naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch HNG6764B6, tekst van de handleiding

Pagina's 16–26 van 60 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 2–15verder op pagina 27 →

Pagina 16

nl Voor het eerste gebruik

Opmerking: De telescooprails met een lichte druk terugschuiven in de binnenruimte.

Opmerking: Haal de accessoires die u niet nodig hebt bij het gebruik uit de binnenruimte.

6.4 Meer accessoires

Meer accessoires kunt u kopen bij de servicedienst, in speciaalzaken of op het internet.

U vindt een uitgebreid aanbod voor uw apparaat in onze folders of op internet:

www.bosch-home.com

Voor de verschillende apparaten zijn specifieke accessoires beschikbaar. Geef bij de aankoop altijd de precieze aanduiding (E-nr.) van uw apparaat op.

Welke accessoires beschikbaar zijn voor uw apparaat, kunt u zien in de online-shop of navragen bij de klantenservice.

7 Voor het eerste gebruik

Stel de opties voor het eerste gebruik in. Reinig het apparaat en de accessoires.

7.1 Vóór het eerste gebruik

Informeer voor de eerste ingebruikneming bij uw waterbedrijf naar de waterhardheid van uw leidingwater. Om ervoor te zorgen dat het apparaat u er op het juiste moment aan kan herinneren dat u dient te ontkalken, dient u de juiste waterhardheid in te stellen.

LET OP!

Wanneer een verkeerde waterhardheid is ingesteld, dan kan het apparaat u niet tijdig aan het ontkalken herinneren.

Schade aan het apparaat door gebruik van ongeschikte vloeistoffen.

Kans op functiestoringen bij het gebruik van gefilterd of gedemineraliseerd water. Het apparaat vraagt eventueel om na te vullen terwijl de watertank vol is, of de stoomfunctie wordt na ongeveer 2 minuten afgebroken.

Tip: Gebruikt u mineraalwater, stel dan waterhardheid op “zeer hard“ in. Gebruikt u mineraalwater, gebruik dan uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur.

Tip: Wanneer uw leidingwater sterk kalkhoudend is, adviseren wij u onthard water te gebruiken. Gebruikt u uitsluitend onthard water, stel dan het waterhardheidbereik in op "onthard".

InstellingWaterhardheid in mmol/ lDuitse hardheid °dHFranse hardheid °fH
00 (onthard)¹---
01 (zacht)tot 1,5tot 8,4tot 15
02 (gemiddeld)1,5-2,58,4-1415-25
03 (hard)2,5-3,814-21,325-38
04 (zeer hard)²hoger dan 3,8hoger dan 21,3hoger dan 38

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)

1 Alleen instellen wanneer er uitsluitend onthard water wordt gebruikt.

2 Ook voor mineraalwater instellen. Uitsluitend mineraalwater zonder koolzuur gebruiken.

7.2 Eerste keer in gebruik nemen

Na het aansluiten op het elektriciteitsnetwerk of na een langere stroomuitval dient u de instellingen voor de eerste ingebruikname van uw apparaat uit te voeren. Het kan enkele seconden duren tot op het display de instellingen verschijnen.

Opmerking: U kunt de instellingen ook met Home Connect uitvoeren. Als uw apparaat verbonden is, volg dan de aanwijzingen in de app.

Mogelijke instellingen:

Pagina 17

De Bediening in essentie nl

7.3 Het apparaat reinigen voordat u het voor het eerst gebruikt

Voordat u voor het eerst gerechten klaarmaakt met het apparaat dient u de binnenruimte en de accessoires te reinigen.

→ "Watertank vullen", Pagina 20

Verwarmingsmethode 4D hetelucht

Temperatuurmaximaal
Toevoer van stoom03
Bereidingstijd1 uur

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)

→ "De Bediening in essentie", Pagina 17

‒ Zorg ervoor dat de keuken geventileerd is zolang het apparaat opwarmt.

