Siemens CB875G2S1, tekst van de handleiding
Pagina's 15–28 van 52 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 3–14verder op pagina 29 →
Pagina 15
Tijdfuncties nl
Snel voorverwarmen
Met de toets kunt u de binnenruimte bijvonder snel opwarmen.
Het snel voorverwarmen is niet bij alle verwarmingsmethoden mogelijk.
Geschikte verwarmingsmethoden:
4D-hetelucht
- Boven- en onderwarmte
Om een gelijkmatig resultaat te krijgen, plaatst u het gerecht en de accessoires pas in de binnenruimte wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.
Instellen
Let erop dat u een geschikte verwarmingsmethode kiest. De temperatuur moet op meer dan 100 °C zijn ingesteld, anders start het snel voorverwarmen niet.
- 1. Verwarmingsmethode en temperatuur instellen.
- 2. Toets indrukken.
PLQ V
ꑛ
Links naast de temperatuur verschijnt het symbool . De voortgangslijn raakt gevuld.
Wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is, klinkt er een signaal. Het symbool verdwijnt.Plaats het gerecht in de binnenruimte.
Aanwijzingen
- Een ingestelde tijdsduur loopt onafhankelijk van de functie Snel voorverwarmen direct na de start af.
- Tijdens het snel voorverwarmen kunt u met de toets de actuele temperatuur van de binnenruimte opvragen.
Afbreken
Toets indrukken.Het symbool verdwijnt van het display.
Tijdfuncties
Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties.
| Tijdfunctie | Gebruik | |
|---|---|---|
| • | Kookwekker | De wekker werkt als een eierwekker. Na afloop van de ingestelde tijd klinkt een signaal. |
| • | Tijdsduur | Na afloop vande ingestelde tijd klinkt een signaal. Het apparaat schakelt automatisch uit. |
| • | Einde | Stel een tijdsduur en een eindtijd in. Het apparaat schakelt automatisch in, zodat de werking op het gewenste tijdstip beëindigd is. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Aanwijzingen
- U kunt een tijdsduur tot één uur op de minuut precies instellen.
U kunt een tijdsduur van langer dan een uur instellen in stappen van 5 minuten.
- Afhankelijk van de richting waarin u de draaiknop draait, begint de tijdsduur bij een voorgestelde waarde: links 10 minuten.
rechts 30 minuten.
- Aan het einde van elke tijdsfunctie klinkt een signaal.
- Met de toets kunt u tussentijds informatie opvragen, die dan kort op het display verschijnt.
Kookwekker
U kunt de wekker op elk moment instellen, ook wanneer het apparaat uitgeschakeld is. Hij loopt parallel aan de andere tijdinstellingen en heeft een eigen signaal. Zo hoort u of de wekker of een tijdsduur afgelopen is.
U kunt maximaal 24 uur instellen.
- 1. Toets 0 indrukken.
Het veld voor de wekker gaat open.
- 2. Met de draaiknop de wekkertijd instellen.
Na enkele seconden start de wekker.
Het symbool voor de wekker en de aflopende tijd wordt links in de statusregel weergegeven.
Aan het einde van de ingestelde tijd
Er klinkt een signaal. Op het display verschijnt “Kookwekker afgelopen”. U kunt het signaal met de toets 0 voortijdig uitschakelen.
Wekkertijd afbreken
Met toets 0 het menu Tijdfuncties openen en de tijd terugdraaien. Het menu met de toets 0 sluiten.
Wekkertijd veranderen
Met de toets 0 het menu Tijdfuncties openen en met de draaiknop in de volgende seconden de wekkertijd wijzigen. Met de toets 0 de wekker starten.
Pagina 16
nl Tijdfuncties
Tijdsduur
Wanneer u een tijdsduur (bereidingstijd) voor uw gerecht instelt, wordt de werking na deze tijd automatisch beëindigd. De oven warmt niet meer op.
Voorwaarde: er zijn een verwarmingsmethode en een temperatuur ingesteld.
Voorbeeld: instelling voor 4D-hetelucht, 180 °C, tijdsduur 45 minuten.
- 1. Toets 0 indrukken.
Het menu Tijdfuncties gaat open.
