naslaan.comZoekenAlle merken

Siemens KI77SADE0H, tekst van de handleiding

Koelkast · Siemens · 25 pagina's in het Nederlands · pdf: 116 pagina's, 7,1 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: www.siemens-home.bsh-group.com

Deze handleiding geldt ook voor: KI86SADE0, KI86SSDD0, KI87SADE0H.

Storingen op pagina 110

Pagina 110

Vanaf de titel; het begin van pagina 110 staat in de pdf.

14 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING

Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

  • Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
  • Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
  • Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat koelt niet, indicaties en verlichting branden.Het presentatielicht is ingeschakeld.
▶ Voer de apparaatzelftest uit. → Pagina 112
• Na het verstrijken van de apparaatzelftest gaat het apparaat weer over op normale werking.
LED-verlichting functioneert niet.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Neem contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.
Bodem van het koelvak is nat.De dooiwatergoot of het afvoergat is verstopt.
▶ De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen. → Pagina 109
of verschijnt op het temperatuurdisplay.De elektronica heeft een fout geconstateerd.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 102
2. Koppel het apparaat los van de voedingspanning. Haal stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
3. Sluit het apparaat na 5 minuten weer aan.
4. Verschijnt de melding nog steeds, neem dan contact op met de servicedienst.
Het nummer van de servicedienst vindt u in het bijgevoegde overzicht van servicediensten.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 110)

Pagina 111

Storingen verhelpen nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
Temperatuurindicatie (vriesvak) knippert.Temperatuur in het vriesvak was te hoog.
1. Druk op .
• De temperatuurindicatie (vriesvak) geeft kort de warmste temperatuur weer die in het vriesvak heeft geheerst. Daarna toont de temperatuurindicatie (vriesvak) opnieuw de ingestelde temperatuur.
2. Druk op .
• De temperatuurindicatie (vriesvak) knippert niet meer.
Temperatuurindicatie (vriesvak) knippert, waarschuwingssignaal weerklinkt en brandt.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
▶ Druk op .
• Schakel het alarm uit.
Deur van het apparaat is open.
▶ Sluit de deur van het apparaat.
Ventilatieroosters aan de buitenkant zijn afgedekt.
▶ Verwijder blokkades voor de externe ventilatieroosters.
Er zijn grotere hoeveelheden verse levensmiddelen ingeruimd.
▶ Overschrijd het vriesvermogen niet.
→ "Invriescapaciteit", Pagina 105
Temperatuur wijkt erg af van de instelling.Verschillende oorzaken zijn mogelijk.
1. Schakel het apparaat uit. → Pagina 102
2. Schakel het apparaat na ca. 5 minuten opnieuw in. → Pagina 101 ‒ Als de temperatuur te hoog is, controleer dan de temperatuur na een paar uur opnieuw.
‒ Als de temperatuur te laag is, controleer de temperatuur dan de volgende dag opnieuw.
Het apparaat borrelt, zoemt of gorgelt of klikt.Geen storing. Een motor draait, bijv. koelaggregaat, ventilator. Er stroomt koudemiddel door de buizen. Motor, schakelaars of magneetventielen schakelen in- of uit.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.
Apparaat produceert geluiden.Uitrustingsdelen wiebelen of klemmen.
▶ Controleer de uitneembare uitrustingsdelen en zet ze eventueel opnieuw in het apparaat.
Flessen of containers raken elkaar.
▶ Haal flessen of containers van elkaar.
Supervriezen is ingeschakeld.
Geen handeling vereist.Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 111)

111

Pagina 112

nl Opslaan en afvoeren

14.1 Stroomuitval

Tijdens een stroomuitval stijgt de temperatuur in het apparaat, hierdoor verkort de bewaartijd en de kwaliteit van de diepvriesproducten vermindert.

De opgeslagen diepvriesproducten worden gedurende de stijgingstijd van de temperatuur op het typeplaatje gekoeld. → Fig. 1 / 5

Opmerkingen

14.2 Apparaatzelftest uitvoeren

→ Pagina 102

toont, is uw apparaat in orde. Het apparaat gaat over op de normale werking.

15 Opslaan en afvoeren

Hier krijgt u uitleg over de manier waarop u het apparaat voorbereidt voor de opslag. Daarnaast leggen we u uit hoe u oude apparaten dient af te voeren.