8 De Bediening in essentie

8.1 Apparaat inschakelen

8.2 Apparaat uitschakelen

Schakel het apparaat uit wanneer u het niet nodig heeft. Wanneer u het apparaat langere tijd niet bedient, gaat het automatisch uit.

8.3 In werking stellen

Elke functie moet u starten.

LET OP!

Water op de bodem van de binnenruimte bij temperaturen boven de 120°C leidt tot schade aan het emaille.

8.4 Werking onderbreken of afbreken

U kunt de werking kort onderbreken en weer voortzetten. Breekt u de werking volledig af, dan worden de instellingen gereset.

‒ Kort op drukken.

‒ Om de werking voort te zetten, op drukken.

8.5 Functie instellen

Nadat u het apparaat heeft ingeschakeld, stelt het een functie voor, bijv. verwamingsmethoden.

→ "Functies", Pagina 12

8.6 Verwarmingsmethode en temperatuur instellen

Vereiste: De functie "Verwarmingsmethoden" is gekozen.

Tip: De meest geschikte verwarmingsmethode voor uw gerechten vindt u in de beschrijving van de verwarmingsmethoden.

Opmerking: U kunt aan het apparaat de duur en het einde van de werking instellen.

→ "Tijdfuncties", Pagina 18

Pagina 18

nl Snel voorverwarmen

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

8.7 Informatie weergeven

In de meeste gevallen kunt u informatie bij de zojuist uitgevoerde functie oproepen. Vele aanwijzingen verschijnen automatisch, bijv. ter bevestiging of als oproep of waarschuwing.

9 Snel voorverwarmen

Om tijd te besparen, kunt u bij ingestelde temperaturen vanaf 100 °C de opwarmingsduur verkorten.

Bij deze verwarmingsmethoden kunt u de functie snel voorverwarmen gebruiken:

4D hetelucht

9.1 Snel voorverwarmen instellen

Om een gelijkmatig bereidingsresultaat te krijgen, de gerechten pas na het snel voorverwarmen in de binnenruimte plaatsen.

Opmerking: Stel pas een tijdsduur in wanneer het snel voorverwarmen beëindigd is.

Snel voorverwarmen afbreken

10 Tijdfuncties

Uw apparaat beschikt over verschillende tijdfuncties waarmee u de werking kunt sturen.

10.1 Overzicht van de tijdfuncties

Bij de werking kunt u duur en einde instellen. De wekker kan onafhankelijk van de werking worden ingesteld.

TijdfunctieGebruik
TimerDe wekker kunt u onafhankelijk van de werking instellen. Hij beïnvloedt het apparaat niet.
TijdsduurWanneer u voor de werking een tijdsduur instelt, houdt het apparaat na het verstrijken van de tijdsduur automatisch op met verwarmen.
EindeVoor de duur kunt u een tijd instellen waarop de werking eindigt. Het apparaat start automatisch zodat de werking op het gewenste tijdstip klaar is.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)

10.2 Timer instellen

De timer loopt onafhankelijk van de werking. U kunt de timer bij ingeschakeld en uitgeschakeld apparaat tot 23 uur en 59 minuten instellen. De timer heeft een eigen signaal, zodat u hoort of de timer of een tijdsduur eindigt.

Na enkele seconden start de wekker ook automatisch.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een wekkertijd in te stellen op drukken en de wekkertijd met de bedieningsring instellen.

Pagina 19

Tijdfuncties nl

Wekker wijzigen

U kunt de wekkertijd altijd wijzigen.

Wekker afbreken

U kunt de wekkertijd altijd afbreken.

10.3 Tijdsduur instellen

De duur voor de werking kunt u tot 23 uur en 59 minuten instellen.

Vereiste: Een werking en een temperatuur of stand zijn ingesteld.

DraairichtingVoorgestelde waarde
Links10 minuten
Rechts30 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 19)

De tijdsduur kan tot een uur worden ingesteld in stappen van een minuut, daarna in stappen van 5 minuten. De eindtijd wordt automatisch berekend.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

Tijdsduur afbreken

U kunt de duur altijd afbreken.