ꑖ ꑘ V PLQ V
- 2. Met de draaiknop de tijdsduur instellen.
| ꑖ | ꑘ |
| PLQ V | PLQ V |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
- 3. Starten met de toets start/stop.
Het verloop van de tijdsduur is te zien in de statusregel.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt het signaal voortijdig met de toets 0 uitschakelen.
Tijdsduur afbreken
Met de toets 0 het menu Tijdfuncties openen. De tijdsduur terugdraaien. Op het display worden nu de ingestelde verwarmingsmethode en temperatuur weergegeven.
Tijdsduur veranderen
Met de toets 0 het menu Tijdfuncties openen. Met de draaiknop de tijdsduur veranderen.
Eindtijd
Verandert u de eindtijd, let er dan op dat levensmiddelen die snel bederven niet te lang in de binnenruimte mogen staan.
Voorwaarde: de ingestelde functie is niet gestart. Er is een tijdsduur ingesteld. Het menu Tijdfuncties 0 is geopend.
Voorbeeld in de afbeelding: u plaatst het gerecht om 9.30 uur in de oven. De bereidingsduur bedraagt 45 minuten en het gerecht is om 10.15 uur klaar. U wilt echter dat het om 12.45 uur klaar is.
- 1. Met de pijl verder naar “ Einde” tippen.
- 2. Met de draaiknop de eindtijd instellen.
ꑗ
- 3. Met de toets start/stop bevestigen.
ꑗ
De oven bevindt zich in de wachtstand. In de statusregel verschijnt het symbool en het tijdstip waarop de werking beëindigd is. De werking start op het juiste tijdstip. Het verloop van de tijdsduur is te zien in de statusregel.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt het signaal voortijdig met de toets 0 uitschakelen.
Eindtijd corrigeren
Dit is mogelijk zolang de oven zich in de wachtstand bevindt.
- 1. De toets start/stop indrukken.
- 2. Toets 0 indrukken.
Het menu Tijdfuncties wordt geopend.
- 3. Met de pijl naar “ Einde” gaan en met de draaiknop de eindtijd corrigeren.
- 4. Toets 0 indrukken.
- 5. De toets start/stop indrukken.
De oven bevindt zich weer in de wachtstand.
Eindtijd afbreken
Dit is mogelijk zolang de oven zich in de wachtstand bevindt.
- 1. De toets start/stop indrukken.
- 2. Toets 0 indrukken.
Het menu Tijdfuncties wordt geopend.
- 3. Met de pijl naar “ Einde” gaan en met de draaiknop de eindtijd terugdraaien.
- 4. Toets 0 indrukken.
- 5. Starten met de toets start/stop.
De tijdsduur loopt direct af.
Pagina 17
Kinderslot nl
Kinderslot
Om te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot.
Activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren en deactiveren terwijl het apparaat uitgeschakeld is.
Druk steeds ca. 4 seconden lang op de toets . Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging en in de statusregel verschijnt het symbool .
Apparaatdeur vergrendeld
In de basisinstellingen kunt u de instellingen zo wijzigen dat naast het bedieningspaneel ook de apparaatdeur wordt vergrendeld.
De apparaatdeur vergrendelt wanneer de temperatuur in de binnenruimte ca. 50°C bereikt. In de statusregel verschijnt het symbool . Is de oven uitgeschakeld, dan vergrendelt de apparaatdeur direct wanneer u het kinderslot activeert.
Basisinstellingen
Er zijn verschillende instellingen beschikbaar om uw apparaat optimaal en eenvoudig te kunnen bedienen. U kunt nu deze instellingen naar wens wijzigen:
Instellingen veranderen
- 1. Toets on/off indrukken.
- 2. Menutoets indrukken.
Het functie-menu wordt geopend.
- 3. Met de draaiknop "Instellingen" kiezen.
- 4. Op de pijl tippen.
- 5. Met de draaiknop de waarden veranderen.
- 6. Met de pijl altijd naar de volgende instellingen gaan en zo nodig wijzigen.
- 7. Om op te slaan de menutoets indrukken.. Op het display verschijnt afwijzen of opslaan.
