naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch COA565GS0, tekst van de handleiding

Pagina's 169–179 van 192 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 157–168verder op pagina 180 →

Pagina 169

Reiniging en onderhoud nl

LET OP!

Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.

Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.

In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u lezen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.

16.3 Apparaat reinigen

Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.

‒ De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.

‒ Droog na met een zachte doek.

16.4 Voorzijde van het apparaat reinigen

LET OP!

Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het apparaat beschadigen.

Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.

Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de vakhandel.

16.5 Bedieningspaneel reinigen

LET OP!

Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel beschadigen.

16.6 Ruiten van de deur schoonmaken

LET OP!

Ondeskundige reiniging kan de deurruiten beschadigen.

Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte.

16.7 Deurgreep reinigen

Opmerking: Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden.

Pagina 170

nl Reinigingsfunctie

16.8 Deurafdichting reinigen

LET OP!

Ondeskundige reiniging kan de deurafdichting beschadigen.

16.9 Roestvrijstalen oppervlakken reinigen

16.10 Binnenruimte reinigen

LET OP!

Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadigen.

Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden altijd een lepel er in plaatsen.

16.11 Accessoires reinigen

Gebruik bij sterke verontreiniging een RVS-spiraalspons of ovenreiniger.

16.12 Opvangbakje reinigen

LET OP!

Hitte kan het opvangbakje beschadigen.

16.13 Watertank reinigen

16.14 Tankschacht reinigen

16.15 Stoomuitlaat in de binnenruimte reinigen

17 Reinigingsfunctie

Gebruik de reinigingsfunctie om het apparaat te reinigen.

17.1 Ontkalken

Voor een goede werking dient u het apparaat regelmatig te ontkalken.

Hoe vaak het ontkalkt moet worden is afhankelijk van de waterhardheid en het aantal keren dat er stoom is gebruikt. Het apparaat toont u via op het display als

de stoomfunctie nog 5 keer of minder kan worden gebruikt. Als u het ontkalken niet uitvoert, kunt u geen werking met stoom meer instellen.

Het ontkalken duurt in het totaal ca. 32 minuten. Het ontkalken gebeurt in twee automatische stappen.

Voer om hygiënische redenen het ontkalken volledig uit.

Pagina 171

Storingen verhelpen nl

Als u het ontkalken onderbreekt, kunt u geen werking met stoom meer instellen. Om ervoor te zorgen dat het apparaat weer klaar is voor gebruik dient u een spoelcyclus uit te voeren.

Ontkalken starten

Het ontkalken van uw apparaat duurt ca. 31 minuten.

LET OP!

Niet aanbevolen ontkalkingsmiddelen kunnen schade aan het apparaat veroorzaken

Wanneer er kalkoplosmiddel op het bedieningspaneel of andere gevoelige oppervlakken terechtkomt raken deze beschadigd.

‒ 250 ml water en 50 ml vloeibaar ontkalkingsmiddel tot een ontkalkingsoplossing mengen of een ontkalkingstablet, gewicht 18 g, 5 minuten lang in 250 ml water oplossen.

Ontkalkingsmiddel, vloeibaar (bestelnummer 00311680): mengverhouding 1:5, 50 ml ontkalker met 250 ml water mengen.

Ontkalkingstabletten (bestelnummer 00311975): een ontkalkingstablet, gewicht 36 g, 5 minuten lang in 500 ml water oplossen.

17.2 Spoelen

Als u de stoomfunctie langere tijd niet hebt gebruikt, ontkalk en spoel dan het apparaat.

Om uw apparaat schoon te houden, kunt u water door het buissysteem pompen. Het apparaat laat vervolgens het water in het opvangbakje lopen.

Opmerking: Na het spoelen kunnen er zich opgeloste kalkdeeltjes in het opvangbakje bevinden. Dit is normaal en beïnvloedt de werking niet.

Spoelcyclus uitvoeren

18 Storingen verhelpen

Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.

WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.

