Liebherr MRFvg 4001, tekst van de handleiding
Koelkast · Liebherr · 34 pagina's in het Nederlands · pdf: 40 pagina's, 6,4 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.liebherr.com
Deze handleiding geldt ook voor: MRFvg 3511.
Storingen op pagina 32
Pagina 32
Bediening
7.2.22 Demomodus
De demomodus is een speciale functie voor dealers die apparaatfuncties willen demonstreren. Als u de demomodus activeert, zijn alle koudetechnische functies gedeactiveerd.
Als u uw apparaat inschakelt en in de statusweergave een "D" verschijnt, is de demomodus al geactiveerd.
Als u de demomodus activeert en vervolgens weer deactiveert, wordt het apparaat teruggezet naar de fabrieksinstellingen. (zie 7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen )
Demomodus activeren
Fig. 145
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is gedeactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ Apparaat is teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen
Gebruik deze functie om alle instellingen terug te zetten naar de fabrieksinstellingen. Alle instellingen die u tot nu toe hebt gemaakt, worden gereset naar de oorspronkelijke instellingen.
Reset uitvoeren
Fig. 142
Fig. 146
Fig. 143
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is geactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ In de statusweergave verschijnt "D".
Demomodus deactiveren
Fig. 147
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Apparaat wordt gereset.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat opnieuw starten. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling))
7.3 Meldingen
Fig. 144
7.3.1 Waarschuwingen
Waarschuwingen worden akoestisch door een signaaltoon en optisch door een symbool op het display weergegeven. De signaaltoon wordt sterker en luider tot de melding wordt bevestigd.
| Melding | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Deur open | De melding verschijnt, als de deur te lang geopend is. | Deur sluiten. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. Aanwijzing De tijdsduur tot verschijnen van de melding kan worden ingesteld (zie 7.2.20 Deuralarm ) . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
32 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 33
Bediening
| Melding | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Temperatuuralarm | De melding verschijnt, als de temperatuur niet overeenkomt met de ingestelde temperatuur. Oorzaak voor temperatuurverschillen kan zijn: ⁃ Er werden koelgoederen in gelegd. ⁃ Bij het hersorteren en het verwijderen van levensmiddelen is te veel warme lucht het apparaat in gestroomd. ⁃ De stroom is langdurig uitgevallen. | Bevestigingsknop indrukken. Warmste temperatuur wordt weergegeven. Bevestigingsknop indrukken. De huidige temperatuur knippert en op het display verschijnt afwisselend het temperatuuralarmsymbool totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Controleer de kwaliteit van de gekoelde producten. |
| Fout | Het apparaat is defect, er is een storing of een onderdeel van het apparaat is defect. | Gekoelde producten ergens anders bewaren. Bevestigingsknop indrukken. Foutcode wordt weergegeven. Bevestigingsknop indrukken. Indien aanwezig, wordt een andere foutcode weergegeven. of Het statusscherm met knipperend foutsymbool wordt weergegeven. Druk op de navigatietoetsen om de foutcode(s) opnieuw weer te geven. Noteer de foutcode(s) en neem contact op met de klantenservice. |
| Handmatig geopend | Dit bericht verschijnt als de elektronisch vergrendelde deur handmatig geopend is. | Deur sluiten. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WLAN-fout | WLAN-verbinding is onderbroken. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WWW-fout WLAN | Het bericht verschijnt als er geen internetverbinding via WLAN is. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| LAN-fout | LAN-verbinding is onderbroken. | Controleer de verbinding en de netwerkkabel. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WWW-fout LAN | Dit bericht verschijnt als er geen internetverbinding via LAN is. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
* afhankelijk van model en uitvoering 33
Pagina 34
Uitrusting
8 Uitrusting
8.1 Veiligheidsslot
De apparaatdeur is voorzien van een elektronisch slot.
Toepassing:
- Met deurcode vergrendelen en ontgrendelen. (zie 7.2.7 Deurvergrendeling )
- Automatische vergrendeling activeren en deactiveren. (zie 7.2.7 Deurvergrendeling )
- Deur met afstandsbediening vergrendelen en ontgrendelen. (zie 7.2.10 Afstandsbediening )
- Deur wordt automatisch vergrendeld na een stroomstoring (kan niet worden uitgeschakeld).
