Bosch CNG6764S6, tekst van de handleiding
Pagina's 26–37 van 80 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 14–25verder op pagina 38 →
Pagina 26
nl De magnetron
Meegeleverde accessoires
Voor gebruik met alleen de magnetron is uitsluitend het meegeleverde rooster geschikt. Door het gebruik van de braadslede of bakplaat kunnen vonken ontstaan en de binnenruimte wordt beschadigd.
Bij gebruik in combinatie met de magnetron of de functie Gerechten kunt u ook gebruikmaken van de braadslede, de bakplaat of andere meegeleverde accessoires.
Bij gebruik met de magnetron kunt u de accessoires, indien niet anders aangegeven, het best op hoogte 1 plaatsen.
Magnetronstanden
U kunt m.b.v. diverse standen verschillende magnetronvermogens gebruiken, geschikt voor uiteenlopende soorten gerechten en manieren van bereiden.
Voor gebruik van de magnetron is altijd een tijdsduur nodig. U kunt de voorgestelde tijdsduur overnemen of in het betreffende bereik veranderen.
| Stand | Gebruik | maximale tijdsduur |
|---|---|---|
| 90 W | voor het ontdooien van kwetsbare gerechten | 1 uur 30 min. |
| 180 W | voor het ontdooien en verder bereiden | 1 uur 30 min. |
| 360 W | voor het bereiden van vlees en het opwarmen van kwetsbare gerechten | 1 uur 30 min. |
| 600 W | voor het opwarmen en bereiden van gerechten | 1 uur 30 min. |
| max. | voor het verwarmen van vloeistoffen | 30 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
De maximale instelling is alleen voor het verhitten van vloeistoffen bestemd, niet voor het opwarmen van gerechten. Ter bescherming van het apparaat wordt het maximale vermogen van de magnetron gedurende de eerste minuten trapsgewijs tot 600 W gereduceerd. Nadat het apparaat enige tijd is afgekoeld is het volle vermogen weer beschikbaar.
Magnetron instellen
Lees voordat u de magnetron instelt de aanwijzingen over de juiste vormen.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Magnetron”.
- 3. Tip op het tekstveld met het gewenste magnetronvermogen.
Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. Bij de magnetron verschijnt de opwarmlijn niet.
Het apparaat start.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.De actuele functie van het apparaat wordt beëindigd. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Aanwijzing: Wanneer u tijdens het gebruik de apparaatdeur opent, wordt de werking stopgezet. Na het sluiten van de deur kunt u weer verder gaan met de toets start/stop .
Heeft u de basisinstelling hiervoor gewijzigd, zorg er dan voor dat de magnetron niet verder loopt terwijl hij leeg is. "Basisinstellingen" op pagina 30
Om bij de zuivere magnetronfunctie condens te vermijden, schakelt het apparaat bij de standen 600 W en max automatisch een verwarmingselement bij. Binnenruimte en toebehoren worden heet. Het bereidingsresultaat wordt hierdoor niet beïnvloed.
Aanwijzing: U kunt deze functie in de basisinstellingen uitschakelen. "Basisinstellingen" op pagina 30
Waarschuwing – Gevaar voor verbranding!
De droogfunctie bij de hoogste standen in de zuivere magnetronfunctie schakelt automatisch een verwarmingselement bij en verhit de binnenruimte. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Wijzigen en afbreken
Na de start blijft de tijdsduur in de focus.Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de tijdsduur direct veranderd en overgenomen.
Om het magnetronvermogen te veranderen de werking met de toets start/stop onderbreken. Op het tekstveld van het gewenste vermogen tippen en de werking met de toets start/stop voortzetten. De tijdsduur blijft behouden.
Wanneer u de magnetron wilt afbreken, de werking met de toets start/stop onderbreken en een andere functie kiezen.
CombiSpeed instellen
Bij enkele verwarmingsmethoden kunt u de magnetron erbij inschakelen.
Geschikte verwarmingsmethoden zijn:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- 7 Circulatiegrillen
- • Grill, groot
- • Grill, klein
Bij CombiSpeed zijn de magnetron-vermogens 90 watt, 180 watt en 360 watt beschikbaar.
Lees voordat u CombiSpeed instelt de informatie over de juiste vormen.
Pagina 27
De magnetron nl
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “CombiSpeed”.
- 3. Tip op het tekstveld met de gewenste verwarmingsmethode.
- 4. Tip op het tekstveld met het gewenste magnetronvermogen.
Op het display staat de temperatuur of de stand wit in de focus.
- 5. Met de bedieningsring de temperatuur of stand instellen.
- 6. Tip op het tekstveld “Tijdsduur”.
Op het display staat de tijdsduur wit in de focus.
- 7. Met de bedieningsring de tijdsduur instellen.
- 8. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat start.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.De actuele functie van het apparaat wordt beëindigd. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat met de toets on/off uit.
Wijzigen en afbreken
Na de start blijft de temperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de temperatuur of de stand veranderd en overgenomen.
Om de tijdsduur te veranderen op het tekstveld “Tijdsduur” tippen en de wijziging doorvoeren met de bedieningsring. De wijziging wordt direct overgenomen.
