Liebherr MRFvg 4001, tekst van de handleiding
Pagina's 25–38 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 25
Bediening
Fig. 84 Deur met deurcode < < < < ontgrendelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De statusweergave zonder rand verschijnt. ▷ De deur is ontgrendeld.
Automatische vergrendeling activeren
Fig. 85
Fig. 86
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Automatische vergrendeling is geactiveerd.
▷ Nu kan de tijdsvertraging (zie Tijdsvertraging van de automatische vergrendeling instellen) worden ingesteld.
Aanwijzing
U kunt de deur verder met de afstandsbediening (zie 7.2.10 Afstandsbediening ) of via de invoer van de deurcode vergrendelen en ontgrendelen.
Automatische vergrendeling deactiveren
Fig. 87
Fig. 88
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Automatische vergrendeling is gedeactiveerd.
Tijdsvertraging van de automatische vergrendeling instellen
Deze functie legt het tijdstip van de elektronische deurvergrendeling na een deuropening vast.
Zorg ervoor dat aan de volgende vereisten is voldaan: ❑Het automatische vergrendelen van de deur (zie Automatische vergrendeling activeren) is geactiveerd.
Fig. 89
Fig. 90 De volgende waarden kunnen worden ingesteld: 5, 15, 60, 90, 120, 180 en 240 seconden
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Tijdsvertraging is ingesteld.
Deurcode wijzigen
(zie 7.2.9 Toegangscodes)
Deurcode resetten
(zie 7.2.9 Toegangscodes)
Afstandsbediening koppelen
(zie 7.2.10 Afstandsbediening )
7.2.8 Displayblokkering
Deze instelling vermijdt onbedoelde bediening van het apparaat.
Toepassing:
- Onbedoeld wijzigen van instellingen en functies vermijden.
* afhankelijk van model en uitvoering 25
Pagina 26
Bediening
| - Onbedoeld uitschakelen van het apparaat vermijden. - Onbedoelde temperatuurinstelling vermijden. | |
| Aanwijzing | |
| Het deurslot kan ondanks geactiveerde displayblokkering altijd met de pincode (zie 7.2.9 Toegangscodes) worden geopend en vergrendeld. | Fig. 94 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Displayblokkering activeren
Fig. 91
Fig. 92
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De displayblokkering is geactiveerd. ▷ De statusweergave verschijnt.
Displayblokkering deactiveren
Fig. 93
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De displayblokkering is gedeactiveerd. ▷ De statusweergave verschijnt.
7.2.9 Toegangscodes
Verschillende instellingen zijn mogelijk.
Toepassing:
- Wijzigen van de deurcode. - Resetten van de deurcode.
Fig. 95
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoer van de oude deurcode succesvol.
Fig. 96
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Invoer van de nieuwe deurcode succesvol.
Deurcode
Deurcode wijzigen
Deze instelling maakt het wijzigen van de deurcode van de deurvergrendeling mogelijk.
De instelling wordt in 3 stappen uitgevoerd:
- Invoer van de oude deurcode - Invoer van de nieuwe deurcode - Bevestiging van de nieuwe deurcode
Aanwijzing
- In het volgende voorbeeld wordt de af fabriek ingestelde deurcode < < < < gewijzigd.
- De nieuwe deurcode is: < < > <
Fig. 97
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Bevestiging van de nieuwe deurcode succesvol. ▷ Deurcode is gewijzigd.
26 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 27
Deurcode resetten
Deurcode vergeten of niet bekend.
- Apparaat resetten naar fabrieksinstellingen.
(zie 7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen ) ▷ Het apparaat is gereset naar de oorspronkelijke instellingen.
▷ De af fabriek ingestelde deurcode is: < < < <
7.2.10 Afstandsbediening
Op de afstandsbediening is bij levering een fabriek-pincode opgeslagen, die elk apparaat met ongewijzigde fabrieksinstellingen (zie 7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen ) opent. Zo kunnen meerdere apparaten met slechts een afstandsbediening worden geopend en gesloten. Door het koppelen wordt een apparaatspecifieke pincode gemaakt die alleen het aangemelde apparaat kan openen of sluiten. Een fabrieksreset herstelt de oorspronkelijke functionaliteit weer.