15.1 Apparaat buiten gebruik stellen

→ Pagina 102

De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken of de zekering in de meterkast uitschakelen.

→ Pagina 107

→ Pagina 108

Pagina 113

Servicedienst nl

15.2 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

WAARSCHUWING

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Kinderen kunnen zich in het apparaat opsluiten en in levensgevaar geraken.

WAARSCHUWING

Kans op brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektroni-

sche apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

16 Servicedienst

Als u vragen hebt, een storing aan het apparaat niet zelf kunt verhelpen of als het apparaat moet worden gerepareerd, neem dan contact op met onze servicedienst.

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.

Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst is in het kader van de plaatselijk geldende fabrieksgarantievoorwaarden gratis. De minimumduur van de garantie (fabrieksgarantie voor particuliere gebruikers) in de Europese Economische Ruimte bedraagt 2 jaar in overeenstemming met de geldende plaatselijke garantievoorwaarden. De garantievoorwaarden doen geen afbreuk aan eventuele andere rechten of claims die u op grond van het plaatselijke recht heeft.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website.

Pagina 114

nl Technische gegevens

Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat.

→ Fig. 1 / 5

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

17 Technische gegevens

Koudemiddel, netto inhoud en overige technische gegevens bevinden zich op het typeplaatje.

→ Fig. 1 / 5

Overige informatie over uw model vindt u op het internet onder https:// energylabel.bsh-group.com¹. Dit webadres bevat een link naar de officiële EU-productdatabase EPREL, waarvan de URL ten tijde van het drukken nog niet was gepubliceerd. Volg dan de aanwijzingen bij het zoeken naar het model op. De modelidentificatie bestaat uit het teken voor de slash van het E-nummer (E-Nr.) op het typeplaatje. Alternatief vindt u de modelidentificatie ook in de eerste regel van het EU-energielabel.

1 Geldt alleen voor landen in de Europese Economische Ruimte

114

Pagina's 1–88: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 89

nl

Inhoudsopgave

1 Veiligheid.................................... 91

1.1 Algemene aanwijzingen ........... 91 1.2 Bestemming van het apparaat ........................................... 91 1.3 Inperking van de gebruikers .... 91 1.4 Veiliger transport ...................... 91 1.5 Veilige installatie....................... 92 1.6 Veilig gebruik............................ 93 1.7 Beschadigd apparaat............... 95

2 Het voorkomen van materiële schade ........................................ 97

3 Milieubescherming en besparing.............................................. 97

3.1 Afvoeren van de verpakking .... 97 3.2 Energie besparen..................... 97

4 Opstellen en aansluiten............. 98

4.1 Leveringsomvang ..................... 98 4.2 Criteria voor de opstellocatie ... 98 4.3 Apparaat monteren .................. 99 4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden ............... 99 4.5 Apparaat elektrisch aansluiten............................................. 99

5 Uw apparaat leren kennen......... 99

5.1 Apparaat................................... 99 5.2 Bedieningspaneel..................... 99

6 Uitrusting.................................. 100

6.1 Legplateau.............................. 100 6.2 Variabel legplateau................. 100 6.3 Uittrekbaar legplateau............ 100 6.4 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar.............. 100 6.5 Vlakke diepvrieslade .............. 101 6.6 Boter- en kaasvak .................. 101 6.7 Deurrekken............................. 101 6.8 Accessoires............................ 101

7 De Bediening in essentie......... 101

7.1 Apparaat inschakelen............. 101

7.2 Opmerkingen bij het gebruik . 102 7.3 Machine uitschakelen............. 102 7.4 Temperatuur instellen............. 102

8 Extra functies ........................... 102

8.1 Superkoelen .......................... 102 8.2 Automatisch Supervriezen ..... 102 8.3 Handmatig Supervriezen........ 103 8.4 Vakantiemodus....................... 103

9 Alarm......................................... 104

9.1 Deuralarm............................... 104 9.2 Temperatuuralarm .................. 104

10 Koelvak................................... 104

10.1 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het koelvak........................................ 104 10.2 Koudezones in het koelvak.. 105 10.3 Sticker "OK".......................... 105

