Liebherr MRFvg 4001, tekst van de handleiding
Pagina's 4–24 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–3verder op pagina 25 →
Pagina 4
Het apparaat in vogelvlucht
| Deze of een vergelijkbare sticker kan op de achterkant van het apparaat zijn aangebracht. Deze wijst erop dat er zich vacuümisolatiepanelen (VIP) of perlietpanelen in de deur en/of de behuizing bevinden. Deze aanwijzing is alleen van belang voor het recyclingproces. De sticker niet verwijderen. Neem de specifieke waarschuwingen en de andere specifieke instructies in de andere hoofdstukken in acht: | Fig. 1 Voorbeeld (1) Typeplaatje (2) Legrooster (3) Verstelbare poot (4) Binnenverlichting* | Uitrusting (5) Slot (6) Bedieningselementen en temperatuurweergave (7) Condensafvoer |
| Wijst op een onmiddellijke gevaarlijke situatie die, indien GEVAAR deze niet wordt vermeden, tot de dood of ernstig letsel zal leiden. | ||
| Wijst op een gevaarlijke situ-WAARSCHU‐ atie die, indien deze niet wordt WING vermeden, tot de dood of ernstig letsel kan leiden. | ||
| Wijst op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet wordt VOORZICHTIG vermeden, kan leiden tot licht of middelzwaar letsel. | ||
| Wijst op een gevaarlijke situatie die, indien deze niet LET OP wordt vermeden, tot aanzienlijke materiële schade kan leiden. | ||
| Wijst op nuttige informatie en Aanwijzing tips. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 4)
2 Het apparaat in vogelvlucht
2.1 Leveringsomvang
Controleer alle onderdelen op transportschade. Neem bij op- of aanmerkingen contact op met de handelaar of de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice)
De levering bestaat uit de volgende onderdelen:
- Rechtopstaand apparaat
- Uitrusting *
- Montagemateriaal *
- Gebruiksaanwijzing
- Servicebrochure
- Kwaliteitscertificaat *
- Netkabel
- Afstandsbediening
- Noodontgrendelsleutel
2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht
| MRFvg 3501 | MRFvg 3511 |
| MRFvg 4001 | MRFvg 4011 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 4)
2.3 Speciale uitrusting
Aanwijzing
Accessoires zijn verkrijgbaar bij de klantenservice (zie 10.3 Klantenservice) of bij gespecialiseerde dealers via de dealerzoekfunctie op onze servicepagina op internet:
home.liebherr.com
SmartModule
U kunt het apparaat integreren met een SmartModule.
Dit is een WLAN- en LAN-interface voor de verbinding tussen het apparaat en een extern documentatie- en alarmsysteem zoals Liebherr SmartMonitoring-dashboard.
Liebherr SmartMonitoring-dashboard is niet in alle landen verkrijgbaar. Controleer de beschikbaarheid via de QR-code (zie 7.2.15 WLAN-verbinding ) door uw model in te voeren.
Digitale ingang voor elektronisch slot
Het apparaat kan achteraf van een digitale ingang voor het elektronische slot worden voorzien.
Dit is een interface tussen het apparaat en een extern systeem waarmee het elektronisch slot kan worden bediend.
2.4 Toepassingsgebied van het apparaat
Beoogd gebruik
Dit koelapparaat is geschikt voor professioneel gebruik in commerciële en detailhandelsomgevingen. Het mag worden gebruikt voor de opslag, presentatie en verkoop van gekoelde, verpakte levensmiddelen en dranken. Het is geschikt voor het uitnemen van de gekoelde producten door klanten.
4 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 5
Het apparaat is bedoeld voor gebruik in gesloten ruimtes.
Alle andere toepassingen zijn niet toegestaan.
Voorzienbaar verkeerd gebruik
De volgende toepassingen zijn uitdrukkelijk verboden:
- Opslag en koeling van:
- Chemisch onstabiele, brandbare of bijtende stoffen • Geneesmiddelen, bloedplasma, laboratoriumpreparaten of soortgelijke stoffen en producten die onder Richtlijn 2007/47/EG inzake medische hulpmiddelen vallen
- Gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen
- Gebruik buiten of in vochtige ruimten en of omgevingen met spatwater
Ondeskundig gebruik van het toestel leidt tot beschadiging of bederf van de opgeslagen producten.
Klimaatklassen
De voor uw apparaat van toepassing zijnde klimaatklasse staat op het typeplaatje.
Fig. 2 Typeplaatje (X) Deze klimaatklasse geeft aan bij welke omgevingsvoorwaarden het apparaat veilig kan worden gebruikt.
(Y) Deze klimaatklasse geeft de maximale randvoorwaarden voor correcte werking van het apparaat aan.
(Z) De temperatuurklasse geeft aan bij welke temperatuurinstelling het apparaat correct functioneert.
| Klimaatklasse (X) | Max. ruimtetemperatuur | Max. rel. vochtigheid |
|---|---|---|
| 3 | +25 °C | 60 % |
| 4 | +30 °C | 55 % |
| 5 | +40 °C | 40 % |
| 7 | +35 °C | 75 % |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
Aanwijzing
De minimaal toegestane ruimtetemperatuur op de plaats van opstelling is +10 °C.
