Siemens LC96BHM50M, tekst van de handleiding
Afzuigkap · Siemens · 12 pagina's in het Nederlands · pdf: 16 pagina's, 1,3 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com
Deze handleiding geldt ook voor: LC96BBM65, LC97BHM50.
Storingen op pagina 8
Pagina 8
Vanaf de titel; het begin van pagina 8 staat in de pdf.
9 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 8
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
9.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▸ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| LED-verlichting functioneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Defecte LED-lampen mogen alleen worden vervangen door de fabrikant, zijn klantenservice of een erkend vakman (elektromonteur). ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 8 |
| De toetsverlichting functioneert niet. | De regeleenheid is defect. ▸ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
10 Afvoeren
10.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
11 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.
Pagina 9
Accessoires nl
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
11.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje bevindt zich afhankelijk van het model: aan de binnenkant van het apparaat (daarvoor de vetfilter demonteren).
op de bovenkant van het apparaat.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
12 Accessoires
Accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in de vakhandel of op internet. Gebruik alleen originele accessoires, omdat deze precies op uw apparaat zijn afgestemd.
Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de pre-
cieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.
Pagina 9
Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in onze catalogus, in de online-shop of kunt u navragen bij de klantenservice.
siemens-home.bsh-group.com
13 Montagehandleiding
Houd rekening met deze informatie bij de montage van het apparaat.
13.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Pagina 10: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 11
Montagehandleiding nl
13.3 Veiligheidsafstanden
Neem de veiligheidsafstanden van het apparaat in acht.
13.4 Veilige montage
Neem bij het monteren van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden teruggezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid
in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging. Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- Wanneer een afzuigkap wordt geïnstalleerd met een haard die afhankelijk is van de ruimtelucht, dan moet de stroomtoevoer van de afzuigkap zijn voorzien van een geschikte veiligheidsschakeling.
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging.
- De luchtafvoer niet in een rookkanaal of rookgasafvoer leiden dat in bedrijf is.
- Voer de luchtafvoer niet in een schacht die dient voor het ontluchten van opstelruimtes voor haarden.
- Moet de luchtafvoer in een rook- of afvoergasschoorsteen worden geleid die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in het vetfilter kunnen ontbranden.
- Werk in de buurt van het apparaat nooit met open vuur (bijv. flamberen).
- Installeer het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen), wanneer een gesloten, niet afneembare afdekking aanwezig is. Er mogen geen vonken wegspringen.
- Om warmteophoping te voorkomen dienen de voorgeschreven veiligheidsafstanden te worden aangehouden.
- Houd de informatie van uw kookapparaten aan. Wanneer er in de installatie-instructies
11
Pagina 12
nl Montagehandleiding
van de kookapparaten een afwijkende afstand staat, altijd de grootste afstand in acht nemen. Wanneer gaskooktoestellen en elektrische kooktoestellen samen worden gebruikt, dan geldt de grootste aangegeven afstand.
- Het apparaat slechts aan één zijde direct naast een hoge kast, tegen een bovenkast of tegen een wand installeren. De afstand tot de hoge kast, een bovenkast of de wand moet minstens 50 mm bedragen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Is het toestel niet naar behoren bevestigd, dan kan het naar beneden vallen.
- Alle bevestigingsschroeven moeten vast worden gemonteerd.
Het toestel is zwaar.
- Om het apparaat te bewegen, zijn 2 personen vereist.
- Alleen geschikte hulpmiddelen gebruiken. Het toestel is zwaar.
- Het apparaat mag niet direct in gipskartonplaten of gelijksoortig licht bouwmateriaal worden gemonteerd.
- Voor een juiste montage dient u materiaal te gebruiken dat voldoende stabiel en aangepast is aan de bouwkundige situatie en het gewicht van het materiaal.
Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen. Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
12
- Contact opnemen met de servicedienst. Pagina 8
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Als het apparaat is ingebouwd, moet de stekker van het netsnoer vrij toegankelijk zijn. Als de vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de installatievoorschriften worden ingebouwd.
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
13.5 Algemene aanwijzingen
Neem deze algemene aanwijzingen bij de installatie in acht.
