Zanussi ZDI26022XA, tekst van de handleiding
Pagina's 12–20 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 12
MULTITABLETTEN TOEVOEGEN
1
2
- Stel de waterontharder op het laagste niveau in.
DE AUTO OFF-FUNCTIE
Deze functie verlaagt het energieverbruik door het apparaat automatisch uit te schakelen als het niet werkt.
De functie gaat werken:
- 5 minuten na voltooiing van het programma.
- Als het programma na 5 minuten nog niet is gestart.
EEN PROGRAMMA STARTEN
- 1. Laat de deur op een kier staan.
- 2. Druk op de aan/uit-knop om het apparaat te activeren. Zorg dat het apparaat in de keuzemodus Programma staat.
- 3. Druk op een van deze programmatoetsen tot het nummer van het gewenste programma verschijnt. Het display geeft na enkele seconden de programmaduur weer.
- 4. Stel de bruikbare opties in.
- 5. Sluit de deur van de afwasmachine om het programma te starten.
XTRADRY OPTIE
Activeer deze optie als u het droogresultaat een boost wilt geven. Bij het gebruik van deze optie kunnen de duur van sommige programma's, het waterverbruik en de temperatuur van de laatste spoeling worden beïnvloed.
De optie XtraDry is een permanente optie voor alle programma's anders dan Eco en hoeven niet iedere cyclus te worden gekozen.
DELAY OPTIE
- 1. Stel een programma in.
- 2. Druk op Delay tot op het display het gewenste startuitstel verschijnt (1-24u).
De uitgestelde tijd knippert op het display.
- 3. Sluit de deur van het apparaat. Het aftellen neemt met 1 uur af.
Nadat het aftelproces voltooid is, wordt het programma gestart.
DE DEUR OPENEN ALS HET APPARAAT IN WERKING IS
Als u de deur opent terwijl een programma loopt, stopt het apparaat. Dit kan het energieverbruik en de programmaduur beïnvloeden. Als u de deur weer sluit, gaat het apparaat verder vanaf het moment van onderbreking.
Als u tijdens de droogfase de deur opent voordat AirDry deze automatisch opent, wordt het programma na 30 seconden afgesloten.
Als u de deur sluit nadat deze in de droogfase automatisch door AirDry is geopend, wordt het programma na 3 minuten beëindigd.
Probeer de deur van het apparaat niet binnen 2 minuten nadat AirDry hem automatisch opent te openen, want dit kan schade aan het apparaat veroorzaken.
EINDE VAN HET PROGRAMMA
Nadat het programma is voltooid, verschijnt op het display: 0:00.
- Druk op de aan/uit-toets of wacht totdat de Auto OFF-functie het apparaat automatisch heeft uitgeschakeld.
- Draai de waterkraan dicht.
Als u de deur opent voor de activering van Auto OFF, wordt het apparaat automatisch uitgeschakeld.
Pagina 13
AANWIJZINGEN EN TIPS
ALGEMEEN
Volg de onderstaande tips om te zorgen voor optimale schoonmaak- en droogresultaten en ook het milieu te helpen beschermen.
- Het afwassen in de vaatwasser volgens de instructies in de gebruikershandleiding verbruikt meestal minder water en energie dan het afwassen met de hand.
- Laad de vaatwasser volledig in om water en energie te besparen. Voor de beste reinigingsresultaten plaatst u items in de korven volgens de instructies in de gebruikershandleiding en overbelast u de korven niet.
- Spoel de vaat niet eerst af. Het verhoogt het water- en energieverbruik. Kies indien nodig een programma met voorwasfase.
- Verwijder grotere voedselresten van de borden en lege bekers en glazen voordat u ze in het apparaat plaatst.
- Week kookgerei met stevig vastgekookt of vastgebakken voedsel of poets het lichtjes voordat u het in het apparaat wast.
- Zorg ervoor dat de vaat in de manden elkaar niet raakt of overlapt. Alleen dan kan het water de vaat volledig bereiken en wassen.
