Bosch HCE748223, tekst van de handleiding
Pagina's 3–13 van 32 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← begin van de handleidingverder op pagina 14 →
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
Inhoudsopgave
Belangrijke veiligheidsvoorschriften........................................4 Oorzaken van schade.................................................................6
Overzicht...............................................................................................6 Schade aan de oven..........................................................................6 Schade aan de schuiflade ................................................................7
Opstellen en aansluiten .............................................................7
Voor de installateur ............................................................................7 Fornuis met de waterpas horizontaal plaatsen.............................7
Uw nieuwe fornuis......................................................................8
Overzicht...............................................................................................8 De kookplaat .......................................................................................8 De oven ................................................................................................9 De binnenruimte..................................................................................9
De toebehoren ............................................................................9
Toebehoren plaatsen ...................................................................... 10
Extra toebehoren.............................................................................. 10
Klantenserviceartikelen.................................................................. 11
Voor het eerste gebruik ...........................................................11
Tijd instellen ...................................................................................... 11
De oven opwarmen ......................................................................... 11
Toebehoren reinigen ....................................................................... 11
Koken met inductie ..................................................................12
Kookgerei .......................................................................................... 12
Normale bedrijfsgeluiden van de kookplaat............................... 12
Kookplaat instellen...................................................................12
Kookplaat in- en uitschakelen ....................................................... 12
Kookzone kiezen en instellen........................................................ 12
Kooktabel .......................................................................................... 13
Powerboost ....................................................................................... 13
Timer .................................................................................................. 14
Automatische uitschakeling........................................................... 14
Basisinstellingen voor de kookplaat ............................................ 14
Oven instellen...........................................................................15
Wijzen van verwarmen en temperatuur ....................................... 15
De oven moet automatisch uitschakelen.................................... 15
De oven schakelt automatisch in en uit ...................................... 16
Snelvoorverwarming........................................................................ 16
Tijd instellen .............................................................................16 Kookwekker instellen...............................................................17 Kinderslot..................................................................................17
Oven................................................................................................... 17
Onderhoud en reiniging...........................................................17
Schoonmaakmiddelen .................................................................... 17
Inschuifrails verwijderen en bevestigen....................................... 18
Ovendeur verwijderen en inbrengen............................................ 19
Deurruiten verwijderen en inbrengen........................................... 19
Wat te doen bij storingen? ......................................................20
Storingstabel..................................................................................... 20
Ovenlamp aan het plafond vervangen ........................................ 20
Glazen afscherming ........................................................................ 20
Servicedienst............................................................................20
Enummer en FDnummer.............................................................. 20
Energie en milieutips..............................................................21
Energie besparen met de oven .................................................... 21
Energie besparen met de kookplaat............................................ 21
Milieuvriendelijk afvoeren ............................................................... 21
Voor u in onze kookstudio uitgetest....................................... 21
Gebak ................................................................................................ 21
Tips voor het bakken ...................................................................... 23
Vlees, gevogelte, vis ....................................................................... 24
Tips voor het braden en grillen..................................................... 25
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast.......................... 26
Kant-en-klaar producten ................................................................. 26
Bijzondere gerechten...................................................................... 27
Ontdooien.......................................................................................... 27
Drogen............................................................................................... 27
Inmaak ............................................................................................... 28
Acrylamide in levensmiddelen................................................ 28
Testgerechten........................................................................... 29
Bakken............................................................................................... 29
Grillen................................................................................................. 30
Produktinfo
Meer informatie over producten, accessoires, onderdelen en diensten vindt u op het internet: www.bosch-home.com en in de online-shop: www.bosch-eshop.com
Pagina 4
Belangrijke veiligheidsvoorschriften
Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door. Alleen dan kunt u het toestel goed en veilig bedienen. Bewaar de gebruiksaanwijzing voor later gebruik of om door te geven aan een volgende eigenaar. Controleer het apparaat na het uitpakken. Niet aansluiten in geval van transportschade.
Alleen een daartoe bevoegd vakman mag apparaten zonder stekker aansluiten. Bij schade door een verkeerde aansluiting maakt u geen aanspraak op garantie. Dit apparaat is alleen bestemd voor huishoudelijk gebruik en de huiselijke omgeving. Gebruik het uitsluitend voor het bereiden van gerechten en drank. Zorg ervoor dat het apparaat onder toezicht gebruikt wordt. Het toestel alleen gebruiken in gesloten ruimtes.
Dit apparaat is niet bestemd voor gebruik met een externe tijdschakelklok of een afstandbediening.
Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met beperkte fysieke, sensorische of geestelijke vermogens of personen die gebrek aan kennis of ervaring hebben, wanneer zij onder toezicht staan van een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid of geleerd hebben het op een veilige manier te gebruiken en zich bewust zijn van de risico's die het gebruik van het toestel met zich meebrengt.
Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud van het toestel mogen niet worden uitgevoerd door kinderen, tenzij zij 8 jaar of ouder zijn en onder toezicht staan.
Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar uit de buurt blijven van het toestel of de aansluitkabel.
Toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatsen. Zie beschrijving toebehoren in de gebruiksaanwijzing.
Risico van brand!
- Brandbare voorwerpen die in de binnenruimte worden bewaard kunnen vlam vatten. Bewaar geen brandbare voorwerpen in de binnenruimte. Open nooit de deur wanneer er sprake is van rookontwikkeling in het apparaat. Het toestel uitschakelen en de stekker uit het
stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Wanneer de apparaatdeur geopend wordt, ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten. Tijdens het voorverwarmen mag er nooit bakpapier los op de toebehoren liggen. Verzwaar het bakpapier altijd met een vorm. Bakpapier alleen op het benodigde oppervlak leggen. Het bakpapier mag niet uitsteken over de toebehoren.
- Hete olie en heet vet vatten snel vlam. Hete olie en heet vet nooit gebruiken zonder toezicht. Vuur nooit blussen met water. Schakel de kookzone uit. Vlammen voorzichtig met een deksel, smoordeksel of iets dergelijks verstikken.
- De kookzones worden erg heet. Nooit brandbare voorwerpen op de kookplaat leggen. Geen voorwerpen op de kookplaat leggen.
- De kookplaat schakelt vanzelf uit en kan niet meer worden bediend. Hij kan later per ongeluk worden ingeschakeld.
Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Het apparaat wordt erg heet, brandbare materialen kunnen snel vlam vatten. Bewaar of gebruik geen brandbare voorwerpen ( bijv. spuitbussen, reinigingsmiddelen) onder of in de nabijheid van de oven. Bewaar geen brandbare voorwerpen in of op de oven.
- Het oppervlak van de schuiflade kan erg heet worden. Bewaar alleen oventoebehoren in de schuiflade.
Ontvlambare en brandbare voorwerpen mogen niet in de ovenlade worden opgeborgen.
Risico van verbranding!
- Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Toebehoren of vormen worden zeer heet. Neem hete toebehoren en vormen altijd
Pagina 5
met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- Alcoholdampen kunnen in de binnenruimte vlam vatten. Nooit gerechten klaarmaken die een hoog percentage alcohol bevatten. Alleen kleine hoeveelheden drank met een hoog alcoholpercentage gebruiken. De deur van het toestel voorzichtig openen.
- Tijdens het gebruikt worden de oppervlakken van het apparaat heet. De hete oppervlakken niet aanraken. Houd kinderen uit de buurt van het toestel.
- De kookzones en met name een eventueel aanwezige kookplaatomlijsting worden zeer heet. Raak de hete oppervlakken nooit aan. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- De kookzone warmt op, maar de indicatie functioneert niet Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Voorwerpen van metaal worden zeer snel heet op de kookplaat. Leg nooit voorwerpen van metaal, zoals messen, vorken, lepels of deksels, op de kookplaat.
- Na elk gebruik de kookzone met de bedieningsknop uitschakelen. Wacht niet tot de kookzone automatisch uitgaat, omdat er geen kook- of bakgerei meer op staat.
- Door overgelopen etenswaar of voorwerpen die op de kookplaat zijn gelegd kan de herkenning van de pan worden uitgeschakeld. Na gebruik de kookplaat altijd met de hoofdschakelaar uitschakelen.
- Het apparaat wordt heet tijdens de bereiding. Laat het voor de reiniging afkoelen.
Kans op verbranding!
- Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet. De hete onderdelen nooit aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. De deur van het toestel voorzichtig openen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- Door water in de hete binnnruimte kan hete waterdamp ontstaan. Nooit water in de hete binnenruimte gieten.
Risico van letsel!
- Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- Het gebruik van ongeschikte wokpannen kan tot ongelukken leiden. Gebruik alleen de wokpan die als extra accessoire verkrijgbaar is bij de fabrikant.
- Bij de bereiding au-bain-marie kunnen de kookplaat en kookvorm barsten door oververhitting. De au-bain-marie kookvorm mag niet in direct contact komen met de bodem van de pan die met water is gevuld. Gebruik alleen hittebestendige vormen.
- Wanneer er vloeistof zit tussen de bodem van de pan en de kookzone kunnen kookpannen plotseling in de hoogte springen. Zorg ervoor dat de kookzone en de bodem van de pan altijd droog zijn.
- Wordt het toestel onbevestigd op een sokkel geplaatst, dan kan het hiervan afglijden. Het toestel moet goed aan de sokkel worden bevestigd.
Kantelgevaar!
Waarschuwing: Om te voorkomen dat het apparaat kantelt, moet een kantelbeveiliging worden gemonteerd. Lees de montage-instructies door.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
- De kabelisolatie van hete toestelonderdelen kan smelten. Zorg ervoor dat er nooit aansluitkabels van
Pagina 6
elektrische toestellen in contact komen met hete onderdelen van het apparaat.