Bij de installatie moeten de actuele geldige bouwvoorschriften en de voorschriften van de plaatselijke stroom- en gasleverancier in acht worden genomen. Bij het afvoeren van afvoerlucht moeten de officiële en wettelijke voorschriften, zoals bijv. de plaatselijke bouwverordeningen, in acht worden genomen. Om het apparaat in het geval van service ongehinderd te bereiken, een gemakkelijk toegankelijke montageplaats kiezen.
De oppervlakken van het apparaat zijn gevoelig. Bij de montage beschadigingen vermijden.
13.6 Aanwijzingen voor de elektrische aansluiting
Om het apparaat elektrisch veilig te kunnen aansluiten, dient u deze aanwijzingen in acht te nemen.
Pagina 13
Montagehandleiding nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Het apparaat moet op elk gewenst moment van de stroom kunnen worden afgesloten. Het mag alleen op een geaarde contactdoos worden aangesloten die volgens de voorschriften is geïnstalleerd.
- De netstekker van de netaansluitkabel moet na de inbouw van het apparaat vrij toegankelijk zijn.
- Is dit niet mogelijk, dan moet in de vast geplaatste elektrische installatie een alpolige scheidingsinrichting volgens de voorwaarden van de overspanningscategorie III en volgens de opbouwvoorschriften worden ingebouwd.
- De vaste aansluiting mag alleen door een elektricien worden aangelegd. Wij adviseren een aardlekschakelaar (FI-schakelaar) in de stroomkring naar het apparaat te installeren.
Scherpe componenten binnen het apparaat kunnen de aansluitkabel beschadigen.
- De aansluitkabel niet knikken of inklemmen.
De aansluitgegevens zijn te vinden op het typeplaatje. Pagina 9
De aansluitleiding is ca. 1,30 m lang.
Dit apparaat voldoet aan de ontstoringsvoorschriften van de EG.
Het apparaat is conform de beschermingsklasse 1. Daarom het apparaat alleen met een aarddraadaansluiting gebruiken.
Het apparaat tijdens de montage niet op de voedingsspanning aansluiten.
Ervoor zorgen dat de bescherming tegen aanraking door de inbouw is gegarandeerd.
13.7 Aanwijzingen m.b.t. de inbouwsituatie
Dit apparaat aan de keukenwand monteren.
Voor de montage van extra speciale accessoires de daarbij meegeleverde installatiehandleiding aanhouden.
De breedte van de afzuigkap moet minstens overeenkomen met de breedte van het kooktoestel.
Om de kookdamp optimaal op te vangen, het apparaat in het midden boven de kookplaat monteren.
13.8 Aanwijzingen m.b.t. de luchtafvoerleiding
De fabrikant van het apparaat geeft geen garantie bij klachten die te wijten zijn aan het buizentraject.
Een korte, rechte afvoerbuis met een zo groot mogelijke buisdiameter gebruiken.
Lange, ruwe afvoerbuizen, vele buisbochten of kleine buisdiameters verminderen het afzuigvermogen en verhogen het ventilatorgeluid.
Een afvoerbuis van niet brandbaar materiaal gebruiken.
Om het teruglopen van condens te vermijden, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval monteren.
13.9 Aanwijzing voor de luchtafvoerfunctie
Voor de luchtafvoerfunctie moet een terugslagklep worden ingebouwd.
Opmerkingen
Wanneer bij het apparaat geen terugslagklep is meegeleverd, dan kan men een terugslagklep in de vakhandel verkrijgen.
Wanneer de afvoerlucht door de buitenwand wordt geleid, dan moet een telescopische muurcassette worden gebruikt.
13.10 Installatie
Wand controleren
- 1. Controleren of de muur verticaal is en voldoende draagvermogen heeft.
Het maximale gewicht van het apparaat bedraagt 40 kg.
- 2. De boorgatdiepte overeenkomstig de schroeflengte boren.
- 3. Gebruik de meegeleverde schroeven en pluggen. De bijgevoegde schroeven en pluggen zijn geschikt voor massieve muren. Gebruik voor andere constructies geschikte bevestigingsmaterialen, bijv. bij gipsplaat, gasbeton, Poroton stenen.
Wand voorbereiden
Opmerking: Afhankelijk van de constructie moeten de boorgaten verschillend worden gepositioneerd. Houd voor de montage rekening met de constructie van de afzuigkap.