Lijst met instellingen
U vindt in de lijst alle basisinstellingen en de mogelijkheden om te wijzigen. Afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat worden op het display alleen de instellingen weergegeven die bij uw apparaat passen.
U kunt de volgende instellingen veranderen:
| Instelling | Keuze |
|---|---|
| Taal kiezen | Andere talen mogelijk |
| Tijd | Actuele tijd instellen |
| Datum | Actuele datum instellen |
| Geluidssignaal tijdsduur | kort (30 s) |
| gemiddeld (1 m) | |
| lang (5 m) | |
| Toetssignaal | Uitgeschakeld (toetssignaal bij in- en uitschakelen met on/off blijft) |
| Ingeschakeld | |
| Display-helderheid | In te stellen in 5 stappen |
| Tijdsindicatie | Digitaal |
| Uit | |
| Verlichting | In gebruik aan |
| In gebruik uit | |
| Kinderslot | Deurvergrendeling + toetsblokkering |
| Alleen toetsblokkering | |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu |
| Verwarmingsmethoden | |
| Gerechten* | |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld |
| Ingeschakeld (display verduisterd tussen 22:00 en 5:59 uur) | |
| Merklogo | Weergeven |
| Niet weergeven. | |
| Ventilator-nalooptijd | Aanbevolen |
| Minimaal |
Pagina 18
nl Sabbatinstelling
| Uittreksysteem | Niet achteraf aangebracht |
|---|---|
| Achteraf aangebracht | |
| Sabbatinstelling | Ingeschakeld |
| Uitgeschakeld | |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten |
| Niet terugzetten | |
| *) Beschikbaar, afhankelijk van het apparaattype | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Attentie!
Bij rekjes en 1-voudig uittreksysteem: instelling “niet achteraf aangebracht”.
Bij 2- en 3-voudig uittreksysteem: instelling "achteraf aangebracht".
Aanwijzing: Wijzigingen aan de instellingen van de taal, het toetssignaal en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere gaan pas in nadat de instellingen zijn opgeslagen.
--------
Tijd wijzigen
In de basisinstellingen kunt u de tijd veranderen.
Voorbeeld: de tijd wijzigen van zomer- in wintertijd.
- 1. Toets on/off indrukken.
- 2. Menutoets indrukken.
- 3. Met de draaiknop "Instellingen" kiezen.
- 4. Met de pijl naar “Tijd” tippen.
- 5. Met de draaiknop de tijd wijzigen.
- 6. Menutoets indrukken.
Op het display verschijnt opslaan of afwijzen.
Stroomuitval
Na een lange stroomonderbreking verschijnen op het display de instellingen voor het eerste gebruik.
Stel de taal, de tijd en de datum opnieuw in.
Sabbatinstelling
Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen.De gerechten in de oven blijven warm, zonder dat u deze hoeft in of uit te schakelen.
Sabbatinstelling starten
Voorwaarde: u heeft in de basisinstellingen “Sabbatinstelling ingeschakeld“ geactiveerd. "Basisinstellingen" op pagina 17
De binnenruimte warmt op met boven- en onderwarmte en een temperatuur tussen 85 °C en 140 °C.
- 1. Toets on/off indrukken.
Op het display worden een verwarmingsmethode en een temperatuur voorgesteld.
- 2. De draaiknop naar links draaien en de verwarmingsmethode Sabbatinstelling” kiezen.
- 3. Op de pijl tippen en met de draaiknop de temperatuur instellen.
- 4. Met de toets 0 het menu Tijdfuncties openen. Er wordt 25:00 uur voorgesteld.
- 5. Met de draaiknop de gewenste tijdsduur instellen.
- 6. Starten met de toets start/stop.
Het verloop van de tijdsduur is te zien in de statusregel.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Het is niet mogelijk de eindtijd op een later tijdstip te zetten.
Sabbatinstelling afbreken
Toets on/off indrukken. Alle instellingen zijn gewist. U kunt opnieuw instellen.
Pagina 19
Braadthermometer nl
Braadthermometer
Met de braadthermometer Plus kunt u het eindresultaat exact op uw wensen afstellen. Hij meet de temperatuur binnen in het gerecht. Zodra de ingestelde temperatuur bereikt is, schakelt het apparaat automatisch uit.