- Binnendringend vocht kan een schok veroorzaken. Geen hogedrukreiniger of stoomreiniger gebruiken.
- Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
- Een defect toestel kan een schok veroorzaken. Een defect toestel nooit inschakelen. De netstekker uit het stopcontact halen of de zekering in de
meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
- Scheuren of barsten in het glaskeramiek kunnen schokken veroorzaken. Zekering in de meterkast uitschakelen. Contact opnemen met de klantenservice.
Gevaar door elektromagnetische storing!
Het inductiekookveld kan elektromagnetische storingen veroorzaken. Elektronische implantaten of apparaten, zoals pacemakers, insulinepompen of gehoorapparaten, kunnen nadelig worden beïnvloed. Dragers van elektronische implantaten of apparaten mogen niet in de buurt komen van het inductiekookveld.
Oorzaken van schade
Kookplaat
Attentie!
- Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op het glaskeramiek.
- U dient te voorkomen dat pannen leeg koken. Hierdoor kan schade ontstaan.
- Nooit hete pannen op het bedieningspaneel, het indicatiegebied of de omlijsting zetten. Hierdoor kan schade ontstaan.
- Wanneer er harde en puntige voorwerpen op de kookplaat vallen, kan deze beschadigd raken.
- Aluminiumfolie of kook- of bakgerei van kunststof smelten op de hete kookzones. Bakpapier is niet geschikt voor uw kookplaat.
Overzicht
In de volgende tabel vindt u de meest voorkomende schade:
| Schade | Oorzaak | Maatregel |
|---|---|---|
| Vlekken | Overgelopen etenswaar | Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper. |
| Ongeschikte reinigingsmiddelen | Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek. | |
| Krassen | Zout, suiker en zand | Gebruik de kookplaat niet als plaats om iets neer te zetten of als werkvlak. |
| Door ruwe bodems van pannen ontstaan krassen op het glaskeramiek. | Controleer uw kook- en bakgerei. | |
| Verkleuringen | Ongeschikte reinigingsmiddelen | Gebruik alleen schoonmaakmiddelen die geschikt zijn voor glaskeramiek. |
| Slijtage van pannen (bijv. aluminium) | Til de pannen tijdens het verplaatsen op. | |
| Defecten aan het oppervlak | Suiker, zeer suikerhoudende gerechten | Verwijder overgelopen etenswaar onmiddellijk met een schraper. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
Schade aan de oven
Attentie!
- Toebehoren, folie, bakpapier of vormen op de bodem van de binnenruimte: Geen toebehoren op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen bakpapier of folie, van welk type dan ook, op de bodem van de binnenruimte leggen. Geen vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen wanneer een temperatuur van meer dan 50 °C ingesteld is. Er ontstaat dan een opeenhoping van warmte. De bak- en braadtijden kloppen niet meer en het email wordt beschadigd.
- Water in de hete binnenruimte: Nooit water in de hete binnenruimte gieten. Er ontstaat dan waterdamp. Door de
verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
- Vochtige levensmiddelen: Geen vochtige levensmiddelen langere tijd in de afgesloten binnenruimte bewaren. Het email raakt dan beschadigd.
- Vruchtensap: De bakplaat bij zeer vochtig vruchtengebak niet te overvloedig bedekken. Vruchtensap dat van de bakplaat druppelt, laat vlekken achter die niet meer kunnen worden verwijderd. Gebruik zo mogelijk de diepere braadslede.
- Afkoelen met open apparaatdeur: De binnenruimte alleen laten afkoelen wanneer deze afgesloten is. Ook wanneer de deur slechts op een kier openstaat, kan de voorzijde van aangrenzende meubels op den duur worden beschadigd.
- Sterk vervuilde deurdichting: is de deurdichting sterk vervuild, dan sluit de apparaatdeur tijdens het gebruik niet meer goed.
Pagina 7
De voorzijde van aangrenzende meubels kan worden beschadigd.Zorg ervoor dat de deurdichting altijd schoon is.
- Apparaatdeur als vlak om op iets op te leggen of te plaatsen: niets op de apparaatdeur leggen of plaatsen en er niets aan hangen. Geen vormen of toebehoren op de apparaatdeur plaatsen.
- Toebehoren inschuiven: afhankelijk van het type toestel kunnen de toebehoren krassen geven op de deur.
Toebehoren altijd tot de aanslag in de binnenruimte schuiven.
- Apparaat transporteren: Het apparaat niet aan de deurgreep vasthouden of dragen. De deurgreep houdt op den duur het gewicht van het apparaat niet en kan afbreken.
Schade aan de schuiflade
Attentie!
Leg geen hete voorwerpen in de schuiflade. Deze kan beschadigd raken.