Onder grensomstandigheden kan zich lichte condensatie vormen op de glazen deur en op de zijwanden.
| Klimaatklasse (Y) | Max. ruimtetemperatuur | Max. rel. vochtigheid |
|---|---|---|
| CC1 | +25,5 °C | 60 % |
| CC2 | +32,2 °C | 65 % |
| CC3 | +40,6 °C | 75 % |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
| Aanbevolen temperatuurinstelling: | |
|---|---|
| Temperatuurklasse (Z) | Temperatuurinstelling |
| K1 | +3,5 °C |
| K2 | +2,5 °C |
| K3 | -1 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
Opstellen en aansluiten
| Aanbevolen temperatuurinstelling: | |
|---|---|
| Temperatuurklasse (Z) | Temperatuurinstelling |
| K4 | +5 °C |
| M1 | +5 °C |
| M2 | +7 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
2.5 Geluidsemissie van het apparaat
Het A-gewogen geluidsdrukniveau tijdens de werking van het toestel is lager dan 70 dB(A) (geluidsvermogen rel. 1 pW).
2.6 Conformiteit
Het koudemiddelcircuit is gecontroleerd op lekkages. Het apparaat voldoet aan de relevante veiligheidsvoorschriften.
EU-conformiteitsverklaring
Fabrikant/Exposant:
LIEBHERR-HAUSGERÄTE LIENZ GMBH
A-9900 Lienz, Dr. Hans Liebherr Straße 1
Adres:
Het betreffende product voldoet aan de bepalingen van de volgende Europese richtlijnen en verordeningen:
(EU) 2019/2020, (EU) 2019/2024, (EU) 2019/2018, (EU) 2017/1369, 2006/42/EC, 2014/30/EU, 2009/125/EC, 2011/65/EU
De volledige tekst van de EU-conformiteitsverklaring is onder het volgende internetadres beschikbaar: www.liebherr.com
2.7 SVHC-stoffen volgens de REACHverordening
Onder de volgende link kunt u controleren of uw apparaat SVHC-stoffen volgens de REACH-verordening bevat: https:// go.liebherr.com/z3eewm
2.8 EPREL-database
Vanaf 1 maart 2021 zijn informatie over etikettering inzake energieverbruik en vereisten inzake ecologisch ontwerp te vinden in de Europese productdatabase (EPREL). U krijgt toegang tot de productdatabase via de link https:// eprel.ec.europa.eu/. Hier wordt u gevraagd de modelidentificatie in te voeren. De modelidentificatie vindt u op het typeplaatje.
3 Opstellen en aansluiten
3.1 Opstellingsvoorwaarden
De opstellingsvoorwaarden zijn van cruciaal belang om ervoor te zorgen dat u uw apparaat veilig, efficiënt en probleemloos kunt gebruiken.
- Neem alle veiligheidsaanwijzingen in acht.
- Let op de opstellingslocatie en positie in de ruimte.
* afhankelijk van model en uitvoering 5
Pagina 6
Opstellen en aansluiten
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd opstellen!
Als een stroomkabel of stekker de achterkant van het apparaat raakt, kunnen de trillingen van het apparaat de stroomkabel of stekker beschadigen en kortsluiting veroorzaken.
- Voorkom bij het opstellen van het apparaat dat onder het apparaat stroomkabels klem komen te zitten.
- Apparaat zo opstellen, dat stekker of netsnoer niet tegen het apparaat liggen.
- Op contactdozen in het apparaatacchterpaneel geen apparaten aansluiten.
- Meervoudige contactdozen of verdeeldozen en andere elektronische apparaten (bijv. halogeen-transformatoren) mogen niet aan het achterpaneel van apparaten worden aangebracht en gebruikt.
WAARSCHUWING
Brandgevaar door vocht!
Wanneer stroomgeleidende delen of de stroomaansluiting vochtig worden, kan dat leiden tot kortsluiting.
- Het apparaat is ontworpen voor gebruik in een gesloten ruimte. Het apparaat niet buiten, in een vochtige omgeving of binnen bereik van spatwater plaatsen.
WAARSCHUWING
Vrijkomend koudemiddel en olie!
Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
- Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen.
3.1.1 Opstellingslocatie
- Optimale opstellingslocatie is een droge en goed geventileerde ruimte.
- Als het apparaat in zeer vochtige omgeving wordt opgesteld, kan zich aan de buitenzijde van het apparaat condenswater vormen.
Zorg altijd voor goede ventilatie en ontluchting op de opstelplaats.
- Hoe meer koelmiddel in het apparaat zit, hoe groter de ruimte moet zijn, waar het apparaat in staat. In te kleine ruimten kan bij een lekkage een brandbaar gaslucht mengsel ontstaan. Per 8 g koelmiddel moet de opstellingsruimte ten minste 1 m³ groot zijn. Gegevens betreffende het koelmiddel staan op het typeplaatje in de binnenruimte in het apparaat.
- De ondergrond op de opstellingslocatie moet horizontaal en vlak zijn.
- De opstellingslocatie moet het gewicht van het apparaat inclusief maximale opslag kunnen dragen. (zie 10.1 Technische gegevens)
3.1.2 Plaatsing in de ruimte
- Plaats het apparaat niet in direct zonlicht of naast een verwarming of iets dergelijks.
- Plaats het apparaat altijd met de achterkant tegen de muur.
- Gebruik in explosiegevaarlijke omgevingen is niet toegestaan.