Pagina 172

nl Storingen verhelpen

18.1 Functiestoringen

StoringOorzaak en probleemoplossing
Apparaat werkt niet.Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken.
▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet.
De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden.
▶ Controleer de zekering in de meterkast.
Stroomvoorziening is uitgevallen.
▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Storing
1. Zekering in zekeringkast uitschakelen.
2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen.
• Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding.
3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door.
→ "Servicedienst", Pagina 174
Deur is niet helemaal gesloten.
▶ Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten.
Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld.Kinderslot is geactiveerd.
▶ Druk zo lang op tot uitgaat.
Verlichting van de binnenruimte werkt niet.LED-lampje is defect.
▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst.
Op het display knippert 12:00 en het symbool brandt.Stroomvoorziening is uitgevallen.
▶ Stel de tijd opnieuw in.
→ "Tijd instellen", Pagina 167
Het toestel is niet in gebruik. Op het display wordt een tijdsduur weergegeven.werd niet ingedrukt.
▶ Druk op .
De magnetron werkt niet.Deur is niet helemaal gesloten.
▶ Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten.
werd niet ingedrukt.
▶ Druk op .
De gerechten worden langzamer warm dan voorheen.Magnetronvermogen is te laag ingesteld.
▶ Stel een hoger magnetronvermogen in. → Pagina 158
Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan.
▶ Stel een langere tijdsduur in.
Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig.
Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk.
▶ Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om.
Magnetronfunctie breekt af.Apparaat heeft een storing.
▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst.
Het apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt.De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen.
1. Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen.
2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de basisinstellingen → Pagina 167.
Symbolen voor watertank en opvangbakje knipperen voortdurend.Technisch probleem
1. Zorg ervoor dat de watertank en het opvangbakje volledig in de betreffende tankschacht zijn geschoven.
2. Blijven de symbolen knipperen, bel dan de servicedienst.
Opmerking: U kunt het apparaat verder gebruiken, behalve de stoomfunctie.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 172)

Pagina 173

Afvoeren nl

StoringOorzaak en probleemoplossing
De warme lucht of stoom ontsnapt via de deur.Geen storing. Koelventilator van het apparaat draait.
▶ Geen handeling vereist.
Ventilator draait ook na het gebruik nog een korte periode na. Het apparaat wordt door de ventilator beschermd tegen oververhitting.
Koelventilator draait ook na het gebruik na.Apparaat moet na het gebruik worden gekoeld.
▶ Geen handeling vereist.
Ventilator draait ook na het gebruik nog een korte periode na. Het apparaat wordt door de ventilator beschermd tegen oververhitting.
Koelventilator draait bij geopende deur.Apparaat moet tijdens en na het gebruik worden gekoeld.
▶ Geen handeling vereist.
Alle kookfuncties worden bij het openen van de deur gestopt.
Stoom is niet zichtbaar in de heteluchtfunctie en grill-combinatiefunctie.Stoom is niet in elk temperatuurbereik zichtbaar. Hoe heter de stoom is, des te minder deze zichtbaar is.
▶ Geen handeling vereist.
Opvangbakje is na stoomfunctie leeg.Bij normale stoomfunctie en stoomcombifunctie wordt het condenswater van de glasplaat op de bodem en in de grijze druipgoot in de bodemplaat opgevangen. Dit komt niet in het opvangbakje.
▶ Geen handeling vereist.
Het opvangbakje dient alleen voor de spoelprocedure en de ontkalkingsprocedure, niet voor de gewone stoomfunctie en stoomcombifunctie.
Er zitten witte kalkdeeltjes in het opvangbakje.Tijdens het spoelen of ontkalken komen kleine kalkdeeltjes uit de boiler los.
1. Controleer de instelling van de waterhardheid.
2. Voer de ontkalking in de opgegeven intervallen uit.
▶ Ontkalk het apparaat zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing van het apparaat.
Laag waterverbruik in de combinatiefunctie. In het bijzonder bij combinatiefunctie met 3 functies.In de stoom combinatiefunctie, met name bij combinatiefunctie met 3 functies, kan het voorkomen dat er deels slechts weinig stoom wordt gebruikt. Zodoende wordt er slechts weinig water uit de schoonwatertank verbruikt.
▶ Geen handeling vereist.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 173)

18.2 Aanwijzingen op het display

StoringOorzaak en probleemoplossing
Melding E0532 verschijnt op het displayDoor vuil op het bedieningspaneel is het touchveld voortdurend actief.
1. Schakel het apparaat uit.
2. Reinig het bedieningspaneel.
3. Schakel het apparaat weer in.
▶ Als deze fout onmiddellijk na het inschakelen weer optreedt, neem dan contact op met de servicedienst.
Melding E5005 verschijnt op het displayDe stoomfunctie werd bij het legen van de watertank meerdere malen geactiveerd.
▶ Zorg er voordat u het apparaat weer gaat gebruiken voor dat de watertank met koud water gevuld is en volledig in de tankschacht is geschoven.
▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 173)

19 Afvoeren

19.1 Afvoeren van uw oude apparaat

Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.

Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.

Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).

De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.

Pagina 174

nl Servicedienst

20 Servicedienst

Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen. Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.

Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.

De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.

Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse D. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.

20.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)

Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.

Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.

21 Zo lukt het

Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.

21.1 Zo kunt u het best te werk gaan

Hier vertellen we u hoe u als beste stap voor stap optimaal kunt profiteren van het insteladvies. U krijgt informatie over vele gerechten met informatie en tips, zoals hoe u het apparaat handmatig ideaal kunt gebruiken en instellen.

Opmerking: Voor een selectie van gerechten beschikt uw apparaat geprogrammeerde instellingen. Wanneer u zich door het apparaat wilt laten leiden, gebruik dan de automatische programma's.

→ "Automatische programma's", Pagina 163

Gebruik de vormen en accessoires welke in het insteladvies zijn aangegeven.

Gebruik kookgerei en accessoires die geschikt zijn voor het type bereiding.

→ "Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron", Pagina 157

Gebruik de originele accessoires die bij uw apparaat horen. Deze zijn optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.

De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.

Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden gebakken. Deze zijn in de tabel aangegeven.

Maakt u iets klaar volgens eigen recept, neem dan soortgelijke gerechten als basis. Aanvullende informatie vindt u onder de tips na de insteltabellen. Bij de magnetronfunctie stelt u de langste tijd in die aangegeven staat en controleert u het gerecht na de kortste tijd.

Zorg er bij het begin voor dat de watertank bij toepassingen met stoom gevuld is.

Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.

De temperatuurgegevens en de tijdsopgaven in de tabellen zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Stel de volgende keer zo nodig een hogere waarde in.

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.

Schakel het apparaat uit wanneer het gerecht klaar is.

Pagina 175

Zo lukt het nl

21.2 Algemene aanwijzingen voor de bereiding

Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.

Condensvorming

Bij de bereiding van levensmiddelen kan er veel waterdamp ontstaan in de binnenruimte.

Omdat het apparaat zeer energie-efficiënt is, komt er tijdens het gebruik slechts weinig warmte naar buiten. Door de hoge temperatuurverschillen tussen de binnenruimte van het apparaat en de buitenste apparaatonderdelen kan condensvorming optreden bij de apparaatdeur, het bedieningspaneel of aangrenzende meubelfronten. De vorming van condens is een normaal natuurkundig verschijnsel.

Als u het apparaat voorverwarmt of de deur voorzichtig opent, vermindert u de condensvorming.

Bereiding met gebruik van stoom of met een stoomverwarmingsmethode leidt tot veel waterdamp in de binnenruimte. Veeg de binnenruimte droog nadat het apparaat is afgekoeld.

Bakvormen

Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.

Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en de producten bruinen niet gelijkmatig.

Wilt u vormen van silicone gebruiken, raadpleeg dan de informatie van de fabrikant om te zien of ze geschikt zijn voor gebruik met stoom en de magnetron. Zie ook de opgaven en recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De hoeveelheid- en receptgegevens kunnen afwijken.

Bakpapier

Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd op maat.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Bij het openen van de apparaatdeur ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.

21.3 Tips voor een acrylamide-arme bereiding

Acrylamide is schadelijk voor de gezondheid en ontstaat wanneer u graanproducten en aardappelproducten bij zeer grote hitte bereidt.

GerechtTip
Algemeen• Houd de bereidingstijden zo kort mogelijk
• Gerechten goudbruin en niet een te donkere kleur laten krijgen.
• Gebruik grote, dikke producten. Deze bevatten minder acrylamide.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)

GerechtTip
Gebak en koekjes• De temperatuur bij hete lucht op max.
180°C instellen.
• Gebak en koekjes met ei of eigeel bestrijken. Dit vermindert de vorming van acrylamide.
Oven-frites• Frites gelijkmatig en in één laag over de plaat verdelen.
• Minstens 400 g per plaat bakken, zodat de frites niet uitdrogen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)

21.4 Tips om te ontdooien en op te warmen

Neem deze tips in acht voor goede resultaten bij het ontdooien en opwarmen.

