Pelgrim IK883MG, tekst van de handleiding
Kookplaat · Pelgrim · 26 pagina's in het Nederlands · pdf: 60 pagina's, 3,0 MB
Storingen op pagina 25
Pagina 25
PROBLEMEN OPLOSSEN
Algemeen
Schakel de kookplaat onmiddellijk uit als u een barst in het glas ziet (hoe klein ook). Haal de stekker uit het stopcontact of zet de (automatische) zekering(en) in de meterkast uit. Bij een permanente aansluiting zet u de stroomtoevoer op nul. Neem contact op met de serviceafdeling.
Probleemoplossingstabel
Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande punten na te lopen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het display gaat branden wanneer de kookplaat de eerste keer wordt ingeschakeld. | Dit is de normale opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | De kookplaat koelt af. | Normale werking. |
| In het begin is het mogelijk dat u een lichte geur ruikt. | Het nieuwe toestel wordt opgewarmd. | Dit is normaal en verdwijnt nadat het toestel een aantal keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| De pannen maken geluid tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. | Bij hoge instellingen is dit bij bepaalde pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
| U hebt een kookzone ingeschakeld maar het display toont . | De gebruikte pan is niet geschikt voor inductiekoken of heeft een te kleine diameter. | Gebruik een geschikte pan. |
| Er staat geen (geschikte) pan op de kookzone. | ||
| Bij het plaatsen van een pan licht de bediening niet op. | Geen ijzerhoudende pan geplaatst. | |
| Een kookzone stopt plotseling en u hoort een signaal. | De vooraf ingestelde tijd is verstreken. | Normale werking. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Er is geen stroom vanwege een defecte kabel of defecte aansluiting. | Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (bij een vaste aansluiting). |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat er een stop door. | Foutieve elektrische aansluiting. | Laat de elektrische aansluiting controleren. |
Pagina 26
PROBLEMEN OPLOSSEN
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| In de displays wordt symbool / weergegeven. | De vergrendelfunctie is actief. | Deactiveer de vergrendelfunctie. |
| De bediening reageert slecht. | Er kan een dun laagje water op de kookplaat of op een vinger zijn waardoor de bediening slecht reageert. | Zorg dat de kookplaat en/of vinger schoon is. |
| Het display toont en ‘0, 2, 4, 6, 8, p’ knipperen. | Er ligt een object of water op het bedieningspaneel. | Haal het object weg, maak het bedieningspaneel schoon. Reset de melding van de foutcode door de knipperende schuifregelaar kort aan te raken. |
| Het display toont code E1. | Het elektronische systeem is defect. | Ontkoppel de kookplaat bij de stroomonderbreker en sluit deze weer aan. |
| Het display toont code E2. | Een te hoge temperatuur van een kookzone. | Laat het toestel afkoelen. Schakel de kookplaat daarna weer in. |
| Het display toont code E8. | De luchtinlaat van de ventilator is geblokkeerd/ Ventilator defect. | Hef de blokkade op/Vervang de ventilator. |
| Het display toont code U400. | Controleer de aansluiting, het toestel is fout aangesloten. | Maak het toestel spanningsloos en controleer de netspanning. |
| Het display toont code EC. | Schakel de kookzone uit, verwijder alle pannen van de kookplaat en laat het toestel afkoelen. Schakel de kookplaat daarna weer in. | |
| Het display toont code E6-3, E6-6 of E6-9. | Er ontbreekt netspanning. Foutieve aansluiting. | Controleer de aansluiting en doorverbindingen op het toestel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Probeer de error te resetten door het toestel spanningsloos te maken voordat u contact opneemt de servicedienst.
Neem bij andere problemen contact op met de servicedienst.
Pagina's 27–28: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 29
MILIEUASPECTEN
Verpakking en apparaat afdanken
Bij de productie van dit apparaat is gebruik gemaakt van duurzame materialen.
Dit apparaat moet aan het einde van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgedankt. De overheid kan u hierover informatie verstrekken.
De verpakking van het apparaat is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyetheenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsvoorschriften worden afgedankt.
Om te wijzen op de noodzaak van gescheiden inzameling van elektrische huishoudelijke apparatuur, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het apparaat moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze dienst aanbiedt.
Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
INHOUDSOPGAVE
Uw inductiekookplaat
Inleiding
Beschrijving
Bedieningspaneel Meldingen op het display
Veiligheid
Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzer Vermogensbegrenzer
Voor het eerste gebruik
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar Inductiegeluiden
Geschikte pannen
Automatische pandetectie
Vermogen instellen
Kookinstellingen
Bediening
Intelligente kookplaat met automatische pandetectie Inschakelen en vermogen instellen
Boostfunctie
Klaar met koken
Pandetectiesymbool
Pan verplaatsfunctie
Flexzones koppelen
Grillfunctie
Timerbediening
Eierwekker
Kookduurteller
Automatische opwarmfunctie
Vergrendelfunctie
Pauzefunctie
Pagina 3
INHOUDSOPGAVE
Herstelfunctie
Warmhoudfunctie Chef Cook functie Gebruikersinstellingen Servicemenu
Onderhoud
Reiniging
Problemen oplossen
Algemeen
Probleemoplossingstabel
Technische specificaties
Informatie volgens verordening (EU) 66/2014
Milieuaspecten
Verpakking en apparaat afdanken
Gebruikte pictogrammen
Belangrijk om te weten
Handig om te weten
Pagina 4
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor dit toestel. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan.