11 Vriesvak.................................. 105

11.1 Invriescapaciteit.................... 105 11.2 Vriesvakvolume volledig gebruiken ............................. 106 11.3 Tips voor het bewaren van levensmiddelen in het vriesvak........................................ 106 11.4 Kleinere hoeveelheid levensmiddelen snel bevriezen........................................ 106 11.5 Tips voor het bevriezen van verse levensmiddelen .......... 106 11.6 Houdbaarheid van de diepvrieswaren bij −18 °C .......... 107 11.7 Ontdooimethodes voor diepvrieswaren ..................... 107

12 Ontdooien............................... 107

12.1 Ontdooien in het koelvak. .... 107 12.2 Ontdooien in het vriesvak .... 107

89

Pagina 90

nl

13 Reiniging en onderhoud........ 108

13.1 Apparaat voorbereiden voor reiniging........................ 108 13.2 Apparaat schoonmaken....... 108 13.3 De dooiwatergoot en het afvoergat reinigen.................... 109 13.4 Onderdelen eruit halen......... 109

14 Storingen verhelpen .............. 110

15 Opslaan en afvoeren.............. 112

15.1 Apparaat buiten gebruik stellen ................................... 112 15.2 Afvoeren van uw oude apparaat ................................... 113

16 Servicedienst.......................... 113

16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)......... 114

17 Technische gegevens............ 114

Pagina 91

Veiligheid nl

1 Veiligheid

Neem de volgende veiligheidsvoorschriften in acht.

1.1 Algemene aanwijzingen

1.2 Bestemming van het apparaat

Dit apparaat is uitsluitend voor de inbouw bedoeld.

Gebruik het apparaat uitsluitend:

om levensmiddelen te koelen en in te vriezen en voor de bereiding van ijsblokjes.

voor huishoudelijk gebruik en in gesloten ruimtes binnen de huiselijke omgeving.

tot een hoogte van 2000 m boven zeeniveau.

1.3 Inperking van de gebruikers

Dit apparaat kan worden bediend door kinderen vanaf 8 jaar en door personen met fysieke, sensorische of geestelijke beperkingen of met gebrekkige ervaring en/of kennis, indien zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd in het veilige gebruik van het apparaat en de daaruit resulterende gevaren hebben begrepen. Kinderen mogen niet met het apparaat spelen.

Reiniging en gebruikersonderhoud mogen niet worden uitgevoerd door kinderen indien deze niet onder toezicht staan.

Kinderen vanaf 3 jaar en jonger dan 8 jaar mogen de koelkast/ diepvriezer vullen en legen.

1.4 Veiliger transport

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Het hoge gewicht van het apparaat kan bij het optillen letsels veroorzaken.

91

Pagina 92

nl Veiligheid

1.5 Veilige installatie

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige installaties zijn gevaarlijk.

Een beschadigde isolatie van het netsnoer is gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!

Wanneer de ventilatie-openingen van het apparaat zijn gesloten, dan kan bij een lek van het koude circuit een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Het gebruik van een verlengd netsnoer en niet-toegestane adapters is gevaarlijk.

Pagina 93

Veiligheid nl

Draagbare mobiele meervoudige stopcontacten of draagbare netvoedingen kunnen oververhit raken en tot brand leiden.

1.6 Veilig gebruik

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Binnendringend vocht kan een elektrische schok veroorzaken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op verstikking!

Kinderen kunnen verpakkingsmateriaal over het hoofd trekken en hierin verstrikt raken en stikken.

Kinderen kunnen kleine onderdelen inademen of inslikken en hierdoor stikken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op explosie!

Mechanische inrichtingen of andere middelen kunnen de koudekringloop beschadigen, brandbaar koudemiddel kan lekken en exploderen.

Producten met brandbare drijfgassen en explosieve stoffen kunnen exploderen, bijv. spuitbussen.

Pagina 94

nl Veiligheid

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Elektrische apparaten binnenin het apparaat kunnen tot een brand leiden, bijv. verwarmingsapparaten of elektrische ijsbereiders.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Flessen of blikjes met koolzuurhoudende drank kunnen barsten.

Letsel aan de ogen door lekkend brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op koude-brandwonden!

