Neff C67M70N0, tekst van de handleiding
Pagina's 11–22 van 40 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 2–10verder op pagina 23 →
Pagina 11
Combinatie
Hierbij wordt een functie gebruikt in combinatie met de magnetron. Uw gerechten zijn door de microgolven sneller klaar en worden toch mooi bruin.
U kunt een tijdsduur tot 1 uur en 30 minuten instellen.
In dit hoofdstuk leest u
- welke functies en magnetronvermogens geschikt zijn
- hoe u de combinatiefunctie instelt
Geschikte functies
- 3 Hete lucht
- 2 Hete lucht plus
- Boven- en onderwarmte
- 4 Thermogrillen
- Grill, groot
- Grill, klein
Aanwijzing: Het snel voorverwarmen kan niet worden ingeschakeld bij de combinatiefunctie.
Geschikte magnetronvermogens
Alle magnetronvermogens, behalve 900 watt, kunt u combineren met een functie.
Combinatie instellen
Voorbeeld: magnetron 360 W, 17 minuten en boven- en onderwarmte 200 °C.
- 1. Aan de functiekeuzeknop draaien tot boven- en onderwarmte op het tekstdisplay verschijnt. Op het temperatuurdisplay wordt 180 °C voorgesteld.
- 2. Met de temperatuurkeuzeknop 200 °C instellen.
- 3. De toets voor het gewenste magnetronvermogen indrukken. : min en het symbool verschijnen op het klokdisplay.
- 4. Met de draaiknop de tijdsduur instellen.
- 5. De toets indrukken.
De werking start. U kunt het verloop van de tijdsduur aflezen.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De combifunctie is beëindigd. U kunt het geluidssignaal voortijdig met de toets uitschakelen. Apparaat uitzetten of opnieuw instellen.
Temperatuur of grillstand wijzigen
Dit is altijd mogelijk. Met de draaiknop de temperatuur of grillstand wijzigen.
Magnetronvermogen veranderen
De toets voor het nieuwe magnetronvermogen indrukken. Met de draaiknop de tijdsduur instellen en weer starten.
Ovendeur tussentijds openen
De werking wordt onderbroken. knippert. Na het sluiten van de deur de toets indrukken. De functie wordt voortgezet.
Werking onderbreken
De toets kort indrukken. knippert. De oven bevindt zich in de pauzetoestand. Opnieuw op de toets drukken, de werking wordt voortgezet.
Werking afbreken
De toets twee keer indrukken, of de toets ingedrukt houden en met de functiekeuzeknop uitschakelen.
Aanwijzing: Wanneer u ook een eindtijdstip instelt, schakelt de ingestelde functie automatisch in en uit. Zie het hoofdstuk Elektronische klok.
Serie instelling
Bij de serie instelling kunt u tot drie verschillende functies achter elkaar instellen en dan starten.
Voorwaarde: u moet voor elke stap een tijdsduur instellen.
Geschikt zijn:
- alle magnetronvermogens
- de combinatiefunctie
Vormen
Gebruik altijd hittebestendige vormen die geschikt zijn voor de magnetron.
Serie-instelling instellen
Voorwaarde: de functiekeuzeknop mag niet ingedrukt zijn.
- 1. De toets ² indrukken.
De voor de eerste serie-instelling is verlicht.
- 2. Het eerste magnetronvermogen en de tijdsduur instellen.
- 3. De toets ² opnieuw indrukken.
De voor de tweede serie-instelling is verlicht.
- 4. Het tweede magnetronvermogen en de tijdsduur instellen.
- 5. De toets ² opnieuw indrukken.
De ² voor de derde serie-instelling is verlicht.
- 6. Het derde magnetronvermogen en de tijdsduur instellen.
- 7. De toets indrukken.
De werking start. Op het klokdisplay wordt de tijdsduur van de eerste serie-instelling weergegeven. De voor de eerste serie-instelling is verlicht.
De totale of resterende tijdsduur opvragen
De klokfunctietoets twee keer indrukken, de actuele resterende tijdsduur wordt weergegeven.
De tijdsduur is afgelopen
Er klinkt een signaal. De serie-instelling is beëindigd. U kunt het symbool voortijdig met de toets uitschakelen. Het apparaat uitzetten of opnieuw instellen.
Ovendeur tussentijds openen
De werking wordt onderbroken. knippert. Na het sluiten van de deur de toets indrukken. De functie wordt voortgezet.
Instelling wijzigen
Een verandering is alleen voor de start mogelijk. Met de toets ² naar de gewenste instelling gaan en wijzigen.
Aanwijzing: U kunt ook een functie combineren met de serie-instelling. Stel eerst de ovenfunctie in.
Pagina 12
Memory
Memory geeft u de mogelijkheid eigen instellingen op te slaan en met een druk op een toets weer op te vragen. U heeft hiervoor zes geheugenplaatsen tot uw beschikking. Memory is nuttig voor gerechten die u zeer vaak klaarmaakt.
