Bosch CMA585MB0, tekst van de handleiding
Oven · Bosch · 39 pagina's in het Nederlands · pdf: 160 pagina's, 4,8 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: www.bosch-home.nl
Deze handleiding geldt ook voor: CMA583MB0.
Storingen op pagina 139
Pagina 139
Vanaf de titel; het begin van pagina 139 staat in de pdf.
14 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
"Servicedienst", Pagina 141
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
14.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▸ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 139)
139
Pagina 140
nl Storingen verhelpen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▸ Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. | |
| Storing 1. Zekering in zekeringkast uitschakelen. 2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. "Servicedienst", Pagina 141 | |
| Het apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt. | Demomodus is geactiveerd. 1. Haal de stroom kortstondig van het apparaat door de zekering in de meterkast uit en opnieuw in te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 5 minuten door de basisinstelling in de waarde te wijzigen. |
| Magnetronfunctie breekt af. | Storing 1. Zekering in zekeringkast uitschakelen. 2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen. Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. "Servicedienst", Pagina 141 |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Magnetronvermogen is te laag ingesteld. ▸ Stel een hoger magnetronvermogen in. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het toestel gedaan. ▸ Stel een langere tijdsduur in. Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig. | |
| Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk. ▸ Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om. | |
| De magnetron werkt niet. | Deur is niet helemaal gesloten. ▸ Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. |
| werd niet ingedrukt. ▸ Druk op . | |
| Op het display knippert 12:00 en het symbool brandt. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▸ Stel de tijd opnieuw in. "Tijd instelen", Pagina 130 |
| Het toestel is niet in gebruik. Op het display wordt een tijdsduur weergegeven. | werd niet ingedrukt. ▸ Druk op . |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 140)
14.2 Aanwijzingen op het display
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing | |
|---|---|---|
| Melding play. | verschijnt op het dis- | De thermische veiligheidsuitschakeling werd geactiveerd. ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 141 |
| Melding play. | verschijnt in het dis- | De automatische veiligheidsuitschakeling werd geactiveerd. ▸ Druk op een willekeurige button. |
| Melding play. | verschijnt op het dis- | De thermische veiligheidsuitschakeling werd geactiveerd. ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 141 |
| Melding play. | verschijnt in het dis- | Vocht in het bedieningspaneel. ▸ Bedieningspaneel laten drogen. |
| Melding play. | verschijnt op het dis- | Het snel voorverwarmen is mislukt ▸ Neem contact op met de . "Servicedienst", Pagina 141 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 140)
140
Pagina 141
Afvoeren nl
15 Afvoeren
15.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- 1. De stekker van het netsnoer uit het stopcontact trekken.
- 2. Het netsnoer doorknippen.
- 3. Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
16 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen.
Daarnaast kunt u bij onze klantenservice andere functierelevante en op voorraad liggende originele reserveonderdelen verkrijgen tot 15 jaar na het op de markt brengen van uw apparaat.
Voor meer informatie kunt u met onze klantenservice contact opnemen.
Gedetailleerde informatie over de garantieduur en de garantievoorwaarden in uw land ontvangt u via de QRcode op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden, bij onze klantenservice, uw dealer of op onze website.
De contactgegevens van de klantenservice vindt u via de QR-code op het meegeleverde document over de servicecontacten en garantievoorwaarden of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van energieklasse G. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mo-
gen uitsluitend door een hiervoor opgeleide monteur worden vervangen.
De informatie conform verordening (EU) 2023/826 vindt u online op www.bosch-home.com op de productpagina en de servicepagina van uw apparaat bij de gebruiksaanwijzingen en aanvullende documenten.
16.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) nodig. Deze nummers vindt u op het typeplaatje van het apparaat.
Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
17 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
17.1 Zo kunt u het best te werk gaan
Tip: Voor een selectie van gerechten beschikt uw apparaat geprogrammeerde instellingen. Wanneer u zich door het apparaat wilt laten leiden, gebruik dan de automatische programma's.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Levensmiddelen met een vaste schil of pel kunnen tijdens, maar ook nog na het opwarmen, exploderen.
