Siemens KG39FPI23, tekst van de handleiding
Pagina's 109–114 van 119 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
Pagina 109
Vochtfilter eruit halen
Afb. 1/9
Het vochtfilter boven de vochtlade kan worden verwijderd om hem te reinigen. Daartoe eerst de vochtlade verwijderen en het vochtfilter eruit trekken.
De filterafdekking, afb. , eraf halen en het filter eruit halen. Reinigen in lauw water, laten opdrogen en weer samenbouwen.
Diepvrieslade verwijderen Afb. 4
Diepvriesladen tot aan de aanslag uittrekken, vooraan optillen en verwijderen.
Algemene aanwijzingen bij het onderhoud van oppervlakken van het apparaat
De oppervlakken van het apparaat met lauw water met een beetje afwasmiddel schoonmaken. Na het schoonmaken grondig droogwrijven.
Verlichting (LED)
Het apparaat is voorzien van een onderhoudsvrije LED verlichting.
Reparaties aan deze verlichting mogen alleen door de Servicedienst of een erkend vakman worden uitgevoerd.
nl
Energie besparen
- Het apparaat in een droge, goed te ventileren ruimte plaatsen! Het apparaat niet direct in de zon of in de buurt van een warmtebron plaatsen zoals een verwarmingsradiator of een fornuis.
Gebruik eventueel een isolatieplaat.
- Warme gerechten en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen!
- De diepvrieswaren om te ontdooien in de koelruimte leggen. Hierdoor benut u de koude van de diepvrieswaren voor het koelen van de levensmiddelen.
- Deuren van het apparaat zo kort mogelijk openen!
- Om een verhoogd stroomverbruik te vermijden, dient de achterkant van het apparaat af en toe gereinigd te worden.
- Indien aanwezig:
Wandafstandhouder monteren om de geplande energieopname van het apparaat te bereiken (zie montagehandleiding). Een kleinere afstand tot de muur heeft geen nadelige invloed op de werking van het apparaat. De energieopname kan dan wel iets veranderen. De afstand van 75 mm mag niet worden overschreden.
Pagina 110
nl
Bedrijfsgeluiden
Heel normale geluiden
Brommen
De motoren lopen (bijv. koelaggregaten, ventilator).
Borrelen, zoemen of gorgelen Koelmiddel stroomt door de buizen.
Klikgeluiden
Motor, schakelaar of magneetventielen schakelen in/uit.
Voorkomen van geluiden
Het apparaat staat niet waterpas Het apparaat met behulp van een waterpas stellen. Gebruik hiervoor de schroefvoetjes of leg iets onder het apparaat.
Het apparaat staat tegen een ander meubel of apparaat
Het apparaat van het meubel of apparaat ernaast wegschuiven.
Reservoirs of draagplateaus wiebelen of klemmen
Controleer de delen die eruit gehaald kunnen worden en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of serviesgoed raken elkaar De flessen of het serviesgoed los van elkaar zetten.
Pagina 111
nl
Kleine storingen zelf verhelpen
Voordat u de hulp van de Servicedienst inroept:
Controleer eerst of u aan de hand van de volgende punten de storing kunt verhelpen. Als u om een monteur vraagt, en het blijkt dat hij alleen maar een advies (bijv. over de bediening of het onderhoud van het apparaat) hoeft te geven om de storing te verhelpen, dan moet u, ook in de garantietijd, de volledige kosten van dat bezoek betalen!
