naslaan.comZoekenAlle merken

Pelgrim IDK884ONY, tekst van de handleiding

Kookplaat · Pelgrim · 35 pagina's in het Nederlands · pdf: 74 pagina's, 1,1 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: service.pelgrim.nl

Storingen op pagina 28

Pagina 28

6 Storingen

6.1 Algemeen

Voor het telefoonnummer van de servicedienst kunt u de bijgeleverde garantiekaart raadplegen of kijken op ‘www.pelgrimservice.nl’.

Indien u een barstje of scheurtje (hoe klein ook) op de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit, neem direct de stekker van de kookplaat uit het stopcontact, verbreek de (automatische) zekering(en) in de meterkast of zet de schakelaar in de meterkast op nul bij een vaste aansluiting. Neem vervolgens contact op met de servicedienst.

6.2 Storingstabel

Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw inductiekookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website ‘www.pelgrimservice.nl’.

SYMPTOOMMOGELIJKE OORZAAKOPLOSSING
Bij het in werking stellen verschijnen er tekens ( ) in de displays.Dit is de standaard opstartroutine.Normale werking.
De ventilatie blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld.Afkoeling van de kookplaat.Normale werking.
De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af.Opwarmen nieuw toestel.Dit is normaal en verdwijnt na enkele keren koken.Ventileer de keuken.
U hoort een licht tikkend geluid op uw kookplaat.Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden.Normale werking.
De kookpannen maken lawaai tijdens het koken.Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de kookpan.Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)

28

Pagina 29

6 Storingen

SYMPTOOMMOGELIJKE OORZAAKOPLOSSING
Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen.De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter kleiner dan 12 cm.Gebruik een goede pan (zie pagina 11 en 12).
Een kookzone stopt plotseling met de werking en er klinkt een signaal.De ingestelde timertijd is voorbij.Schakel het signaal uit door op een willekeurige toets te drukken.
De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets in de display.Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting.Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker).
Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door.Verkeerde aansluiting van de kookplaat.Controleer de elektrische aansluiting.
De kookplaat schakelt zomaar uit.U heeft per ongeluk op de aan-/uittoets gedrukt of u heeft twee toetsen tegelijk bediend.Zet de kookplaat weer aan.
Foutcode ER22.Het bedieningspaneel is vervuild of er ligt water op.Bedieningspaneel schoonmaken.
Foutcode E2.Toestel oververhit.Het toestel laten afkoelen en opnieuw beginnen met koken.
Foutcode U400Spanning te hoog en/of niet goed aangesloten.Laat uw aansluiting wijzigen.
Foutcode .U hebt een toets te lang bediend.Bedien de toetsen niet te lang.
Overige foutcodes.Generator defect.Neem contact op met de servicedienst.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)

Pagina 30

7 Installatievoorschrift

7.1 Waar u op moet letten

7.1.1 Veiligheidsvoorschriften installatie

7.1.2 Benodigde vrije ruimte rondom

Voor een veilig gebruik is voldoende ruimte romdom de kookplaat noodzakelijk. Controleer of deze ruimte aanwezig is.

* IDK674: min. 65 cm IDK884: min. 78 cm IDK995: min. 91 cm

Pagina 31

7 Installatievoorschrift

7.1.3 Inbouwmaten

In de volgende illustraties zijn de afmetingen van de uitsparingen aangegeven.

Type IDK674

min.40

Type IDK884

min.40

Type IDK995

min.40

Wanneer de kookplaat breder is dan het kastje, met een werkblad met een dikte van minder dan 46 mm, moet u een uitsparing aan beide zijden in het kastje zagen, zodat het toestel vrij ligt van het kastje.

Y

X

Y

Inbouwmaten in corpus x<46 mm: y = 46 mm - x x>= 46 mm: y = 0 mm

Pagina 32

7 Installatievoorschrift

B

7.1.4 Beluchting

De elektronica in het toestel heeft koeling nodig. Het toestel schakelt na korte tijd uit wanneer er onvoldoende lucht circuleert. Aan de onderzijde van het toestel bevinden zich de ventilatie-openingen. Door deze openingen moet koele lucht aangezogen kunnen worden. Aan de voorzijde en onderzijde is het toestel voorzien van uitblaasopeningen.

7.1.5 Inbouwen boven een oven, lade of vaste blende

Beluchting vindt plaats via plint (A) en achterzijde kast (B). Zaag de beluchtingsopeningen (min. 100 cm²) uit. Luchtaanvoer A is overbodig wanneer er, samen met opening B, ergens anders een opening is waar lucht aangezogen kan worden.