- Nooit eieren in de eierschaal koken of hardgekookte eieren in de eierschaal opwarmen.
- Nooit schaal- en kreeftachtige dieren koken.
- Bij spiegeleieren of eieren in een glas dient u eerst de dooier door te prikken.
- Bij levensmiddelen met een vaste schil of pel, bijv. appels, tomaten, aardappelen en worstjes, kan de schil knappen. Prik voor het opwarmen gaatjes in de schil of vel.
- 1. Selecteer een passend gerecht uit de overzichten.
Tips
- Houd de volgende basisinformatie aan wanneer u het apparaat voor de eerste keer gebruikt:
- "Veiligheid", Pagina 120
- "Condenswater", Pagina 129
Wanneer u niet precies het gerecht of de toepassing vindt dat u wilt bereiden resp. uitvoeren, ga
Pagina 142
nl Zo lukt het
dan te werk aan de hand van een gelijksoortig gerecht.
- 2. Verwijder accessoires uit de binnenruimte.
- 3. Kies geschikte vormen en accessoires.
Gebruik de vormen en accessoires welke in het insteladvies zijn aangegeven.
- 4. Verwarm het apparaat alleen voor wanneer het recept of de insteladviezen dit aangeven.
- 5. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- 6. WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Schakel het apparaat uit wanneer het gerecht klaar is.
17.2 Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron
Instellingsadviezen voor het ontdooien, verwarmen en koken met de magnetron.
De tijdsduur is afhankelijk van het servies en van de temperatuur, aard en hoeveelheid van het product. Daarom zijn in de tabellen bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in. Als u andere hoeveelheden gebruikt dan aangegeven in de tabellen, houdt u zich dan aan de vuistregel: dubbele hoeveelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Tips voor het ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ontdooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
| Vraag | Tip |
|---|---|
| U wilt een andere hoeveelheid bereiden dan in de tabel is aangegeven. | De bereidingstijden overeenkomstig de vuistregel verlengen of verkorten: Dubbele hoeveelheid is = bijna de dubbele tijd Halve hoeveelheid = halve tijd |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 142)
Ontdooien met de magnetron
Insteladvies voor het ontdooien met de magnetron.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
Gebruik open servies dat geschikt is voor de magnetron.
De gerechten tussendoor 2 tot 3 maal omroeren of keren. Bij het keren de ontdooivloeistof verwijderen. Laat de gerechten na het ontdooien 10-60 minuten rusten.
Kwetsbare delen, zoals kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken, kunt u afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. De folie mag de wanden van de binnenruimte niet raken. Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
Zet de diepvriesproducten in een open vorm op het rooster.
Plaats het kookgerei in het midden van het lage rooster, zodat de magnetrongolven het voedsel van alle kanten kunnen bereiken.
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 800 | 1. 180 2. 90 | 1. 15 ¹ 2. 10 - 20 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 1000 | 1. 180 2. 90 | 1. 20 ¹ 2. 15 - 25 |
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken met en zonder been | 1500 | 1. 180 2. 90 | 1. 30 ¹ 2. 20 - 30 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 200 | 1. 180 2. 90 | 1. 3 ² 2. 10 - 15 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 500 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 ² 2. 15 - 20 |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 800 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 ² 2. 15 - 20 |
| Gehakt, gemengd ³,4 | 200 | 90 | 10 ¹ |
| Gehakt, gemengd ³,4 | 500 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 ¹ 2. 10 - 15 |
| Gehakt, gemengd ³,4 | 800 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 ¹ 2. 15 - 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 142)
1 Het voedsel herhaaldelijk keren.
2 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
3 Het voedsel vlak invriezen.
4 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.
