Bosch CMG633BS1, tekst van de handleiding
Pagina's 15–27 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–14verder op pagina 28 →
Pagina 15
Tijdfuncties nl
10.2 Timer instellen
De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.
- 1. Op drukken.
- Het symbool is rood verlicht.
- 2. De wekkertijd instellen met de bedieningsring.
- 3. De wekker met starten.
Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.
- De wekkertijd loopt af.
- Wanneer het apparaat uitgeschakeld is, blijft de wekker op het display staan.
- Als het apparaat is ingeschakeld, staan de instellingen van de lopende werking op het display. Om de wekkertijd enkele seconden weer te geven, op drukken.
- Als de wekkertijd is verstreken, klinkt er een signaal. Het rode symbool verdwijnt.
- 4. Wanneer de timertijd is verstreken:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de bedieningsring instellen.
Wekker wijzigen
U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.
- 1. Op drukken.
- 2. De wekkertijd met de bedieningsring wijzigen.
- 3. Met bevestigen.
Wekker afbreken
U kunt de wekkertijd altijd afbreken.
- 1. Op drukken.
- 2. De wekkertijd met de bedieningsring op nul terugzetten.
- 3. Met bevestigen.
- Het rode symbool verdwijnt.
10.3 Tijdsduur instellen
De duur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.
Vereiste: Een werking en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- 1. Op drukken.
- Het symbool is rood verlicht.
- 2. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
| Draairichting | Voorgestelde waarde |
|---|---|
| Links | 10 minuten |
| Rechts | 30 minuten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.
- 3. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.
‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.
‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.
Tijdsduur wijzigen
U kunt de duur altijd wijzigen.
- 1. Op drukken.
- 2. De tijdsduur met de bedieningsring wijzigen.
- 3. Met bevestigen.
Tijdsduur afbreken
U kunt de duur altijd afbreken.
- 1. Op drukken.
- 2. De tijdsduur met de bedieningsring op nul terugzetten.
- 3. Met bevestigen.
‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.
10.4 Einde instellen
Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.
Opmerkingen
- Om een goed bereidingsresultaat te verkrijgen, wijzigt u het einde niet meer als de werking eenmaal is gestart.
- Om te voorkomen dat levensmiddelen bederven, dient u ze niet te lang in de binnenruimte te laten staan.
Vereisten
- Een werking en een temperatuur of stand zijn ingesteld.
- Er is een tijdsduur ingesteld.
- 1. Opnieuw op drukken.
- 2. Het einde met de bedieningsring verplaatsen.
- 3. In werking stellen met .
- Het display toont de starttijd. Het apparaat bevindt zich in de wachtstand.
- Als de starttijd is bereikt, begint het apparaat op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.
‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.
‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.
Einde wijzigen
Om een goed kookresultaat te verkrijgen, kunt u het ingestelde einde alleen wijzigen voordat de werking gestart is en de tijdsduur afloopt.
Pagina 16
nl Magnetron
- 1. De werking met onderbreken.
- 2. Twee keer op drukken.
- 3. Het einde met de bedieningsring wijzigen.
- 4. De werking met voortzetten.
Einde afbreken
U kunt het ingestelde einde altijd wissen.
- 1. De werking met onderbreken.
- 2. Twee keer op drukken.
- 3. Het einde met de bedieningsring op nul terugzetten.
- 4. De werking met voortzetten.
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
11 Magnetron
Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen, bakken of ontdooien. U kunt de magnetron alleen, of in combinatie met een andere verwarmingsmethode gebruiken.
11.1 Vormen en accessoires met magnetron
Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u alleen geschikte vormen en accessoires te gebruiken.
Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van uw vormen in acht.
Indien niet anders aangegeven, de vormen en accessoires inschuiven op hoogte 1.