Verwarmingsmethoden
Wanneer u de braadthermometer in de binnenruimte heeft geplaatst staan u de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.
| 4D-hetelucht | |
| Hetelucht eco | |
| Boven- en onderwarmte | |
| Boven- en onderwarmte eco | |
| Pizzastand | |
| 4 | Circulatiegrillen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Aanwijzingen
- De braadthermometer meet de temperatuur binnen in het gerecht tussen 30 °C en 99 °C..
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde braadthermometer. Deze kunt u als accessoire bij de klantenservice bestellen.
- Verwijder de braadthermometer na gebruik altijd uit de binnenruimte. Bewaar deze nooit in de binnenruimte.
Temperatuur van de binnenruimte
Stel de temperatuur niet hoger in dan 250°C, zodat de braadthermometer niet beschadigd raakt.
De ingestelde temperatuur van de binnenruimte moet minstens 10°C hoger zijn dan de ingestelde kerntemperatuur.
De braadthermometer in het gerecht steken
Steek de braadthermometer in het gerecht voordat u het in de binnenruimte plaatst.
De braadthermometer heeft drie meetpunten. Zorg ervoor dat het middelste meetpunt in het gerecht steekt.
Vlees: bij grotere stukken steekt u de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
Bij kleinere stukken steekt u hem aan de zijkant in, op de dikste plaats.
Gevogelte: steek de braadthermometer in door de dikste plaats van de borst van het gevogelte tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm. Draai het gevogelte vervolgens en leg het met de borstzijde naar beneden op het rooster.
Vis: steek de braadthermometer in achter de kop, in de richting van de middelste graten tot de aanslag. Hele vis met behulp van een halve aardappel in de ''zwemstand'' op het rooster plaatsen.
Product keren: Wilt u het product keren, verwijder de braadthermometer dan niet. Controleer na het keren van het product of de braadthermometer goed geplaatst is.
Verwijdert u de braadthermometer tijdens het gebruik, dan worden alle instellingen teruggezet en moeten vervolgens opnieuw worden uitgevoerd.
Attentie!
Zorg ervoor dat het snoer van de braadthermometer niet ingeklemd raakt.
Om te voorkomen dat de braadthermometer beschadigd raakt door een te intensieve hitte, moet de afstand tussen grillelement en braadthermometer enkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Kerntemperatuur instellen
- 1. Braadthermometer in de bus links in de binnenruimte plaatsen.
- 2. Met de draaiknop de verwarmingsmethode of de functie “Gerechten” kiezen.
- 3. Met de pijl naar de temperatuur gaan en deze met de draaiknop instellen.
- 4. Met de pijl naar de kerntemperatuur gaan en deze met de draaiknop instellen.
- 5. De toets start/stop indrukken.
De werking start.
Pagina 20
nl Braadthermometer
De ingestelde kerntemperatuur is bereikt
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt de braadthermometer uit de bus nemen. Het symbool verdwijnt.
Kerntemperatuur wijzigen
U kunt de kerntemperatuur op elk moment wijzigen.
Afbreken
Neem de braadthermometer uit de bus.
Waarschuwing – U kunt zich branden!
De ovenruimte en de kerntemperatuurmeter worden zeer heet. Gebruik ovenwanten voor het aansluiten en verwijderen van de kerntemperatuurmeter.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde kerntemperatuur kan de isolatie beschadigd raken. Alleen de voor dit toestel bestemde kerntemperatuursensor.
Kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen
Gebruik geen diepvriesproducten.De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
Uitgebreide opgaven over de verwarmingsmethode en temperatuur vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 29
| Levensmiddelen | Kerntemperatuur in °C |
|---|---|
| Gevogelte | |
| Kip | 80-85 |
| Kipfilet | 75-80 |
| Eend | 80-85 |
| Eendenborst, rosé | 55-60 |
| Kalkoen | 80-85 |
| Kalkoenfilet | 80-85 |
| Gans | 80-90 |
| Varkensvlees | |
| Varkensnek | 85-90 |
| Varkensfilet, rosé | 62-70 |
| Varkensrug, doorbakken | 72-80 |
| Rundvlees | |
| Rosbief of rundvlees, kort gebakken | 45-52 |
| Rosbief of runderfilet, rosé | 55-62 |
| Rosbief of runderfilet, doorbakken | 65-75 |
| Kalfsvlees | |
| Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager | 75-80 |
| Gebraden kalfsvlees, schouder | 75-80 |
| Kalfsschenkel | 85-90 |
| Lamsvlees | |
| Lamsbout, rosé | 60-65 |
| Lamsbout, doorbakken | 70-80 |
| Lamsrug, rosé | 55-60 |
| Vis | |
| Vis, heel | 65-70 |
| Visfilet | 60-65 |
| Diversen | |
| Gebraden gehakt, alle soorten | 80-90 |
Pagina 21
Reinigingsfunctie nl
Reinigingsfunctie
Met de functie “Zelfreiniging” kunt u de binnenruimte moeiteloos reinigen. De binnenruimte wordt tot een zeer hoge temperatuur opgewarmd. Resten van het bakken, braden en grillen verbranden.
U kunt drie reinigingsstanden kiezen.
| Stand | Reinigingsgraad | Tijdsduur |
|---|---|---|
| 1 | licht | ca. 1 uur, 15 min. |
| 2 | gemiddeld | ca. 1 uur, 30 min. |
| 3 | intensief | ca. 2 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Hoe sterker en ouder de verontreiniging, des te hoger de reinigingsstand moet zijn. Voor het reinigen zijn ca. 2,5-4,7 kilowattuur nodig.
Aanwijzing: Voor uw veiligheid vergrendelt de deur van de binnenruimte automatisch. Hij kan pas weer worden geopend wanneer het symbool voor de vergrendeling in de statusregel verdwenen is. De verlichting van de binnenruimte is tijdens de reiniging niet aan.
Waarschuwing
Gevaar voor verbranding!
Risico van verbranding!
- De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur openen. Het apparaat laten afkoelen.Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- • De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Voor de reiniging
Bij de reiniging kunt u een accessoire meereinigen, zoals de braadslede of de bakplaat. Verwijder grove verontreiniging altijd voor de reiniging. Plaats de toebehoren op hoogte 2.
Maak de binnendeur van het apparaat en de randvlakken van de binnenruimte bij de deurdichting schoon. De dichting niet schuren, niet afnemen!
Aanwijzingen
- De meegeleverde, geëmailleerde toebehoren kunt u bij gebruik van de reinigingsfunctie meereinigen. Roosters kunnen niet worden meegereinigd. De roosters zijn niet geschikt voor de reinigingsfunctie en verkleuren. Andere toebehoren die geschikt zijn voor gebruik met de reinigingsfunctie vindt u in de tabel voor de extra toebehoren. "Toebehoren" op pagina 11
- Wanneer de binnenruimte sterk vervuild is, kunt u hem het beste zonder toebehoren reinigen. Zo krijgt u een optimaal resultaat.
Wilt u de toebehoren meereinigen start de reiniging dan nogmaals.
Waarschuwing
Risico van brand!
Risico van
- Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten. Verwijder voordat de reiniging start altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte en van de toebehoren.
- brand!De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. De voorzijde van het apparaat vrij houden. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Waarschuwing – Ernstig gezondheidsrisico!
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen. Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen. Alleen geëmailleerde toebehoren meereinigen.
Zelfreiniging instellen
- 1. Menutoets indrukken.
Het functie-menu wordt geopend.
- 2. Met de draaiknop “Zelfreiniging” kiezen.
- 3. Op de pijl tippen
Reinigingsstand 3 wordt voorgesteld. U kunt de reiniging direct met de toets start/stop starten of
- 4. met de draaiknop een andere reinigingsstand kiezen.
- 5. Toets start/stop indrukken.
Op het display verschijnen aanwijzingen voor de reiniging.
- 6. Met de toets start/stop de reiniging starten.
Kort na de start vergrendelt de deur van de binnenruimte. Het symbool voor de vergendeling verschijnt rechts in de statusregel naast de aflopende tijdsduur.
De binnenruimte kan pas weer worden geopend wanneer het symbool van de statusregel verdwenen is.
Na afloop van de reiniging
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt het signaal met de toets 0 uitschakelen.Op het display verschijnt “Apparaat koelt af”.