Contact met diepvrieswaren en koude oppervlakken kan tot brandwonden door koude leiden.

VOORZICHTIG ‒ Kans op gevaar voor de gezondheid!

Houd de volgende aanwijzingen aan om verontreiniging van levensmiddelen te voorkomen.

Pagina 95

Veiligheid nl

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Wanneer zure levensmiddelen in contact komen met aluminium in contact komen, dan kunnen aluminiumionen overdragen naar de levensmiddelen.

1.7 Beschadigd apparaat

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Een beschadigd apparaat of een beschadigd netsnoer is gevaarlijk.

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Bij beschadiging van de leidingen kunnen brandbaar koudemiddel en schadelijke gassen ontsnappen en ontsteken.

Pagina 96: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 97

2 Het voorkomen van materiële schade

LET OP!

Door het gebruik van de plint, laden of apparaatdeuren als zitvlak of opstapje kan het apparaat beschadigd raken.

Door verontreinigingen met olie of vet kunnen kunststofdelen en deurafdichtingen poreus worden.

Delen in het apparaat van metaal of met een metalen uiterlijk kunnen aluminium bevatten. Aluminium reageert bij contact met zure levensmiddelen.

3 Milieubescherming en besparing

3.1 Afvoeren van de verpakking

De verpakkingsmaterialen zijn milieuvriendelijk en kunnen worden hergebruikt.

3.2 Energie besparen

Als u deze aanwijzingen opvolgt, verbruikt uw apparaat minder stroom.

Keuze van de opstellingslocatie

Het voorkomen van materiële schade nl

Energie besparen bij het gebruik.

Opmerking: De plaatsing van de uitrustingsonderdelen heeft geen invloed op het energieverbruik van het apparaat.

Pagina 98

nl Opstellen en aansluiten

4 Opstellen en aansluiten

Waar en hoe u het apparaat het beste opstelt, komt u hier te weten. Bovendien komt u te weten hoe u het apparaat op het elektriciteitsnet aansluit.

4.1 Leveringsomvang

Controleer na het uitpakken alle onderdelen op transportschade en de volledigheid van de levering.

Neem bij klachten met uw dealer of onze servicedienst → Pagina 113 contact op.

De levering bestaat uit:

4.2 Criteria voor de opstellocatie

WAARSCHUWING

Kans op explosie!

Wanneer het apparaat in een te kleine ruimte staat, kan er bij een lek van het koudecircuit een brandbaar gasluchtmengsel ontstaan.

1 Afhankelijk van de apparaatuitvoering

2 Niet in alle landen

98

Het gewicht van het apparaat kan afhankelijk van het model tot 75 bedragen.

De ondergrond moet stabiel genoeg zijn om het gewicht van het apparaat te dragen.

Toegestane ruimtetemperatuur

De toegestane kamertemperatuur is afhankelijk van de klimaatklasse van het apparaat.

De klimaatklasse vindt u op het typeplaatje. → Fig. 1 / 5

KlimaatklasseToegestane ruimtetemperatuur
SN10 °C…32 °C
N16 °C…32 °C
ST16 °C…38 °C
T16 °C…43 °C
Het apparaatis volledig functioneel

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 98)

binnen de toegestane binnentemperatuur.

Wanneer u een apparaat van de klimaatklasse SN gebruikt bij lagere kamertemperaturen, dan kunnen beschadigingen aan het apparaat tot een kamertemperatuur van 5 °C worden uitgesloten.

Nismaten

Neem de nisafmetingen in acht als u uw apparaat in de nis inbouwt. Bij afwijkingen kunnen problemen optreden tijdens de installatie van het apparaat.

Nisdiepte

Bouw het apparaat in de aanbevolen nisdiepte van 560 mm in.

Pagina 99

Bij een kleinere nisdiepte wordt het energieverbruik iets hoger. De nisdiepte moet minimaal 550 mm bedragen.

Nisbreedte

Voor het apparaat is een meubelnis met een binnenbreedte van minimaal 560 mm nodig.

Side-by-side-opstelling

Als u 2 apparaten naast elkaar wilt opstellen, moet u tussen de apparaten minimaal een tussenafstand van 150 mm aanhouden.

