Siemens KG39NXIBF, tekst van de handleiding
Koelkast · Siemens · 27 pagina's in het Nederlands · pdf: 32 pagina's, 0,8 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com
Deze handleiding geldt ook voor: KG36NXXBF, KG36NXXDF, KG39N7ICT, KG39NXXBF.
Storingen op pagina 22
Pagina 22
Vanaf de titel; het begin van pagina 22 staat in de pdf.
14 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING
Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden. | Het presentatielicht is ingeschakeld. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 15 2. Wacht 2 minuten. 3. Schakel het apparaat weer in. Pagina 14 4. Wacht 1 minuut en houd aansluitend super (koelvak) ingedrukt, tot er 4 akoestische signalen klinken. 5. Controleer na korte tijd of uw apparaat koelt. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
22
Pagina 23
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| LED-verlichting functioneert niet. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| De koelmachine schakelt vaker en langer in. | Het apparaat is te vaak geopend. ▸ Open de apparaatdeur niet onnodig. |
| Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. | |
| Geen storing. Moderne koelapparaten schakelen vaker in en hebben verschillende vermogensstanden om efficiënter te koelen. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. ▸ Stel het apparaat met de grootst mogelijke afstand tot verwarmingselementen, fornuis en andere warmtebronnen op. Vermijd langdurig direct zonlicht op het apparaat. ▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. ▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. | |
| Op de achterwand van het koelvak vormt zich een vorstlaag. | Geen storing. Moderne koelapparaten zorgen voor een gelijkmatigere temperatuur in het koelvak. De achterwand van het koelvak wordt regelmatig automatisch ontdooid. ▸ Open de deur van het apparaat slechts zo kort als mogelijk is. ▸ Verpak de levensmiddelen luchtdicht of dek de levensmiddelen af. ▸ Laat warme gerechten en dranken voordat deze in het apparaat worden geplaatst eerst afkoelen. ▸ Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de binnenwanden. |
Pagina 24
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Zijpanelen van het apparaat zijn warm. | Geen storing. In de zijwanden lopen buizen welk tijdens het koelproces warm worden. Meubels die tegen het apparaat staan, worden niet beschadigd door de warmte. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Er klinkt een waarschuwingssignaal, het temperatuurdisplay (koelvak) en "alarm" knipperen. Het deuralarm is ingeschakeld. | Deur van het koelvak is open. ▸ Sluit de deur van het koelvak. |
| Er klinkt een waarschuwingssignaal, het temperatuurdisplay (vriesvak) en "alarm" knipperen. Het deuralarm is ingeschakeld. | Vriesvakdeur is open. ▸ Sluit de vriesvakdeur. |
| Alle temperatuurindicaties en "alarm" branden. | Er is een sensor defect. ▸ Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| Er klinkt een waarschuwingssignaal, de ingestelde temperatuur (vriesvak) en "alarm" knipperen. Temperatuuralarm is ingeschakeld. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. ▸ Druk op alarm. Schakel het alarm uit. |
| Externe ventilatieopeningen zijn afgedekt. ▸ Verwijder hindernissen vóór de externe ventilatieopeningen. | |
| Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd. ▸ Overschrijd het vriesvermogen niet. "Invriescapaciteit", Pagina 18 | |
| Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer. | De deur van het vriesvak was te lang geopend. Er zit heel veel ijs op de verdamper (koudegenerator) in het NoFrost-systeem. Vereiste: De diepvrieswaren zijn goed geïsoleerd en worden op een koele plaats bewaard. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 15 2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit. |
Pagina 25
Storingen verhelpen nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Ingestelde temperatuur wordt niet bereikt. Volautomatische ontdooien werkt niet meer. | 3. Neem contact op met de servicedienst. Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten. |
