Siemens HB86P575, tekst van de handleiding
Pagina's 24–34 van 44 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 12–23verder op pagina 35 →
Pagina 24
Automatische programma's
Met de automatische programma's kunt u heel eenvoudig twee gerechten klaarmaken. U kiest het programma en voert het gewicht van uw gerecht in. Automatisch wordt de optimale instelling gekozen.
Vormen
De automatische programma's zijn alleen geschikt voor de bereiding in gesloten vormen. Gebruik bij alle programma's een hoge, gesloten vorm. Plaats de vorm op het rooster, hoogte 1.
Geschikte vormen
Geschikt zijn hittebestendige vormen (tot 300°C), bijv. vormen van glas of glaskeramiek.
Ongeschikte vormen
Vormen van ongeglazuurd aardewerk en vormen van kunststof of met kunststof handgrepen zijn niet geschikt.
Vormen van metaal zijn niet geschikt.
Bij sommige programma's wordt de magnetron gebruikt. Metaal laat geen microgolven door. Het gerecht wordt niet zo bruin en het vlees niet zo gaar.
Grootte van de vorm
Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. twee derde bedekken. Zo krijgt u mooi braadsap.
De afstand tussen het vlees en het deksel moet minstens 3 cm bedragen. Het vlees kan tijdens het braden uitzetten.
Programma kiezen
Het voorbeeld in de afbeelding: programma voor 1 kg verse stukken kip kiezen en instellen.
- 1. De toets indrukken.
De eerste programmagroep en het eerste programma verschijnen.
V
- 2. Met de draaiknop de programmagroep kiezen.
V
- 3. De toets indrukken en met de draaiknop het programma kiezen.
V
- 4. De toets indrukken.
Voor het gekozen programma verschijnt een voorgesteld gewicht.
24
- 5. Met de draaiknop het gewicht instellen.
De programmaduur wordt in de statusregel weergegeven. Wanneer u nu nog een keer de toets indrukt, gaat u naar Individueel aanpassen. U kunt invloed op het resultaat van het programma uitoefenen. Zie Individueel aanpassen hierna.
V
J
- 6. De toets indrukken.
Het programma start. Het verloop van de tijdsduur is te zien in de statusregel. .
Het programma is afgerond
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. U kunt het signaal vroegtijdig met de toets 0 wissen. In de statusregel staat 0:00.
Programma afbreken
De toets ingedrukt houden tot “Functie kiezen" in de statusregel verschijnt. U kunt opnieuw instellen.
Informatie opvragen
Voor de start: de toets kort indrukken. Er worden verschillende soorten informatie bij de programma's weergegeven. Voor elke nieuwe informatie weer de toets kort indrukken.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Bij veel programma's kunt u de eindtijd op een later tijdstip zetten. Zie het hoofdstuk Tijdfuncties.
Individueel aanpassen
Wanneer het bereidingsresultaat dat een programma oplevert niet aan uw voorstellingen beantwoordt, kunt u dit de volgende keer veranderen.
Stel in volgens de beschrijving bij punt 1 tot 5.
De toets indrukken en met de draaiknop het verlichte veld verplaatsen.
Naar links = bereidingsresultaat zwakker.
Naar rechts = bereidingsresultaat sterker.
Met de toets starten.
De tijdsduur is gewijzigd.
Ontdooien en garen met de automatische programma's
Aanwijzingen
- Neem het product uit de verpakking en weeg het. Kunt u het exacte gewicht niet invoeren, rond het dan naar boven of beneden af.
- Gebruik voor de programma's altijd vormen die geschikt zijn voor de magnetron, bijv. van glas of keramiek, of de braadslede. Let op de tips over de toebehoren in de programmatabel.
- Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte
- Na de tips vindt u een tabel met geschikte levensmiddelen, het betreffende gewichtsbereik en de benodigde toebehoren.
- Het is niet mogelijk gewichten in te stellen buiten het gewichtsbereik.