8.1.1 Noodontgrendeling
U kunt bij stroomuitval de deur met de noodontgrendelingssleutel openen.
Fig. 149
- (1) Slot vergrendelen
- (2) Slot ontgrendelen
- (3) Statusled
- (4) Bevestigingsoog
8.2.1 Afstandsbediening gebruiken
- Toets Fig. 149 (1) op de afstandsbediening indrukken. ▷ Het slot is vergrendeld. De deur kan niet worden geopend.
- Toets Fig. 149 (2) op de afstandsbediening indrukken. ▷ Het slot is ontgrendeld. De deur kan worden geopend.
- Statusled Fig. 149 (3) geeft bij indrukken van een toets een optische terugmelding.
- Oog Fig. 149 (4) voor de bevestiging van de afstandsbediening, bijvoorbeeld aan een sleutelbos.
9 Onderhoud
Fig. 148
- Noodontgrendelingssleutel op de betreffende positie positioneren Fig. 148 (A) ≈ 100 mm.
- Noodontgrendelingssleutel Fig. 148 (1) tussen deur en apparaatcorpus van bovenaf tot aan de aanslag insteken.
- Noodontgrendelingssleutel in de richting van het scharnier trekken. Fig. 148 (2) ▷ Het slot is ontgrendeld. U kunt de deur openen.
8.2 Afstandsbediening
Met de afstandsbediening kan het deurslot op afstand worden vergrendeld of ontgrendeld.
Voor gebruik moet deze met het apparaat worden verbonden. (zie 7.2.10 Afstandsbediening )
De batterij kan worden vervangen.
9.1 Apparaat ontdooien
WAARSCHUWING
Apparaat op de verkeerde manier ontdooid!
Verwondingen en beschadigingen.
- Om het ontdooiproces te versnellen, geen mechanische hulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
- Gebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings- of stoomreinigingsapparaten, open vuur of ontdooisprays.
- IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordt via de afvoeropening afgevoerd en verdampt.
Om de functionaliteit van het apparaat te behouden, raden we aan het te ontdooien als er veel ijsvorming is. Voor ijsvorming in de binnenruimte zijn de plaats van opstelling (bijv. een hoge luchtvochtigheid), instellingen op het apparaat en verkeerd gebruikersgedrag bepalend.
Als het automatisch ontdooien niet voldoende is, moet het apparaat handmatig worden ontdooid:
- Apparaat uitschakelen. (zie 7.2.2 Apparaat in- en uitschakelen )
- Netstekker loskoppelen.
- Koelgoed verplaatsen.
- Apparaatdeur tijdens ontdooien open laten.
- Resterend condenswater met een doek opnemen, afvoeropening en het apparaat reinigen.
34 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 35
Onderhoud
9.2 Apparaat reinigen
9.2.1 Voorbereiden
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Brandgevaar
- De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.
- Apparaat leegmaken.
- Netstekker eruit halen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
9.2.2 Behuizing reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
- Behuizing met een zachte, schone doek schoonvegen. Bij sterke vervuiling lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken. Glazen oppervlakken kunnen ook met een glasreinigingsmiddel worden gereinigd.
- Condensorspiraal jaarlijks reinigen. Als de condensorspiraal niet wordt gereinigd, leidt dit tot een aanzienlijke reductie van de efficiëntie van het apparaat.
9.2.3 Ventilatorafdekking reinigen
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Fig. 150
- Ventilatorafdekkingen voorzichtig aan de zijkant eruit halen Fig. 150 (1) en naar de voorkant toe verwijderen Fig. 150 (2).
- Ventilatieopeningen van de ventilatorafdekkingen onder stromend water doorspoelen. Bij sterke vervuiling: lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken.
- Ventilatorafdekkingen volledig in de lucht laten drogen.
- Ventilatorafdekkingen weer in het apparaat plaatsen.
9.2.4 Binnenruimte reinigen
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Aanwijzing
- Condensafvoer (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht) : Afzettingen met een dun hulpmiddel (bijvoorbeeld wattenstaafjes) verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 35
Pagina 36
Klantenhulp
| Aanwijzing | Aanwijzing |
|---|---|
| Typeplaatje aan binnenzijde van apparaat niet beschadigen of verwijderen. Typeplaatje is belangrijk voor de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ► De batterij moet worden opgestuurd voor gescheiden afvalverwerking en op de juiste wijze en professioneel worden afgevoerd in overeenstemming met de plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Batterij in geen geval beschadigen of kortsluiten! |
| ► Deur openen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
- Apparaat leegmaken.