| Temperatuur wijkt erg af van de instelling. | Verschillende oorzaken zijn mogelijk. 1. Schakel het apparaat uit. Pagina 15 2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. Pagina 14 ▸ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw. ▸ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw. |
| Op het oppervlak van het apparaat en de plateaus in het apparaat vormt zich condenswater. | De waterdamp in warme en vochtige lucht condenseert op de koudere oppervlakken van het apparaat. 1. Neem het dooiwater af met een zachte, droge doek. 2. Open het apparaat zo kort mogelijk. 3. Let er op dat het apparaat altijd goed wordt gesloten. |
| In de fruit- en groentelade verzamelt zich vaak veel condenswater. | Afhankelijk van de bewaarhoeveelheid en het product vormt er zich in de fruit- en groentelade condenswater. 1. De fruit- en groentelade verwijderen. Pagina 21 2. De ontluchtingsclips verwijderen en omgedraaid inzetten . |
| Het apparaat bromt, borrelt, zoemt, gorgelt, klikt, of maakt knakgeluiden. | Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit. Het automatische ontdooisysteem treedt in werking. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. |
| Apparaat produceert geluiden. | Het apparaat staat niet waterpas. ▸ Stel het apparaat horizontaal met behulp van een waterpas en de stelvoeten. |
| Apparaat is niet vrijstaand. ▸ Houd de minimum afstanden van het apparaat aan. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
25
Pagina 26
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat produceert geluiden. | Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen. ▸ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat. |
| Flessen of containers raken elkaar. ▸ Haal flessen of containers van elkaar. | |
| Supervriezen is ingeschakeld. Geen handeling vereist.Geen handeling vereist. | |
| 14.1 Stroomuitval | 2. Haal de stekker van het apparaat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Tijdens een stroomuitval stijgt de uit het stopcontact.
temperatuur in het apparaat, hierdoor De stekker van het netsnoer uit het verkort de bewaartijd en de kwaliteit stopcontact trekken of de zekering van de diepvriesproducten vermin- in de meterkast uitschakelen. dert. 3. Het apparaat na 5 minuten op-Op onze website van uw apparaat nieuw elektrisch aansluiten. vindt in de technische gegevens de Pagina 10 bewaartijd van de diepvriesproducten 4. Eén minuut na het inschakelen su-in geval van een storing. per (koelvak) gedurende 3 tot 5 seconden ingedrukt houden, totdat Opmerkingen een akoestisch signaal klinkt. Het apparaat tijdens een stroomuit- De apparaatzelftest start. val zo weinig mogelijk openen en Wanneer na het einde van de ap-geen andere levensmiddelen inrui- paraatzelftest 2 akoestische signamen. len weerklinken en de temperatuur-De kwaliteit van de levensmiddelen display de ingestelde temperatuur onmiddellijk na de stroomuitval weergeeft, dan zijn de temperacontroleren. tuursensoren van uw apparaat in
- Diepvriesproducten die ontdooid orde. Het apparaat gaat over op en warmer dan 5 °C zijn, weg- de normale werking.
gooien. Wanneer na het einde van de zelf-
- Licht ontdooide diepvriesproduc- test van het apparaat 5 akoesti-ten koken of bakken en ofwel sche signalen klinken en de leds verbruiken of opnieuw invriezen. van de temperatuuraanwijzing met 14.2 Apparaatzelftest uitvoe- verschillende helderheid branden, neem dan contact op met de serviren ce. De leds geven de servicedienst Uw apparaat beschikt over een appa- aanwijzingen omtrent de actuele raatzelftest, welke storingen weer- storing.
geeft, die uw service kan verhelpen.
- 1. Het apparaat uitschakelen. Pagina 15
Pagina 27
15 Opslaan en afvoeren
15.1 Apparaat buiten gebruik stellen
- 1. Het apparaat uitschakelen.
Pagina 15
- 2. Haal de stekker van het apparaat uit het stopcontact.
De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- 3. Alle levensmiddelen verwijderen.
- 4. Het apparaat reinigen. Pagina 20
- 5. Om de ventilatie van het interieur te waarborgen het apparaat geopend laten.