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De temperatuur wijkt erg af van de instelling. | In sommige gevallen is het voldoende om het apparaat gedurende 5 minuten uit te schakelen. Als de temperatuur te warm is: na enkele uren controleren of de temperatuur de temperatuurinstelling genaderd is. Als de temperatuur te koud is: de volgende dag de temperatuur nogmaals controleren. | |
| De verlichting functioneert niet. | De LED verlichting is kapot. | Zie hoofdstuk „Verlichting (LED)”. |
| De lichtschakelaar klemt. | Controleer of er beweging in de lichtschakelaar zit. | |
| Geen enkele indicatie brandt. | Stroomuitval; de zekering is uitgeschakeld; de stekker zit niet goed in het stopcontact. | Stekker in het stopcontact steken. Controleer of er stroom is. Controleer de zekeringen. |
| De bodem van de koelruimte is nat. | De dooiwatergootjes of het afvoerpijpje zijn verstopt. | Dooiwatergootjes en afvoergaatje schoonmaken (zie Schoonmaken van het apparaat). Afb. |
| Stopje van het dooiwaterafvoerga atje ontbreekt. | Stopje erin zetten. |
Pagina 112
nl
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De temperatuur in de verskoelruimte is te koud of te warm. | De vaste instelling is te hoog of te laag ingesteld (bijv. bij vorst in de verskoelruimte). | De temperatuur in het verskoelvak kan gecorrigeerd worden. Afb. 2 Toetsen 1 en „–” tegelijkertijd gedurende 2 seconden indrukken tot indicatie 3 geactiveerd is. Na 20 sec. wordt de ingestelde temperatuur opgeslagen. |
| De temperatuur in de diepvriesruimte is te warm. | De deur van het apparaat werd te vaak geopend. | Deur van het apparaat niet onnodig openen. |
| De be en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekkingen verwijderen. | |
| Invriezen van grotere hoeveelheden verse levensmiddelen. | Max. invriescapacitiet niet overschrijden. | |
| Er is een alarmsignaal te horen; de indicatie „Alarm” brandt. Afb. 2/4 In de diepvriesruimte is het te warm! Gevaar voor de diepvrieswaren! | Om het alarmsignaal en het knipperen van indicatie uit te schakelen de alarmtoets 10 indrukken. | |
| De deur is geopend. | Deur sluiten. | |
| De be- en ontluchtingsopeningen zijn afgedekt. | Afdekking verwijderen. | |
| Er werden te veel levensmiddelen in één keer ingeladen om in te vriezen. | Max. invriescapacitiet niet overschrijden. |
Pagina 113
nl
| Storing | Eventuele oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De deur van de diepvriesruimte stond te lang open; de temperatuur wordt niet meer bereikt. | Er zit zo veel ijs op de verdamper dat het No Frost-systeem niet meer volautomatisch ontdooit. | Om de verdamper te ontdooien: de laden met diepvrieswaren eruit halen en goed geïsoleerd op een koele plaats bewaren. Apparaat uitschakelen en van de wand wegschuiven. Deur van het apparat open laten. Na ca. 20 minuten begint het dooiwater in de dooiwateropvanschaal aan de achterwand van het apparaat te lopen. Afb. Om te voorkomen dat de dooiwateropvangschaal overloopt: het dooiwater met een spons opnemen. Als er geen dooiwater meer in de opvangschaal loopt, is de verdamper ontdooid. Binnenkant van de diepvriesruimte schoonmaken. Het apparaat weer in werking stellen. |
| Display geeft „E..” aan. | De elektronica heeft een fout geconstateerd. | Inschakelen van de Servicedienst. |
| Gedimde verlichting van de bedieningselementen. | Wanneer het apparaat een tijdje niet wordt bediend, wordt de indicatie van het bedieningspaneel op de energiespaarmodus gezet. | Zodra het apparaat weer in gebruik is, bijv. bij het openen van de deur, schakelt de indicatie weer op de normale verlichting om. |
| Temperatuurindicatie diepvriesruimte knippert, afb. 2/4. | Door een storing is het in de diepvriesruimte te warm geweest. | Na het indrukken van de alarmtoets 10 wordt het knipperen van de temperatuurindicatie uitgeschakeld. Afb. 2/4 De temperatuurindicatie geeft gedurende 5 seconden de warmste temperatuur aan die in de diepvriesruimte heeft geheerst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 113)
113
Pagina 114
nl
Servicedienst
Adres en telefoonnummer van de Servicedienst in uw omgeving kunt u vinden in het telefoonboek of in de meegeleverde brochure met service-adressen. Geef a.u.b. aan de Servicedienst het E-nummer (E-Nr.) en het FD-nummer (FD) van het apparaat op.
U vindt deze gegevens op het typeplaatje. Afb. 0
Door deze nummers aan de Servicedienst door te geven voorkomt u onnodig heen en weer rijden van de monteur en de hieraan verbonden kosten. En de hieraan verbonden kosten.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met
Servicedienstadressen.