In dit hoofdstuk leest u
- hoe u Memory opslaat
- hoe u Memory start
Instellingen in Memory opslaan
Voorwaarde: de functiekeuzeknop mag niet ingedrukt zijn.
- 1. Functie, temperatuur en een tijdsduur voor het gewenste gerecht instellen of een programma kiezen. Niet starten.
- 2. De toets indrukken.
“Memory 1 vrij" verschijnt.
- 3. Met de functiekeuzeknop een van de zes geheugenplaatsen kiezen.
- 4. Taste lang ingedrukt houden tot er een signaal klinkt en “Memory opgeslagen" verschijnt.
Memory starten
U kunt de opgeslagen instellingen voor uw gerecht op elk moment starten.
Voorwaarde: de functiekeuzeknop mag niet ingedrukt zijn.
Plaats het gerecht in de binnenruimte.
- 1. De toets kort indrukken en met de draaiknop de geheugenplaats kiezen.
De opgeslagen instellingen worden weergegeven. Wanneer “Memory vrij" verschijnt, is er nog geen instelling opgeslagen op deze geheugenplaats.
- 2. De toets indrukken.
Memoryinstelling start.
Geheugenplaats wijzigen
Na de start kunt u de geheugenplaats niet meer veranderen.
Instellingen veranderen
Dit is altijd mogelijk.Wanneer u de volgende keer Memory start, verschijnt weer de oorspronkelijk opgeslagen instelling.
Elektronische klok
Klokdisplay
Uw apparaat heeft verschillende klokfuncties.
In dit hoofdstuk leggen wij u uit
- hoe het klokdisplay werkt
- hoe u de kookwekker instelt
- hoe u het apparaat automatisch uitschakelt (gebruiksduur en gebruikseinde)
- hoe u het apparaat automatisch in- en uitschakelt (voorkeuzefunctie)
- hoe u de tijd instelt of wijzigt.
| Klokfunctie | Gebruik | |
|---|---|---|
| • | Kookwekker | U kunt de wekker gebruiken als een kook- of eierwekker. Het apparaat gaat niet automatisch aan of uit. |
| • | Gebruiksduur | Het apparaat gaat na een ingestelde gebruiksduur (bijv. : uur) automatisch uit |
| • | Gebruikseinde | Het apparaat gaat op een ingesteld tijdstip (bijv. : uur) automatisch uit |
| Voorkeuzefunctie | Het apparaat wordt automatisch in- en uitgeschakeld. Gebruiksduur en gebruikseinde worden gecombineerd | |
| 3 | Tijd | Tijd instellen |
| • | Snel voorverwarmen | Opwarmtijd verkorten |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 12)
Aanwijzingen
- Tussen : en : uur wordt het klokdisplay verduisterd wanneer u in deze tijd niets instelt of als er geen klokfunctie geactiveerd is.
- Bij de klokfuncties Kookwekker , Gebruiksduur , Gebruikseinde en Voorkeuze-functie klinkt er na afloop van de instellingen een signaal en knippert het betreffende symbool. Wilt u het geluidssignaal voortijdig beëindigen, druk dan op de klokfunctietoets.
- U kunt uw instellingen op elk moment opvragen. Druk zo vaak op de klokfunctietoets tot het betreffende symbool verlicht is.
- Wilt u een instelling wissen, draai de ingestelde tijd dan terug naar : en schakel het apparaat uit.
- U kunt de instelling zo nodig met de draaiknop corrigeren.
Klokdisplay uit- en inschakelen
De functiekeuzeknop terugdraaien naar de stand en indrukken.
- 1. De klokfunctietoets enkele seconden lang ingedrukt houden.
Het klokdisplay wordt uitgeschakeld. Is er een klokfunctie actief, dan blijft het bijbehorende symbool verlicht.
Pagina 13
- 2. De klokfunctietoets enkele seconden lang ingedrukt houden.
Het klokdisplay wordt ingeschakeld.
Kookwekker
- 1. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zijn.
- 2. Met de draaiknop de tijdsduur instellen (bijv. : minuten). De instelling wordt automatisch overgenomen. Hierna wordt weer de tijd weergegeven en loopt de kookwekker af.
Gebruiksduur
Automatisch uitschakelen na een bepaalde tijdsduur.
- 1. Functie en temperatuur instellen.
- 2. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zijn.
- 3. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. : uur).
- 4. De toets indrukken.
Het apparaat warmt op.
- 5. De functiekeuzeknop terugdraaien naar de -stand en indrukken.
Na afloop van de gebruiksduur gaat het apparaat automatisch uit.
Gebruikseinde
Automatisch uitschakelen op een ingesteld tijdstip.
- 1. Functie en temperatuur instellen.
- 2. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zijn.
- 3. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. : uur).
- 4. De toets indrukken.
Na het ingestelde gebruikseinde gaat het apparaat automatisch uit.
- 5. De functiekeuzeknop terugdraaien naar de -stand en indrukken.