Opstellen en aansluiten
Elektrische aansluiting
De elektrische aansluiting dient uitgevoerd te worden door een daartoe bevoegd vakman. De voorschriften van de verantwoordelijke elektriciteitsmaatschappij dienen te worden nageleefd.
Wanneer het toestel verkeerd wordt aangesloten, heeft u geen recht op garantie.
Voor de installateur
- De installatie dient te beschikken over een schakelaar met een contactopening van minstens 3 mm. Bij aansluiting met een stekker is dit niet noodzakelijk wanneer de stekker voor de gebruiker toegankelijk is.
- Elektrische veiligheid: het fornuis is een apparaat van veiligheidsklasse I en mag alleen met een geaarde aansluiting worden gebruikt.
- Voor de aansluiting van het apparaat dient een kabel van het type H 05 VV-F of gelijkwaardig te worden gebruikt.
- Apparaten die voorzien zijn van een stekker mogen alleen op volgens voorschrift geïnstalleerde stopcontacten, beveiligd met een zekering van max. 25 A, 3x4 mm², worden aangesloten.
Fornuis met de waterpas horizontaal plaatsen
Zet het fornuis direct op de vloer.
- 1. Ovenlade eruit trekken en er naar boven uittillen. Aan de onderkant bevinden zich binnenin voor en achter stelvoeten.
- 2. De stelvoeten zo nodig met een zeskantsleutel omhoog of omlaag draaien, tot het fornuis waterpas staat (Afbeelding A).
- 3. Ovenlade weer inschuiven (Afbeelding B).
Bevestiging aan de wand
Om te voorkomen dat het fornuis kantelt, dient u het met de meegeleverde haak aan de wand te bevestigen. Neem het montagevoorschrift voor bevestiging aan de wand in acht.
Pagina 8
Uw nieuwe fornuis
Hier maakt u kennis met uw nieuwe fornuis. Wij leggen u de werking van het bedieningspaneel, de kookplaat en de
Overzicht
Afhankelijk van het apparaattype zijn detailafwijkingen mogelijk.
Schakelaars
De schakelaars kunnnen in de uit-stand worden ingedrukt. Om in en uit te schakelen op de schakelaar drukken.
afzonderlijke bedieningselementen uit. U krijgt informatie over de binnenruimte en de toebehoren.
De kookplaat
Bedieningspaneel
De kookzones worden via sensoren ingesteld. Deze bevinden zich onder de symbolen. Om in te stellen het betreffende symbool aanraken.
| Symbool | Functie |
|---|---|
| • Hoofdschakelaar | Hiermee schakelt u de kookplaat aan en uit. |
| • Kinderslot | Hiermee kunt u de kookplaat blokkeren. |
| om de kookstand te wijzigen | Veld Min = kookstand verlagen Veld Plus = kookstand verhogen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
!!
| Symbool | Functie |
|---|---|
| • Powerboost | Hiermee kunt u voor korte tijd het vermogen van kookstand 9 verhogen. |
| 0 Timer Andere symbolen | Hiermee activeert u de timer. Hiermee stelt u de tijd voor de timer in |
| • Kookzones | Deze symbolen hebben geen functie. Ze geven de plaats van de kookzone aan, bijv. = kookzone rechtsvoor |
Pagina 9
Restwarmte-indicatie
Is een kookzone door de bodem van een pan heet geworden, dan verschijnt na het uitschakelen van de kookzone de restwarmte-indicatie of . Raak de kookzone niet aan zolang de restwarmte wordt weergegeven. Ook wanneer de kookplaat uitgeschakeld is, is de indicatie verlicht tot de kookzone voldoende is afgekoeld.
De oven
U stelt de oven in met de functie- en de temperatuurkeuzeknop.
Functiekeuzeknop
Met de functiekeuzeknop stelt u de verwarmingsmethode voor de oven in.
U kunt de functiekeuzeknoppen naar rechts of naar links draaien.
| Stand | Gebruik | |
|---|---|---|
| • | Nulstand | De oven is uitgeschakeld. |
| • | Boven- en onderwarmte | Voor taart en gebak, ovenschotels en magere braadstukken, bijv. rund of wild, op één niveau. De hitte komt gelijkmatig van boven en van beneden. |
| 3D-hetelucht* | Voor taart en gebak op één tot drie niveaus. De ventilator verdeelt de warmte van het ronde verwarmingselement aan de achterkant gelijkmatig in de oven. | |
| 6 | Pizzastand | Voor de snelle bereiding van diepvriesproducten zonder voorverwarmen, bijv. pizza's, patates frites of strudel. Het onderste verwarmingselement en het ronde verwarmingselement aan de achterwand zijn ingeschakeld. |
| • | Onderwarmte | Voor het inkoken en nabakken of naroosteren. De warmte komt van onderen. |
| 7 | Circulatiegrillen | Voor het braden van vlees, gevogelte en hele vis. Het grillelement en de ventilator worden afwisselend in- en uitgeschakeld. De ventilator wervelt de hete lucht rond het gerecht. |
| • | Grill, klein | Voor het grillen van kleine hoeveelheden steaks, worstjes, toast en stukjes vis. Het middelste deel van het grillelement wordt heet. |
| • | Grill, groot | Voor het grillen van steaks, sneetjes brood en stukjes vis. Het gehele vlak onder het grillelement wordt heet. |
| • | Ontdooien | Voor het ontdooien van vlees, gevogelte, brood en gebak. De ventilator wervelt de warme lucht rond het gerecht. |
| • | Snelvoorverwarming | Snel voorverwarmen van de oven zonder toebehoren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
* Verwarmingsmethode waarbij de energie-efficiëntieklasse overeenkomt met EN50304.
