naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens KI52FADF0, tekst van de handleiding

Koelkast · Siemens · 29 pagina's in het Nederlands · pdf: 124 pagina's, 7,0 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com

Storingen op pagina 116

Pagina 116

Vanaf de titel; het begin van pagina 116 staat in de pdf.

Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

  • Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
  • Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
  • Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.

Functiestoringen

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat werkt niet.
Er brandt geen enkele indicatie.
De stekker zit niet goed in het stopcontact.▶ Controleer of de netstekker van de stroomkabel volledig in het stopcontact is gestoken.
De zekering is geactiveerd.▶ Controleer de zekeringen.
De stroom is uitgevallen.1. Controleer of er stroom is.
2. Koude-accu's, indien voorhanden, op de dievrieswaren leggen.
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.▶ Voer de apparaatzelftest uit.
→ Pagina 119
• Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-verlichting functioneert niet.
Kapje van de lamp niet verwijderen.
Verschillende oorzaken zijn mogelijk.▶ Neem contact op met de klantenservice.
→ "Servicedienst", Pagina 120
De koelmachine schakelt vaker en langer in.Apparaatdeur werd vaak geopend.▶ Open de apparaatdeur niet onnodig.
De ventilatieopeningen zijn afgedekt.▶ Verwijder blokkades voor de ventilatie-openingen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 116)

Pagina 117

Storingen verhelpen nl

Aanwijzingen op het display

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
of verschijnt op het temperatuurdisplay.De elektronica heeft een fout geconstateerd.▶ Neem contact op met de klantenservice.
→ "Servicedienst", Pagina 120
Temperatuurprobleem
StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Schakel het apparaat uit.
→ Pagina 107
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 107 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Cool-fresh-vak is te warm of te koudStandaardinstelling is te hoog of te laag, bijv. bevriezing in cool-fresh-vakAanwijzing De standaardinstelling van het cool-fresh-vak is vooraf ingesteld op 0. Instelling 0 komt overeen met een temperatuur van ca. 0 °C. U kunt de temperatuur in het cool-freshvak tot 3 instellingen warmer of kouder instellen.
Een wijziging van de standaardinstelling is van invloed op de temperatuur in het koelvak en het vriesvak.
1. Druk op tot het temperatuurdisplay knippert.
2. Om de instelling te wijzigen drukt u op / .
– Instelling -3 komt overeen met de koudste instelling.
– Instelling +3 komt overeen met de warmste instelling.
• De geselecteerde instelling wordt na een minuut opgeslagen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 117)

Pagina 118

nl Storingen verhelpen

Geluiden

StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Apparaat bromt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat borrelt, zoemt of gorgelt.Geen storing. Er stroomt koudemiddel door de buizen.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat klikt.Geen storing. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.▶ Haal flessen of containers van elkaar.
Super-functie is ingeschakeld.Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Geurtjes
StoringOorzaakVerhelpen van storingen
Het apparaat ruikt onaangenaam.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.1. Bereid het apparaat voor om te reinigen. → Pagina 113
2. Reinig het apparaat. → Pagina 113
3. Reinig alle levensmiddelenverpakkingen.
4. Verpak sterk ruikende levensmiddelen luchtdicht om geurvorming te voorkomen.
5. Controleer na 24 uur opnieuw of er luchtjes zijn ontstaan.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 118)

Pagina 119

Apparaatzelftest uitvoeren

→ Pagina 107

Opslaan en afvoeren

Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.

Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 107

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 112

→ Pagina 113

Opslaan en afvoeren nl

Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Gezondheidsrisico!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

119

Pagina 120

nl Servicedienst

Servicedienst

Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.

Veel problemen kunt u via de informatie voor het verhelpen van storingen in deze gebruiksaanwijzing of op onze website zelf verhelpen. Als dit niet het geval is, neem dan contact op met onze servicedienst.

We vinden altijd een passende oplossing en proberen onnodig bezoek van de servicetechnicus te vermijden. We zorgen ervoor dat het apparaat zowel binnen de garantieperiode als na het verstrijken van de fabrieksgarantie met originele reserveonderdelen door geschoolde servicetechnici wordt gerepareerd.