- U kunt apart vaatwasmiddel, glansmiddel en zout gebruiken of kiezen voor het gebruik van multitabletten (bijv. ''alles-in-1''). Volg de instructies op de verpakking.
- Kies een programma op basis van het type lading en de mate van bevuiling. Eco biedt het meest efficiënte gebruik van water en energieverbruik.
- Om kalkaanslag in het apparaat te voorkomen:
- Vul de zoutcontainer indien nodig bij.
- Gebruik de aanbevolen dosering van het wasmiddel en spoelglansmiddel.
- Controleer of het ingestelde stand van de waterontharder juist is voor de waterhardheid in uw omgeving.
- Volg de instructies in het hoofdstuk
"Onderhoud en reiniging".
DE WATERONTHARDER
De waterontharder verwijdert mineralen uit van de watertoevoer die een nadelige invloed hebben op de wasresultaten en het apparaat.
Hoe hoger het gehalte van deze mineralen, des te harder is het water. De waterhardheid wordt gemeten in de volgende gelijkwaardige schalen. De waterontharder moet worden afgesteld op de hardheid van het water in uw woonplaats. Uw
waterleidingbedrijf kan u informeren over de hardheid van het water in uw woonplaats. Het is belangrijk om het correcte niveau voor de waterontharder in te stellen voor goede wasresultaten.
GEBRUIK VAN ZOUT, GLANSMIDDEL EN VAATWASMIDDEL
- Gebruik enkel zout, glansmiddel en vaatwasmiddel voor afwasautomaten. Overige producten kunnen het apparaat beschadigen.
- Maar in gebieden met hard en erg hard water raden we het gebruik aan van enkelvoudig vaatwasmiddel (poeder, gel, tabletten zonder extra middelen), met afzonderlijk glansmiddel en zout voor optimale reinigings- en droogresultaten.
- Draai het apparaat minstens eenmaal per maand met een apparaatreiniger die hier speciaal voor bestemd is.
- Vaatwasmiddeltabletten lossen bij korte programma's niet geheel op. Om te voorkomen dat vaatwasmiddelresten op het servies achterblijven, raden we u aan om tabletten enkel bij lange programma's te gebruiken.
- Gebruik altijd de juiste hoeveelheid wasmiddel.
Onvoldoende dosering van het wasmiddel kan leiden tot slechte reinigingsresultaten en hardwaterfilmen of vlekken op de voorwerpen.
Het gebruik van te veel wasmiddel met zacht of verzacht water resulteert in wasmiddelresten op de borden. Pas de hoeveelheid wasmiddel aan op basis van de waterhardheid. Zie de instructies van de vaatwasmiddelfabrikant.
- Gebruik altijd de juiste hoeveelheid spoelglansmiddel. Onvoldoende dosering van spoelglansmiddel vermindert de droogresultaten. Het gebruik van te veel spoelglansmiddel resulteert in blauwachtige lagen op de items.
- Controleer of het wateronthardersniveau correct is. Als het niveau te hoog is, kan de verhoogde hoeveelheid zout in het water leiden tot roest op bestek.
WAT MOET U DOEN ALS U WILT STOPPEN MET HET GEBRUIK VAN MULTITABLETTEN
Doe het volgende voordat u begint met het gebruiken van apart wasmiddel, zout en glansmiddel.
- 1. Stel het hoogste niveau van de waterontharder in.
- 2. Zorg ervoor dat het zout- en het glansmiddeldoseerbakje gevuld zijn.
Pagina 14
- 3. Start het kortste programma met een spoelfase. Voeg geen afwasmiddel toe en ruim de mandjes niet in.
- 4. Als het programma is voltooid, wijzigt u de waterontharder in de waterhardheid van uw omgeving.
- 5. Stel de hoeveelheid glansmiddel in.
- 6. De aanduiding leeg glansmiddelreservoir activeren.
DE MANDJES INRUIMEN
- Gebruik altijd de hele ruimte van de mandjes.