Aanwijzing
Het bereik van de afstandsbediening is ongeveer 15 m.
Toepassing:
- Afstandsbediening koppelen. - Afstandsbediening scheiden.
Afstandsbediening koppelen
Fig. 98
Fig. 99
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
- Een toets op de afstandsbediening twee keer indrukken. ▷ De statusled op de afstandsbediening knippert drie keer. ▷ De afstandsbediening is met het apparaat verbonden.
Afstandsbediening scheiden
Fig. 100
Bediening
Fig. 101
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ De afstandsbediening is van het apparaat gescheiden.
7.2.11 Taal
Met deze instelling wordt de taal van de weergave ingesteld.
Taal instellen
Fig. 102
Fig. 103
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ De geselecteerde taal is ingesteld.
7.2.12 Temperatuureenheid
Met deze functie stelt u de temperatuureenheid in. U kunt als temperatuureenheid graden Celsius en graden Fahrenheit instellen.
Temperatuureenheid instellen
Fig. 104
* afhankelijk van model en uitvoering 27
Pagina 28
Bediening
Fig. 105 Voorbeeldweergave: Tussen Celsius en graden Fahrenheit schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Temperatuureenheid is ingesteld.
7.2.13 Display-helderheid
Met deze functie stelt u de helderheid van het display trapsgewijs in.
U kunt de volgende helderheidsniveaus instellen:
- 40% - 60% - 80% - 100 % (voorinstelling)
Helderheid instellen
Fig. 106
Fig. 107 Voorbeeldweergave: Van 80 % naar 60 % schakelen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Helderheid is ingesteld.
7.2.14 Alarm Sound
Met deze functie kunnen alle alarmtonen, bijvoorbeeld deuralarm, worden in- en uitgeschakeld.
Alarm Sound activeren
Fig. 108
Fig. 109
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Alarm Sound is geactiveerd.
Alarm Sound deactiveren
Fig. 110
Fig. 111
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Alarm Sound is gedeactiveerd.
7.2.15 WLAN-verbinding
Aanwijzing
Liebherr SmartMonitoring Dashboard is niet in alle landen beschikbaar. Controleer de beschikbaarheid via de QR-code door uw model in te voeren.
Aanwijzing
Het gebruik van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard onder https://smartmonitoring.liebherr.com vereist een geïnstalleerde SmartModule en een zakelijke MyLiebherraccount. U kunt zich tijdens de online-inbedrijfstelling direct met uw beschikbare aanmeldgegevens aanmelden of zich opnieuw registeren en een bedrijfsaccount aanmaken.
Deze instelling brengt een snoerloze verbinding tussen apparaat en internet tot stand. De verbinding wordt via de SmartModule gestuurd. Het apparaat kan via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard in een browser worden geïntegreerd en met geavanceerde opties en individuele mogelijkheden voor besturing, beheer en bewaking worden gebruikt.
Aanwijzing
Accessoires zijn verkrijgbaar bij de klantenservice (zie 10.3 Klantenservice) of bij gespecialiseerde dealers via de dealerzoekfunctie op onze servicepagina op internet:
home.liebherr.com
28 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 29
Fig. 112
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑SmartModule Fig. 112 (1) is geplaatst.
Verbinding maken
De inbedrijfstelling en inrichting van uw SmartModule doet u online via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard op uw internetcompatibele eindapparaat.
Op het Liebherr SmartMonitoring Dashboard vindt u ook informatie over de inbouw achteraf van de SmartModule.
Fig. 113
- Open het Liebherr SmartMonitoring Dashboard (zie Fig. 113) .
Op het koel- of vriesapparaat:
Fig. 114
Fig. 115
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
- Inrichtprocedure op uw internetcompatibele eindapparaat voortzetten: Liebherr SmartMonitoring Dashboard
Fig. 116
- Verbinding wordt gemaakt.
▷ WiFi connecting wordt weergegeven. Het symbool knippert.
- Instructies van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard opvolgen.
Bediening
▷ Verbinding is gemaakt.
Verbinding verbreken
Fig. 117
Fig. 118
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verbinding is verbroken.