Reiniging afbreken
Met de toets on/off de oven uitschakelen.De deur van de binnenruimte kan pas worden geopend wanneer het symbool in de statusregel verdwenen is.
Reinigingsstand corrigeren
Na de start kan de reinigingsstand niet meer worden gewijzigd.
U kunt de reiniging 's nachts laten aflopen
In het hoofdstuk Tijdinstellingen kunt u nalezen hoe u de eindtijd op een later tijdstip zet. Zo kunt u de oven op elk moment van de dag gebruiken. "Tijdfuncties" op pagina 15
Pagina 22
nl Schoonmaakmiddelen
Na de reiniging
Wanneer de binnenruimte afgekoeld is, neemt u de achtergebleven as in de binnenruimte, bij de accessoires, de rekjes en de apparaatdeur, af met een vochtig doekje.
Neem de uitschuifbare delen af met een vochtige doek. Schuif ze daarna meerdere keren in en uit. Na de reiniging kunnen nog verkleuringen op de uitschuifbare delen te zien zijn.Dit heeft geen invloed op de werking.
Aanwijzing: Als gevolg van een te grote verontreiniging kan er een witte aanslag ontstaan op de emaillen oppervlakken. Het zijn resten van levensmiddelen en deze kunnen geen kwaad. Zij zijn niet van invloed op de werking. U kunt de voedselresten zo nodig met citroenzuur verwijderen.
Schoonmaakmiddelen
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Let op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar.
Attentie!
Oppervlakteschade
Gebruik geen
- scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,
- sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,
- harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
- hogedrukreiniger of stoomreiniger of
- speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging.
Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit.
Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst. Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
| Bereik | Schoonmaken |
|---|---|
| Buitenzijde apparaat | |
| Voorzijde van roestvrij staal | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Knststof | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Gelakte oppervlakken | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. |
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
Pagina 23
Schoonmaakmiddelen nl
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden. |
| Binnenzijde apparaat | |
| Emaillen vlakken | Warm zeepsop of water met azijn: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen. Het beste de reinigingsfunctie gebruiken. "Reinigingsfunctie" op pagina 21 Aanwijzing: Door voedselresten kan een witte aanslag ontstaan.Dit is een normaal verschijnsel en de werking wordt hierdoor niet beïnvloed. Zo nodig verwijderen met citroenzuur. |
| Glazen kapje van de binnenruimteverlichting | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. |
| Deurafscherming van roestvrij staal | Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal: Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken. |
| Rekjes | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
| Uittreksysteem | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal gebruiken. |
| Braadthermometer | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
--------
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen.Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Apparaat schoon houden
Om te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen.
Tips
- De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden.
- Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk.
- Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken.
- Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan.
Pagina 24
nl Rekjes
Rekjes
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de rekjes kunt verwijderen en schoonmaken.
Rekjes verwijderen en bevestigen
Waarschuwing – Risico van verbranding!
De rekjes worden heel heet. Nooit de hete rekjes aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Rekjes verwijderen
- 1. Het rekje aan de voorkant een beetje optillen en verwijderen (Afb. ).
- 2. Vervolgens het hele rekje naar voren trekken en uitnemen (Afb. ).
Maak de rekjes schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Rekjes ophangen
De rekjes passen alleen links of rechts.De uitschuifbare rails moeten er naar voren kunnen worden uitgetrokken.
- 1. Het rekje eerst in het midden van de achterste bus steken , tot het aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar achteren drukken (Afb. ).
- 2. Het rekje vervolgens in de voorste bus steken , tot het ook hier aansluit op de wand van de binnenruimte en naar beneden drukken (Afb. ).
Apparaatdeur
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de apparaatdeur kunt verwijderen en schoonmaken.
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de apparaatdeur verwijderen.
De scharnieren van de apparaatdeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel.
Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afb. ), is de apparaatdeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd.
Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de apparaatdeur opengeklapt zijn (Afb. ), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
- 1 2
Waarschuwing
Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, of bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Apparaatdeur verwijderen
- 1. Apparaatdeur in de richting van het apparaat helemaal open drukken.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afb. ).
- 3. Apparaatdeur sluiten tot de aanslag . Met beide handen links en rechts vastpakken en iets naar boven trekken (Afb. ).