3.2 Apparaatafmetingen
Fig. 3
| Model | A | B | C | D | E |
|---|---|---|---|---|---|
| MRFvg 3501/3511 | 1684 mm | 597 mm | 654 mm | 1203 mm | 23 mm |
| MRFvg 4001/4011 | 1884 mm | 597 mm | 654 mm | 1203 mm | 23 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
A = Apparaathoogte B = Apparaatbreedte zonder greep C = Apparaatdiepte zonder greep D = Apparaatdiepte bij geopende deur E = Scharnierhoogte
3.3 Apparaat transporteren
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding door glasscherven!* Tijdens transport op een hoogte van meer dan 1500 m kan het glas van de deur breken. De scherven zijn scherp en kunnen ernstige verwondingen veroorzaken.
- Navenante veiligheidsmaatregelen treffen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor letsel en beschadigingen door omkantelend apparaat!
- Let tijdens het transport van apparaten op oneffen vloeren en hellingen.
3.3.1 Apparaat vervoeren voor de eerste inbedrijfstelling
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is verpakt. ❑Het apparaat staat rechtop.
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
- Apparaat uitpakken.
3.3.2 Apparaat na eerste inbedrijfstelling transporteren
Neem de volgende aanwijzingen in acht als u het apparaat na de eerste inbedrijfstelling opnieuw wilt vervoeren of verplaatsen.
Zorg ervoor dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑Het apparaat is leeg.
6 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 7
Opstellen en aansluiten
❑Het apparaat staat rechtop.
❑Apparaat met deur(en): De deur is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat met uittrekwagen: De uittrekwagen is beveiligd tegen ongewenst openen.
❑Apparaat met verstelbare poten: Verstelbare poten zijn ingedraaid.
- Vervoer het apparaat met behulp van twee personen.
Na transport:
- Draai de verstelbare poot op het apparaat uit.
- Apparaat uitlijnen.
3.4 Apparaat uitpakken
- Controleer of het apparaat en de verpakking op transportschade. Neem onmiddellijk contact met de leverancier op, als u een beschadiging opmerkt. Het apparaat niet op de stroomvoorziening aansluiten.
- Verwijder alle verpakkingsmaterialen van de achterzijde of de zijwanden van het apparaat die een correcte plaatsing of ventilatie kunnen belemmeren.
Fig. 4
- Voorste afdekkingen Fig. 4 (1) binnen ontgrendelen en naar de zijkant toe verwijderen.
- Bovenste afdekking Fig. 4 (2) naar boven toe verwijderen.
3.5 Deurscharnier verwisselen
Gereedschap
WAARSCHUWING
Letselgevaar door niet-deskundige wissel van de deurscharnieren!
- Laat de deurdraairichting door gekwalificeerd personeel verwisselen.
WAARSCHUWING
Letselgevaar en materiële schade door hoog deurgewicht!
- Ombouw alleen uitvoeren, als u een gewicht van 25 kg kunt dragen.
- Ombouw alleen met twee personen uitvoeren.
LET OP
Onder stroom staande onderdelen!
Beschadiging van elektrische onderdelen.
- Trek de netstekker eruit, voordat u de deuraanslagwissel uitvoert.
- Deur openen.
Fig. 5
- Middelste afdekking ontgrendelen en verwijderen.
Fig. 6
* afhankelijk van model en uitvoering 7
Pagina's 8–10: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 11
Opstellen en aansluiten
Fig. 21
Fig. 21
Aanwijzing
- Als de afdekking moeilijk kan worden losgemaakt, dan voorzichtig met een hulpmiddel, bijv. een schroevendraaier, eruit tillen.*
- Afdekking naar de tegenoverliggende zijde verplaatsen.*
- Stop naar de tegenoverliggende zijde verplaatsen.*
Fig. 22 Geschuimde deur*
Fig. 22 Geschuimde deur*
Fig. 23 Glasdeur*
* afhankelijk van model en uitvoering 11
Pagina 12
Opstellen en aansluiten
| Fig. 23 Glasdeur* ► Greep aan tegenoverliggende zijde schroeven. ► Panelen aanbrengen.* Fig. 24 ► Sluithaak naar de tegenoverliggende zijde verplaatsen. | Fig. 25 ► Scharnierhoek naar tegenoverliggende zijde verplaatsen. |
| WAARSCHUWING Letselgevaar en materiële schade door eruit kantelende deur! ► Lagerbout met aangegeven aanhaalmoment vastdraaien. | |
| Fig. 26 ► Bouten Fig. 26 (1) naar de scharnierhoek verplaatsen. ► Bouten Fig. 26 (2) met aanhaalmoment van 12 Nm vastdraaien. ► Scharnierhoek weer losschroeven. | |
| LET OP Letselgevaar door gespannen veer! ► Deursluitsysteem Fig. 27 (1) niet uit elkaar halen. | |
| Aanwijzing Gaten zijn voorgemarkeerd en moeten met zelftappende schroeven worden doorboord. | |
| 12 | * afhankelijk van model en uitvoering |
Pagina 13
Opstellen en aansluiten
Fig. 27
- Sluitsysteem Fig. 27 (2) draaien tot het klikt. ▷ Voorspanning van het sluitsysteem is losgemaakt.
- Scharnierhoek losschroeven Fig. 27 (3).
Fig. 28
- Deursluitsysteem naar de scharnierhoek verplaatsen.
