Bosch COA565GS0, tekst van de handleiding
Pagina's 169–179 van 192 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 157–168verder op pagina 180 →
Pagina 169
Reiniging en onderhoud nl
LET OP!
Ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigen de oppervlakken van het apparaat.
- Gebruik geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen sterk alcoholhoudende reinigingsmiddelen.
- Gebruik geen harde schuursponsjes of afwassponsjes.
- Geen speciale reinigingsmiddelen gebruiken voor de warmtereiniging.
- Glasreinigers, schrapers of onderhoudsmiddelen voor roestvrij staal alleen gebruiken wanneer deze in de gebruiksaanwijzing voor het betreffende onderdeel worden aanbevolen.
Nieuwe vaatdoekjes bevatten resten van de productie.
- Nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik grondig uitwassen.
In de verschillende reinigingshandleidingen kunt u lezen welke reinigingsmiddelen geschikt zijn voor de verschillende oppervlakken en onderdelen.
16.3 Apparaat reinigen
Maak het apparaat schoon zoals voorgeschreven, zodat de verschillende onderdelen en oppervlakken niet door een verkeerde reiniging of ongeschikte reinigingsmiddelen beschadigd raken.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Tijdens het gebruik worden het apparaat en haar onderdelen die men kan aanraken heet.
- Wees voorzichtig om het aanraken van verwarmingselementen te voorkomen.
- Kinderen jonger dan 8 jaar moeten uit de buurt worden gehouden.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen.
- Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit barsten.
- Gebruik geen scherp of schurend reinigingsmiddel of scherpe metalen schraper voor het reinigen van het glas van de apparaatdeur omdat dit het oppervlak kan beschadigen.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De aanwijzingen voor de reiniging van de onderdelen en oppervlakken van het apparaat in acht nemen.
- 3. Indien niet anders vermeld:
‒ De verschillende onderdelen van het apparaat reinigen met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje.
‒ Droog na met een zachte doek.
16.4 Voorzijde van het apparaat reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de voorzijde van het apparaat beschadigen.
- Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken.
- Om corrosie op RVS-fronten te vermijden, kalkvlekken, vetvlekken, zetmeelvlekken en eiwitvlekken onmiddellijk verwijderen.
- Bij RVS-oppervlakken speciale RVS-reinigingsmiddelen voor warme oppervlakken gebruiken.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De voorkant van het apparaat met heet zeepsop en een vaatdoek reinigen.
Opmerking: Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- 3. Bij RVS-apparaatfronten het RVS-reinigingsmiddel heel dun opbrengen met een zachte doek.
Het RVS-reinigingsmiddel is verkrijgbaar bij de klantenservice of in de vakhandel.
- 4. Met een zachte doek nadrogen.
16.5 Bedieningspaneel reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan het bedieningspaneel beschadigen.
- Het bedieningspaneel nooit nat afnemen.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Het bedieningspaneel met een microvezeldoek of een zachte, vochtige doek reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
16.6 Ruiten van de deur schoonmaken
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de deurruiten beschadigen.
- Geen schraper gebruiken.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Reinig de deurruiten met een vochtige vaatdoek een glasreiniger.
Opmerking: Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflecties van de verlichting van de binnenruimte.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
16.7 Deurgreep reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De deurgreep met warm zeepsop en een zacht schoonmaakdoekje reinigen.
Opmerking: Als er ontkalkingsmiddel op de deurgreep komt, direct afnemen. Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
Pagina 170
nl Reinigingsfunctie
16.8 Deurafdichting reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de deurafdichting beschadigen.
- Gebruik geen metalen schraper of schraper voor vitrokeramische kookplaat voor het reinigen.
- Geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Reinig de deurafdichting met heet zeepsop en een zachte vaatdoek.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
16.9 Roestvrijstalen oppervlakken reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop reinigen.
- 3. Met een zachte doek nadrogen.
- 4. Na de reiniging de positie van de deurdichting controleren.
16.10 Binnenruimte reinigen
LET OP!
Ondeskundige reiniging kan de binnenruimte beschadigen.
- Gebruik geen ovenspray, geen schuurmiddelen of andere agressieve reinigingsproducten voor de oven.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Met warm zeepsop of azijnwater reinigen.
- 3. Gebruik bij sterke verontreiniging ovenreiniger. Ovenreiniger uitsluitend in een koude binnenruimte gebruiken.
Tip: Om onaangename geuren te verhelpen, een kopje water met een paar druppels citroensap gedurende 1 tot 2 minuten met maximaal magnetronvermogen verwarmen. Om kookvertraging te vermijden altijd een lepel er in plaatsen.
