ATAG IG29571SVA, tekst van de handleiding
Pagina's 42–68 van 271 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 42
ConnectLife en Wifi
ConnectLife-app en wifi-verbinding
De kookplaat is uitgerust met een wifi-module waarmee het toestel verbinding kan maken met het internet via uw thuisnetwerk en met de ConnectLife-app, geïnstalleerd op een mobiel apparaat zoals een smartphone of tablet.
De app is beschikbaar in de Apple App Store en Google Play Store. U hebt de app nodig om de kookplaat met uw netwerk te verbinden. Nadat uw gebruikersaccount is gekoppeld met de kookplaat kunt u de app gebruiken om de status van de kookplaat te controleren en de firmware bij te werken (zie hoofdstuk ‘Firmware-update').
U vindt directe links voor de verschillende winkels naar de ConnectLife-app onder www.connectlife.io/getstarted en meer informatie over het systeem, ondersteuning, beschikbare functies en extra opties onder www.connectlife.io.
Om veiligheidsredenen is het niet mogelijk de kookplaat op afstand te bedienen, in te schakelen of uit te schakelen.
Voorbereiding
- Zorg ervoor dat u de naam/SSID van het wifi-netwerk van uw router en het bijbehorende wachtwoord weet ¹).
- Zorg ervoor dat u toegang hebt tot het etiket met de QR-code van de unieke ID van het toestel (‘AUID’) - u moet het scannen met uw mobiele apparaat wanneer de app daarom vraagt.
- Zorg ervoor dat wifi is geactiveerd op de kookplaat door te controleren of de wifi-toets zichtbaar is wanneer de kookplaat is ingeschakeld.
Zie anders "Wifi activeren".
- Installeer de ConnectLife-app op een mobiel apparaat – scan de QR-code om deze te vinden.
- Open de app. Registreer uw gegevens als u nog geen account hebt.
- Log in met uw account.
- De app heeft toegang nodig tot de locatie van de mobiele telefoon om naar wifi-netwerken te zoeken en tot de camera om QR-codes te scannen.
Wifi-verbindingsinstellingen
U verbindt uw mobiele apparaat eerst rechtstreeks met het toestel via wifi en gebruikt deze verbinding vervolgens om de gegevens van uw wifi-thuisnetwerk te delen. De kookplaat kan dan verbinding maken met het thuisnetwerk.
- 1. Open de ConnectLife-app.
- 2. Selecteer “Add appliances” in “Appliances”, kies “Home appliances” en volg de instructies.
- 3. Scan de QR-code met de AUID-code wanneer daarom wordt gevraagd of typ deze in.
Ga verder op het toestel:
- 4. Schakel de kookplaat in.
- 1) OPMERKING: alleen 2,4 Ghz-netwerken worden ondersteund
42
Pagina 43
ConnectLife en Wifi
- 5. Raak de wifi-toets gedurende 3 seconden aan om het wifi-menu te openen (alleen mogelijk wanneer er NIET gekookt wordt).
- 6. Wanneer de verbindingsmodus ‘C' (connection) op het display wordt weergegeven, raakt u de wifi-toets aan om de verbindingsinstellingen te activeren. Wanneer ‘C’ knippert, wordt het instellen van de verbinding ²) gestart.
Ga verder op het mobiele apparaat in de ConnectLife-app:
- 7. Verbind uw mobiele apparaat met het wifi-netwerk van het toestel wanneer daarom wordt gevraagd.
- 8. Wanneer uw mobiel vraagt of u de verbinding wilt behouden, ondanks dat er geen internetverbinding is, kies dan ja.
- 9. Volg de instructies in de ConnectLife-app.
Het gebruikersaccount dat is aangemeld op het mobiele apparaat dat wordt gebruikt voor het instellen van de verbinding, wordt automatisch gekoppeld aan de cloud. Als u een ander account wilt koppelen, bijvoorbeeld op het mobiele apparaat van een tweede gebruiker, raadpleegt u 'Extra gebruiker koppelen'.
Om veiligheidsredenen kunnen alleen gekoppelde gebruikers met de kookplaat communiceren.
Wifi activeren
- 1. Schakel de kookplaat uit.
- 2. Raak de aan/uit-toets gedurende 5 seconden aan.
- Er klinkt een korte pieptoon. De wifi-toets verschijnt.
Wifi-menu
Activeer wifi om het wifi-menu in te schakelen. De kookplaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Raak de wifi-toets gedurende 3 seconden aan om het wifi-menu te openen.
- Afhankelijk van de wifi-status zijn er 1 tot 3 opties beschikbaar in het menu: 'C’ (connection) om een verbinding tot stand te brengen, 'P' (pair) om een extra gebruiker te koppelen, en 'U’ (unpair) om alle gebruikers te ontkoppelen.
