naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens KG36NEXAG, tekst van de handleiding

Koelkast · Siemens · 26 pagina's in het Nederlands · pdf: 28 pagina's, 0,8 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com

Storingen op pagina 21

Pagina 21

Vanaf de titel; het begin van pagina 21 staat in de pdf.

15 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

  • Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
  • Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
  • Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14
2. Wacht 2 minuten.
3. Schakel het apparaat weer in. Pagina 13
4. Wacht 1 minuut en houd aansluitend super cool ingedrukt, tot er 4 akoestische signalen klinken.
5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Pagina 22

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Het apparaat is te vaak geopend.
▸ Open de apparaatdeur niet onnodig.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat.
▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag.Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achterwand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid.
▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is.
▸ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af.
▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen.
▸ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Pagina 23

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Zijpanelen van het apparaat zijn warm.Geen storing. In de zijwanden lopen buizen welk tijdens het koelproces warm worden. Meubels die tegen het apparaat staan, worden niet beschadigd door de warmte.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Alarmsignaal weerklinkt en "alarm off" brandt.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Druk op alarm off.
Schakel het alarm uit.
Deur van het apparaat is open.
▸ Sluit de deur van het apparaat.
Alle temperatuurindicaties en "alarm off" branden.Er is een sensor defect.
▸ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vriesvak) en "alarm off" knipperen.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▸ Druk op alarm off.
Schakel het alarm uit.
Vriesvakdeur is open.
▸ Sluit de vriesvakdeur.
Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt.
▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen.
Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.
▸ Overschrijd het vriesvermogen niet.
"Invriescapaciteit", Pagina 17
Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer.De deur van het vriesvak was te lang geopend. Er zit heel veel ijs op de verdamper (koudegenerator) in het NoFrost-systeem.
Vereiste: De diepvrieswaren zijn goed geïsoleerd en worden op een koele plaats bewaard.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14
2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
3. Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
1. Schakel het apparaat uit. Pagina 14

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

nl Storingen verhelpen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. Pagina 13
▸ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
▸ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Op het oppervlak van het apparaat en de plateaus in het apparaat vormt zich condenswater.De waterdamp in warme en vochtige lucht condenseert op de koudere oppervlakken van het apparaat.
1. Neem het dooiwater af met een zachte, droge doek.
2. Open het apparaat zo kort mogelijk.
3. Let er op dat het apparaat altijd goed wordt gesloten.
In de fruit- en groentelade verzamelt zich vaak veel condenswater.Afhankelijk van de bewaarhoeveelheid en het product vormt er zich in de fruit- en groentelade condenswater.
1. De fruit- en groentelade verwijderen. Pagina 20
2. De ontluchtingsclips verwijderen en omgedraaid inzetten .
Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakgeluiden.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Het automatische ontdooisysteem treedt in werking. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Het apparaat staat niet waterpas.
▸ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas en de stelvoeten.
Apparaat is niet vrijstaand.
▸ Houd de minimum afstanden van het apparaat aan. Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.
▸ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.
▸ Haal flessen of containers van elkaar.
Supervriezen is ingeschakeld.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

24

Pagina 25

15.1 Stroomuitval

Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermindert.

Op onze website van uw apparaat vindt in de technische gegevens de bewaartijd van de diepvriesproducten in geval van een storing.

Opmerkingen

Het apparaat tijdens een stroomuitval zo weinig mogelijk openen en geen andere levensmiddelen inruimen.

De kwaliteit van de levensmiddelen onmiddellijk na de stroomuitval controleren.

15.2 Apparaatzelftest uitvoeren

Uw apparaat beschikt over een apparaatzelftest, welke storingen weergeeft, die uw service kan verhelpen.

Pagina 14

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Pagina 10

Pagina 13

Opslaan en afvoeren nl

den ingedrukt houden, totdat een akoestisch signaal klinkt.

De apparaatzelftest start wanneer de temperatuurindicaties na elkaar gaan branden.

Wanneer na het einde van de apparaatzelftest 2 akoestische signalen weerklinken en de temperatuurdisplay de ingestelde temperatuur weergeeft, dan zijn de temperatuursensoren van uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.

Wanneer na het einde van de zelftest van het apparaat 5 akoestische signalen klinken en de leds van de temperatuuraanwijzing met verschillende helderheid branden, neem dan contact op met de service. De leds geven de servicedienst aanwijzingen omtrent de actuele storing.

Superkoelen is ingeschakeld en "super cool" brandt.

Pagina 14

16 Opslaan en afvoeren

16.1 Apparaat buiten gebruik stellen

Pagina 14

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

Pagina 26

nl Servicedienst

16.2 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

WAARSCHUWING

Brandgevaar!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elek-

26

trische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

17 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.

Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaar-

Pagina 27

Technische gegevens nl

den in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.

De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.

Het aantal lichtbronnen is modelafhankelijk.

Dit product bevat een lichtbron van energieklasse D.

De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door geschoold vakpersoneel worden vervangen.