Geschikt voor de magnetron
| Vormen en accessoires | Aanwijzingen |
|---|---|
| Vormen van hitte- en magnetronbestendig materiaal: • Glas • Glaskeramiek • Porselein • Temperatuurbestendig kunststof • Volledig geglaceerd keramiek zonder barsten | Deze materialen laten microgolven door en worden niet beschadigd. |
| Serveervormen | U hoeft uw gerechten niet om te vullen. Opmerking: Vormen met gouddecor of zilverdecor alleen gebruiken als de fabrikant de geschiktheid voor gebruik in de magnetron garandeert. |
| Meegeleverd rooster | Alleen het meegeleverde rooster is voor het zuivere gebruik met magnetron geschikt. Opmerking: Platen, bijv. de universele braadslede of de bakplaat, kunnen vonken vormen en zijn niet geschikt. |
| Niet geschikt voor de Opmerking: Neem de van materiële schade | magnetron gegevens over het vermijden in acht. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
→ "Magnetron", Pagina 7
Vormen en accessoires
Vormen en bakvormen van metaal
Aanwijzingen
Metaal laat geen microgolven door. Hierdoor worden de gerechten niet of nauwelijks opgewarmd.
Opmerking: Metaal kan bij het zuivere magnetrongebruik vonken vormen.
Vormen en accessoires met CombiSpeed
Door de combinatie van magnetron en een verwarmingsmethode zijn voor vormen en accessoires van metaal mogelijk.
| Vormen en accessoires | Aanwijzingen |
|---|---|
| Vormen en bakvormen van metaal | Met CombiSpeed kan metaal worden gebruikt. |
| Opmerking: Voorwerpen die metaal bevatten dienen minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd te zijn. | |
| Meegeleverde accessoires: | De meegeleverde accessoires zijn voor de CombiSpeed ge- |
| • Rooster | schikt. Er vormen zich geen |
| • Braadslede | vonken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Vormen testen op hun magnetronbestendigheid
Als u niet zeker bent of uw vormen geschikt zijn voor het gebruik in de magnetron, voert u een test van de vormen uit.
LET OP!
Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.
- Start nooit de magnetron zonder dat er zich etenswaar in de binnenruimte bevindt. Alleen een korte serviestest vormt hierop een uitzondering.
Pagina 17
Magnetron nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.
- De hete onderdelen nooit aanraken.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. De lege vorm in de binnenruimte plaatsen.
- 2. Het apparaat gedurende ½ - 1 minuut instellen op de maximale vermogensstand.
- 3. In werking stellen.
- 4. De vorm meerdere keren controleren:
‒ Wanneer de vorm koud of handwarm blijft, dan is deze geschikt voor de magnetron.
‒ Wanneer de vorm heet wordt of als r vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.
11.2 Magnetron instellen
Opmerkingen
- Zorg voor de juiste omgang met de magnetron:
- → "Veiligheid", Pagina 2
- → "Materiële schade vermijden", Pagina 6
- → "Magnetronvermogen", Pagina 11
- → "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 16
- Om condensaat te vermijden, schakelt bij de magnetronvermogens 600 watt en max. het apparaat automatisch een verwarmingselement in. De binnenruimte en het toebehoren worden heet. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed. Deze droogfunctie kunt u in de basisinstellingen uitschakelen.
→ "Basisinstellingen", Pagina 19
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De droogfunctie bij de hoogste standen bij de magnetronfunctie schakelt automatisch een verwarmingselement bij en verhit de binnenruimte.
- Raak nooit de hete oppervlakken in de binnenruimte of de verwarmingselementen aan.
- Houd kinderen uit de buurt.
- 1. Op drukken.
- Het magnetronvermogen is wit gemarkeerd.
- 2. Het magnetronvermogen met de bedieningsring instellen.
- 3. Op drukken.
- De tijdsduur is wit gemarkeerd.
- 4. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 5. In werking stellen met .
- De magnetron start en de tijdsduur loopt af. De opwarmlijn verschijnt niet.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 6. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Indien nodig opnieuw een magnetronvermogen en een tijdsduur instellen.
‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.
- 7. Als u de droogfunctie voor de magnetron in de basisinstellingen hebt uitgeschakeld, de binnenruimte drogen.
→ "Drogen", Pagina 22
Opmerking: Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Als u de ovendeur sluit, moet u de werking met voortzetten. Heeft u de basisinstelling hiervoor gewijzigd, zorg er dan voor dat de magnetron niet verder loopt terwijl hij leeg is.
→ "Basisinstellingen", Pagina 19
Magnetronvermogen wijzigen
Als u het magnetronvermogen wijzigt, wordt de tijdsduur gereset.
- 1. De werking met onderbreken.