In deze handleiding leest u hoe u dit toestel het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van het toestel van pas kan komen.
Lees eerst de separate veiligheidsinstructies voordat u het toestel gebruikt.
Lees deze handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik.
Deze handleiding dient als referentie voor de servicedienst. Plak het typeplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter op de handleiding. Het typeplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
De installatie-instructies worden afzonderlijk meegeleverd.
Veel kookplezier!
Op onze website kunt u de meest recente versie van de gebruiksaanwijzing vinden.
Pagina 5
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Beschrijving
- 1. Flexzone 230 x 195 mm (2,1 kW / 2,65 kW boost / 3,7 kW dubbel boost)
- 2. Kookzone Ø 210 mm (1,85 kW / 2,3 kW boost / 3,0 kW dubbel boost)
- 3. Kookzone Ø 280 mm (2,6 kW / 3,3 kW boost / 3,7 kW dubbel boost)
- 4. Bedieningspaneel
Toetsen achterste kookzone / Toetsen voorste kookzone
Pagina 6
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Bedieningspaneel
- 1. Koppeltoets
- 2. Grilltoets
- 3. Vermogensdisplay / Timerdisplay
- 4. Timertoets
- 5. Toets ‘Half vermogen’
- 6. Vergrendeltoets
- 7. Menutoets (Gebruikersinstellingen)
- 8. Vorige en volgende in het menu
- 9. Eierwekkerdisplay en display van het menu
- 10. Eierwekkertoets
- 11. Warmhoudtoetsen (44 °C / 70 °C / 94 °C)
- 12. Schuifregelaar (van stand 0 t/m stand P) voor:
▷ het instellen van een waarde voor een kookzone en de timer
- 13. Toets ‘Chef Cook’
- 14. Aan-/uittoets
- 15. Pauzetoets
Toetsen voor de achterste kookzones (met koppeltoets en grilltoets) Toetsen voor de voorste kookzones (met of zonder vergrendeltoets / menutoets)
Pagina 7
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Meldingen op het display
| Display | Beschrijving |
|---|---|
| Vermogensniveau 0; de kookzone is geactiveerd. | |
| - | Vermogensniveau: 1 = lage stand / 9 = hoge stand. |
| / | Boost actief / Dubbele boost actief. |
| Geen (geschikte) pan op de kookzone (pandetectiesymbool). | |
| Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Zelfs als de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator ‘H’ ingeschakeld zolang de kookzone nog warm is! Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. | |
| / | Vergrendelfunctie actief. |
| Automatische verhitting actief. | |
| Pauzefunctie actief. | |
| Koppelfunctie actief. | |
| Grillfunctie actief. | |
| Warmhoudfunctie actief (44 °C / 70 °C / 94 °C). | |
| Foutcode. |
Pagina 8
VEILIGHEID
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat in gebruik neemt!
Temperatuurbeveiliging
Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Kookduurbegrenzer
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen instelling wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | Maximale gebruikstijd (in uren) |
|---|---|
| 9 | 1 |
| Boost / dubbele boost | 15 minuten |
| Warmhouden | 2 |
| Op temperatuur houden | 2 |
| Grillfunctie | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
| Kookstand | Maximale gebruikstijd (in uren) |
|---|---|
| 1 - 1,5 | 10 |
| 2 - 3,5 | 5 |
| 4 - 4,5 | 4 |
| 5 - 5,5 | 3 |
| 6 - 6,5 | 2 |
| 7 - 8,5 | 2 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Vermogensbegrenzer
Kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. Wanneer de boostfunctie wordt gekozen, wordt de andere kookzone automatisch op een iets lagere stand gezet. Staat een kookzone op boost en u wilt de andere op stand 9 of boost zetten, zal de kookzone met boost automatisch naar een lagere stand gaan. Het vermogensniveau knippert gedurende enkele seconden in de display. Daarna wordt de maximaal toegestane vermogensstand aangegeven.
Als de kookplaat aangesloten is op 2 fase en de vermogensbegrenzer is ingesteld op bijhorende configuratie (zie servicemenu), beïnvloeden de ronde kookzone en de rechter kookzones elkaar ook. Zodra de maximale vermogensinstelling is bereikt, knippert het vermogensniveau gedurende enkele seconden in de display. Daarna wordt de maximaal toegestane vermogensstand aangegeven.
Pagina 9
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar
Plaats uw vingertop plat op een toets of op de schuifregelaar voor het beste resultaat. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de toetsen niet met andere objecten.