- 2. Gebruik de toetsen + (plus) en - (min) om ertussen te schakelen, als er meer dan 1 optie beschikbaar is.
- 3. Raak de wifi-toets aan om de geselecteerde optie te bevestigen.
- 4. Raak de aan/uit-toets of de slider aan om het menu te sluiten.
- Als er binnen 60 seconden niet op een toets wordt gedrukt, wordt het menu automatisch uitgeschakeld.
Verbindingsinstellingen
- 1. Selecteer de optie ‘C’ in het wifi-menu.
- Het toestel is in de “Connection Setup Mode” gedurende 5 minuten.
- ‘C’ knippert en de toetsen + (plus) en – (min) worden uitgeschakeld.
- 2. Start in de mobiele app het proces om ‘Add appliances’ en volg de instructies om het netwerk in te stellen.
- 2) OPMERKING: wordt na 5 minuten gedeactiveerd wanneer dit niet is gelukt
43
Pagina 44
ConnectLife en Wifi
Extra gebruiker koppelen
Voor deze optie moet de verbinding met succes zijn ingesteld en moet de kookplaat zijn verbonden met de cloud (wifi-toets brandt constant).
- 1. Selecteer de optie ‘P’ in het wifi-menu.
- Het toestel is in de “Pairing Mode” gedurende 3 minuten.
- De wifi-toets knippert en de toetsen + (plus) en – (min) zijn uitgeschakeld.
- 2. Start in de mobiele app het proces om ‘Add appliances’ en volg de instructies om het toestel te koppelen.
Alle gebruikers ontkoppelen
Voor deze optie moet de verbinding met succes zijn ingesteld en moet de kookplaat zijn verbonden met de cloud (wifi-toets brandt constant).
- 1. Selecteer de optie ‘U’ in het wifi-menu om alle gebruikers te ontkoppelen en de verbinding met de cloud te verbreken.
- De wifi-toets knippert 3 keer.
- De kookplaat verwijdert alle gekoppelde gebruikers en verbreekt de verbinding met de cloud (“unpair”).
Wifi uitschakelen
- 1. Open het wifi-menu zoals uitgelegd in “Wifi-menu”.
- 2. Raak de wifi-toets gedurende 3 seconden aan om wifi uit te schakelen.
- Er klinkt een korte pieptoon. De wifi-toets gaat uit.
Firmware-update
De kookplaat is uitgerust met een wifi-module en kan daardoor updates (bijvoorbeeld verbeterde functies of veiligheidsgerelateerde updates) ontvangen van de firmware van het toestel. Hiervoor moet de kookplaat verbonden zijn met de ConnectLife-app met een geregistreerd gebruikersaccount. Als dit nog niet is ingesteld, raadpleeg dan het hoofdstuk 'ConnectLife en Wifi'.
Wanneer nieuwe firmware beschikbaar is, wordt een melding verzonden naar de ConnectLife-app. Volg de instructies.
Het bijwerken kan alleen worden gestart als in het instellingenmenu (zie 'Instellingen') de instelling FoA is ingeschakeld ON (aan). Hiermee wordt bevestigd dat u aanwezig bent bij de kookplaat. Deze instelling wordt na 90 minuten automatisch uitgeschakeld OFF (uit).
Nadat de instelling FoA op de kookplaat is ingeschakeld, start u het bijwerken vanuit de ConnectLife-app. De kookplaat wordt uitgeschakeld. Als indicatie knippert het wifi-symbool tijdens het proces. Afhankelijk van de configuratie kan het bijwerken 60 minuten duren.
LET OP!
Tijdens het updateproces kunt u de kookplaat niet gebruiken. De kookplaat zal meerdere keren opnieuw opstarten en zal gedurende een periode niet reageren. Zorg ervoor dat de stroomvoorziening en de wifi-verbinding niet worden onderbroken tijdens de update.
Pagina 45
ConnectLife en Wifi
Als het updaten niet lukt, blijft de kookplaat op de vorige firmwareversie staan en werkt deze zoals gebruikelijk. Probeer het na een korte periode opnieuw. Als het updaten steeds opnieuw mislukt, neem dan contact op met de serviceafdeling voor verdere ondersteuning.
Als de kookplaat na het updaten niet reageert, kan het zijn dat het updateproces nog niet afgerond is. Wacht tot het updateproces volledig afgerond is. Als de kookplaat na een tijdje nog steeds niet reageert, neem dan contact op met de serviceafdeling voor verdere ondersteuning.
Pagina 46
Instellingen
U kunt deze inductiekookplaat volledig aanpassen aan uw kookstijl! Er zijn verschillende instellingen die kunnen worden aangepast.