- Het magnetronvermogen is wit gemarkeerd.
- 2. Het magnetronvermogen met de bedieningsring veranderen.
- 3. De werking met voortzetten.
Tijdsduur wijzigen
Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur direct wijzigen.
- De tijdsduur met de bedieningsring wijzigen.
- De wijziging wordt direct overgenomen.
11.3 CombiSpeed
Om de bereidingsduur te verkorten, kunt u sommige verwarmingsmethoden in combinatie met de magnetron gebruiken.
Mogelijke combinaties zijn:
90 watt + 4D hetelucht
90 watt + circulatiegrill
180 watt + circulatiegrill
360 watt + circulatiegrill
CombiSpeed instellen
Opmerking:
Zorg voor de juiste omgang met de magnetron: → "Veiligheid", Pagina 2 → "Materiële schade vermijden", Pagina 6 → "Magnetronvermogen", Pagina 11 → "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 16
- 1. Op drukken.
- De combinatie is wit gemarkeerd.
- 2. De gewenste combinatie met de bedieningsring instellen.
- 3. Op drukken.
- De temperatuur is wit gemarkeerd.
- 4. De temperatuur met de bedieningsring instellen.
- 5. Op drukken.
- De tijdsduur is wit gemarkeerd.
- 6. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 7. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Op het display staat de tijdsduur op nul.
- 8. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Indien nodig opnieuw een combinatie instellen. ‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.
Pagina 18
nl AutoPilot
Temperatuur wijzigen
Na het starten van de magnetronwerking kunt u de temperatuur direct wijzigen.
- De temperatuur wijzigen met de bedieningsring.
- De wijziging wordt direct overgenomen.
Tijdsduur wijzigen
Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur altijd wijzigen.
- 1. Op drukken.
- 2. De tijdsduur met de bedieningsring wijzigen.
- De wijziging wordt direct overgenomen.
Combinatie wijzigen
Als u de combinatie uit verwarmingsmethode en magnetronvermogen wijzigt, worden alle andere instellingen teruggezet.
- 1. De werking met onderbreken.
- De combinatie is wit gemarkeerd.
- 2. De combinatie met de bedieningsring wijzigen.
- 3. De werking met voortzetten.
12 AutoPilot
Met de functie "AutoPilot" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.
12.1 Vormen
Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.
Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.
Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:
- Licht gekleurd, glanzend aluminium
- Niet geglazuurde klei
- Kunststof of kunststof grepen
Opmerking: Bij sommige gerechten schakelt het apparaat de magnetron in. Er verschijnt een aanwijzing op het display dat een voor de magnetron geschikte vorm dient te worden gebruikt.
→ "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 16
12.2 Instellingen van de gerechten
Om de gerechten optimaal voor te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.
Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur.
Aanwijzingen bij de instellingen
Als u een gerecht start, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:
- Passende inschuifhoogte
- Passende accessoires of vormen
- Toevoegen van vloeistof
- Tijdstip voor het keren of omroeren Zodra dit tijdstip bereikt is, klinkt er een signaal.
Programma's
Bij programma's zijn het optimale verwarmingstype, de temperatuur en de duur vast vooringesteld.
Om een optimaal bereidingsresultaat te bereiken, moet u bijkomend het gewicht instellen. Indien niet anders aangegeven, stelt u het totale gewicht van uw gerecht in. Het gewicht kunt u alleen in het daarvoor bestemde bereik instellen.
Magnetrongerechten
Bij enkele gerechten activeert het apparaat automatisch de magnetron. De bereidingstijd verkort hierdoor aanzienlijk.
Neem de informatie over de magnetron in acht. → "Magnetron", Pagina 16
12.3 Overzicht van de gerechten
Welke gerechten ter beschikking staan, ziet u hier.
Gerechten
- Pizza met dunne bodem, 1 stuk
- Lasagne
- Kip, ongevuld
- Stukken kip
- Gebraden gehakt van vers gehakt
- Visfilet stoven
- Groente, vers
- Groente, diepvries
- Aardappels in de oven, heel
- Gekookte aardappelen
- Rijst met lange korrel
- Stukken gevogelte ontdooien
- Vlees ontdooien
- Visfilet ontdooien
12.4 Gerecht instellen
Opmerking: Na de start kunt u het gerecht en de instellingen ervan niet meer veranderen of onderbreken.