Inductiegeluiden
Een tikkend geluid
Dit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de kookzones. Ook bij lagere kookstanden kunt u een tikkend geluid horen.
Pannen maken geluid
Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge niveaus is dit bij sommige pannen een heel normaal verschijnsel. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
De ventilator maakt geluid
Het toestel is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Voor inductiekoken moet een pan een dikke vlakke bodem hebben (minimaal 2,25 mm). Gebruik pannen van magnetisch materiaal of pannen met een sandwichbodem. Andere pannen leveren lagere prestaties. Pannen van koper, aluminium of keramisch materiaal zijn niet geschikt.
Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de droogkookbeveiliging belemmeren; het toestel kan dan te warm worden. Dit kan tot schade leiden. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pannen die op een gaskookplaat zijn gebruikt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.
Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen! Het emaille kan beschadigen op een hoge stand wanneer de pan te droog is. Door te hoge vermogensstanden kan de panbodem gemakkelijk kromtrekken.
Pagina 10
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Minimale pandiameter
- De minimale diameter van de panbodem:
▷ 100 mm voor een kookzone 230 x 195 mm.
▷ 90 mm voor een kookzone Ø 210 mm.
▷ 140 mm voor een kookzone Ø 280 mm.
▷ 240 mm voor een gekoppelde kookzone.
- U bereikt het beste resultaat met een pan van dezelfde diameter als de kookzone. Als de pan te klein is, wordt de kookzone niet ingeschakeld.
Let op
Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op de kookplaat. Wij adviseren om pannen op te tillen en niet te verschuiven over de kookplaat.
Automatische pandetectie
- Als er een ijzerhoudende pan geplaatst wordt, licht de bediening op. De kookzone kan ingesteld worden.
- Als er geen ijzerhoudende pan geplaatst wordt, licht de bediening niet op. De kookplaat schakelt na 30 seconden uit.
- Haalt u tijdens het koken een pan van de kookzone af, dan verschijnt het pandetectiesymbool. De kookzone schakelt uit. Het symbool verdwijnt als u de pan weer terug plaatst.
De kookzone schakelt weer in met het eerder ingestelde vermogensniveau.
- Als de flexzones gekoppeld zijn en er wordt een ongeschikte of te kleine pan gebruikt, zal het pandetectiesymbool gaan knipperen of de koppelfunctie wordt uitgeschakeld.
De automatische pandetectie kan, indien gewenst, bij de ‘Gebruikersinstellingen’ aangepast worden.
Vermogen instellen
De kookzones hebben vermogenniveaus van 0 tot 9, een boostniveau en een dubbel boostniveau. Met de toets ‘half vermogen’ kunnen halve stappen worden ingesteld (0,5 en 9,5 kunnen niet ingesteld worden). Stel het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken. Bij de eerste aanraking wordt het niveau ingesteld op het deel van de schuifregelaar dat u aanraakt. Door over de schuifregelaar te vegen, verandert u de instelling. De stand wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. De stand wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de schuifregelaar haalt, begint de kookzone op de ingestelde stand te verwarmen.
Pagina 11
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Kookinstellingen
Aangezien de instellingen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.
Gebruik de boost-instellingen voor:
- snel aan de kook brengen van voedsel of vloeistof;
Gebruik instelling 8,5 - 9 voor:
- aanbraden van vlees;
- bereiden van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel.
Gebruik instelling 7 - 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees;
- bakken van bacon (vet);
- koken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken van pasta.
Gebruik instelling 4 - 6,5 voor:
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken van dunne (gepaneerde) lappen vlees.
Gebruik instelling 1 - 3,5 voor:
- trekken van bouillon;
- stoven van vlees;
- zacht koken van groenten;
- smelten van chocolade;
- pocheren;
- smelten van kaas.
Pagina 12
BEDIENING
Lees het hoofdstuk ‘Voor het eerste gebruik’ zorgvuldig door voordat u begint met koken. Dit voorkomt onjuist gebruik van de kookplaat.
Als de kookplaat voor de eerste keer wordt aangesloten aan de stroomvoorziening of na een stroomstoring, knippert gedurende 2 minuten de menutoets. De kookplaat staat in de instelmodus. U kunt de kookplaat gewoon gebruiken door deze in te schakelen met de aan-/uittoets.
Intelligente kookplaat met automatische pandetectie
Dit is een intelligente kookplaat met automatische pandetectie. Wanneer een ijzerhoudende pan op een zone wordt geplaatst, licht de bijbehorende schuifregelaar op en kan het kookproces gestart worden door bijvoorbeeld een vermogensniveau en een timer te selecteren. Ook de toetsen van de beschikbare functies die gekozen kunnen worden lichten op. Vermogensstanden of functies die niet verlicht zijn, kunnen op dat moment niet gekozen worden. Vermogensstanden of functies die actief zijn, zijn het felst verlicht.
Inschakelen en vermogen instellen
Zorg ervoor dat de onderzijde van de pan en het oppervlak van de kookzone schoon en droog zijn.