17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

18 Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12

Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps:// eprel.ec.europa.eu/ ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

27

Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 2

nl Inhoudsopgave

Inhoudsopgave

1 Veiligheid ..................................... 3

1.1 Definitie van de signaalwoorden ................................................. 3 1.2 Algemene aanwijzingen ............. 3 1.3 Bestemming van het apparaat ................................................. 3 1.4 Inperking van de gebruikers ..... 4 1.5 Veiliger transport ......................... 4 1.6 Veilige installatie .......................... 4 1.7 Veilig gebruik ............................... 5 1.8 Beschadigd apparaat ................. 7

2 Het voorkomen van materiële schade .......................................... 8

3 Milieubescherming en besparing ................................................ 9

3.1 Afvoeren van de verpakking ..... 9 3.2 Energie besparen ....................... 9

4 Opstellen en aansluiten .............. 9

4.1 Leveringsomvang ........................ 9 4.2 Criteria voor de opstellocatie ................................................... 9 4.3 Apparaat monteren ................... 10 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ............... 10 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten ................................................ 10

5 Uw apparaat leren kennen ........ 11

5.1 Apparaat ..................................... 11 5.2 Bedieningspaneel ..................... 12

6 Uitrusting ................................... 12

6.1 Legplateau .................................. 12 6.2 Flessenrek .................................. 12 6.3 Groente- en fruitlade ................. 13 6.4 Koude lade ................................. 13 6.5 Deurrekken ................................. 13 6.6 Accessoires ............................... 13

7 De Bediening in essentie .......... 13

7.1 Apparaat inschakelen .............. 13 7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 14 7.3 Machine uitschakelen .............. 14

2

7.4 Temperatuur instellen ............... 14

8 Extra functies ............................ 14

8.1 Superkoelen ............................. 14 8.2 Automatisch Supervriezen ...... 14 8.3 Handmatig Supervriezen ......... 15 8.4 Rust-modus ................................ 15

9 Alarm .......................................... 16

9.1 Deuralarm ................................... 16 9.2 Temperatuuralarm .................... 16

10 Koelvak .................................... 16

10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak ............................................. 16 10.2 Koudezones in het koelvak .. 17

11 Chillervak ................................. 17

11.1 Bewaartijden in de koude lade bij 0°C ................................ 17

12 Vriesvak ................................... 17

12.1 Invriescapaciteit ...................... 17 12.2 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak ............................................. 18 12.3 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen ............ 18 12.4 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C ............ 18 12.5 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren ................................ 18

13 Ontdooien ................................ 19

13.1 Ontdooien in het vriesvak ..... 19

14 Reiniging en onderhoud ......... 19

14.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging .................................... 19 14.2 Apparaat schoonmaken ........ 19 14.3 Onderdelen eruit halen .......... 20

15 Storingen verhelpen ............... 21

15.1 Stroomuitval ............................. 25 15.2 Apparaatzelftest uitvoeren .... 25

16 Opslaan en afvoeren .............. 25

Pagina 3

Veiligheid nl

16.1 Apparaat buiten gebruik stellen .............................................. 25 16.2 Afvoeren van uw oude apparaat ............................................ 26

17 Servicedienst .......................... 26

17.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) .......... 27

18 Technische gegevens ............ 27

1 Veiligheid

Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.

1.1 Definitie van de signaalwoorden

Hier vindt u de betekenis van de in deze handleiding gebruikte signaalwoorden.

WAARSCHUWING

Neem deze aanwijzingen in acht om mogelijk ernstig of dodelijk letsel te vermijden.

VOORZICHTIG

Neem deze aanwijzingen in acht om licht of middelzwaar letsel te vermijden.

LET OP

Neem deze aanwijzingen in acht om schade aan het apparaat of andere materiële schade te vermijden.

Opmerking: Dit wijst u op belangrijke informatie.

1.2 Algemene aanwijzingen

1.3 Bestemming van het apparaat

Dit apparaat is niet bestemd voor het gebruik als inbouwapparaat. Gebruik het apparaat uitsluitend:

om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.

3

Pagina 4

nl Veiligheid

tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.

1.4 Inperking van de gebruikers

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

1.5 Veiliger transport

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.

1.6 Veilige installatie

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.

Pagina 5

Veiligheid nl

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.

Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

1.7 Veilig gebruik

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

5

Pagina 6

nl Veiligheid

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.

Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.

Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.

Het apparaat kan kantelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Onderdelen aan de achterkant van het apparaat worden tijdens het gebruik heet.

6

Pagina 7

Veiligheid nl

WAARSCHUWING ‒ Kans op koude-brandwonden!

Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.

VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.

1.8 Beschadigd apparaat

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

7

Pagina 8

nl Het voorkomen van materiële schade

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

2 Het voorkomen van materiële schade

LET OP

Het kantelen van de apparaatwieltjes kan bij het verschuiven van het apparaat de vloer beschadigen.

Door het gebruik van het apparaat, de plint, laden of deuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.

Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.

Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.

Pagina 9

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.

Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:

Houd een kleine afstand tot de zijwand aan.

Houd een afstand tot de wand aan van 50 mm.

De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.

Energie besparen bij het gebruik.

Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.

Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Niet in alle landen

Milieubescherming en besparing nl

De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.

Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.

Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.

Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.

Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.

4 Opstellen en aansluiten

4.1 Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst Pagina 26 contact op.

De levering bestaat uit:

Vrijstaand apparaat

Uitrusting en accessoires ¹ Montagehandleiding

Gebruiksaanwijzing

Klantenservice overzicht

Garantiebijlage ²

Energielabel

Informatie over energieverbruik en geluiden

4.2 Criteria voor de opstellocatie

WAARSCHUWING

Explosiegevaar!

Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van

9

Pagina 10

nl Opstellen en aansluiten

het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.

"Apparaat", Fig. 1 /

Pagina 12

Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 120 bedragen.

De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

De ondergrond moet vlak zijn.

Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10°C tot 43°C.

Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane omgevingstemperatuur.

Wanneer u het apparaat gebruikt bij lagere omgevingstemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5°C worden uitgesloten.

Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling

Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling

zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.

4.3 Apparaat monteren

4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

4.5 Apparaat elektrisch aansluiten

Vereiste: Na liggend transport en het plaatsen van het apparaat, minimaal één uur wachten voordat de elektrische aansluiting wordt gemaakt.

De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. "Apparaat", Fig. 1 /

Pagina 12

Het apparaat is nu gereed voor gebruik.

Pagina 11

Uw apparaat leren kennen nl

5 Uw apparaat leren kennen 5.1 Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

A

C

Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.

Bedieningspaneel Pagina 12

KoelvakPagina 16
ChillervakPagina 17
VriesvakPagina 17

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Pagina 12

nl Uitrusting

Typeplaatje Pagina 27

Diepvrieslade Pagina 20

Stelvoet

Verlichting
Flessenrek Pagina 12 ¹
Koude lade Pagina 13
Groente- en fruitlade Pagina 13
5.2 Bedieningspaneel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)

Deurrek voor grote flessen Pagina 13

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

alarm off schakelt het waarschuwingssignaal uit.

super freeze schakelt Supervriezen in of uit.

super cool schakelt Superkoelen in of uit.

Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C.

Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.

3 sec. schakelt het apparaat in of uit.

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

6 Uitrusting

De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.

6.1 Legplateau

Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. "Plateau verwijderen", Pagina 20

6.2 Flessenrek

Bewaar flessen veilig op het flessenrek.

Pagina 13

Om het flessenrek naar wens te variëren, kunt u het flessenrek verwijderen en op een andere plaats weer terugzetten.

"Plateau verwijderen", Pagina 20

6.3 Groente- en fruitlade

Bewaar vers fruit en groente onverpakt in de fruit- en groentelade.

Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.

Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.

Verwijder het condenswater met een droge doek.

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.

6.4 Koude lade

Gebruik de lagere temperaturen in de koude lade om snel bedervende levensmiddelen te bewaren, bijv. vis, vlees en worst.

6.5 Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

"Deurrek verwijderen", Pagina 20

6.6 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

De Bediening in essentie nl

Eierplateau

Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.

IJsblokjesschaal

Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.

IJsblokjes maken

Gebruik voor het maken van ijsblokjes uitsluitend drinkwater.

Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen

Opmerking: Wanneer het apparaat eerder via het bedieningspaneel werd uitgeschakeld, 3 sec. 3 seconden ingedrukt houden.

Het apparaat is nu gereed voor gebruik.

Het apparaat begint te koelen. Er klinkt een waarschuwingssignaal, het temperatuurdisplay (vriesvak) en "alarm off" knipperen omdat het vriesvak nog te warm is.

"alarm off" gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.

Pagina 14

nl Extra functies

7.2 Opmerkingen bij het gebruik

Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.

Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.

De kopzijden van de behuizing worden tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.

Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur niet door product wordt geblokkeerd.

Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.

De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:

7.3 Machine uitschakelen

3 sec. 3 Seconden ingedrukt houden.

7.4 Temperatuur instellen

Koelvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

14 Vriesvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt −18 °C.

8 Extra functies

Kom te weten over welke instelbare extra functies uw apparaat beschikt.

8.1 Superkoelen

Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk.

Schakel Superkoelen in voor het bewaren van grote hoeveelheden levensmiddelen in het koelvak.

Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Superkoelen inschakelen

"super cool" brandt.

Opmerking: Na ca. 6 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Superkoelen uitschakelen

8.2 Automatisch Supervriezen

Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking. Hierdoor bevriezen de levensmiddelen sneller tot in de kern. De automatische Supervriezen schakelt in, wanneer u een zekere hoeveelheid verse levensmiddelen in het vriesvak plaatst.

Het automatische Supervriezen is af-fabriek geactiveerd. U kunt het automatische Supervriezen deactiveren.

Verder lezen op pagina 15Inhoud

Meer handleidingen: Siemens koelkast