Voorkeuzefunctie
Het apparaat gaat automatisch aan en op het gekozen gebruikseinde uit. Combineer hiervoor de klokfuncties Gebruiksduur en Gebruikseinde .
- 1. Functie en temperatuur instellen.
- 2. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zijn.
- 3. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. : uur).
- 4. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en verlicht zijn.
- 5. Met de draaiknop de gebruiksduur instellen (bijv. : uur).
- 6. De toets indrukken.
Het apparaat wacht op een geschikt tijdstip om in te schakelen (in het voorbeeld om :
Na het ingestelde gebruikseinde gaat het apparaat automatisch uit ( : uur.) Er klinkt een signaal en het symbool knippert.
- 7. De functiekeuzeknop terugdraaien naar de -stand en indrukken.
Tijd instellen
- 1. De klokfunctietoets zo vaak indrukken tot de symbolen en 3 verlicht zijn.
- 2. Met de draaiknop de actuele tijd instellen.
De instelling wordt automatisch overgenomen.
Tijd wijzigen bijv. van zomer- in wintertijd
Stel in zoals in punt 1 en 2 beschreven.
Pagina 14
Kinderslot
Om te voorkomen dat kinderen de oven per ongeluk inschakelen of een lopende functie veranderen, is hij voorzien van een kinderslot.
In dit hoofdstuk leest u
- hoe u het apparaat blokkeert
- hoe u het apparaat permanent blokkeert
Blokkering
Om het apparaat weer in te schakelen moet u deze ontgrendelen. Na gebruik wordt het apparaat niet automatisch geblokkeerd. Blokkeer het eventueel opnieuw of activeer de permanente blokkering.
Apparaat blokkeren
- 1. Op de functiekeuzeknop drukken.
Op het tekstdisplay verschijnt "Apparaat gebruiksklaar".
- 2. De info-toets ingedrukt houden
Op het tekstdisplay verschijnt "Taal kiezen".
- 3. De info-toets opnieuw indrukken.
verschijnt op het temperatuurdisplay.
- 4. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 5. De info-toets ingedrukt houden tot het symbool op het temperatuurdisplay verschijnt.
Aanwijzing: Wanneer u een functie wilt instellen verschijnt op het temperatuurdisplay - - en op het tekstdisplay “Apparaat geblokkeerd".
Apparaat deblokkeren
- 1. Op de functiekeuzeknop drukken
- 2. De info-toets ingedrukt houden tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 3. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 4. De infotoets ingedrukt houden tot het symbool verdwijnt.
Permanente blokkering
Om een functie in te stellen, moet u de permanente blokkering even onderbreken. Nadat u het apparaat uitgeschakeld heeft, wordt het weer automatisch geblokkeerd.
Apparaat permanent blokkeren
- 1. Op de functiekeuzeknop drukken.
Op het tekstdisplay verschijnt "Apparaat gebruiksklaar".
- 2. De info-toets ingedrukt houden.
Op het tekstdisplay verschijnt "Taal kiezen".
- 3. De info-toets opnieuw indrukken.
verschijnt op het temperatuurdisplay.
Autostart
In principe is uw apparaat zo ingesteld dat u op de toets moet drukken om de ingestelde ovenfunctie te laten starten. Bij “Autostart" start de ovenfunctie automatisch na het sluiten van de ovendeur.
In het hoofdstuk Basisinstellingen wijzigen kunt u bij “Basisinstellingen wijzigen" nalezen hoe u overschakelt naar Autostart.
- 4. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 5. De info-toets ingedrukt houden.
Op het tekstdisplay verschijnt "Apparaat gebruiksklaar". Uw apparaat wordt na 30 seconden geblokkeerd. Op het temperatuurdisplay verschijnt het symbool
Aanwijzing: Wanneer u een functie wilt instellen verschijnt op het temperatuurdisplay - - en op het tekstdisplay “Apparaat permanent geblokkeerd".
Permanente blokkering onderbreken.
- 1. Op de functiekeuzeknop drukken.
Op het tekstdisplay verschijnt "Apparaat gebruiksklaar".
- 2. De info-toets ingedrukt houden tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 3. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 4. Infotoets ingedrukt houden tot het symbool verdwijnt. De permanente blokkering is onderbroken.
- 5. Apparaat binnen 30 seconden inschakelen.
Na het uitschakelen wordt de permanente blokkering weer geactiveerd.
Apparaat permanent deblokkeren.
- 1. Op de functiekeuzeknop drukken.
Op het tekstdisplay verschijnt "Apparaat gebruiksklaar".
- 2. De info-toets ingedrukt houden tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 3. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 4. Infotoets ingedrukt houden tot het symbool verdwijnt.
- 5. Binnen 30 seconden de info-toets opnieuw enkele seconden lang ingedrukt houden.
- 6. Aan de temperatuurkeuzeknop draaien tot op het temperatuurdisplay verschijnt.
- 7. De info-toets ingedrukt houden.
Het apparaat is permanent gedeblokkeerd.