- 1. Druk op de aan-/uittoets totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ De beschikbare functies worden gedimd weergegeven.
- 2. Plaats binnen 20 seconden een pan op het midden van een kookzone.
▷ Op de desbetreffende kookzonedisplay verschijnt een ‘0’ en de bijbehorende schuifregelaar licht op.
▷ Meer beschikbare functies worden gedimd weergegeven.
- 3. Gebruik de schuifregelaar van de desbetreffende kookzone om de gewenste stand in te stellen.
▷ Druk indien gewenst op de toets ‘half vermogen’.
▷ De kookzone start automatisch op het ingestelde niveau.
▷ De vermogensstand verschijnt in de display en de stand is ook te zien aan de schuifregelaar (de cijfers zijn feller verlicht).
▷ Stel een hoger of lager vermogen in door de schuifregelaar te gebruiken.
De kookplaat gaat uit als er binnen 20 seconden geen instelling wordt gedaan of een functie wordt gekozen.
Pagina 13
BEDIENING
Boostfunctie
U kunt de boostfunctie gebruiken om max. 15 minuten op de hoogste kookstand te koken. Er is een boostniveau en een dubbel boostniveau.
Omdat de boostfunctie hoge temperaturen kan bereiken, mag deze alleen worden gebruikt voor kookprocessen met water. Olie of vet kunnen gaan verbranden als de boostfunctie wordt gebruikt.
- 1. Gebruik de schuifregelaar van de betreffende kookzone om boost (P) in te stellen. ▷ De vermogensstand verschijnt in de display.
- 2. Druk, indien gewenst, nogmaals op stand boost (P) om dubbel boost te selecteren. ▷ Na 15 minuten klinkt er een geluidssignaal. Het vermogen wordt verlaagd naar stand 9.
Raak de schuifregelaar aan om de boostfunctie voortijdig te stoppen.
Klaar met koken
- 1. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.
- 2. Schakel de inductiekookplaat uit door op de aan-/uittoets te drukken totdat u een geluidssignaal hoort.
Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als die te heet is om te worden aangeraakt. Het symbool verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen.
Als alle kookzones ingesteld zijn op ‘0’ en er geen verdere handeling wordt uitgevoerd, schakelt de kookplaat na 20 seconden automatisch uit.
Pandetectiesymbool
Wanneer het symbool voor pandetectie knippert op het display:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst.
▷ De kookzone werkt niet totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.
Pagina 14
BEDIENING
Pan verplaatsfunctie
De pan verplaatsfunctie maakt het mogelijk om de vermogensinstellingen en een eventueel lopende timer over te nemen van de ene kookzone naar de andere kookzone.
Voorwaarden
- De kookplaat staat aan.
- Er wordt minimaal één pan op de kookplaat geplaatst, er wordt een vermogen en eventueel een timer voor deze pan ingesteld.
- Til de pan op en plaats deze binnen 15 seconden op een andere lege kookzone.
- Het vermogensniveau en een eventueel lopende timer worden automatisch overgedragen naar de andere kookzone. Het kookproces gaat op dezelfde manier verder als op de vorige kookzone.
Opmerkingen
- De pan verplaatsfunctie is alleen beschikbaar als de automatische pandetectie is ingeschakeld.
- Zorg ervoor dat er slechts één pan tegelijk wordt verplaatst.
- De pan verplaatsfunctie kan, indien gewenst, bij de ‘Gebruikersinstellingen’ uitgezet worden.
Flexzones koppelen
De flexzones kunnen aan elkaar gekoppeld worden. Hierdoor ontstaat één grote zone. De pan moet groot genoeg zijn om het midden van de voorste en achterste kookzone te bedekken (> 240 mm). Let op: bij gekoppelde flexzones is geen boost mogelijk.
- 1. Plaats een pan op het midden van beide flexzones.
▷ De koppeltoets en grilltoets worden zichtbaar.
- 2. Druk op de koppeltoets.
▷ De koppeltoets licht feller op en het koppelsymbool verschijnt.
▷ Op het display van de voorste flexzone verschijnt ‘0’.
- 3. Gebruik de schuifregelaar om het gewenste vermogen of de gewenste functie in te stellen voor de gekoppelde kookzones.
▷ De stand verschijnt op het display van de voorste flexzone.
▷ De gekoppelde kookzone start automatisch op het ingestelde niveau.
▷ Stel een hoger of lager vermogen in door de schuifregelaar te gebruiken.
- 4. Druk op de koppeltoets om de flexzones weer los te koppelen.
▷ Op beide displays verschijnt ‘0’.
Als de gebruikte pan de beide zones te weinig bedekt, gaat het pandetectiesymbool knipperen.
Pagina 15
BEDIENING
Grillfunctie
Met deze functie maakt u optimaal gebruik van een grillplaat met de juiste vermogensstanden. De stappen tussen de verschillende vermogensstanden zijn voor de grillfunctie vooraf kleiner gedefinieerd. Op deze manier wordt de temperatuur nauwkeuriger geregeld.
