Bosch CBG835NS1, tekst van de handleiding
Oven · Bosch · 45 pagina's in het Nederlands · pdf: 48 pagina's, 3,1 MB
Storingen op pagina 25
Pagina 25
Vanaf de titel; het begin van pagina 25 staat in de pdf.
3Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel.
Storingen zelf verhelpen
Technische storingen aan het apparaat kunt u vaak heel gemakkelijk zelf verhelpen.
Lukt een gerecht niet optimaal, dan vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing vele tips en aanwijzingen voor de bereiding. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 28
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Apparaat werkt niet | Zekering defect | Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomuitval | Controleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functioneren. | |
| Op het display staat “Sprache Deutsch”. | Stroomuitval | Stel de taal en de tijd opnieuw in. |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling gewijzigd. | Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie |
| Apparaat warmt niet op, op het display is het symbool niet meer verlicht. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. | Ontkoppel het apparaat even van het net (zekering in de meterkast uitschakelen) en deactiveer de demonstratiemodus vervolgens binnen 3 minuten in de basisinstellingen. |
| Het apparaat start niet en op het display verschijnt “Binnenruimte te heet” | De binnenruimte is te heet voor het gekozen gerecht of de verwarmingsmethode | Binnenruimte laten afkoelen en opnieuw starten |
| De bedieningsring is uit het lager op het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring is per ongeluk ontgrendeld. | De bedieningsring is afneembaar. Leg de bedieningsring eenvoudig weer in het lager op het bedieningspaneel en druk hem erin, zodat hij vergrendelt en weer normaal kan worden gedraaid. |
| De bedieningsring kan niet gemakkelijk meer worden gedraaid. -------- | Er zit vuil onder de bedieningsring. | De bedieningsring is afneembaar. Om hem te ontgrendelen trekt u hem eenvoudig uit het lager. Of u drukt op de buitenste rand van de ring, zodat hij kantelt en gemakkelijk kan worden opgepakt. De bedieningsring en het lager op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Met een zachte doek nadrogen. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Niet laten weken of in de vaatwasmachine doen. Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Foutmeldingen op het display
Verschijnt er op het display een foutmelding met “D” of “E”, bijv. D0111 of E0111, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit en weer in.
Betreft het een eenmalige storing, dan verdwijnt de indicatie. Verschijnt de foutmelding opnieuw, neem dan contact op met de servicedienst en geef hierbij exact aan wat de foutmelding is.
Maximale gebruiksduur
Heeft u de instellingen van uw apparaat meerdere uren niet gewijzigd, dan wordt het opwarmen automatisch stopgezet. Zo wordt voorkomen dat het apparaat ongewild blijft werken.
Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen.
Maximale gebruiksduur bereikt
Op het display verschijnt een melding dat de maximale gebruiksduur is bereikt.
Om de werking voort te zetten tipt u op een willekeurig veld of draait u aan de bedieningsring.
Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat niet ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. Het apparaat warmt op totdat de ingestelde tijdsduur is afgelopen.
Pagina 26
nl Servicedienst
Lamp voor de binnenruimte aan het plafond vervangen
Als de lamp voor de binnenruimte is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige 230V-halogeenlampen, 25 watt, kunt u krijgen bij de servicedienst of uw speciaalzaak.
Houd de halogeenlamp vast met een droge doek. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd. Gebruik uitsluitend originele lampen.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij vervanging van de lamp in de binnenruimte staan de contacten van de lampfitting onder stroom. Trek voordat u tot vervanging overgaat de netstekker uit het stopcontact trekken of schakel de zekering in de meterkast uit.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- 1. Leg een theedoek in de onverwarmde binnenruimte, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming er naar links uitdraaien (Afb. ).
- 3. Lamp eruit trekken - niet draaien (Afb. ).
Nieuwe lamp inbrengen, hierbij op de stand van de pinnen letten. De lamp stevig aandrukken.
- 1 2
- 4. Glazen afscherming er weer inschroeven.