Raak, terwijl op geen enkele kookzone pannen aanwezig zijn, met twee vingers een slider aan en houd deze 3 seconden lang aangeraakt. U kunt nu door verschillende instellingen bladeren met behulp van de slider. Om een bepaalde instelling te bekijken of te wijzigen, raakt u met één vinger het verlichte element van de slider aan en houdt u het 3 seconden aangeraakt. Nu kunt u ervoor kiezen om die instelling te wijzigen of uit te schakelen. Ga hiervoor naar de gewenste waarde. Na 3 seconden van inactiviteit wordt de nieuwe instelling bevestigd.
3 sec.
3 sec.
3 sec.
Pagina 47
Instellingen
LET OP!
Om onbedoelde aanpassing van de 'Con - connected power', Con-instelling te voorkomen, moet de wijziging worden bevestigd door de slider 3 seconden aan te raken. Een wijziging zonder bevestiging wordt niet doorgevoerd!
3 sec.
3 sec.
3 sec.
Om het menu te verlaten, raakt u gedurende 3 seconden met twee vingers ergens de slider aan.
De volgende instellingen zijn beschikbaar (afhankelijk van het model).
| boo - Auto boost Automatische | Indien ingeschakeld, wordt boost automatisch geactiveerd wanneer stand 12 wordt ingeschakeld. Indien uitgeschakeld, wordt boost geactiveerd |
| Boost-activering | door langs het vermogensniveau 12 te schuiven of door twee keer stand 12 aan te raken. |
| brd - Auto bridge Automatisch koppelen | Indien ingeschakeld, worden bij de detectie van een nieuwe pan op twee Bridge Induction kookzones de kookzones automatisch samengevoegd tot één grote kookzone. Indien uitgeschakeld, moet het koppelen handmatig plaatsvinden door op de sliders van twee Bridge Induction kookzones tegelijk te drukken. |
| rEC – Recovery function | Indien ingeschakeld, is de herstelfunctie actief en kunnen de instellingen van de ene naar de andere kookzone worden verschoven wanneer een |
| Herstelfunctie | pan van plek verandert. |
| AtI – Auto timer Automatische | Indien ingeschakeld, begint de stopwatch (count-up timer) op de achtergrond te tellen wanneer de kookzone wordt geactiveerd. |
| stopwatch-timer | Indien uitgeschakeld, moet de stopwatch handmatig worden geactiveerd en begint met tellen vanaf 0:00. |
| ACL - Auto child lock Automatisch kinderslot | Indien ingeschakeld, wordt de kookplaat bij elke uitschakeling automatisch vergrendeld. |
| Snd - Sound volume Geluidsvolume | Het geluidsvolume heeft 4 verschillende opties. L3 (hoog), L2 (medium), L1 (laag), uit (alleen fout- en alarmgeluiden). |
Pagina 48
Instellingen
Vervolg tabel vorige pagina
SEn - Key sensitiveness De toetsgevoeligheid heeft 3 verschillende snelheidsopties. L3 (snel), L2 Toetsgevoeligheid (gemiddeld), L1 (langzaam).
| hth - Hob-to-hood pairing (RF) | Als u in het bezit bent van een compatibele afzuigkap met RF-connectiviteit, kunt u deze koppelen aan uw inductiekookplaat! Om dit |
| Bediening afzuigkap | te doen, zet u deze parameter op aan. De pictogrammen van de afzuigkapbediening beginnen te knipperen. U hebt nu 5 minuten om de koppeling op uw RF-afzuigkap te activeren. Zodra de afzuigkap aan uw inductiekookplaat is gekoppeld, stoppen de pictogrammen van de afzuigkapbediening met knipperen. |
| hSt- Hob-to-hood (Synchro Start Level) | Met deze instelling kan de inductiekookplaat automatisch de verlichting van de aangesloten afzuigkap activeren elke keer dat de inductiekookplaat |
| Startniveau afzuigkap | wordt ingeschakeld. Afhankelijk van de waarde die u instelt, start de ventilatie automatisch op deze snelheid wanneer een kookzone wordt geactiveerd. |
| hSc- Hob-to-hood (Synchro Control, response Level) | Met deze instelling kan de inductiekookplaat automatisch de verlichting van de aangesloten afzuigkap activeren elke keer dat de inductiekookplaat wordt ingeschakeld. Als de afzuigkap aan staat, wordt deze automatisch |
| Responsniveau afzuigkap | geregeld, afhankelijk van de hoogste geactiveerde kookstand. Als u de instellingen van de afzuigkap handmatig wijzigt, gaat de afzuigkap de rest van deze kooksessie over op handmatige bediening. Het responsniveau kan worden ingesteld: L3 (hoog), L2 (medium), L1 (laag), uit. |
