Bosch HBG73U550, tekst van de handleiding
Oven · Bosch · 26 pagina's in het Nederlands · pdf: 32 pagina's, 2,9 MB
Storingen op pagina 17
Pagina 17
Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Raadpleeg de volgende tabel voordat u contact opneemt met de servicedienst. Wellicht kunt u zelf de storing verhelpen.
Storingstabel
Wanneer een gerecht niet goed gelukt is, lees hier dan het hoofdstuk Voor u in onze kookstudio getest op na. Hier vindt u vele tips en aanwijzingen voor het koken.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing/aanwijzing |
|---|---|---|
| De oven functioneert niet. | De zekering is defect. | Kijk in de meterkast na of de zekering in orde is. |
| De stroom is uitgevallen. | Controleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functioneren. | |
| Op het display zijn 0 en vier nullen verlicht. | De stroom is uitgevallen. | Stel de tijd opnieuw in. |
| De oven warmt niet op. | Er zit stof op de contacten. | Draai de schakelaars meerdere keren heen en weer. |
| De ovendeur kan niet worden geopend. Op het display is het symbool verlicht. | De ovendeur is door de zelfreiniging vergrendeld. | Wacht totdat de oven is afgekoeld en het symbool verdwenen is. |
| De oven warmt niet op. De dubbele punt op het display knippert. | De oven bevindt zich in de demonstratiemodus. | De zekering in de meterkast uitschakelen en na 20 seconden weer inschakelen. Nu binnen ca. 2 minuten de toets ca. 4 seconden lang indrukken tot de dubbele punt constant verlicht is. |
| Op het display verschijnt F8. | De automatische uitschakeling is geactiveerd. | Draai de functiekeuzeknop op de nulstand. |
| Foutmeldingen | ||
| Wanneer op het display een foutmelding met verschijnt, drukt u op de toets 0. Stel vervolgens de tijd opnieuw in. Neem contact op met de klantenservice wanneer de foutmelding weer verschijnt. | ||
| Bij de volgende foutmeldingen kunt u het probleem zelf oplossen. | ||
| Foutmelding | Mogelijke oorzaak | Oplossing/aanwijzing |
| Er is een toets te lang ingedrukt of bedekt. | Druk alle toetsen afzonderlijk in. Controleer of er een toets klem zit of bedekt of vervuild is. | |
| De temperatuur in de oven is te hoog. | De ovendeur vergrendelt en het verwarmen van de oven wordt onderbroken. Wacht tot de oven is afgekoeld. Druk op de toets 0 en stel de tijd opnieuw in. | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.
Ovenlamp aan het plafond vervangen
Als de ovenlamp is uitgevallen, moet deze worden vervangen. Temperatuurbestendige reservelampen, 40 watt, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak. Gebruik uitsluitend originele lampen.
Kans op een elektrische schok!
Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 1. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- 2. Glazen afscherming verwijderen. Hiervoor met de duimen de metalen strippen naar achteren drukken (Afbeelding A).
- 3. De lamp eruit draaien en vervangen door een lamp van hetzelfde type (Afbeelding B).
- 4. Glazen afscherming weer terugplaatsen. Hierbij met één kant inbrengen en de andere kant vast aandrukken. Het glas zit nu vast.
- 5. Theedoek eruit nemen en de zekering inschakelen.
Glazen afscherming
Als de glazen afscherming beschadigd is, dient hij te worden vervangen. Passende glazen afschermingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het productnummer (Enr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat.
Pagina 18
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u rechts, aan de zijkant van de ovendeur. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FD-nr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4010
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.
Energie en milieu
Uw nieuwe apparaat is bijzonder energie-efficiënt. Hier krijgt u informatie over de energiegeoptimaliseerde verwarmingsmethode Hetelucht eco. Daarnaast vindt u tips over de mogelijkheid om bij het gebruik van uw apparaat nog meer energie te besparen en over de wijze om het milieuvriendelijk af te voeren.
Verwarmingsmethode Hetelucht eco
Met de energie-efficiënte verwarmingsmethode Hetelucht eco kunt u talrijke gerechten klaarmaken op één niveau. De ventilator verdeelt de energiegeoptimaliseerde warmte van het ronde verwarmingselement in de achterwand gelijkmatig in de binnenruimte. Bakken, braden en garen lukt zonder voorverwarmen.