- 1. Ervoor zorgen dat zich in het bereik van de boringen geen stroomleidingen, gasleidingen of waterleidingen bevinden.
- 2. Vanaf de boven- tot de onderkant van het apparaat een loodrechte middellijn op de muur tekenen.
- 3. Teken de posities voor de schroeven en de omtrek van het bevestigingsgebied af.
- 4. Boor de gaten met Ø 8 mm en boordiepte 80 mm en duw de pluggen er vlak met de wand in.
- 5. Schroef de bevestigingshoek voor het afdekpaneel vast.
Pagina 14: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 15
Montagehandleiding nl
- 3. Apparaat weer verwijderen.
- 4. Boor het gat voor de borgschroef Ø 8 mm en boordiepte 80 mm en duw de pluggen er vlak met de wand in.
- 5. Verwijder de beschermfolie aan de achterzijde.
- Verwijder de beschermfolie na de montage volledig.
- 6. Hang het apparaat op.
- 7. Draai de borgschroef met de onderlegring vast.
Buizen
Opmerking: Wanneer u een aluminiumbuis gebruikt, maak dan het aansluitgedeelte eerst glad.
Wij adviseren het gebruik van buizen met een afvoerbuis van Ø 150 mm.
Luchtafvoerverbinding maken (afvoerbuis Ø 150 mm)
- 1. De luchtafvoerbuis op het afvoeraansluitstuk bevestigen.
- 2. De verbinding met de afvoerluchtopening maken.
- 3. De verbindingspunten afdichten.
Luchtafvoerverbinding maken (afvoerbuis Ø 120 mm)
- 1. Bevestig het verloopstuk op het aansluitstuk van de luchtafvoer.
- 2. De luchtafvoerbuis bevestigen aan het verloopstuk.
- 3. De verbindingspunten afdichten.
Afdekpaneel monteren
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen in het toestel kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. Schroef de bevestigingshoek voor de schoorsteenafscherming op de wand.
- 2. Om de schoorsteenafscherming los te maken, de tape verwijderen of de schoorsteenafscherming uit de beschermende verpakking halen.
- 3. Indien voorhanden de beschermfolie aan beide schoorsteenafschermingen verwijderen.
- 4. Opmerking: De sleuven van de schoorsteenafscherming wijzen omlaag.
- 5. Schuif de afdekpanelen in elkaar.
- 6. Opmerking: Om krassen te vermijden zachte doeken als bescherming over de randen van de buitenste schoorsteenafscherming leggen.
- 7. Plaats de afdekpanelen op het apparaat.
- 8. Schuif het binnenste afdekpaneel naar boven en hang dit links en rechts aan de bevestigingshoek.
- 9. Duw het afdekpaneel naar onder tot deze vastklikt.
- 10. Schroef het afdekpaneel met twee schroeven aan de zijkant op de bevestigingshoek.
- 11. Bevestig het buitenste afdekpaneel met twee schroeven van onderen op het apparaat.
- 12. De doeken voorzichtig verwijderen.
15
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
GEBRUIKERSHANDLEIDING
- 1 Veiligheid ................................................................. 2
- 2 Materiële schade voorkomen ................................. 4
- 3 Milieubescherming en besparing .......................... 4
- 4 Functies .................................................................... 5
- 5 Uw apparaat leren kennen ...................................... 5
- 6 Voor het eerste gebruik .......................................... 5
- 7 De Bediening in essentie ........................................ 5
8 Reiniging en onderhoud ........................................ 6
9 Storingen verhelpen ............................................... 8
- 10 Afvoeren ................................................................ 8
- 11 Servicedienst ........................................................ 8
- 12 Accessoires ........................................................... 9
13 MONTAGEHANDLEIDING .................................... 9 13.4 Veilige montage ............................................... 11
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.2 Bestemming van het apparaat
Gebruik het apparaat uitsluitend:
om kookdamp af te zuigen.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving. tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
Gebruik het apparaat niet:
met een externe kookwekker.
1.3 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij ze 15 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.
1.4 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op vergiftiging!