- 4. De binnenruimte met een zachte doek afnemen.
- 5. De binnenruimte met geopende deur laten drogen.
16.11 Accessoires reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Ingebrande etensresten met een vochtige vaatdoek en heet zeepsop losweken.
- 3. De accessoires met heet zeepsop en een vaatdoek of een afwasborstel reinigen.
- 4. De roest met RVS-reiniger of in de vaatwasser reinigen.
Gebruik bij sterke verontreiniging een RVS-spiraalspons of ovenreiniger.
- 5. Met een zachte doek nadrogen.
16.12 Opvangbakje reinigen
LET OP!
Hitte kan het opvangbakje beschadigen.
- Het opvangbakje niet in de hete binnenruimte drogen.
- Het opvangbakje niet in de vaatwasmachine reinigen.
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. Het opvangbakje met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop reinigen.
- 3. Grondig met helder water uitspoelen.
- 4. Met een zachte doek nadrogen.
- 5. Het opvangbakje met geopend deksel laten drogen.
- 6. Wrijf de afdichting van het deksel droog.
16.13 Watertank reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De watertank met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop reinigen.
- 3. Grondig met helder water uitspoelen.
- 4. Met een zachte doek nadrogen.
- 5. Laat de watertank drogen met geopend deksel.
- 6. Wrijf de afdichting van het deksel droog.
16.14 Tankschacht reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De tankschacht na elk gebruik droogwrijven.
16.15 Stoomuitlaat in de binnenruimte reinigen
- 1. De aanwijzingen voor de reinigingsmiddelen in acht nemen. → Pagina 168
- 2. De stoomuitlaat in de binnenruimte met warm zeepsop en een schoonmaakdoekje of een zachte afwasborstel reinigen.
17 Reinigingsfunctie
Gebruik de reinigingsfunctie om het apparaat te reinigen.
17.1 Ontkalken
Voor een goede werking dient u het apparaat regelmatig te ontkalken.
Hoe vaak het ontkalkt moet worden is afhankelijk van de waterhardheid en het aantal keren dat er stoom is gebruikt. Het apparaat toont u via op het display als
de stoomfunctie nog 5 keer of minder kan worden gebruikt. Als u het ontkalken niet uitvoert, kunt u geen werking met stoom meer instellen.
Het ontkalken duurt in het totaal ca. 32 minuten. Het ontkalken gebeurt in twee automatische stappen.
- Ontkalking, duur ca. 31 minuten
- Spoelcyclus na ontkalking, duur ca. 1 minuut
Voer om hygiënische redenen het ontkalken volledig uit.
Pagina 171
Storingen verhelpen nl
Als u het ontkalken onderbreekt, kunt u geen werking met stoom meer instellen. Om ervoor te zorgen dat het apparaat weer klaar is voor gebruik dient u een spoelcyclus uit te voeren.
Ontkalken starten
Het ontkalken van uw apparaat duurt ca. 31 minuten.
LET OP!
Niet aanbevolen ontkalkingsmiddelen kunnen schade aan het apparaat veroorzaken
- Gebruik voor het ontkalken uitsluitend het door ons aanbevolen ontkalkingsmiddel. De inwerkingstijden tijdens het ontkalken zijn afgestemd op het ontkalkingsmiddel.
Wanneer er kalkoplosmiddel op het bedieningspaneel of andere gevoelige oppervlakken terechtkomt raken deze beschadigd.
- Kalkoplossingsmiddel direct met water verwijderen.
- 1. Kies met de functiekeuzeknop.
- Op het display wordt de duur van het ontkalken weergegeven. U kunt de tijdsduur niet wijzigen.
- 2. De afdekking van het reservoir openen.
- 3. Het opvangbakje verwijderen en leegmaken.
- 4. Het lege opvangbakje er volledig inschuiven.
- 5. Het waterreservoir eruit nemen.
- 6. Water en ontkalkingsmiddel mengen tot een ontkalkingsoplossing.
‒ 250 ml water en 50 ml vloeibaar ontkalkingsmiddel tot een ontkalkingsoplossing mengen of een ontkalkingstablet, gewicht 18 g, 5 minuten lang in 250 ml water oplossen.
- 7. De ontkalkingsoplossing in het waterreservoir doen en het waterreservoir geheel inschuiven.
- 8. De reservoirafdekking sluiten.
- 9. Druk op
- Het apparaat wordt ontkalkt.
- De resterende tijdsduur loopt af op het display.
- Zodra het ontkalken beëindigd is, klinkt er een signaal. Het apparaat pauzeert.
- 10. De afdekking van het reservoir openen.