- Bij veel gerechten klinkt na enige tijd een signaal. Keer het gerecht of roer het om.
Pagina 25
Ontdooien
Aanwijzingen
- De levensmiddelen zo vlak mogelijk en verdeeld in porties bij 18 °C invriezen en bewaren.
- Leg de diepvriesproducten op een ondiepe vorm van bijv. glas of porselein
Broodjes legt u rechtstreeks op het rooster.
- Kwetsbare en uitstekende delen afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. Zo voorkomt u dat de gerechten aanbakken. Let er op dat de aluminiumfolie de wanden van de binnenruimte niet raakt.
- Laat de levensmiddelen na het ontdooien met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling nog 10 tot 90 minuten rusten.
- Bij het ontdooien van vlees, gevogelte of vis komt vloeistof vrij. U dient deze bij het keren te verwijderen. In geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking brengen.
- Leg rund-, lams- en varkensvlees eerst met de vette kant naar onderen op de vorm.
- Brood dient u alleen in de benodigde hoeveelheid te ontdooien. Het wordt snel oudbakken.
- Verwijder gehakt dat al ontdooid is na het keren.
- Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de zijde van het vel op de vorm leggen. Poten en vleugels afdekken met kleine stukken aluminiumfolie.
- Bij hele vis de staartvinnen, bij visfilet de randen en bij viskotelet de uitstekende uiteinden afdekken met aluminiumfolie.
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Gewichtsbereik Programma in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| Ontdooien | |
| Tarwebrood 0,10 - 0,60 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Volkorenbrood*** 0,20 - 1,50 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Broodjes 0,05 - 0,45 | Rooster, hoogte 1 |
| Taart, droog* Cake zonder glazuur en couverture, koek van 0,20 - 1,50 gistdeeg | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Taart, vochtig Cake met vruchten zonder couverture, glazuur 0,20 - 1,20 of gelatine, zonder crème of slagroom | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Gehakt* Gehakt van rund-, lams- of varkensvlees 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Rundvlees** Rundvlees, kalfsvlees, steak 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Varkensvlees** Halsstuk zonder been, rollade, schnitzel, gou- 0,20 - 2,00 lash | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Lamsvlees** Lamsbout, lamsschouder, lamsrollade 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Gevogelte, heel** Kip, eend 0,70 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Stukken gevogelte** Kippenpoten, halve kippen, ganzenbout, gan- 0,20 - 1,20 zenborst, eendenborst | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Hele vis** Forel, dors, kabeljauw 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Visfilet** Filet van snoek, kabeljauw, zalm, roodbaars, 0,20 - 1,00 koolvis, snoekbaars | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| Viskotelet* Kotelet van kabeljauw, snoek, dors, zalm 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| * Signaal voor het keren na ca. de helft van de bereidingstijd. ** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd ***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd Garen Groente ■ Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voorgekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet Aanwijzingen geschikt. 1 tot 2 eetlepels water per 100 g toevoegen. Bij ■ verse groente: in stukken van gelijke grootte snijden. spinazie en rode kool geen water toevoegen. 2 eetlepels water per 100 g groente toevoegen. ■ Laat de groente na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten. | |
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Gewichtsbereik Programma in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
| Groente | |
| verse groente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, kool- 0,20 - 1,00 rabi, prei, paprika, courgettes | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| diepvriesgroente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, kool- 0,20 - 1,00 rabi, rode kool, spinazie | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
* Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd.
Aardappels
Aanwijzingen
- Aardappels: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Per
100 g aardappels twee eetlepels water en wat zout toevoegen.
25
Pagina 26
- Aardappels in de schil: gebruik aardappels van gelijke grootte. Aardappels wassen en meerdere keren in de schil prikken. Nog vochtig in een vorm zonder water doen.
- Laat de aardappels na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten. Giet eerst het water dat is ontstaan af.
- Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen.