Om de verwarmingstijd of het magnetronvermogen te veranderen dient u de werking eerst met de toets start/ stop te onderbreken. Op het tekstveld met de verwarmingsmethode of het gewenste magnetronvermogen tippen en de wijziging doorvoeren.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode of het magnetronvermogen, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Wilt u CombiSpeed afbreken, onderbreek de werking dan met de toets start/stop en kies een andere functie.
Drogen
U dient de binnenruimte na afloop van het programma droog te maken, zodat er geen vocht achterblijft.
Drogen starten
Tijdens het drogen wordt de binnenruimte verwarmd, zodat er vocht in de binnenruimte verdampt. Open vervolgens de apparaatdeur, zodat de waterdamp uit de binnenruimte verdwijnt.
Attentie!
Schade aan het email: start geen programma of functie wanneer zich water op de bodem van de binnenruimte bevindt. Dit water dient voor gebruik te worden verwijderd.
- 1. Het apparaat af laten koelen.
- 2. Grove verontreiniging in de binnenruimte direct verwijderen en het vocht van de bodem afnemen.
- 3. Zo nodig met de toets on/off het apparaat inschakelen.
- 4. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 5. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 6. Tip op het tekstveld “Drogen”.
De tijdsduur wordt weergegeven. Deze kan niet worden veranderd.
- 7. Starten met de toets start/stop .
Het drogen wordt gestart en na 10 minuten automatisch beëindigd.
- 8. Apparaatdeur openen en 1 tot 2 minuten open laten, zodat het vocht uit de binnenruimte kan ontsnappen.
De binnenruimte handmatig schoonmaken
- 1. Apparaat laten afkoelen.
- 2. Vervuiling uit de binnenruimte verwijderen.
- 3. Binnenruimte met een spons droogmaken.
- 4. Apparaatdeur 1 uur open laten, zodat de binnenruimte helemaal droog wordt.
Pagina 28
nl Braadthermometer
Braadthermometer
Met de braadthermometer kunt u het eindresultaat exact op uw wensen afstellen. Hij meet de temperatuur binnen in het gerecht. Zodra de ingestelde temperatuur is bereikt, schakelt het apparaat automatisch uit.
Verwarmingsmethoden
Niet alle verwarmingsmethoden zijn geschikt voor gebruik met de braadthermometer.
Wanneer u de braadthermometer in de binnenruimte heeft geplaatst staan u de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.
| 4D hetelucht | |
| Boven- en onderwarmte | |
| Hetelucht Eco | |
| Boven- en onderwarmte Eco | |
| 7 | Circulatiegrillen |
| Pizzastand | |
| Regenereren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
Aanwijzingen
- De braadthermometer meet de temperatuur binnen in het gerecht tussen 30 °C en 99 °C..
- Gebruik uitsluitend de meegeleverde braadthermometer. Deze kunt u als accessoire bij de klantenservice bestellen.
- Verwijder de braadthermometer na gebruik altijd uit de binnenruimte. Bewaar deze nooit in de binnenruimte.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken. Gebruik alleen de braadthermometer die bestemd is voor het toestel.
Temperatuur van de binnenruimte
Stel de temperatuur niet hoger in dan 250°C, zodat de braadthermometer niet beschadigd raakt.
De ingestelde temperatuur van de binnenruimte moet minstens 10°C hoger zijn dan de ingestelde kerntemperatuur.
De braadthermometer in het gerecht steken
Steek de braadthermometer in het gerecht voordat u het in de binnenruimte plaatst.
De braadthermometer heeft drie meetpunten. Zorg ervoor dat het middelste meetpunt in het gerecht steekt.
Attentie!
Wanneer u ook de magnetron inschakelt, moet de punt van de braadthermometer in het gerecht steken.
Vlees: bij grotere stukken steekt u de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
Bij kleinere stukken steekt u hem aan de zijkant in, op de dikste plaats.
Gevogelte: steek de braadthermometer in door de dikste plaats van de borst van het gevogelte tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm. Draai het gevogelte vervolgens en leg het met de borstzijde naar beneden op het rooster.
Vis: steek de braadthermometer in achter de kop, in de richting van de middelste graten tot de aanslag. Hele vis met behulp van een halve aardappel in de ''zwemstand'' op het rooster plaatsen.
Product keren: Wilt u het product keren, verwijder de braadthermometer dan niet. Controleer na het keren van het product of de braadthermometer goed geplaatst is.
Verwijdert u de braadthermometer tijdens het gebruik, dan worden alle instellingen teruggezet en moeten vervolgens opnieuw worden uitgevoerd.
Attentie!
Zorg ervoor dat het snoer van de braadthermometer niet ingeklemd raakt.
Gebruik geen gesloten vormen.
Om te voorkomen dat de braadthermometer beschadigd raakt door een te intensieve hitte, moet de afstand tussen grillelement en braadthermometer enkele centimeters bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Pagina 29
Braadthermometer nl
Kerntemperatuur instellen
De braadthermometer moet in de bus links in de binnenruimte zijn gestoken.