| hSP- Hob-to-hood (Synchro Stop Level) | Met deze instelling kan de inductiekookplaat de verlichting van de aangesloten afzuigkap deactiveren elke keer dat de inductiekookplaat |
| Stopniveau afzuigkap | wordt uitgeschakeld. Afhankelijk van de waarde die u instelt, schakelt de ventilatie naar dat snelheidsniveau en stopt uiteindelijk met een vertraging. |
| btP - Bluetooth pairing Bluetooth-apparaat koppelen | Schakel deze instelling in om een Bluetooth-apparaat te koppelen. U hebt nu 3 minuten de tijd om een nieuw Bluetooth-apparaat aan deze inductiekookplaat te koppelen. |
| btC - Bluetooth clear | Stel deze instelling in op Clr om alle Bluetooth-apparaten te ontkoppelen. |
| Bluetooth-gekoppelde toestellen wissen | Al uw verbonden Bluetooth-apparaten zijn nu ontkoppeld. |
| FIr - Display firmware | Om de huidige softwareversies van de kookplaat weer te geven. |
| version | De UI-softwareversie en de Celsius°CookingTM-softwareversie worden |
| Software versie | afwisselend weergegeven. |
| FoA - Firmware update over the air | Om firmware-updates voor de kookplaat te ontvangen, moet deze via een app aan de kookplaat worden gekoppeld. U ontvangt een melding, of u |
| Firmware-update via wifi | kunt de beschikbare firmware-updates in het menu van de app raadplegen om te kijken of er updates zijn. |
| Om de firmware-update via de app te starten, zet u deze instelling op “aan” om uw aanmelding bij de kookplaat te bevestigen. Meer informatie vindt u in het hoofdstuk 'ConnectLife en Wifi'. Na 10 min. wordt deze instelling automatisch op “uit” gezet. |
Pagina 49
Instellingen
Vervolg tabel vorige pagina
Con - Connection power
Stroombegrenzer (aansluiting op elektriciteitsnet)
Als de elektrische bedrading of stroomonderbrekers in uw huis niet voldoen aan het opgegeven vermogen op het typeplaatje, kan de stroombegrenzer worden geactiveerd door de waarde van deze instelling te verlagen. Dit kan echter wel leiden tot verminderde prestaties van de inductiekookplaat.
Het volgende formaat van de instelling is beschikbaar: X.XX. Het getal links van de punt staat voor het aantal aangesloten fasen, terwijl het getal rechts van de punt staat voor de elektrische stroom per fase in Ampère.
LET OP!
Om onbedoelde aanpassing van de 'Con - connected power', Con-instelling te voorkomen, moet de wijziging worden bevestigd door de slider 3 seconden aan te raken. Een wijziging zonder bevestiging wordt niet doorgevoerd!
WAARSCHUWING!
Het toestel moet altijd worden ingesteld op de werkelijke of lagere waarde van de elektrische bedrading of de stroomonderbrekers. Deze instelling kan alleen worden ingesteld door een bevoegde elektricien.
dE - Demo mode Demomodus voor dealershowrooms
In de demomodus werkt het toestel zoals gewoonlijk, maar kan er geen kookgerei mee worden verwarmd.
Wanneer de demomodus actief is, wordt dit na het inschakelen van het toestel kort aangegeven met een 'd'.
Indien het toestel niet wordt gebruikt, wordt het na 10 minuten automatisch uitgeschakeld.
Pagina 50
Onderhoud
Reinigen glasplaat
TIPS!
Schakel, voordat u met schoonmaken begint, eerst het kinderslot in.
Dagelijkse reiniging
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
- Voor de dagelijkse reiniging kunt u het beste een mild reinigingsmiddel en een vochtige doek gebruiken.
- Nadrogen met keukenpapier of een droge doek.
Hardnekkige vlekken
- Ook hardnekkige vlekken zijn met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel, te verwijderen.
- Verwijder waterkringen en kalkresten met schoonmaakazijn.
- Metaalsporen (ontstaan door schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale middelen verkrijgbaar.
- Verwijder overgekookte voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u verwijderen met een glasschraper.
LET OP!
- Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krasjes waarin zich kalk en vuil ophopen.
- Gebruik ook nooit scherpe voorwerpen, zoals staalwol en schuursponsjes.
Reinigen wokbranderdelen LET OP!
Branderdelen mogen niet in de vaatwasser gereinigd worden.
De onderdelen kunnen door het vaatwasmiddel aangetast worden!