Automatische veiligheidsuitschakeling
De automatische veiligheidsuitschakeling wordt uitsluitend geactiveerd, wanneer u gedurende een langere periode geen instellingen uitvoert op uw apparaat.
De tijdsduur waarna uw apparaat uitgaat, is afhankelijk van uw instellingen.
Op het tekstdisplay verschijnt “Veiligheidsuitschakeling“ en op het temperatuurdisplay knippert . De werking van het apparaat wordt onderbroken.
Draai de functiekeuzeknop naar de stand terug om het te deactiveren.
Pagina 15
Basisinstellingen
Uw apparaat heeft verschillende basisinstellingen die u op elk moment aan uw behoeften kunt aanpassen.
Aanwijzing: In de tabel vindt u alle basisinstellingen en de wijzigingsmogelijkheden. Afhankelijk van de uitrusting van uw apparaat worden op het display alleen de basisinstellingen weergegeven die geschikt zijn voor uw apparaat.
| Basisinstellingen | Mogelijkheden | Toelichting |
|---|---|---|
| - Taal kiezen: “Nederlands" | Er zijn 5 andere talen mogelijk | Taal voor het tekstdisplay |
| = apparaat gedeblokkeerd | = apparaat geblokkeerd | Kinderslot activeren |
| = apparaat eenmalig gedeblokkeerd | = apparaat permanent geblokkeerd | Kinderslot permanent activeren |
| = geluidssignaal gemiddeld | = uit = kort = 30 seconden = gemiddeld = 2 minuten = lang = 10 minuten | Signaal na afloop van een tijdsduur |
| = Verder na deur sluiten: uit | = automatisch = uit* | De manier waarop de werking na het openen en weer sluiten van de ovendeur wordt voortgezet. *met de werking voortzetten |
| • Individueel aanpassen -3 +3 | bijv. bereidingsresultaat steeds intensiever -3 +3 | Het bereidingsresultaat van alle automatische programma's wijzigen naar rechts = intensiever naar links = zwakker |
| • Netspanning instellen = 220230V | = 230240V | Netspanning aanpassen |
| = Fabrieksinstellingen niet terugzetten | = Fabrieksinstellingen terugzetten | Alle wijzigingen direct terugzetten naar de basisinstellingen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 15)
Basisinstellingen wijzigen
Voorwaarde: de functiekeuzeknop mag niet ingedrukt zijn.
- 1. De toets enkele seconden lang ingedrukt houden. Op het tekstdisplay verschijnt de eerste basisinstelling.
- 2. De toets zo vaak indrukken tot de bijbehorende basisinstelling wordt weergegeven.
- 3. Met de temperatuurkeuzeknop de gewenste instelling uitvoeren.
- 4. De info-toets enkele seconden lang ingedrukt houden. Uw instelling wordt overgenomen.
U kunt de instellingen op elk moment weer wijzigen.
Onderhoud en reiniging
Wanneer u de magnetron goed verzorgt en schoonmaakt, blijft hij lang mooi en intact. Hieronder leggen wij u uit hoe u het apparaat op de juiste manier verzorgt en schoonmaakt.
In dit hoofdstuk vindt u informatie over
- reiniging en onderhoud van uw apparaat
- schoonmaakmiddelen
- reiniging van de ruiten
- reiniging van de glazen afscherming
ã=Risico van kortsluiting!
Gebruik nooit een hogedrukreiniger of een stoomstraalapparaat.
ã=Risico van verbranding!
Het apparaat nooit direct na het uitschakelen schoonmaken. Het apparaat laten afkoelen.
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat zijn het gevolg van het gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Schaduwen op de ruit van de deur, die eruit zien als strepen, zijn lichtreflexen van de ovenlamp.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen. Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking. De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
- Onaangename geurtjes, zoals na het bereiden van vis, kunt u op een hele eenvoudige manier opheffen. Doe een paar druppels citroensap in een kopje water. Zet er ook een lepel in, om kookvertraging te voorkomen. Verwarm het water gedurende 1 tot 2 minuten op maximaal magnetronvermogen.
Schoonmaakmiddelen
Om te voorkomen dat de verschillende oppervlakken door verkeerde schoonmaakmiddelen beschadigd worden, dient u zich te houden aan de gegevens in de tabel. Gebruik
- geen scherpe of schurende reinigingsmiddelen,
- geen metalen of glazen schrapers om het glas van de deur schoon te maken.
- geen metalen of glazen schrapers voor het schoonmaken van de deurdichting.
- geen harde schuur- en schoonmaaksponsjes,
15
Pagina 16
- geen sterk alcoholhoudende schoonmaakmiddelen.