Vereiste: Om de functie te starten, moet de binnenruimte afgekoeld zijn.
- 1. Op drukken.
- 2. Het gewenste gerecht met de bedieningsring instellen.
- 3. Op drukken.
- 4. Het gewicht van uw gerechten met de bedieningsring instellen. De bijbehorende tijdsduur wordt automatisch berekend.
‒ Bij sommige gerechten kunt u bijkomend het einde verplaatsen.
→ "Einde instellen", Pagina 15
- 5. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af. De opwarmlijn verschijnt niet.
- Als het gerecht klaar is, weerklinkt een signaal. Het apparaat warmt niet meer op.
- 6. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
Pagina 19
Kinderslot nl
| ‒ | Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken. |
| ‒ | Bij sommige gerechten kunt u indien gewenst nagaren. |
| → "Nagaren", Pagina 19 | |
| ‒ | Als het gerecht klaar is, het apparaat uitschakelen met . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Nagaren
Bij sommige gerechten biedt het apparaat na het verstrijken van de bereidingsduur de functie nagaren aan. U kunt zo vaak nagaren als u wilt.
- 1. Als u niet wilt nagaren, op drukken en het apparaat met uitschakelen.
- 2. Om het gerecht na te garen, op drukken.
- Op het display verschijnt een tijdsduur.
- 3. Indien nodig de duur met de bedieningsring wijzigen.
- 4. In werking stellen met .
- Het apparaat begint op te warmen en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer de tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal. Het apparaat warmt niet meer op. De aanwijzing voor het nagaren verschijnt opnieuw.
- 5. Wanneer de tijdsduur afgelopen is:
‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.
‒ Als u opnieuw wilt nagaren, op drukken. ‒ Als het gerecht klaar is, op drukken en het apparaat met uitschakelen.
13 Kinderslot
Beveilig uw apparaat, zodat kinderen het niet per ongeluk inschakelen of instellingen eraan kunnen wijzigen.
13.1 Kinderslot activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat in- of uitgeschakeld is.
- 1. Om het kinderslot te activeren, ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
- Het bedieningspaneel is geblokkeerd. Het apparaat kan alleen met worden uitgeschakeld.
- Als het apparaat is ingeschakeld, brandt . Als het apparaat is uitgeschakeld, brandt niet.
- 2. Om het kinderslot te deactiveren, ca. 4 seconden ingedrukt houden.
- Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
14 Basisinstellingen
U kunt uw apparaat instellen volgens uw behoeften.
14.1 Overzicht van de basisinstellingen
Hier vindt u een overzicht van de basis- en fabrieksinstellingen. De basisinstellingen zijn afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat.
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Taal | Zie de keuze op het apparaat. |
| Tijd | Tijd in 24 uursformaat. |
| Geluidssignaal | Korte duur (30 seconden) Gemiddelde duur (1 minuut)¹ Lange duur (5 minuten) |
| Toetssignaal | Ingeschakeld Uitgeschakeld (geluid bij blijft)¹ |
| Helderheid display | 5 standen |
| Tijdsweergave | Uit Digitaal¹ |
| Verlichting 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken) | In gebruik uit In gebruik aan¹ afhankelijk van het apparaat- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
| Basisinstelling | Keuze |
|---|---|
| Automatisch voortzetten (alleen voor de functie magnetron) | Zonder magnetron¹ Bij deur sluiten |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu Verwarmingsmethoden¹ Magnetron CombiSpeed AutoPilot |
| Waarschuwing magnetron-bakblik | Indicaties¹ Niet weergeven |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld¹ Ingeschakeld |
| Merklogo | Indicaties¹ Niet weergeven |
| Magnetron drogen | Ingeschakeld¹ Uitgeschakeld |
| Nalooptijdventilator | Aanbevolen¹ Minimaal |
| Sabbatinstelling | Ingeschakeld Uitgeschakeld¹ |
| Fabrieksinstelling 1 Fabrieksinstelling (kan type afwijken) | Terugzetten Niet resetten¹ afhankelijk van het apparaat- |
Pagina 20
nl Reiniging en onderhoud
14.2 Basisinstellingen wijzigen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. ca. 3 seconden ingedrukt houden.
- 2. De aanwijzingen op het display met bevestigen.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling.