Zorg ervoor dat de traverselat de luchtdoorvoer niet hindert. Schaaf of zaag de traverselat C zonodig schuin af.

Een lade mag de ventilatieopeningen aan de onderzijde van het toestel niet afsluiten. Bij een lade moet er aan de voorzijde een spleet gemaakt worden van minimaal de toestelbreedte. De afstand tussen lade A en de kookplaat moet minimaal 10 mm bedragen.

Pagina 33

7 Installatievoorschrift

7.2 Elektrische aansluitingen

7.2.1 Veel voorkomende aansluitingen:

7.2.2 Speciale aansluitingen:

º De spanning tussen de fase en de nul is 230 V~. Breng verbindings bruggen aan tussen de aansluitpunten 1-2 en 4-5. Uw groep moet afgezekerd zijn met minimaal 32 A. De aansluitkabel moet een aderdoorsnede hebben van minimaal 6 mm².

7.2.3 Aansluiting voor kookplaten met 5 kookzones:

linkerzone

rechterzones middenzones

Pagina 34

7 Installatievoorschrift

Met de op het aansluitblok aanwezige bruggen, kunt u de vereiste doorverbindingen maken, zoals in deze illustraties staat aangegeven.

Zet de kabel vast met de trekontlasting en sluit het deksel.

Aansluitpunt, wandcontactdoos en stekker moeten te allen tijde bereikbaar blijven.

Pagina 35

7 Installatievoorschrift

7.3 Inbouwen

Controleer of het keukenmeubel en de uitsparing voldoen aan de gestelde eisen ten aanzien van afmetingen en ventilatie.

Behandel van kunststof of houten werkbladen de kopse kanten met eventueel afdichtvernis, om uitzetten van het werkblad door vocht te voorkomen.

Leg het toestel omgekeerd op het aanrechtblad.

Monteer de aansluitkabel aan het toestel conform de gestelde eisen (zie pagina 30).

Verwijder de beschermfolie van het afdichtband en plak het band in de groef van de aluminium profi elen of op de rand van de glasplaat. Plak het afdichtband niet door de hoek, maar knip 4 stukken die goed aansluiten in de hoek.

Keer het toestel om en leg het in de uitsparing.

Sluit het toestel aan op het elektriciteitsnet. Het toestel is nu gebruiksklaar.

Controleer de werking. Indien het toestel fout is aangesloten, zal het een geluidssignaal geven of een foutcode in de displays laten zien.

Pagina 36

8 Bijlage

8.1 Afvoeren toestel en verpakking

Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.

De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:

Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.

Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.

Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.

Pagina 37

8 Bijlage

8.2 Vermogens- en inbouwtabel

Deze toestellen voldoen aan alle relevante CE richtlijnen.

KookplaattypeIDK674IDK884IDK995
Inductiexxx
Aansluiting230V - 50Hz230V - 50Hz230V - 50Hz
Aantal fasen223
Max. vermogen kookzones
Linksvoor3,7 kW (Ø210)3,7 kW (Ø210)3,0 kW (Ø180)
Linksachter2,2 kW (Ø145)2,2 kW (Ø145)3,0 kW (Ø180)
Rechtsachter3,0 kW (Ø180)3,0 kW (Ø180)3,0 kW (Ø180)
Rechtsvoor3,0 kW (Ø180)3,0 kW (Ø180)3,0 kW (Ø180)
Middenrechts--3,7 kW (Ø260)
Aansluitwaarde
L13700 W3700 W3700 W
L23700 W3700 W3700 W
L33700 W
Totale aansluitwaarde7400 W7400W11100 W
(Inbouw)maten
Toestel lengte x breedte644 x 522 mm774 x 522 mm904 x 522 mm
Inbouwdiepte vanaf bovenkant werkblad43 mm43 mm43 mm
Zaagmaat lengte x breedte560 x 490 mm750 x 490 mm860 x 490 mm
Minimale afstand zaagmaat tot achterwand40 mm40 mm40 mm
Minimale afstand zaagmaat tot zijwand40 mm40 mm40 mm

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)

Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 3

Inhoud

1 Uw inductiekookplaat

1.1 Inleiding 1.2 Bedieningspaneel 1.3 Beschrijving 1.4 Veiligheidsvoorschriften

2 Gebruik

2.1 Even wennen 2.2 Pannen

3 Bediening

Instellen

4 Koken

4.1 Gezond koken 4.2 Kookstanden

5 Onderhoud

Reinigen

6 Storingen

6.1 Algemeen 6.2 Storingstabel

7 Installatievoorschrift

7.1 Waar u op moet letten 7.2 Elektrische aansluiting 7.3 Inbouwen

8 Bijlage

8.1 Afvoeren toestel en verpakking 8.2 Vermogens- en inbouwtabel

Pagina 4

1 Uw inductiekookplaat

1.1 Inleiding

Deze inductiekookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. Koken op een inductiekookplaat heeft een aantal voordelen. Het is comfortabel, omdat de kookplaat snel reageert en ook op een zeer laag vermogen is in te stellen. Dankzij het hoge vermogen gaat het aan de kook brengen zeer snel. De ruime afstanden tussen de kookzones maken het koken ook comfortabel.

Koken op een inductiekookplaat verschilt met koken op een traditioneel toestel. Inductiekoken maakt gebruik van een magnetisch veld om warmte op te wekken. Dit betekent dat u niet zomaar een willekeurige pan kunt gebruiken. Het hoofdstuk pannen geeft u hierover meer informatie.

Voor optimale veiligheid is de inductiekookplaat uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmtesignalering die aangeeft welke kookzones nog heet zijn.

In deze handleiding staat beschreven op welke manier u de inductie kookplaat zo optimaal mogelijk kunt benutten. Naast informatie over de bediening treft u ook achtergrondinformatie aan die van dienst kan zijn bij het gebruik van dit product.

Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging.

De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.

Veel kookplezier!

Pagina 5

1 Uw inductiekookplaat

1.2 Bedieningspaneel

Type IDK674/IDK884

Type IDK995

Pagina 6

1 Uw inductiekookplaat

IDK884 2 3 1 4

1.3 Beschrijving

IDK674 2

IDK995 2

5

6

Pagina 7

1 Uw inductiekookplaat

1.4 Veiligheidsvoorschriften

1.4.1 Waar u op moet letten

Inductiekoken is uiterst veilig. De kookplaat is uitgerust met diverse beveiligingen zoals restwarmte-signalering en kookduurbegrenzing. Toch is er net als bij elk toestel een aantal zaken waar u op moet letten.

1.4.2 Aansluiten en reparatie

1.4.3 Tijdens gebruik

7

Pagina 8

1 Uw inductiekookplaat

Wanneer olie vlam vat, het vuur nooit doven met water. Leg onmiddellijk een deksel op de pan en schakel de kookzone uit.

Wen uzelf er echter aan altijd de kookplaat of zone na gebruik uit te schakelen om onbedoeld inschakelen te voorkomen.

Pagina 9

1 Uw inductiekookplaat

1.4.4 Temperatuurbeveiliging

1.4.5 Kookduurbegrenzing

Als een kookzone gedurende een ongebruikelijk lange tijd aan is, wordt deze automatisch uitgeschakeld.

Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:

KookstandDe kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na:
18,5 uur
26,5 uur
35 uur
44 uur
53,5 uur
63 uur
72,5 uur
82 uur
91,5 uur
u2 uur
U2 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Als bovengenoemde tijd verstreken is schakelt de kookzone automatisch uit.

KookstandDe kookzone wordt automatisch naar stand 9 geschakeld na:
boost (P)10 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)

Pagina 10

2 Gebruik

2.1 Even wennen

2.1.1 Werking van de aanraaktoetsen

Het bedienen van de kookplaat door middel van de aanraaktoetsen is even wennen als u andere bediening gewend bent. Leg uw vingertoppen plat op de toetsen voor het beste effect. U hoeft niet hard te drukken.

De aanraaksensoren zijn zodanig ingesteld dat deze alleen reageren op de druk en het formaat van vingertoppen. De kookplaat is niet te bedienen met andere voorwerpen en zal bijvoorbeeld niet inschakelen als uw huisdier over de kookplaat loopt.

2.1.2 Inductiekoken

Geen warmteverlies en de vermogen zal dus kleiner zijn en het zal langer duren handgrepen blijven koud bij voordat het gerecht in de pan aan de kook is. inductiekoken.

Let op

Pagina 11

2 Gebruik

2.1.3 Werking inductie

In het toestel wordt een magnetisch veld opgewekt. Door een pan met een ijzeren bodem op een kookzone te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom. Deze inductiestroom wekt warmte op in de panbodem.

De spoel (1) in de kookplaat (2) wekt een magnetisch veld (3) op. Door een pan met een ijzeren bodem (4) op de spoel te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom.