Om veiligheidsredenen mag alleen geschoold vakpersoneel reparaties aan het apparaat uitvoeren. De garantieclaim vervalt indien reparaties of ingrepen worden uitgevoerd door personen die daartoe niet door ons zijn gemachtigd, dan wel indien onze apparaten worden voorzien van vervangende onderdelen, aanvullende onderdelen of accessoires die geen originele onderdelen zijn en daardoor een defect wordt veroorzaakt.

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Aanwijzing Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur

120

van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar (behalve in Denemarken en Zweden waar de duur 1 jaar bedraagt) in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ Afb. 1 / 7

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ Afb. 1 / 7

Pagina 121

Technische gegevens nl

Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// www.bsh-group.com/energylabel¹. Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

121

Pagina's 1–92: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 93

nl

Inhoudsopgave

Veiligheid....................................... 95

Algemene aanwijzingen ................. 95

Bestemming van het apparaat....... 95

Inperking van de gebruikers .......... 96

Veiliger transport ............................ 96

Veilige installatie............................. 96

Veilig gebruik.................................. 97

Beschadigd apparaat................... 100

Het voorkomen van materiële schade ......................................... 102

Milieubescherming en besparing............................................... 102

Afvoeren van de verpakking ........ 102

Energie besparen......................... 102

Opstellen en aansluiten.............. 103

Leveringsomvang ......................... 103

Apparaat opstellen en aansluiten................................................. 103

Criteria voor de opstellocatie ....... 104

Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ....................... 104

Apparaat elektrisch aansluiten..... 104

Uw apparaat leren kennen.......... 105

Apparaat....................................... 105

Bedieningselementen................... 105

Uitrusting..................................... 105

Legplateau.................................... 105

Variabel legplateau....................... 105

Uittrekbaar legplateau.................. 106

Groente- en fruitlade..................... 106

Verskoellade................................. 106

Boter- en kaasvak ........................ 106

Deurrekken................................... 106

Accessoires.................................. 106

De Bediening in essentie............ 107

Apparaat inschakelen................... 107

Opmerkingen bij het gebruik ....... 107

Machine uitschakelen................... 107

Temperatuur instellen................... 107

Extra functies .............................. 108

Super-functie ................................ 108

Alarm............................................ 108

Deuralarm..................................... 108

Koelvak........................................ 108

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak........ 108

Koudezones in het koelvak.......... 109

Verskoelruimte............................ 109

Bewaartijden in de verskoelruimte bij 0 °C..................................... 109

Vriesvak....................................... 109

Deur van het vriesvak................... 110

Invriescapaciteit............................ 110

Tips voor het inkopen van diepvrieskost ....................................... 110

Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak....... 110

Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen ....................... 110

Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C.......................... 111

Ontdooimethodes voor diepvrieswaren .................................... 112

Ontdooien.................................... 112

Ontdooien in het koelvak. ............ 112

Ontdooien in de verskoelruimte... 112

Ontdooien in het vriesvak ............ 112

Reiniging en onderhoud............. 113

Apparaat voorbereiden voor reiniging............................................ 113

Apparaat schoonmaken............... 113

Onderdelen eruit halen ................ 114

Apparaatonderdelen demonteren ................................................ 114

Pagina 94

nl

Storingen verhelpen ................... 116

Functiestoringen........................... 116

Aanwijzingen op het display......... 117

Temperatuurprobleem.................. 117

Geluiden ....................................... 118

Geurtjes ........................................ 118

Apparaatzelftest uitvoeren............ 119

Opslaan en afvoeren................... 119

Apparaat buiten gebruik stellen... 119

Afvoeren van uw oude apparaat.. 119

Servicedienst............................... 120

Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD) ...................... 120

Technische gegevens................. 120

Pagina 95

Veiligheid nl

Veiligheid

Houd de informatie omtrent veiligheid aan, zodat u het apparaat veilig kunt gebruiken.

