
4.1 Gebruik met afvoerlucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.
De lucht mag niet worden afgevoerd in een schoorsteen die wordt gebruikt voor afvoergassen van apparaten bestemd voor het verbranden van gas of andere brandstoffen (dit geldt niet voor ventilatieapparatuur).
Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.
4.2 Gebruik met circulatielucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een geurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.
Monteer een geurfilter om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van de circulatiefunctie. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in onze catalogus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.
"Accessoires", Pagina 6
Pagina 6
nl Uw apparaat leren kennen
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Bedieningselementen
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
6 Accessoires
Accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in de vakhandel of op internet. Gebruik alleen originele accessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afgestemd.
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Pagina 9
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in onze catalogus, in de online-shop of kunt u navragen bij de klantenservice.
www.siemens-home.bsh-group.com
| Ventilatorstand 1 inschakelen Apparaat uitschakelen | |
| Ventilatorstand 2 inschakelen | |
| Ventilatorstand 3 inschakelen Intensiefstand inschakelen | |
| Verlichting inschakelen of uitschakelen. | |
| Accessoires | Bestelnummer |
| Koolfilter | LZ55651 |
| Recirculatieset | LZ55750 |
| Clean Air Plus circulatieluchtset | LZ11IXC16 |
| Clean Air Plus koolfilter (vervanging) | LZ11IXB16 |
| Long Life circulatieluchtset | LZ11ITD11 |
| Regenereerbaar koolfilter (vervanging) | LZ10ITP00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
7 De Bediening in essentie
| 7.1 Apparaat inschakelen | ingedrukt houden. |
|---|---|
| De LED knippert rood. | |
| indrukken. | Het apparaat schakelt na ca. 6 minuten automatisch |
| Het apparaat start in ventilatorstand 1. | in een lagere ventilatorstand. |
| Opmerking: U kunt de intensiefstand direct in de uit- | |
| 7.2 Ventilatorstand instellen | stand inschakelen. Na het verstrijken van de 6 minuten |
| , of indrukken. | schakelt het apparaat opnieuw uit. |
| 7.3 Machine uitschakelen | 7.5 Verlichting inschakelen |
| ▸ Druk op . | De verlichting kunt u onafhankelijk van de ventilatie inschakelen en uitschakelen. |
| Opmerking: Als de ventilatorstand 2 of 3 is ingescha- | |
| keld, twee keer indrukken. | indrukken. |
| 7.4 Intensiefstand inschakelen | 7.6 Verlichting uitschakelen |
| Als zich een bijzonder sterke geur of damp ontwikkelt, kunt u de intensiefstand gebruiken. | indrukken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
8 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
8.1 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice of in de online-shop.
Pagina 7
Reiniging en onderhoud nl
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
- Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
8.2 Apparaat schoonmaken
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- 2. Afhankelijk van het oppervlak als volgt schoonmaken:
- Roestvrijstalen oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop in slijprichting reinigen.
- Gelakte oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop reinigen.
- Aluminium met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Kunststof met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Glas met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
- 4. Bij roestvrijstalen oppervlakken een schoonmaakmiddel voor roestvrij staal heel dun opbrengen met een zachte doek.
Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de onlineshop.
8.3 Bedieningselementen reinigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
- 2. Met een vochtig vaatdoekje en heet zeepsop reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
8.4 Vetfilter verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
De filterafdekking kan trillen.
- De filterafdekking langzaam openen.
- De filterafdekking na het openen vasthouden tot deze niet meer natrilt.
- De filterafdekking langzaam sluiten.
- 1. Om de filterafdekking te openen deze naar beneden klappen.
- 2. LET OP ‒ Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende kookplaat beschadigen.
- Met een hand onder de vetfilter grijpen.
Open de vergrendelingen op de vetfilters.
- 3. De vetfilters uit de houders nemen.
Om naar beneden druppelend vet te vermijden, de vetfilters horizontaal houden.
8.5 Vetfilter met de hand reinigen
De vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Regelmatig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetafscheidingsgraad. Wij adviseren de vetfilters elke 2 maanden te reinigen.
Pagina 8: zie Storingen hierboven.
Pagina 9: zie hierboven.
Pagina 10: zie hierboven.
Pagina 11: zie hierboven.
Pagina 12: zie hierboven.
Pagina 13: zie hierboven.
Pagina 14: zie hierboven.