- 1. Tip op het tekstveld met de gewenste verwarmingsmethode.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de temperatuur van de binnenruimte wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de temperatuur van de binnenruimte instellen.
- 3. Tip op het tekstveld “Kerntemperatuur”.
Op het display staat de voorgestelde waarde bij de kerntemperatuur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de kerntemperatuur instellen.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijd op het display geeft aan hoelang het apparaat al in werking is.
Het apparaat begint op te warmen.
Op het display staat de kerntemperatuur wit in de focus, links de actuele en rechts de ingestelde temperatuur, bijv. “ 15|80°C”. De opwarmlijn geeft ook de kerntemperatuur aan.
Als de ingestelde kerntemperatuur in het product bereikt is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display is de actuele kerntemperatuur gelijk aan de ingestelde, bijv. “ 80|80°C”. Het aflopen van de tijd wordt onderbroken.
Schakel het apparaat uit met de toets on/off en neem de thermometer uit de bus.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Binnenruimte, toebehoren en braadthermometer worden zeer heet. Neem hete toebehoren en de braadthermometer altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Wijzigen
Na de start staat de kerntemperatuur in de focus. Wanneer u de bedieningsring beweegt, wordt de kerntemperatuur direct veranderd en overgenomen.
Wilt u de temperatuur van de binnenruimte wijzigen, tip dan eerst op het tekstveld “Temperatuur”.
Om de verwarmingstijd te veranderen dient u de werking eerst met de toets start/stop te onderbreken.
Aanwijzing: Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.
Afbreken
Wilt u het proces afbreken, neem dan de braadthermometer uit de bus en het vlees. Met de toets start/stop kunt u de werking zonder braadthermometer voortzetten.
Kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen
Gebruik geen diepvriesproducten.De opgaven in de tabel zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
Uitgebreide opgaven over de verwarmingsmethode en temperatuur vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 46
| Levensmiddelen Gevogelte | Kerntemperatuur in °C |
|---|---|
| Kip | 80-85 |
| Kipfilet | 75-80 |
| Eend | 80-85 |
| Eendenborst, rosé | 55-60 |
| Kalkoen | 80-85 |
| Kalkoenfilet | 80-85 |
| Gans | 80-90 |
| Varkensvlees | |
| Varkensnek | 85-90 |
| Varkensfilet, rosé | 62-70 |
| Varkensrug, doorbakken | 72-80 |
| Rundvlees | |
| Rosbief of rundvlees, kort gebakken | 45-52 |
| Rosbief of runderfilet, rosé | 55-62 |
| Rosbief of runderfilet, doorbakken | 65-75 |
| Kalfsvlees | |
| Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager | 75-80 |
| Gebraden kalfsvlees, schouder | 75-80 |
| Kalfsschenkel | 85-90 |
| Lamsvlees | |
| Lamsbout, rosé | 60-65 |
| Lamsbout, doorbakken | 70-80 |
| Lamsrug, rosé | 55-60 |
| Vis | |
| Vis, heel | 65-70 |
| Visfilet | 60-65 |
| Diversen | |
| Gebraden gehakt, alle vleessoorten | 80-90 |
| Gerechten opwarmen, regenereren | 65-75 |
Pagina 30
nl Kinderslot
Kinderslot
Om te voorkomen dat kinderen het apparaat per ongeluk inschakelen of instellingen wijzigen, is het voorzien van een kinderslot.
Het bedieningsveld wordt geblokkeerd en er kan niets worden ingesteld. Het apparaat kan alleen met de toets on/off worden uitgeschakeld.
Activeren en deactiveren
U kunt het kinderslot activeren of deactiveren terwijl het apparaat uitgeschakeld is.
Druk ca. 4 seconden lang op het veld .
Op het display verschijnt een aanwijzing ter bevestiging.
Wanneer het apparaat ingeschakeld is, is het veld rood verlicht. Is het apparaat uitgeschakeld, dan is het veld niet verlicht.
Basisinstellingen
Er zijn verschillende instellingen beschikbaar om uw apparaat optimaal en eenvoudig te kunnen bedienen. U kunt nu deze instellingen naar wens wijzigen:
Basisinstellingen wijzigen
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld met de gewenste instelling. De rode balk aan de zijkant van het tekstveld laat zien welke instelling is gekozen.
Op het display staat de bijbehorende waarde.
- 4. De waarde naar wens met de bedieningsring wijzigen.
- 5. Tip op het tekstveld van de volgende instelling. De bijbehorende waarde verschijnt op het display en kan met de bedieningsring worden gewijzigd.
- 6. De instellingen doorlopen en naar wens wijzigen met de bedieningsring.
Om te bladeren in de instellingen op het tekstveld “Andere instellingen” tippen.
- 7. Ter bevestiging op het veld menu tippen.
Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 8. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Afbreken
Wilt u de instellingen niet opslaan, tip dan op het veld menu en vervolgens op het tekstveld “Niet opslaan”. Er verschijnt een melding op het display dat de eerste instellingen niet opgeslagen zijn.Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Lijst met basisinstellingen
Afhankelijk van de uitvoering van uw apparaat zijn niet alle basisinstellingen beschikbaar.
| Instelling | Keuze |
|---|---|
| Taal | Andere talen mogelijk |
| Tijd | Tijd in 24 h formaat |
| Waterhardheid | 00 (onthard) 01 (zacht) 02 (gemiddeld) 03 (hard) 04 (zeer hard)* |
| Home Connect | WiFi in- en uitschakelen "Home Connect" op pagina 32 |
| Fabrieksinstellingen | Terugzetten Niet terugzetten* |
Pagina 31
Basisinstellingen nl
| Geluidssignaal | Korte duur (30 sec.) Gemiddelde duur (1 min.)* Gemiddelde duur (5 min.) |
| Geluidsvolume | Schaal met 5 standen |
| Toetssignaal | Ingeschakeld Uitgeschakeld* (geluid bij on/off blijft) |
| Display-helderheid | 5 standen |
| Tijdsindicatie | Uit Digitaal* Analoog |
| Verlichting | In gebruik uit In gebruik aan* |
| Automatisch voortzetten | Niet automatisch voortzetten* Bij deur sluiten (Alleen voor de functie Magnetron) |
| Kinderslot | Alleen toetsblokkering* Deurvergendeling en toetsblokkering |
| Werking na inschakelen | Hoofdmenu Verwarmingsmethoden* Magnetron CombiSpeed Assist Stoom |
| Waarschuwing Magnetron bakplaat | Weergeven* Niet weergeven |
| Nachtverduistering | Uitgeschakeld* Ingeschakeld |
| Merklogo | Indicaties* Niet weergeven. |
| Magnetron drogen | Ingeschakeld* Uitgeschakeld |
| Ventilator-nalooptijd | Aanbevolen* Minimaal |
| Sabbatinstelling Ingeschakeld Uitgeschakeld* * Fabrieksinstelling (afhankelijk van het apparaattype kunnen de fabrieksinstellingen afwijken) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
--------
Aanwijzing: Wijzigingen aan de instellingen van de taal, het toetssignaal en de display-helderheid hebben direct effect. Alle andere gaan pas in nadat de instellingen zijn opgeslagen.
Stroomuitval
De door u gewijzigde instellingen blijven ook na een stroomuitval behouden.
Alleen de instellingen voor het eerste gebruik moet u bij een langere stroomonderbreking opnieuw uitvoeren. Het apparaat kan een korte stroomonderbreking overbruggen.
Tijd wijzigen
Wilt u de tijd aanpassen, bijv. veranderen van zomer- in wintertijd, wijzig dan de basisinstelling.
Het apparaat moet ingeschakeld zijn.
- 1. Tip op het veld menu.
Op het display de te kiezen functies.
- 2. Tip op het tekstveld “Basisinstellingen”.
In de touch-displays verschijnen de instellingen.
- 3. Tip op het tekstveld “Tijd”.
Op het display verschijnt de tijd.
- 4. Met de bedieningsring de tijd wijzigen.
- 5. Ter bevestiging op het veld menu tippen. Er wordt gevraagd of de wijzigingen opgeslagen moeten worden.
- 6. Tip op het tekstveld “Opslaan”.
Op het display verschijnt een melding dat de instellingen zijn opgeslagen.
Pagina 32
nl Sabbatinstelling
Sabbatinstelling
Met de sabbatinstelling kunt u een tijdsduur tot 74 uur instellen.De gerechten in de oven blijven warm, zonder dat u deze hoeft in of uit te schakelen.
Sabbatinstelling starten
Voordat u de sabbatinstelling kunt gebruiken, dient u deze in de basisinstelling te activeren.
"Basisinstellingen" op pagina 30
Is de basisinstelling aangepast, dan wordt de sabbatinstelling bij de verwarmingsmethoden als laatste weergegeven.
Het apparaat warmt op met boven- en onderwarmte. Er kan een temperatuur tussen 85 °C en 140 °C worden ingesteld.
De functie Verwarmingsmethoden moet gekozen zijn. De keuzelijst van de verwarmingsmethoden verschijnt in de touch-displays.
- 1. Tip op het tekstveld “Sabbatinstelling”.
Op het display staat de voorgestelde waarde voor de temperatuur wit in de focus.
- 2. Met de bedieningsring de gewenste temperatuur instellen.
- 3. Tip voor de start op het tekstveld “Tijdsduur”. Op het display staat de voorgestelde waarde voor de tijdsduur wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de gewenste tijdsduur instellen.
Aanwijzing: De eindtijd wordt automatisch berekend maar kan niet worden uitgesteld.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur van de sabbatinstelling beëindigd is, klinkt er een signaal. Het apparaat warmt niet meer op. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s.
Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
Aanwijzing: Wanneer u de apparaatdeur opent, wordt de werking niet onderbroken.
Wijzigen en afbreken
Na de start kunnen de instellingen niet meer worden gewijzigd.
Wilt u de sabbatinstelling afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Home Connect
Dit apparaat is geschikt voor Wi-Fi en kan op afstand worden bestuurd met een mobiel apparaat.