- Let erop dat bij het plaatsen de boutafschuining Fig. 28 (1) naar het ronde gat wijst.
-of-
Aanwijzing
Verkeerde plaatsing van de hoogte-instelschijven. Bevestiging van de moeren niet meer voldoende mogelijk.
- Schijf moet aan de onderzijde van het sluitsysteem vergrendelen.
Fig. 29
- Moer losmaken en deursluitsysteem verwijderen Fig. 29 (1).
- De correcte uitlijning van de hoogte-instelschijven in acht nemen Fig. 29 (2).
- Deursluitsysteem in de scharnierhoek verplaatsen en met de moer vastzetten Fig. 29 (3).
- Bij het plaatsen de correcte uitlijning van het deursluitsysteem in acht nemen Fig. 29 (4).
Fig. 30
- Afdekplaat naar de tegenoverliggende zijde verplaatsen.
Fig. 31
- Scharnierhoek aan tegenoverliggende zijde schroeven.
* afhankelijk van model en uitvoering 13
Pagina 14
| Opstellen en aansluiten | |||
|---|---|---|---|
| Aanwijzing LET De correcte uitlijning en voorspanning is belangrijk voor de Letselgevaar functie van het sluitsysteem. ► Deur Fig. 32 Links scharnierend (A) / rechts scharnierend (B) | |||
| OP | door eruit vallende vasthouden. | deur! |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)
- Sluitsysteem tegen de weerstand in draaien tot het schot van het sluitsysteem Fig. 32 (1) naar buiten wijst. Fig. 35 ▷ Sluitsysteem blijft zelfstandig in deze positie staan. ► Deur met een tweede persoon van de grond optillen. ▷ Sluitsysteem is uitgelijnd en voorgespannen. ► Deur in 90° geopende toestand voorzichtig op het sluitsysteem plaatsen.
LET OP
Materiële schade door verkeerde montage!
- Kabel bij het monteren van de scharnierhoek niet klemmen.
| ► | Fig. 33 Scharnierhoek in de deur plaatsen. | Fig. 36 ► Kabel door de uitsparing voorzichtig monteren ► Scharnierhoek Fig. | van de scharnierhoek leiden en Fig. 36 (1). 36 (2) vastschroeven. | |
| ► | Fig. 34 Kabel er voorzichtig doorsteken. | Fig. 37 ► Stekker Fig. 37 (1) -of- | in | stekkerhouder steken. |
| 14 | * | afhankelijk van model en uitvoering |
Pagina 15
Opstellen en aansluiten
Fig. 38
- Steek de stekker in de printplaat.
Fig. 39
- Stekker Fig. 39 (1) in printplaat steken.
Fig. 41
- Middelste afdekking vergrendelen.
Fig. 42
- Voorste afdekkingen Fig. 42 (1) zijdelings bevestigen en vastklikken.
- Bovenste afdekking Fig. 42 (2) van boven vastklikken.
- Deur sluiten.
▷ De deurscharnieren zijn gewisseld.
3.6 Deur uitlijnen
Fig. 40
- Afdekking plaatsen.
Als de deur niet recht is, kunt u de deur aan de onderste scharnierhoek afstellen.
Fig. 43
- Middelste schroef aan onderste scharnierhoek verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 15
Pagina 16
| Opstellen en aansluiten | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 3.9 Apparaat | opstellen | |||||||||
| VOORZICHTIG | ||||||||||
| Letsel- ► Apparaat | en beschadigingsgevaar! | met 2 | personen | opstellen. | ||||||
| VOORZICHTIG Letsel- en | beschadigingsgevaar! | |||||||||
| De deur beschadigd. | kan | tegen Bij glazen | de | wand | deuren | slaan kan | en hierdoor worden het beschadigde glas tot | |||
| letsel leiden! ► Deur | tegen het | slaan | tegen de | wand beveiligen. Deur‐ | ||||||
| stopper, | bijv. | van | vilt, | op de wand | aanbrengen. | |||||
| Fig. 44 | ► Alle benodigde | onderdelen | (bijv. | netkabel) op de achter‐ | ||||||
| ► Beide schroeven iets losmaken en deur met scharnierhoek naar rechts of links verschuiven. | zijde leiden. | van | het apparaat | aansluiten | en naar de zijkant | |||||
| ► Schroeven tot de aanslag vastdraaien (middelste schroef is niet meer nodig). | Aanwijzing | |||||||||
| ▷ De deur is recht uitgelijnd. | Kabels ► Kabels | kunnen bij | beschadigd het terugschuiven | worden! | niet ingeklemd raken. | |||||
| 3.7 Transportbeveiliging verwijderen | ||||||||||
| Fig. 45 | ||||||||||
| ► Transportbeveiliging naar boven lostrekken. ▷ Basishouder blijft op het apparaat. | Fig. ► Apparaat | 47 | ofwel | vrij | in | de ruimte | of direct tegen een wand | |||
| met een | minimumafstand | van | 5 mm Fig. 47 (1) opstellen. | |||||||
| 3.8 Deurgreep monteren* | 3.10 | Apparaat | uitlijnen | |||||||
| LET OP Vervorming ► Apparaat ► Oneffen | van het horizontaal ondergrond | apparaat | met | en en verticaal stelvoeten | deur sluit niet. uitlijnen. compenseren. | |||||
| WAARSCHUWING | ||||||||||
| Niet-deskundige | hoogteverstelling | van de stelvoet! | ||||||||
| Zwaar tot | dodelijk | letsel. | Door verkeerde hoogteverstelling | |||||||
| kan het | onderdeel | van de stelvoet losraken en het apparaat | ||||||||
| kantelen. ► De | stelvoet | er | niet | te ver uitdraaien. | ||||||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Fig. 46
- Meegeleverde greep met de meegeleverde schroeven Fig. 46 (1) op de deur aanbrengen.