15.2 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
WAARSCHUWING
Kans op gevaar voor de gezondheid!
Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.
- Om te voorkomen dat kinderen in het apparaat kruipen legplateaus en lades niet uit het apparaat nemen.
- Kinderen uit de buurt van een afgedankt apparaat houden.
WAARSCHUWING
Brandgevaar!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
Opslaan en afvoeren nl
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
16 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de
27
Pagina 28
nl Technische gegevens
plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
17 Technische gegevens
Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 / Pagina 12
Meer informatie over uw model vindt u op het internet onder htps:// eprel.ec.europa.eu/ ¹. Dit webadres verwijst naar de officiële EU-productdatabank EPREL. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.
Het aantal lichtbronnen is modelafhankelijk.
Dit product bevat een lichtbron van energieklasse G.
De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door geschoold vakpersoneel worden vervangen.
1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte
28
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
nl Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
1 Veiligheid ..................................... 3
1.1 Definitie van de signaalwoorden ................................................. 3 1.2 Algemene aanwijzingen ............. 3 1.3 Bestemming van het apparaat ................................................. 3 1.4 Inperking van de gebruikers ..... 4 1.5 Veiliger transport ......................... 4 1.6 Veilige installatie .......................... 4 1.7 Veilig gebruik ............................... 5 1.8 Beschadigd apparaat ................. 7
2 Het voorkomen van materiële schade .......................................... 8
3 Milieubescherming en besparing ................................................ 9
3.1 Afvoeren van de verpakking ..... 9 3.2 Energie besparen ....................... 9
4 Opstellen en aansluiten .............. 9
4.1 Leveringsomvang ........................ 9 4.2 Criteria voor de opstellocatie ................................................... 9 4.3 Apparaat monteren ................... 10 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ............... 10 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten ................................................ 10
5 Uw apparaat leren kennen ........ 11
5.1 Apparaat ..................................... 11 5.2 Bedieningspaneel ..................... 12
6 Uitrusting ................................... 13
6.1 Legplateau .................................. 13 6.2 Flessenrek .................................. 13 6.3 Bewaarlade ................................ 13 6.4 Groente- en fruitlade ................. 13 6.5 Deurrekken ................................. 13 6.6 Accessoires ............................... 13
7 De Bediening in essentie .......... 14
7.1 Apparaat inschakelen .............. 14 7.2 Opmerkingen bij het gebruik .. 14 7.3 Machine uitschakelen .............. 15
2
7.4 Temperatuur instellen ............... 15
8 Extra functies ............................ 15
8.1 Superkoelen ............................. 15 8.2 Automatisch Supervriezen ...... 15 8.3 Handmatig Supervriezen ......... 15 8.4 Vakantiemodus .......................... 16 8.5 Energiebesparingsmodus ....... 16 8.6 Versmodus ................................. 16 8.7 Rust-modus ................................ 16
9 Alarm .......................................... 17
9.1 Deuralarm ................................... 17 9.2 Temperatuuralarm .................... 17
10 Koelvak .................................... 18
10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak ............................................. 18 10.2 Koudezones in het koelvak .. 18
11 Vriesvak ................................... 18
11.1 Invriescapaciteit ...................... 18 11.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken ...................................... 18 11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak ............................................. 19 11.4 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen ............ 19 11.5 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C ............ 19 11.6 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren ................................ 19
12 Ontdooien ................................ 20
12.1 Ontdooien in het vriesvak ..... 20
13 Reiniging en onderhoud ......... 20
13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging .................................... 20 13.2 Apparaat schoonmaken ........ 20 13.3 Onderdelen eruit halen .......... 21
14 Storingen verhelpen ............... 22
14.1 Stroomuitval ............................. 26 14.2 Apparaatzelftest uitvoeren .... 26
Pagina 3
Veiligheid nl
15 Opslaan en afvoeren ............... 27
15.1 Apparaat buiten gebruik stellen .............................................. 27 15.2 Afvoeren van uw oude apparaat ............................................ 27
16 Servicedienst .......................... 27
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) .......... 28
17 Technische gegevens ............ 28
1 Veiligheid
Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.