Was nieuwe vaatdoekjes voor het gebruik goed uit.
| Bereik | Schoonmaakmiddelen |
|---|---|
| Voorkant van het apparaat | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Geen glasreiniger, metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Roestvrij staal | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk verwijderen. Onder zulke vlekken kan gemakkelijk corrosie ontstaan. Bij de klantenservice of in speciaalzaken zijn speciale schoonmaakmiddelen voor roestvrij staal verkrijgbaar. |
| Oven | Warm zeepsop of water met azijn: met een schoonmaakdoekje reinigen en met een zachte doek nadrogen. Bij sterke vervuiling: ovenreiniger, uitsluitend gebruiken in een onverwarmde oven. U kunt het beste een roestvrijstalen spons gebruiken. |
| Glazen afscherming van de ovenlamp | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen. |
| Bedieningspaneel/ Buitenruit van de deur | Glasreiniger: direct met een zachte doek droog wrijven. Geen schraper gebruiken. |
| Binnenruit van de deur | Glasreiniger: met een zachte doek droog wrijven.Geen schraper gebruiken. |
| Dichting | Warm zeepsop: met een schoonmaakdoekje reinigen, niet schuren. Geen metalen of glazen schraper gebruiken voor het schoonmaken. |
| Toebehoren | Warm zeepsop: laten weken en met een schoonmaakdoekje of een borstel schoonmaken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 16)
Zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte schoonmaken
De achterwand en het plafond zijn voorzien van een laagje zelfreinigend email. Ze reinigen zichzelf terwijl de oven in gebruik is. Grotere spetters verdwijnen vaak pas nadat de oven meerdere malen is gebruikt.
Aanwijzingen
- De zelfreinigende oppervlakken nooit behandelen met ovenreiniger. Komt er per ongeluk ovenreiniger op de achterwand of het plafond, verwijder deze dan direct met een spons en voldoende water.
- Gebruik nooit schurende schoonmaakmiddelen. Deze veroorzaken krassen op de hoogporeuze laag of vernietigen hem.
- De zelfreinigende oppervlakken nooit behandelen met een schuursponsje.
- Een lichte verkleuring van het email heeft geen invloed op de zelfreiniging.
Bodem en zijwanden van de binnenruimte schoonmaken
Gebruik hiervoor een schoonmaakdoekje en heet zeepsop of water met azijn.
Bij sterke vervuiling een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken. alleen gebruiken in de onverwarmde oven.
Reiniging van de glazen afscherming
Om hem gemakkelijker schoon te maken kunt u de glazen afscherming aan het plafond van de oven verwijderen. ã=Risico van verbranding!
Verwijder ze niet direct nadat het apparaat uitgeschakeld is. De oven dient onverwarmd te zijn.
Demontage
- 1. Droogdoek in de oven leggen.
- 2. De klem aan het plafond van de oven naar voren trekken. (Afbeelding A)
De glazen afscherming van de voorkant met de duim van de andere hand naar beneden drukken. De klem loslaten.
- 3. De afscherming met beide handen naar voren schuiven en op het grillelement leggen. (Afbeelding B)
$ !
- 4. Weer iets naar achteren schuiven. (Afbeelding C)
- 5. Zijwaarts naar beneden kantelen en uitnemen. (Afbeelding D)
%
ã=Risico van letsel!
Nooit de magnetronantenne (A) aanraken of schoonmaken! Bij lichte vervuiling:
de glazen afscherming met warm zeepsop afwassen.
Bij sterke vervuiling:
de glazen afscherming en de emaillen oppervlakken in de oven reinigen.
Montage
- 1. De afscherming met de gladde kant naar beneden inschuiven en op het grillelement leggen. (Afbeelding A)
- 2. Met beide handen naar achteren in de twee haken schuiven. (Afbeelding B)
$ !
Pagina 17
- 3. De klem naar voren trekken en de glazen afscherming naar boven drukken. Klem loslaten. (Afbeelding C)
%
Droogdoek uit de oven nemen.
ã=Ernstig gezondheidsrisico!
Het apparaat nooit zonder de glazen magnetronafscherming in gebruik nemen. Dan kan er energie van de magnetron vrijkomen.
Ovenruiten reinigen
Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de ovendeur afnemen.
ã=Risico van verbranding!
Verwijder ze niet direct nadat het apparaat uitgeschakeld is. De oven dient onverwarmd te zijn.
Demontage
- 1. Ovendeur openen.
- 2. De twee schroeven van de deur met een sleufschroevendraaier (klingbreedte 8-11 mm) losdraaien. Hierbij de deurruit met één hand vasthouden. (Afbeelding A)
- 3. De deur schuin zetten en de ruit met de deurgreep er naar boven uittrekken. (Afbeelding B)
$
- 4. Deur sluiten
!
Aanwijzingen
- Reinig de ovenruiten met glasreiniger en een zachte doek.
- Gebruik in geen geval bijtende of schurende reinigingsproducten. De schraper is niet geschikt.
Montage
- 1. De deurruit met beide handen in de geleiding plaatsen. (Afbeelding A)
- 2. De deurruit naar beneden drukken, iets optillen en boven inhangen. (Afbeelding B)
$ !
Let erop dat de deurruit gelijk loopt met het bedieningspaneel.