Verbinding resetten
Fig. 119
Fig. 120
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ De WiFi-instellingen zijn teruggezet op de toestand van levering.
7.2.16 LAN-verbinding
Aanwijzing
Liebherr SmartMonitoring Dashboard is niet in alle landen beschikbaar. Controleer de beschikbaarheid via de QR-code door uw model in te voeren.
Aanwijzing
Het gebruik van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard onder https://smartmonitoring.liebherr.com vereist een geïnstalleerde SmartModule en een zakelijke MyLiebherraccount. U kunt zich tijdens de online-inbedrijfstelling direct met uw beschikbare aanmeldgegevens aanmelden of zich opnieuw registeren en een bedrijfsaccount aanmaken.
* afhankelijk van model en uitvoering 29
Pagina 30
Bediening
Deze instelling zorgt voor een kabelgebonden verbinding tussen het apparaat en het internet tot stand. De verbinding wordt via de SmartModule gestuurd. Het apparaat kan via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard in een browser worden geïntegreerd en met geavanceerde opties en individuele mogelijkheden voor besturing, beheer en bewaking worden gebruikt.
Aanwijzing
Accessoires zijn verkrijgbaar bij de klantenservice (zie 10.3 Klantenservice) of bij gespecialiseerde dealers via de dealerzoekfunctie op onze servicepagina op internet:
home.liebherr.com
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Verbinding wordt gemaakt: LAN connecting wordt weergegeven. Het symbool knippert.
- Instructies van het Liebherr SmartMonitoring Dashboard opvolgen.
▷ Verbinding is gemaakt.
Verbinding verbreken
Fig. 125
Fig. 121
Ervoor zorgen dat aan de volgende voorwaarden is voldaan:
❑SmartModule Fig. 121 (1) is geplaatst. ❑Een netwerkkabel is aangesloten. ❑Netwerk is met internet verbonden.
Verbinding maken
De inbedrijfstelling en inrichting van uw SmartModule doet u online via het Liebherr SmartMonitoring Dashboard op uw internetcompatibele eindapparaat.
Op het Liebherr SmartMonitoring Dashboard vindt u ook informatie over de inbouw achteraf van de SmartModule.
Fig. 122
- Open het Liebherr SmartMonitoring Dashboard (zie Fig. 122) .
Op het koel- of vriesapparaat:
Fig. 123
Fig. 124
Fig. 126
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Verbinding is verbroken.
7.2.17 Apparaatinformatie
Met deze functie geeft u de modelnaam, de index, het serienummer en het servicenummer van het apparaat weer. U heeft de apparaatinformatie nodig, als u contact opneemt met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice)
Met deze functie opent u bovendien het menu Geavanceerd. (zie 4 Werking van het Touch-display)
Apparaatinformatie weergeven
Fig. 127
Fig. 128
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Display geeft apparaatinformatie weer.
7.2.18 Bedrijfsuren
Deze weergave toont de bedrijfsuren van het apparaat.
Bedrijfsuren weergeven
Fig. 129
30 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 31
Fig. 130 ▷ De bedrijfsuren verschijnen.
7.2.19 Software
Met deze functie stelt u de softwareversie van uw apparaat in.
Softwareversie weergeven
Fig. 131
Fig. 132
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Display geeft softwareversie weer.
7.2.20 Deuralarm
Met deze functie activeert of deactiveert u het deuralarm. Het deuralarm klinkt als de deur te lang geopend is. Het deuralarm is bij levering geactiveerd. U kunt instellen hoe lang de deur mag zijn geopend, tot het deuralarm klinkt.
U kunt de volgende waarden instellen:
- 1 minuut - 2 minuten - 3 minuten - Uit
Deuralarm instellen
Fig. 133
Fig. 134 Voorbeeldweergave: Deuralarm van 1 minuut in 3 minuten veranderen.
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Deuralarm is ingesteld.
Bediening
Deuralarm deactiveren
Fig. 136
Fig. 137
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Deuralarm is gedeactiveerd.
*
7.2.21 Lichtalarm
Met deze instelling kunnen de visuele alarmmeldingen op het display extra worden geaccentueerd door knipperende apparaatverlichting.