- Afdekplaatje Fig. 46 (2) plaatsen.
- Stop uit de verpakking op de tegenoverliggende zijde plaatsen. *
16 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 17
Opstellen en aansluiten
Fig. 48
Apparaat optillen:
- Stelvoet rechtsom draaien.
Apparaat neerlaten:
- Stelvoet linksom draaien.
3.11 Plaatsen van meerdere apparaten
LET OP
Beschadigingsgevaar door condenswater tussen de zijwanden!
- Het apparaat niet direct naast een ander koelapparaat plaatsen.
- Apparaat met afstand van 3 cm tussen de apparaten opstellen.
- Meerdere apparaten alleen tot temperaturen van klimaatklasse CC2 (32,2 °C, 65 % luchtvochtigheid) naast elkaar plaatsen.
- Bij hoge luchtvochtigheid afstand tussen de apparaten vergroten.
Fig. 49 Side-by-side-opstelling
Aanwijzing
Een side-by-side-kit is als toebehoren via de Liebherr-klantenservice verkrijgbaar. (zie 10.3 Klantenservice)
3.12 Na het plaatsen
- Beschermfolies verwijderen. *
- Apparaat reinigen. (zie 9.2 Apparaat reinigen)
- Indien nodig: Apparaat desinfecteren.
- Factuur bewaren om voor servicediensten apparaat- en dealergegevens beschikbaar te hebben.
3.13 Afvalverwerking van de verpakking
WAARSCHUWING
Gevaar voor verstikking door verpakkingsmateriaal en folie!
- Kinderen niet met het verpakkingsmateriaal laten spelen.
De verpakking bestaat uit recyclebaar materiaal:
- Golfkarton/karton - Onderdelen uit geschuimd polystyreen - Folies en zakken uit polyetheen - Spanbanden uit polypropeen - Vastgespijkerd houten raam afgewerkt met polyethyleen*
- Breng het verpakkingsmateriaal naar een officieel inzamelpunt.
3.14 Apparaat op de stroomvoorziening aansluiten
WAARSCHUWING
Gevaar voor elektrische schokken en letsel door beschadigd apparaat of beschadigd netsnoer!
Levensgevaar en snijwonden. Als het apparaat of netsnoer tijdens het transport beschadigd zijn geraakt, kunt u een dodelijke elektrische schok krijgen. Bovendien kunt u zich snijden aan beschadigde onderdelen van de behuizing van het apparaat.
- Controleer apparaat en netsnoer na het transport op beschadiging.
- Neem het apparaat in geen geval in gebruik, als het apparaat of netsnoer beschadigd zijn.
- Neem contact op met de klantenservice.
LET OP
Risico op schade door overbelasting van het elektriciteitsnet!
Indien u het apparaat samen met andere grootverbruikers (bijv. oven) op hetzelfde elektriciteitsnet gebruikt, kunnen netspanningsschommelingen het apparaat beschadigen.
- Let op de vereisten voor de stroomvoorziening.
(🢧dynamic link)
- Gebruik het apparaat uitsluitend bij stabiele netspanning en correcte aarding.
U sluit uw apparaat met de apart meegeleverde voedingskabel aan op het lichtnet. De voedingskabel heeft aan één uiteinde een contrastekker voor de aansluiting op de koelkast en aan het andere uiteinde een stekker voor de netvoeding.
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- Apparaat en voedingskabel zijn onbeschadigd.
- Apparaat is volgens de voorschriften opgesteld. (zie 3.7 Transportbeveiliging verwijderen)
- Vereisten aan de elektrische aansluiting zijn aangehouden.
- Maten voor de voorschriftmatige aansluiting zijn bekend en aangehouden.
- Netspanning en spanningsfrequentie komen overeen met de gegevens op het typeplaatje.
- Contactdoos is overeenkomstig de voorschriften geaard en elektrisch gezekerd.
- Uitschakelstroom van de zekering ligt tussen 10 A en 16 A.
- Contactdoos is eenvoudig toegankelijk en bevindt zich niet achter het apparaat.
LET OP
Gevaar voor beschadiging door onjuist gebruik!
Beschadiging van de elektrische componenten van het apparaat.
- Gebruik uitsluitend het meegeleverde netsnoer.
- Netsnoer te kort: bestel een langer netsnoer bij de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice)
WAARSCHUWING
Brandgevaar door verkeerd aansluiten! Brandwonden.
Beschadigingen van het apparaat.
- Geen verlengkabel gebruiken.
- Geen verdeeldozen gebruiken.