10.4 Einde instellen

Het tijdstip waarop de tijdsduur afloopt, kunt u tot 23 uur en 59 minuten verschuiven.

Opmerkingen

Vereisten

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Om de werking zonder tijdsduur voor te zetten, met starten.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Einde afbreken

U kunt het ingestelde einde en de duur altijd wissen.

Pagina 20

nl Stoom

11 Stoom

Met stoom bereidt u gerechten op een bijzonder efficiënte manier. U kunt de stoommethoden gebruiken of bij enkele verwarmingsmethoden de stoomondersteuning inschakelen.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Bij het openen van de apparaatdeur kan hete stoom vrijkomen. Stoom is afhankelijk van de temperatuur niet altijd zichtbaar.

11.1 Watertank vullen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brand!

Door hete oppervlakken in de binnenruimte kunnen dampen van brandbare vloeistoffen vlam vatten (explosieve verbranding). De apparaatdeur kan openspringen. Er kunnen hete dampen en steekvlammen naar buiten treden.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

Vereiste: De waterhardheid is correct ingesteld. → "Vóór het eerste gebruik", Pagina 16

11.2 Stoommethoden

Er staan verschillende stoommethoden ter beschikking waarbij hete stoom gerechten op een efficiënte wijze bereidt.

Regenereren

Met regenereren warmt u al klaargemaakte gerechten op een efficiënte manier op of bakt u gerechten van de vorige dag op.

Deegrijsstand

Met de deegrijsstand rijst het deeg duidelijk sneller dan bij kamertemperatuur en het droogt niet uit.

Verwarmingsmethode met stoom instellen Opmerking:

Neem de gegevens over de verwarmingsmethoden met stoom in acht:

→ "Stoommethoden", Pagina 20

Vereiste: De watertank is gevuld.

→ "Watertank vullen", Pagina 20

Pagina 21

Stoom nl

Opmerking: Als de watertank tijdens het bedrijf leegloopt, verschijnt op het display een aanwijzing. De werking wordt onderbroken.

→ "Watertank vullen", Pagina 20

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Om opnieuw een tijdsduur in te stellen op "Tijdsduur" drukken en de tijdsduur met de bedieningsring instellen.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Tijdsduur wijzigen

U kunt de duur altijd wijzigen.

11.3 Bereiding met stoom

Bij het bereiden met stoom brengt het apparaat met verschillende tussenpozen stoom in de binnenruimte. Hierdoor krijgt het gerecht een knapperige korst en een glanzend oppervlak. Vlees wordt van binnen zacht, mals en verliest slechts weinig volume.

Geschikte verwarmingsmethoden met stoomtoevoer

Voor de werking met stoomondersteuning zijn slechts bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.

Bij deze verwarmingsmethoden kunt u er stoom bij inschakelen:

4D hetelucht

Stoomtoevoer instellen

Vereiste: De watertank is gevuld. → "Watertank vullen", Pagina 20

StoomstandToevoer van stoom
0geen
01gering
02gemiddeld
03sterk

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)

Opmerking: Als de watertank tijdens het bedrijf leegloopt, verschijnt op het display een aanwijzing. De werking wordt zonder gebruik van stoom voortgezet.

→ "Watertank vullen", Pagina 20

Stoomstand wijzigen

U kunt de stoomstand altijd wijzigen.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de werking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

11.4 Na elk gebruik met stoom

Na elke bereiding met stoom pompt het apparaat het restwater terug in de watertank. Leeg en droog aansluitend de watertank en de bereidingsruimte.

Watertank legen

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik van het apparaat kan de watertank heet worden.

Pagina 22

nl Magnetron

LET OP!

Wanneer de watertank in de vaatwasser wordt gereinigd veroorzaakt dit schade.

Lekgoot droogmaken

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Het apparaat wordt heet tijdens het gebruik.