1.1 Definitie van de signaalwoorden
Hier vindt u de betekenis van de in deze handleiding gebruikte signaalwoorden.
WAARSCHUWING
Neem deze aanwijzingen in acht om mogelijk ernstig of dodelijk letsel te vermijden.
VOORZICHTIG
Neem deze aanwijzingen in acht om licht of middelzwaar letsel te vermijden.
LET OP
Neem deze aanwijzingen in acht om schade aan het apparaat of andere materiële schade te vermijden.
Opmerking: Dit wijst u op belangrijke informatie.
1.2 Algemene aanwijzingen
- Lees deze gebruiksaanwijzing zorgvuldig door.
- Bewaar de gebruiksaanwijzing en de productinformatie voor later gebruik of voor volgende eigenaren.
- Sluit het apparaat in geval van transportschade niet aan.
1.3 Bestemming van het apparaat
Dit apparaat is niet bestemd voor het gebruik als inbouwapparaat. Gebruik het apparaat uitsluitend:
om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.
voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.
3
Pagina 4
nl Veiligheid
tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.
1.4 Inperking van de gebruikers
Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.
Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.
Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.
1.5 Veiliger transport
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.
- Het apparaat niet alleen optillen.
1.6 Veilige installatie
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.
- Het apparaat uitsluitend aansluiten en gebruiken volgens de gegevens op het typeplaatje.
- Het apparaat uitsluitend via een volgens de voorschriften geïnstalleerd stopcontact met randaarde op een stroomnet met wisselstroom aansluiten.
- Het randaardesysteem van de elektrische huisinstallatie moet conform de elektrotechnische voorschriften zijn geïnstalleerd.
- Nooit het apparaat via een externe schakelinrichting voeden, bijvoorbeeld een tijdschakelaar of besturing op afstand.
- Wanneer het apparaat is ingebouwd, moet de netstekker van de netaansluitkabel vrij toegankelijk zijn, of wanneer vrije toegang niet mogelijk is, moet in de vast geplaatste elektrische installatie een scheidingsinrichting volgens de installatievoorschriften zijn ingebouwd.
Pagina 5
Veiligheid nl
- Bij het opstellen van het apparaat erop letten dat het netsnoer niet wordt afgeklemd of beschadigd.
Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit het aansluitsnoer met warmtebronnen in contact brengen.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Wanneer de ventilatieopeningen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.
- Ventilatieopeningen in de behuizing van het apparaat of in de inbouwbehuizing niet afsluiten.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.
- Geen verlengsnoeren of meervoudige stopcontacten gebruiken.
- Alleen door de fabrikant goedgekeurde adapters en netsnoeren gebruiken.
- Wanneer het netsnoer te kort is en er geen langer netsnoer beschikbaar is, neem dan contact op met een elektrospeciaalzaak om de huisinstallatie aan te passen.
Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.
- Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen niet aan de achterkant van de apparaten plaatsen.
1.7 Veilig gebruik
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.
- Gebruik het apparaat alleen in gesloten ruimtes.
- Stel het apparaat nooit bloot aan grote hitte en vochtigheid.
- Geen stoomreiniger of hogedrukreiniger gebruiken om het apparaat te reinigen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!
Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.
- Verpakkingsmateriaal uit de buurt van kinderen houden.
- Laat kinderen niet met verpakkingsmateriaal spelen.
5
Pagina 6
nl Veiligheid
Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.
- Kleine onderdelen uit de buurt van kinderen houden.
- Kinderen niet met kleine onderdelen laten spelen.
WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!
Door beschadiging van de koudemiddelkringloop kan brandbaar koudemiddel lekken en exploderen.