* afhankelijk van model en uitvoering 17
Pagina 18
Werking van het Touch-display
| Symbool | Beschrijving | |
|---|---|---|
| Tegelijk op het bevestigingssymbool en het terugsymbool drukken: Eén menuniveau terugspringen. | ||
| LET OP Gevaar voor beschadiging door verkeerd aansluiten! Beschadigingen van het apparaat. ► Sluit het apparaat niet aan op stand-alone-omvormers zoals zonne-energiesystemen en benzinegenerators. ► Netsnoer van de netaansluiting op de stroomvoorziening aansluiten. Let op een goede bevestiging van de contactdoos. ▷ Standby-symbool verschijnt op het display. | Pijl met klok: Het duurt meer dan 10 seconden voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | |
| Pijl met tijdweergave: Het duurt de aangegeven tijd voordat de volgende weergave op het display verschijnt. | ||
| ▷ Indien binnen 60 seconden geen actie volgt: Stand-by symbool vervaagt of verdwijnt. ▷ Apparaat is aangesloten. Eerste inbedrijfstelling zie volgende hoofdstuk of gebruiksaanwijzing. 4 Werking van het Touch-display U bedient uw apparaat met het Touch-display. Met het Touch-display (verder display genoemd) selecteert u de functies van het apparaat door te tikken. Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave. 4.1 Navigatie en verklaring van symbolen In de afbeeldingen worden verschillende symbolen voor navigatie op het display gebruikt. Deze symbolen worden in de volgende tabel beschreven. | Symbool "Instellingsmenu" openen: Naar het instellingsmenu navigeren en het instellingsmenu openen. Indien vereist: In het instellingsmenu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) Symbool "Uitgebreid menu" openen: Naar het uitgebreide menu navigeren en het uitgebreide menu openen. Indien vereist: In het uitgebreide menu naar de gewenste functie navigeren. (zie 4.2.2 Uitgebreid menu openen) | |
| Symbool Beschrijving Op de navigatiepijl vooruit drukken: In het menu één stap verdergaan. | Geen actie gedurende 10 seconden | Als u gedurende 10 seconden geen actie op het display uitvoert, gaat het display terug naar het bovenliggende menu of rechtstreeks naar de statusweergave. |
| Op de navigatiepijl achteruit drukken: In het menu één stap teruggaan. | Deur openen en sluiten | Als u de deur opent en direct weer sluit, springt het display direct terug naar de statusweergave. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Opmerking: Afbeeldingen van het display worden met 3 seconden op de navigatiepijl Engelse begrippen weergegeven.
achteruit drukken:
In het hoofdmenu of vanuit het 4.2 Menu's instellingenmenu terugspringen naar de statusweergave. De functies van het apparaat zijn over verschillende menu's verdeeld.
Meerdere keren achter elkaar op de navigatiepijl drukken:
In het menu verdergaan tot de gewenste functie.
| Menu | Beschrijving |
| Hoofdmenu | Wanneer u het apparaat inschakelt, bevindt u zich automatisch in het hoofdmenu. Vanaf hier navigeert u naar de belangrijkste functies van het apparaat, het instellingenmenu en het uitgebreide menu. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Op het bevestigingssymbool drukken:
Functie activeren/deactiveren.
Submenu openen.
18 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 19
In gebruik nemen
| Menu | Beschrijving |
|---|---|
| Instellingenmenu | Het instellingenmenu bevat de overige apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. (zie 4.2.1 Instellingenmenu openen) |
| Uitgebreid menu | Het uitgebreide menu bevat speciale apparaatfuncties voor het instellen van uw apparaat. De toegang tot het uitgebreide menu wordt beveiligd met de cijfercode 1 5 1. (zie 4.2.2 Uitgebreid menu openen) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
4.2.1 Instellingenmenu openen
Fig. 50 Voorbeeld
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Instellingenmenu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.2.2 Uitgebreid menu openen
Fig. 51 Toegang met cijfercode 151
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Geavanceerd menu is geopend.
- Indien vereist: Naar de gewenste functie navigeren.
4.3 Slaapstand
Als u het display 1 minuut niet aanraakt, schakelt het display over naar de slaapstand. In de slaapstand is de helderheid van het display gedimd.
4.3.1 Slaapstand beëindigen
- Op een willekeurige navigatietoets drukken. ▷ Slaapstand is beëindigd.
5 In gebruik nemen
5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)
Zorg ervoor dat aan de volgende vereisten is voldaan: - Apparaat is opgesteld en aangesloten.
- Alle plakstroken, plak- en beschermfolies en de transportbeveiligingen in en aan het apparaat zijn verwijderd.
Fig. 52 Voorbeeld
Het stand-bysymbool knippert tot de startprocedure is beëindigd.
Het display geeft het stand-bysymbool aan.
Als het apparaat met fabrieksinstelling wordt geleverd, moet bij inbedrijfstelling eerst de beeldschermtaal worden geselecteerd.
3s
Fig. 53
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Fig. 54 ▷ Het apparaat is ingeschakeld zodra de temperatuur op het display verschijnt.
▷ De temperatuurweergave knippert totdat de ingestelde temperatuur is bereikt.
6 Opslag
6.1 Instructies voor opslag
Aanwijzing
Het niet opvolgen van deze gegevens kan leiden tot bederf van levensmiddelen.
* afhankelijk van model en uitvoering 19
Pagina 20
Bediening
1
Fig. 56
1
Fig. 55 Voorbeeld
Bij het bewaren in acht nemen:
❑Als draagplateaus Fig. 55 (1) verstelbaar zijn, kunnen deze in de hoogte worden aangepast.