- 11. Het opvangbakje verwijderen, leegmaken en erin schuiven.
- 12. Het waterreservoir verwijderen, grondig omspoelen, vullen met koud water en erin schuiven.
- 13. De reservoirafdekking sluiten.
- 14. Druk op
- Het apparaat spoelt twee keer automatisch. Zodra het spoelen beëindigd is, klinkt er een signaal. Opmerking: Neem de mengverhouding van het ontkalkingsmiddel in acht.
Ontkalkingsmiddel, vloeibaar (bestelnummer 00311680): mengverhouding 1:5, 50 ml ontkalker met 250 ml water mengen.
Ontkalkingstabletten (bestelnummer 00311975): een ontkalkingstablet, gewicht 36 g, 5 minuten lang in 500 ml water oplossen.
17.2 Spoelen
Als u de stoomfunctie langere tijd niet hebt gebruikt, ontkalk en spoel dan het apparaat.
Om uw apparaat schoon te houden, kunt u water door het buissysteem pompen. Het apparaat laat vervolgens het water in het opvangbakje lopen.
Opmerking: Na het spoelen kunnen er zich opgeloste kalkdeeltjes in het opvangbakje bevinden. Dit is normaal en beïnvloedt de werking niet.
Spoelcyclus uitvoeren
- 1. Kies met de functiekeuzeknop.
- Het display geeft de duur van het programma weer. U kunt de duur van het programma niet wijzigen.
- 2. De tankafdekking openen.
- 3. Het opvangbakje verwijderen en leegmaken.
- 4. Het lege opvangbakje er volledig inschuiven.
- 5. De watertank verwijderen en eventueel restwater verwijderen.
- 6. De watertank grondig uitspoelen en met vers water vullen.
- 7. De watertank volledig inschuiven.
- 8. De tankafdekking sluiten.
- 9. Druk op .
- Water wordt door de buizen gepompt.
- De tijdsduur loopt af op het display.
- Zodra de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.
18 Storingen verhelpen
Kleinere storingen aan het apparaat kunt u zelf verhelpen. Raadpleeg voordat u contact opneemt met de klantenservice de informatie over het verhelpen van storingen. Zo voorkomt u onnodige kosten.
WAARSCHUWING ‒ Kans op letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Bel de servicedienst als het apparaat defect is.
WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.
- Alleen daarvoor geschoold vakpersoneel mag reparaties aan het apparaat uitvoeren.
- Er mogen uitsluitend originele reserveonderdelen worden gebruikt voor reparatie van het apparaat.
- Als het netsnoer van dit apparaat beschadigd raakt, moet het ter vermijding van risico's worden vervangen door de fabrikant, de servicedienst of een andere gekwalificeerde persoon.
Pagina 172
nl Storingen verhelpen
18.1 Functiestoringen
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Apparaat werkt niet. | Netstekker van de stroomkabel is niet ingestoken. ▶ Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet. |
| De zekering in de zekeringenkast is in werking getreden. ▶ Controleer de zekering in de meterkast. | |
| Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Controleer of de verlichting van de binnenruimte of andere apparaten functioneren. Storing 1. Zekering in zekeringkast uitschakelen. 2. Zekering na ca. 10 seconden weer inschakelen. • Als de storing eenmalig was, verdwijnt de melding. 3. Verschijnt de melding opnieuw, neem dan contact op met de klantenservice. Geef tijdens het telefoongesprek de exacte foutmelding door. → "Servicedienst", Pagina 174 | |
| Deur is niet helemaal gesloten. ▶ Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. | |
| Op het display brandt en het apparaat kan niet worden ingesteld. | Kinderslot is geactiveerd. ▶ Druk zo lang op tot uitgaat. |
| Verlichting van de binnenruimte werkt niet. | LED-lampje is defect. ▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst. |
| Op het display knippert 12:00 en het symbool brandt. | Stroomvoorziening is uitgevallen. ▶ Stel de tijd opnieuw in. → "Tijd instellen", Pagina 167 |
| Het toestel is niet in gebruik. Op het display wordt een tijdsduur weergegeven. | werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . |
| De magnetron werkt niet. | Deur is niet helemaal gesloten. ▶ Controleer of er resten van een gerecht of vreemde voorwerpen tussen de deur klem zitten. |
| werd niet ingedrukt. ▶ Druk op . | |
| De gerechten worden langzamer warm dan voorheen. | Magnetronvermogen is te laag ingesteld. ▶ Stel een hoger magnetronvermogen in. → Pagina 158 |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan. ▶ Stel een langere tijdsduur in. Voor de dubbele hoeveelheid hebt u twee keer zoveel tijd nodig. | |
| Gerechten zijn kouder dan gewoonlijk. ▶ Keer de gerechten of roer de gerechten tussendoor om. | |