- Gebruik voor het versnellen van het ontdooien geen andere mechanische inrichtingen of andere middelen dan diegene die door de fabrikant zijn aanbevolen.
- Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.
- Bewaar geen producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen in het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.
- Gebruik geen elektrische apparaten binnenin het apparaat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.
- Geen flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank in het vriesvak bewaren.
Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.
- De buizen van de koudemiddelkringloop en de isolatie niet beschadigen.
Het apparaat kan kantelen.
- Niet op de plint, laden of deuren staat of leunen.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Onderdelen aan de achterkant van het apparaat worden tijdens het gebruik heet.
- Raak de hete onderdelen nooit aan.
Pagina 7
Veiligheid nl
WAARSCHUWING ‒ Kans op koude-brandwonden!
Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.
- Nooit diepvrieswaren in de mond nemen nadat deze uit het vriesvak werden genomen.
- Vermijd langer contact van de huid met diepvrieswaren, ijs en oppervlakken van het vriesvak.
VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!
Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.
- Wanneer de deur langere tijd wordt geopend, kan dit leiden tot een aanzienlijke temperatuurstijging in de vakken van het apparaat.
- Maak de oppervlakken, die met levensmiddelen en toegankelijke afvoersystemen in contact komen, regelmatig schoon.
- Rauw vlees en vis in geschikte containers in het koelapparaat dusdanig bewaren dat het niet in contact komt met andere levensmiddelen of op deze drupt.
- Wanneer het koel-/vriesapparaat langere tijd leeg staat, het apparaat uitschakelen, ontdooien, reinigen en de deur open laten, om schimmelvorming te voorkomen.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.
- Verontreinigde levensmiddelen niet consumeren.
1.8 Beschadigd apparaat
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.
- Nooit een beschadigd apparaat gebruiken.
- Nooit aan het netsnoer trekken, om het apparaat van het elektriciteitsnet te scheiden. Altijd aan de stekker van het netsnoer trekken.
- Wanneer het apparaat of het netsnoer is beschadigd, dan direct de stekker van het netsnoer uit het stopcontact halen of de zekering in de meterkast uitschakelen.
7
Pagina 8
nl Het voorkomen van materiële schade
- Neem contact op met de klantenservice. Pagina 27
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
WAARSCHUWING ‒ Brandgevaar!
Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.
- Houd vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt van het apparaat.
- Ventileer de ruimte.
- Het apparaat uitschakelen. Pagina 15
- De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.
- Neem contact op met de service. Pagina 27
2 Het voorkomen van materiële schade
LET OP
Het kantelen van de apparaatwieltjes kan bij het verschuiven van het apparaat de vloer beschadigen.
- Het apparaat met een steekwagen transporteren.
- Bij het verschuiven van het apparaat een vloerbescherming gebruiken en niet zigzag bewegen.
Door het gebruik van het apparaat, de plint, laden of deuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.
- Niet op het apparaat, de plint, laden of deuren staat of leunen.
Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.
- Houd kunststofdelen en deurafdichtingen olie- en vetvrij.
Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Bij contact met zuurhoudende levensmiddelen corrodeert en verkleurt het aluminium.
- Levensmiddelen uitsluitend verpakt in het apparaat bewaren.
Wanneer u uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigt, kunnen deze vervormen of verkleuren.
- Nooit uitrustingsdelen en accessoires in de vaatwasser reinigen.
Pagina 9
3 Milieubescherming en besparing
3.1 Afvoeren van de verpakking
De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.
- De afzonderlijke componenten op soort gescheiden afvoeren.
3.2 Energie besparen
Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.
Keuze van de opstellingslocatie
Stel het apparaat niet bloot aan direct zonlicht.
Plaats het apparaat zo ver mogelijk van radiatoren, fornuis en andere warmtebronnen:
- Houd 30 mm afstand aan tot elektrische- of gasfornuizen.