Teruggezogen verbrandingsgassen kunnen leiden tot vergiftiging. Vuurbronnen die de lucht in de ruimte verbruiken (bijv. apparaten die op gas, olie, hout of kolen worden gestookt, geisers, warmwatertoestellen) betrekken de verbrandingslucht uit de opstellingsruimte en voeren de gassen via een afvoer (bijv. schoorsteen) af naar buiten. In combinatie met een ingeschakelde afzuigkap wordt aan de keuken en aan de naastgelegen ruimtes lucht onttrokken. Zonder voldoende luchttoevoer ontstaat er een onderdruk. Giftige gassen uit de schoorsteen of het afvoerkanaal worden terug-
Pagina 3
Veiligheid nl
gezogen in de woonruimte.
- Altijd voor voldoende luchttoevoer zorgen, wanneer het apparaat in luchtafvoermodus werkt, en er tegelijkertijd vuurbron is die gebruik maakt van de aanwezige lucht.
- U kunt het apparaat alleen dan zonder risico gebruiken wanneer de onderdruk in de ruimte waarin de vuurbron zich bevindt niet groter is dan 4 Pa (0,04 mbar). Dit kan worden bereikt wanneer de voor de verbranding benodigde lucht door niet afsluitbare openingen, bijv. in deuren, ramen, in combinatie met een ventilatiekast in de muur of door andere technische voorzieningen, kan worden toegevoerd. Een luchtaanvoer/afvoereenheid in de muur alleen is niet voldoende om aan de minimale eisen te voldoen.
- Raadpleeg in ieder geval het bedrijf dat in uw huis zorgt voor de schoorsteenreiniging.
Dit bedrijf is in staat het totale ventilatiesysteem van uw huis te beoordelen en kan een voorstel doen voor passende maatregelen op het gebied van de luchttoevoer.
- Indien het apparaat alleen met recirculatie wordt gebruikt, is een onbeperkt gebruik mogelijk.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- Apparaat nooit zonder vetfilter gebruiken.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
- Nooit in de omgeving van het apparaat met open vuur werken (bijv. flamberen).
- Het apparaat alleen in de buurt van een vuurbron voor vaste brandstoffen (bijv. hout of kolen) installeren wanneer de vuurbron een afgesloten, niet verwijderbare afscherming heeft. Er mogen geen vonken wegspringen.
Hete olie en vet ontvlammen erg snel.
- Hete olie en vet permanent in het oog houden.
- Nooit brandende olie of vet met water blussen. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
Voorwerpen die op het apparaat geplaatst zijn kunnen vallen.
- Plaats geen voorwerpen op het apparaat. Wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw zijn gevaarlijk en kunnen leiden tot functiestoringen.
- Geen wijzigingen aan de elektrische of mechanische opbouw aanbrengen.
Het licht van LED-lampen is zeer fel en kan de ogen beschadigen (risicogroep 1).
- Niet langer dan 100 seconden direct in de ingeschakelde LED-lampen kijken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Contact opnemen met de servicedienst. Pagina 8
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat wordt beschadigd, moet het door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
Pagina 4
nl Materiële schade voorkomen
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 8
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
2 Materiële schade voorkomen
LET OP
Condenswater kan leiden tot corrosie.
- Om de condensvorming te vermijden, het apparaat bij het koken inschakelen.
Als er vocht in de bedieningselementen dringt, kan er schade ontstaan.
- Nooit bedieningselementen met een natte doek reinigen.
Verkeerde reiniging beschadigt de oppervlakken.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Roestvrijstalen oppervlakken uitsluitend reinigen in de slijprichting.
- Nooit bedieningselementen met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal reinigen.
Teruglopend condenswater kan het apparaat beschadigen.
- Monteer om het teruglopen van condens te vermijden, de afvoerbuis vanuit het apparaat met 1° verval. Als u designelementen verkeerd belast, kunnen deze afbreken.
- Niet aan designelementen trekken.
- Geen voorwerpen op designelementen plaatsen of eraan ophangen.
Beschadiging van het oppervlak doordat de beschermfolie niet verwijderd is.
- De beschermfolie voor het eerste gebruik verwijderen van alle apparaatonderdelen.
Gelakte oppervlakken zijn gevoelig.
- Reinigingsinstructies in acht nemen.