- Gebruik het apparaat alleen om voorwerpen af te wassen die vaatwasbestendig zijn.
- Was in het apparaat geen items gemaakt van hout, hoorn, aluminium, tin en koper, omdat ze kunnen barsten, kromtrekken, verkleuren of putjes kunnen krijgen.
- Reinig geen voorwerpen in het apparaat die water kunnen absorberen (sponzen, keukenhanddoeken).
- Verwijder alle voedselresten van de voorwerpen.
- Maak aangebrande voedselresten op de voorwerpen zachter.
- Plaats holle voorwerpen (bijv. kopjes, glazen en pannen) met de opening naar beneden.
- Zorg dat serviesgoed en bestek niet in elkaar schuiven. Meng lepels met ander bestek.
- Zorg er voor dat glazen andere glazen niet aanraken.
- Leg lichte voorwerpen in het bovenrek. Zorg ervoor dat de voorwerpen niet verschuiven.
- Zorg er voor dat de sproeiarm vrij kan ronddraaien voordat u een programma start.
VOOR HET STARTEN VAN EEN PROGRAMMA
Zorg er, voordat u het gekozen programma start, voor dat:
- De filters schoon zijn en correct zijn geplaatst.
- De dop van het zoutreservoir goed dicht zit.
- De sproeiarmen niet zijn verstopt.
- Er regenereerzout en glansmiddel is toegevoegd (tenzij u gecombineerde afwastabletten gebruikt).
- De positie van de items in de mandjes correct is.
- Het programma geschikt is voor het type lading en de mate van bevuiling.
- De juiste hoeveelheid afwasmiddel is gebruikt.
DE REKKEN UITRUIMEN
- 1. Laat de borden afkoelen voordat u deze uit het apparaat neemt. Hete borden zijn gevoelig voor beschadigingen.
- 2. Ruim eerst het onderrek en dan het bovenrek uit.
Na voltooiing van het programma kan er zich aan de binnenkant van het apparaat nog water bevinden.
ONDERHOUD EN REINIGING
WAARSCHUWING! Schakel het apparaat uit en trek de stekker uit het stopcontact voordat u onderhoudshandelingen verricht.
DE FILTERS REINIGEN
Vuile filters en verstopte sproeiarmen verminderen de wasresultaten.
Controleer regelmatig de filters en reinig deze zo nodig.
B
A
Pagina 15
C
- Zorg ervoor dat er geen etensresten of vuil in of rond de rand van de opvangbak zitten.
- Plaats de platte filter (C) terug. Zorg ervoor dat het goed onder de 2 geleidingen zit.
- Plaats de filters (A) en (B) terug.
- Plaats de filter (A) terug in de platte filter (C). Rechtsom draaien tot het vastzit.
Een onjuiste plaatsing van de filters kan leiden tot slechte wasresultaten en het apparaat beschadigen.
DE SPROEIARMEN REINIGEN
Probeer niet de sproeiarmen te verwijderen. Als etensresten de openingen in de sproeiarmen hebben verstopt, verwijder deze dan met een smal en puntig voorwerp.
BUITENKANT REINIGEN
- Maak het apparaat schoon met een vochtige, zachte doek.
- Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen.
- Gebruik geen schuurmiddelen, schuursponsjes of oplosmiddelen.
DE BINNENKANT VAN DE MACHINE REINIGEN
- Reinig het apparaat zorgvuldig, inclusief de rubberen afdichting van de deur, met een zachte, vochtige doek.
- Als u regelmatig korte programma's gebruikt dan kunnen er vetresten en kalkaanslag achterblijven in het apparaat. Om dit te voorkomen raden we aan minstens 2 keer per maand progamma's met een lange duur te gebruiken.
- Om de prestaties van uw apparaat op en top te houden raden we u aan iedere maand een
specifiek schoonmaakproduct voor vaatwasmachines te gebruiken. Volg de instructies op de verpakking van de producten zorgvuldig op.