- Binnenruimte en uitrustingsdelen met lauwwarm water en een beetje afwasmiddel reinigen. Geen zand- of zuur‐ 10 Klantenhulp houdende reinigingsmiddelen en geen chemische oplosmiddelen gebruiken.
10.1 Technische gegevens 9.2.5 Na het reinigen
Temperatuurbereik
- Apparaat en uitrustingsdelen droogwrijven.
- Apparaat aansluiten en inschakelen. Koelen -2 °C tot +15 °C Als de temperatuur voldoende koud is:
- Koelgoed erin leggen.
- Reiniging regelmatig herhalen.
- Koelmachine met warmtewisselaar een keer per jaar reinigen en ontstoffen.
| Maximale belading per steunvlak A) | |||
|---|---|---|---|
| Apparaatbreedte | 550 mm | 600 mm | 750 mm |
| Oplegroosters | -- | 45 kg | 60 kg |
| Glasplaat | 40 kg | 40 kg | 40 kg |
| Schuiflade (vriesapparatuur) | 15 kg | 15 kg | 15 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
9.3 Batterij van de afstandsbediening vervangen
A) Bij zware belading kunnen de steunen iets doorbuigen.
| Netto-inhoud | |
|---|---|
| Zie de nuttige inhoud op het typeplaatje. (zie 2.2 en uitrustingsoverzicht) | Apparaat- |
| Verlichting | |
| Energie-efficiëntieklasse A) | Lichtbron |
| Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse F | Led |
| A) Dit product kan lichtbronnen met verschillende | energie- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.
Fig. 151
De stroomvoorziening van de afstandsbediening vindt plaats via een batterij van het type CR 2032 met 3V Fig. 151 (2) die verkrijgbaar is bij de gespecialiseerde handel.
9.3.1 Batterij vervangen
- Schroef Fig. 151 (1) aan achterzijde van de afstandsbediening eruit draaien.
- Achterzijde verwijderen.
▷ Batterijvak is open.
- Batterij vervangen.
- Batterijvak sluiten.
- Schroef erin draaien.
| Specificatie WLAN-frequentie | |
|---|---|
| Frequentieband | 2,4 GHz |
| Maximum uitgestraald vermogen | <100 mW |
| Beoogd gebruik van de radioapparatuur | Integratie in het plaatselijke WLAN-netwerk voor gegevenscommunicatie |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
10.2 Technische storing
Uw apparaat is zodanig geconstrueerd en gemaakt dat functieveiligheid en lange levensduur gegarandeerd zijn. Als er tijdens de werking een storing optreedt, controleer dan of de storing werd veroorzaakt door een bedieningsfout. In dat geval moeten ook de tijdens de garantieperiode gemaakte kosten aan u worden doorberekend.
De volgende storingen kunt u zelf verhelpen.
10.2.1 Apparaatfunctie
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| → Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
36 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 37
Klantenhulp
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | De netstekker steekt niet correct in het stopcontact. | ► Netstekker controleren. | |
| De zekering van het stopcontact is niet in orde. | ► Zekering controleren. | ||
| Stroomuitval | ► Apparaat gesloten houden. ► De deur kan worden geopend met de noodontgrendelingssleutel. (zie 8.1 Veiligheidsslot) | ||
| De koelapparaatbus steekt niet correct in het apparaat. | ► Koelapparaatbus controleren. | ||
| Temperatuur is te laag. | De apparaatdeur is niet correct aangesloten. | ► Apparaatdeur sluiten. | |
| De be- en ontluchting is onvoldoende. | ► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen. | ||
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Let op de juiste omgevingsvoorwaarden: (zie 2.4 Toepassingsgebied van het apparaat) | ||
| Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. | ► Afwachten of de noodzakelijke temperatuur vanzelf weer wordt ingesteld. Als dit niet gebeurt, dan contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ||
| De temperatuur is verkeerd ingesteld. | ► Temperatuur lager instellen en na 24 uur controleren. | ||
| Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming etc.). | ► Opstelplaats van het apparaat of de warmtebron veranderen. | ||
| Afstandsbediening functioneert niet. | Batterij van de afstandsbediening is leeg. | ► Batterij vervangen. | |
| Radioverbinding met het apparaat te zwak. | ► Afstand tot het apparaat verkleinen. | ||
| Afstandsbediening niet gekoppeld. | ► Afstandsbediening opnieuw koppelen: (zie 7.2.10 Afstandsbediening ) | ||
| Afstandsbediening is defect. | ► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
10.3 Klantenservice
Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen . Als dit niet het geval is, contact met de klantenservice opnemen. U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.