142
Pagina 143
Zo lukt het nl
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Gevogelte of delen gevogelte ¹ | 600 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 2. 10 - 15 |
| Gevogelte of delen gevogelte ¹ | 1200 | 1. 180 2. 90 | 1. 15 2. 25 - 30 |
| Eend | 2000 | 1. 180 2. 90 | 1. 20 ² 2. 30 - 40 |
| Visfilet, viskotelet of plakken vis ¹ | 400 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 |
| Hele vis | 300 | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10 - 15 |
| Hele vis | 600 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 2. 10 - 15 |
| Groente, bijv. erwten | 300 | 180 | 10 - 15 |
| Groente, bijv. erwten | 600 | 1. 180 2. 90 | 1. 10 2. 10 - 15 ³ |
| Fruit, bijv. frambozen ¹ | 300 | 180 | 7 - 10 ³ |
| Fruit, bijv. frambozen ¹ | 500 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 ³ 2. 5 - 10 |
| Boter, ontdooien ⁴ | 125 | 1. 180 2. 90 | 1. 1 2. 2 - 4 |
| Boter, ontdooien ⁴ | 250 | 1. 180 2. 90 | 1. 1 2. 2 - 4 |
| Heel brood | 500 | 1. 180 2. 90 | 1. 6 2. 5 - 10 |
| Heel brood | 1000 | 1. 180 2. 90 | 1. 12 ⁵ 2. 15 - 25 |
| Gebak, droog, bijv. cake ⁶,7 | 500 | 90 | 15 - 20 |
| Gebak, droog, bijv. cake ⁶,7 | 750 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart ⁶ | 500 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 10 - 15 |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart ⁶ | 750 | 1. 180 2. 90 | 1. 7 2. 10 - 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 143)
Opwarmen van diepgevroren voedsel met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen van diepgevroren gerechten met de magnetron in acht.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. De gerechten tussendoor 2-3 keer omroeren of keren.
Laat het voedsel na het opwarmen 2-5 minuten rusten.
De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
Plaats het kookgerei in het midden van het lage rooster, zodat de magnetrongolven het voedsel van alle kanten kunnen bereiken.
1 De ontdooide delen van elkaar losmaken.
2 Het voedsel herhaaldelijk keren.
3 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.
4 De verpakking volledig verwijderen.
5 Het voedsel tussendoor keren.
6 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
7 De stukken gebak van elkaar scheiden.
143
Pagina 144
nl Zo lukt het
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaar-gerecht met 2-3 componenten | 300 - 400 | 600 | 10 - 15 |
| Soep | 400 - 500 | 600 | 8 - 10 |
| Eenpansgerecht | 500 | 600 | 10 - 15 |
| Eenpansgerecht | 1000 | 600 | 20 - 25 |
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash | 500 | 600 | 15 - 20 |
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash | 1000 | 600 | 25 - 30 |
| Vis, bijv. filetstukken | 400 | 600 | 10 - 15 |
| Vis, bijv. filetstukken | 800 | 600 | 18 - 20 |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ¹ | 250 | 600 | 2 - 5 |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta ¹ | 500 | 600 | 8 - 10 |
| Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels ² | 300 | 600 | 8 - 10 |
| Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels ² | 600 | 600 | 15 - 20 |
| Spinazie a la crème ³ | 450 | 600 | 11 - 16 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 144)
Opwarmen met de magnetron
Neem de insteladviezen voor het opwarmen met de magnetron in acht.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof dan plotseling hevig overkoken en opspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.
LET OP
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of speciale magnetronfolie gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. De gerechten tussendoor 2-3 keer omroeren of keren.
Laat het voedsel na het opwarmen 2-5 minuten rusten.
De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. Babyvoeding:
- Flesje zonder speen of deksel op het rooster plaatsen.
- Na het opwarmen goed schudden of omroeren.
- Absoluut de temperatuur van de flesvoeding controleren.
Plaats het kookgerei in het midden van het lage rooster, zodat de magnetrongolven het voedsel van alle kanten kunnen bereiken.
1 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.
2 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.
3 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water.