Aanwijzingen
- Plaats de gerechten in de onverwarmde, lege binnenruimte. Alleen dan werkt de energieoptimalisatie.
- Open de ovendeur tijdens de bereiding alleen wanneer dit noodzakelijk is.
Toebehoren
Gerechten met hetelucht eco /
Tabel
In de tabel vindt u een keur aan gerechten die het best geschikt zijn voor Hetelucht eco. U krijgt informatie over geschikte temperaturen en baktijden. U kunt zien welke toebehoren en welk inschuifniveau geschikt zijn.
Temperatuur en baktijd zijn afhankelijk van de hoeveelheid, de vorm en de kwaliteit van de levensmiddelen. Daarom zijn in de tabellen bereiken aangegeven. Probeer het eerst met de laagste waarde. Een lage temperatuur zorgt ervoor dat het gerecht gelijkmatiger bruin wordt. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Zet de vorm altijd midden op het rooster. Plaatst u levensmiddelen direct op het rooster, schuif dan ook de braadslede in op hoogte 1. Vet en vocht worden opgevangen en de oven blijft schoner.
Hoogte
Temperatuur Tijdsduur in °C in minuten
| Taart, cake en gebak | ||||
|---|---|---|---|---|
| Roerdeeg op de plaat met droge bedekking | Bakplaat | 3 | 170-190 | 25-35 |
| Roerdeeg in vormen | Rechthoekige bakvorm | 2 | 160-180 | 50-60 |
| Taartbodem, roerdeeg | Vorm vruchtentaartbodem | 2 | 160-180 | 20-30 |
| Vruchtentaart fijn, roerdeeg | Springvorm/tulbandvorm | 2 | 160-180 | 50-60 |
| Gistdeeg op de plaat met droge bedekking | Bakplaat | 3 | 170-190 | 25-35 |
| Zandtaartdeeg op de plaat met droge bedekking | Bakplaat | 3 | 180-200 | 20-30 |
| Biscuitrol | Bakplaat | 3 | 170-190 | 15-25 |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Vorm vruchtentaartbodem | 2 | 150-170 | 20-30 |
| Biscuittaart (6 eieren) | Springvorm | 2 | 150-170 | 40-50 |
| Bladerdeeggebak | Bakplaat | 3 | 180-200 | 20-30 |
| Koekjes | Bakplaat | 3 | 130-150 | 15-25 |
| Sprits | Bakplaat | 3 | 140-150 | 30-45 |
| Branddeeggebak, bijv. soesjes | Bakplaat | 3 | 210-230 | 35-45 |
| Broodjes, roggemeel | Bakplaat | 3 | 200-220 | 20-30 |
Pagina 19
Toebehoren Hoogte
Gerechten met hetelucht eco / Temperatuur Tijdsduur in °C in minuten
| Ovenschotels | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Gegratineerde aardappels | Ovenschaal | 2 | 160-180 | 60-80 | |
| Lasagne | Ovenschaal | 2 | 180-200 | 40-50 | |
| Diepvriesproducten | |||||
| Pizza, dunne bodem | Braadslede | 3 | 190-210 | 15-25 | |
| Pizza, dikke bodem | Braadslede | 2 | 180-200 | 20-30 | |
| Frites | Braadslede | 3 | 200-220 | 20-30 | |
| Chicken wings | Braadslede | 3 | 220-240 | 20-30 | |
| Vissticks | Braadslede | 3 | 220-240 | 10-20 | |
| Voorgebakken broodjes | Braadslede | 3 | 180-200 | 10-15 | |
| Vlees | |||||
| Gestoofd rundvlees, 1,5 kg | Gesloten vorm | 2 | 190-210 | 130-150 | |
| Gebraden varkensvlees, nek, 1 kg | Open vorm | 2 | 190-210 | 110-130 | |
| Gebraden kalfsvlees, bovenbout, 1,5 | kg | Open vorm | 2 | 190-210 | 110-130 |
| Vis | |||||
| Dorade, 2 stuks à 750 g | Braadslede | 2 | 170-190 | 50-60 | |
| Dorade in zoutkorst, 900 g | Braadslede | 2 | 170-190 | 60-70 | |
| Snoek, 1000 g | Braadslede | 2 | 170-190 | 60-70 | |
| Forel, 2 stuks à 500 g | Braadslede | 2 | 170-190 | 45-55 | |
| Visfilet, per stuk 100 g | Gesloten vorm | 2+1 | 190-210 | 30-40 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)
Energie besparen
- De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
- Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
- Open de ovendeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
- Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Daardoor is de baktijd voor het tweede gerecht korter. U kunt ook 2 rechthoekige bakvormen naast elkaar in de oven plaatsen.
- Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken.
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Hier vindt u een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over de te gebruiken vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst.
Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in de vakhandel kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
Verwijder voor het gebruik alle toebehoren en vormen die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Gebruik altijd een pannenlap wanneer u hete toebehoren of vormen uit de oven neemt.
Gebak
Bakken op één niveau
Met boven en onderwarmte lukt het gebak het beste.
Wanneer u met 3D-hetelucht bakt, dient u de volgende inschuifhoogtes voor de toebehoren te gebruiken:
- Gebak in vormen: hoogte
- Gebak op de plaat: hoogte
Pagina 20
| Bakken op meerdere niveaus | Bakvormen |
|---|---|
| Gebruik 3Dhetelucht . | Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen. |
| Inschuifhoogtes bij het bakken op 2 niveaus | Bij lichte bakvormen van dunwandig metaal of glazen vormen is de baktijd langer en wordt het gebak niet zo gelijkmatig bruin. |
| ■ Braadslede: hoogte | |
| Wanneer u siliconen vormen wilt gebruiken, raadpleeg dan de | |
| ■ Bakplaat: hoogte | informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van |
| Inschuifhoogtes bij het bakken op 3 niveaus | silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De deegvormen en receptgegevens kunnen afwijken. |
| ■ Bakplaat: hoogte 5 | |
| ■ Braadslede: hoogte | Tabellen |
| ■ Bakplaat: hoogte | In de tabellen vindt u voor de verschillende soorten gebak de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn |
| Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden gedaan, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn. | afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Probeer het eerst met de |
| In de tabellen vindt u talrijke voorstellen voor uw gerechten. | laagste waarde. Een lage temperatuur zorgt ervoor dat het gerecht gelijkmatiger bruin wordt. Stel de oven indien nodig de |
| Wanneer u met 3 rechthoekige bakvormen tegelijk bakt, zet deze dan zoals op de afbeelding aangegeven op het rooster. | volgende keer hoger in. |
| De baktijden worden 5 tot 10 minuten korter wanneer u voorverwarmt. | |
| Bijkomende informatie vindt u onder Tips voor het bakken na de tabellen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
| Gebak in vormen | Vorm | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 2 | 160-180 | 50-60 | |
| 3 cakevormen | 3+1 | 140-160 | 60-80 | ||
| Cake, fijn | Krans/rechthoekige vorm | 2 | 150-170 | 60-70 | |
| Taartbodem, roerdeeg | Vorm vruchtentaartbodem | 3 | 160-180 | 20-30 | |
| Vruchtentaart fijn, roerdeeg | Springvorm/tulbandvorm | 2 | 160-180 | 50-60 | |
| Biscuitbodem, 2 eieren (voorverwarmen) | Vorm vruchtentaartbodem | 2 | 150-170 | 20-30 | |
| Biscuittaart, 6 eieren (voorverwarmen) | Springvorm | 2 | 150-170 | 40-50 | |
| Bodem zandtaartdeeg met rand | Springvorm | 1 | 180-200 | 25-35 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg* | Springvorm | 1 | 160-180 | 70-90 | |
| Zwitserse vruchtentaart | Pizzaplaat | 1 | 220-240 | 35-45 | |
| Tulband | Tulbandvorm | 2 | 150-170 | 60-70 | |
| Pizza, dunne bodem met weinig bedekking (voorverwarmen) | Pizzaplaat | 1 | 280-300 | 10-15 | |
| Hartig gebak* Springvorm 1 * Gebak ca. 20 minuten in de uitgeschakelde, gesloten oven laten afkoelen. | 170-190 | 45-55 | |||
| Gebak op de plaat | Toebehoren | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten |
| Roerdeeg met droge bedekking | Bakplaat | 2 | 170-190 | 20-30 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | 35-45 | ||