Wanneer u instelt, brandt de lamp in de binnenruimte.
Temperatuurkeuzeknop
Met de temperatuurkeuzeknop stelt u de temperatuur of de grillstand in.
Stand
Nulstand
Temperatuurbereik
Grillstanden
Betekenis
De oven warmt niet op.
De temperatuur in de binnenruimte in °C.
De grillstanden voor grill, klein en groot .
Stand 1= zwak
Stand 2 = gemiddeld
Stand 3 = sterk
Wanneer de oven opwarmt, is op het display het temperatuursymbool verlicht. In de verwarmingspauzes gaat het uit. Bij de verwarmingsmethoden Grillen, Circulatiegrillen en Ontdooien is het symbool niet verlicht.
Toetsen en indicatie
Met de toetsen stelt u de verschillende extra functies in. Op het display kunt u de ingestelde waarden aflezen.
| Toets | Gebruik |
|---|---|
| • Toets Kookwekker | Hiermee stelt u de wekker in. |
| 0 Toets Klok | Hiermee stelt u de tijd, de tijdsduur van de oven en de eindtijd in. |
| • Toets Min | Hiermee stelt u een lagere instelwaarde in. |
| • Toets Sleutel | Hiermee schakelt u het kinderslot in en uit. |
| • Toets Plus | Hiermee stelt u een hogere instelwaarde in. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
De binnenruimte
In de binnenruimte bevindt zich de ovenlamp. Een koelventilator beschermt de oven tegen oververhitting.
Ovenlamp
Tijdens het gebruik brandt de ovenlamp in de binnenruimte.
Koelventilator
De koelventilator wordt zo nodig in- en uitgeschakeld. De warme lucht ontsnapt via de deur.
De koelventilator loopt een bepaalde tijd na, zodat de binnenruimte na gebruik sneller afkoelt.
Attentie!
De ventilatiesleuven niet afdekken. Anders raakt de oven oververhit.
De toebehoren
De meegeleverde toebehoren zijn geschikt voor vele gerechten. Let erop dat u de toebehoren altijd op de juiste manier in de binnenruimte plaatst.
Het grote assortiment speciale toebehoren zorgt ervoor dat vele van uw gerechten nog beter lukken en u de oven nog comfortabler kunt gebruiken.
Pagina 10
Toebehoren plaatsen
U kunt de toebehoren op 5 verschillende hoogtes in de binnenruimte plaatsen. Altijd tot de aanslag inschuiven, zodat de toebehoren de deurruit niet raken.
De toebehoren kunnen tot ongeveer halverwege naar buiten worden getrokken, tot ze inklikken. Zo kunnen de gerechten gemakkelijk uit de oven worden genomen.
Zorg ervoor dat de toebehoren met de welving naar achteren in de binnenruimte worden geplaatst. Alleen zo klikken ze in.
bewegingen naar links of rechts. Anders kan de bakplaat niet gemakkelijk ingeschoven worden. Het geëmailleerde oppervlak kan beschadigd raken.
Toebehoren kunt u nabestellen bij de klantenservice, in de vakhandel of via Internet. Geef hiervoor alstublieft het HEZnummer op.
Rooster
Voor servies, taart- en cakevormen, braadstukken, grillstukken en diepvriesgerechten.
Het rooster met de open kant naar de ovendeur en de welving naar beneden inschuiven.
Emaillen bakplaat
Voor gebak en koekjes.
Plaats de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur.
Braadslede
Voor vochtig gebak, taarten, diepvriesgerechten en grote braadstukken. Hij kan ook worden gebruikt om het vet op te vangen, als u direct op het rooster grilt.
Plaats de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur.
Extra toebehoren
Aanwijzing: Wanneer de toebehoren heet worden, kunnen ze vervormen. De vervorming verdwijnt weer nadat ze zijn afgekoeld. Dit heeft geen invloed op de werking ervan.
Houd de bakplaat aan weerszijden met beide handen vast en schuif de bakplaat recht in het frame. Vermijd bij het inschuiven
Extra toebehoren kunt u bij de servicedienst of in de speciaalzaak kopen. In onze brochures of op internet vindt u diverse producten die voor uw oven geschikt zijn. De beschikbaarheid van extra toebehoren en de mogelijkheid om deze via internet te kopen is per land verschillend. Informatie hierover vindt u in de verkoopbrochures.