- Laat de ovenschotel na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten.
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma | Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| Aardappels | |
| Gekookte aardappels* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels | 0,20 - 1,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Aardappels in de schil* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels | 0,20 - 1,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gegratineerde aardappels, vers | 0,50 - 3,00 Ondiepe open vorm, rooster hoogte 1 |
| Frites, diepvries** | 0,20 - 0,60 Braadslede, hoogte 2 |
| Kroketten, diepvries** | 0,20 - 0,70 Braadslede, hoogte 2 |
| Rösti, diepvries** | 0,20 - 0,80 Braadslede hoogte 2 |
| * Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. ** Signaal voor het keren na van de bereidingstijd. Graanproducten Aanwijzingen ■ Graan schuimt sterk tijdens het koken. Neem daarom voor alle graanproducten een hoge vorm met een deksel. Stel het brutogewicht van het graanproduct (zonder vloeistof) in. ■ Rijst: gebruik geen rijst in kookbuideltjes. Twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof bij de rijst doen. | ■ Polenta: gebruik bij polenta afhankelijk van de maling twee tot drie keer zoveel water. ■ Couscous: voeg twee keer zo veel vloeistof toe. ■ Gierst: voeg twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof toe. ■ Laat het graanproduct na afloop van het programma nog ca. 5 tot 10 minuten rusten. |
| Programmagroep Gewichtsbereik in kg Programma | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
| Graanproducten | |
| Rijst met lange korrel* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Basmatirijst* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Zilvervliesrijst* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Polenta*** 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Couscous** 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gierst* 0,10 - 0,50 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| * Signaal voor het omroeren afhankelijk van het gewicht na 2-14 ** Signaal voor het omroeren na 1-2 minuten. *** Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. | minuten. |
| Ovenschotel Aanwijzingen ■ Plaats het gerecht altijd in een voor de magnetron geschikte vorm op het rooster. ■ Hartige en zoete ovenschotel altijd in een laag van ca. 5 cm in een ondiepe vorm doen. | ■ Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen. ■ Laat de gegratineerde aardappels na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten. |
| Programmagroep Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma | |
| Ovenschotel | |
| Lasagne bolognese diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Canneloni, diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Macaronisoufflé, diepvries 0,40 - 1,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. 0,40 - 3,00 | Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
26
Pagina 27
| Programmagroep | Gewichtsbereik in kg |
|---|---|
| Programma | |
| Ovenschotel, zoet | 0,50 - 1,80 |
| Gegratineerde aardappels, vers | 0,50 - 3,00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1
Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1
Diepvriesproducten
Aanwijzingen
- Voorgebakken diepvriespizza's en pizza-baguettes gebruiken.
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
- Loempia's en mini-loempia's dienen geschikt te zijn voor bereiding in de oven.
- Let erop dat diepvriesgerechten niet op elkaar liggen.
Programmagroep Gewichtsbereik in kg Programma
Pizza, dunne bodem 0,30 - 0,50 Pizza, dikke bodem 0,40 - 0,60 Mini-pizza's 0,10 - 0,60 Pizza-baguettes, voorgebakken 0,10 - 0,75 Frites* 0,20 - 0,60 Kroketten* 0,20 - 0,70 Rösti* 0,20 - 0,80 Lasagne bolognese 0,40 - 1,00 Canneloni 0,40 - 1,00 Macaronisoufflé 0,40 - 1,00 Loempia's** 0,10 - 1,00 Mini-loempia's** 0,10 - 0,60 Vissticks* 0,20 - 0,90 Gepaneerde inktvisringen* 0,20 - 0,50
* Signaal voor het keren na van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd.
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2 open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1
Braadslede hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Gevogelte
Aanwijzingen
- Leg de kip of de poularde eerst met de borstzijde naar onderen in de vorm.
- Leg de stukken kip met de kant van het vel naar boven in de vorm.