- 1. Plaats een grillplaat op beide flexzones.
▷ De koppeltoets en grilltoets worden zichtbaar.
- 2. Druk op de grilltoets.
▷ De koppeltoets en grilltoets lichten feller op en het koppelsymbool verschijnt; de flexzones zijn met elkaar verbonden.
▷ Op het display van de voorste flexzone verschijnt het grillsymbool en ‘0’.
- 3. Gebruik de schuifregelaar om het gewenste vermogen in te stellen tussen 1 en 9. ▷ De stand verschijnt op het display van de voorste flexzone.
▷ De gekoppelde kookzone start automatisch op het ingestelde niveau. ▷ Stel een hoger of lager vermogen in door de schuifregelaar te gebruiken.
- 4. Druk op de grilltoets om de grillfunctie uit te schakelen.
▷ Op beide displays verschijnt ‘0’.
Als de gebruikte grillplaat de beide zones te weinig bedekt, gaat het pandetectiesymbool knipperen en wordt de grillfunctie na10 seconden uitgeschakeld.
Timerbediening
De timer is gekoppeld aan een actieve kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
De tijd moet per minuut worden ingesteld. De in te stellen tijdsduur is max. 199 minuten.
- 1. Raak de timertoets van de betreffende kookzone aan om de timer in te schakelen. ▷ De timertoets gaat knipperen. Zolang de toets knippert is de tijd in te stellen. ▷ In de display verschijnt ‘000’.
- 2. Stel een tijd in met de schuifregelaar; eerst het voorste cijfer (1 honderd tal), dan het middelste cijfer (per 10 minuten) en tot slot het achterste cijfer (de minuten).
- 3. Raak de timertoets aan ter bevestiging of wacht totdat de timertoets niet meer knippert. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de timer met aftellen. De ingestelde tijd wordt getoond.
▷ Na een aantal seconden wordt weer de vermogensstand getoond.
▷ De timertoets is fel verlicht en geeft aan dat er een timer is ingesteld voor de betreffende kookzone.
Pagina 16
BEDIENING
▷ ▷
De geselecteerde kookzone wordt automatisch uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken; er klinkt een geluidssignaal en de timertoets en ‘000’ knipperen. Raak de timertoets aan om het alarm uit te schakelen.
Om tussendoor de ingestelde tijd te bekijken of te wijzigen; raak de timertoets aan. De tijd wordt enige seconden getoond en de timertoets knippert. Daarna wordt de vermogensstand weer getoond.
Raak de timertoets aan en stel met de schuifregelaar de tijd in op ‘000’ om voortijdig de timer uit te schakelen.
Eierwekker
De eierwekker is niet aan een kookzone gekoppeld. Wanneer de kookplaat wordt uitgeschakeld, loopt de keukenwekker door. Met de schuifregelaar van de kookzone naast de aan-/uittoets kan de eierwekker worden ingesteld.
De tijd moet per minuut worden ingesteld. De in te stellen tijdsduur is max. 199 minuten.
- 1. Raak de eierwekkertoets aan om de eierwekker in te schakelen.
▷ De eierwekkertoets gaat knipperen. Zolang de toets knippert is de tijd in te stellen. ▷ In de display verschijnt ‘000’.
- 2. Stel een tijd in met de schuifregelaar; eerst het voorste cijfer (1 honderd tal), dan het middelste cijfer (per 10 minuten) en tot slot het achterste cijfer (de minuten).
- 3. Raak de eierwekkertoets aan ter bevestiging of wacht totdat de eierwekkertoets niet meer knippert.
▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de eierwekker met aftellen.
▷ De eierwekkertoets is fel verlicht en geeft aan dat de eierwekker is ingesteld. ▷ Zodra de ingestelde tijd is verstreken, klinkt er een geluidssignaal en de eierwekkertoets en ‘000’ knipperen.
▷ Raak de eierwekkertoets aan om het alarm uit te schakelen.
Om tussendoor de ingestelde tijd te wijzigen; raak de eierwekkertoets aan. De tijd wordt getoond en de eierwekkertoets knippert. Met de schuifregelaar van de kookzone naast de aan-/uittoets kan de tijd worden aangepast.
Raak de eierwekkertoets aan en stel met de schuifregelaar naast de aan-/uittoets de tijd in op ‘000’ om voortijdig de eierwekker uit te schakelen.
Pagina 17
BEDIENING
Kookduurteller
Met deze functie weet u hoe lang de kookzone tijdens het kookproces wordt gebruikt.
- 1. Plaats een pan op het midden van een kookzone en stel het vermogen in.
- 2. Druk gedurende 3 seconden op de timertoets totdat ‘000’ in de display verschijnt. ▷ De kookduurteller is geactiveerd; de tijd telt op.
- 3. Zet het vermogen van de kookzone op ‘0’ om de kookduurteller te stoppen.
Het is niet mogelijk om de kookduurteller en de timer tegelijkertijd op dezelfde kookzone te combineren.