Dit apparaat is conform de desbetreffende veiligheidsbepalingen voor elektrische apparaten en is ontstoord.

Algemene aanwijzingen

Hier vindt u algemene informatie over deze gebruiksaanwijzing.

Bestemming van het apparaat

Om het apparaat veilig en op de juiste manier te gebruiken dient u de aanwijzingen over het beoogd gebruik in acht te nemen. Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld. Installatiehandleiding aanhouden.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

volgens deze gebruiksaanwijzing.

om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor ijsbereiding.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.

tot een hoogte van maximaal 2000 m boven zeeniveau.

Pagina 96

nl Veiligheid

Inperking van de gebruikers

Voorkom risico's voor kinderen en kwetsbare personen.

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Zorg ervoor dat kinderen die jonger zijn dan 8 jaar niet bij het apparaat of de aansluitkabel kunnen komen.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

Veiliger transport

Houd de veiligheidsaanwijzingen aan wanneer u het apparaat transporteert.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor letsel!

Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.

Veilige installatie

Houd deze veiligheidsaanwijzingen in acht bij de installatie van het apparaat.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.

Pagina 97

Veiligheid nl

WAARSCHUWING ‒ Risico van brand!

Draagbare meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

Veilig gebruik

Neem bij gebruik van het apparaat de veiligheidsaanwijzingen in acht.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

97

Pagina 98

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Verstikkingsgevaar!

WAARSCHUWING ‒ Explosiegevaar!

Pagina 99

Veiligheid nl

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor letsel!

WAARSCHUWING ‒ Verbrandingsgevaar door kou!

Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.

VOORZICHTIG ‒ Gezondheidsrisico!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.

Pagina 100

nl Veiligheid

Beschadigd apparaat

Neem deze veiligheidsvoorschriften in acht als uw apparaat beschadigd is.

WAARSCHUWING ‒ Gevaar voor een elektrische schok!

WAARSCHUWING ‒ Risico van brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

100

Pagina 101

Veiligheid nl

Pagina 102

nl Het voorkomen van materiële schade

Het voorkomen van materiële schade

Ter voorkoming van materiële schade, aan het apparaat, de accessoires of keukenvoorwerpen dient u de aanwijzingen in acht te nemen.

LET OP!

Milieubescherming en besparing

Bescherm het milieu door het apparaat op een hulpbronnenbesparende manier te gebruiken en herbruikbare materialen op de juiste manier af te voeren.

Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

Het apparaat hoeft bij lagere omgevingstemperaturen minder vaak te koelen.

De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.

Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

Energie besparen bij het gebruik.

Houd deze aanwijzing aan wanneer u uw apparaat gebruikt.

Aanwijzing De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.

De lucht bij de achterwand van het apparaat wordt niet zo warm.

Pagina 103

Opstellen en aansluiten nl

De lucht in het apparaat warmt niet zo sterk op.

Het apparaat hoeft minder vaak te koelen.

De lucht kan circuleren en de luchtvochtigheid blijft constant.

Een vorstvrij vriesvak is stroombe-sparend en koelt de diepvrieswaren optimaal.

Een gesloten deur van het vriesvak beschermt het vriesvak tegen sterke verijzing.

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Niet in alle landen

Opstellen en aansluiten

Waar en hoe u het apparaat het beste opstelt, komt u hier te weten. Bovendien komt u te weten hoe u het apparaat op het elektriciteitsnet aansluit.

Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 120 contact op.

De levering bestaat uit:

Apparaat opstellen en aansluiten

Voorwaarde: De leveringsomvang van het apparaat is gecontroleerd. → Pagina 103

→ Pagina 104

103

Pagina 104

nl Opstellen en aansluiten

Criteria voor de opstellocatie

Houd deze aanwijzing aan wanneer u het apparaat plaatst.

WAARSCHUWING

Explosiegevaar!

Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.

Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 55 bedragen.

De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

Toegestane ruimtetemperatuur

De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.