Hardnekkige vlekken op emaille (pandragers, branderdoppen)
Hardnekkige vlekken kunt u het beste verwijderen met een vloeibaar reinigingsmiddel of een kunststof schuursponsje. Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen.
Messing wokbranderdelen
Enkele delen van de wokbrander zijn vervaardigd uit messing. Het is normaal dat de kleur van het messing verandert als gevolg van de hoge temperaturen die tijdens het wokken ontstaan.
TIPS!
Raadpleeg de website voor aanvullende onderhouds- en reinigingsinstructies!
Pagina 51
Probleemoplossing
Algemeen
LET OP!
Indien u een barstje of scheurtje (hoe klein ook) in de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit, maak het toestel spanningsloos (stekker uit het stopcontact) en sluit de gaskraan.
Neem vervolgens contact op met de servicedienst.
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw kookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Bij het in werking stellen van het toestel verschijnen er tekens in de displays. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilatie draait nog enkele minuten door nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | Afkoeling van de kookplaat. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen van een nieuw toestel. | Dit is normaal en verdwijnt nadat de kookplaat een paar keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| U hoort een licht tikkend geluid in uw kookplaat. | Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. | Normale werking. |
| Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. | ||
| De cirkel van de panbodem blijft zichtbaar na reiniging. | Er is een pan met vieze bodem gebruikt op de kookzone. | Reinig de inductiekookplaat met een reinigingsmiddel voor keramische kookplaten en verwijder het vuil/vet van de bodem van de pan. |
| De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. |
| van de kookplaat naar de kookpan. | Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. | |
| Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen. | De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter kleiner dan 12 cm. | Gebruik een goede pan (zie hoofdstuk 'Gebruik inductie'). |
| Een kookzone stopt plotseling met werken en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Schakel het signaal uit door op de - of + toets van de timer te drukken. |
Pagina 52
Probleemoplossing
Vervolg tabel vorige pagina
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. | Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). |
| De zone stopt onverwachts en de restwarmte-indicator wordt getoond. | De zone is oververhit. | Nadat de kookplaat is afgekoeld, kunt u verder gaan met koken. |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Verkeerde aansluiting van de kookplaat. | Controleer de elektrische aansluiting. |
| Celsius°Cooking™-toets knippert, samen met ingestelde kookmethode en display. | Celsius°Cooking™-kookgerei is toegewezen aan verkeerde kookzone. | Verwijder het kookgerei en wijs dit opnieuw toe. |
| Instabiele verbinding tussen kookgerei en kookplaat. | De batterij van het kookgerei is bijna leeg of de | Schakel de kookplaat gedurende 10 seconden uit |
| Bluetooth-verbinding is instabiel. | en/of vervang de batterij. | |
| De ingestelde | Celsius°Cooking™ Probe is | Plaats de sonde terug of wijzig |
| Celsius°Cooking™-kookmethodetoets knippert samen met de temperatuurweergave terwijl u de sonde gebruikt. | verwijderd of maakt geen contact met de inhoud. Of de temperatuur is snel gedaald, bijvoorbeeld door toevoeging van koud water. | de positie hiervan - druk op de kookmethodetoets indien de sonde de inhoud niet automatisch detecteert. |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Verkeerde aansluiting van de kookplaat. | Controleer de elektrische aansluiting. |
| De keramische glasplaat is gebroken. | Neem de stekker uit het stopcontact. Neem contact op met uw installateur. | |
| Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
Foutcodes
| Foutcode | Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|---|
| Er03 | Er03 verschijnt op het display. | Het bedieningspaneel is vervuild of er ligt water op. | Bedieningspaneel schoonmaken. |
| E2 | E2 verschijnt op het display. | Er is een lege pan verwarmd op de kookzone. | Wacht tot de kookzone is afgekoeld of vul de pan met ingrediënten. |
| U400 | U 400 verschijnt op het display met een continue geluidstoon. | De netspanning is te hoog. | Sluit het toestel aan volgens het typeplaatje en de instructies. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
52
Pagina 53
Probleemoplossing
Vervolg tabel vorige pagina
| Foutcode | Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|---|
| E7 | E7 verschijnt op het display na het instellen van de Wi-Fi-verbinding. | Verbinding maken met wifi netwerk mislukt. | Probeer het toestel opnieuw te verbinden met uw netwerk. |
| Zorg ervoor dat nieuwe toestellen verbinding kunnen maken met het netwerk (bijv. | |||
| MAC-adresfiltering is gedeactiveerd). | |||
| E8 | E8 verschijnt op het display. | De ventilator is geblokkeerd (bijv. door een voorwerp in de lade). | Verwijder de blokkade bij de ventilator; koppel het toestel gedurende 10 seconden los van de netspanning. |
| E65 | De | Niet-Celsius°Cooking™ | Gebruik |
| Celsius°Cooking™-toets knippert samen met E65. | kookgerei wordt niet ondersteund. | Celsius°Cooking™ kookgerei. | |
| E66 | E66 knippert samen met de | Celsius°Cooking™ kookgerei werd niet | Vervang de batterij. |
| Celsius°Cooking™-toets. | gevonden (lege batterij, buiten bereik, etc.). | ||
| E67 | E67 knippert samen met de | Celsius°Cooking™ kookgerei ontbreekt. | Indien de handgreepdop correct is gemonteerd: |
| Celsius°Cooking™-toets. | vervang de batterij. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)
LET OP!