| Roerdeeg met vochtige bedekking, vruchten | Braadslede | 2 | 170-190 | 25-35 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 140-160 | 40-50 | ||
| Gistdeeg met droge bedekking | Bakplaat | 3 | 170-180 | 25-35 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | 35-45 | ||
| Gistdeeg met vochtige bedekking, | Braadslede | 3 | 160-180 | 40-50 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 20)
vruchten
Braadslede + bakplaat 3+1 150-160 50-60
Pagina 21
| Gebak op de plaat | Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | |
|---|---|---|---|---|---|
| Zandtaartdeeg met droge bedekking Bakplaat | 1 | 180-200 | 20-30 | ||
| Zandtaartdeeg met vochtige bedek- Braadslede king, vruchten | 2 | 160-180 | 60-70 | ||
| Zwitserse vruchtentaart | Braadslede | 1 | 210-230 | 40-50 | |
| Biscuitrol (voorverwarmen) | Bakplaat | 2 | 170-190 | 15-20 | |
| Broodvlecht van 500 g bloem | Bakplaat | 2 | 170-190 | 25-35 | |
| Kerststol van 500 g bloem | Bakplaat | 3 | 160-180 | 60-70 | |
| Kerststol van 1 kg bloem | Bakplaat | 3 | 150-170 | 90-100 | |
| Strudel, zoet | Braadslede | 2 | 190-210 | 55-65 | |
| Pizza | Bakplaat | 2 | 200-220 | 25-35 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 180-200 | 40-50 | ||
| Flammkuchen (voorverwarmen) Braadslede | 2 | 280-300 | 10-12 | ||
| Börek | Braadslede | 2 | 180-200 | 40-50 | |
| Klein gebak | Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | |
| Koekjes | Bakplaat | 3 | 140-160 | 15-25 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 130-150 | 25-35 | ||
| 2 bakplaten + braadslede | 5+3+1 | 130-150 | 30-40 | ||
| Sprits (voorverwarmen) | Bakplaat | 3 | 140-150 | 30-40 | |
| Bakplaat | 3 | 140-150 | 25-35 | ||
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 140-150 | 30-45 | ||
| 2 bakplaten + braadslede | 5+3+1 | 130-140 | 35-50 | ||
| Bitterkoekjes | Bakplaat | 2 | 110-130 | 30-40 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 100-120 | 35-45 | ||
| 2 bakplaten + braadslede | 5+3+1 | 100-120 | 40-50 | ||
| Schuimgebak | Bakplaat | 3 | 80-100 | 100-150 | |
| Muffins | Rooster met muffinplaat | 3 | 180-200 | 20-25 | |
| 2 roosters met muffinplaten | 3+1 | 160-180 | 25-30 | ||
| Deeg van bijv. soesjes | Bakplaat | 2 | 210-230 | 30-40 | |
| Bladerdeeggebak | Bakplaat | 3 | 180-200 | 20-30 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 180-200 | 25-35 | ||
| 2 bakplaten + braadslede | 5+3+1 | 170-190 | 35-45 | ||
| Gistdeeggebak | Bakplaat | 2 | 190-210 | 20-30 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 160-180 | 25-35 | ||
| Brood en broodjes Bij het bakken van brood de oven voorverwarmen, wanneer er niet iets anders aangegeven is. | Giet nooit water in de hete oven. | ||||
| Brood en broodjes | Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C | Tijdsduur in minuten | |
| Gistbrood van 1,2 kg bloem | Braadslede | 2 | 300 200 | 5 30-40 | |
| Zuurdeegbrood van kg bloem | Braadslede | 2 | 300 200 | 8 35-45 | |
| Plat rond brood | Braadslede | 2 | 300 | 10-15 | |
| Broodjes (niet voorverwarmen) | Bakplaat | 3 | 200 | 20-30 | |
| Broodjes van gistdeeg, zoet | Bakplaat | 3 | 180-200 | 15-20 | |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | 20-30 | ||
Pagina 22
Tips voor het bakken
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Raadpleeg de baktabellen voor gelijksoortig gebak. |
| Zo stelt u vast of de cake goed doorbakken is. | Prik ca. 10 voor het einde van de in het recept vermelde baktijd met een stokje in het hoogste punt van het gebak. Wanneer er geen deeg meer aan de prikker zit, is het gebak klaar. |