De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Afb. 1 / 7

KlimaatklasseToegestane ruimtetemperatuur
SN10 °C…32 °C
N16 °C…32 °C
ST16 °C…38 °C
T16 °C…43 °C
Het apparaatis volledig functioneel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 104)

binnen de toegestane binnentemperatuur.

Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen be-

104

schadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.

Nismaten

Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de meubelnis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.

Nisdiepte

Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.

Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.

Nisbreedte

Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.

Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

Apparaat elektrisch aansluiten

De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. → Afb. 1 / 7

Pagina 105

Uw apparaat leren kennen

Lees meer over de onderdelen van uw apparaat.

Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

→ Afb. 1

AVriesvak
BKoelvak
CVerskoelruimte
1Bedieningselementen
2Variabel legplateau → Pagina 105
3Uittrekbaar legplateau → Pagina 106
4Scheidingsplaat met vochtigheidsregelaar
5Groente- en fruitlade → Pagina 106
6Verskoellade → Pagina 106
7Typeplaatje
8Boter- en kaasvak → Pagina 106
9Deurrek voor grote flessen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 105)

Aanwijzing Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.

Bedieningselementen

Via de bedieningselementen kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

→ Afb. 2

schakelt het alarmsignaal uit.

/ stelt de temperatuur van het koelvak in.

Uw apparaat leren kennen nl

3Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.
4schakelt de Super-functie in of uit.
5schakelt het apparaat in of uit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 105)

Uitrusting

Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.

De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.

Legplateau

Om de schappen naar wens te variëren, het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen.

→ "Plateau verwijderen", Pagina 114

Variabel legplateau

Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoog koelmateriaal te bewaren, bijv. kannen of flessen. U kunt het voorste deel van het variabele legplateau verwijderen en onder het achterste deel van het legplateau schuiven.

→ Afb. 3

Pagina 106

nl Uitrusting

Uittrekbaar legplateau

Om een beter overzicht te krijgen en levensmiddelen sneller te kunnen uitnemen, het legplateau uittrekken.

Groente- en fruitlade

Bewaar vers fruit en groente in de fruit- en groentelade.

Met de vochtigheidsregelaar van de scheidingsplaat en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. → Afb. 4

De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt u afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen instellen:

Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.

Het condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8°C tot 12°C.

Koudegevoelig fruit•Ananas
•Bananen
•Mango
•Papaya
•Citrusvruchten
Koudegevoelige•Aubergines
groente•Komkommers
106

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 106)

Verskoellade

Gebruik de lagere temperaturen in de verskoellade om gevoelige levensmiddelen te bewaren, bijv. vis, vlees en worst.

Boter- en kaasvak

Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.

Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te variëren deze er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

→ "Deurrek verwijderen", Pagina 114

Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn speciaal op uw apparaat afgestemd. Hier krijgt u een overzicht van de accessoires behorende bij uw apparaat en de manier waarop ze worden gebruikt.

De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

Eierplateau

Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.

Flessenhouder

De flessenhouder voorkomt dat flessen bij het openen en sluiten van de apparaatdeur kantelen.

→ Afb. 5

IJsblokjesschaal

Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.

Pagina 107

IJsblokjes maken

Vastgevroren ijsblokjesschaal alleen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.

De Bediening in essentie

Hier wordt de bediening van het apparaat in essentie beschreven.

Apparaat inschakelen

Opmerkingen bij het gebruik

Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de temperatuur is bereikt.

De Bediening in essentie nl

Machine uitschakelen

Temperatuur instellen

Nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, kunt u de temperatuur instellen.

Koelvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

Temperatuur verskoelruimte instellen

Aanwijzing De temperatuur in de verskoelruimte wordt op circa 0 °C gehouden.

Vriesvaktemperatuur instellen

De koelvaktemperatuur beïnvloedt de vriesvaktemperatuur. Hoger ingestelde koelvaktemperaturen zorgen voor hogere vriesvaktemperaturen.

Verder lezen op pagina 108Inhoud

Meer handleidingen: Siemens koelkast