| Magnetronfunctie breekt af. | Apparaat heeft een storing. ▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst. |
| Het apparaat warmt niet op, op het display knippert de dubbele punt. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. 1. Haal de stroom van het apparaat door de zekering in de meterkast kort uit te schakelen. 2. Deactiveer de demo-modus binnen 3 minuten in de basisinstellingen → Pagina 167. |
| Symbolen voor watertank en opvangbakje knipperen voortdurend. | Technisch probleem 1. Zorg ervoor dat de watertank en het opvangbakje volledig in de betreffende tankschacht zijn geschoven. 2. Blijven de symbolen knipperen, bel dan de servicedienst. Opmerking: U kunt het apparaat verder gebruiken, behalve de stoomfunctie. |
Pagina 173
Afvoeren nl
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| De warme lucht of stoom ontsnapt via de deur. | Geen storing. Koelventilator van het apparaat draait. ▶ Geen handeling vereist. Ventilator draait ook na het gebruik nog een korte periode na. Het apparaat wordt door de ventilator beschermd tegen oververhitting. |
| Koelventilator draait ook na het gebruik na. | Apparaat moet na het gebruik worden gekoeld. ▶ Geen handeling vereist. Ventilator draait ook na het gebruik nog een korte periode na. Het apparaat wordt door de ventilator beschermd tegen oververhitting. |
| Koelventilator draait bij geopende deur. | Apparaat moet tijdens en na het gebruik worden gekoeld. ▶ Geen handeling vereist. Alle kookfuncties worden bij het openen van de deur gestopt. |
| Stoom is niet zichtbaar in de heteluchtfunctie en grill-combinatiefunctie. | Stoom is niet in elk temperatuurbereik zichtbaar. Hoe heter de stoom is, des te minder deze zichtbaar is. ▶ Geen handeling vereist. |
| Opvangbakje is na stoomfunctie leeg. | Bij normale stoomfunctie en stoomcombifunctie wordt het condenswater van de glasplaat op de bodem en in de grijze druipgoot in de bodemplaat opgevangen. Dit komt niet in het opvangbakje. ▶ Geen handeling vereist. Het opvangbakje dient alleen voor de spoelprocedure en de ontkalkingsprocedure, niet voor de gewone stoomfunctie en stoomcombifunctie. |
| Er zitten witte kalkdeeltjes in het opvangbakje. | Tijdens het spoelen of ontkalken komen kleine kalkdeeltjes uit de boiler los. 1. Controleer de instelling van de waterhardheid. 2. Voer de ontkalking in de opgegeven intervallen uit. ▶ Ontkalk het apparaat zoals beschreven in de gebruiksaanwijzing van het apparaat. |
| Laag waterverbruik in de combinatiefunctie. In het bijzonder bij combinatiefunctie met 3 functies. | In de stoom combinatiefunctie, met name bij combinatiefunctie met 3 functies, kan het voorkomen dat er deels slechts weinig stoom wordt gebruikt. Zodoende wordt er slechts weinig water uit de schoonwatertank verbruikt. ▶ Geen handeling vereist. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 173)
18.2 Aanwijzingen op het display
| Storing | Oorzaak en probleemoplossing |
|---|---|
| Melding E0532 verschijnt op het display | Door vuil op het bedieningspaneel is het touchveld voortdurend actief. 1. Schakel het apparaat uit. 2. Reinig het bedieningspaneel. 3. Schakel het apparaat weer in. ▶ Als deze fout onmiddellijk na het inschakelen weer optreedt, neem dan contact op met de servicedienst. |
| Melding E5005 verschijnt op het display | De stoomfunctie werd bij het legen van de watertank meerdere malen geactiveerd. ▶ Zorg er voordat u het apparaat weer gaat gebruiken voor dat de watertank met koud water gevuld is en volledig in de tankschacht is geschoven. ▶ Als deze storing zich meerdere keren voordoet, neem dan contact op met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 173)
19 Afvoeren
19.1 Afvoeren van uw oude apparaat
Door een milieuvriendelijke afvoer kunnen waardevolle grondstoffen opnieuw worden gebruikt.
- Voer het apparaat milieuvriendelijk af.
Bij uw dealer en uw gemeente- of deelraadskantoor kunt u informatie verkrijgen over de actuele afvoermethoden.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Pagina 174
nl Servicedienst
20 Servicedienst
Originele vervangende onderdelen die relevant zijn voor de werking in overeenstemming met de desbetreffende Ecodesign-verordening kunt u voor de duur van ten minste 10 jaar vanaf het moment van in de handel brengen van het apparaat binnen de Europese Economische Ruimte bij onze servicedienst verkrijgen. Opmerking: Het inschakelen van de servicedienst in het kader van de fabrieksgarantievoorwaarden is gratis.