| Het gebak zakt in. | Voeg de volgende keer minder vloeistof toe of stel de oventemperatuur 10 graden lager in.Houd rekening met de omroertijden in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | De rand van de springvorm niet invetten. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het gebak wordt te donker aan de bovenkant. | Plaats het verder naar binnen, kies een lagere temperatuur en bak het iets langer. |
| Het gebak is te droog. | Als het gebak klaar is, prikt u er met een prikker kleine gaatjes in. Vervolgens bedruppelt u het met vruchtensap of alcohol. Stel de temperatuur de volgende keer 10 graden hoger in en houd een kortere baktijd aan. |
| Het brood of het gebak (bijv. kwarktaart) ziet er goed uit, maar is van binnen klef (zacht, doortrokken met waterstrepen). | Gebruik de volgende keer wat minder vloeistof en bak iets langer bij een wat lagere temperatuur. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor. Bestrooi het met amandelen of paneermeel en doe dan de bovenlaag erop. Houd u aan de recepten en baktijden. |
| Het gebak is ongelijkmatig bruin geworden. | Kies een wat lagere temperatuur, dan wordt het gebak gelijkmatiger bruin. Gebruik bij kwetsbaar gebak boven- en onderwarmte op één niveau. Ook bakpapier dat uitsteekt kan de luchtcirculatie beïnvloeden. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed op de plaat past. |
| Het vruchtengebak is te licht aan de onderkant. | Plaats het gebak de volgende keer één niveau lager. |
| Het sap van de vruchten stroomt over. | Gebruik, indien beschikbaar, de volgende keer de diepere braadslede. |
| Klein gebak van gistdeeg plakt bij het bakken aan elkaar. | Tussen de gebakstukken dient een afstand van ca. 2 cm te zijn. Zo is er voldoende plaats en kan het gebak goed rijzen en helemaal bruin worden. |
| U hebt op meerdere niveaus gebakken. Op de bovenste plaat is het gebak donkerder dan op de onderste. | Gebruik voor het bakken op meerdere niveaus altijd 3Dhetelucht . Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden gedaan, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn. |
| Bij het bakken van vochtig gebak ontstaat er condenswater. | Bij het bakken kan waterdamp ontstaan. Deze komt vrij via de deur. De waterdamp kan neerslaan op het bedieningspaneel of op het meubilair en als condens neerdruppelen. Dit is normaal. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Vlees, gevogelte, vis
Vormen
U kunt alle vormen gebruiken die hittebestendig zijn. Voor grote stukken vlees is ook de braadslede geschikt.
Het meest geschikt zijn vormen van glas. Let erop dat het deksel voor de pan past en goed sluit
Gebruikt u geëmailleerde braadpannen, voeg dan wat meer vloeistof toe.
Bij braadgerei van roestvrij staal wordt het gerecht niet zo erg bruin en kan het vlees wat minder gaar zijn. Houd langere bereidingstijden aan.
Opgaven in de tabellen:
Vorm zonder deksel = open
Vorm met deksel = gesloten
Zet de vorm altijd midden op het rooster.
Zet hete vormen van glas op een droge onderzetter. Is de ondergrond nat of koud, dan kan het glas knappen.
Braden
Voeg aan mager vlees een beetje vloeistof toe. De bodem van de vorm dient ca. ½ cm bedekt te zijn.
Voeg aan stoofvlees royaal vloeistof toe. De bodem van de vorm dient ca 1 - 2 cm bedekt te zijn.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees en het materiaal van de vormen. Wanneer u vlees in geëmailleerde braadvormen klaarmaakt, is er wat meer vloeistof nodig dan in glazen vormen.
Braadsledes van roestvrij staal zijn slechts beperkt geschikt. Het vlees gaart langzamer en wordt minder bruin. Houd een hogere temperatuur en/of een langere bereidingstijd aan.
Grillen
Verwarm bij het grillen ca. 3 minuten voor alvorens het gerecht in de binnenruimte te plaatsen.
Gril altijd in een gesloten oven.