Vereiste: De binnenruimte is afgekoeld.

De lekgoot bevindt zich onder de binnenruimte.

Het water in de lekgoot met een sponsdoekje opzuigen en voorzichtig opnemen.

Binnenruimte drogen

Droog de ovenruimte na elk gebruik met stoom.

→ "Drogen", Pagina 36

12 Magnetron

Met de magnetron kunt u bijzonder snel gerechten bereiden, verwarmen, bakken of ontdooien. U kunt de magnetron alleen, of in combinatie met een andere verwarmingsmethode gebruiken.

12.1 Vormen en accessoires met magnetron

Om uw gerechten gelijkmatig op te warmen en het apparaat niet te beschadigen, dient u alleen geschikte vormen en accessoires te gebruiken.

Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van uw vormen in acht.

Indien niet anders aangegeven, de vormen en accessoires inschuiven op hoogte 2.

Geschikt voor de magnetron

Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen van hitte- en magnetronbestendig materiaal:
• Glas
• Glaskeramiek
• Porselein
• Temperatuurbestendig kunststof
• Volledig geglaceerd keramiek zonder barsten
Deze materialen laten microgolven door en worden niet beschadigd.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Vormen en accessoiresAanwijzingen
ServeervormenU hoeft uw gerechten niet om te vullen.
Opmerking: Vormen met gouddecor of zilverdecor alleen gebruiken als de fabrikant de geschiktheid voor gebruik in de magnetron garandeert.
Meegeleverd roosterAlleen het meegeleverde rooster is voor het zuivere gebruik met magnetron geschikt.
Opmerking: Platen, bijv. de universele braadslede of de bakplaat, kunnen vonken vormen en zijn niet geschikt.
Niet geschikt voor de magnetron
Opmerking: Neem de gegevens over het vermijden van materiële schade in acht.
→ "Magnetron", Pagina 8
Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen en bakvormen van metaalMetaal laat geen microgolven door. Hierdoor worden de gerechten niet of nauwelijks opgewarmd.
Opmerking: Metaal kan bij het zuivere magnetrongebruik vonken vormen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Vormen en accessoires met CombiSpeed

Door de combinatie van magnetron en een verwarmingsmethode zijn voor vormen en accessoires van metaal mogelijk.

Pagina 23

Magnetron nl

Vormen en accessoiresAanwijzingen
Vormen en bakvormen van metaalMet CombiSpeed kan metaal worden gebruikt.
Opmerking: Voorwerpen die metaal bevatten dienen minstens 2 cm van de wanden van de binnenruimte en de binnenkant van de deur verwijderd te zijn.
Meegeleverde accessoires:
• Rooster
• Braadslede
• Bakplaat
De meegeleverde accessoires zijn voor de CombiSpeed geschikt. Er vormen zich geen vonken.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Vormen testen op hun magnetronbestendigheid

Als u niet zeker bent of uw vormen geschikt zijn voor het gebruik in de magnetron, voert u een test van de vormen uit.

LET OP!

Het gebruik van het apparaat zonder gerechten in de binnenruimte leidt tot overbelasting.

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

Tijdens het gebruik worden de toegankelijke onderdelen heet.

‒ Wanneer de vorm koud of handwarm blijft, dan is deze geschikt voor de magnetron.

‒ Wanneer de vorm heet wordt of als r vonken ontstaan, dan de serviestest afbreken. De vorm is dan niet geschikt voor de magnetron.

12.2 Magnetron instellen

Opmerkingen

Deze droogfunctie kunt u in de basisinstellingen uitschakelen.

→ "Basisinstellingen", Pagina 29

WAARSCHUWING ‒ Kans op brandwonden!

De droogfunctie bij de hoogste standen bij de magnetronfunctie schakelt automatisch een verwarmingselement bij en verhit de binnenruimte.

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Indien nodig opnieuw een magnetronvermogen en een tijdsduur instellen.

‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

→ "Drogen", Pagina 36

Opmerking: Wanneer u de apparaatdeur opent tijdens het gebruik, wordt de werking stopgezet. Als u de ovendeur sluit, moet u de werking met voortzetten. Heeft u de basisinstelling hiervoor gewijzigd, zorg er dan voor dat de magnetron niet verder loopt terwijl hij leeg is.

→ "Basisinstellingen", Pagina 29

Magnetronvermogen wijzigen

Als u het magnetronvermogen wijzigt, blijft de ingestelde tijdsduur behouden.

Tijdsduur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur direct wijzigen.

Pagina 24

nl Braadthermometer

12.3 CombiSpeed

Om de bereidingsduur te verkorten, kunt u sommige verwarmingsmethoden in combinatie met de magnetron gebruiken.

Mogelijke verwarmingsmethoden zijn:

4D hete lucht

Mogelijke magnetronvermogens zijn: 90 watt

180 watt

360 watt

CombiSpeed instellen

Opmerking:

Zorg voor de juiste omgang met de magnetron: → "Veiligheid", Pagina 2 → "Materiële schade vermijden", Pagina 8 → "Magnetronvermogen", Pagina 14 → "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 22

‒ Om het signaal voortijdig te beëindigen op een willekeurig touchveld drukken.

‒ Indien nodig opnieuw een combinatie instellen. ‒ Als het gerecht klaar is, het apparaat met uitschakelen.

Temperatuur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de temperatuur direct wijzigen.

Tijdsduur wijzigen

Na het starten van de magnetronwerking kunt u de tijdsduur altijd wijzigen.

Combinatie wijzigen

Als u de combinatie uit verwarmingsmethode en magnetronvermogen wijzigt, worden alle andere instellingen teruggezet.

‒ Om het magnetronvermogen te wijzigen, op magnetron drukken en het magnetronvermogen wijzigen.

‒ Om de verwarmingsmethode te wijzigen, op verwarmingsmethode drukken en de verwarmingsmethode wijzigen. Daarna het magnetronvermogen instellen.

13 Braadthermometer

U kunt uw gerechten heel nauwkeurig garen door er een braadthermometer in te steken en een kerntemperatuur in te stellen. Zodra de ingestelde kerntemperatuur in het product is bereikt, houdt het apparaat automatisch op te werken.

13.1 Geschikte verwarmingsmethoden met braadthermometer

Voor het gebruik met de braadthermometer zijn alleen bepaalde verwarmingsmethoden geschikt.

Wanneer de braadthermometer in de binnenruimte is geplaatst, staan de volgende verwarmingsmethoden ter beschikking.

4D hetelucht

13.2 Braadthermometer in het vlees steken

Gebruik de meegeleverde braadthermometer of bestel een geschikte braadthermometer via onze servicedienst.

WAARSCHUWING ‒ Kans op elektrische schok!

Bij gebruik van een verkeerde braadthermometer kan de isolatie beschadigd raken.

LET OP!

Anders kan de braadthermometer beschadigd raken.

Pagina 25

Braadthermometer nl

Als bij het gebruik met magnetron de punt van de braadthermometer niet volledig in het gerecht steekt, dan ontstaan er vonken.

Dunne vleesstukkenSteek de braadthermometer opzij in de dikste plaats van het vlees.
Dikke vleesstukkenSteek de thermometer van boven schuin tot de aanslag in het vlees.
GevogelteDe braadthermometer in de dikste plaats van de gevogelteborst steken tot de aanslag. Steek de braadthermometer schuin of in de lengte in het gevogelte, afhankelijk van de vorm.
Het gevogelte draaien en met de borstzijde naar beneden op het rooster leggen.
VisBij hele vis de braadthermometer achter de kop in de richting van de ruggengraat tot de aanslag insteken.
De vis zonder hem te keren in de zwemstand op het rooster plaatsen, bijv. met een halve aardappel als steun.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

Opmerkingen

13.3 Braadthermometer instellen

De braadthermometer meet de temperatuur in het binnenste van het product tussen 30°C en 99°C.