4.3 Apparaat monteren

4.4 Het apparaat voor het eerste gebruik voorbereiden

4.5 Apparaat elektrisch aansluiten

De aansluitgegevens van het apparaat staan op het typeplaatje. → Fig. 1 / 5

Uw apparaat leren kennen nl

5 Uw apparaat leren kennen

5.1 Apparaat

Hier vindt u een overzicht van de onderdelen van uw apparaat.

→ Fig. 1

AKoelvak
BVriesvak
1Bedieningselementen
2Variabel legplateau → Pagina 100
3Uittrekbaar legplateau → Pagina 100
4Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar → Pagina 100
5Typeplaatje
6Vlakke diepvrieslade → Pagina 101
7Diepvrieslade
8Boter- en kaasvak → Pagina 101
9Deurrek voor grote flessen

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 99)

Opmerking: Verschillen tussen uw apparaat en de afbeeldingen zijn mogelijk op basis van uitrusting en grootte.

5.2 Bedieningspaneel

Via het bedieningsveld kunt u alle functies van uw apparaat instellen en informatie krijgen over de gebruikstoestand.

→ Fig. 2

1 (koelvak) schakelt Superkoelen in of uit.

Pagina 100

nl Uitrusting

2/ (koelvak) stelt de temperatuur van het koelvak in.
3Toont de ingestelde temperatuur van het koelvak in °C.
4schakelt de vakantiemodus in of uit.
5schakelt het alarmsignaal uit.
6/ (vriesvak) stelt de temperatuur van het vriesvak in.
7Toont de ingestelde temperatuur van het vriesvak in °C.
8(vriesvak) schakelt Supervriezen in of uit.
9schakelt het apparaat in of uit.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 100)

6 Uitrusting

De uitrusting van uw apparaat is modelafhankelijk.

6.1 Legplateau

Om de schappen naar wens te variëren, kunt u het schap uitnemen en op een andere positie weer plaatsen. → "Plateau verwijderen", Pagina 109

6.2 Variabel legplateau

Gebruik het variabel legplateau alleen om op het daaronder liggende plateau hoog koelmateriaal te bewaren, bijv. kannen of flessen.

U kunt het voorste deel van het variabele legplateau uittrekken en onder het achterste deel van het variabele legplateau schuiven.

→ Fig. 3

6.3 Uittrekbaar legplateau

Om een beter overzicht te krijgen en levensmiddelen sneller te kunnen uitnemen, trekt u het legplateau er uit.

6.4 Fruit- en groentelade met vochtigheidsregelaar

Bewaar vers fruit en groente in de fruit- en groentelade.

Met de vochtigheidsregelaar en een speciale afdichting kunt u de luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade aanpassen. Hierdoor kunt u vers fruit en verse groente tot tweemaal zo lang bewaren als bij een conventionele bewaarmethode.

→ Fig. 4

De luchtvochtigheid in de fruit- en groentelade kunt u afhankelijk van het soort en de hoeveelheid bewaarde levensmiddelen door het verschuiven van de vochtigheidsregelaar instellen:

Afhankelijk van de soort levensmiddelen en de hoeveelheid kan zich in de fruit- en groentelade condenswater vormen.

Het condenswater verwijderen met een droge doek en de luchtvochtigheid in de groentelade aanpassen met behulp van de vochtigheidsregelaar.

Om ervoor te zorgen dat de kwaliteit en het aroma behouden blijven, moet u koudegevoelig fruit en groente buiten het apparaat bewaren bij temperaturen van ca. 8 °C tot 12 °C, bijv.

Pagina 101

ananas, bananen, citrusvruchten, augurken, courgette, paprika, tomaten en aardappelen.

6.5 Vlakke diepvrieslade

Bewaar vlakke diepvrieswaren, de houder voor ijsblokjes en de ijsschep in de vlakke diepvrieslade.

6.6 Boter- en kaasvak

Bewaar boter en harde kaas in het boter- en kaasvak.

6.7 Deurrekken

Om het deurrek naar behoefte te variëren kunt u het deurrek er uit nemen en op een andere positie weer plaatsen.

→ "Deurrek verwijderen", Pagina 109

6.8 Accessoires

Gebruik alleen originele accessoires. Deze zijn op het apparaat afgestemd. De accessoires van het apparaat zijn afhankelijk van het model.