Gebruik zoveel mogelijk gelijke stukken om te grillen. Zo worden ze gelijkmatig bruin en blijven ze lekker mals. Keer de grillstukken na van de bereidingstijd.
Zout de steaks pas na het grillen.
Leg de te grillen stukken vlees rechtstreeks op het rooster. Als u één stuk vlees wilt grillen, lukt dit het best wanneer u het midden op het rooster legt.
Plaats ook de braadslede op hoogte 1.Het vleessap wordt opgevangen en de oven blijft schoner.
De bakplaat of braadslede bij het grillen niet op hoogte 4 of 5 plaatsen. Door de sterke hitte vervormen ze en bij verwijdering kunnen ze de binnenruimte beschadigen.
Het grillelement wordt steeds weer in- en uitgeschakeld. Dit is normaal. Hoe vaak dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
Vlees
Draai stukken vlees na de helft van de tijd om.
Als het vlees klaar is, moet het nog 10 minuten in de uitgeschakelde, gesloten oven blijven. Het vocht kan zich dan beter verdelen.
Wikkel rosbief na de bereiding in aluminiumfolie en laat het 10 minuten in de oven nagaren.
Snijd bij varkensvlees met zwoerd, het zwoerd kruisgewijs in en leg het vlees eerst met het zwoerd naar beneden in de vorm.
Pagina 23
Vlees Gewicht Toebehoren en Hoogte vormen
Verwar- Temperatuur in Tijdsduur in mings- °C, grillstand minuten methode
| Rundvlees | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Gestoofd rundvlees | 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | gesloten | 2 | 200-220 | 100 | |
| 2 | 190-210 | 120 | ||||
| 2 | 180-200 | 140 | ||||
| Runderfilet, medium | 1,0 kg 1,5 kg | open | 2 | 210-230 | 60 | |
| 2 | 200-220 | 80 | ||||
| Rosbief, medium | 1,0 kg | open | 1 | 4 | 220-240 | 60 |
| Steaks, 3 cm dik, medium | Rooster + braadslede | 5+1 | 3 | 15 | ||
| Kalfsvlees | ||||||
| Gebraden kalfsvlees | 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | open | 2 | 190-210 | 110 | |
| 2 | 180-200 | 130 | ||||
| 2 | 170-190 | 150 | ||||
| Kalfsschenkel | 1,5 kg | open | 2 | 210-230 | 140 | |
| Varkensvlees | ||||||
| Braadstuk zonder zwoerd (bijv. halsstuk). | 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | open | 1 | 4 | 190-210 | 120 |
| 1 | 4 | 180-200 | 150 | |||
| 1 | 4 | 170-190 | 170 | |||
| Braadstuk, met zwoerd (bijv. schouder) | 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | open | 1 | 4 | 190-210 | 130 |
| 1 | 4 | 180-200 | 160 | |||
| 1 | 4 | 170-190 | 190 | |||
| Varkensfricandeau | 500 g | Rooster + braadslede | 3+1 | 4 | 230-240 | 30 |
| Varkensvlees, mager | 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | open | 2 | 190-210 | 120 | |
| 2 | 180-200 | 140 | ||||
| 2 | 170-190 | 160 | ||||
| Casselerrib met been | 1,0 kg | gesloten | 2 | 210-230 | 70 | |
| Steaks, 2 cm dik | Rooster + braadslede | 5+1 | 3 | 15 | ||
| Varkensmedaillons, 3 cm dik | Rooster + braadslede | 5+1 | 3 | 10 | ||
| Lamsvlees | ||||||
| Lamszadel met been | 1,5 kg | open | 2 | 4 | 190-210 | 60 |
| Lamsbout zonder been, medium | 1,5 kg | open | 1 | 4 | 160-180 | 120 |
| Wildbraad | ||||||
| Reerug met been | 1,5 kg | open | 2 | 200-220 | 50 | |
| Reebout zonder been | 1,5 kg | gesloten | 2 | 210-230 | 100 | |
| Wild zwijn | 1,5 kg | gesloten | 2 | 180-200 | 140 | |
| Hertenvlees | 1,5 kg | gesloten | 2 | 180-200 | 130 | |
| Konijn | 2,0 kg | gesloten | 2 | 220-240 | 60 | |
| Gehakt | ||||||
| Gebraden gehakt | van 500 g vlees | open | 1 | 4 | 180-200 | 80 |
| Worstjes | ||||||
| Worstjes | Rooster + braadslede | 4+1 | 3 | 15 |
Pagina 24
Gevogelte
De gewichtsgegevens in de tabel hebben betrekking op ongevuld, panklaar gevogelte.