In geval van andere foutcodes: noteer de foutcode en neem contact op met de servicedienst.
Pagina 54
Probleemoplossing
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Problemen met wifi oplossen | ||
| Wifi-pictogram niet | Wifi uitgeschakeld. | De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. |
| weergegeven. | Druk vervolgens op de aan/uit-toets en houd deze 5 seconden ingedrukt. | |
| Instellen van wifi is mislukt. | Problemen met het thuisnetwerk. | Controleer of het signaal van uw thuisnetwerk sterk is en of de internetverbinding werkt. |
| Thuisnetwerk wordt niet | Het thuisnetwerk is niet | Controleer de netwerkinstellingen. |
| weergegeven tijdens het koppelen. | ingesteld op 2,4 GHz, het netwerk is verborgen of het signaal is te zwak. | Zorg ervoor dat een 2,4 GHz netwerk aanwezig is. Als het signaal te zwak is plaats dan de router dichter bij het toestel. |
| De app laat zien dat de kookplaat is losgekoppeld. | Wifi is uitgeschakeld of er zijn problemen met het thuisnetwerk. | Controleer of wifi is ingeschakeld en de internetverbinding van uw thuisnetwerk werkt. Breng indien nodig de verbinding opnieuw tot stand. |
| Ander wifi-probleem. | Verschillende oorzaken. | Schakel eerst de wifi uit en weer in. |
| Controleer of de internetverbinding van uw thuisnetwerk werkt. Breng indien nodig de verbinding opnieuw tot stand. | ||
| Voor meer informatie over het oplossen van problemen, ga naar www.connectlife.io of neem contact op met de serviceafdeling. | ||
| Het firmware-updateproces is mislukt. | De internetverbinding of stroomtoevoer is verbroken. | Controleer of de stroomtoevoer in orde is en zorg voor een stabiele internetverbinding voordat u het opnieuw probeert. Als dit opnieuw is mislukt, neem dan contact op met de serviceafdeling. |
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| Wokbrander | ||
| Er hangt een gaslucht in de buurt van het apparaat. | De aansluiting van het toestel lekt. | Sluit de hoofdgaskraan. Neem contact op met uw installateur. |
Pagina 55
Probleemoplossing
| Vervolg tabel vorige pagina | ||
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| De brander ontsteekt niet. | Elektrische aansluiting is niet juist. | Neem contact op met uw installateur. |
| Zekering defect/zekering in meterkast uitgeschakeld. | Plaats een nieuwe zekering of schakel de zekering weer in. | |
| Bougie (1) vervuild/vochtig. | Reinig/droog de bougie. | |
| Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. | |
| Branderdelen vervuild/vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Hoofdgaskraan gesloten. | Open de hoofdgaskraan. | |
| Storing aan het gasnet. | Informeer bij uw gas-leverancier. | |
| Gasfles of gastank is leeg. | Sluit een nieuwe gasfles aan of laat de tank vullen. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. | |
| De brander brandt niet egaal. | Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. |
| Branderdelen vervuild/vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. | |
| Brander dooft na het ontsteken. | Thermokoppel (2) is vervuild. | Reinig/droog het thermokoppel. |
| Keramische glasplaat gebroken | Sluit de hoofdgaskraan en neem de stekker uit het stopcontact. | |
| Neem contact op met uw installateur. | ||
| Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. |
Pagina 56: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 57
Installatie
Veiligheid
Indien de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor de schade die daarvan het gevolg is.
- Dit toestel mag uitsluitend door een erkende monteur worden geïnstalleerd.
- Zorg er voorafgaand aan de installatie, voor dat de lokale distributie voorwaarden (spanning, frequentie, gas soort en druk) en de aansluitingen van het toestel compatibel zijn.
- De spanning, frequentie, vermogen, de gassoort en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeld op het gegevensplaatje.
- Controleer het toestel op transportschade. Sluit het toestel niet aan als het beschadigd is.
- De wanden en het werkblad rondom het toestel moeten minimaal tot 105 °C hittebestendig zijn.