Niet elk extra toebehoren is voor elk apparaat geschikt. Geef bij aankoop steeds de volledige naam (E-nr.) van uw apparaat op.
| Extra toebehoren | HEZ-nummer | Functie |
|---|---|---|
| Pizzaplaat | HEZ317000 | Is zeer geschikt voor pizza, diepvriesgerechten en ronde taarten. U kunt de pizzaplaat in plaats van de braadslede gebruiken. Schuif de plaat boven het rooster erin en houd u aan de gegevens in de tabellen. |
| Inzetrooster | HEZ324000 | Om te braden. Plaats het grillrooster altijd op de braadslede. Afdruipend vet en vleesvocht worden opgevangen. |
| Grillplaat | HEZ325000 | Deze wordt bij het grillen in plaats van het grillrooster of als spatbeveiliging gebruikt om de oven tegen sterke vervuiling te beschermen. Gebruik de grillplaat alleen in combinatie met de braadslede. Grillstukken op de grillplaat: Alleen de inschuifhoogtes 1, 2 en 3 worden gebruikt. Grillplaat als spatbeveiliging: De braadslede wordt tezamen met de grillplaat onder het rooster ingeschoven. |
| Baksteen | HEZ327000 | De baksteen is uitstekend geschikt voor het bereiden van zelfgemaakt brood, broodjes en pizza die een knapperige bodem moeten krijgen. De baksteen moet altijd op de aanbevolen temperatuur worden voorverwarmd. |
| Geëmailleerde bakplaat | HEZ331003 | Voor gebak en koekjes. Schuif de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Geëmailleerde bakplaat met anti-aanbaklaag | HEZ331011 | Gebak en koekjes kunnen goed op de bakplaat worden verdeeld. Schuif de bakplaat met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Braadslede | HEZ332003 | Voor vochtig gebak, koekjes, diepvriesgerechten en grote braadstukken. Kan ook voor het opvangen van vet of vleesvocht onder het rooster worden gebruikt. Schuif de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
10
Pagina 11
| Extra toebehoren | HEZ-nummer | Functie |
|---|---|---|
| Braadslede met anti-aanbaklaag | HEZ332011 | Vochtig gebak, koekjes, diepvriesgerechten en grote braadstukken kunnen goed op de braadslede worden verdeeld. Schuif de braadslede met de schuine kant naar de ovendeur in de oven. |
| Deksel voor profipan | HEZ333001 | Met een deksel wordt de profipan een profibraadpan. |
| Profipan met inzetrooster | HEZ333003 | Is zeer geschikt voor het bereiden van grote hoeveelheden. |
| Uitschuifrail 3-voudige telescopische uitschuifhulp 3-voudige uitschuifhulp met stopfunctie | HEZ338352 HEZ338357 | Met de uitschuifrails op de hoogtes 1, 2 en 3 kunt u het toebehoren verder uittrekken zonder dat het kantelt. 3-voudige telescopische uitschuifhulp, niet geschikt voor apparaten met draaispit. Met de uitschuifrails op de hoogten 1, 2 en 3 kan het toebehoren geheel worden uitgetrokken zonder dat het kantelt. De uitschuifrails klikken vast, zodat de bakplaten gemakkelijk kunnen worden geplaatst. De 3-voudige telescopische uitschuifhulp met stopfunctie is niet geschikt voor apparaten met draaispitvoorzieningen. |
| Rooster | HEZ334000 | Voor ovenschalen, bakvormen, braadstukken, gegrilde stukken en diepvriesgerechten. |
| Glazen pan | HEZ915001 | De glazen pan is geschikt voor smoorgerechten en ovenschotels. Is zeer geschikt voor programma's en braadautomaat. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Klantenserviceartikelen
Voor uw huishoudelijke apparaten kunt u bij de klantenservice, in de vakhandel of via het Internet voor afzonderlijke landen in
de e-shop de juiste onderhouds en reinigingsmiddelen of andere toebehoren kopen. Geef hiervoor het betreffende artikelnummer op.
| Schoonmaakdoekjes voor roestvrijstalen oppervlakken | Artikelnr. 311134 | Het afzetten van vuil wordt tegengegaan. Door de impregnatie met een speciale olie worden de oppervlakken van roestvrijstalen apparaten optimaal schoongemaakt. |
| Ovengrillreinigergel | Artikel-nr. 463582 | Voor het reinigen van de binnenruimte. De gel is reukloos. |
| Microvezeldoek met honingraatstructuur | Artikelnr. 460770 | Bijzonder geschikt voor het schoonmaken van gevoelige oppervlakken, zoals bijv. glas, glaskeramiek, roestvrij staal of aluminium. Het microvezeldoekje verwijdert in één keer vochtig en vethoudend vuil. |
| Deurbeveiliging | Artikel-nr. 612594 | Om te voorkomen dat kinderen de ovendeur openen. De beveiliging wordt vastgeschroefd op een manier die afhangt van de apparaatdeur. Neem de aanwijzingen in het bijlageblad bij de deurbeveiliging in acht. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Voor het eerste gebruik
Hier vindt u alles wat u moet doen voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met de oven. Lees eerst het hoofdstuk Veiligheidsvoorschriften.