Leg het hele gevogelte eerst met de borstzijde naar beneden op het rooster. Na van de opgegeven tijd keren.
Braadstukken, zoals kalkoenrollade of kalkoenfilet, halverwege de opgegeven tijd keren. Stukken gevogelte na van de tijd keren.
Prik bij eend of gans het vel onder de vleugels in.Zo kan het vet weglopen.
Gevogelte wordt bijzonder knapperig bruin als u het tegen het einde van de bereidingstijd bestrijkt met boter, zout water of sinaasappelsap.
| Gevogelte Gewicht | Toebehoren en vormen | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C, grillstand | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|
| Kip, heel 1,2 kg | Rooster | 2 | 4 | 220-240 | 60-70 |
| Poularde, heel 1,6 kg | Rooster | 2 | 4 | 210-230 | 80-90 |
| Kip, gehalveerd per stuk 500 g | Rooster | 2 | 4 | 220-240 | 40-50 |
| Stukken kip per stuk 150 g | Rooster | 3 | 4 | 210-230 | 30-40 |
| Stukken kip per stuk 300 g | Rooster | 3 | 4 | 210-230 | 35-45 |
| Kipfilets per stuk 200 g | Rooster | 3 | 3 | 30-40 | |
| Eend, heel 2,0 kg | Rooster | 2 | 4 | 190-210 | 100-110 |
| Eendenborst per stuk 300 g | Rooster | 3 | 4 | 240-260 | 30-40 |
| Gans, heel 3,5-4,0 kg | Rooster | 2 | 4 | 170-190 | 120-140 |
| Ganzenbouten per stuk 400 g | Rooster | 3 | 4 | 220-240 | 40-50 |
| Kalkoen, heel 3,0 kg | Rooster | 2 | 4 | 180-200 | 80-100 |
| Kalkoenrollade 1,5 kg | open | 1 | 4 | 200-220 | 110-130 |
| Kalkoenfilet 1,0 kg | gesloten | 2 | 180-200 | 90 | |
| Kalkoenbout 1,0 kg | Rooster | 2 | 4 | 180-200 | 90-100 |
| Vis Keer visstukken na van de tijd. Hele vis hoeft niet gekeerd te worden. Plaats de hele vis in de zwemstand, met de rugvin naar boven, in de oven. Een | ingesneden aardappel of een kleine ovenvaste vorm in de buik van de vis maakt hem stabieler. Voeg bij de visfilet voor het stoven een paar eetlepels vloeistof toe. | ||||
| Vis Gewicht | Toebehoren en vormen | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur in °C, grillstand | Tijdsduur in minuten |
| Vis, heel per stuk ca. 300 g 1,0 kg 1,5 kg 2,0 kg | Rooster | 2 | 2 | 20-25 | |
| Rooster | 2 | 4 | 200-220 | 45-55 | |
| Rooster | 2 | 4 | 190-210 | 60-70 | |
| gesloten | 2 | 190-210 | 70-80 | ||
| Viskotelet, 3 cm dik | Rooster | 3 | 2 | 20-25 | |
| Visfilet | gesloten | 2 | 210-230 | 25-30 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Tips voor het braden en grillen
| Voor het gewicht van het vlees staan geen gegevens in de tabel. | Maak uw keuze in overeenstemming met het eerstvolgende, lagere gewicht en houd een langere tijd aan. |
| Hoe kunt u vaststellen of het vlees klaar is? | Gebruik de vleesthermometer (verkrijgbaar in de speciaalzaak) of doe de “lepeltest". Druk met een lepel op het vlees. Voelt het stevig aan, dan is het klaar. Geeft het mee, dan heeft het nog wat tijd nodig. |
| Het vlees is te donker en de korst is op enkele plaatsen verbrand. | Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur. |
| Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is aangebrand. | Neem de volgende keer kleiner braadgerei of voeg wat meer vloeistof toe. |
| Het vlees ziet er goed uit, maar de jus is te licht en te waterig. | Gebruik de volgende keer groter braadgerei en voeg minder vloeistof toe. |
| Bij het overgieten van het vlees ontstaat waterdamp. | Dit is normaal. Een groot deel van de waterdamp ontsnapt uit de oven. Het kan neerslaan op het koudere schakelpaneel of op meubilair en als condens neerdruppelen. |
Pagina 25
Ovenschotels, gegratineerde gerechten, toast
Plaats de vormen altijd op het rooster.