144
Pagina 145
Zo lukt het nl
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaar-gerecht met 2-3 componenten | 350 - 500 | 600 | 5 - 10 |
| Dranken ¹ | 150 | 900 | 1 - 2 ²,3 |
| Dranken ¹ | 300 | 900 | 2 - 3 ²,3 |
| Dranken ¹ | 500 | 900 | 3 - 4 ²,3 |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk ⁴ | 50 | 360 | ca. 1 ⁵,6 |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk ⁴ | 100 | 360 | 1 - 2 ⁵,6 |
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk ⁴ | 200 | 360 | 2 - 3 ⁵,6 |
| Soep 1 kop | 175 | 900 | 2 - 3 |
| Soep 2 koppen | 2 x 175 | 900 | 4 - 5 |
| Soep 4 koppen | 4 x 175 | 900 | 5 - 6 |
| Vlees in saus ⁷ | 500 | 600 | 10 - 15 |
| Eenpansgerecht | 400 | 600 | 5 - 10 |
| Eenpansgerecht | 800 | 600 | 10 - 15 |
| Groente, 1 portie ⁸ | 150 g | 600 | 2 - 3 |
| Groente, 2 porties ⁸ | 300 g | 600 | 3 - 5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 145)
Bereiden met magnetron
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
Gebruik gesloten servies dat geschikt is voor de magnetron. U kunt voor het afdekken ook een bord of een magnetron-afdekkap gebruiken. Kant-en-klare voedingsproducten uit de verpakking nemen.
De gerechten vlak op het servies verdelen. Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Laat het voedsel na het opwarmen 2 tot 5 minuten rusten.
De producten geven warmte af aan het servies. De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen. De eigen smaak van de gerechten blijft goed behouden. Gebruik zout en specerijen met mate.
Plaats het kookgerei in het midden van het lage rooster, zodat de magnetrongolven het voedsel van alle kanten kunnen bereiken.
Snij de groenten en aardappelen in stukken van gelijke grootte. Voor elke 100 g 1-2 el water toevoegen. Tussentijds doorroeren.
Bij de rijst de dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen.
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Hele kip, vers, zonder ingewanden | 1500 | 600 | 30 – 35 ⁹ |
| Visfilet, vers | 400 | 600 | 5 – 10 |
| Groente, vers ¹⁰ | 250 | 600 | 5 – 10 ¹¹ |
| Groente, vers ¹⁰ | 500 | 600 | 10 – 15 ¹¹ |
| Aardappelen ¹⁰ | 250 | 600 | 8 – 10 ¹¹ |
| Aardappelen ¹⁰ | 500 | 600 | 11 – 14 ¹¹ |
| Aardappelen ¹⁰ | 750 | 600 | 15 – 22 ¹¹ |
| Rijst | 125 ¹² | 1.600 2.180 | 1.7 – 9 2.15 – 20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 145)
1 Doe een lepel in het glas.
2 Alcoholische dranken niet verwarmen.
3 Het voedsel tussendoor controleren.
4 Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen.
5 Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden.
6 Beslist de temperatuur controleren.
7 De lapjes vlees van elkaar scheiden.
8 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.
9 Het voedsel tussendoor keren.
10 In stukken van gelijke grootte snijden.
11 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.
12 De dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen.
145
Pagina 146
nl Zo lukt het
| Gerecht | Gewicht in g | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|
| Rijst | 250 ¹ | 1.600 2.180 | 1.10 – 12 2.20 – 25 |
| Zoete gerechten, bijv. pudding (instant) ² | 500 | 600 | 5 – 9 |
| Fruit, compote | 500 | 600 | 9 – 12 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 146)
Pudding van puddingpoeder
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- 1. Een pakje puddingpoeder volgens de aanwijzingen op de verpakking met suiker en een beetje melk in een voor de magnetron geschikte hoge schaal door elkaar roeren, zodat er geen klontjes aanwezig zijn.
- 2. De rest van de melk toevoegen en nogmaals doorroeren.
- 3. De schaal in de binnenruimte plaatsen en de apparaatdeur sluiten.
- 4. Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
- 5. Na 3 minuten voor de eerste keer omroeren. Dan steeds na één minuut omroeren, tot de gewenste consistentie is bereikt.
De tijdsduur is afhankelijk van de temperatuur van de melk en de gebruikte kom.
Popcorn voor de magnetron
Instellingsaanbevelingen voor het bereiden met de magnetron.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Popcornzak voorzichtig openen, er kan hete damp vrijkomen.