Lichtalarm activeren
Fig. 138
Fig. 139
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Het lichtalarm is geactiveerd.
Lichtalarm deactiveren
Fig. 140
Fig. 141
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren. ▷ Het lichtalarm is gedeactiveerd.
* afhankelijk van model en uitvoering 31
Pagina 32
Bediening
7.2.22 Demomodus
De demomodus is een speciale functie voor dealers die apparaatfuncties willen demonstreren. Als u de demomodus activeert, zijn alle koudetechnische functies gedeactiveerd.
Als u uw apparaat inschakelt en in de statusweergave een "D" verschijnt, is de demomodus al geactiveerd.
Als u de demomodus activeert en vervolgens weer deactiveert, wordt het apparaat teruggezet naar de fabrieksinstellingen. (zie 7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen )
Demomodus activeren
Fig. 145
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is gedeactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ Apparaat is teruggezet naar de fabrieksinstellingen.
7.2.23 Resetten naar fabrieksinstellingen
Gebruik deze functie om alle instellingen terug te zetten naar de fabrieksinstellingen. Alle instellingen die u tot nu toe hebt gemaakt, worden gereset naar de oorspronkelijke instellingen.
Reset uitvoeren
Fig. 142
Fig. 146
Fig. 143
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Demomodus is geactiveerd.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat inschakelen. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling)) ▷ In de statusweergave verschijnt "D".
Demomodus deactiveren
Fig. 147
- Stappen volgens de afbeelding uitvoeren.
▷ Apparaat wordt gereset.
▷ Apparaat is uitgeschakeld.
- Apparaat opnieuw starten. (zie 5.1 Apparaat inschakelen (eerste inbedrijfstelling))
7.3 Meldingen
Fig. 144
7.3.1 Waarschuwingen
Waarschuwingen worden akoestisch door een signaaltoon en optisch door een symbool op het display weergegeven. De signaaltoon wordt sterker en luider tot de melding wordt bevestigd.
| Melding | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Deur open | De melding verschijnt, als de deur te lang geopend is. | Deur sluiten. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. Aanwijzing De tijdsduur tot verschijnen van de melding kan worden ingesteld (zie 7.2.20 Deuralarm ) . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
32 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 33
Bediening
| Melding | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Temperatuuralarm | De melding verschijnt, als de temperatuur niet overeenkomt met de ingestelde temperatuur. Oorzaak voor temperatuurverschillen kan zijn: ⁃ Er werden koelgoederen in gelegd. ⁃ Bij het hersorteren en het verwijderen van levensmiddelen is te veel warme lucht het apparaat in gestroomd. ⁃ De stroom is langdurig uitgevallen. | Bevestigingsknop indrukken. Warmste temperatuur wordt weergegeven. Bevestigingsknop indrukken. De huidige temperatuur knippert en op het display verschijnt afwisselend het temperatuuralarmsymbool totdat de ingestelde temperatuur bereikt is. Controleer de kwaliteit van de gekoelde producten. |
| Fout | Het apparaat is defect, er is een storing of een onderdeel van het apparaat is defect. | Gekoelde producten ergens anders bewaren. Bevestigingsknop indrukken. Foutcode wordt weergegeven. Bevestigingsknop indrukken. Indien aanwezig, wordt een andere foutcode weergegeven. of Het statusscherm met knipperend foutsymbool wordt weergegeven. Druk op de navigatietoetsen om de foutcode(s) opnieuw weer te geven. Noteer de foutcode(s) en neem contact op met de klantenservice. |
| Handmatig geopend | Dit bericht verschijnt als de elektronisch vergrendelde deur handmatig geopend is. | Deur sluiten. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WLAN-fout | WLAN-verbinding is onderbroken. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WWW-fout WLAN | Het bericht verschijnt als er geen internetverbinding via WLAN is. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| LAN-fout | LAN-verbinding is onderbroken. | Controleer de verbinding en de netwerkkabel. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
| WWW-fout LAN | Dit bericht verschijnt als er geen internetverbinding via LAN is. | Controleer de verbinding. Bevestigingsknop indrukken. Alarm wordt beëindigd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
* afhankelijk van model en uitvoering 33
Pagina 34
Uitrusting
8 Uitrusting
8.1 Veiligheidsslot
De apparaatdeur is voorzien van een elektronisch slot.