Wanneer het apparaat niet is verbonden met het thuisnetwerk, dan werkt het apparaat op dezelfde manier als een oven zonder netwerkverbinding en kan nog steeds worden bediend via het display.
De beschikbaarheid van de Home Connect functie hangt af van de beschikbaarheid van de Home Connect services in uw land. Home Connect services zijn niet in elk land beschikbaar. U kunt meer informatie vinden over dit onderwerp op www.home-connect.com.
Aanwijzingen
- Zorg ervoor dat u veiligheidsinstructies in deze gebruikshandleiding opvolgt en hieraan voldoet, zelfs wanneer u niet thuis bent en het apparaat via de Home Connect app bedient. U moet tevens de instructies in de Home Connect app opvolgen. "Belangrijke veiligheidsvoorschriften" op pagina 5
- Het bedienen van het apparaat direct op het apparaat heeft altijd de prioriteit. Gedurende deze tijd is het niet mogelijk het apparaat te bedienen via de Home Connect app.
Instellen
Om Home Connect voore uw apparaat te installeren, hebt u het volgende nodig:€
- Uw met het stroomnet verbonden en ingeschakeld apparaat,
- een smartphone of tablet met een actuele versie van het iOS of Android besturingssysteem,
- de Home Connect app,
- de meegeleverde Home Connect installatiehandleiding,
- en uw apparaat binnen het bereik van het WLANsignaal van uw thuisnetwerk
De app leidt u door de volledige procedure.Volg de aanwijzingen in de app.
Starten op afstand
Om uw apparaat via de Home Connect app te starten en te bedienen, moet u de start op afstand activeren. Als de start op afstand is gedeactiveerd, kunt u alleen de bedrijfstoestanden in de Home Connect app weergeven en toestelinstellingen uitvoeren.
Aanwijzing: Sommige functies kunt u alleen aan de bakoven starten.
De start op afstand wordt automatisch gedeactiveerd:
- als u de ovendeur 15 minuten na activering op afstand opent.
- als u de ovendeur 15 minuten na gebruikseinde opent.
Wanneer u de ovenfunctie direct aan het apparaat start, wordt automatisch Starten op afstand geactiveerd. Hiermee kunt u wijzigingen aan het mobiele eindapparaat uitvoeren of een nieuw programma starten.
Pagina 33
Home Connect nl
Start op afstand activeren
- 1. Tip op het veld menu.
- 2. Tip op het tekstveld “Starten op afstand”. Op het display verschijnt
Home Connect instellingen
U kunt Home Connect op elk moment aan uw wensen aanpassen.
Aanwijzing: U vindt de Home Connect instellingen in de basisinstellingen van uw apparaat. Welke instellingen het display toont, hangt ervan af of Home Connect geïnstalleerd is en of het apparaat met het thuisnetwerk is verbonden.
| Basisinstelling | Mogelijke instellingen | Toelichting |
|---|---|---|
| WiFi | Inschakelen/uitschakelen | U kunt de draadloze module in- en uitschakelen.Is Wi-Fi geactiveerd, kunt u de Home Connect functie gebruiken. Bij de functie gereed voor bedrijf heeft het apparaat max. 2 W nodig. |
| Netwerk | Met netwerk verbinden/van het netwerk loskoppelen | Netwerkverbinding indien nodig (bijv. bij vakantie) in- of uitschakelen. De netwerkgegevens blijven na het uitschakelen behouden.Na het inschakelen enkele seconden wachten tot het apparaat opnieuw met het netwerk is verbonden. |
| Met app verbinden | Verbindingsprocedure tussen app en apparaat starten. | |
| Afstandbediening | aan / uit | Met de Home Connect app toegang tot de functies van het apparaat verkrijgen. Indien gedeactiveerd, worden in de app alleen de bedrijfstoestanden van het apparaat weergegeven. |
| Apparaatinfo | Het display toont netwerk- en apparaatinformatie. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
Afstandsdiagnose
Bij storingen kan de servicedienst toegang tot uw apparaat krijgen om een diagnose op afstand uit te voeren.
Neem contact op met de servicedienst en zorg ervoor dat uw apparaat met de Home Connect-server is verbonden. Controleer of de dienst diagnose op afstand in uw land beschikbaar is.
Aanwijzing: Ga voor meer informatie naar Help & Support op de Home Connect-website van uw land: www.home-connect.com. Daar kunt u ook zien of de dienst diagnose op afstand in uw land beschikbaar is.
Aanwijzing voor gegevensbeveiliging
Wanneer het apparaat voor de eerste keer wordt verbonden met een WLAN-netwerk dat op het internet is aangesloten, geeft het de volgende gegevenscategorieën door aan de Home Connect server (eerste registratie):
- Eenduidige identificatie van het apparaat (bestaande uit apparaatsleutels en het MAC addres van de gewijzigde Wi-Fi communicatiemodule).
- Veiligheidscertificaat van de Wi-Fi communicatiemodule (voor de informatietechnische beveiliging van de verbinding).