VraagTip
Het gerecht moet na het verstrijken van de tijdsduur ontdooid, heet of gaar zijn.Stel een langere tijdsduur in. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig.
Het gerecht mag na het verstrijken van de tijdsduur aan de rand niet oververhit zijn en in moet in het midden gaar zijn.• Het gerecht tussendoor omroeren.
• Een lager magnetronvermogen en een langere tijdsduur instellen.
Gevogelte of vlees mag na het ontdooien niet alleen van buiten gebakken, maar in het midden nog bevroren zijn.• Een lager magnetronvermogen instellen.
• Het te ontdooien gerecht bij grote hoeveelheden meerdere malen keren.
Het gerecht mag niet te droog zijn.• Een lager magnetronvermogen instellen.
• Een kortere tijdsduur instellen.
• Gerecht afdekken.
• Meer vloeistof toevoegen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)

21.5 Ontdooien

Met uw apparaat kunt u diepvriesproducten ontdooien.

Gerechten ontdooien

Gevoelige delen kunt u met een klein stuk aluminiumfolie afdekken, bijv. kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken. De folie mag de wanden van het apparaat niet raken.

Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.

De vloeistof tijdens het keren verwijderen en in geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking laten komen.

Pagina 176

nl Zo lukt het

Grote stukken meerdere malen keren.

Bij gevogelte kunt u de ingewanden verwijderen. Het vlees kunt u ook met een kleine bevroren kern verder verwerken.

Insteladviezen voor het ontdooien

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeMagnetronstand in WTijdsduur in min.
Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 800 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 15¹
2. 15-25¹
Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 1000 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 15¹
2. 25-35¹
Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 1500 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 20¹
2. 25-35¹
Vlees in stukken of plakken, 200 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 5²
2. 4-6²
Vlees in stukken of plakken, 500 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 10²
2. 5-10²
Vlees in stukken of plakken, 800 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 10²
2. 10-15²
Gehakt, gemengd, 200 g³Open vorm09015¹, 4
Gehakt, gemengd, 500 g³Open vorm01. 180
2. 90
1. 5¹, 5
2. 10-15¹, 5
Gehakt, gemengd, 800 g³Open vorm01. 180
2. 90
1. 10¹, 5
2. 15-20¹, 5
Gevogelte of stukken gevogelte, 600 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 5⁶
2. 10-15⁶
Gevogelte of stukken gevogelte, 1200 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 10⁶
2. 20-25⁶
Eend, 2000 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 20¹, 6
2. 30-40¹, 6
Gans, 4500 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 30⁷, 6
2. 60-80⁷, 6
Visfilet, viskotelet of plakken, 400 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 5⁸
2. 10-15⁸
Hele vis, 300 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 3
2. 10-15
Hele vis, 600 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 8
2. 15-25
Groente, bijv. erwten, 300 gOpen vorm018010-15⁹
Groente, bijv. erwten, 600 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 10⁹
2. 9-15⁹
Fruit, bijv. frambozen, 300 g 1 Het voedsel herhaaldelijk keren.Open vorm01807-10⁹, 8

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 176)

2 Maak bij het keren de stukken vlees van elkaar los.

3 Het voedsel vlak invriezen.

4 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.

5 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.

6 Verwijder de ontdooivloeistof.

7 Keer de voedingswaar elke 20 minuten.

8 Maak de ontdooide delen van elkaar los.

9 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.

10 De verpakking volledig verwijderen.

11 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.

12 De stukken gebak van elkaar scheiden.

Pagina 177

Zo lukt het nl

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeMagnetronstand in WTijdsduur in min.
Fruit, bijv. frambozen, 500 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 8⁹, 8
2. 5-10⁹, 8
Boter ontdooien, 125 g¹⁰Open vorm0906-8
Boter ontdooien, 250 g¹⁰Open vorm01. 180
2. 90
1. 2
2. 3-5
Brood, heel, 500 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 3
2. 10-15
Brood, heel, 1000 gOpen vorm01. 180
2. 90
1. 5
2. 15-25
Gebak, droog, bijv. cake, 500 g¹¹,
12
Open vorm09010-15
Gebak, droog, bijv. cake, 750 g¹¹,
12
Open vorm01. 180
2. 90
1. 3
2. 10-15
Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 500 g¹¹Open vorm01. 180
2. 90
1. 5
2. 15-25
Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 750 g¹¹ 1 Het voedsel herhaaldelijk keren.Open vorm01. 180
2. 90
1. 7
2. 15-25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 177)

2 Maak bij het keren de stukken vlees van elkaar los.

3 Het voedsel vlak invriezen.

4 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.