Afhankelijk van het type apparaat is de glazen afscherming voorzien van een afdichtring.
Afdichtring weer aanbrengen voor het inschroeven.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen kapje
Als het glazen kapje van de halogeenlamp beschadigd is, moet dit worden vervangen. Een nieuw glazen kapje kunt u krijgen bij de servicedienst. Vermeld a.u.b. het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
4Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de servicedienst altijd het volledige productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opendoet.
Bij enkele apparaten die werken met stoom vindt u het typeplaatje achter de afdekking.
E-Nr:
Type:
FD:
Z-Nr:
Om niet te lang te hoeven zoeken kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr. FD-nr.
Servicedienst
Houd er rekening mee dat een bezoek van medewerkers van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantieperiode kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4010
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Pagina 27
Gerechten nl
Gerechten
Met de functie “AutoPilot” kunt u de meest uiteenlopende gerechten bereiden. Het apparaat kiest de meeste instellingen zelfstandig voor u.
Om goede resultaten te bereiken, mag de binnenruimte niet te heet zijn voor de gekozen gerechten. Is dit wel het geval, dan krijgt u een aanwijzing op het display. Laat de binnenruimte afkoelen en start nogmaals.
Aanwijzingen bij de instellingen
- Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit van de levensmiddelen en de aard van de vormen.
Gebruik voor een optimaal bereidingsresultaat alleen ongeschonden levensmiddelen en vlees op koelkasttemperatuur.
- Het apparaat kiest de optimale verwarmingsmethode en de tijd en temperatuurinstelling voor u. U hoeft alleen het gewicht in te voeren. Gewichten kunnen niet buiten het daarvoor bestemde bereik worden ingesteld.
- Bij vleesgerechten waarbij het apparaat de temperatuurkeuze voor u regelt, kunnen temperaturen tot 300 °C worden bereikt. Let er daarom op dat u vormen gebruikt die voldoende hittebestendig zijn.
- U krijgt bijv. aanwijzingen over vormen, de inschuifhoogte of het toevoegen van vloeistof aan vlees. Vele gerechten moeten tijdens de bereiding worden gekeerd of omgeroerd.Dit wordt kort na de start weergegeven op het display. U wordt hier op het juiste moment door een signaal aan herinnerd.
- Aan het einde van de gebruiksaanwijzing vindt u aanwijzingen voor geschikte vormen en tips en trucs voor de bereiding.
Gerecht kiezen
Op de volgende pagina's vindt u de juiste instelwaarden voor de vermelde gerechten.
Gerechten
Kip, ongevuld
Kalkoenfilet
Gebraden varkenshals zonder been
Gestoofd rundvlees
Gebraden kalfsvlees, doorregen
Lamsbout zonder been, medium
Gebraden gehakt van vers gehakt
Goulash
Runderrollade
Eenpansgerecht met groente
Gerecht instellen
U wordt volledig door het instelproces van het door u gekozen gerecht geleid.
- 1. Tip op het veld .
Op het display staat het eerste gerecht wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring het gewenste gerecht instellen.
- 3. Tip op het veld .
Op het display staat het gewicht wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring het gewicht van het gerecht instellen.
De bijbehorende tijdsduur wordt automatisch berekend.
- 5. Met de toets start/stop bevestigen.
Er verschijnt een aanwijzing voor toebehoren en inschuifhoogte.
- 6. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. De opwarmlijn verschijnt niet bij de gerechten.
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat uit met de toets on/off .
Nagaren
Nadat de tijdsduur afgelopen is, kunt u indien u nog niet tevreden bent met het bereidingsresultaat bij enkele gerechten nagaren.
Op het display verschijnt de vraag of u wilt nagaren. Wilt u nagaren, tip dan op de toets start/stop . Er wordt een tijdsduur voorgesteld die u kunt veranderen. Starten met de toets start/stop .
Aanwijzing: U kunt zo vaak nagaren als u wilt.
Bent u tevreden met het resultaat, tip dan op het veld .
Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Bij enkele gerechten kunt u de eindtijd op een later tijdstip zetten. Voor de start op het veld tippen en met de bedieningsring de eindtijd uitstellen.
Na de start gaat het apparaat in de wachtstand.De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd.
Wijzigen en afbreken
Na de start kunnen de instellingen niet meer worden gewijzigd.
Wilt u het proces afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit.Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Pagina 28
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt zijn voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzing: Bij het bereiden van levensmiddelen kan veel waterdamp in de binnenruimte ontstaan.
Uw apparaat is heel energie-efficiënt en geeft tijdens de werking slechts weinig warmte naar buiten af. Op grond van de hoge temperatuurverschillen tussen de binnenruimte en de buitenste delen van het apparaat kan er condenswater op de deur, het bedieningspaneel of nabijgelegen meubelfronten neerslaan. Dit is een normaal natuurkundig verschijnsel. Door voorverwarmen of de deur voorzichtig te openen, kan het condensaat worden gereduceerd.
Vormen van silicone
Voor een optimaal kookresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
Wanneer u niettemin vormen van silicone wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De hoeveelheid- en receptgegevens kunnen afwijken.
Gebak en klein gebak
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bakken van gebak en klein gebak. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.
Neem ook de aanwijzingen in de paragraaf over het rijzen van het deeg in acht.
Gebruik alleen originele toebehoren van uw apparaat. Dit is optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Inschuifhoogtes
Gebruik de aangegeven inschuifhoogtes.
Bakken op één niveau
Gebruik de volgende inschuifhoogte voor het bakken op één niveau:
- Hoogte 1
Bakken op twee niveaus
Gebruik 4Dhetelucht. Bakplaten of vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Braadslede: hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Vormen op het rooster eerste rooster: hoogte 3 tweede rooster: hoogte 1
Door de gerechten gelijktijdig te bereiden, kunt u tot 45 procent energie sparen. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Toebehoren
Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de deur van de binnenruimte en met de welving naar beneden inschuiven. Plaats de vormen altijd op het rooster.
Braadslede of braadpan
De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.
Gebruik bij vochtig gebak de braadslede, zodat bij overlopend vocht de binnenruimte niet vuil wordt.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse soorten gebak de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Aanwijzing: De baktijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. Gebak of klein gebak zou dan alleen van buiten gaar, maar van binnen niet goed doorbakken zijn.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Zo kunt u tot 20 procent energie sparen. De aangegeven baktijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
Wilt u volgens eigen recept bakken, ga dan te werk volgens de beschrijving van soortgelijk gebak in de tabel.Bijkomende informatie vindt u onder de tips voor het bakken na de insteltabel.
Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.
Gebruikte verwarmingsmethoden:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- • Pizzastand
Pagina 29
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
| Gerecht Gebak in vormen | Accessoires/vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | 55-70 | |
| Cake, fijn | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | 60-80 | |
| Vruchtentaart van roerdeeg, fijn | Tulband-/springvorm | 1 | 160-180 | 45-60 | |
| Taartbodem van roerdeeg | Taartbodemvorm | 1 | 150-170 | 20-40 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 170-180 | 60-80 | |
| Zwitserse vruchtentaart | Pizzaplaat | 1 | 190-210 | 45-55 | |
| Taart | Taartvorm, zwart metaal | 1 | 190-210 | 25-40 | |
| Gistdeegtulband | Tulbandvorm | 1 | 150-160 | 65-75 | |