❑Maximale belading in acht nemen. (zie 10.1 Technische gegevens) ❑Apparaat pas beladen, zodra de opslagtemperatuur werd bereikt (inachtneming van koelketen).
❑Ventilatiesleuf Fig. 56 (2) van de ventilator in de binnenruimte vrijhouden.
❑Gekoelde goederen mogen de achterwand niet raken. ❑Koelproduct steekt niet uit over het draagplateau. ❑Koelgoed goed verpakken.
❑Koelgoed die gemakkelijk geur of smaak aannemen of afgeven in gesloten houders verpakken of afdekken. ❑Vloeistoffen in gesloten houders bewaren.
❑Rauw vlees of rauwe vis in schone, gesloten containers bewaren. Zo voorkomt u dat vlees of vis in contact komen met andere levensmiddelen.
❑Koelgoed met tussenafstand bewaren zodat de lucht goed kan circuleren.
6.2 Bewaartijden
De op de verpakking aangegeven houdbaarheidsdatum geldt als richtlijn voor de bewaartijd.
7 Bediening
7.1 Bedienings- en weergave-elementen
Het display geeft een snel overzicht van de huidige status van het apparaat, de temperatuurinstelling, de status van functies en instellingen, evenals alarm- en foutmeldingen.
De bediening wordt uitgevoerd met navigatiepijlen en bevestigingssymbool.
Er kunnen functies worden geactiveerd of gedeactiveerd en instellingswaarden worden gewijzigd.
Fig. 57 Display
- (1) Statusindicatie
- (2) Navigatiepijl achteruit
- (3) Navigatiepijl vooruit
- (4) Bevestigen
7.1.1 Statusweergave
Fig. 58 Statusweergave met temperatuur
De statusweergave toont de temperatuur en is de uitgangsweergave. Van daaruit vindt de navigatie naar de functies en instellingen plaats. De statusweergave kan verschillende weergavesymbolen weergeven.
7.1.2 Weergavesymbolen
De weergavesymbolen geven informatie over de actuele toestand van het apparaat.
| Symbool | Apparaattoestand |
|---|---|
| Stand-by Apparaat is uitgeschakeld. | |
| Pulserend stand-bysymbool Apparaat beweegt omhoog. | |
| Pulserende temperatuur Doeltemperatuur nog niet bereikt. Apparaat koelt af tot de ingestelde temperatuur. | |
| Temperatuurindicatie Apparaat toont de ingestelde temperatuur. | |
| Wit omrande statusweergave Apparaat is vergrendeld. | |
| Eco-symbool Apparaat is in energiespaarmodus. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
20 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 21
Bediening
| Symbool | Apparaattoestand |
|---|---|
| EcoPlus-symbool Apparaat is in energiespaarmodus Plus. | |
| D in de weergave Apparaat is in DemoMode. | |
| Knipperend symbool Een fout is nog actief. | |
| Foutsymbool Apparaat is in fouttoestand. | |
| Witte balk onder Submenu | |
| Witte balk boven Voorinstelling, actieve instelling of actieve waarde | |
| Toenemende balk Toets 3 seconden indrukken om instelling te activeren. | |
| Afnemende balk Toets 3 seconden indrukken om instelling te deactiveren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Symbolen van de statusweergave
7.1.3 Akoestische signalen
In de volgende gevallen klinkt een signaal:
- Als een functie of waarde wordt bevestigd.
- Als een functie of een waarde ofwel niet geactiveerd ofwel niet gedeactiveerd kan worden.
- Zodra een fout optreedt.
- Bij een alarmmelding.
De alarmtonen kunnen in het klantmenu worden in- en uitgeschakeld.
7.2.2 Apparaat in- en uitschakelen
Met deze instelling kan het gehele apparaat worden in- en uitgeschakeld.
Apparaat inschakelen
Zonder geactiveerde DemoMode:
Fig. 59
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Met geactiveerde DemoMode:
Fig. 60
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
Aanwijzing
DemoMode voor aflopen van de countdown deactiveren.
Fig. 61 ▷ De temperatuurweergave verschijnt op het display.
Apparaat uitschakelen
Fig. 62
7.2 Apparaatfuncties
7.2.1 Opmerkingen over de functies van het apparaat
De apparaatfuncties zijn af fabriek zo ingesteld dat uw apparaat volledig functioneel is.
Voordat u de functies van het apparaat wijzigt, activeert of deactiveert, controleert u of aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑U hebt de beschrijvingen over de werking van het display gelezen en begrepen. (zie 4 Werking van het Touchdisplay) ❑U hebt kennisgemaakt met de bedienings- en weergave-elementen van uw apparaat. (zie 7.1 Bedienings- en weergave-elementen)
Fig. 63
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Display toont stand-bysymbool.
▷ Display wordt na ongeveer 10 minuten uitgeschakeld.
7.2.3 Temperatuur
De temperatuur is afhankelijk van de volgende factoren: - hoe vaak de deur wordt geopend - hoe lang de deur geopend blijft
* afhankelijk van model en uitvoering 21
Pagina 22
Bediening
- ruimtetemperatuur van de plaats van opstelling - type, temperatuur en hoeveelheid van het koelgoed
Aanwijzing
In sommige delen van de binnenruimte kan de luchttemperatuur van de temperatuurweergave afwijken.