VERWIJDEREN VAN VREEMDE VOORWERPEN
Controleer de filters en de opvangbak na elk gebruik van de vaatwasser. Vreemde voorwerpen (bijv. stukken glas, plastic, botten of tandenstokers, enz.) verminderen de reinigingsprestaties en kunnen schade aan de afvoerpomp veroorzaken.
- 1. Demonteer het filtersysteem volgens de instructies in dit hoofdstuk.
- 2. Verwijder alle vreemde voorwerpen met de hand.
LET OP! Als u de voorwerpen niet kunt verwijderen, neem dan contact op met een erkend servicecentrum.
- 3. Monteer de filters opnieuw volgens de instructies in dit hoofdstuk.
PROBLEEMOPLOSSING
WAARSCHUWING! Onjuiste reparatie van het apparaat kan een gevaar voor de veiligheid van de gebruiker vormen. Alle reparaties moeten worden uitgevoerd door bevoegd personeel.
Het merendeel van de problemen die ontstaan kunnen worden opgelost zonder contact op te nemen met een erkend servicecentrum.
Zie de onderstaande tabel voor informatie over mogelijke problemen.
Bij sommige problemen wordt er op de display een alarmcode weergegeven.
Pagina 16
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| U kunt het apparaat niet activeren. | • Controleer of de netstekker is aangesloten op het stopcontact. • Zorg dat er geen zekering in de zekeringenkast is doorgebrand. |
| Het programma start niet. | • Controleer of de deur van het apparaat gesloten is. • Als startuitstel is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het einde van het aftellen. • Het apparaat herlaadt de hars uit de waterontharder. De duur van de procedure is ongeveer 5 minuten. |
| Het apparaat wordt niet gevuld met water. Het display toont i10 of i11. | • Zorg ervoor dat de waterkraan geopend is. • Ga na of de druk van de watervoorziening niet te laag is. Neem voor deze informatie contactpersoon op met uw plaatselijke waterleidingsbedrijf. • Verzeker u ervan dat de waterkraan niet verstopt is. • Controleer of het filter in de toevoerslang niet verstopt is. • Controleer of er geen knikken of bochten in de watertoevoerslang aanwezig zijn. |
| Het apparaat pompt geen water weg. Op het display verschijnt i20. | • Verzeker u ervan dat de gootsteenafvoer niet verstopt is. • Controleer of het binnenfiltersysteem niet verstopt is. • Verzeker u ervan dat de aftapslang geen knikken of bochten heeft. |
| Het beschermingssysteem tegen waterlekkage is aan. Op het display verschijnt i30. | • Draai de waterkraan dicht. • Zorg ervoor dat het apparaat correct geïnstalleerd is. • Zorg ervoor dat de korven zijn geladen volgens de instructies in de gebruikershandleiding. |
| Storing van de waterniveaude-tectiesensor. Op het display verschijnt i41 - i44. | • Zorg dat de filters schoon zijn. • Schakel het apparaat uit en aan. |
| Storing van de waspomp of de afvoerpomp. Het display toont i51 - i59 of i5A - i5F. | • Schakel het apparaat uit en aan. |
| De temperatuur van het water in het apparaat is te hoog of er is een storing in de temperatuursensor opgetreden. Het display toont i61 of i69. | • Zorg ervoor dat de temperatuur van het inlaatwater niet hoger is dan 60° C. • Schakel het apparaat uit en aan. |
| Technische storing van het apparaat. Het display toont iC0 of iC3. | • Schakel het apparaat uit en aan. |
| Het niveau van het water in het apparaat is te hoog. Op het display verschijnt iF1. | • Schakel het apparaat uit en aan. • Zorg dat de filters schoon zijn. • Zorg ervoor dat de uitlaatslang op de juiste hoogte boven de vloer is geïnstalleerd. Raadpleeg de installatie-instructies. |
Pagina 17
| Probleem en alarmcode | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Het apparaat stopt en start meerdere keren tijdens de werking. | • Dat is normaal. Het voorziet in optimale reinigingsresultaten en energiebesparing. |