"Apparaat schoonmaken", Pagina 6
- Gelakte oppervlakken tegen krassen beschermen.
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Pas de ventilatiestand aan de intensiteit van de kookdamp aan.
Een lagere ventilatiestand betekent minder energieverbruik.
Gebruik de intensiefstand alleen wanneer dit nodig is.
Kies bij intensieve kookdampen op tijd een hogere ventilatiestand.
De geuren verdelen zich minder in de ruimte.
Schakel de verlichting uit wanneer deze niet langer nodig is.
Als de verlichting is uitgeschakeld, verbruikt deze geen energie.
De filter met de opgegeven intervallen reinigen of vervangen.
De effectiviteit van het filter blijft behouden.
Het kookdeksel erop plaatsen.
De kookdampen en de condens verminderen.
Gebruik de extra functies alleen indien nodig.
Pagina 5
Functies nl
Het uitschakelen van de extra functies reduceert het stroomverbruik.
Productinformatie conform (EU) 65/2014 en (EU) 66/2014 vindt u onder het energielabel en op het internet op de productpagina van uw apparaat.
4 Functies
U kunt uw apparaat gebruiken in de luchtafvoermodus of in de luchtcirculatiemodus.
4.1 Gebruik met afvoerlucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters gereinigd en via een buizensysteem naar de buitenlucht afgevoerd.
De lucht mag niet worden afgevoerd in een schoorsteen die wordt gebruikt voor afvoergassen van apparaten bestemd voor het verbranden van gas of andere brandstoffen (dit geldt niet voor ventilatieapparatuur).
Komt de afvoerlucht terecht in een rook- of afvoergasschoorsteen die niet in gebruik is, dan dient hiervoor toestemming van een vakbekwame schoorsteenveger te worden verkregen.
Wordt de afvoerlucht door de buitenmuur geleid, dan raden wij u aan een telescoop-muurkast te gebruiken.
4.2 Gebruik met circulatielucht
De aangezogen lucht wordt door de vetfilters en een geurfilter gereinigd en weer teruggeleid in de ruimte.
Monteer een geurfilter om geurtjes te voorkomen bij het gebruik van de circulatiefunctie. De verschillende manieren om het apparaat met circulatielucht te gebruiken, vindt u in onze catalogus of kunt u navragen bij uw speciaalzaak. Het daartoe benodigde toebehoren is verkrijgbaar bij de speciaalzaak, de klantenservice of in de online-shop.
"Accessoires", Pagina 9
5 Uw apparaat leren kennen
5.1 Bedieningselementen
Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.
Apparaat in- of uitschakelen
Ventilatorstand 1 inschakelen
Ventilatorstand 2 inschakelen
Ventilatorstand 3 inschakelen
Intensiefstand inschakelen of uitschakelen
Verlichting inschakelen of uitschakelen
6 Voor het eerste gebruik
Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.
6.1 Functie instellen
Uw apparaat is standaard op afvoerluchtfunctie ingesteld.
Opmerking: Voor het gebruik in de circulatiefunctie hebt u bijkomend toebehoren nodig.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
indrukken.
Het apparaat start in ventilatorstand 2.
7.2 Apparaat uitschakelen
indrukken.
7.3 Ventilatorstand instellen
, of indrukken.
7.4 Intensiefstand inschakelen
Als zich een bijzonder sterke geur of damp ontwikkelt, kunt u de intensiefstand gebruiken.
Pagina 6
nl Reiniging en onderhoud
- Druk op .
Het apparaat schakelt na ca. 6 minuten automatisch in de ventilatorstand 3.
7.5 Intensiefstand uitschakelen
- Druk op .
7.6 Verlichting inschakelen
De verlichting kunt u onafhankelijk van de ventilatie inschakelen en uitschakelen.
- Druk op .
8 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
8.1 Apparaat schoonmaken
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen in combinatie met aluminiumdelen in de spoelruimte van vaatwasmachine kunnen tot explosies leiden.
- Nooit sterk bijtende alkalische of sterk zuurhoudende reinigingsmiddelen gebruiken. Vooral geen professionele of industriële reinigingsmiddelen gebruiken in combinatie met aluminiumdelen, zoals bijv. vetfilters van afzuigkappen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bepaalde onderdelen van het apparaat kunnen scherpe randen hebben.