Eierplateau

Bewaar eieren veilig op het eierpla-teau.

Flessenhouder

De flessenhouder voorkomt dat flessen bij het openen en sluiten van de apparaatdeur kantelen.

→ Fig. 5

Diepvriesschaal

In de diepvriesladen kunt u kleinere hoeveelheden voedingsmiddelen snel invriezen, bijv. bessen, stukken fruit, kruiden en groenten.

→ Fig. 6

De Bediening in essentie nl

De diepvriesproducten gelijkmatig in de diepvriesschaal verdelen en ca. 10 tot 12 uur laten invriezen. Vervolgens in een diepvrieszak of een diepvriesdoos doen.

Koude-accu

Gebruik de koude-accu voor het tijdelijk koel houden van levensmiddelen, bijv. in een koeltas.

Tip: De koude-accu vertraagt bij het uitvallen van de stroom of bij een storing het verwarmen van de opgeslagen diepvrieswaren.

IJsblokjesschaal

Gebruik de ijsblokjesschaal om ijsblokjes te maken.

IJsblokjes maken

Vastgevroren ijsblokjesschaal alleen met een bot voorwerp, bijv. steel van een lepel, losmaken.

7 De Bediening in essentie

7.1 Apparaat inschakelen

Pagina 102

nl Extra functies

gaat uit zodra de ingestelde temperatuur is bereikt.

7.2 Opmerkingen bij het gebruik

Geen levensmiddelen in het apparaat doen voordat de temperatuur is bereikt.

7.3 Machine uitschakelen

7.4 Temperatuur instellen

Koelvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het koelvak bedraagt 4 °C.

→ "Sticker "OK"", Pagina 105

Vriesvaktemperatuur instellen

De aanbevolen temperatuur in het vriesvak bedraagt −18 °C.

8 Extra functies

8.1 Superkoelen

Bij het Superkoelen koelt het koelvak zo koud mogelijk.

Schakel Superkoelen vóór het inladen van grote hoeveelheden levensmiddelen in.

Opmerking: Als Superkoelen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Superkoelen inschakelen

Opmerking: Na ca. 15 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Superkoelen uitschakelen

8.2 Automatisch Supervriezen

Het automatisch Supervriezen schakelt bij het inruimen van warme levensmiddelen automatisch in.

Bij het automatisch Supervriezen koelt het vriesvak duidelijk op een lagere temperatuur dan bij de normale werking.

Pagina 103

Als het automatische Supervriezen is ingeschakeld, brandt (vriesvak) en er kunnen meer geluiden ontstaan.

Het apparaat schakelt na het verstrijken van het automatisch Supervriezen op normale werking.

Automatisch Supervriezen annuleren

8.3 Handmatig Supervriezen

Bij het Supervriezen koelt het vriesvak zo koud mogelijk.

Schakel Supervriezen 4 tot 6 uur voor het inladen van een hoeveelheid levensmiddelen vanaf 2 kg in het vriesvak in.

Om het invriesvermogen te benutten, gebruikt u Supervriezen.

→ "Voorwaarden voor invriesvermogen", Pagina 105

Opmerking: Als Supervriezen is ingeschakeld, kan er meer geluid ontstaan.

Handmatig Supervriezen inschakelen

Opmerking: Na ca. 60 uur schakelt het apparaat over op de normale werking.

Handmatig Supervriezen uitschakelen

Extra functies nl

8.4 Vakantiemodus

Als u langere tijd afwezig bent, kunt u het apparaat in de energiebesparende vakantiemodus schakelen.

VOORZICHTIG

Kans op gevaar voor de gezondheid!

Terwijl de vakantiemodus is ingeschakeld, warmt het koelvak op. Door de verhoogde temperatuur kunnen bacteriën zich vermenigvuldigen en de levensmiddelen bederven.

Het apparaat stelt de temperaturen automatisch om.

Koelvak14 °C
VriesvakTemperatuur ongewijzigd

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 103)

Vakantiemodus inschakelen

brandt.

Vakantiemodus uitschakelen

Verder lezen op pagina 104Inhoud

Meer handleidingen: Siemens koelkast