Automatische opwarmfunctie
Met deze functie wordt de kookzone op het hoogste vermogensniveau ingesteld zodat uw pan snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde vermogen. Deze functie is beschikbaar voor vermogensniveau 1 t/m 8,5.
| Vermogensniveau | Opwarmtijd (seconden) |
|---|---|
| 1 - 1,5 | 48 |
| 2 - 2,5 | 144 |
| 3 - 3,5 | 230 |
| 4 - 4,5 | 312 |
| 5 - 5,5 | 408 |
| 6 - 6,5 | 120 |
| 7 - 7,5 | 168 |
| 8 - 8,5 | 216 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
- 1. Plaats een pan op het midden van een kookzone.
▷ Op de desbetreffende kookzonedisplay verschijnt een ‘0’ en de bijbehorende schuifregelaar licht op.
- 2. Gebruik de schuifregelaar van de desbetreffende kookzone om de gewenste stand in te stellen en houd uw vinger een tijdje op deze stand totdat ‘A’ in de display verschijnt. ▷ ‘A’ en het gekozen vermogensniveau knipperen afwisselend op het display. ▷ Wanneer de tijd voor automatisch opwarmen is verstreken, schakelt de kookzone automatisch over naar het geselecteerde vermogen.
▷ Het geselecteerde vermogen wordt voortdurend op het display weergegeven.
- 3. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.
Pagina 18
BEDIENING
Vergrendelfunctie
Gebruik deze functie om ongewenst inschakelen van de kookzones te voorkomen.
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk 3 seconden op de vergrendeltoets totdat er een animatie verschijnt.
- 3. Schuif over de schuifregelaar naar rechts zoals de animatie aangeeft.
▷ Op de displays van de kookzones verschijnt ‘L’, op het display van de eierwekker verschijnt ‘Loc’.
▷ De vergrendelfunctie is geactiveerd.
- 4. Bij het opnieuw inschakelen van de kookplaat is de vergrendelfunctie actief. ▷ Op de displays van de kookzones verschijnt ‘L’, op het display van de eierwekker verschijnt ‘Loc’.
- 5. Druk weer 3 seconden op de vergrendeltoets totdat er een animatie verschijnt.
- 6. Schuif over de schuifregelaar naar links zoals de animatie aangeeft.
▷ De vergrendelfunctie is gedeactiveerd.
Pauzefunctie
U kunt het koken pauzeren (max. 10 minuten) in plaats van de kookplaat uit te zetten. Ingeschakelde kookzones gaan uit en timers worden gepauzeerd. De kookplaat gaat uit als de pauzefunctie niet binnen 10 minuten wordt uitgeschakeld.
- 1. Druk gedurende 2 seconden op de pauzetoets.
▷ In de displays van de kookzones verschijnt het pauzesymbool. ▷ De kookplaat staat nu in de pauzestand.
▷ Alleen de aan-/uittoets en de pauzetoets zijn actief.
- 2. Druk nogmaals gedurende 2 seconden op de pauzetoets. ▷ De schuifregelaar knippert.
- 3. Raak de schuifregelaar aan om de pauzefunctie uit te schakelen. ▷ Het kookproces en de timers worden weer hervat.
Pagina 19
BEDIENING
Herstelfunctie
Als de kookplaat met de aan-/uittoets per ongeluk werd uitgeschakeld, kunnen alle instellingen worden teruggezet met behulp van de herstelfunctie.
- 1. Raak binnen 6 seconden de aan-/uittoets aan.
- 2. Raak binnen 6 seconden de knipperende pauzetoets aan.
Warmhoudfunctie
Gebruik deze functie om voedsel op te warmen of na het koken warm te houden op een temperatuur van +/- 44 °C, 70 °C of 94 °C.
- 1. Schakel de kookplaat in en zet een geschikte pan op een van de kookzones.
- 2. Raak de betreffende warmhoudtoets aan (44 °C / 70 °C / 94 °C).
▷ De warmhoudfunctie is actief. Op het display verschijnt het bijbehorende warmhoudsymbool.
- 3. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de warmhoudfunctie uit te schakelen.
Chef Cook functie
Met deze functie worden alle kookzones tegelijk ingeschakeld en is de kookplaat verdeeld in twee of drie gekoppelde zones. De vermogensstanden voor deze zones zijn vooraf gedefinieerd en kunnen worden gewijzigd tijdens het gebruik van deze functie. De laatst gebruikte instellingen worden opgeslagen voor het gebruik van de Chef Cook functie de volgende keer.
- Op de kookzone(s) aan de linkerzijde wordt automatisch vermogensniveau 3 geactiveerd.
- Op de kookzone(s) in het midden wordt automatisch vermogensniveau 6 geactiveerd.
- Op de kookzone(s) aan de rechterzijde wordt automatisch vermogensniveau 9 geactiveerd.
- 1. Plaats een pan (of meerdere pannen) op het midden van een kookzone.
- 2. Raak de toets ‘Chef Cook’ aan.