Tijd instellen
Na de aansluiting zijn op het display het symbool 0 en drie nullen verlicht. Stel de tijd in.
- 1. De toets 0 indrukken.
Op het display verschijnt de tijd 12:00 uur en het symbool 0 knippert.
- 2. Met de toets + of de toets - de tijd instellen.
Na enige seconden wordt de ingestelde tijd overgenomen.
De oven opwarmen
Om de geur van het nieuwe te verwijderen, warmt u de lege, gesloten oven op. Ideaal hiervoor is een uur met boven- en onderwarmte bij 240 °C. Let erop dat zich geen verpakkingsresten in de binnenruimte bevinden.
- 1. Met de functiekeuzeknop Boven- en onderwarmte instellen.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop 240 °C instellen. Na een uur de oven uitschakelen. Functie- en temperatuurkeuzeknop op de nulstand draaien.
Toebehoren reinigen
Reinig de toebehoren voor het eerste gebruik grondig met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje.
Pagina 12
Koken met inductie
Uw kookplaat is voorzien van inductiekookzones.
Voordeel bij het koken met inductie
Bij het koken met inductie wordt de warmte direct in de bodem van de pan opgewekt. De kookzone wordt niet heet. Dit levert vele voordelen voor u op:
- Tijdsbesparing bij het koken en bakken. Het kookgerei wordt direct verwarmd. Er ontstaat geen warmteverlies.
- Energiebesparend.
- Gemakkelijker te reinigen en te onderhouden. Overgelopen etenswaar brandt niet zo snel aan.
- Gecontroleerde warmtetoevoer en veiligheid. De inductie wekt de warmtetoevoer op of onderbreekt deze altijd direct na de bediening.
Het opwarmen wordt onderbroken wanneer u het kookgerei van de kookzone neemt, ook wanneer de kookzone nog ingeschakeld is.
Kookgerei
Geschikte vormen
Gebruik alleen ferromagnetische (magnetiseerbare) vormen van geëmailleerd staal, gietijzer, of speciale inductievormen van roestvrij staal.
Ongeschikte vormen
Gebruik nooit vormen van normaal staal, glas, keramiek, koper of aluminium.
Vormen controleren
De vorm is geschikt wanneer de pannenbodem een magneet aantrekt. Fabrikanten geven in de regel aan wanneer hun pannen geschikt zijn voor inductie.
Aanwijzingen voor de pannenbodem
De kwaliteit van de pannenbodem kan het kookresultaat beïnvloeden. Het materiaal van de pannenbodem moet de warmte gelijkmatig verdelen. Zeer geschikt is bijv. een sandwichbodem van roestvrij staal.
Herkenning van de pan
Elke kookzone heeft voor de herkenning van de pan een ondergrens. Gebruik altijd de kookzone die het best past bij de diameter van de pan.
Normale bedrijfsgeluiden van de kookplaat
De inductietechnologie is gebaseerd op de opwekking van elektronische velden. Deze laten de hitte direct op de bodem van het kookgerei ontstaan. Pannen kunnen afhankelijk van de productiewijze verschillende geluiden of trillingen veroorzaken. Dit is normaal.
Het kan zijn dat de geluiden zwakker worden of helemaal verdwijnen wanneer u de kookstand verlaagt.
Kookplaat instellen
Dit hoofdstuk maakt u met de instelling van uw kookplaat vertrouwd. In de tabel vindt u kookstanden en bereidingstijden voor verschillende gerechten.
Kookplaat in- en uitschakelen
U schakelt de kookplaat met de hoofdschakelaar in en uit.
Inschakelen
Raak het symbool aan.
De indicatie boven de hoofdschakelaar is verlicht. De kookplaat is klaar voor gebruik.
Uitschakelen
Raak het symbool aan tot de indicatie boven de hoofdschakelaar verdwijnt.
Alle kookzones worden uitgeschakeld. Zijn de kookzones door de pannenbodem heet geworden, dan wordt de restwarmte met of weergegeven.
Aanwijzing:
De kookplaat schakelt automatisch uit wanneer alle kookzones langer dan 20 seconden uitgeschakeld zijn.
Kookzone kiezen en instellen
Voorwaarde: de kookplaat dient ingeschakeld te zijn.