Toepassing:
- Met deurcode vergrendelen en ontgrendelen. (zie 7.2.7 Deurvergrendeling )
- Automatische vergrendeling activeren en deactiveren. (zie 7.2.7 Deurvergrendeling )
- Deur met afstandsbediening vergrendelen en ontgrendelen. (zie 7.2.10 Afstandsbediening )
- Deur wordt automatisch vergrendeld na een stroomstoring (kan niet worden uitgeschakeld).
8.1.1 Noodontgrendeling
U kunt bij stroomuitval de deur met de noodontgrendelingssleutel openen.
Fig. 149
- (1) Slot vergrendelen
- (2) Slot ontgrendelen
- (3) Statusled
- (4) Bevestigingsoog
8.2.1 Afstandsbediening gebruiken
- Toets Fig. 149 (1) op de afstandsbediening indrukken. ▷ Het slot is vergrendeld. De deur kan niet worden geopend.
- Toets Fig. 149 (2) op de afstandsbediening indrukken. ▷ Het slot is ontgrendeld. De deur kan worden geopend.
- Statusled Fig. 149 (3) geeft bij indrukken van een toets een optische terugmelding.
- Oog Fig. 149 (4) voor de bevestiging van de afstandsbediening, bijvoorbeeld aan een sleutelbos.
9 Onderhoud
Fig. 148
- Noodontgrendelingssleutel op de betreffende positie positioneren Fig. 148 (A) ≈ 100 mm.
- Noodontgrendelingssleutel Fig. 148 (1) tussen deur en apparaatcorpus van bovenaf tot aan de aanslag insteken.
- Noodontgrendelingssleutel in de richting van het scharnier trekken. Fig. 148 (2) ▷ Het slot is ontgrendeld. U kunt de deur openen.
8.2 Afstandsbediening
Met de afstandsbediening kan het deurslot op afstand worden vergrendeld of ontgrendeld.
Voor gebruik moet deze met het apparaat worden verbonden. (zie 7.2.10 Afstandsbediening )
De batterij kan worden vervangen.
9.1 Apparaat ontdooien
WAARSCHUWING
Apparaat op de verkeerde manier ontdooid!
Verwondingen en beschadigingen.
- Om het ontdooiproces te versnellen, geen mechanische hulpmiddelen of andere middelen gebruiken die niet door de fabrikant worden aanbevolen.
- Gebruik voor het ontdooien geen elektrische verwarmings- of stoomreinigingsapparaten, open vuur of ontdooisprays.
- IJs niet met scherpe voorwerpen verwijderen.
Het ontdooien gebeurt automatisch. Het dooiwater wordt via de afvoeropening afgevoerd en verdampt.
Om de functionaliteit van het apparaat te behouden, raden we aan het te ontdooien als er veel ijsvorming is. Voor ijsvorming in de binnenruimte zijn de plaats van opstelling (bijv. een hoge luchtvochtigheid), instellingen op het apparaat en verkeerd gebruikersgedrag bepalend.
Als het automatisch ontdooien niet voldoende is, moet het apparaat handmatig worden ontdooid:
- Apparaat uitschakelen. (zie 7.2.2 Apparaat in- en uitschakelen )
- Netstekker loskoppelen.
- Koelgoed verplaatsen.
- Apparaatdeur tijdens ontdooien open laten.
- Resterend condenswater met een doek opnemen, afvoeropening en het apparaat reinigen.
34 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 35
Onderhoud
9.2 Apparaat reinigen
9.2.1 Voorbereiden
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Brandgevaar
- De buisleidingen van het koelmiddelcircuit niet beschadigen.
- Apparaat leegmaken.
- Netstekker eruit halen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
9.2.2 Behuizing reinigen
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
- Behuizing met een zachte, schone doek schoonvegen. Bij sterke vervuiling lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken. Glazen oppervlakken kunnen ook met een glasreinigingsmiddel worden gereinigd.
- Condensorspiraal jaarlijks reinigen. Als de condensorspiraal niet wordt gereinigd, leidt dit tot een aanzienlijke reductie van de efficiëntie van het apparaat.