- 1 2
E
D
E
Pagina 25
Apparaatdeur nl
Apparaatdeur inbrengen
De apparaatdeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
- 1. Let er bij het inbrengen van de apparaatdeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afb. ).
Leg beide scharnieren tegen de onderkant van de buitenste ruit en gebruik deze bij de geleiding. Let erop dat de scharnieren in de juiste opening worden geschoven. Dit moet gemakkelijk gaan, zonder merkbare weerstand. Voelt u weerstand, controleer dan of de scharnieren in de juiste opening zijn geschoven.
| 1 | |
| 2. | Apparaatdeur helemaal openen.Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afb. ). |
| 2 | |
| 3. | Deur van de binnenruimte sluiten. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Deurafscherming afnemen
De roestvrijstalen inlegger in de deurafscherming kan verkleuren. Om de deur grondig schoon te maken kunt u de afscherming verwijderen.
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
Apparaatdeur voorzichtig sluiten.
- 1 2
Aanwijzing: De roestvrijstalen inlegger in de afscherming schoonmaken met een middel voor roestvrij staal. De rest van de deurafscherming schoonmaken met warm zeepsop en een zachte doek.
- 4. Apparaatdeur weer een beetje openen De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
- 5. Apparaatdeur sluiten.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de apparaatdeur afnemen.
Van het apparaat verwijderen
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
- 1 2
- 4. De schroeven links en rechts van de apparaatdeur losdraaien en verwijderen (Afb. ).
- 5. Klem er voordat u de deur weer sluit, een samengevouwen vaatdoek tussen (Afb. ).
De ruit aan de voorkant er naar boven uittrekken en met de deurgreep naar beneden op een egaal oppervlak leggen.
Pagina 26
nl Apparaatdeur
- 6. De beide houders van de middelste ruit naar boven drukken, niet afnemen (Afb. ). Houd de ruit met één hand vast. De ruit uitnemen.
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Waarschuwing
Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Inbrengen in het apparaat
Let er bij het inbouwen van de middelste ruit op dat de pijl zich rechtsboven op de ruit bevindt en overeenstemt met de pijl op de plaat.
- 1. Middelste ruit onder in de houder inbrengen (Afb. ) en aan de bovenkant aandrukken.
- 2. Beide houders naar beneden drukken (Afb. ).
- 1 2
- 3. Voorste ruit onder in de houders leiden (Afb. ).
- 4. Voorste ruit sluiten tot de beide bovenste haken zich tegenover de opening bevinden (Afb. ).
- 5. Tegen de onderkant van de voorste ruit drukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
- 6. Apparaatdeur weer een beetje openen en vaatdoek verwijderen.
- 7. De beide schroeven links en rechts weer vastdraaien.
- 8. De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
- 9. Apparaatdeur sluiten.
Attentie!
Gebruik de binnenruimte pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet.
Pagina 27
Wat te doen bij storingen? nl
3Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel.
Aanwijzing: Lukt een gerecht niet helemaal, kijk dan in het tabellendeel aan het einde van de gebruiksaanwijzing Hier vindt u vele tips en
aanwijzingen. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 29
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Storingentabel
Bij foutmeldingen met E, bijv. E0111, het apparaat uit- en inschakelen. Neem contact op met de servicedienst wanneer de melding weer verschijnt.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Aanwijzing/Oplossing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet | Zekering defect | Controleer in de meterkast of de zekering voor het apparaat in orde is |
| Stroomuitval | Controleer of andere keukenapparaten functioneren | |
| De apparaatdeur kan niet worden geopend, op het display wordt het symbool 5 weergegeven | De apparaatdeur blijft vergrendeld tot de binnenruimte afgekoeld is. | Wacht tot het symbool 5 verdwijnt. |
| Het ingeschakelde apparaat kan niet bediend worden, op het display wordt het symbool 1 weergegeven | Het kinderslot is geactiveerd. | De toets 1 indrukken tot het symbool 1 verdwijnt |
| De binnenruimte warmt niet op en op het display staat “Demonstratiemodus ingeschakeld” | Het apparaat bevindt zich in de demonstratiemodus. | De zekering in de meterkast uitschakelen en na ca. 10 seconden weer inschakelen. Apparaat inschakelen en in de instellingen “Demonstratiemodus uitgeschakeld” kiezen. |
| Het apparaat start niet en op het display verschijnt “Binnenruimte te heet” | De binnenruimte is te heet voor het gekozen gerecht of de verwarmingsmethode | Binnenruimte laten afkoelen en opnieuw starten |
| De verlichting in de binnenruimte is uitgevallen -------- | LED-lamp defect | Contact opnemen met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Maximale gebruiksduur overschreden
Uw apparaat beëindigt het gebruik automatisch wanneer er geen tijdsduur is ingesteld en de instelling lang niet veranderd is.