- 3. De basisinstelling met de bedieningsring wijzigen.
- 4. Op drukken.
- Op het display verschijnt de volgende basisinstelling.
- 5. De basisinstellingen met doorlopen en indien nodig met de bedieningsring wijzigen.
- 6. Om de wijzigingen op te slaan, ca. 3 seconden ingedrukt houden.
Opmerking: Na een stroomonderbreking blijven de ingevoerde wijzigingen van de basisinstellingen behouden.
Het wijzigen van de basisinstellingen afbreken
- Op drukken.
- Alle wijzigingen werden verworpen en niet opgeslagen.
14.3 Tijd instellen
Vereiste: Het apparaat is uitgeschakeld.
- 1. ca. 3 seconden ingedrukt houden.
- 2. De aanwijzingen op het display met bevestigen.
- Op het display verschijnt de eerste basisinstelling.
- 3. Op drukken.
- Op het display verschijnt de basisinstelling "Tijd".
- 4. De tijd wijzigen met de bedieningsring.
- 5. Om de wijziging op te slaan, ca. 3 seconden ingedrukt houden.
15 Reiniging en onderhoud
Reinig en onderhoud uw apparaat zorgvuldig om er voor te zorgen dat het lang goed blijft werken.
15.1 Reinigingsmiddelen
Gebruik om de verschillende oppervlakken van het apparaat niet te beschadigen geen ongeschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Gebruik alleen geschikte schoonmaakmiddelen voor de verschillende oppervlakken van uw apparaat.
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen gebruiken.
- Geen harde schuursponsjes of afwassponsjes gebruiken.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
Gebruik van ovenreiniger in de warme binnenruimte leidt tot beschadiging van het email.
- Gebruik nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte.
- Vóór het opnieuw opwarmen de resten uit de binnenruimte en van de apparaatdeur volledig verwijderen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
Houd de handleiding aan bij het reinigen van het apparaat.
→ "Apparaat schoonmaken", Pagina 21
Voorzijde van het apparaat
| Oppervlak | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| RVS | • Warm zeepsop • Speciale RVS-verzorgingsmiddelen voor warme oppervlakken | Om corrosie te voorkomen kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken op roestvrijstalen oppervlakken onmiddellijk verwijderen. Verzorgingsmiddel voor roestvaststaal dun aanbrengen. |
| Kunststof of gelakte oppervlakken bijv. bedieningspaneel | • Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
Pagina 21
Reiniging en onderhoud nl
Apparaatdeur
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
|---|---|---|
| Ruiten van de deur | • Warm zeepsop | Gebruik geen schraper of rvs-schuursponsje gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurruiten demonteren. → "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Deurafscherming | • Van roestvaststaal: RVS-reiniger • Van kunststof: Warm zeepsop | Gebruik geen glasreiniger of schraper. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Tip: Voor een grondige reiniging de deurafscherming verwijderen. → "Apparaatdeur", Pagina 23 |
| Roestvrijstalen binnenlijst van de deur | RVS-reiniger | Verkleuringen kunnen verwijderd worden met reinigingsmiddelen voor roestvrij staal. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | • Warm zeepsop | Om vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden te voorkomen, het ontkalkingsmiddel dat op het oppervlak terechtkomt direct verwijderen. |
| Deurafdichting | • Warm zeepsop | Niet afnemen en niet schuren. |
| Binnenruimte | ||
| Gebied | Geschikte schoonmaakmiddelen | Aanwijzingen |
| Emaillen oppervlakken | • Warm zeepsop • Azijnwater • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Om de binnenruimte na het reinigen te drogen de deur van het apparaat open laten. Opmerkingen • Email wordt bij zeer hoge temperaturen ingebrand, waardoor er kleine kleurverschillen ontstaan. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. • De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd en kunnen ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact. • Door resten van levensmiddelen ontstaat er een witte afzetting op de emaillen oppervlakken. Deze aanslag is niet schadelijk voor de gezondheid. De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed.De werking van het apparaat wordt niet beïnvloed. U kunt de aanslag met citroenzuur verwijderen. |
| Glazen kapje van de ovenlamp | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. |
| Rekjes | • Warm zeepsop | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Opmerking: Voor een grondige reiniging de rekjes verwijderen. → "Rekjes", Pagina 22 |
| Accessoires | • Warm zeepsop • Ovenreiniger | Gebruik bij sterke verontreiniging een borstel of RVS-spiraalspons. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
15.2 Apparaat schoonmaken
Reinig om beschadiging van het apparaat te voorkomen het apparaat uitsluitend zoals aangegeven en met geschikte reinigingsmiddelen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Vereiste: De instructies voor het gebruik van de reinigingsmiddelen aanhouden.