- Binnenkant van het apparaat voorzichtig reinigen.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 2. Afhankelijk van het oppervlak als volgt schoonmaken:
- Roestvrijstalen oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop in slijprichting reinigen.
- Gelakte oppervlakken met een vaatdoekje en warm zeepsop reinigen.
- Aluminium met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Kunststof met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- Glas met een zachte doek en glasreiniger reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
- 4. Bij roestvrijstalen oppervlakken een schoonmaakmiddel voor roestvrij staal heel dun opbrengen met een zachte doek.
Het schoonmaakmiddel voor roestvrij staal is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de onlineshop.
6
8.2 Reinigingsmiddelen
Geschikte reinigingsmiddelen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice of in de online-shop.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Vóór het reinigen de netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.
- Het apparaat voor het schoonmaken laten afkoelen.
LET OP
Ongeschikte reinigingsmiddelen kunnen de oppervlakken van het apparaat beschadigen.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuur- of afwassponsjes gebruiken.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
- Vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
8.3 Bedieningselementen en lampen reinigen
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken.
- Geen natte vaatdoekjes gebruiken.
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 2. Met een vochtig vaatdoekje en heet zeepsop reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
8.4 Vetfilter verwijderen
- 1. LET OP ‒ Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende kookplaat beschadigen.
- Met een hand onder de vetfilter grijpen.
Pagina 7
Reiniging en onderhoud nl
Open de vergrendeling op het vetfilter en klap het vetfilter naar beneden.
- 2. De vetfilters uit de houders nemen.
Om naar beneden druppelend vet te vermijden, de vetfilters horizontaal houden.
8.5 Vetfilter met de hand reinigen
De vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Regelmatig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetafscheidingsgraad. Wij adviseren de vetfilters elke 2 maanden te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
Vereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 2. De vetfilters in een warm zeepsop weken.
Gebruik bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de webshop.
- 3. De vetfilters met een borstel reinigen.
- 4. De vetfilters grondig uitspoelen.
- 5. De vetfilters laten afdruppelen.
8.6 Vetfilters in de vaatwasmachine reinigen
De vetfilters filteren het vet uit de kookdampen. Regelmatig gereinigde vetfilters zorgen voor een hoge vetafscheidingsgraad. Wij adviseren de vetfilters elke 2 maanden te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
De vetafzettingen in de vetfilters kunnen ontbranden.
- De vetfilters regelmatig reinigen.
LET OP
De vetfilters kunnen door inklemmen in de vaatwasser worden beschadigd.
- De vetfilters niet inklemmen.
Opmerking: Bij de reiniging van de vetfilter in de vaatwasmachine kunnen lichte verkleuringen optreden. De
verkleuringen hebben geen invloed op de werking van de vetfilters.
Vereiste: De vetfilters zijn gedemonteerd.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 1. De informatie over de reinigingsmiddelen in acht nemen.
"Reinigingsmiddelen", Pagina 6
- 2. De vetfilters los in de vaatwasmachine plaatsen. Sterk verontreinigde vetfilters niet samen met serviesgoed reinigen.
Gebruik bij hardnekkig vuil een vetoplosmiddel. Vetoplosmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de webshop.
- 3. De vaatwasmachine starten.
Bij de temperatuurinstelling maximaal 70 °C kiezen.
- 4. De vetfilters laten afdruppelen.
8.7 Vetfilter inbouwen
LET OP
Eraf vallende vetfilters kunnen de eronder liggende kookplaat beschadigen.
- Met een hand onder de vetfilter grijpen.
- 1. Plaats de vetfilters.
- 2. De vetfilters naar boven klappen en de vergrendelingen vastklikken.
- 3. Zorg ervoor dat de vergrendelingen vastklikken.
- 4. Wanneer het vetfilter verkeerd werd geplaatst, de vergrendeling voorzichtig naar voren drukken, het vetfilter verwijderen en correct plaatsen.
Pagina 8: zie Storingen hierboven.
Pagina 9: zie hierboven.
Pagina 10: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 11: zie hierboven.
Pagina 12: zie hierboven.
Pagina 13: zie hierboven.
Pagina 14: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 15: zie hierboven.