- 3. Deur helemaal openen, hierbij de ruiten met één hand vasthouden. (Afbeelding C)
- 4. De deur nogmaals naar beneden drukken en de schroeven met een sleufschroevendraaier (klingbreedte 811 mm) stevig vastdraaien. De deur sluiten. (Afbeelding D)
%
Attentie!
U mag de oven pas weer gebruiken wanneer de ruiten naar behoren zijn aangebracht.
Storingen en reparaties
Er hoeft niet altijd contact te worden opgenomen met de klantenservice. In veel gevallen kunt u zelf voor een oplossing zorgen. In de volgende tabel staan een paar tips om storingen op te lossen.
ã=Kans op een elektrische schok!
- Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen alleen door een vakman worden uitgevoerd.
- Bij het werken aan de elektronica van het apparaat beslist de netstekker uit het stopcontact halen. Automatische
beveiliging activeren of de zekering in de meterkast van uw woning eruit draaien.
Pagina 18
Storingstabel
Wanneer een gerecht niet goed gelukt is, lees hier dan het hoofdstuk Voor u in onze kookstudio getest op na. Hier vindt u vele tips en aanwijzingen voor het koken.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet | De stekker is niet in het stopcontact gestoken. | In het stopcontact steken. |
| De stroom is uitgevallen. | Controleer of de keukenverlichting werkt. | |
| Zekering defect. | Controleer in de meterkast of de zekering voor het toestel in orde is. | |
| Foutieve functie. | Schakel de zekering in de meterkast voor het apparaat uit en na ca. 10 seconden weer in. | |
| Op het klokdisplay knipperen de dubbele punt en drie nullen. | De stroom is uitgevallen. | Stel de tijd opnieuw in. |
| De magnetron wordt niet ingeschakeld. | De deur is niet helemaal gesloten. | Controleer of er resten van een gerecht of een voorwerp tussen de deur klem zitten. |
| De toets is niet ingedrukt. | Druk op de toets . | |
| Het apparaat warmt niet op de ingestelde temperatuur op. | De toets is niet ingedrukt. | De toets indrukken. |
| De magnetronfunctie wordt zonder duidelijke reden afgebroken. | De magnetron heeft een storing. | Treedt deze fout vaker op, neem dan contact op met de servicedienst. De ovenfunctie zonder magnetron is mogelijk. |
| Bij de magnetronfunctie worden de gerechten langzamer warm dan gewoonlijk. | Er is een te klein magnetronvermogen ingesteld. | Kies een hoger magnetronvermogen. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan. | Dubbele hoeveelheid bijna dubbele tijdsduur. | |
| De gerechten zijn kouder dan gewoonlijk. | De gerechten tussentijds omroeren of keren. | |
| De oven warmt niet op. Op het temperatuurdisplay verschijnt “ “. | De demoschakeling is geactiveerd. Op het tekstdisplay verschijnt "Demoschakeling geactiveerd". | De zekering in de meterkast uitschakelen en na ca. 20 seconden weer inschakelen. |
| Op het temperatuurdisplay verschijnt “ “. | De automatische uitschakeling is geactiveerd. De oven warmt niet meer op. | Druk op een toets of zet het apparaat uit. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Foutmeldingen met E
Wordt op het display een foutmelding met E weergegeven, druk dan zo vaak op de klokfunctietoets tot de symbolen en 3 verschijnen. Stel vervolgens de tijd opnieuw in. Wordt de fout opnieuw weergegeven, neem dan contact op met de servicedienst.
ã=Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen
uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.
- Is het apparaat defect, schakel dan de zekering in de meterkast uit of haal de netstekker uit het stopcontact. Neem contact op met de servicedienst.
Bij enkele foutmeldingen kunt u zelf voor een oplossing zorgen.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Op het klokdisplay verschijnt de foutmelding “E101" of “E104". | De temperatuursensor is uitgevallen. | Neem contact op met de servicedienst. De magnetronfunctie solo is mogelijk. |
| Op het display verschijnt de foutmelding "E011" | Een toets is te lang ingedrukt of is beklemd geraakt. | Druk alle toetsen afzonderlijk in. Neem contact op met de servicedienst wanneer de foutmelding aanhoudt. |
| Op het klokdisplay verschijnt de foutmelding “E010", “E310", “E009" of “E309". | Technisch defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
Ovenlamp vervangen
U kunt de ovenlamp vervangen. Temperatuurbestendige halogeenlampen, 12 W, 20 V, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak.
ã=Kans op een elektrische schok!
De ovenlamp nooit vervangen wanneer het apparaat ingeschakeld is. Haal de netstekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit.
Aanwijzing: Neem de nieuwe halogeenlamp altijd met een droge doek uit de verpakking. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
Zo gaat u te werk
- 1. Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 2. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
Pagina 19
- 3. Glazen afscherming verwijderen. Daarvoor de afscherming met de hand van onderaf openen.
Kan de afscherming moeilijk worden verwijderd, gebruik er dan een lepel bij. (Afbeelding A)
$
- 4. Lamp eruit halen en vervangen door hetzelfde type lamp. (Afbeelding B)
- 5. De afscherming weer aanbrengen. (Afbeelding C)
!