| Gistdeeggebak in de springvorm | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150-160 | 25-35 | |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Taartbodemvorm | 1 | 170-180 | 20-30 | |
| Biscuittaart, 3 eieren | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160-170* | 25-35 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150-170* | 30-50 | |
| Gebak op de plaat | |||||
| Cake met bedekking | Bakplaat | 1 | 160-180 | 20-40 | |
| Cake, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | 35-50 | |
| Zandtaartdeeggebak met droge bedekking | Bakplaat | 1 | 170-190 | 25-40 | |
| Zandtaartdeeggebak met droge bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | 40-55 | |
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 160-180 | 60-80 | |
| Zwitserse vruchtentaart | Braadslede | 1 | 180-200 | 45-50 | |
| Gistdeeggebak met droge bedekking | Bakplaat | 1 | 160-180 | 15-25 | |
| Gistdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 180-200 | 30-45 | |
| Gistdeeggebak met droge bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 160-170 | 25-35 | |
| Gistdeeggebak met vochtige bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-160 | 45-60 | |
| Broodvlecht, gistdeegkrans | Bakplaat | 1 | 150-160 | 35-45 | |
| Biscuitrol | Bakplaat | 1 | 190-210* | 10-15 | |
| Kerststol van 500 g bloem | Braadslede | 1 | 150-160 | 50-60 | |
| Strudel, zoet | Braadslede | 1 | 170-180 | 40-60 | |
| Strudel, diepvries | Braadslede | 1 | 190-210 | 35-50 | |
| Klein gebak | |||||
| Small cakes | Bakplaat | 1 | 160** | 25-35 | |
| Small cakes | Bakplaat | 1 | 150** | 25-35 | |
| Small cakes, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150** | 25-35 | |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 170-190 | 15-30 | |
| Muffins, 2 niveaus | Muffinplaten | 3+1 | 150-170* | 20-30 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160-170 | 30-40 | |
| Bladerdeeggebak | Bakplaat | 2 | 170-190* | 20-45 | |
| Bladerdeeggebak, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 170-190* | 20-45 | |
| Deeg van bijv. soesjes | Bakplaat | 1 | 200-220 | 30-45 | |
| Plunderdeeggebak | Bakplaat | 1 | 160-180 | 20-30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
* voorverwarmen
** 5 min. voorverwarmen, niet de snelverwarmingsfunctie gebruiken.
Pagina 30
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
| Gerecht Koekjes | Accessoires/vormen Inschuif- Verwar- Tempera- Duur in hoogte mingsme- tuur in °C min. thode |
|---|---|
| Sprits | Bakplaat 1 150-160** 25-40 |
| Sprits | Bakplaat 1 140-150** 25-40 |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat 3+1 140-150** 30-40 |
| Koekjes | Bakplaat 2 140-160 15-30 |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat 3+1 130-150 20-35 |
| Schuimgebak | Bakplaat 2 80-90* 120-150 |
| Schuimgebak, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat 3+1 80-90* 120-180 |
| Makronen | Bakplaat 2 90-110 20-40 |
| Makronen, 2 niveaus Braadslede + bakplaat 3+1 90-110 20-40 * voorverwarmen ** 5 min. voorverwarmen, niet de snelverwarmingsfunctie gebruiken. | |
| Tips voor gebak en klein gebak | |
| U wilt vaststellen, of het gebak doorgebakken is. | Steek met een houten prikker op de hoogste plaats in het gebak. Wanneer er geen deeg meer aan de prikker zit, is het gebak klaar. |
| Het gebak zakt in. | Gebruik de volgende keer minder vloeistof. Of stel de temperatuur 10 °C lager in en verleng de baktijd. Let op de aangegeven ingrediënten en bereidingsaanwijzingen in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | Vet alleen de bodem van de springvorm in. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het sap van de vruchten stroomt over. | Gebruik de volgende keer de braadslede. |
| Klein gebak plakt bij het bakken aan elkaar. | Tussen de gebakstukken dient een afstand van ca. 2cm te zijn. Zo is er voldoende plaats om het gebak goed te laten rijzen en helemaal bruin te laten worden. |
| Het gebak is te droog. | Stel de temperatuur 10 °C hoger in en verkort de baktijd. |
| Het gebak is over het geheel te licht. | Zijn de inschuifhoogte en de toebehoren juist, verhoog dan evt. de temperatuur of houd een langere baktijd aan. |
| Het gebak is aan de bovenkant te licht, maar onder te donker. | Plaats het gebak de volgende keer één niveau hoger. |