- Open de popcornzak voorzichtig.
- Stel nooit het maximale magnetronvermogen in.
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
Gebruik een platte, hittebestendige vorm. Gebruik geen porseleinen of sterk gewelfd bord.
Plaats de glazen vorm altijd op het rooster.
Al naar gelang de hoeveelheid de tijdsduur aanpassen.
Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt, de popcornzak na 1 minuut en 30 seconden even uit de oven nemen en schudden. Let op: heet!
| Gerecht | Gewicht in g | Accessoires | Magnetronvermogen in W | Tijdsduur in min |
|---|---|---|---|---|
| Popcorn voor de magnetron | 100 | Vormen Rooster | 600 | 3 - 5 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 146)
Tips voor het de volgende keer ontdooien, verwarmen en bereiden met de magnetron
Houd u deze tips aan voor goede resultaten bij het ontdooien, opwarmen en bereiden met de magnetron.
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gerecht is te droog. | Verkort de tijdsduur of kies een lager magnetronvermogen. Het gerecht afdekken en meer vloeistof toevoegen. |
| Uw gerecht is na het verstrijken van de tijd nog niet ontdooid, opgewarmd of gaar. | Verleng de tijdsduur. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 146)
1 De dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen.
2 Tussendoor met de gard 2-3 keer roeren.
146
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gerecht is na het verstrijken van de tijd van binnen nog niet klaar, maar van de buitenkant reeds oververhit. | Tussentijds doorroeren. Verlaag het magnetronvermogen en verleng de tijdsduur. |
| Uw vlees of gevogelte is na het ontdooien van binnen nog steeds niet ontdooid, maar van buiten al gegaard. | Verlaag het magnetronvermogen. Grote te ontdooien producten meerdere malen keren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 146)
17.3 Taart en gebak
Instelaanbevelingen voor taart en gebak.
Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van het deeg. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in.
Pagina 147
Zo lukt het nl
Een lagere temperatuur resulteert in een gelijkmatigere bruining.
Tips voor het bakken
Voor een goed bakresultaat hebben wij hier tips voor u verzameld.
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gebak moet gelijkmatig rijzen. | Vet alleen de bodem van de springvorm in. Maak het gebak na het bakken voorzichtig met een mes los uit de bakvorm. |
| Klein gebak mag tijdens de bereiding niet aan elkaar plakken. | Houd rondom elk stuk een minimale afstand van 2 cm aan. Zo is er voldoende plaats om het gebak goed te laten rijzen en helemaal bruin te laten worden. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 147)
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Vaststellen of het gebak afgebakken is. | Steek met een houten prikker op het hoogste punt plaats in het gebak. Wanneer er geen deeg aan het hout blijft kleven, dan is het gebak klaar. |
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Stem het bakken dan af op soortgelijk gebak in de baktabellen. |
| Gebruik bakvormen van siliconen, glas of kunststof. | De vorm moet tot 250°C hittebestendig zijn. In deze vormen wordt het gebak minder bruin. Wanneer u de magnetron bijschakelt, wordt de tijdsduur eventueel korter dan wat in de tabel staat aangegeven. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 147)
Gebak in vormen
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het niet voorverwarmde apparaat. Zet de vorm altijd in het midden van het rooster.
Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
Bakvormen van metaal zijn uitsluitend geschikt voor het bakken zonder magnetron.
Donkere bakvormen van metaal zijn het meest geschikt.