→ "Reinigingsmiddelen", Pagina 20
- 1. Het apparaat met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen.
Pagina 22
nl Drogen
‒
Voor sommige oppervlakken kunt u alternatieve reinigingsmiddelen gebruiken.
→ "Geschikte schoonmaakmiddelen", Pagina 20
- 2. Drogen met een zachte doek.
16 Drogen
Om achterblijvende vochtigheid te vermijden, na het gebruik de ovenruimte drogen.
LET OP!
Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.
- Geen programma starten wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt.
- Voor gebruik het water van de bodem van de binnenruimte opnemen.
16.1 Binnenruimte drogen
U kunt de ovenruimte met de hand drogen of de functie "Drogen" gebruiken.
- 1. Laat het apparaat afkoelen.
- 2. Verontreiniging uit de binnenruimte verwijderen.
- 3. Water in de binnenruimte opvegen.
- 4. Droog de binnenruimte.
‒
Laat om de binnenruimte te drogen de deur van het apparaat 1 uur open staan.
Op de functie "Drogen" te gebruiken, "Drogen" instellen.
→ "Drogen instellen", Pagina 22
‒
Drogen instellen
Vereiste: → "Binnenruimte drogen", Pagina 22
- 1. Op drukken.
- 2. De verwarmingsmethode "Drogen" instellen.
- Op het display verschijnen de temperatuur en de tijdsduur. Deze kunnen niet worden gewijzigd.
- 3. In werking stellen met .
- Het drogen start en de tijdsduur loopt af.
- Wanneer het drogen is beëindigd, klinkt een signaal en op het display staat de tijdsduur op nul.
- 4. Het apparaat uitschakelen met .
- 5. Om de binnenruimte volledig te drogen, de deur van het apparaat 1 tot 2 minuten geopend laten.
17 Rekjes
Om de rekjes en de binnenruimte grondig te reinigen of om de rekjes te wisselen, kunnen de rekjes worden verwijderd.
17.1 Rekjes verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
De rekjes worden heel heet
- Nooit de hete rekjes aanraken.
- Het apparaat altijd laten afkoelen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Het rekje aan de voorkant optillen en losmaken .
- 2. Het complete rekje naar buiten draaien en aan de achterkant losmaken .
17.2 Houders inbrengen
Als u de rekjes verwijdert, kunnen de houders eruit vallen.
Opmerking:
De houders zijn aan de voor- en achterkant verschillend.
- 1. De voorste houders met de haak vanaf boven in het ronde gat leiden en een beetje schuin zetten .
Pagina 23
Apparaatdeur nl
- 2. De voorste houders aan de onderkant inbrengen en recht zetten .
- 3. De achterste houders met de haak in het bovenste gat leiden en in het onderste gat drukken .
17.3 Rekjes inhangen
Opmerkingen
- Let er bij het ophangen op dat de schuine kant zich boven aan het rekje bevindt.
- De inschuifrails passen links en rechts.
- 1. Het rekje aan de boven- en onderkant schuin zetten en in de houders plaatsen .
- 2. Het rekje naar voren trekken .
- 3. Het rekje van voren inbrengen en naar beneden drukken .
18 Apparaatdeur
Om de apparaatdeur grondig te reinigen, kunt u de apparaatdeur demonteren.
18.1 Deurafscherming afnemen
De roestvrijstalen inlegger in de deurafscherming kan verkleuren. Neem de deurafscherming af om deze en de roestvrijstalen inlegger schoon te maken of de deurruiten te verwijderen.
- 1. Open de apparaatdeur een beetje.
- 2. Op de deurafscherming links en rechts drukken.