Gedetailleerde informatie over de garantieperiode en garantievoorwaarden in uw land kunt u opvragen bij onze servicedienst, uw dealer of op onze website. Als u contact opneemt met de servicedienst, hebt u het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) van het apparaat nodig.
De contactgegevens van de servicedienst vindt u in de meegeleverde servicedienstlijst of op onze website.
Dit product bevat lichtbronnen van de energieklasse D. De lichtbronnen zijn leverbaar als reserveonderdeel en mogen uitsluitend door een hiervoor getrainde monteur worden vervangen.
20.1 Productnummer (E-nr.) en productienummer (FD)
Het productnummer (E-Nr.) en het productienummer (FD) vindt u op het typeplaatje van het apparaat. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opent.
Om uw apparaatgegevens en de servicedienst-telefoonnummers snel terug te kunnen vinden, kunt u de gegevens noteren.
21 Zo lukt het
Voor verschillende gerechten vindt u hier de bijpassende instellingen alsmede de beste accessoires en vormen. Wij hebben het advies optimaal op uw apparaat afgestemd.
21.1 Zo kunt u het best te werk gaan
Hier vertellen we u hoe u als beste stap voor stap optimaal kunt profiteren van het insteladvies. U krijgt informatie over vele gerechten met informatie en tips, zoals hoe u het apparaat handmatig ideaal kunt gebruiken en instellen.
Opmerking: Voor een selectie van gerechten beschikt uw apparaat geprogrammeerde instellingen. Wanneer u zich door het apparaat wilt laten leiden, gebruik dan de automatische programma's.
→ "Automatische programma's", Pagina 163
- 1. Vóór het gebruik niet benodigde vormen uit de binnenruimte verwijderen.
- 2. Een gerecht uit de insteladviezen kiezen.
- 3. Doe het gerecht in een geschikte vorm.
Gebruik de vormen en accessoires welke in het insteladvies zijn aangegeven.
Gebruik kookgerei en accessoires die geschikt zijn voor het type bereiding.
→ "Vormen en accessoires die geschikt zijn voor de magnetron", Pagina 157
Gebruik de originele accessoires die bij uw apparaat horen. Deze zijn optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
- 4. Tip: Als u van de tabellen afwijkende hoeveelheden wilt bereiden, stel dan voor de dubbele hoeveelheid ongeveer de dubbele tijdsduur in.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden gebakken. Deze zijn in de tabel aangegeven.
Maakt u iets klaar volgens eigen recept, neem dan soortgelijke gerechten als basis. Aanvullende informatie vindt u onder de tips na de insteltabellen. Bij de magnetronfunctie stelt u de langste tijd in die aangegeven staat en controleert u het gerecht na de kortste tijd.
Zorg er bij het begin voor dat de watertank bij toepassingen met stoom gevuld is.
Stel het apparaat in overeenkomstig het insteladvies.
De temperatuurgegevens en de tijdsopgaven in de tabellen zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Daarom zijn instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Stel de volgende keer zo nodig een hogere waarde in.
- 5. Het gerecht overeenkomstig de inschuifhoogte in de binnenruimte plaatsen.
- 6. WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.
- Apparaatdeur voorzichtig openen.
- Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
Schakel het apparaat uit wanneer het gerecht klaar is.
Pagina 175
Zo lukt het nl
21.2 Algemene aanwijzingen voor de bereiding
Houd deze informatie aan bij het bereiden van alle gerechten.
Condensvorming
Bij de bereiding van levensmiddelen kan er veel waterdamp ontstaan in de binnenruimte.
Omdat het apparaat zeer energie-efficiënt is, komt er tijdens het gebruik slechts weinig warmte naar buiten. Door de hoge temperatuurverschillen tussen de binnenruimte van het apparaat en de buitenste apparaatonderdelen kan condensvorming optreden bij de apparaatdeur, het bedieningspaneel of aangrenzende meubelfronten. De vorming van condens is een normaal natuurkundig verschijnsel.
Als u het apparaat voorverwarmt of de deur voorzichtig opent, vermindert u de condensvorming.
Bereiding met gebruik van stoom of met een stoomverwarmingsmethode leidt tot veel waterdamp in de binnenruimte. Veeg de binnenruimte droog nadat het apparaat is afgekoeld.
Bakvormen
Voor een optimaal bereidingsresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en de producten bruinen niet gelijkmatig.