9.2.3 Ventilatorafdekking reinigen
LET OP
Beschadigingsgevaar door kortsluiting!
- Bij het reinigen van het apparaat voorkomen dat reinigingswater in de elektrische componenten dringt.
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Fig. 150
- Ventilatorafdekkingen voorzichtig aan de zijkant eruit halen Fig. 150 (1) en naar de voorkant toe verwijderen Fig. 150 (2).
- Ventilatieopeningen van de ventilatorafdekkingen onder stromend water doorspoelen. Bij sterke vervuiling: lauwwarm water met neutraal reinigingsmiddel gebruiken.
- Ventilatorafdekkingen volledig in de lucht laten drogen.
- Ventilatorafdekkingen weer in het apparaat plaatsen.
9.2.4 Binnenruimte reinigen
WAARSCHUWING
Gevaar voor kortsluiting door onder stroom staande onderdelen!
Elektrische schok of beschadiging van de elektronica.
- Apparaat uitschakelen.
- Netstekker eruit trekken of zekering uitschakelen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor verwonding en beschadiging door hete stoom! Hete stoom kan brandwonden veroorzaken en de oppervlakken beschadigen.
- Gebruik geen stoomreinigers!
LET OP
Ondeskundige reiniging!
Beschadigingen aan het apparaat.
- Uitsluitend zachte poetsdoekjes en een ph-neutrale allesreiniger gebruiker.
- Gebruik geen schurende of krassende sponzen of staalwol.
- Gebruik geen scherpe, schurende, zand-, chloor- of zuurhoudende schoonmaakmiddelen.
Aanwijzing
- Condensafvoer (zie 2.2 Apparaat- en uitrustingsoverzicht) : Afzettingen met een dun hulpmiddel (bijvoorbeeld wattenstaafjes) verwijderen.
* afhankelijk van model en uitvoering 35
Pagina 36
Klantenhulp
| Aanwijzing | Aanwijzing |
|---|---|
| Typeplaatje aan binnenzijde van apparaat niet beschadigen of verwijderen. Typeplaatje is belangrijk voor de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ► De batterij moet worden opgestuurd voor gescheiden afvalverwerking en op de juiste wijze en professioneel worden afgevoerd in overeenstemming met de plaatselijk geldende voorschriften en wetten. Batterij in geen geval beschadigen of kortsluiten! |
| ► Deur openen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
- Apparaat leegmaken.
- Binnenruimte en uitrustingsdelen met lauwwarm water en een beetje afwasmiddel reinigen. Geen zand- of zuur‐ 10 Klantenhulp houdende reinigingsmiddelen en geen chemische oplosmiddelen gebruiken.
10.1 Technische gegevens 9.2.5 Na het reinigen
Temperatuurbereik
- Apparaat en uitrustingsdelen droogwrijven.
- Apparaat aansluiten en inschakelen. Koelen -2 °C tot +15 °C Als de temperatuur voldoende koud is:
- Koelgoed erin leggen.
- Reiniging regelmatig herhalen.
- Koelmachine met warmtewisselaar een keer per jaar reinigen en ontstoffen.
| Maximale belading per steunvlak A) | |||
|---|---|---|---|
| Apparaatbreedte | 550 mm | 600 mm | 750 mm |
| Oplegroosters | -- | 45 kg | 60 kg |
| Glasplaat | 40 kg | 40 kg | 40 kg |
| Schuiflade (vriesapparatuur) | 15 kg | 15 kg | 15 kg |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
9.3 Batterij van de afstandsbediening vervangen
A) Bij zware belading kunnen de steunen iets doorbuigen.
| Netto-inhoud | |
|---|---|
| Zie de nuttige inhoud op het typeplaatje. (zie 2.2 en uitrustingsoverzicht) | Apparaat- |
| Verlichting | |
| Energie-efficiëntieklasse A) | Lichtbron |
| Dit product bevat een of meerdere lichtbronnen van energie-efficiëntieklasse F | Led |
| A) Dit product kan lichtbronnen met verschillende | energie- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
efficiëntieklassen bevatten. De laagste energie-efficiëntieklasse is aangegeven.