Na het wegnemen van een pan is de kookzone snel afgekoeld.

Pagina 12

2 Gebruik

2.2 Pannen

Pannen voor inductiekoken

Inductiekoken stelt eisen aan de kwaliteit van de pannen.

Let op

Tip

GeschiktOngeschikt
Speciale roestvrijstalen pannenAardewerk
Class InductionRoestvrijstaal
Solide geëmailleerde pannenPorselein
Geëmailleerde gietijzeren pannenKoper
Kunststof
Aluminium

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Let op

º op een hoge stand kan het emaille er afspringen wanneer de pan te droog is; º door het hoge vermogen kan de panbodem gemakkelijk kromtrekken.

Pagina 13

2 Gebruik

Let op

Gebruik nooit pannen met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de oververhittingsbeveiliging belemmeren. Het toestel kan dan te warm worden waardoor de glasplaat kan barsten en de panbodem kan smelten. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.

Bij te kleine pannen schakelt de kookzone niet in.

De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk komt. Zodra u een kookzone uitschakelt, stopt het kookproces direct.

Pagina 14

3 Bediening

Instellen

3.1.1 Inschakelen en vermogen instellen

Het vermogen is in te stellen in 9 standen. Daarnaast is er nog een ‘boost’ stand, te herkennen aan een ‘P’ in de display (zie pagina 16; ‘Boost’).

Er klinkt een enkel geluidssignaal en in de display van elke kookzone verschijnt ‘0.’. Het rode lampje rechtsboven de aan-/uittoets brandt constant.

Wanneer u geen verdere actie onderneemt, schakelt de kookzone na 10 seconden vanzelf uit.

º Drukt u de eerste keer op de toets, dan verschijnt stand ‘4.’.

º Drukt u de eerste keer op de toets, dan verschijnt stand ‘9.’.

Tip

U kunt de of toets ingedrukt houden om sneller het gewenste vermogen in te stellen.

Zolang de kookzone heet is, blijft er een ‘H.’ in de display staan.

14

Pagina 15

3 Bediening

3.1.2 Kookautomaat

Met de kookautomaat functie wordt het vermogen tijdelijk opgehoogd (stand ‘9.’) om de inhoud van de pan sneller op temperatuur te brengen. Deze functie werkt bij alle vermogensstanden behalve de ‘boost’ stand en stand ‘9.’.

De kookautomaat inschakelen

De kookplaat is ingeschakeld en er staat een pan op een kookzone.

In de display knippert ‘A.’ om en om met stand ‘9.’.

Tip

Een snelle manier om stand ‘A.’ te bereiken is door met de toets stand ‘9.’ in te stellen en dan eenmaal op de toets te drukken voor stand ‘A.’.

Wanneer u bijvoorbeeld vermogensstand 4 kiest, ziet u om en om stand ‘4.’ en ‘A.’ in de display. (Let op: na 10 seconden werkt de toets als uitschakel toets).

In onderstaande tabel ziet u de duur van de kookautomaat per vermogensstand:

Stand12345678
Seconden4072120176256432120192

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)

De kookautomaat uitschakelen

De kookplaat is ingeschakeld. In de display knippert ‘A.’ om en om met een vermogensstand.

In de display verschijnt een andere vermogensstand, ‘A.’ knippert niet meer. Óf:

In de display verschijnt stand ‘0.’, ‘A.’ knippert niet meer en de kookzone is uitgeschakeld.

Pagina 16

3 Bediening

3.1.3 Boost

De ‘boost’ functie kunt u gebruiken om gedurende een korte tijd (maximaal 10 minuten) op het hoogste vermogen te koken. Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.

De boost functie inschakelen

De kookplaat is ingeschakeld en er staat een pan op een kookzone.

In de display verschijnt ‘P.’. De boost functie wordt direct actief.

Indien er niet op de of toets gedrukt wordt knippert het rode lampje rechtsboven de toets gedurende 3 seconden en gaat daarna uit. Er klinkt een enkel geluidssignaal.

De boost functie uitschakelen

De boost functie is ingeschakeld, in de display is ‘P.’ zichtbaar.

In de display verschijnt vermogensstand 9 , de boost functie is uitgeschakeld. Óf:

In de display verschijnt stand ‘0.’, de kookzone is uitgeschakeld.