| Het gebak is aan de bovenkant te donker, maar onder te licht. | Plaats het gebak de volgende keer één niveau lager. Kies een lagere temperatuur en verleng de baktijd. |
| Het gebak wordt te donker aan de achterkant. | Zet de bakvorm niet direct tegen de achterwand maar midden op de toebehoren. |
| Het gebak is over het geheel te donker. | Kies de volgende keer een lagere temperatuur en verleng evt. de baktijd. |
| Het gebak is ongelijkmatig bruin geworden. | Kies een wat lagere temperatuur. Ook bakpapier dat uitsteekt kan de luchtcirculatie beïnvloeden. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past. Let erop dat de bakvorm niet direct voor de openingen in de achterwand van de binnenruimte staat. Bij het bakken van klein gebak moet u indien mogelijk gelijke groottes en diktes aanhouden. |
| U hebt op meerdere niveaus gebakken. Op de bovenste plaat is het gebak donkerder dan op de onderste. | Kies voor het bakken op meerdere niveaus altijd 4D-hetelucht. Bakplaten of vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn. |
| Het gebak ziet er goed uit, maar is binnen niet goed doorgebakken. | Bak iets langer bij een wat lagere temperatuur en voeg evt. minder vloeistof toe. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor. Bestrooi het met amandelen of paneermeel en doe dan de bovenlaag erop. |
| Het gebak laat niet los wanneer u het uit de vorm wilt storten. | Laat het gebak na het bakken nog 5 tot 10 minuten afkoelen. Als het er nog steeds niet uit komt, maakt u de rand voorzichtig los met een mes. Stort het gebak opnieuw en bedek de vorm meerdere keren met een natte, koude doek. Vet de vorm de volgende keer in en bestrooi hem met paneermeel. |
Pagina 31
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
Brood en broodjes
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bakken van brood en broodjes. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.
Neem ook de aanwijzingen in de paragraaf over het rijzen van het deeg in acht.
Gebruik alleen originele toebehoren van uw apparaat. Dit is optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Inschuifhoogtes
Gebruik de aangegeven inschuifhoogtes.
Bakken op één niveau
Gebruik de volgende inschuifhoogte voor het bakken op één niveau:
- Hoogte 1
Bakken op twee niveaus
Gebruik 4Dhetelucht. Bakplaten of vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Braadslede: hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Vormen op het rooster eerste rooster: hoogte 3 tweede rooster: hoogte 1
Door de gerechten gelijktijdig te bereiden, kunt u tot 45 procent energie sparen. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Toebehoren
Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de deur van de binnenruimte en met de welving naar beneden inschuiven. Plaats de vormen altijd op het rooster.
Braadslede of braadpan
De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.
Gerecht Accessoires
Brood
Wit brood, 750 g Braadslede of rechthoekige vorm
* voorverwarmen
Diepvriesproducten
Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten. Verwijder het ijs van het gerecht.
Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse broden en broodjes de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Aanwijzing: De baktijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. Het brood of de broodjes zouden alleen van buiten gaar, maar van binnen niet goed doorgebakken zijn.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Zo kunt u tot 20 procent energie sparen. De aangegeven baktijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte. Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden gebakken. Deze zijn in de tabel aangegeven.
De instelwaarden voor brooddeeg gelden zowel voor deeg op de bakplaat als voor deeg in een rechthoekige vorm.
Wilt u volgens eigen recept bakken, ga dan te werk volgens de beschrijving van soortgelijk gebak in de tabel.
Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.
Attentie!
Nooit water in de hete binnenruimte gieten of vormen met water op de bodem van de oven plaatsen. Door de verandering van temperatuur kan schade aan het email ontstaan.