De opgegeven tijden gelden voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
| Gerecht | Accessoires / vormen | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Krans- of rechthoekige vorm | 170-180 | 90 | 40-50 | |
| Cake, fijn bijv. zandgebak ¹ | Krans- of rechthoekige vorm | 150-170 | - | 70-90 | |
| Taartbodem van beslag | Vorm vruchtentaartbodem | 160-180 | - | 30-40 | |
| Vruchtentaart fijn, beslag | Springvorm/tulbandvorm | 170-180 | 90 | 35-45 | |
| Taartbodem, 2 eieren | donkere springvorm | 160-170 | - | 20-25 | |
| Taartbodem, 6 eieren | donkere springvorm | 170-180 | - | 35-45 | |
| Zanddeegbodem met rand | donkere springvorm | 170-190 | - | 30-40 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg ¹ | donkere springvorm | 170-190 | 180 | 35-45 | |
| Zwitserse vruchtentaart ² | donkere springvorm | 190-200 | - | 45-55 | |
| Tulbandcake | Tulbandvorm | 170-180 | - | 40-50 | |
| Pizza, dunne bodem, weinig bedekking ² | Ronde pizzaplaat | 220-230 | - | 15-25 | |
| Hartig gebak ² | donkere springvorm | 200-220 | - | 50-60 | |
| Notentaart | donkere springvorm | 170-180 | 90 | 35-45 | |
| Gistdeeg met droge bedekking | Ronde pizzaplaat | 160-180 | - | 50-60 | |
| Gistdeeg met vochtige bedekking | Ronde pizzaplaat | 170-190 | - | 55-65 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 147)
1 Het gebak ca. 20 minuten in de oven laten afkoelen.
2 Plaats de vorm direct op het draaiplateau.
147
Pagina 148
nl Zo lukt het
| Gerecht | Accessoires / vormen | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Broodvlecht van 500 g bloem | Ronde pizzaplaat | 170-190 | - | 35-45 | |
| Stol van 500 g bloem | Ronde pizzaplaat | 160-180 | - | 60-70 | |
| Strudel, zoet | Ronde pizzaplaat | 190-210 | 180 | 35-45 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 148)
Klein gebak
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het niet voorverwarmde apparaat. Zet de vorm altijd in het midden van het rooster.
Donkere bakvormen van metaal zijn het meest geschikt.
| Gerecht | Accessoires / vormen | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|
| Koekjes | Ronde pizzaplaat | 150-170 | 25-35 | |
| Macarons | Ronde pizzaplaat | 110-130 | 35-45 | |
| Gebak van soezendeeg | Ronde pizzaplaat | 200-220 | 35-45 | |
| Bladerdeeggebak | Ronde pizzaplaat | 190-200 | 35-45 | |
| Gistdeeggebak | Ronde pizzaplaat | 200-220 | 25-35 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 148)
Brood en broodjes
Opmerking
Aanwijzingen voor de bereiding
De instelaanbevelingen gelden voor het inschuiven van de gerechten in het niet voorverwarmde apparaat. Zet de vorm altijd in het midden van het rooster.
Donkere bakvormen van metaal zijn het meest geschikt.
| Gerecht | Accessoires / vormen | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|
| Zuurdesembrood van 1,2 kg bloem | Ronde pizzaplaat | 210-230 | 50-60 | |
| Plat rond brood ¹ | Ronde pizzaplaat | 220-230 | 25-35 | |
| Broodjes | Ronde pizzaplaat | 210-230 | 25-35 | |
| Broodjes van gistdeeg, zoet | Ronde pizzaplaat | 200-220 | 15-25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 148)
Tips voor de volgende keer dat er gebakken wordt
Wanneer er bij het bakken iets niet lukt, dan vindt u hier tips.
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gebak zakt in. | Houd de opgegeven ingrediënten en bereidingsaanwijzingen in het recept aan. Gebruik minder vloeistof. Of: Verlaag de baktemperatuur met 10 °C en verleng de baktijd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 148)