| Het programma duurt te lang. | • Als de optie uitgestelde start is ingesteld, annuleert u deze functie of wacht u tot het aftellen is voltooid. |
| De resterende duur in het display wordt verlengd en schakelt bijna naar het eind van de programmaduur. | • Dit is geen storing. Het apparaat werkt goed. |
| Kleine lekkage uit de deur van het apparaat. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • De deur van het apparaat is niet gecentreerd op de kuip. Verstel de achterpoot (indien van toepassing). |
| De deur van het apparaat sluit moeilijk. | • Het apparaat staat niet waterpas. Draai aan de verstelbare pootjes (indien van toepassing). • Delen van het serviesgoed steken uit de korven. |
| Ratelende / kloppende geluiden vanuit het apparaat. | • Het serviesgoed is niet juist in de korven gerangschikt. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Zorg ervoor dat de sproeiarmen vrij kunnen ronddraaien. |
| Het apparaat maakt kortsluiting. | • De stroomsterkte is onvoldoende om alle tegelijk werkende apparaten van stroom te voorzien. Controleer de stroomsterkte van het stopcontact en het vermogen op de meter, of zet één van de in gebruik zijnde apparaten uit. • Interne elektrische storing van het apparaat. Neem contact op met een erkend servicecentrum. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik", or
"Hints en tips" voor andere mogelijke oorzaken.
Schakel het apparaat na controle aan en uit. Als het probleem opnieuw optreedt, neemt u contact op met onze klantenservice of een servicecentrum. Voor alarmcodes die niet in de tabel vermeld zijn, neemt u contact op met de service-afdeling.
WAARSCHUWING! We raden u aan het apparaat niet te gebruiken, totdat het probleem volledig is opgelost. Haal de stekker uit het stopcontact en sluit het apparaat pas weer aan als u zeker weet dat het correct werkt.
DE WAS- EN DROOGRESULTATEN ZIJN NIET NAAR TEVREDENHEID
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Slechte wasresultaten. | • Raadpleeg "Dagelijks gebruik", "Aanwijzingen en tips" en de folder voor het laden van de korf. • Gebruik intensievere wasprogramma´s. • Maak de inspuiters van de sproeiarm en het filter schoon. Zie "Onderhoud en reiniging". |
Pagina 18
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Slechte droogresultaten. | • Serviesgoed heeft te lang in het gesloten apparaat gestaan. • Het glansmiddel is op of de dosering van glansmiddel is niet voldoende. Stel de dosering van het glansmiddel in op een hogere stand. • Plastic voorwerpen moeten mogelijk met een doek worden afgedroogd. • Activeer voor de beste droogprestatie de optie XtraDry en stel AirDry in. • We raden aan altijd glansmiddel te gebruiken, zelfs in combinatie met wastabletten. |
| Witte strepen of een blauwe waas op glazen en serviesgoed. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te hoog. Zet de dosering van het glansmiddel op een lagere stand. • Er is te veel vaatwasmiddel gebruikt. |
| Vlekken en opgedroogde watervlekken op glazen en servies. | • De vrijgegeven hoeveelheid glansmiddel is te laag. Zet de dosering van het glansmiddel op een hogere stand. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. |
| Het serviesgoed is nat. | • Activeer voor de beste droogprestatie de optie XtraDry en stel AirDry in. • Het programma heeft geen droogfase of heeft een droogfase met lage temperatuur. • Het glansmiddeldoseerbakje is leeg. • De kwaliteit van het glansmiddel kan de oorzaak zijn. • De kwaliteit van de multitabletten kan de oorzaak zijn. Probeer een ander merk of activeer het glansmiddeldoseerbakje en gebruik het glansmiddel samen met de multitabletten. |