Wilt u vormen van silicone gebruiken, raadpleeg dan de informatie van de fabrikant om te zien of ze geschikt zijn voor gebruik met stoom en de magnetron. Zie ook de opgaven en recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De hoeveelheid- en receptgegevens kunnen afwijken.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd op maat.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!
Bij het openen van de apparaatdeur ontstaat er een luchtstroom. Het bakpapier kan dan de verwarmingselementen raken en vlam vatten.
- Plaats nooit bakpapier bij het voorverwarmen en tijdens het bereiden los op het accessoire.
- Bakpapier altijd op maat maken en verzwaren met een vorm.
21.3 Tips voor een acrylamide-arme bereiding
Acrylamide is schadelijk voor de gezondheid en ontstaat wanneer u graanproducten en aardappelproducten bij zeer grote hitte bereidt.
| Gerecht | Tip |
|---|---|
| Algemeen | • Houd de bereidingstijden zo kort mogelijk • Gerechten goudbruin en niet een te donkere kleur laten krijgen. • Gebruik grote, dikke producten. Deze bevatten minder acrylamide. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)
| Gerecht | Tip |
|---|---|
| Gebak en koekjes | • De temperatuur bij hete lucht op max. 180°C instellen. • Gebak en koekjes met ei of eigeel bestrijken. Dit vermindert de vorming van acrylamide. |
| Oven-frites | • Frites gelijkmatig en in één laag over de plaat verdelen. • Minstens 400 g per plaat bakken, zodat de frites niet uitdrogen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)
21.4 Tips om te ontdooien en op te warmen
Neem deze tips in acht voor goede resultaten bij het ontdooien en opwarmen.
| Vraag | Tip |
|---|---|
| Het gerecht moet na het verstrijken van de tijdsduur ontdooid, heet of gaar zijn. | Stel een langere tijdsduur in. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig. |
| Het gerecht mag na het verstrijken van de tijdsduur aan de rand niet oververhit zijn en in moet in het midden gaar zijn. | • Het gerecht tussendoor omroeren. • Een lager magnetronvermogen en een langere tijdsduur instellen. |
| Gevogelte of vlees mag na het ontdooien niet alleen van buiten gebakken, maar in het midden nog bevroren zijn. | • Een lager magnetronvermogen instellen. • Het te ontdooien gerecht bij grote hoeveelheden meerdere malen keren. |
| Het gerecht mag niet te droog zijn. | • Een lager magnetronvermogen instellen. • Een kortere tijdsduur instellen. • Gerecht afdekken. • Meer vloeistof toevoegen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 175)
21.5 Ontdooien
Met uw apparaat kunt u diepvriesproducten ontdooien.
Gerechten ontdooien
- 1. De bevroren levensmiddelen in een open vorm op de bodem van de binnenruimte plaatsen.
Gevoelige delen kunt u met een klein stuk aluminiumfolie afdekken, bijv. kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken. De folie mag de wanden van het apparaat niet raken.
- 2. In werking stellen.
Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
- 3. Opmerking: Als u vlees en gevogelte ontdooit, ontstaat vloeistof.
De vloeistof tijdens het keren verwijderen en in geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking laten komen.
Pagina 176
nl Zo lukt het
- 4. De gerechten tussendoor één tot twee keer omroeren of keren.
Grote stukken meerdere malen keren.
- 5. Om ervoor te zorgen dat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld, de ontdooide gerechten ca. 10 tot 60 minuten bij kamertemperatuur laten rusten.
Bij gevogelte kunt u de ingewanden verwijderen. Het vlees kunt u ook met een kleine bevroren kern verder verwerken.
Insteladviezen voor het ontdooien
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Magnetronstand in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 800 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 15¹ 2. 15-25¹ | |
| Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 1000 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 15¹ 2. 25-35¹ | |
| Vlees in zijn geheel, met en zonder been, 1500 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 20¹ 2. 25-35¹ | |
| Vlees in stukken of plakken, 200 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5² 2. 4-6² | |
| Vlees in stukken of plakken, 500 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 10² 2. 5-10² | |
| Vlees in stukken of plakken, 800 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 10² 2. 10-15² | |
| Gehakt, gemengd, 200 g³ | Open vorm | 0 | 90 | 15¹, 4 | |
| Gehakt, gemengd, 500 g³ | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5¹, 5 2. 10-15¹, 5 | |
| Gehakt, gemengd, 800 g³ | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 10¹, 5 2. 15-20¹, 5 | |
| Gevogelte of stukken gevogelte, 600 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5⁶ 2. 10-15⁶ | |
| Gevogelte of stukken gevogelte, 1200 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 10⁶ 2. 20-25⁶ | |
| Eend, 2000 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 20¹, 6 2. 30-40¹, 6 | |
| Gans, 4500 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 30⁷, 6 2. 60-80⁷, 6 | |
| Visfilet, viskotelet of plakken, 400 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5⁸ 2. 10-15⁸ | |
| Hele vis, 300 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10-15 | |
| Hele vis, 600 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 8 2. 15-25 | |
| Groente, bijv. erwten, 300 g | Open vorm | 0 | 180 | 10-15⁹ | |
| Groente, bijv. erwten, 600 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 10⁹ 2. 9-15⁹ | |
| Fruit, bijv. frambozen, 300 g 1 Het voedsel herhaaldelijk keren. | Open vorm | 0 | 180 | 7-10⁹, 8 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 176)