- Het werkblad waarin de kookplaat wordt ingebouwd moet vlak zijn.
Elektrische aansluiting
- Dit toestel moet worden geaard.
- De elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften.
- Controleer voor toestellen van klasse I of het elektriciteitsnet in uw huis een goede aarding garandeert.
- Wandcontactdoos en stekker moeten altijd bereikbaar blijven.
- Als een vast opgesteld toestel niet is voorzien van een netsnoer en een stekker, of van een andere manier om de verbinding met het elektriciteitsnet te verbreken, waarbij er sprake is van een contactverbreking in alle polen die volledige contactverbreking biedt in situaties die onder overspanningscategorie III vallen, moet er in het vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestel een schakelaar worden aangebracht volgens de geldende richtlijnen. Dit is ook van toepassing op toestellen met een netsnoer en stekker waarbij de stekker niet toegankelijk is na
57
Pagina 58
Installatie
installatie van het toestel. Door het toepassen van een meerpolige schakelaar met een contactafstand van ten minste 3 mm in de vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestel wordt aan deze eis voldaan.
- De aansluitkabel moet vrij hangen en niet door een lade worden aangestoten.
- Gebruik voor het aansluiten een goedgekeurde kabel met de juiste kabel diameters behorend bij de aansluiting. De kabel ommanteling moet van rubber zijn (bijvoorkeur type H05V2V2 of H07V2V2).
- Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltage dat wordt aangegeven op het toestel overeenkomt met het voltage in uw huis.
- De aansluiting moet worden aangepast aan de stroom en de zekeringen.
- Het toestel mag niet via een stekkerdoos of verlengsnoer op netspanning worden aangesloten, aangezien veilig gebruik van het toestel dan niet langer kan worden gegarandeerd.
- Na de installatie moeten de elektrische stroomvoerende en geïsoleerde onderdelen tegen aanraking worden beschermd.
- WAARSCHUWING!
Het niet gebruiken van schroeven of bevestigingsmiddelen voor installatie zoals beschreven in het installatievoorschrift kan leiden tot elektrische schok.
Gasaansluiting
- Gasaansluiting 1/2” ISO 228 / ISO 7-1 / EN 10226-1 (1/2” ISO 228 / 1/2” ISO 228 alleen voor FR).
- De gasaansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften. Zie het toestellabel voor technische gasgegevens.
- Dit apparaat is niet aangesloten op een afzuiginstallatie of afzuigapparaat voor verbrandingsgassen. Installeer het apparaat en sluit het apparaat aan in overeenstemming met de huidige
58
Pagina 59
Installatie
installatievoorschriften. Bijzondere aandacht moet geschonken worden aan de relevante eisen ten aanzien van ventilatie.
- Wij adviseren de kookplaat aan te sluiten met een vaste leiding. Aansluiting door middel van een speciaal daarvoor bestemde veiligheidsslang is ook toegestaan.
- Achter een oven moet een volledig metalen slang worden gebruikt.
- Een veiligheidsslang mag niet worden geknikt en niet in aanraking komen met bewegende delen van het keukenmeubel.
- In alle gevallen moet er voor het apparaat een gas aansluitkraan geplaatst worden op een makkelijk bereikbare plaats.
- Dit toestel kan niet worden omgebouwd van aardgas naar LPG en ook niet van LPG naar aardgas (er is geen ombouwset beschikbaar voor dit model).
Service
- Maak het toestel spanningsloos voordat met de reparatie wordt gestart.
- Defecte onderdelen mogen alleen vervangen worden door originele onderdelen. Alleen van die onderdelen kan de fabrikant garanderen dat zij aan de veiligheidseisen voldoen.
- Als de aansluitkabel beschadigd is moet deze door de fabrikant of een gemachtigde servicemonteur worden vervangen om gevaar te voorkomen.
Pagina's 60–62: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 63
Installatie
PTFE tape
| G25.3/25 mbar | G20/20 mbar | |
| Wokbrander | 6,0 kW | 6,0 kW |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 63)
WAARSCHUWING!
Dit toestel kan niet worden omgebouwd van aardgas naar LPG en ook niet van LPG naar aardgas (er is geen ombouwset beschikbaar voor dit model).
Elektrische aansluiting
Bepalen van de aanwezige elektrische aansluiting
LET OP!
Controleer de spanning. Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltage op het typeplaatje overeenkomt met het voltage in uw huis. De netspanning bij u thuis (220-240 V tussen L en N) moet worden gecontroleerd door een deskundige met behulp van een geschikt meettoestel.
Controleer de aanwezige spanningen zoals aangegeven in de onderstaande schema's.