- De actuele software- en hardwareversie van uw huishoudelijke apparaat.
- Status van een eventuele eerdere reset naar de fabrieksinstellingen.
Bij de eerste registratie wordt het gebruik van de Home Connect functionaliteiten voorbereid. Deze registratie dient pas te worden uitgevoerd op het moment dat u voor het eerst van de Home Connect functionaliteiten gebruik wilt maken.
Aanwijzing: Houd er rekening mee dat de Home Connect functionaliteiten alleen kunnen worden gebruikt in verbinding met de Home Connect app. Informatie over gegevensbeveiliging kan in de Home Connect app worden opgevraagd.
Conformiteitsverklaring
Hierbij verklaart Robert Bosch Hausgeräte GmbH dat het apparaat met Home Connect functionaliteit voldoet aan de fundamentele vereisten en de overige toepasselijke bepalingen van de richtlijn 2014/53/EU.
Een uitvoerige RED conformiteitsverklaring vindt u op het internet onder www.bosch-home.com op de productpagina van uw apparaat bij de aanvullende documenten.
2,4 GHz band: 100 mW max. 5 GHz band: 100 mW max.
| BE BG CZ DK | DE | EE | IE | EL |
|---|---|---|---|---|
| • ES FR HR IT | CY | LV | LT | LU |
| HU MT NL AT | PL | PT | RO | SI€ |
| SK FI SE UK NO CH 5 GHz WLAN (Wi-Fi): alleen voor het gebruik binnenshuis | TR | |||
Pagina 34
nl Schoonmaakmiddelen
Schoonmaakmiddelen
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen we uit hoe u het apparaat goed onderhoudt en schoonmaakt.
Geschikte schoonmaakmiddelen
Let op de opgaven in de tabellen om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen worden beschadigd. Afhankelijk van het apparaattype zijn bij uw apparaat niet alle voorzieningen beschikbaar.
Attentie!
Oppervlakteschade
Gebruik geen
- scherpe of schurende schoonmaakmiddelen,
- sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen,
- harde schuur- of schoonmaaksponsjes,
- hogedrukreiniger of stoomreiniger of
- speciale schoonmaakmiddelen voor de warmtereiniging.
Was nieuwe vaatdoekjes voor gebruik grondig uit.
Tip: Bijzonder aanbevelenswaardige schoonmaak- en verzorgingsmiddelen kunt u kopen bij de servicedienst. Houd u aan de betreffende aanwijzingen van de fabrikant.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Het toestel wordt zeer heet. Nooit de hete vlakken in de binnenruimte of verwarmingselementen aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
| Bereik | Schoonmaken |
|---|---|
| Buitenzijde apparaat | |
| Voorzijde van roestvrij staal | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk, vet, zetmeel en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan corrosie ontstaan. Bij de servicedienst of in de vakhandel zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar die geschikt zijn voor warme oppervlakken. Het schoonmaakmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek. |
| Knststof | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. |
| Gelakte oppervlakken | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
| Bedieningspaneel | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Als er ontkalkingsmiddel op het bedieningspaneel komt, dit direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden. |
| Ruiten van de deur | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen schraper of schuursponsjes van roestvrij staal gebruiken. |
| Deurgreep | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden. |
| Binnenzijde apparaat | |
| Emaillen vlakken | Warm zeepsop of water met azijn: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. Attentie! Nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte gebruiken. Er kan schade aan het email ontstaan. Vóór het volgende opwarmen resten uit de binnenruimte en van de toesteldeur volledig verwijderen. De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen. Het beste de reinigingsfunctie gebruiken. "Reinigingsfunctie" op pagina 36 Aanwijzing: Door levensmiddelresten kan witte aanslag ontstaan. Deze zijn ongevaarlijk en hebben geen invloed op de werking. Zo nodig verwijderen met citroenzuur. |
| Glazen kapje van de binnenruimteverlichting | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken. |
| Deurafscherming | van roestvrijstaal: Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. van kunststof: Met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen. Met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger of schraper gebruiken. Deurafscherming afnemen om hem schoon te maken. |
Pagina 35
Schoonmaakmiddelen nl
| Ramen van roestvrij staal aan de binnenkant van de deur | Reinigingsmiddelen voor roestvrij staal: Neem de aanwijzingen van de fabrikant in acht. Verkleuringen kunnen hier niet mee worden verwijderd. Geen schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal gebruiken. |
| Rekjes | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. |
| Uittreksysteem | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Verwijder het smeervet niet van de uitschuifrails. U kunt ze het beste reinigen wanneer ze ingeschoven zijn. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
| Accessoires | Warm zeepsop: Laten weken en reinigen met een schoonmaakdoekje of borstel. Bij sterke verontreiniging een schuursponsje van edelstaal gebruiken. Geëmailleerde accessoires kunnen in de vaatwasser worden gedaan. |
| Watertank | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje reinigen en grondig naspoelen met schoon water, om resten van schoonmaakmiddel te verwijderen. Met een zachte doek nadrogen. Met het deksel eraf laten drogen. Dichting van het deksel na gebruik droogwrijven. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
| Braadthermometer | Warm zeepsop: Met een schoonmaakdoekje of borstel schoonmaken. Niet afwassen in de vaatwasmachine. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
--------
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen.Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Apparaat schoon houden
Om te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen.