1 Plaats de vorm direct op het draaiplateau.
148
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gebak is te droog. | Verhoog de baktemperatuur met 10 °C en verkort de baktijd. |
| Uw gebak is over het geheel te licht. | Controleer de inschuifhoogte en de accessoires. Verhoog de baktemperatuur met 10°C. Of: Verleng de baktijd. |
| Uw gebak is aan de bovenkant te licht, maar aan de onderkant te donker. | Plaats het gebak één niveau hoger. |
Pagina 149
Zo lukt het nl
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Uw gebak is aan de bovenkant te donker, maar aan de onderkant te licht. | Plaats het gebak één niveau lager. Verlaag de baktemperatuur en verleng de baktijd |
| Uw gebak is onregelmatig gebruind. | Verlaag de baktemperatuur. Knip het bakpapier in de juiste afmetingen. Plaats de bakvorm in het midden. Kleine stukken gebak qua grootte en dikte zoveel mogelijk eenvormig maken. |
| Uw gebak is van buiten gaar, maar van binnen nog niet goed doorbakken. | Verlaag de baktemperatuur en verleng de baktijd. Minder vloeistof toevoegen. Bij gebak met vochtige bedekking: De bodem voorbakken. Bestrooi de gebakken bodem met amandelen of paneermeel. Leg de bedekking op de bodem. |
| Het gebak laat niet los wanneer u het uit de vorm wilt storten. | Laat het gebak na het bakken 5 - 10 minuten afkoelen. Maak de rand van het gebak voorzichtig los met een mes. Stort het gebak opnieuw en bedek de vorm meerdere keren met een natte, koude doek. Vet de vorm de volgende keer in en bestrooi deze met paneermeel. |
| Tussen vorm en rooster ontstaan vonken. | Controleer of de vorm van buiten schoon is. Wijzig de positie van de vorm in de binnenruimte. Bak zonder magnetronfunctie verder en verleng de bakduur. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 149)
17.4 Braden en grillen
Instellingsaanbevelingen voor bakken en grillen Temperatuur en braadtijd zijn afhankelijk van de kwantiteit en de kwaliteit van de gerechten. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer een hogere waarde in.
Braden in vormen
Maakt u gerechten in servies klaar, dan kunt u ze eenvoudiger uit de binnenruimte nemen en direct in het servies opdienen. Bij de bereiding in gesloten vormen blijft de binnenruimte schoner.
Algemene richtlijnen voor braden in vormen
Gebruik hittebestendig servies dat geschikt is voor de magnetron.
Braad- en bakvormen van metaal zijn alleen geschikt voor gebruik zonder de magnetronfunctie.
Plaats de vorm op het rooster.
Controleer van tevoren of de vorm in de binnenruimte past.
Vormen van glas zijn het meest geschikt.
Plaats hete glazen vormen op een droge onderzetter. Wanneer de ondergrond nat of koud is, dan kan het glas knappen.
De vorm kan zeer heet worden. Gebruik pannenlappen wanneer u hem uit de oven haalt.
Houd de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm aan.
Open vorm
Gebruik een hoge braadvorm.
Gesloten servies
Gebruik een passend, goed sluiten deksel.
Bij vlees moet er tussen het te braden product en het deksel minimaal 3 cm afstand zijn. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Vlees, gevogelte en vis kunnen ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik daarvoor een braadslede met glazen deksel. Stel een hogere temperatuur in.
WAARSCHUWING ‒ Kans op verbranding!
Bij het openen van het deksel na het bereiden kan zeer hete stoom ontsnappen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Til het deksel zo op, zodat de hete stoom weg van het lichaam kan ontsnappen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Opmerkingen
Mager vlees of stoofvlees
- Ca. 1/2 cm hoog vloeistof in de vorm doen, bijv. water, wijn, azijn of iets soortgelijks.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees, van het materiaal van de vorm en van het feit of u een deksel gebruikt.
In geëmailleerde of donkere metalen ovenschotels is meer vloeistof nodig dan in glazen servies. Voor stoofvlees iets meer vloeistof toevoegen.
- Tijdens het braden verdampt de vloeistof. Indien nodig nog wat vloeistof erbij schenken.
- Keer stukken vlees na de helft van de bereidingstijd.
Vis
- Doe voor het stomen van vis 1-3 eetlepels vloeistof in de vorm, bijv. citroensap of azijn.
Grillen
Grill gerechten die knapperig moeten worden.
Grill altijd met een gesloten apparaatdeur.
Niet voorverwarmen.
Grillstukken van gelijk gewicht en gelijke dikte gebruiken.
Dan worden ze gelijkmatig bruin en blijven lekker mals.
Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster. De grillstukken keren met een grilltang.
Verder lezen op pagina 120Inhoud