- Houd 300 mm afstand aan tot olie- en kolenfornuizen.
Houd een kleine afstand tot de zijwand aan.
De externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
Energie besparen bij het gebruik.
Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.
Open het apparaat slechts kort en sluit het zorgvuldig.
De binnenste ventilatieopeningen of de externe ventilatieopeningen nooit afdekken of blokkeren.
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
2 Niet in alle landen
Milieubescherming en besparing nl
Transporteer gekoelde levensmiddelen in een koeltas en leg ze snel in het apparaat.
Warm voedsel en dranken eerst laten afkoelen, daarna in het apparaat plaatsen.
Leg om de koude van de diepvriesproducten te benutten, deze ter ontdooiing in het koelvak.
Laat altijd wat ruimte tussen de levensmiddelen en de achterwand.
4 Opstellen en aansluiten
4.1 Leveringsomvang
Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.
Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst Pagina 27 contact op.
De levering bestaat uit:
Vrijstaand apparaat
Uitrusting en accessoires ¹ Montagehandleiding
Gebruiksaanwijzing
Klantenservice overzicht
Garantiebijlage ²
Energielabel
Informatie over energieverbruik en geluiden
4.2 Criteria voor de opstellocatie
WAARSCHUWING
Explosiegevaar!
Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van
9
Pagina 10
nl Opstellen en aansluiten
het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.
- Stel het apparaat uitsluitend op in een ruimte, welke tenminste een volume heeft van 1 m³ per 8 g koudemiddel. De hoeveelheid van het koudemiddel staat op het typeplaatje.
"Apparaat", Fig. 1 /
Pagina 12
Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 120 bedragen.
De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.
De ondergrond moet vlak zijn.
Dit apparaat is bedoeld voor gebruik bij omgevingstemperaturen van 10°C tot 43°C.
Het apparaat is volledig functioneel binnen de toegestane binnentemperatuur.
Wanneer u het apparaat gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5°C worden uitgesloten.
Over-and-Under- en Side-by-Sideopstelling
Als u 2 koeltoestellen boven of naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de toestellen minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden. Voor bepaalde toestellen is een opstelling
zonder minimumafstand mogelijk. Neem hiervoor contact op met uw dealer of keukeninstallateur.
4.3 Apparaat monteren
- Het apparaat conform meegeleverde montagehandleiding monteren.
4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden
- 1. Haal het informatiemateriaal er uit.
- 2. Verwijder de beschermfolie en transportborgingen, bijv. plakstrips en karton.
- 3. Het apparaat voor de eerste keer reinigen. Pagina 20
4.5 Apparaat elektrisch aansluiten
Vereiste: Na liggend transport en het plaatsen van het apparaat, minimaal één uur wachten voordat de elektrische aansluiting wordt gemaakt.
- 1. De netstekker van het aansluitsnoer van het apparaat in een stopcontact in de omgeving van het apparaat steken.
De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. "Apparaat", Fig. 1 /
Pagina 12
- 2. De netstekker op vastheid controleren.
Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
Pagina 11
Uw apparaat leren kennen nl
5 Uw apparaat leren kennen 5.1 Apparaat
Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.
Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.
| Koelvak | Pagina 18 |
| Vriesvak | Pagina 18 |
Pagina 12
| nl Uw apparaat leren kennen | |
| Verlichting | |
| Flessenrek Pagina 13 ¹ | |
| Bewaarlade Pagina 13 | |
| Groente- en fruitlade Pagina 13 | |
| Typeplaatje Pagina 28 | |
| Diepvrieslade Pagina 22 | |
| Stelvoet | |
| Bedieningspaneel Pagina 12 | |
| Deurrek voor grote flessen Pagina 13 | |
| 5.2 | Bedieningspaneel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en
1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering
informatie krijgen over de gebruikstoestand.
- 1 6
Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.