Waarschuwing – Risico van brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Tips
- De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden.
- Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk.
- Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken.
- Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan.
Pagina 36
nl Reinigingsfunctie
Reinigingsfunctie
Uw apparaat beschikt over de functies "Ovenreiniging" en ''Ontkalken''.Met de functie Ovenreiniging kunt u de binnenruimte moeiteloos schoonmaken. Met de functie Ontkalken verwijdert u kalk uit de verdamper.
Ovenreiniging
Reinig de binnenruimte met de reinigingsfunctie "ovenreiniging".
U kunt drie reinigingsstanden kiezen.
| Stand | Reinigingsgraad | Tijdsduur |
|---|---|---|
| 1 | licht | ca. 1 uur, 15 min. |
| 2 | gemiddeld | ca. 1 uur, 30 min. |
| 3 | intensief | ca. 2 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Hoe sterker en ouder de verontreiniging, des te hoger de reinigingsstand moet zijn. Het is voldoende wanneer u de binnenruimte om de twee tot drie maanden reinigt. Zo nodig kunt u het ook vaker doen. Voor het reinigen zijn ca. 2,5-4,7 kilowattuur nodig.
Aanwijzingen
- Voor uw veiligheid vergrendelt de apparaatdeur vanaf een bepaalde temperatuur automatisch. Hij kan pas weer worden geopend wanneer het vergrendelingssymbool van het display verdwenen is.
- De verlichting van de binnenruimte is tijdens de reiniging niet aan.
Waarschuwing
Gevaar voor verbranding!
Risico van
- De binnenruimte wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur openen. Het apparaat laten afkoelen.Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- verbranding!• De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Waarschuwing
Gezondheidsrisico!
De reinigingsfunctie warmt de binnenruimte tot een heel hoge temperatuur op zodat resten van braden, grillen en bakken verbranden.Hierbij komen dampen vrij die tot irritaties van de slijmvliezen kunnen leiden. Tijdens de reinigingsfunctie de keuken grondig ventileren. Niet gedurende langere tijd in de ruimte verblijven. Kinderen en huisdieren uit de buurt houden. Ook bij tijduitstel met verplaatste eindtijd de aanwijzingen in acht nemen.
Voor de reiniging
Attentie!
Neem de watertank voor de start van de reiniging uit het apparaat. "Stoom" op pagina 22
Bij de reiniging kunt u de rekjes en uitschuifbare onderdelen mee reinigen. Verwijder grove verontreiniging altijd voor de reiniging.
Neem de toebehoren en vormen uit de binnenruimte. Alleen zo bereikt u een goed reinigingsresultaat in de volledige binnenruimte.
Maak de apparaatdeur en de randvlakken van de binnenruimte bij de deurdichting schoon. De dichting niet schuren en niet afnemen!
De deurbinnenruit met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje reinigen. Drogen met een zachte doek. Bij sterke vervuiling ovenspray gebruiken.
Waarschuwing
Risico van brand!
Risico van
- Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen tijdens de reiniging vlam vatten. Verwijder voordat de reiniging start altijd de grove verontreiniging uit de binnenruimte. Geen accessoires meereinigen.
Risico van
- brand!De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit brandbare voorwerpen, zoals bijv. droogdoeken, aan de deurgreep hangen. De voorzijde van het apparaat vrij houden. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
- brand!Bij beschadigde deurafdichting ontsnapt grote hitte in het bereik van de deur. De dichting niet schuren en niet afnemen.Nooit het apparaat met beschadigde afdichting of zonder afdichting gebruiken;
Waarschuwing – Ernstig gezondheidsrisico!
De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. De antiaanbaklaag van bakplaten en vormen wordt aangetast en er ontstaan giftige gassen. Bij gebruik van de reinigingsfunctie nooit platen en vormen met een antiaanbaklaag meereinigen. In het algemeen geen accessoires meereinigen.
Reinigingsfunctie instellen
Let erop dat u alvorens de reinigingsfunctie in te stellen alle aanwijzingen voor de voorbereiding opvolgt.
De tijdsduur voor elke reinigingsstand staat vast en kan niet meer veranderd worden.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 3. Op het tekstveld op “Ovenreiniging” tippen. Op het display staat de reinigingsstand wit in de focus.
- 4. Met de bedieningsring de reinigingsstand instellen. De eindtijd wordt automatisch berekend.
- 5. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. De opwarmlijn verschijnt niet bij de reinigingsfunctie.
De reinigingsfunctie start.
Zorg ervoor dat de keuken geventileerd wordt zolang de reiniging loopt.
Kort na de start vergrendelt de apparaatdeur.Op het display verschijnt een aanwijzing en het symbool verschijnt.
Wanneer de reiniging beëindigd is, klinkt er een signaal. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s. Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
De apparaatdeur kan pas weer worden geopend wanneer het vergrendelingssymbool verdwenen is.