Fig. 151
De stroomvoorziening van de afstandsbediening vindt plaats via een batterij van het type CR 2032 met 3V Fig. 151 (2) die verkrijgbaar is bij de gespecialiseerde handel.
9.3.1 Batterij vervangen
- Schroef Fig. 151 (1) aan achterzijde van de afstandsbediening eruit draaien.
- Achterzijde verwijderen.
▷ Batterijvak is open.
- Batterij vervangen.
- Batterijvak sluiten.
- Schroef erin draaien.
| Specificatie WLAN-frequentie | |
|---|---|
| Frequentieband | 2,4 GHz |
| Maximum uitgestraald vermogen | <100 mW |
| Beoogd gebruik van de radioapparatuur | Integratie in het plaatselijke WLAN-netwerk voor gegevenscommunicatie |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
10.2 Technische storing
Uw apparaat is zodanig geconstrueerd en gemaakt dat functieveiligheid en lange levensduur gegarandeerd zijn. Als er tijdens de werking een storing optreedt, controleer dan of de storing werd veroorzaakt door een bedieningsfout. In dat geval moeten ook de tijdens de garantieperiode gemaakte kosten aan u worden doorberekend.
De volgende storingen kunt u zelf verhelpen.
10.2.1 Apparaatfunctie
| Probleem | Oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| → Het apparaat is niet ingeschakeld. | ► Apparaat inschakelen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
36 * afhankelijk van model en uitvoering
Pagina 37
Klantenhulp
| Probleem | Oorzaak | Oplossing | |
|---|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet. | De netstekker steekt niet correct in het stopcontact. | ► Netstekker controleren. | |
| De zekering van het stopcontact is niet in orde. | ► Zekering controleren. | ||
| Stroomuitval | ► Apparaat gesloten houden. ► De deur kan worden geopend met de noodontgrendelingssleutel. (zie 8.1 Veiligheidsslot) | ||
| De koelapparaatbus steekt niet correct in het apparaat. | ► Koelapparaatbus controleren. | ||
| Temperatuur is te laag. | De apparaatdeur is niet correct aangesloten. | ► Apparaatdeur sluiten. | |
| De be- en ontluchting is onvoldoende. | ► Ventilatieroosters vrijmaken en reinigen. | ||
| De omgevingstemperatuur is te hoog. | ► Let op de juiste omgevingsvoorwaarden: (zie 2.4 Toepassingsgebied van het apparaat) | ||
| Het apparaat werd te vaak of te lang geopend. | ► Afwachten of de noodzakelijke temperatuur vanzelf weer wordt ingesteld. Als dit niet gebeurt, dan contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ||
| De temperatuur is verkeerd ingesteld. | ► Temperatuur lager instellen en na 24 uur controleren. | ||
| Het apparaat staat te dicht bij een warmtebron (fornuis, verwarming etc.). | ► Opstelplaats van het apparaat of de warmtebron veranderen. | ||
| Afstandsbediening functioneert niet. | Batterij van de afstandsbediening is leeg. | ► Batterij vervangen. | |
| Radioverbinding met het apparaat te zwak. | ► Afstand tot het apparaat verkleinen. | ||
| Afstandsbediening niet gekoppeld. | ► Afstandsbediening opnieuw koppelen: (zie 7.2.10 Afstandsbediening ) | ||
| Afstandsbediening is defect. | ► Contact opnemen met de klantenservice. (zie 10.3 Klantenservice) | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
10.3 Klantenservice
Controleer eerst of u de fout zelf kunt oplossen . Als dit niet het geval is, contact met de klantenservice opnemen. U vindt het adres in de bijgevoegde brochure „Liebherr Service” of op home.liebherr.com/service.
WAARSCHUWING
Ondeskundige reparatie!
Verwondingen.
- Reparaties en ingrepen aan het apparaat en de stroomaansluiting die niet uitdrukkelijk genoemd worden (zie 9 Onderhoud) , uitsluitend door de Technische Dienst laten uitvoeren.
- Beschadigde netaansluiting alleen door de fabrikant, de klantenservice of een dergelijk gekwalificeerde persoon laten vervangen.