Vereisten

De temperatuur van de binnenruimte minstens 10°C hoger instellen dan de kerntemperatuur.

De temperatuur van de binnenruimte niet hoger instellen dan 250°C.

→ " Stoom", Pagina 20

De binnenruimte, accessoires en braadthermometer worden zeer heet.

Als de kerntemperatuur is bereikt:

‒ Het apparaat uitschakelen met .

‒ Neem de braadthermometer uit de aansluiting in de binnenruimte.

‒ Neem de braadthermometer uit het product en uit de binnenruimte.

Tip: U kunt de braadthermometer ook met een andere functie gebruiken. Zodra de braadthermometer is ingestoken, staan alleen nog de met braadthermometer mogelijke functies ter beschikking.

Temperatuur wijzigen

Pagina 26

nl Assist

Verwarmingsmethode wijzigen

Verandert u de verwarmingsmethode, dan worden ook de andere instellingen teruggezet.

13.4 Kerntemperatuur van verschillende levensmiddelen

Hier vindt u richtwaarden voor kerntemperaturen van verschillende levensmiddelen.

De richtwaarden hangen af van de kwaliteit en de soort levensmiddelen. Gebruik geen diepvriesproducten.

GevogelteKerntemperatuur in °C
Kip80 - 85
Kipfilet75 - 80
Eend80 - 85
Eendenborst, rosé55 - 60
Kalkoen80 - 85
Kalkoenfilet80 - 85
Gans80 - 90
VarkensvleesKerntemperatuur in °C
Varkensnek85 - 90
Varkensfilet, rosé62 - 70
Varkensrug, doorbakken72 - 80

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

RundvleesKerntemperatuur in °C
Rosbief of rundvlees, kort gebakken45 - 52
Rosbief of runderfilet, rosé55 - 62
Runderfilet of rosbief, doorbakken65 - 75
KalfsvleesKerntemperatuur in °C
Gebraden kalfsvlees of schouderstuk, mager75 - 80
Gebraden kalfsvlees, schouder75 - 80
Kalfsschenkel85 - 90
LamsvleesKerntemperatuur in °C
Lamsbout, rosé60 - 65
Lamsbout, doorbakken70 - 80
Lamsrug, rosé55 - 60
VisKerntemperatuur in °C
Vis, heel65 - 70
Visfilet60 - 65
DiversenKerntemperatuur in °C
Gebraden gehakt, alle vleessoorten80 - 90
Gerechten opwarmen, regenereren65 - 75

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

14 Assist

Met de functie "Assist" helpt u uw apparaat bij de bereiding van verschillende gerechten en kiest u automatisch de optimale instellingen.

14.1 Vormen

Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de grootte van de vorm.

Gebruik een hittebestendige vorm, die geschikt is voor temperaturen tot 300°C. Vormen van glas of glaskeramiek zijn het meest geschikt. Braadstukken moeten de bodem van de vorm voor ca. 2/3 bedekken.

Vormen van het volgende materiaal zijn niet geschikt:

Opmerking: Bij sommige gerechten schakelt het apparaat de magnetron in. Er verschijnt een aanwijzing op het display dat een voor de magnetron geschikte vorm dient te worden gebruikt.

→ "Vormen en accessoires met magnetron", Pagina 22

14.2 Instellingen van de gerechten

Om de gerechten optimaal te bereiden, gebruikt het apparaat verschillende instellingen.

Opmerking: Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen. Gebruik verse levensmiddelen, het best op koelkasttemperatuur. Diepvriesgerechten direct uit het diepvriesvak gebruiken.

Tips en aanwijzingen bij de instellingen

Als u een gerecht instelt, geeft het display voor dit gerecht relevante informatie weer, bijv.:

Druk op"Tip" of om de informatie op te roepen. Sommige aanwijzingen verschijnen automatisch.

← pagina's 2–15verder op pagina 27 →Inhoud