Met de symbolen en stelt u de gewenste kookstand in. Kookstand = laagste stand
Kookstand = hoogste stand
Elke kookstand heeft een tussenstand. Deze is aangeduid met een punt.
Plaats het kookgerei op een passende kookzone.
Kookzone braadzone:
gebruik een vorm waarvan de grootte ongeveer met de cirkel resp. het ovale oppervlak overeenkomt.
- 1. Het symbool of de kookzone aanraken.
Op het display verschijnt de . De kookzone is geactiveerd.
12
- 2. In de volgende 10 seconden het symbool of weer aanraken.
De voorgestelde waarde wordt weergegeven:
Voor kookstand
Voor kookstand
" !"
- 3. Met of de kookstand veranderen.
Kookzone uitschakelen
Het symbool of aanraken tot verschijnt. De kookzone gaat uit. Is een kookzone door de bodem van een pan heet geworden, dan verschijnt na enkele seconden de restwarmte-indicatie of .
De kookstand knippert
Het kookgerei ontbreekt, heeft niet de juiste grootte of bestaat niet uit het juiste materiaal. Om het knipperen te laten ophouden plaatst u een geschikte pan op de kookzone. Anders gaat de kookzone na enige tijd uit.
Kookstand en restwarmte-indicatie verschijnen afwisselend
Het verwarmen is onderbroken. U heeft de pan van de kookzone genomen en de kookzone is nog ingeschakeld. Zet er weer een pan op of schakel de kookzone uit.
Pagina 13
Kooktabel
In de volgende tabel vindt u enkele voorbeelden.
De bereidingstijden zijn afhankelijk van de aard, het gewicht en de kwaliteit van de gerechten. Daarom zijn afwijkingen mogelijk.
Gebruik voor het aan de kook brengen kookstand 9.
| Doorkookstand | Doorkookduur in minuten | |
|---|---|---|
| Smelten | ||
| Chocolade, couverture, boter, honing Gelatine | 1-2 1-2 | - - |
| Opwarmen en warmhouden | ||
| Eenpansgerecht (bijv. linzenschotel) Melk** Worstjes in water verwarmen** | 1-2 1.-2. 3-4 | - - - |
| Ontdooien en opwarmen | ||
| Spinazie diepvries Goulash diepvries | 2.-3. 2.-3. | 5-15 20-30 |
| Gaarstoven, zachtjes laten koken | ||
| Knoedels, knödels Vis Witte sauzen, bijv. bechamelsaus Geklopte sauzen, bijv. saus Bearnaise, saus Hollandaise | 4.-5.* 4-5* 1-2 3-4 | 20-30 10-15 3-6 8-12 |
| Koken, stomen, stoven | ||
| Rijst (met dubbele hoeveelheid water) Rijstepap Aardappels in de schil Gekookte aardappels Deegwaren, pasta Eenpansgerecht, soepen Groente Groente, diepvries Garen in de snelkookpan | 2-3 2-3 4-5 4-5 6-7* 3.-4. 2.-3. 3.-4. 4.-5. | 15-30 25-35 25-30 15-25 6-10 15-60 10-20 7-20 - |
| Sudderen | ||
| Rollades Stoofvlees Goulash | 4-5 4-5 3.-4. | 50-60 60-100 50-60 |
| Braden** | ||
| Schitzel, on/gepaneerd Schnitzel, diepvries Kotelet, on/gepaneerd Steak (3 cm dik) Borst van gevogelte (2 cm dik) Borst van gevogelte, diepvries Vis en visfilet, ongepaneerd Vis en visfilet, gepaneerd Vis en visfilet, gepaneerd en diepvries, bijv. vissticks Scampis en garnalen Pangerechten, diepvries Pannenkoeken Omelet Spiegelei | 6-7 6-7 6-7 7-8 5-6 5-6 5-6 6-7 6-7 7-8 6-7 6-7 3.-4. 5-6 | 6-10 8-12 8-12 8-12 10-20 10-30 8-20 8-20 8-12 4-10 6-10 ononderbroken ononderbroken 3-6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 13)
Frituren Frituren (150-200g per portie ononderbroken in 1-2 liter olie frituren**)
Diepvriesproducten, bijv. frites, chicken nuggets 8-9
Kroketten 7-8 het ene portie na het Gehaktballetjes: 7-8 andere frituren Vlees, bijv. kipstukken 6-7
Vis, gepaneerd of in bierdeeg 6-7
Groente, paddestoelen, gepaneerd of in bierdeeg 6-7
Klein gebak, bijv. beignets, Berliner bollen, fruit in bierdeeg 4-5
* Doorkoken zonder deksel
** Zonder deksel
Powerboost
De powerboostfunctie verhoogt gedurende korte tijd het vermogen van de hoogste kookstand. Uw gerechten worden bijzonder snel verhit. Powerboost is voor alle kookzones beschikbaar.
Beperking
De kookplaat bestaat uit 2 groepen:
- groep 1 = kookplaat links