Programmagroep Programma
Gevogelte
Kip, vers*
Stukken kip, vers
Poularde, vers*
Kalkoenfilet, vers**
Geschikte levensmiddelen
Hele kip, vers
Kippenpoten, halve kippen
Kalkoenfilet zonder vel
* Signaal voor het keren bij hele kip na van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd.
Vlees
Aanwijzingen
- Rosbief eerst bereiden met de kant van het vet naar onderen.
- Rundvlees, kalfsvlees, kalfsschenkel, lamsbout en varkensvlees:
het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. twee derde bedekken. Voeg aan het vlees 50 tot 100 ml vloeistof toe. Voeg na het keren eventueel opnieuw 50 tot 100 ml vloeistof toe.
- Kalkoenfilet bereiden zonder vel. Voeg aan de kalkoenfilet 100 tot 150 ml vloeistof toe. Voeg na het keren eventueel opnieuw 50 tot 100 ml vloeistof toe.
- Laat de kalkoenfilet na afloop van het programma nog 10 minuten rusten.
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,80 - 1,80 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,40 - 1,20 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 1,50 - 3,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,80 - 2,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
- Voeg aan het gehakt 50 bis 100 ml vloeistof toe.
- Laat het vlees na afloop van het programma nog 10 minuten rusten.
Pagina 28
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma | Gewichtsbereik Vorm / toebehoren, inschuifhoogte in kg |
|---|---|
| Rundvlees | |
| Stoofvlees, vers** | 0,80 - 2,00 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Rosbief, medium * 5 - 6 cm hoge rosbief | 0,80 - 2,00 open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Rosbief, doorbakken* 5 - 6 cm hoge rosbief | 0,80 - 2,00 open vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gehakt ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Vleesrolletjes | 0,50 - 3,00 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Kalfsvlees | |
| Braadstuk, vers* Bout, fricandeau | 0,80 - 2,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Schenkel met been, vers | 0,80 - 3,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Osso buco | 0,80 - 3,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Varkensvlees | |
| Halsstuk, vers, zonder been*** | 0,80 - 2,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Halsstuk, vers, met been* | 0,80 - 2,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Braadstuk met korstje, vers | 0,80 - 2,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gehakt ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Rollade, vers* | 1,00 - 3,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Lamsvlees | |
| Bout, vers, zonder been, medium* | 0,80 - 2,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Bouten, vers, met been, doorbakken* | 0,80 - 2,00 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Gehakt ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Wildbraad | |
| Hertenvlees, vers* | 0,50 - 3,00 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Reebout, zonder been, vers*** | 0,50 - 2,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Hazenbout, met been, vers*** | 0,50 - 1,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Wild zwijn, vers*** | 0,50 - 2,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Konijn, vers | 0,50 - 2,00 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| * Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd ** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd ***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd Vis Aanwijzingen ■ Hele vis, vers: 1 tot 3 eetlepels water of citroensap toevoegen. | Visfilet, vers: 1 tot 3 eetlepels water of citroensap toevoegen. ■ Gepaneerde inktvisringen, diepvries: deze moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven. |
| Programmagroep Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma | |
| Verse vis in zijn geheel stoven 0,30 - 1,10 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Verse visfilet stoven 0,20 - 1,00 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Vissticks* 0,20 - 0,90 | Braadslede, hoogte 2 |
| Inktvisringen, diepvries* 0,20 - 0,50 | Braadslede, hoogte 2 |
| * Signaal voor het keren na van de bereidingstijd. Gehakt en eenpansgerecht Aanwijzing: Voeg 50 bis 100 ml vloeistof aan het gehakt toe. | |
| Programmagroep Geschikte levens- Gewichtsbereik Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma middelen in kg | |
| Gehakt | |
| van vers rundvlees ca. 8 cm hoog 0,80 - 1,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 | |
| van vers varkensvlees ca. 8 cm hoog 0,80 - 1,50 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 28)
* Gewicht van het vlees instellen
Pagina 29
| Programmagroep Programma | Geschikte levensmiddelen | Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|---|---|
| van vers, gemengd vlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| van vers lamsvlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| Eenpansgerecht* | |||
| Goulash | 0,30 - 2,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 | |
| Vleesrolletjes | 0,50 - 3,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 | |
| * Gewicht van het vlees instellen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
Voor u in onze kookstudio getest
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode, temperatuur of welk magnetronvermogen het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst. Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Verwijder voor het gebruik alle toebehoren die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in speciaalzaken kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
- Gebruik altijd pannenlappen wanneer u hete accessoires of serviesgoed uit de binnenruimte neemt.