WAARSCHUWING
Ondeskundige reparatie!
Verwondingen.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaansluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 9 Onderhoud) , uitsluitend door de Technische Dienst laten uitvoeren.
- Beschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, de klantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoon laten vervangen.
- Bij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook de klant zelf de vervanging uitvoeren.
10.3.1 Contact met de klantenservice opnemen
Zorg ervoor dat u de volgende apparaatinformatie beschikbaar hebt:
❑Apparaataanduiding (model en index)
❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)
- Apparaatinformatie via het display oproepen (zie 7.2.17 Apparaatinformatie ) .
-of-
- Apparaatinformatie van het typeplaatje aflezen. (zie 10.4 Typeplaatje)
- Apparaatinformatie noteren.
- Klantenservice informeren: Fout en apparaatinformatie mededelen.
▷ Zo is een snelle en doelgerichte service mogelijk.
- Verdere instructies van de klantenservice opvolgen.
10.4 Typeplaatje
Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van het apparaat. Zie apparaatoverzicht.
* afhankelijk van model en uitvoering 37
Pagina 38
Buiten bedrijf stellen
Fig. 152
- (1) Apparaataanduiding
- (2) Service-nr.
- (3) Serie-nr.
11 Buiten bedrijf stellen
- Apparaat leegmaken.
- Apparaat uitschakelen.
- Trek de netstekker uit het stopcontact.
- Verwijder indien nodig de koelapparaatbus: Trek de koelapparaatbus uit de apparaatstekker en beweeg tegelijkertijd naar links en rechts.
- Apparaat reinigen. (zie 9.2 Apparaat reinigen)
- Indien beschikbaar: Verwijder afdekkingen en isolatie van de sensordoorvoer om schimmelvorming te voorkomen.
- Deur open laten, zodat geen slechte geur kan ontstaan.
Aanwijzing
Beschadiging van het apparaat en storingen!
- Na de buitenbedrijfstelling mag het apparaat alleen worden gebruikt bij een toelaatbare kamertemperatuur tussen -10 °C en +50 °C opslaan.
12 Afvalverwijdering
12.1 Apparaat op afvoer voorbereiden
Liebherr maakt bij sommige apparaten gebruik van batterijen. In de EU is het nu voor de consument wettelijk verplicht deze batterijen voor de afvoer van apparaten te verwijderen. Als uw apparaat batterijen bevat, wordt dit op het apparaat aangegeven.
Lampen
Als u lampen zelfstandig en zonder kapot te maken kunt verwijderen, verwijder deze dan eveneens voor het voeren.
- Apparaat buiten bedrijf stellen.
- Indien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot te maken.
12.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren
Het apparaat bevat waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde, huishoudelijke afval worden afgevoerd.
Voer batterijen gescheiden van het apparaat af. Batterijen kunnen gratis worden ingeleverd bij de winkel en bij andere inleverpunten zoals het gemeentelijk depot en de chemokar.
Lampen
Voor Duitsland:
Lever gedemonteerde lampen in bij een daarvoor bestemd inleverpunt.
U kunt het apparaat gratis inleveren bij de milieustraat. Bij de aankoop van een nieuwe koelkast of vriezer en een verkoopoppervlak > 400 m² neemt de dealer het oude apparaat ook gratis terug.
WAARSCHUWING
Vrijkomend koudemiddel en olie!
Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
- Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
- Voer het apparaten af zonder het te beschadigen.
- Voer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierboven beschreven.
13 Aanvullende informatie
Meer informatie over garantiebepalingen vindt u in de meegeleverde servicebrochure of op internet op https:// home.liebherr.com.