▷ In de displays verschijnen de vermogensstanden en de koppeltoetsen zijn verlicht.
- 3. Stel eventueel de vermogensstanden van de zones naar eigen voorkeur in. U kunt ook de zones loskoppelen en individueel bedienen.
- 4. Raak de toets ‘Chef Cook’ aan om de Chef Cook functie uit te schakelen.
▷ De laatste instellingen worden bewaard.
Pagina 20
BEDIENING
Gebruikersinstellingen
Met de gebruikersinstellingen kan de kookplaat gepersonaliseerd worden.
- Door de toets ‘vorige’ (-) en de toets ‘volgende’ (+) te gebruiken, kan naar de verschillende menu-items (A) genavigeerd worden.
- Door het linker (-) en het rechter (+) gedeelte van de schuifregelaar te gebruiken, kan naar de bijbehorende waarden (B) genavigeerd worden.
Elk item heeft een andere selectiewaarde, beschreven in de tabel.
- -
| Menu-item (A) | Waarden (B) | Standaard waarden af fabriek | |
|---|---|---|---|
| U00: terug naar fabrieksinstellingen | 0: 1: | Gebruikersinstellingen niet terugzetten naar fabrieksinstellingen. Fabrieksinstellingen terugzetten nadat het gebruikersmenu is verlaten. | 0 |
| U01: vergrendelfunctie | 0: 1: | Automatische activering van de vergrendelfunctie is uitgeschakeld. Automatische activering van de vergrendelfunctie is ingeschakeld. | 0 |
| U02: volume van de toetsen bij aanraking | 0: 1: 2: 3: 4: 5: 6: | uit 3% 10% 18% 34% 64% 100% | 6 |
| U03: volume van de waarschuwingstonen | 6 | ||
| U05: bevestiging van het vermogensniveau bij de pan verplaatsfunctie | 0: 1: 2: | Geen bevestiging nodig. Bevestiging afhankelijk van het vermogensniveau (bevestiging nodig bij vermogensstand 7 of hoger; bevestig, nadat een pan is verplaatst, door binnen 15 seconden de knipperende schuifregelaar aan te raken). Vraag altijd om bevestiging van het vermogensniveau (bevestig, nadat een pan is verplaatst, door binnen 15 seconden de knipperende schuifregelaar aan te raken). | 0 |
Pagina 21
BEDIENING
| Menu-item (A) | Waarden (B) | Standaard waarden af fabriek | |
|---|---|---|---|
| U06: automatische pandetectie | 0: 1: 2: | automatische pandetectie niet actief (de bediening is zichtbaar als de kookplaat is ingeschakeld, ook als er geen pan op de kookzone staat). automatische pandetectie actief, ook actief voor het automatisch koppelen van de flexzones. automatische pandetectie actief, maar niet actief voor het automatisch koppelen van de flexzones. | 2 |
| U07: geluidssignaal van de timer | 0: 1: 2: 3: 4: | Geluid elke 2 seconden gedurende 120 seconden. Geluid elke 5 seconden gedurende 40 seconden. Geluid elke 2 seconden gedurende 20 seconden. Geluid elke 5 seconden gedurende 20 seconden. Enkel geluid, time-out na 1 seconde | 0 |
| U08: vermogensbegrenzer Deze instellingen zijn van toepassing voor een 1-fase aansluiting! | -- + : + : | : geen vermogensbegrenzing. bereik 2 kW tot 5 kW in stappen van 100 W. bereik 5 kW tot 10 kW in stappen van 500 W. | -- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
- 1. Druk op de aan-/uittoets totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ De beschikbare functies worden gedimd weergegeven.
- 2. Druk 3 seconden op de menutoets.
▷ Het menu-item en de bijbehorende waarde worden getoond.
- 3. Pas de waarden naar wens aan.
- 4. Raak de aan-/uittoets 3 seconden aan om de instellingen te bevestigen en het menu te verlaten.
Raak de menutoets 1 seconde aan om het menu te verlaten zonder wijzigingen op te slaan.
Pagina 22
BEDIENING
Servicemenu
Het servicemenu is alleen bedoeld voor een geregistreerde en gekwalificeerde installateur.
Open het servicemenu in minder dan 2 minuten na aansluiting op het elektriciteitsnet.
- 1. Houd de knipperende menutoets ingedrukt.
- 2. Raak 3 keer binnen 1 seconde de aan-/uittoets aan.
▷ Elke geldige aanraking van een toets wordt bevestigd door een geluidssignaal.
- 3. Houd vervolgens de aan-/uittoets gedurende 5 seconden ingedrukt.
▷ Het menu-item en de bijbehorende waarde worden getoond.
- 4. Pas de waarden naar wens aan.
- 5. Raak de aan-/uittoets 3 seconden aan om de instellingen te bevestigen en het menu te verlaten.
Raak de menutoets 1 seconde aan om het menu te verlaten zonder wijzigingen op te slaan.
- Door de toets ‘vorige’ (-) en de toets ‘volgende’ (+) te gebruiken, kan naar de verschillende menu-items (A) genavigeerd worden.