Tot en met stand 9 heeft dit geen consequenties. Stelt u echter een kookzone in op de boost stand dan wordt de andere kookzone automatisch op een iets lagere stand gezet. º Staat een kookzone op boost en u wilt de andere op stand 9 of boost zetten, zal de kookzone met boost automatisch naar een lagere stand gaan. º Twee naast elkaar liggende kookzones beïnvloeden elkaar niet. U kunt beide kookzones op de boost stand instellen.

Pagina 17

3 Bediening

3.1.4 Smelt-/warmhoudfunctie

Met de toets kunt u de smeltfunctie en de warmhoudfunctie inschakelen. Met behulp van een kookwekker kunt u de maximale smelt-/warmhoudtijd instellen.

De smeltfunctie (u)De warmhoudfunctie (U)
In de smeltfunctie wordt de temperatuur van het gerecht automatisch op een constante temperatuur van 42 °C gehouden.In de warmhoudfunctie wordt de temperatuur van het gerecht automatisch op een constante temperatuur van 70 °C gehouden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

De smeltfunctie inschakelen

De kookplaat is ingeschakeld en er staat een pan op een kookzone.

Er klinkt een enkel geluidssignaal en in de display van elke kookzone verschijnt ‘0.’.

De warmhoudfunctie inschakelen

Twee lampjes rechtsboven de toets lichten op.

De smelt-/warmhoudfunctie uitschakelen

De smelt-/warmhoudfunctie is ingeschakeld, in de display is ‘u.’ of ‘U.’ zichtbaar.

Drukt u op de toets, dan verschijnt stand ‘0.’. Drukt u op de toets dan verschijnt stand ‘1.’. De smelt-/warmhoudfunctie is nu uitgeschakeld. Óf:

In de display verschijnt stand ‘0.’, de kookzone is uitgeschakeld.

Pagina 18

3 Bediening

3.1.5 Uitschakelen

Eén kookzone uitschakelen

Houd gedurende 1 seconde de en toets ingedrukt van de kookzone die u wilt uitschakelen.

Of:

Er klinkt een enkel geluidssignaal en in de display staat ‘0.’. Indien alle kookzones op stand ‘0.’ staan is de kookplaat automatisch in stand-by modus (zie ook ‘Standby modus’).

Alle kookzones tegelijk uitschakelen

De kookplaat staat in stand-by modus, of één of meerdere kookzones is actief.

Er klinkt een enkel geluidssignaal. Er brandt geen enkel lampje. De kookplaat is nu uit.

Opmerking

De kookplaat kan ook uitgeschakeld worden wanneer het (kinder)slot of de pauze modus actief is.

3.1.6 Stand-by modus

In stand-by modus is in de display van elke kookzone ‘0.’ zichtbaar. In stand-by modus is de kookplaat uitgeschakeld en kunt u deze zonder toezicht achterlaten.

U kunt naar de stand-by modus schakelen vanuit de “uit” modus, of door alle afzonderlijke kookzones uit te schakelen (op ‘0.’ te zetten). Na 10 seconden in stand-by modus zonder verdere toetsbedieningen schakelt de kookplaat automatisch weer uit.

De kookplaat van ‘uit’-modus naar stand-by modus schakelen

Er klinkt een enkel geluidssignaal en in de display van elke kookzone verschijnt ‘0.’. Het rode lampje rechtsboven de aan-/uittoets van de kookplaat brandt constant.

Pagina 19

3 Bediening

3.1.7 (Kinder)slot

U kunt de kookplaat met het (kinder)slot vergrendelen. Onbedoeld inschakelen of wijzigen van instellingen van de kookzones wordt hiermee voorkomen.

Met de toets heeft u toegang tot de volgende twee functies:

De (standaard) slotmodusDe kinderslotmodus
Met de (standaard) slotmodus wordt het ongewenst wijzigen van instellingen voorkomen.Met de kinderslotmodus wordt het onbedoeld inschakelen van de kookplaat voorkomen.
Alle ingestelde kookprocessen blijven actief.Alle kookzones en kook-/ eierwekker(s) moeten uit zijn.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

De kookplaat naar de (standaard) slotmodus schakelen

Eén of meerdere kookzones zijn actief.

Let op: Alle ingestelde kookprocessen blijven actief. Het rode lampje rechtsboven de toets en de aan-/ uittoets brandt constant. Alle toetsen zijn inactief, behalve de toets en de aan-/uittoets .

De kookplaat naar kinderslotmodus schakelen

De kookplaat staat in stand-by modus. In de display van elke kookzone is ‘0.’ zichtbaar.