38 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Inhoudsopgave
| 1 | Algemene veiligheidsvoorschriften...................... 3 |
|---|---|
| 2 | Het apparaat in vogelvlucht.................................. 4 |
| 2.1 | Leveringsomvang......................................................... 4 |
| 2.2 | Apparaat- en uitrustingsoverzicht............................ 4 |
| 2.3 | Speciale uitrusting....................................................... 4 |
| 2.4 | Toepassingsgebied van het apparaat....................... 4 |
| 2.5 | Geluidsemissie van het apparaat.............................. 5 |
| 2.6 | Conformiteit.................................................................. 5 |
| 2.7 | SVHC-stoffen volgens de REACH-verordening....... 5 |
| 2.8 | EPREL-database........................................................... 5 |
| 3 | Opstellen en aansluiten........................................ 5 |
| 3.1 | Opstellingsvoorwaarden............................................. 5 |
| 3.2 | Apparaatafmetingen.................................................... 6 |
| 3.3 | Apparaat transporteren.............................................. 6 |
| 3.4 | Apparaat uitpakken..................................................... 7 |
| 3.5 | Deurscharnier verwisselen......................................... 7 |
| 3.6 | Deur uitlijnen................................................................ 15 |
| 3.7 | Transportbeveiliging verwijderen.............................. 16 |
| 3.8 | Deurgreep monteren*.................................................. 16 |
| 3.9 | Apparaat opstellen...................................................... 16 |
| 3.10 | Apparaat uitlijnen......................................................... 16 |
| 3.11 | Plaatsen van meerdere apparaten............................ 17 |
| 3.12 | Na het plaatsen............................................................ 17 |
| 3.13 | Afvalverwerking van de verpakking.......................... 17 |
| 3.14 | Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten....... 17 |
| 4 | Werking van het Touch-display............................ 18 |
| 4.1 | Navigatie en verklaring van symbolen..................... 18 |
| 4.2 | Menu's............................................................................ 18 |
| 4.3 | Slaapstand.................................................................... 19 |
| 5 | In gebruik nemen................................................... 19 |
| 5.1 | Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)...... 19 |
| 6 | Opslag.................................................................... 19 |
| 6.1 | Instructies voor opslag............................................... 19 |
| 6.2 | Bewaartijden................................................................. 20 |
| 7 | Bediening............................................................... 20 |
| 7.1 | Bedienings- en weergave-elementen....................... 20 |
| 7.1.1 | Statusweergave........................................................20 |
| 7.1.2 | Weergavesymbolen..................................................20 |
| 7.1.3 | Akoestische signalen................................................21 |
| 7.2 | Apparaatfuncties......................................................... 21 |
| 7.2.1 | Opmerkingen over de functies van het apparaat.... |
| 21 | |
| 7.2.2 | Apparaat in- en uitschakelen .................................21 |
| 7.2.3 | Temperatuur ..............................................................21 |
| 7.2.4 | Eco-modus ................................................................22 |
| 7.2.5 | Verlichting .................................................................23 |
| 7.2.6 | Verlichtingsintensiteit *...........................................24 |
| 7.2.7 | Deurvergrendeling ...................................................24 |
| 7.2.8 | Displayblokkering .................................................... 25 |
| 7.2.9 | Toegangscodes......................................................... 26 |
| 7.2.10 | Afstandsbediening ...................................................27 |
| 7.2.11 | Taal ............................................................................. 27 |
| 7.2.12 | Temperatuureenheid ............................................... 27 |
| 7.2.13 | Display-helderheid ................................................. 28 |
| 7.2.14 | Alarm Sound..............................................................28 |
| 7.2.15 | WLAN-verbinding .................................................... 28 |
| 7.2.16 | LAN-verbinding ........................................................ 29 |
| 7.2.17 | Apparaatinformatie ................................................30 |
| 7.2.18 | Bedrijfsuren ..............................................................30 |
| 7.2.19 | Software ................................................................... 31 |
| 7.2.20 | Deuralarm .................................................................31 |
| 7.2.21 | Lichtalarm *................................................................31 |
| 7.2.22 | Demomodus ..............................................................32 |
| 7.2.23 | Resetten naar fabrieksinstellingen ..................... 32 |
| 7.3 | Meldingen...................................................................... 32 |
| 7.3.1 | Waarschuwingen......................................................32 |
| 8 | Uitrusting.............................................................. 34 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 2)
- 8.1 Veiligheidsslot.............................................................. 34
- 8.2 Afstandsbediening....................................................... 34
- 9 Onderhoud............................................................. 34
- 9.1 Apparaat ontdooien..................................................... 34
- 9.2 Apparaat reinigen......................................................... 35
- 9.3 Batterij van de afstandsbediening vervangen........ 36
- 10 Klantenhulp........................................................... 36
- 10.1 Technische gegevens.................................................. 36
- 10.2 Technische storing....................................................... 36
- 10.3 Klantenservice.............................................................. 37
- 10.4 Typeplaatje.................................................................... 37
- 11 Buiten bedrijf stellen............................................ 38
- 12 Afvalverwijdering.................................................. 38
- 12.1 Apparaat op afvoer voorbereiden.............................. 38
- 12.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren.... 38
- 13 Aanvullende informatie......................................... 38
De fabrikant werkt voortdurend aan de verdere ontwikkeling van alle typen en modellen. Daarom vragen wij uw begrip dat wij ons het recht voorbehouden veranderingen in vorm, inrichting en technologie aan te brengen.