Pagina 37
Reinigingsfunctie nl
De eindtijd op een later tijdstip zetten
U kunt de eindtijd uitstellen.Voor de start op het tekstveld “Einde” tippen en met de bedieningsring de eindtijd uitstellen.
Na de start gaat het apparaat in de wachtstand.De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd.
Wijzigen en afbreken
Na de start kan de reinigingsstand niet meer veranderd worden.
Wilt u de reinigingsfunctie afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
De apparaatdeur blijft vergrendeld tot het vergrendelingssymbool van het display verdwenen is.
Na de reiniging
Wanneer de binnenruimte afgekoeld is, neemt u de achtergebleven as in de binnenruimte, de rekjes en de apparaatdeur, af met een vochtig doekje.
Neem de uitschuifbare delen af met een vochtige doek. Schuif ze daarna meerdere keren in en uit. Na de reiniging kunnen nog verkleuringen op de uitschuifbare delen te zien zijn.Dit heeft geen invloed op de werking.
Aanwijzingen
- Tijdens de reiniging verkleurt de omlijsting aan de binnenkant van de apparaatdeur. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De verkleuring kan alleen met een schoonmaakmiddel voor roestvrij staal worden verwijderd.
- Als gevolg van een te grote verontreiniging kan er een witte aanslag ontstaan op de emaillen oppervlakken. Het zijn resten van levensmiddelen en deze kunnen geen kwaad. De werking wordt hierdoor niet beïnvloed.U kunt de voedselresten zo nodig met citroenzuur verwijderen.
Ontkalken
Voor een goede werking dient u het apparaat regelmatig te ontkalken.
Het ontkalken gebeurt in een paar stappen. Om hygiënische redenen is het apparaat pas weer gebruiksklaar nadat het ontkalken helemaal voltooid is. In totaal duurt het ontkalken ca. 70 - 95 minuten.
- Ontkalken (ca. 55 - 70 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en vul hem opnieuw
- Eerste keer spoelen (ca. 9 - 12 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en vul hem opnieuw
- Tweede keer spoelen (ca. 9 - 12 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en droog hem
Wordt het ontkalken onderbroken (bijv. door een stroomonderbreking of uitschakeling van het apparaat), dan wordt u nadat het apparaat opnieuw ingeschakeld is gevraagd om twee keer te spoelen. Tot aan het einde van de tweede spoelcyclus blijft het apparaat geblokkeerd voor andere toepassingen.
Hoe vaak het apparaat moet worden ontkalkt, hangt af van de waterhardheid van het gebruikte water. Zodra er nog 5 of minder keer stoom kan worden gebruikt, wordt op het display vermeld dat u dient te ontkalken. Het aantal keren dat gebruik met stoom nog mogelijk is, wordt na het inschakelen weergegeven. Zo kunt u het ontkalken op tijd voorbereiden.
Starten
Attentie!
- Schade aan het apparaat: gebruik voor het ontkalken uitsluitend het door ons aanbevolen vloeibare ontkalkingsmiddel. De inwerkingstijden tijdens het ontkalken zijn afgestemd op het ontkalkingsmiddel.Andere ontkalkingsmiddelen kunnen schade aan het apparaat veroorzaken. Ontkalkingsmiddel bestelnr. 311 680
- Ontkalkingsoplossing: zorg ervoor dat er geen ontkalkingsoplossing of ontkalkingsmiddel op het bedieningspaneel of andere oppervlakken van het apparaat komt. De oppervlakken raken dan beschadigd. Gebeurt dit toch, verwijder de ontkalkingsoplossing dan direct met water.
Wanneer u voor het ontkalken een functie met stoom heeft gebruikt, dient u het apparaat eerst uit te schakelen. Dan kan het restwater uit het stoomsysteem worden gepompt.
- 1. 400 ml water en 200 ml vloeibaar ontkalkingsmiddel mengen tot een ontkalkingsoplossing.
- 2. Met de toets on/off starten.
- 3. Watertank verwijderen en vullen met de ontkalkingsoplossing.
- 4. De met de ontkalkingsoplossing gevulde watertank volledig inschuiven.
- 5. Paneel sluiten
- 6. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 7. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 8. Tip op het tekstveld “Ontkalken”.
De duur van het ontkalken wordt weergegeven.Deze kan niet worden veranderd.
- 9. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat wordt ontkalkt. De tijdsduur loopt af op het display.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.
Eerste keer spoelen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank verwijderen, grondig omspoelen, vullen met water en weer inschuiven.
- 3. Paneel sluiten
- 4. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat spoelt.
Wanneer de tijdsduur afgelopen is, klinkt er een signaal.
Tweede keer spoelen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank verwijderen, grondig omspoelen, vullen met water en weer inschuiven.
- 3. Paneel sluiten
- 4. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat spoelt.
Wanneer de tijdsduur afgelopen is, klinkt er een signaal.
Nareinigen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank leegmaken en drogen.
- 3. Met de toets on/off het apparaat uitschakelen. Het ontkalken is afgesloten en het apparaat is weer klaar voor gebruik.