2 Maak bij het keren de stukken vlees van elkaar los.
3 Het voedsel vlak invriezen.
4 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.
5 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
6 Verwijder de ontdooivloeistof.
7 Keer de voedingswaar elke 20 minuten.
8 Maak de ontdooide delen van elkaar los.
9 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.
10 De verpakking volledig verwijderen.
11 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
12 De stukken gebak van elkaar scheiden.
Pagina 177
Zo lukt het nl
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Magnetronstand in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Fruit, bijv. frambozen, 500 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 8⁹, 8 2. 5-10⁹, 8 | |
| Boter ontdooien, 125 g¹⁰ | Open vorm | 0 | 90 | 6-8 | |
| Boter ontdooien, 250 g¹⁰ | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 2 2. 3-5 | |
| Brood, heel, 500 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10-15 | |
| Brood, heel, 1000 g | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 15-25 | |
| Gebak, droog, bijv. cake, 500 g¹¹, 12 | Open vorm | 0 | 90 | 10-15 | |
| Gebak, droog, bijv. cake, 750 g¹¹, 12 | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 3 2. 10-15 | |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 500 g¹¹ | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 5 2. 15-25 | |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart, 750 g¹¹ 1 Het voedsel herhaaldelijk keren. | Open vorm | 0 | 1. 180 2. 90 | 1. 7 2. 15-25 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 177)
2 Maak bij het keren de stukken vlees van elkaar los.
3 Het voedsel vlak invriezen.
4 Het reeds ontdooide vlees verwijderen.
5 Tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden.
6 Verwijder de ontdooivloeistof.
7 Keer de voedingswaar elke 20 minuten.
8 Maak de ontdooide delen van elkaar los.
9 Het voedsel tussendoor voorzichtig omroeren.
10 De verpakking volledig verwijderen.
11 Alleen gebak zonder glazuur, slagroom, gelatine of crème ontdooien.
12 De stukken gebak van elkaar scheiden.
21.6 Opwarmen
Met uw apparaat kunt u gerechten opwarmen.
Diepgevroren gerechten opwarmen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
- 1. De kant-en-klaargerechten uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron.
- 2. De gerechten vlak in de vorm verdelen.
Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Levensmiddelen niet over elkaar heen leggen.
- 3. De gerechten met een passend deksel, een bord of speciale folie voor de magnetron afdekken.
- 4. Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte.
- 5. In werking stellen.
- 6. Tussendoor de gerechten 2-3 keer keren of omroeren.
De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.
- 7. Om ervoor te zorgen dat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld, de opgewarmde gerechten 2-5 minuten bij kamertemperatuur laten rusten.
Insteladviezen voor het opwarmen van diepgevroren gerechten
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Magnetronstand in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Soep, diepvries, 400 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 8-15 | |
| Eenpansgerecht, diepvries, 500 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 8-13 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 177)
1 Bij het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken.
2 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.
3 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.
4 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water.
5 Roer het gerecht tussendoor om.
Pagina 178
nl Zo lukt het
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Magnetronstand in W | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Eenpansgerecht, diepvries, 1000 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 20-25 | |
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaargerecht met 2-3 componenten, diepvries, 300-400 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 11-15 | |
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, diepvries, 500 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 12-17¹ | |
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, diepvries, 1000 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 25-30¹ | |
| Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni, diepvries, 450 g | Gesloten servies | 0 | 600 | 10-15 | |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, diepvries, 250 g² | Gesloten servies | 0 | 600 | 2-5 | |
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, diepvries, 500 g² | Gesloten servies | 0 | 600 | 8-10 | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen, diepvries, 300 g³ | Gesloten servies | 0 | 600 | 8-10 | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen, diepvries, 600 g³ | Gesloten servies | 0 | 600 | 14-17 | |
| Spinazie à la crème, diepvries, 500 g⁴ | Gesloten servies | 0 | 600 | 11-16⁵ |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 178)
1 Bij het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken.
2 Een beetje vloeistof bij het voedsel doen.
3 Water toevoegen, zodat de bodem van de vorm wordt bedekt.
4 Het voedsel bereiden zonder toevoeging van water.
5 Roer het gerecht tussendoor om.
Gerechten opwarmen
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Verhitte gerechten geven warmte af. De vormen kunnen heet worden.