Het rode lampje rechtsboven de toets en de aan-/ uittoets brandt constant.

Indien er binnen 10 seconden geen verdere toetsbedieningen plaatsvinden schakelt de kookplaat automatisch uit. Het kinderslot blijft actief. U kunt de kookplaat ook zelf uitschakelen.

Pagina 20

3 Bediening

Tip

Zet de kookplaat in de kinderslot modus voordat u de kookplaat gaat reinigen om te voorkomen dat deze per ongeluk inschakelt.

3.1.8 Pauze

Met de pauze functie kunt u de gehele kookplaat tijdens het koken gedurende 10 minuten ‘op pauze’ zetten. Het vermogen van alle kookzones wordt automatisch uitgeschakeld. Dit is bijvoorbeeld handig als een gerecht overgekookt is en u de kookplaat even snel wilt schoonmaken. U kunt de kookplaat zo ook gedurende een korte tijd, op een veilige manier alleen laten, zonder instellingen te verliezen.

De kookplaat naar pauze modus schakelen

Eén of meerdere kookzones zijn actief.

Er klinkt een enkel geluidssignaal. In de display van elke kookzone wordt zichtbaar en het rode lampje rechtsboven de toets brandt constant.

Indien u binnen 10 minuten geen verdere actie onderneemt worden alle actieve kookzones automatisch uitgeschakeld.

De pauze modus uitschakelen

Druk binnen 10 minuten nogmaals op de toets.

De kookplaat hervat de instellingen zoals deze voor de pauze ingesteld zijn.

Pagina 21

3 Bediening

.

3.1.9 Geheugen

Met de geheugenfunctie kunt u de laatste instellingen van de kookplaat terughalen binnen 6 seconden na het uitschakelen van de kookplaat. Dit is bijvoorbeeld handig wanneer u de gehele kookplaat per ongeluk heeft uitgeschakeld met de aan-/uittoets

3.1.10 Herkennen van een modus

De stand-by modusIn de display van elke kookzone is ‘0.’ zichtbaar. Het rode lampje rechtsboven de aan-/uittoets brandt constant.
De (standaard) slotmodusEén of meerdere displays vertonen een vermogensstand. Het rode lampje rechtsboven de toets én het rode lampje rechtsboven de aan-/uittoets branden constant.
De kinderslot modusIn de display van elke kookzone is ‘0.’ zichtbaar. Het rode lampje rechtsboven de toets én het rode lampje rechtsboven de aan-/uittoets branden constant. Na 10 seconden gaan alle displays en lampjes uit, de kinderslot modus blijft geactiveerd.
De pauze modusIn de display van elke kookzone is zichtbaar. Het rode lampje rechtsboven de toets brandt constant. De pauze functie werkt alleen als één of meerdere kookzones actief zijn.
De geheugen modusIn de display van elke kookzone is ‘0.’ zichtbaar. Het rode lampje rechtsboven de toets knippert.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Pagina 22

3 Bediening

3.1.11 Kookwekker / Eierwekker

Er is een kookwekker voor elke afzonderlijke kookzone. Deze zijn gelijktijdig te gebruiken. Daarnaast is er nog een eierwekker. Zowel de kookwekker als de eierwekker zijn in te stellen op maximaal 99 minuten.

De eierwekker werkt hetzelfde als de kookwekker, maar is niet gekoppeld aan een kookzone. De ingestelde eierwekker blijft lopen na het uitschakelen van de kookplaat. De eierwekker kan alleen uitgeschakeld worden als de kookplaat ingeschakeld is.

De kookwekkerDe eierwekker
De kookwekker is te koppelen aan een kookzone. Dit houdt in dat de kookzone uitschakelt als de ingestelde tijd afgelopen is.De eierwekker is niet gekoppeld aan een kookzone. De ingestelde eierwekker blijft lopen na het uitschakelen van de kookplaat.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Type IDK674/884

De eierwekker inschakelen

De kookplaat is ingeschakeld.

‘00.’ verschijnt in de display en het rode lampje midden onder de display (IDK674884) of rechts onder de display (IDK995) knippert.

Als u geen tijd instelt met de en toets gaat de eierwekker na 10 seconden automatisch uit.

Type IDK995

De eierwekker uitschakelen

(Stap 1 en 2 zijn niet van toepassing indien één of meerdere kookzones actief zijn).

De stip naast de ingestelde tijd gaat branden.

Verder lezen op pagina 23Inhoud

Meer handleidingen: Pelgrim kookplaat