Gebruikte verwarmingsmethoden:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- 7 Circulatiegrillen
- • Grill, groot
- • Grill, klein
| Inschuifhoogte | Verwar- Tempera-mingsme- tuur in °C thode | Grillstand | Duur in min. |
| 1 | 210-220* | - | 10-15 |
| 180-190 | - | 25-35 |
Pagina 32
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
| Gerecht | Accessoires | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Grillstand | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gemengd brood, 1,5 kg | Braadslede of rechthoekige vorm | 1 | 210-220* 180-190 | - - | 10-15 40-50 | |
| Volkorenbrood, 1 kg | Braadslede | 1 | 210-220* 180-190 | - - | 10-15 40-50 | |
| Plat rond brood | Braadslede | 1 | 250-270 | - | 20-30 | |
| Broodjes | ||||||
| Afbakbroodje of -stokbrood, voorgebakken | Braadslede | 2 | 200-220 | - | 10-20 | |
| Broodjes, zoet, vers | Bakplaat | 1 | 170-180* | - | 15-25 | |
| Broodjes, zoet, vers, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-160* | - | 20-30 | |
| Broodjes, vers | Bakplaat | 1 | 180-200 | - | 25-35 | |
| Baguette, voorgebakken, gekoeld | Braadslede | 2 | 200-220 | - | 10-20 | |
| Broodjes, diepvries | ||||||
| Afbakbroodje of -stokbrood, voorgebakken | Braadslede | 2 | 200-220 | - | 15-25 | |
| Pretzels, ongebakken | Rooster | 1 | 220-240 | - | 15-25 | |
| Croissant, ongebakken | Bakplaat | 1 | 150-170* | - | 20-35 | |
| Toast | ||||||
| Toast grillen, 4 stuks | Rooster | 2 | - | 3 | 5-15 | |
| Toast grillen, 12 stuks | Rooster | 2 | 7 | 250 | - | 5-15 |
| Toast roosteren * voorverwarmen | Rooster | 3 | - | 3 | 3-6 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
Pizza, quiche en hartig gebak
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bakken pizza, quiche en hartig gebak. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.
Neem ook de aanwijzingen in de paragraaf over het rijzen van het deeg in acht.
Gebruik alleen originele toebehoren van uw apparaat. Dit is optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Inschuifhoogtes
Gebruik de aangegeven inschuifhoogtes.
Bakken op één niveau
Gebruik de volgende inschuifhoogte voor het bakken op één niveau:
- Hoogte 1
Bakken op twee niveaus
Gebruik 4Dhetelucht. Bakplaten of vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Braadslede: hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Vormen op het rooster eerste rooster: hoogte 3 tweede rooster: hoogte 1
Door de gerechten gelijktijdig te bereiden, kunt u tot 45 procent energie sparen. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Toebehoren
Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de deur van de binnenruimte en met de welving naar beneden inschuiven. Plaats de vormen altijd op het rooster.
Braadslede of braadpan
De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.
Gebruik de braadslede bij dik belegde pizza's.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.
Pagina 33
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
Diepvriesproducten
Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten. Verwijder het ijs van het gerecht.
Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse gerechten de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Aanwijzing: De baktijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. Het gerecht zou alleen van buiten gaar, maar van binnen niet goed doorgebakken zijn.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Zo kunt u tot 20 procent energie sparen. De aangegeven baktijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
Wilt u volgens eigen recept bakken, ga dan te werk volgens de beschrijving van soortgelijk gebak in de tabel.
Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.