- Neem vormen en accessoires altijd met behulp van een pannenlap uit de binnenruimte.
WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder de kenmerkende bellen ontstaan. Al bij een kleine schok van het recipiënt is voorzichtigheid geboden. De hete vloeistof kan plots overkoken en wegspatten.
- Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.
LET OP!
Als het metaal tegen de wand van de binnenruimte aan komt, ontstaan er vonken waardoor het apparaat beschadigd kan raken of de deurruit aan de binnenkant kan worden aangetast.
- Metalen voorwerpen, zoals een lepel in een glas, moeten minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd zijn.
- 1. De kant-en-klaargerechten uit de verpakking nemen en in een vorm doen die geschikt is voor de magnetron.
- 2. De gerechten vlak in de vorm verdelen.
Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Levensmiddelen niet over elkaar heen leggen.
- 3. De gerechten met een passend deksel, een bord of speciale folie voor de magnetron afdekken als dit in de tabel is vermeld.
- 4. Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. Als u de stoomfunctie inschakelt, dan het kookgerei op de glazen braadslede in inschuifhoogte 3 plaatsen en de watertank vullen.
- 5. In werking stellen.
- 6. De gerechten tussendoor meerdere malen keren of omroeren.
De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.
- 7. Controleer de temperatuur.
- 8. Om ervoor te zorgen dat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld, de opgewarmde gerechten 2-5 minuten bij kamertemperatuur laten rusten.
Pagina 179
Zo lukt het nl
Insteladviezen voor het opwarmen
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwarmingsmethode | Magnetronstand in W | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Babyvoeding, bijv. flesjes melk, 150 ml¹ | Open vorm | 0 | 360 | - | 0,5-1,5², 3 | |
| Dranken, 200 ml⁴ | Open vorm | 0 | 1000 | - | 1-2⁵, 6 | |
| Dranken, 500 ml⁴ | Open vorm | 0 | 1000 | - | 4-5⁵, 6 | |
| Soep, 2 koppen à 175 g | Open vorm | 0 | 600 | - | 3-4 | |
| Soep, 4 koppen à 175 g | Open vorm | 0 | 600 | - | 6-8 | |
| Stukken vis of vlees in saus, 500 g⁷ | Gesloten servies | 0 | 600 | - | 7-10 | |
| Menu, bordgerecht, kant- en-klaargerecht met 2-3 componenten, 400 g | Open vorm | 0 | + | 360 | 3 | 9-14 |
| Eenpansgerecht, 400 g | Gesloten servies | 3 | 600 | - | 6-8 | |
| Eenpansgerecht, 800 g | Gesloten servies | 0 | 600 | - | 8-11 | |
| Groente, 150 g | Open vorm | 3 | + | 360 | 3 | 3-5 |
| Groente, 300 g | Open vorm | 3 | + | 360 | 3 | 4-7 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 179)
1 Babyvoedsel zonder speen of deksel verwarmen.
2 Na het verwarmen het voedsel altijd goed schudden.
3 Beslist de temperatuur controleren.
4 Doe een lepel in het glas.
5 Alcoholische dranken niet verwarmen.
6 Het voedsel tussendoor controleren.
7 De lapjes vlees van elkaar scheiden.
21.7 Brood en broodjes
Met uw apparaat kunt u brood en broodjes bakken.
Bereidingsadviezen voor diepvriesproducten
- Neem het gerecht volledig uit de verpakking.
- Verwijder het ijs van het gerecht.
Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten.
- Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
Insteladviezen voor brood en broodjes
| Voedingswaar | Accessoires / vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Grillstand | Stoomstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Geroosterd brood, 12 sneetjes | Rooster | 3 | 1. - 2. - | 1. 3 2. 3 | 1. - 2. - | 1. 3-5 2. 2-3 | |
| Geroosterd brood, 4 sneetjes | Rooster | 3 | 1. - 2. - | 1. 3 2. 3 | 1. - 2. - | 1. 5-6 2. 3-4 | |
| Toast gegratineerd, 2-4 sneetjes | Rooster + Glazen braadslede | 3+1 | - | 3 | - | 8-10 |