5 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.

6 Verwijder de ontdooivloeistof.

7 Keer de voedingswaar elke 20 minuten.

8 Maak de ontdooide delen van elkaar los.

9 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.

10 De verpakking volledig verwijderen.

11 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.

12 De stukken gebak van elkaar scheiden.

21.6 Opwarmen

Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen.

Diepgevroren gerechten opwarmen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.

Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Levensmiddelen niet over elkaar heen leggen.

De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.

Insteladviezen voor het opwarmen van diepgevroren gerechten

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeMagnetronstand in WTijdsduur in min.
Soep, diepvries, 400 gGesloten servies06008-15
Eenpansgerecht, diepvries, 500 gGesloten servies06008-13

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 177)

1 Bij het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken.

2 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.

3 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.

4 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water.

5 Roer het gerecht tussendoor om.

Pagina 178

nl Zo lukt het

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeMagnetronstand in WTijdsduur in min.
Eenpansgerecht, diepvries, 1000 gGesloten servies060020-25
Menu, bordgerecht, kant-en-klaargerecht met 2-3 componenten, diepvries, 300-400 gGesloten servies060011-15
Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, diepvries, 500 gGesloten servies060012-17¹
Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, diepvries, 1000 gGesloten servies060025-30¹
Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni, diepvries, 450 gGesloten servies060010-15
Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, diepvries, 250 g²Gesloten servies06002-5
Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, diepvries, 500 g²Gesloten servies06008-10
Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen, diepvries, 300 g³Gesloten servies06008-10
Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen, diepvries, 600 g³Gesloten servies060014-17
Spinazie à la crème, diepvries, 500 g⁴Gesloten servies060011-16⁵

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 178)

1 Bij het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken.

2 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.

3 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.

4 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water.

5 Roer het gerecht tussendoor om.

Gerechten opwarmen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.

LET OP!

Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.

Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Levensmiddelen niet over elkaar heen leggen.

De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.

Pagina 179

Zo lukt het nl

Insteladviezen voor het opwarmen

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwarmingsmethodeMagnetronstand in WStoomstandTijdsduur in min.
Babyvoeding, bijv. flesjes melk, 150 ml¹Open vorm0360-0,5-1,5², 3
Dranken, 200 ml⁴Open vorm01000-1-2⁵, 6
Dranken, 500 ml⁴Open vorm01000-4-5⁵, 6
Soep, 2 koppen à 175 gOpen vorm0600-3-4
Soep, 4 koppen à 175 gOpen vorm0600-6-8
Stukken vis of vlees in saus, 500 g⁷Gesloten servies0600-7-10
Menu, bordgerecht, kant- en-klaargerecht met 2-3 componenten, 400 gOpen vorm0+36039-14
Eenpansgerecht, 400 gGesloten servies3600-6-8
Eenpansgerecht, 800 gGesloten servies0600-8-11
Groente, 150 gOpen vorm3+36033-5
Groente, 300 gOpen vorm3+36034-7

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 179)

1 Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen.

2 Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden.

3 Beslist de temperatuur controleren.

4 Doe een lepel in het glas.

5 Alcoholische dranken niet verwarmen.

6 Het voedsel tussendoor controleren.

7 De lapjes vlees van elkaar scheiden.

21.7 Brood en broodjes

Met uw apparaat kunt u brood en broodjes bakken.

Bereidingsadviezen voor diepvriesproducten

Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.

Insteladviezen voor brood en broodjes

VoedingswaarAccessoires / vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CGrillstandStoomstandTijdsduur in min.
Geroosterd brood, 12 sneetjesRooster31. -
2. -
1. 3
2. 3
1. -
2. -
1. 3-5
2. 2-3
Geroosterd brood, 4 sneetjesRooster31. -
2. -
1. 3
2. 3
1. -
2. -
1. 5-6
2. 3-4
Toast gegratineerd, 2-4 sneetjesRooster +
Glazen braadslede
3+1-3-8-10

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 179)

← pagina's 157–168verder op pagina 180 →Inhoud