Gebruikte verwarmingsmethoden:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- • Pizzastand
| Gerecht Pizza | Toebehoren | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Pizza, vers | Bakplaat | 1 | 200-220 | 20-30 | |
| Pizza, vers, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 180-200 | 35-45 | |
| Pizza, vers, dunne bodem | Pizzaplaat | 1 | 210-230 | 20-30 | |
| Pizza, diepvries | Rooster | 1 | 210-230 | 10-20 | |
| Pizza, diepvries | |||||
| Pizza, dunne bodem, 1 stuk | Rooster | 1 | 210-230 | 10-20 | |
| Pizza, dunne bodem, 2 stuk | Rooster + bakplaat | 3+1 | 200-220 | 15-25 | |
| Pizza, dikke bodem, 1 stuk | Rooster | 1 | 190-210 | 20-35 | |
| Pizza, dikke bodem, 2 stuk | Braadslede + rooster | 3+1 | 160-180 | 25-35 | |
| Pizza-baguette | Rooster | 1 | 200-220 | 20-30 | |
| Mini-pizza's | Bakplaat | 1 | 210-230 | 10-20 | |
| Hartig gebak & quiche | |||||
| Hartig gebak in vormen | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 170-190 | 50-60 | |
| Quiche | Taartvorm, zwart metaal | 1 | 190-210 | 30-45 | |
| Flammkuchen | Braadslede | 1 | 260-280* | 10-20 | |
| Pierogi | Ovenschaal | 1 | 190-200 | 40-50 | |
| Pierogi | Ovenschaal | 2 | 170-190 | 50-70 | |
| Empanada | Braadslede | 1 | 180-190 | 35-45 | |
| Börek | Braadslede | 1 | 180-200 | 35-45 | |
| Börek * voorverwarmen | Braadslede | 1 | 180-200 | 35-45 |
Pagina 34
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Ovenschotel en soufflé
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bakken van ovenschotels en soufflé. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.
Gebruik alleen originele toebehoren van uw apparaat. Dit is optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Inschuifhoogtes
Gebruik altijd de aangegeven inschuifhoogtes.
U kunt op een niveau in vormen of met de braadslede bakken.
- Vormen op het rooster: hoogte 1
- Braadslede: hoogte 2
Soufflés kunt u ook in waterbad in de braadslede bakken. Plaats hiertoe de braadslede op hoogte 1.
Door de gerechten gelijktijdig te bereiden, kunt u tot 45 procent energie sparen. Plaats de vormen naast elkaar in de binnenruimte.
Toebehoren
Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de deur van de binnenruimte en met de welving naar beneden inschuiven. Plaats de vormen altijd op het rooster.
Braadslede
De braadslede er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.
Vormen
Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten
een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd nodig en worden donkerder aan de bovenkant.
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse ovenschotels en soufflés de optimale verwarmingsmethode.
Temperatuur en bereidingstijd zijn afhankelijk van de hoeveelheid en het recept. De bereidingstoestand van een ovenschotel is afhankelijk van de grootte van de vorm en de hoogte van het gerecht. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Aanwijzing: De bereidingstijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. De ovenschotel of soufflé zou allen van buiten gaar zijn, maar van binnen rauw.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Zo kunt u tot 20 procent energie sparen. De aangegeven bereidingstijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Indien u volgens eigen recept wilt bereiden dan oriënteert u zich aan soortgelijke gerechten in de tabel.
Niet gebruikte toebehoren verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.
Gebruikte verwarmingsmethoden:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- • Pizzastand
| Ovenschotel & soufflé | Toebehoren/vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten | Ovenschaal | 1 | 200-220 | 35-55 | |
| Ovenschotel, zoet | Ovenschaal | 1 | 170-190 | 45-60 | |
| Lasagne, vers, 1 kg | Ovenschaal | 1 | 160-180 | 50-60 | |
| Lasagne, diepvries, 400 g | Braadslede | 1 | 190-210 | 30-40 | |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | Ovenschaal | 1 | 170-180 | 50-60 | |
| Soufflé | Ovenschaal | 1 | 160-170* | 40-50 | |
| Soufflé * voorverwarmen | Portievormen | 1 | 170-190 | 65-75 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Gevogelte
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bereiden van gevogelte. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor enkele gerechten.
Braden op het rooster
Het braden op het rooster is bijzonder geschikt voor groot gevogelte of meerdere stukken tegelijk.
Schuif de braadslede met het rooster in de aangegeven inschuifhoogte. Let erop dat het rooster goed op de braadslede ligt. "Toebehoren" op pagina 11
Giet afhankelijk van de grootte en het soort gevogelte tot liter water in de braadslede. Afdruipend vet wordt opgevangen. Uit dit braadvocht kunt u een saus bereiden. Bovendien ontstaat zo minder rook en blijft de binnenruimte schoner.
Verder lezen op pagina 3Inhoud