- 3. De deurafscherming afnemen en de apparaatdeur voorzichtig sluiten.
18.2 Deurruiten verwijderen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de ovendeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren. Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
Vereiste: De deurafscherming is afgenomen.
- 1. De schroeven links en rechts van de apparaatdeur losdraaien en verwijderen.
Pagina 24
nl Storingen verhelpen
- 2. Een theedoek die meerdere keren is samengevouwen tussen de apparaatdeur klemmen.
- 3. Sluit de apparaatdeur.
- 4. De voorruit er naar boven uittrekken.
- 5. De voorruit met de deurgreep naar beneden op een vlak oppervlak leggen.
- 6. WAARSCHUWING ‒ Kans op ernstig gevaar voor de gezondheid!
Door het opendraaien van de schroeven is de veiligheid van het apparaat niet meer gewaarborgd. Er kan energie van de magnetron naar buiten komen.
- De schroeven nooit opendraaien.
Nooit de 4 zwarte schroeven van de omlijsting schroeven.
18.3 Deurruiten inbouwen
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten.
- Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Bepaalde onderdelen in de apparaatdeur kunnen scherpe randen hebben.
- Draag veiligheidshandschoenen.
- 1. De voorste ruit onder in de linker en rechter houder inhangen .
- 2. De voorste ruit tegen het apparaat drukken, tot de linker en rechter haken tegenover de opname liggen .
- 3. De voorste ruit onder aandrukken , totdat deze hoorbaar vastklikt.
- 4. De apparaatdeur een beetje openen en de vaatdoek verwijderen.
- 5. De beide schroeven links en rechts op de apparaatdeur vastdraaien.
- 6. De deurafdekking aanbrengen en aandrukken , tot deze hoorbaar inklikt.
- 7. Sluit de apparaatdeur.
Opmerking: De binnenruimte pas gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn ingebouwd.
19 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Pagina 25
Storingen verhelpen nl
19.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Zekering is defect. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Fout van het elektronische systeem 1. Koppel het apparaat kort van het elektriciteitsnet door de zekering uit te schakelen. 2. Reset de basisinstellingen naar de fabrieksinstellingen. → "Basisinstellingen", Pagina 19 | |
| Op het display verschijnt "Sprache Deutsch". | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Stel de opties voor het eerste gebruik in. – Taal – Tijd |
| Werking start niet of wordt onderbroken. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▶ Controleer de aanwijzingen die op het display verschijnen. → "Informatie weergeven", Pagina 14 |
| Storing ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 26 | |
| Het apparaat warmt niet op. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen, op het display verschijnt . 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de → "Basisinstellingen", Pagina 19. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Open en sluit na een stroomuitval de apparaatdeur één keer. • Het apparaat controleert zichzelf en is klaar voor gebruik. | |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling werd gewijzigd. ▶ Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie. → "Basisinstellingen", Pagina 19 |
| De bedieningsring is uit de lagering in het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring werd ontgrendeld. 1. Leg de bedieningsring in de lagering op het bedieningspaneel. 2. Druk de bedieningsring in de lagering, zodat deze inklikt en gedraaid kan worden. |
| Bedieningsring kan slechts moeilijk worden gedraaid. | Er zit vuil onder de bedieningsring. De bedieningsring is afneembaar. Opmerking: Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. 1. Om de bedieningsring los te maken, drukt u op de buitenste rand ervan. • De bedieningsring kantelt en kan gemakkelijk worden beetgepakt. 2. Neem de bedieningsring uit de lagering. 3. De bedieningsring en de lagering op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Drogen met een zachte doek. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Laat de bedieningsring niet weken. Reinig de bedieningsring niet in de vaatwasmachine. |
| Bij het reinigen van de magnetron wordt de binnenruimte heet. | Droogfunctie is ingeschakeld. Wanneer er alleen van de magnetronfunctie gebruik wordt gemaakt, wordt bij de standen 600 W en max automatisch de bovenwarmte ingeschakeld om condens te voorkomen. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed. ▶ U kunt de basisinstelling voor de droogfunctie bij de magnetronfunctie wijzigen. → "Basisinstellingen", Pagina 19 ‒ Neem de informatie over de magnetron in acht. → "Magnetron", Pagina 16 |
Pagina 26
nl Afvoeren