- 6. Droogdoek verwijderen.
%
- 7. Zekering in de meterkast weer inschakelen of de netstekker in het stopcontact steken.
Deurdichting vervangen
Is de deurdichting defect, dan moet deze worden vervangen. Vervangende dichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het Enummer en het FDnummer van uw apparaat.
ã=Ernstig gezondheidsrisico!
Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deurdichting beschadigd is. Dan kan er energie van de magnetron vrijkomen. Het apparaat pas opnieuw gebruiken wanneer het gerepareerd is.
- 1. Ovendeur openen.
- 2. Oude deurdichting eraf trekken.
- 3. Aan de deurdichting zijn 5 haken bevestigd. Met deze haken de nieuwe dichting aan de ovendeur bevestigen.
Aanwijzing: De las onderaan in het midden van de deurdichting heeft een technische reden.
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u in de oven. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FDnr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4040
Vertrouw op de competentie van de producent. Zo bent u er zeker van dat de reparatie wordt uitgevoerd door geschoolde onderhoudstechnici, die beschikken over de originele onderdelen voor uw huishoudelijke apparaten.
Dit apparaat beantwoordt aan de norm EN 55011 resp. CISPR
- 11. Het is een product van groep 2, klasse B.
Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
Automatische programma's
Met de automatische programma's kunt u heel eenvoudig twee gerechten klaarmaken. U kiest het programma en voert het gewicht van uw gerecht in. Automatisch wordt de optimale instelling gekozen.
Programma kiezen
Voorbeeld in de afbeelding:
programma voor 0,30 kg polenta kiezen en instellen.
Pagina 20
- 1. De functiekeuzeknop naar buiten drukken. Het apparaat is klaar voor gebruik.
- 2. De toets indrukken.
De eerste programmagroep wordt weergegeven.
&
- 3. Met de functiekeuzeknop de gewenste programmagroep kiezen.
'
- 4. De toets indrukken.
Het eerste programma van de programmagroep verschijnt op het tekstdisplay.
- 5. Aan de functiekeuzeknop draaien tot het passende programma verschijnt.
' (
- 6. Met de temperatuurkeuzeknop het gewicht van het gerecht instellen. De programmaduur wordt op het klokdisplay weergegeven.
- 7. De toets indrukken.
Het programma start.
Aanwijzing: Na de start: de toets een keer indrukken. Op de displays worden de ingestelde waarden weergegeven.
Het programma is beëindigd
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. De oven met de functiekeuzeknop uitschakelen of opnieuw een functie kiezen en instellen.
Programma afbreken:
Met de toets de oven uitschakelen en de functiekeuzeknop op de -stand draaien en indrukken.
Informatie opvragen
Voor de start: de toets kort indrukken. Er worden verschillende soorten informatie bij de programma's weergegeven. Voor elke nieuwe informatie weer de toets kort indrukken.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Zie het hoofdstuk Elektronische klok.
Individueel aanpassen
Wanneer het bereidingsresultaat dat een programma oplevert niet aan uw voorstellingen beantwoordt, kunt u dit de volgende keer veranderen.
Stel in volgens de beschrijving bij punt 1 tot 5.
De toets indrukken en met de functiekeuzeknop het verlichte veld verplaatsen.
Naar links = bereidingsresultaat zwakker.
Naar rechts = bereidingsresultaat sterker.
Met de toets starten.
De tijdsduur is gewijzigd.
Ontdooien en garen met de automatische programma's
Aanwijzingen
- Neem het product uit de verpakking en weeg het. Kunt u het exacte gewicht niet invoeren, rond het dan naar boven of beneden af.
- Gebruik voor de programma's altijd vormen die geschikt zijn voor de magnetron, bijv. van glas of keramiek, of de braadslede. Let op de tips over de toebehoren in de programmatabel.
- Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte
- Na de tips vindt u een tabel met geschikte levensmiddelen, het betreffende gewichtsbereik en de benodigde toebehoren.
- Het is niet mogelijk gewichten in te stellen buiten het gewichtsbereik.
- Bij veel gerechten klinkt na enige tijd een signaal. Keer het gerecht of roer het om.
Ontdooien
Aanwijzingen
- De levensmiddelen zo vlak mogelijk en verdeeld in porties bij 18 °C invriezen en bewaren.
- Leg de diepvriesproducten op een ondiepe vorm van bijv. glas of porselein
Broodjes legt u rechtstreeks op het rooster.
- Kwetsbare en uitstekende delen afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. Zo voorkomt u dat de gerechten aanbakken. Let er op dat de aluminiumfolie de wanden van de binnenruimte niet raakt.
- Laat de levensmiddelen na het ontdooien met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling nog 10 tot 90 minuten rusten.
- Bij het ontdooien van vlees, gevogelte of vis komt vloeistof vrij. U dient deze bij het keren te verwijderen. In geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking brengen.
- Leg rund-, lams- en varkensvlees eerst met de vette kant naar onderen op de vorm.