Aanbevolen temperatuurinstelling: zie temperatuurklasse op het typeplaatje. (zie 2.4 Toepassingsgebied van het apparaat)
Temperatuur instellen
Fig. 64 Temperatuurwissel van 7 °C tot 9 °C
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Temperatuur is ingesteld.
7.2.4 Eco-modus
Deze functie is bedoeld om het energieverbruik te verminderen. In het apparaat is een hogere temperatuur vooraf ingesteld waardoor het apparaat minder koelt. De Ecomodus wordt onderbroken als de deur wordt geopend, De ingestelde vertragingstijd begint dan weer van voren. Er zijn twee niveaus van de energiespaarmodus:
| Energiespaarmodus | Isolatieglasdeur | Massieve deur |
|---|---|---|
| Eco | De actueel ingestelde temperatuur wordt verhoogd met 2 K. De binnenverlichting blijft ingeschakeld. | De actueel ingestelde temperatuur wordt verhoogd met 1 K. |
| EcoPlus | De actueel ingestelde temperatuur wordt verhoogd met 2 K. De binnenverlichting is uitgeschakeld. | De actueel ingestelde temperatuur wordt verhoogd met 3 K. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Eco-modus activeren
Fig. 65
Fig. 66
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Eco-modus is geactiveerd.
▷ Het Eco-symbool verschijnt in de statusweergave.
EcoPlus-modus activeren
Fig. 67
Fig. 68
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ EcoPlus-modus is geactiveerd.
▷ Het EcoPlus-symbool verschijnt in de statusweergave.
Vertragingstijd voor de start van de Eco- of EcoPlus-modus instellen
Met deze functie kan het starttijdstip na een deuropening voor de Eco-modus of EcoPlus-modus worden ingesteld. U kunt de volgende starttijdstippen instellen:
- 0,5 h - 1 h - 1,5 h - 2 h - 12 h - 24 h
Het voorbeeld toont dat het apparaat pas twee uur na de laatste deuropening naar de Eco- of EcoPlus-modus wisselt.
Fig. 69
22 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 23
Fig. 70
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Het starttijdstip voor Eco- of EcoPlus-modus is ingesteld.
Duur van de Eco- of EcoPlus-modus instellen
Aanwijzing
Bij deuropening of wijziging van de instelwaarde wisselt het apparaat automatisch naar normaal bedrijf.
Met deze functie kan de tijdsduur worden ingesteld waarin het apparaat in de Eco- of EcoPlus-modus wordt gebruikt, voordat het weer naar normaal bedrijf wisselt. U kunt de volgende tijdsduren selecteren:
- 5 h - 6 h - 7 h - 8 h - 12 h - 24 h
Het voorbeeld toont de activering van de Eco- of EcoPlus-modus gedurende zes uur.
Fig. 71
Fig. 72
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ De duur van de Eco- of EcoPlus-modus is ingesteld.
7.2.5 Verlichting
Het apparaat is van een binnenverlichting voorzien.
Bediening
U kunt de binnenverlichting continu inschakelen. (zie Verlichting inschakelen*) *
Als u de deur van het apparaat opent, wordt de binnenverlichting ingeschakeld.
U kunt deze functie ook deactiveren. (zie Verlichting bij deuropening uitschakelen*) *
Verlichting uitschakelen*
Fig. 73
Fig. 74
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verlichting is uitgeschakeld.
Verlichting inschakelen*
Fig. 75
Fig. 76
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verlichting is ingeschakeld.
Verlichting bij deuropening uitschakelen*
Fig. 77
* afhankelijk van model en uitvoering 23
Pagina 24
Bediening
Fig. 78
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verlichting bij deuropening is uitgeschakeld.
Verlichting bij deuropening inschakelen*
Fig. 79
Fig. 80
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verlichting bij deuropening is ingeschakeld.
*
7.2.6 Verlichtingsintensiteit
Met deze instelling kan de helderheid van de binnenruimte trapsgewijs worden ingesteld.
De volgende helderheidswaarden kunnen worden ingesteld:
- 20% - 40% - 60% - 80% - 100% (voorinstelling)
Verlichtingsintensiteit instellen
Fig. 81
Fig. 82
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ De verlichtingsintensiteit neemt dienovereenkomstig toe of af.
7.2.7 Deurvergrendeling
Het apparaat heeft een elektronische deurvergrendeling. Bij eerste inbedrijfstelling is de deur ontgrendeld en kunt u deze openen.
Met deze functie kan het apparaat tegen ongewenst leeghalen worden beveiligd.
Hiervoor heeft u de volgende instelmogelijkheden:
- Deur met deurcode vergrendelen.
- Deur met deurcode ontgrendelen.
- Automatische vergrendeling activeren.
- Automatische vergrendeling deactiveren.
- Tijdsvertraging van de automatische vergrendeling instellen.
- Wijzigen van de deurcode. (zie 7.2.9 Toegangscodes)
- Resetten van de deurcode. (zie 7.2.9 Toegangscodes)
- Afstandsbediening koppelen. (zie 7.2.10 Afstandsbediening )
Deur met deurcode vergrendelen
De deurcode-invoer start vanuit de statusweergave.
Fig. 83 Deur met deurcode < < < < vergrendelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De statusweergave met witte rand verschijnt. ▷ De deur is vergrendeld.
Deur met deurcode ontgrendelen
De deurcode-invoer start vanuit de statusweergave.
24 * afhankelijk van model en uitvoering