| De binnenkant van het apparaat is nat. | • Dit is geen fout van het apparaat. Het wordt veroorzaakt door de vochtigheid in de lucht die tegen de wanden condenseert. |
| Opvallend veel schuim tijdens het wassen. | • Gebruik alleen wasmiddel voor afwasautomaten. • Het glansmiddeldoseerbakje is lek. Neem contact op met de klantenservice. |
| Roestresten op bestek. | • Er wordt voor het wassen teveel zout in het water gebruikt. Zie 'De waterontharder instellen'. • Zilver en roestvrijstalen bestek zijn samen geplaatst. Zet zilveren en roestvrijstalen voorwerpen niet dicht bij elkaar. |
| Er bevinden zich aan het einde van het programma resten van vaatwasmiddel in het vaatwasmiddeldoseerbakje. | • De vaatwastablet raakte klem in het vaatwasmiddeldoseerbakje en is daardoor niet volledig weggespoeld door het water. • Het water kan het vaatwasmiddel niet uit het vaatwasmiddeldoseerbakje spoelen. Zorg ervoor dat de bovenste sproeiarm niet geblokkeerd of verstopt is. • Zorg dat voorwerpen in de rekken het openen van het klepje van het afwasmiddeldoseerbakje niet kunnen belemmeren. |
| Geuren in het apparaat. | • Raadpleeg "Reiniging binnenkant". |
Pagina 19
| Probleem | Mogelijke oorzaak en oplossing |
|---|---|
| Kalkresten op het serviesgoed, op de kuip en aan de binnenkant van de deur. | • Het zoutniveau is laag, controleer de bijvulaanduiding. • De dop van het zoutreservoir zit los. • U heeft hard kraanwater. Zie 'De waterontharder instellen'. • Gebruik zelfs met multitabletten zout en stel de waterontharder in. Zie 'De waterontharder instellen'. • Indien de kalkaanslag blijft bestaan, reinigt u het apparaat met reinigingsmiddelen die hier speciaal voor zijn bestemd. • Probeer een ander wasmiddel. • Neem contact op met de wasmiddelfabrikant. |
| Dof, ontkleurd of afgeschilverd serviesgoed. | • Zorg dat alleen vaatwasmachinebestendige voorwerpen in het apparaat worden gewassen. • Laad de korf voorzichtig in en uit. Raadpleeg de folder voor het laden van de korven. • Leg tere voorwerpen in de bovenkorf. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Raadpleeg "Voor het eerste gebruik", "Dagelijks gebruik" of "Aanwijzingen en tips" voor mogelijke andere oorzaken.
TECHNISCHE INFORMATIE
| Afmetingen | Breedte / hoogte / diepte (mm) | 596 / 818 - 898 / 575 |
| Elektrische aansluiting ¹) | Voltage (V) | 220 - 240 |
| Frequentie (Hz) | 50 | |
| Watertoevoerdruk | Min. / max. bar (MPa) | 0.5 (0.05) / 8 (0.8) |
| Watertoevoer | Koud water of warm water ²) | max. 60 °C |
| Inhoud | Couverts | 13 |
| Stroomverbruik | Modus aan laten (W) | 5.0 |
| Uit-modus (W) | 0.50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
- 1) Zie het typeplaatje voor andere waarden.
- 2) Als het hete water door een alternatieve, milieuvriendelijkere energiebron geproduceerd wordt (bijv. zonnepanelen), gebruik dan een heetwatervoorziening om het energieverbruik te verminderen.
LINK NAAR DE EU-EPREL-DATABANK
De QR-code op het energielabel dat bij het apparaat wordt geleverd, biedt een weblink naar de registratie van dit apparaat in de EU-EPRELdatabase. Bewaar het energielabel ter referentie samen met de gebruikershandleiding en alle andere documenten die bij dit apparaat worden geleverd.
Het is ook mogelijk om informatie gerelateerd aan de prestaties van het product in de EU-EPRELdatabank te vinden via de link https:// eprel.ec.europa.eu en de modelnaam en het productnummer kunt u vinden op het typeplaatje van het apparaat. Zie het hoofdstuk ‘Productbeschrijving’.
Pagina 20
Kijk voor meer informatie over het energielabel op www.theenergylabel.eu
MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische
apparaten. Gooi apparaten gemarkeerd met het
symbool niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.