- Gebruik bij magnetron solo, d.w.z. alleen, zonder verwarmingsmethode, altijd het rooster op hoogte 1.
Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron
In de volgende tabellen vindt u vele mogelijkheden en instelwaarden voor de magnetron.
De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de vorm, de kwaliteit, de temperatuur en de aard van de levensmiddelen.
In de tabellen zijn vaak tijdsbereiken aangegeven. Stel eerst de kortste tijd in en verleng deze zo nodig.
Het kan zijn dat u andere hoeveelheden heeft dan in de tabellen staan aangegeven. Hiervoor bestaat een vuistregel: Dubbele hoeveelheid bijna dubbele tijdsduur.
halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Schuif het rooster in op hoogte 1. Zet de vorm in het midden. Zo kunnen de microgolven de gerechten van alle kanten bereiken.
Ontdooien
Aanwijzingen
- Zet de diepvriesproducten in een open vorm op het rooster.
- Kwetsbare delen, bijv kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken, kunt u afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. De folie mag de wanden van de binnenruimte niet raken. Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
- De gerechten tussendoor 1 tot 2 maal keren of omroeren. Grote stukken meerdere keren omdraaien. Verwijder tijdens het keren de vloeistof die door het ontdooien is ontstaan.
- Laat het ontdooide gerecht nog 10 tot 60 minuten rusten bij kamertemperatuur, zodat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld. Bij gevogelte kunt u dan de ingewanden verwijderen.
| Ontdooien | Gewicht | Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken (met en zonder been) | 800 g 1 kg 1,5 kg | 180 W, 15 min. + 90 W, 10-15 min. 180 W, 15 min. + 90 W, 20-30 min. 180 W, 25 min. + 90 W, 25-35 min. | meerdere malen keren. |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 200 g 500 g 800 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 4-6 min. 180 W, 8 min. + 90 W, 5-10 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 10-15 min. | tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden. |
| Gehakt, gemengd | 200 g 500 g 800 g 1 kg | 90 W, 8-15 min. 180 W, 5 min. + 90 W, 1015 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 15-20 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 20-25 min. | meerdere malen keren, al ontdooid vlees verwijderen |
| Gevogelte of stukken gevogelte | 600 g 1,2 kg | 180 W, 5 min. + 90 W, 13-18 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 10-15 min. | tussendoor keren. |
| Eend | 2 kg | 180 W, 10 min. + 90 W, 30-40 min. | meerdere malen keren. |
| Gans | 4,5 kg | 180 W, 20 min. + 90 W, 60-80 min. | om de 20 minuten keren, ontdooivloeistof verwijderen |
| Visfilet, viskotelet of plakken | 400 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 1015 min. | ontdooide delen van elkaar scheiden. |
Pagina 30
Ontdooien
Hele vis
Groente, bijv. erwten
Fruit, bijv. frambozen
Boter, ontdooien
Heel brood
Gebak, droog, bijv. cake
Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart
Aanwijzingen tussendoor keren.
tussendoor voorzichtig roeren. tussendoor voorzichtig roeren en ontdooide delen van elkaar scheiden.