- Door het linker (-) en het rechter (+) gedeelte van de schuifregelaar te gebruiken, kan naar de bijbehorende waarden (B) genavigeerd worden.
Elk item heeft een andere selectiewaarde, beschreven in de tabel.
- -
| Servicemenu-item (A) | Waarden (B) | Standaard waarden af fabriek | |
|---|---|---|---|
| C00 | Configuratie, aansluiting en vermogensbegrenzer 2 / 3 fase | 0...15 (zie tabel C0) | Zie tabel |
| C01 | Handmatige selectie van de bedieningsconfiguratie | Alleen te gebruiken door een gekwalificeerde servicemonteur | |
Pagina 23
BEDIENING
| Servicemenu-item (A) | Waarden (B) | Standaard waarden af fabriek | |
|---|---|---|---|
| C02 | Huidige variant / versie wordt getoond | P171.017 V1.08 (niet aan te passen) | |
| C03 | Bedrijfsuren | xxxxx h | |
| C04 | Toont de maximale gemeten temperatuur voor elke bediening | xxx °C | |
| C05 | Aantal verkeerde verbindingen | xxx | |
| C06 | Demostand | 0: Demomodus uitgeschakeld; normale werking 1: Demomodus ingeschakeld; alle functies van de touch control zijn ingeschakeld zonder dat er vermogen wordt geleverd. | 0 |
| C07 | Display test | - | |
| C08 | Meerfase begrenzer | 0: 3,7 kW per fase 1: 3,0 kW per fase 2: 2,3 kW per fase | 0 |
| C10 | Helderheid van gedimde toetsen | 0...7 (zie tabel C10) | Zie tabel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
| C00 IK862 | C00 IK883 | C00 IK893 | Configuratie |
|---|---|---|---|
| 13 | 05 | 11,1 kW 3 fase | |
| 2 | 14 | 06 | 7,4 kW 2 fase / kookgroep (NL) |
| 2 | 13 | 05 | 1 fase instellen in de gebruikersinstellingen U08 = 3,7 kW |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Opmerking; niet genoemde configuraties zijn niet geschikt.
| C10 | Helderheid van gedimde toetsen (%) | Indicatie ‘AAN’ | Standaard waarden af fabriek |
|---|---|---|---|
| 0 | 10 | ja | |
| 1 | 25 | ja | |
| 2 | 40 | ja | 2: IK862 / IK883 / IK893 |
| 3 | 66 | ja | |
| 4 | 10 | nee | |
| 5 | 25 | nee | |
| 6 | 40 | nee | 6: IK862MG / IK883MG / IK893MG |
| 7 | 66 | nee |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
Opmerking; de instelling van het contrast heeft ook invloed op de helderheid van de functietoetsen.
Pagina 24
ONDERHOUD
Reiniging
Wij raden u aan het toestel na elk gebruik te reinigen. Zo voorkomt u dat overgekookt voedsel de glasplaat kan beschadigen.
Schakel het apparaat uit voordat u het schoonmaakt.
De kookplaat kan door het kookproces nog steeds erg heet zijn! Maak de kookplaat bij voorkeur niet schoon als het glas nog heet is, omdat er een risico op verbranding bestaat. Raak het oppervlak niet rechtstreeks aan. Gebruik indien gewenst ovenwanten om verbranding te voorkomen tijdens het schoonmaken direct na het koken.
Dagelijkse reiniging
- Verwijder lichte vlekken met een vochtige doek en afwasmiddel verdund met een beetje water.
- Spoel af met schoon water en droog zorgvuldig af.
- Voor hardnekkige vlekken kunt u een keramische kookplaatreiniger gebruiken, evenals een geschikte schraper met een mesje.
Waarschuwingen:
- Vermijd absoluut sterk agressieve of schurende schoonmaakmiddelen en materialen die krassen kunnen veroorzaken, zoals schurende sponzen, ovenreinigers en vlekverwijderaars.
- Gebruik nooit een stoomreiniger of hogedrukreiniger.
- Gebruik geen voorwerpen die het keramisch glas kunnen bekrassen.
- Zorg ervoor dat de bodem van de pannen droog en schoon is. Til het kookgerei op wanneer u het verplaatst om krassen op het kookoppervlak te voorkomen.
- Gemorste suiker, jam, gelei, enz. moeten onmiddellijk worden schoongemaakt om schade aan het kookoppervlak te voorkomen.
Voor uw matglazen kookplaat:
Bij hardnekkige specifieke vlekken en markeringen (voedselresten, donkere of metalen vlekken):
- Gebruik een keramische kookplaatreiniger.
- Laat 5 tot 10 minuten inwerken.
- Maak schoon met een schone microvezeldoek (maak cirkelvormige bewegingen met gematigde druk).
- Spoel af met water.
- Droog af met een microvezeldoek.
Pagina 25: zie Storingen hierboven.
Pagina 26: zie hierboven.
Pagina's 27–28: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 29: zie hierboven.