| Symbool | Uitleg |
|---|---|
| Gebruiksaanwijzing lezen Om alle voordelen van uw nieuwe apparaat te leren kennen, moet u de instructies in deze gebruiksaanwijzing aandachtig doorlezen. | |
| Aanvullende informatie op het internet De digitale handleiding met aanvullende informatie en in andere talen kunt u vinden op internet via de QR-code op de voorkant van de handleiding of door het servicenummer in te voeren op home.liebherr.com/fridge-manuals. Het servicenummer vindt u op het typeplaatje: Fig. Voorbeeld | |
| Apparaat controleren Controleer alle onderdelen op transportschade. Neem bij op- of aanmerkingen contact op met de distributeur of de klantenservice. | |
| Afwijkingen De gebruiksaanwijzing geldt voor verschillende modellen, afwijkingen zijn mogelijk. Secties die alleen van toepassing zijn op bepaalde apparaten worden met een sterretje (*) aangeduid. | |
| Instructies voor actie en resultaten van de actie Instructies voor actie worden aangeduid met een . De resultaten van de actie worden aangeduid met een . | |
| Video’s Video’s over de apparaten vindt u op het YouTube-kanaal van Liebherr-Hausgeräte. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 2)
Open-Source-licenties:
Het apparaat bevat softwarecomponenten, die Open-Source-licenties gebruiken. Informatie over de
2 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 3
gebruikte Open-Source-licenties kunt u hier vinden: home.liebherr.com/open-source-licences
Deze gebruikersinformatie geldt voor de volgende apparaten:
MRFvg 35..
40..
1 Algemene veiligheidsvoorschriften
Bewaar deze handleiding zorgvuldig, zodat u hem te allen tijde kunt raadplegen.
Als u het apparaat doorgeeft, geef dan ook de handleiding door aan de volgende eigenaar.
Om het apparaat goed en veilig te kunnen gebruiken, moet u deze handleiding vóór gebruik aandachtig doorlezen. Volg altijd de instructies, veiligheidsvoorschriften en waarschuwingen die hierin zijn opgenomen. Deze zijn belangrijk om het apparaat veilig en probleemloos te kunnen installeren en gebruiken.
Gevaren voor de gebruiker:
- Dit apparaat kan gebruikt worden door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of geestelijke vermogens of gebrek aan ervaring en kennis, indien deze personen onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het gebruik van het apparaat op een veilige manier en deze personen de gevaren begrijpen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen. Reiniging en onderhoud mogen niet door kinderen zonder toezicht worden uitgevoerd.
- De contactdoos moet eenvoudig toegankelijk zijn, zodat het apparaat in noodgevallen snel van de stroomvoorziening kan worden losgekoppeld. Deze moet zich buiten de achterkant van het apparaat bevinden.
- Als het apparaat van het net wordt gescheiden, altijd bij de stekker vasthouden. Niet aan de kabel trekken.
- Bij storingen de netstekker uittrekken of de zekering uitschakelen.
- WAARSCHUWING: Het netsnoer niet beschadigen. Apparaat niet gebruiken, als het netsnoer is beschadigd.