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | LED-lampje is defect. Opmerking: Verwijder de glazen afdekplaat niet. ▶ Neem contact op met de klantenservice. → "Servicedienst", Pagina 26 |
| Maximale gebruiksduur bereikt. | Om een ongewilde permanente werking te vermijden, stopt het apparaat na meerdere uren automatisch met op te warmen als de instellingen onveranderd zijn. Er verschijnt een aanwijzing op het display. Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen. 1. Om de werking voort te zetten drukt u op een willekeurig touchveld of draait u aan de bedieningsring. 2. Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met uit. Tip: Om te voorkomen dat het apparaat ongewenst uitschakelt, kunt u een tijdsduur instellen. → "Tijdsduur instellen", Pagina 15 |
| Melding met "D" of "E" verschijnt in het display, bijv. D0111 of E0111. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. 1. Schakel het apparaat uit en weer in. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 2. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 26 |
| Bereidingsresultaat is niet bevredigend. | Instellingen waren niet geschikt. Instelwaarden, bijv. temperatuur of tijdsduur, zijn van recept, hoeveelheid en levensmiddel afhankelijk. ▶ Stel de volgende keer lagere of hogere waarden in. Tip: Veel informatie over de bereiding en de passende instelwaarden vindt u op onze homepage www.bosch-home.com. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
20 Afvoeren
20.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
21 Servicedienst
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website. Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor opgeleide monteur worden vervangen.
21.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
Pagina 27
Zo lukt het nl
22 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
22.1 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden.
- De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Schuif de accessoire pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
- Verwijder niet gebruikte accessoires uit de binnenruimte.
22.2 Aanwijzingen voor het bakken
- Voor het bakken van taart, gebak of brood zijn donkere bakvormen van metaal het beste geschikt.
- Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
- Wanneer u de ovenschotel direct in de braadslede bereidt, schuif deze er dan op niveau 1 in.
- De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
LET OP!
Wanneer de hete binnenruimte water bevat, ontstaat er waterdamp. Door de temperatuurverandering kan er schade optreden.
- Giet nooit water in de hete binnenruimte.
- Zet nooit servies met water op de bodem van de binnenruimte.
Inschuifhoogtes
Bakt u op één niveau, gebruik dan inschuifhoogte 1.
| Bakken op 2 niveaus | Hoogte |
|---|---|
| Braadslede Bakplaat | 3 1 |
| Twee roosters met vormen erop | 3 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Gebruik de verwarmingsmethode 4D hete lucht.
Opmerkingen
- Gebak op bakplaten of in vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeft niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Bereiding in combinatie met de magnetron is slechts op één niveau mogelijk.
22.3 Aanwijzingen voor de bereiding bij braden, stoven en grillen
- Het insteladvies geldt voor braadproducten op koelkasttemperatuur alsmede voor ongevuld braadklaar gevogelte.
- Leg het gevogelte met de borstzijde of met de kant van het vel naar beneden op de vorm.
- Keer het braad- of grillproduct of hele vis na ca. ½ tot ⅔ van de aangegeven tijd.
Braden op het rooster
Op het rooster wordt vlees van alle kanten bijzonder knapperig. Braad bijvoorbeeld groot gevogelte of meerdere stukken tegelijkertijd.
- Braad de stukken van gelijk gewicht en gelijke dikte. De grillstukken bruinen gelijkmatig en blijven lekker mals.
- Leg de te braden stukken vlees rechtstreeks op het rooster.
- Schuif om afdruipende vloeistof op te vangen, de braadslede een niveau onder het rooster in de binnenruimte.
- Giet afhankelijk van de grootte en het soort product tot ½ liter water in de braadslede.
Van dit opgevangen braadvocht kunt u een saus bereiden. Er ontstaat dan ook minder rook en de binnenruimte wordt minder verontreinigd.
Braden in vormen
Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
- Gebruik hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de oven.
- Plaats de vorm op het rooster.
- Vormen van glas zijn het meest geschikt.
- Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Braden in open vormen
- Gebruik een hoge braadvorm.
- Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de braadslede gebruiken.
Braden in gesloten vormen
- Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
- Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Grillen
Grill de gerechten die knapperig moeten worden.