3 fase - 1 nul 2 fase - 1 nul
Pagina 64
Installatie
1 fase - 1 nul 2 fase - 2 nullen (alleen voor NL)*
LET OP!
* De 2 fasen (L1 en L2) dienen te worden beveiligd door slechts één en dezelfde aardlekschakelaar. Het is niet toegestaan om L1/N1 via een andere aardlekschakelaar dan L2/N2 te laten lopen.
3 fase (alleen voor BE)
1 fase (alleen voor BE)
Aansluitschema
LET OP!
Raadpleeg de aansluitschema's op de onderzijde van het toestel.
- Open het deksel van de aansluitbox.
Pagina 65
Installatie
- Geleid het netsnoer door een trekontlastingsklem die de kabel beschermt tegen uittrekken.
- Sluit de draden aan volgens de instructies voor uw type toestel.
- Maak de nodig doorverbindingen tussen de aansluitklemmen met de geleverde verbindingsbruggen.
- De verbindingsbruggen worden apart meegeleverd.
Stroombegrenzer
Zie hoofdstuk 'Instellingen', onder Con - Stroombegrenzer om de parameter in te stellen. Deze parameter moet worden ingesteld voordat een pan op de kookplaat wordt geplaatst of de kookzone wordt geactiveerd.
WAARSCHUWING!
De instelling van de stroombegrenzer moet door een erkend en gekwalificeerd installateur worden ingesteld op basis van de aansluiting en stroomonderbrekers bij u thuis. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.
LET OP!
Het instellen van een lagere waarde van de stroombegrenzingsparameter kan leiden tot verminderde prestaties van de inductiekookplaat.
Zie de aansluitschema's voor de spanning tussen de fase- en nulgeleiders en spanning tussen de fasegeleiders.
De doorsnede van de voedingskabel moet minstens 1,5 mm² bedragen voor de volgende instellingen van de stroombegrenzer, die moeten worden aangepast aan de stroomonderbrekers bij u thuis:
| Instellingen stroombegrenzer | Type aansluiting | Type netsnoer | Aantal en doorsnede van de voedingskabels |
| 3 x 16 A | 3 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 5 x 1,5mm² |
| 3 x 13 A | 3 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 5 x 1,5 mm² |
| 3 x 10 A | 3 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 5 x 1,5 mm² |
| 3 x 06 A | 3 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 5 x 1,5 mm² |
| 2 x 16 A | 2 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
| 2 x 13 A | 2 fase - 1 nul | H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
Pagina 66
Installatie
Vervolg tabel vorige pagina
2 x 10 A 2 fase - 1 nul
2 x 06 A 2 fase - 1 nul
2 x 16 A 2 fase - 2 nullen (alleen voor NL)
3 x 16 A 3 fase (alleen voor BE) 2 x 32 A 2 fase - 1 nul
1 x 48 A 1 fase - 1 nul
1 x 35 A 1 fase - 1 nul
1 x 32 A 1 fase - 1 nul
1 x 25 A 1 fase - 1 nul
1 x 20 A 1 fase - 1 nul
1 x 16 A 1 fase - 1 nul
Aansluiten en testen
WAARSCHUWING!
Controleer of de aansluitingen gasdicht zijn.
| H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
|---|---|
| H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 5 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 4 x 4,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 6,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 6,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 4,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 4,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 2,5 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 1,5 mm² |
Pagina 67
Milieuaspecten
Afvoeren van het toestel en verpakking
Dit toestel is gemaakt van duurzame materialen. Het toestel moet aan het einde van zijn levensduur op verantwoorde wijze worden afgedankt. Informeer bij de plaatselijke autoriteiten hoe u dit kunt doen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFC-vrij polystyreen (hard PS-schuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Het toestel is gemarkeerd met een vuilnisbaksymbool met een kruis erdoor om u erop te wijzen dat elektrische huishoudelijke toestellen afzonderlijk moeten worden afgedankt. Dit houdt in dat het toestel aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het toestel moet naar een speciale gemeentelijke afvalverwerkingslocatie voor gescheiden afval worden gebracht of naar een dealer die deze service verleent.
Negatieve gevolgen voor mens en milieu worden voorkomen door huishoudelijke toestellen apart in te zamelen en op de juiste wijze af te danken. Dit zorgt ervoor dat de materialen waaruit het toestel bestaat, kunnen worden teruggewonnen en aanzienlijke besparingen op energie en grondstoffen kunnen worden gerealiseerd.
LET OP!
Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, verordeningen en voorschriften, evenals aan de eisen die staan beschreven in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 68
Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel.
Plak hier het toestel-identificatieplaatje.
www.atag.nl www.atag.be
902756-a2
We behouden ons het recht voor om wijzigingen aan te brengen.