- WAARSCHUWING: Meervoudige contactdozen/verdeel-dozen en andere elektronische apparaten (zoals halo-geentransformatoren) mogen niet aan de achterzijde van apparaten worden geplaatst en gebruikt.
- WAARSCHUWING: ventilatieopeningen in het apparaatbehuizing of in de inbouwbehuizing niet afsluiten.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat alleen door de klantenservice of ander hiervoor opgeleid vakpersoneel laten uitvoeren.
- Apparaat alleen volgens de voorschriften monteren, aansluiten en afvoeren.
Brandgevaar:
- Het gebruikte koelmiddel (gegevens op het typeplaatje) is milieuvriendelijk maar brandbaar. Koelmiddel dat ontsnapt, kan ontbranden.
- WAARSCHUWING: Koelkringloop niet beschadigen.
- Vermijd het hanteren van ontstekingsbronnen in de binnenkant van het apparaat.
- WAARSCHUWING: In het koelvak geen elektrische apparaten gebruiken die niet van het door de fabrikant aanbevolen type zijn.
- Indien koudemiddel uittreedt: Open vuur of ontstekingsbronnen in de buurt van het uittreedpunt vermijden. Ruimte goed ventileren. Klantenservice informeren.
- Het apparaat niet in de buurt van explosieve gassen gebruiken.
Algemene veiligheidsvoorschriften
- Geen benzine of andere brandbare gassen en vloeistoffen in de buurt van het apparaat bewaren of gebruiken.
- Geen explosieve stoffen, zoals spuitbussen met brandbaar drijfgas, in het apparaat bewaren. Deze spuitbussen zijn te herkennen aan de opgedrukte inhoud of een vlamsymbool. Alle uittredende gassen kunnen worden ontstoken door elektrische componenten.
- Brandende kaarsen, lampen en andere voorwerpen met open vuur uit de buurt van het apparaat houden, zodat ze het apparaat niet in brand kunnen steken.
- Alcoholische dranken of andere verpakkingen die alcohol bevatten alleen in goed gesloten verpakkingen bewaren.
Eventueel uittredende alcohol kan door elektrische onderdelen worden ontstoken.
Val- en kantelgevaar:
- Plinten, laden, deuren enz. niet als opstapje of als steun gebruiken.
Gevaar voor bevriezing, gevoelloosheid en pijn:
- Permanent contact van de huid met koude oppervlakken of gekoelde/bevroren producten vermijden of beschermende maatregelen treffen, bijvoorbeeld handschoenen gebruiken.
Letsel- en beschadigingsgevaar:
- WAARSCHUWING: Om het ontdooiproces te versnellen, geen mechanische hulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
- WAARSCHUWING: Letselgevaar door elektrische schok!
Onder de afdekking bevinden zich onder spanning staande delen.
Led-binnenverlichting alleen door de klantenservice of hiervoor opgeleid deskundig personeel laten vervangen of repareren.
- LET OP: Apparaat mag alleen met origineel toebehoren van de fabrikant of met door de fabrikant goedgekeurd toebehoren van andere producenten worden gebruikt. De gebruiker draagt het risico bij gebruik van niet-goedgekeurd toebehoren.
Beknellingsgevaar:
- Bij het openen en sluiten van de deur niet in het scharnier grijpen. De vingers kunnen ingeklemd raken.
Kwalificatie deskundig personeel:
Deskundig personeel zijn personen die door hun technische opleiding, kennis en ervaring en hun kennis van de relevante normen in staat zijn het aan hun opgedragen werk te beoordelen en uit te voeren en mogelijke gevaren te onderkennen. Ze moeten een opleiding, instructies en toestemming hebben om met het apparaat te werken.
Symbolen op het apparaat:
Het symbool kan zich op de compressor bevinden. Het heeft betrekking op de olie in de compressor en wijst op het volgende gevaar:Kan bij inslikken en indringen in de luchtwegen dodelijk zijn. Deze aanwijzing is alleen van belang voor het recyclingproces. In de normale modus bestaat er geen gevaar.
WAARSCHUWING: Brandgevaar / brandbare materialen. Het symbool bevindt zich op de compressor en wijst op het gevaar van ontvlambare stoffen. De sticker niet verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 3
Verder lezen op pagina 4Inhoud