Grilt u direct op het rooster, plaats dan ook de braadslede op hoogte 1. De oven blijft schoner.
Gerecht Toebehoren en vormen
De bereidingstoestand van een ovenschotel is afhankelijk van de grootte van de vorm en de hoogte van het gerecht. De opgaven in de tabellen zijn slechts richtwaarden.
Hoogte Temperatuur in Tijdsduur in
Verwarmingsmethode
°C, grillstand minuten
| Ovenschotels | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Ovenschotel, zoet | Ovenschaal | 2 | 180-200 | 50-60 | |
| Soufflé | Ovenschaal | 2 | 180-200 | 35-45 | |
| Portievormpjes | 2 | 200-220 | 25-30 | ||
| Pastaschotel | Ovenschaal | 2 | 200-220 | 40-50 | |
| Lasagne | Ovenschaal | 2 | 180-200 | 40-50 | |
| Gegratineerde gerechten | |||||
| Gegratineerde aardappels, rauwe ingrediënten, max. 4 cm hoog | 1 ovenschaal | 2 | 4 | 160-180 | 60-80 |
| 2 ovenschalen | 3+1 | 150-170 | 60-80 | ||
| Toast | |||||
| 4 stuks, gegratineerd | Rooster + braadslede | 3+1 | 4 | 160-170 | 10-15 |
| 12 stuks, gegratineerd | Rooster + braadslede | 3+1 | 4 | 160-170 | 15-20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Kant-en-klaar producten
Houd u aan de opgaven van de fabrikant op de verpakking.
Wanneer u de toebehoren bekleedt met bakpapier, let er dan op dat het bakpapier geschikt is voor deze temperaturen. Pas de grootte van het papier aan het gerecht aan.
Het bereidingsresultaat is zeer sterk afhankelijk van het soort levensmiddelen. Op het rauwe product kunnen al bruine plekken en ongelijkmatigheden te zien zijn.
Gerecht Toebehoren Hoogte Verwarmings- Temperatuur Tijdsduur methode in °C in minuten
| Pizza, diepvries | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| Pizza met dunne bodem | Braadslede | 2 | /6 | 200-220 | 15-25 |
| Braadslede + rooster | 3+1 | 180-200 | 20-30 | ||
| Pizza met dikke bodem | Braadslede | 2 | /6 | 170-190 | 20-30 |
| Braadslede + rooster | 3+1 | 170-190 | 25-35 | ||
| Pizza-baguette | Braadslede | 3 | /6 | 170-190 | 20-30 |
| Minipizza | Braadslede | 3 | /6 | 190-210 | 10-20 |
| Pizza, diepvries | |||||
| Pizza (voorverwarmen) | Braadslede | 1 | /6 | 180-200 | 10-15 |
| Aardappelproducten, diepvries | |||||
| Frites | Braadslede | 3 | /6 | 190-210 | 20-30 |
| Braadslede + bakplaat | 3+1 | 180-200 | 30-40 | ||
| Kroketten | Braadslede | 3 | /6 | 190-210 | 20-25 |
| Rösti, gevulde aardappelflappen | Braadslede | 3 | /6 | 200-220 | 15-25 |
| Brood en banket, diepvries | |||||
| Broodjes, baguette | Braadslede | 3 | /6 | 180-200 | 10-20 |
| Zoute krakelingen | Braadslede | 3 | /6 | 200-220 | 10-20 |
| Brood en banket, voorgebakken | |||||
| Voorgebakken broodjes, voorgebakken | Braadslede | 2 | 190-210 | 10-20 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
baguettes
Braadslede + rooster 3+1 160-180 20-25
Verder lezen op pagina 3Inhoud