- Brood dient u alleen in de benodigde hoeveelheid te ontdooien. Het wordt snel oudbakken.
- Verwijder gehakt dat al ontdooid is na het keren.
- Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de zijde van het vel op de vorm leggen.
Pagina 21
Poten en vleugels afdekken met kleine stukken aluminiumfolie.
- Bij hele vis de staartvinnen, bij visfilet de randen en bij viskotelet de uitstekende uiteinden afdekken met aluminiumfolie.
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma
Ontdooien
Tarwebrood
Volkorenbrood***
Broodjes
Taart, droog* Cake zonder glazuur en couverture, koek van gistdeeg
Taart, vochtig Cake met vruchten zonder couverture, glazuur of gelatine, zonder crème of slagroom Gehakt* Gehakt van rund-, lams- of varkensvlees Rundvlees** Rundvlees, kalfsvlees, steak Varkensvlees** Halsstuk zonder been, rollade, schnitzel, goulash
Lamsvlees** Lamsbout, lamsschouder, lamsrollade Gevogelte, heel** Kip, eend
Stukken gevogelte** Kippenpoten, halve kippen, ganzenbout, ganzenborst, eendenborst Hele vis** Forel, dors, kabeljauw
Visfilet** Filet van snoek, kabeljauw, zalm, roodbaars, koolvis, snoekbaars
Viskotelet* Kotelet van kabeljauw, snoek, dors, zalm
* Signaal voor het keren na ca. de helft van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd
***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,10 - 0,60 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,50 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,05 - 0,45 | Rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,50 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,70 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Garen
Groente
Aanwijzingen
- verse groente: in stukken van gelijke grootte snijden. 2 eetlepels water per 100 g groente toevoegen.
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma
Groente verse groente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, prei, paprika, courgettes diepvriesgroente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, rode kool, spinazie
* Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd.
Aardappels
Aanwijzingen
- Aardappels: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Per 100 g aardappels twee eetlepels water en wat zout toevoegen.
- Aardappels in de schil: gebruik aardappels van gelijke grootte. Aardappels wassen en meerdere keren in de schil prikken. Nog vochtig in een vorm zonder water doen.
- Laat de aardappels na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten. Giet eerst het water dat is ontstaan af.
- Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen.
- Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voorgekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet geschikt. 1 tot 2 eetlepels water per 100 g toevoegen. Bij spinazie en rode kool geen water toevoegen.
- Laat de groente na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten.
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,20 - 1,00 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
- Laat de ovenschotel na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten.
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
Pagina 22
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma
| Aardappels | |
|---|---|
| Gekookte aardappels* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels | 0,20 - 1,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Aardappels in de schil* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels | 0,20 - 1,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gegratineerde aardappels, vers | 0,50 - 3,00 Ondiepe open vorm, rooster hoogte 1 |
| Frites, diepvries** | 0,20 - 0,60 Braadslede, hoogte 2 |
| Kroketten, diepvries** | 0,20 - 0,70 Braadslede, hoogte 2 |
| Rösti, diepvries** * Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. ** Signaal voor het keren na van de bereidingstijd. | 0,20 - 0,80 Braadslede hoogte 2 |
| Graanproducten Aanwijzingen ■ Graan schuimt sterk tijdens het koken. Neem daarom voor alle graanproducten een hoge vorm met een deksel. Stel het brutogewicht van het graanproduct (zonder vloeistof) in. ■ Rijst: gebruik geen rijst in kookbuideltjes. Twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof bij de rijst doen. | ■ Polenta: gebruik bij polenta afhankelijk van de maling twee tot drie keer zoveel water. ■ Couscous: voeg twee keer zo veel vloeistof toe. ■ Gierst: voeg twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof toe. ■ Laat het graanproduct na afloop van het programma nog ca. 5 tot 10 minuten rusten. |
| Programmagroep Gewichtsbereik in kg Programma | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
| Graanproducten | |
| Rijst met lange korrel* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Basmatirijst* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Zilvervliesrijst* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Polenta*** 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Couscous** 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gierst* 0,10 - 0,50 * Signaal voor het omroeren afhankelijk van het gewicht na 2-14 ** Signaal voor het omroeren na 1-2 minuten. *** Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 minuten. |
| Ovenschotel Aanwijzingen ■ Plaats het gerecht altijd in een voor de magnetron geschikte vorm op het rooster. ■ Hartige en zoete ovenschotel altijd in een laag van ca. 5 cm in een ondiepe vorm doen. | ■ Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen. ■ Laat de gegratineerde aardappels na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten. |
| Programmagroep Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma | |
| Ovenschotel | |
| Lasagne bolognese diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Canneloni, diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Macaronisoufflé, diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. 0,40 - 3,00 | Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Ovenschotel, zoet 0,50 - 1,80 | Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gegratineerde aardappels, vers 0,50 - 3,00 | Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)
Diepvriesproducten
Aanwijzingen
- Voorgebakken diepvriespizza's en pizza-baguettes gebruiken.
22
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.