Pagina 13
super (koelvak) schakelt Superkoelen in of uit.
eco schakelt de energiebesparingsmodus in of uit.
vacation schakelt de vakantiemodus in of uit.
3 sec. schakelt het apparaat in of uit.
Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C.
super (vriesvak) schakelt Supervriezen in of uit.
fresh schakelt de Fris-modus in of uit.
alarm schakelt het waarschuwingssignaal uit.
6 Uitrusting
De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.
6.1 Legplateau
Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. "Plateau verwijderen", Pagina 21
6.2 Flessenrek
Bewaar flessen veilig op het flessenrek.
Om het flessenrek naar wens te variëren, kunt u het flessenrek verwijderen en op een andere plaats weer terugzetten.
"Plateau verwijderen", Pagina 21
6.3 Bewaarlade
In de bewaarlade heersen lagere temperaturen dan in het koelvak. Temperaturen onder 0 °C kunnen tijdelijk optreden.
Uitrusting nl
Om temperaturen in de buurt van 0°C in de bewaarladen te bereiken, de koelvaktemperatuur op 2°C instellen. Pagina 15
Gebruik de lagere temperaturen in de lade om snel bedervende levensmiddelen te bewaren, bijv. vis, vlees en worst.
6.4 Groente- en fruitlade
Bewaar vers fruit en groente onverpakt in de fruit- en groentelade.
Bewaar gesneden fruit en groente afgedekt of luchtdicht verpakt.
Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.
Verwijder het condenswater met een droge doek.
Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv. ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.
6.5 Deurrekken
Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.
"Deurrek verwijderen", Pagina 21
6.6 Accessoires
Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.
Eierplateau
Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.
Pagina 14
nl De Bediening in essentie
Variabel flessenrek
Bewaar flessen veilig op het variabele flessenrek.
IJsblokjesschaal
Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.
IJsblokjes maken
Gebruik voor het maken van ijsblokjes uitsluitend drinkwater.
- 1. Vul de schaal voor ijsblokjes voor ¾ met drinkwater en plaats deze in het diepvriesvak.
Maak vastgevroren levensmiddelen met een stomp voorwerp los, bijv. met een steel van een houten lepel.
- 2. Om de ijsblokjesschaal los te maken de ijsblokjesschaal iets torderen of kort onder stromend water houden.
7 De Bediening in essentie
7.1 Apparaat inschakelen
- 1. Het apparaat elektrisch aansluiten. Pagina 10
Opmerking: Wanneer het apparaat eerder via het bedieningspaneel
14
werd uitgeschakeld, 3 sec. 3 seconden ingedrukt houden.
Het apparaat is nu gereed voor gebruik.
Het apparaat begint te koelen. Er weerklinkt een waarschuwingssignaal en de temperatuurindicatie knippert omdat het vriesvak nog te warm is.
- 2. Het waarschuwingssignaal met alarm uitschakelen.
"alarm" gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.
- 3. De gewenste temperatuur instellen. Pagina 15
7.2 Opmerkingen bij het gebruik
Wanneer u het apparaat heeft ingeschakeld, duurt het tot enkele uren voordat de ingestelde temperatuur wordt bereikt.
Plaats geen levensmiddelen in het apparaat voordat de ingestelde temperatuur is bereikt.
De kopzijden van de behuizing worden tijdelijk licht verwarmd. Dit voorkomt vorming van condenswater in de zone van de deurafdichting.
Let er bij het sluiten van de deur op dat de deur niet door product wordt geblokkeerd.
Wanneer u de deur sluit, kan een onderdruk ontstaan. De deur gaat dan alleen moeilijker open. Wacht een ogenblik tot de onderdruk wordt gecompenseerd.
De temperatuur in het apparaat varieert door de volgende condities:
- Het aantal keer dat het apparaat wordt geopend
- Beladingshoeveelheid
- Temperatuur van de vers opgeslagen levensmiddelen
- Omgevingstemperatuur
Verder lezen op pagina 15Inhoud