- Bij apparaten met stekker voor koelapparaten mag ook de klant zelf de vervanging uitvoeren.
10.3.1 Contact met de klantenservice opnemen
Zorg ervoor dat u de volgende apparaatinformatie beschikbaar hebt:
❑Apparaataanduiding (model en index)
❑Servicenr. (Service) ❑Serienr. (S-Nr.)
- Apparaatinformatie via het display oproepen (zie 7.2.17 Apparaatinformatie ) .
-of-
- Apparaatinformatie van het typeplaatje aflezen. (zie 10.4 Typeplaatje)
- Apparaatinformatie noteren.
- Klantenservice informeren: Fout en apparaatinformatie mededelen.
▷ Zo is een snelle en doelgerichte service mogelijk.
- Verdere instructies van de klantenservice opvolgen.
10.4 Typeplaatje
Het typeplaatje bevindt zich aan de binnenkant van het apparaat. Zie apparaatoverzicht.
* afhankelijk van model en uitvoering 37
Pagina 38
Buiten bedrijf stellen
Fig. 152
- (1) Apparaataanduiding
- (2) Service-nr.
- (3) Serie-nr.
11 Buiten bedrijf stellen
- Apparaat leegmaken.
- Apparaat uitschakelen.
- Trek de netstekker uit het stopcontact.
- Verwijder indien nodig de koelapparaatbus: Trek de koelapparaatbus uit de apparaatstekker en beweeg tegelijkertijd naar links en rechts.
- Apparaat reinigen. (zie 9.2 Apparaat reinigen)
- Indien beschikbaar: Verwijder afdekkingen en isolatie van de sensordoorvoer om schimmelvorming te voorkomen.
- Deur open laten, zodat geen slechte geur kan ontstaan.
Aanwijzing
Beschadiging van het apparaat en storingen!
- Na de buitenbedrijfstelling mag het apparaat alleen worden gebruikt bij een toelaatbare kamertemperatuur tussen -10 °C en +50 °C opslaan.
12 Afvalverwijdering
12.1 Apparaat op afvoer voorbereiden
Liebherr maakt bij sommige apparaten gebruik van batterijen. In de EU is het nu voor de consument wettelijk verplicht deze batterijen voor de afvoer van apparaten te verwijderen. Als uw apparaat batterijen bevat, wordt dit op het apparaat aangegeven.
Lampen
Als u lampen zelfstandig en zonder kapot te maken kunt verwijderen, verwijder deze dan eveneens voor het voeren.
- Apparaat buiten bedrijf stellen.
- Indien mogelijk: verwijder lampen zonder deze kapot te maken.
12.2 Apparaat volgens milieuvoorschriften afvoeren
Het apparaat bevat waardevolle materialen en moet gescheiden van het ongesorteerde, huishoudelijke afval worden afgevoerd.
Voer batterijen gescheiden van het apparaat af. Batterijen kunnen gratis worden ingeleverd bij de winkel en bij andere inleverpunten zoals het gemeentelijk depot en de chemokar.
Lampen
Voor Duitsland:
Lever gedemonteerde lampen in bij een daarvoor bestemd inleverpunt.
U kunt het apparaat gratis inleveren bij de milieustraat. Bij de aankoop van een nieuwe koelkast of vriezer en een verkoopoppervlak > 400 m² neemt de dealer het oude apparaat ook gratis terug.
WAARSCHUWING
Vrijkomend koudemiddel en olie!
Brand. Het gebruikte koelmiddel is milieuvriendelijk maar wel brandbaar. De gebruikte olie is ook brandbaar. Vrijkomend koelmiddel en vrijkomende olie kunnen bij hoge concentratie en in contact met een externe warmtebron ontvlammen.
- Buisleidingen van de koelmiddelkringloop en compressor niet beschadigen.
- Aanwijzingen voor het transport van het apparaat in acht nemen.
- Voer het apparaten af zonder het te beschadigen.
- Voer batterijen, lampen en het apparaat af zoals hierboven beschreven.
13 Aanvullende informatie
Meer informatie over garantiebepalingen vindt u in de meegeleverde servicebrochure of op internet op https:// home.liebherr.com.
38 * afhankelijk van model en uitvoering