Het moment waarop dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde temperatuur of grillstand.
Op het display wordt weergegeven dat de werking automatisch beëindigd is. Vervolgens wordt de werking afgebroken.
Om het apparaat weer te gebruiken dient u het eerst uit te schakelen. Schakel het apparaat vervolgens weer in en stel de gewenste functie in.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat niet ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. Het apparaat warmt op totdat de ingestelde tijdsduur is afgelopen.
Lampen van de binnenruimte
Voor de verlichting van de binnenruimte beschikt uw apparaat over een of meerdere duurzame LED-lampen.
Mocht een LED-lamp of het glazen kapje toch eens defect zijn, neem dan contact op met de servicedienst. Het kapje van de lamp mag niet verwijderd worden.
Pagina 28
nl Servicedienst
4Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de servicedienst altijd het volledige productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opendoet.
Is uw apparaat voorzien van de stoomfunctie, dan vindt u het typeplaatje rechts achter het paneel.
( 1U
)'
= 1U
Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de servicedienst nodig heeft, kunt u hier de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr. FD-nr.
Servicedienst
Houd er rekening mee dat een bezoek van medewerkers van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantieperiode kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4020
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Gerechten
Met de functie “Gerechten” kunt u de meest uiteenlopende gerechten bereiden. Het apparaat kiest de meeste instellingen zelfstandig voor u.
Om goede resultaten te bereiken, mag de binnenruimte niet te heet zijn voor de gekozen gerechten. Is dit wel het geval, dan krijgt u een aanwijzing op het display. Laat de binnenruimte afkoelen en start nogmaals.
Aanwijzingen bij de instellingen
- Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit van de levensmiddelen en de aard van de vormen.
Gebruik voor een optimaal bereidingsresultaat alleen ongeschonden levensmiddelen en vlees op koelkasttemperatuur.
- Het apparaat kiest de optimale verwarmingsmethode en de tijd en temperatuurinstelling voor u. U hoeft alleen het gewicht in te voeren. Gewichten kunnen niet buiten het daarvoor bestemde bereik worden ingesteld.
- Bij vleesgerechten waarbij het apparaat de temperatuurkeuze voor u regelt, kunnen temperaturen tot 300 °C worden bereikt. Let er daarom op dat u vormen gebruikt die voldoende hittebestendig zijn.
- U krijgt bijv. aanwijzingen over vormen, de inschuifhoogte of het toevoegen van vloeistof aan vlees. Vele gerechten moeten tijdens de bereiding worden gekeerd of omgeroerd.Dit wordt kort na de start weergegeven op het display. U wordt hier op het juiste moment door een signaal aan herinnerd.
- Aan het einde van de gebruiksaanwijzing vindt u aanwijzingen voor geschikte vormen en tips en trucs voor de bereiding.
Braadthermometer
Bij enkele gerechten kunt u ook de braadthermometer gebruiken. Zodra u de braadthermometer in het apparaat heeft gestoken, krijgt u bijbehorende gerechten te zien.U kunt de temperatuur van de binnenruimte en de kerntemperatuur wijzigen.
"Braadthermometer" op pagina 19
Gerecht kiezen
Op de volgende pagina's vindt u de juiste instelwaarden voor de vermelde gerechten.
Gerechten
Kip, ongevuld
Kalkoenfilet
Gebraden varkenshals zonder been
Gestoofd rundvlees
Gebraden kalfsvlees, doorregen
Lamsbout zonder been, medium
Gebraden gehakt van vers gehakt
Goulash