| Gewicht | Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten |
|---|---|
| 300 g | 180 W, 3 min. + 90 W, 10-15 min. |
| 600 g 300 g | 180 W, 8 min. + 90 W, 1015 min. 180 W, 5-15 min. |
| 600 g 300 g | 180 W, 10 min. + 90 W, 8-13 min. 180 W, 5-10 min. |
| 500 g 125 g | 180 W, 8 min. + 90 W, 5-10 min. 90 W, 79 min. |
| 250 g 500 g | 180 W, 2 min. + 90 W, 3-5 min. 180 W, 3 min. + 90 W, 10-15 min. |
| 1 kg 500 g | 180 W, 3 min. + 90 W, 15-25 min. 90 W, 1015 min. |
| 750 g | 180 W, 2 min. + 90 W, 10-15 min. |
| 500 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 15-20 min. |
| 750 g | 180 W, 10 min. + 90 W, 15-20 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
Verpakking volledig verwijderen. tussendoor keren.
alleen voor gebak zonder glazuur, room of crème, stukken van elkaar scheiden alleen voor gebak zonder glazuur, slagroom of crème.
Ontdooien, verhitten of garen van diepvriesgerechten
Aanwijzingen
- Neem de kant-en-klare gerechten uit de verpakking In vormen die geschikt zijn voor de magnetron worden ze sneller en gelijkmatiger opgewarmd. Verschillende bestanddelen van de gerechten kunnen snel of minder snel worden opgewarmd dan andere.
- Platte gerechten zijn sneller klaar dan hoge. Verdeel de gerechten daarom zo plat mogelijk in de vorm. U dient geen levensmiddelen in lagen op elkaar te leggen.
- Dek de gerechten altijd af. Wanneer u geen geschikte deksel voor uw vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- Tussendoor dient u de gerechten 2 tot 3 maal om te roeren of te keren.
- Laat de gerechten nadat ze opgewarmd zijn nog 2 tot 5 minuten rusten, met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling.
- Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
- De eigen smaak van de gerechten blijft in hoge mate behouden. Daarom kunt u spaarzaam omgaan met zout en kruiden.
Ontdooien, verhitten of garen van Gewicht diepvriesgerechten
Menu, schotel, kant-en-klaar gerecht 300-400 g
Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten
600 W, 11-15 min.
Aanwijzingen
Gerecht uit de verpakking nemen, voor het verwarmen afdekken
Soep
Eenpansgerechten
Lapjes of stukken vlees in saus, bijv. goulash
Vis, bijv. stukken filet
Bijgerechten, bijv. rijst, pasta
Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels
Spinazie à la crème
gesloten vorm gesloten vorm gesloten vorm afgedekt
| 400-500 g 500 g | 600 W, 8-13 min. 600 W, 10-15 min. |
| 1 kg 500 g | 600 W, 20-25 min. 600 W, 12-17 min. |
| 1 kg 400 g | 600 W, 25-30 min. 600 W, 10-15 min. |
| 800 g 250 g | 600 W, 18-23 min. 600 W, 2-5 min. |
| 500 g 300 g | 600 W, 7-10 min. 600 W, 8-12 min. |
| 600 g 450 g | 600 W, 13-18 min. 600 W, 11-16 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 30)
gesloten vorm; vloeistof toevoegen gesloten vorm; 1 el water toevoegen zonder toevoeging van water garen
Gerechten verhitten
Kans op verbrandingen!!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder dat er bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof plotseling hevig overkoken en opspatten. Wanneer u vloeistof verhit, zet dan altijd een lepel in het voorwerp waarin de vloeistof zich bevindt. Zo voorkomt u kookvertraging.
Pagina 31
Attentie!
Metaal - bijv. de lepel in het glas - moet minstens 2 cm van de ovenwanden en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Door vonken kan het glas aan de binnenkant van de deur worden vernietigd.
Aanwijzingen
- Neem kant-en-klare gerechten uit de verpakking. In vormen die geschikt zijn voor de magnetron worden ze sneller en gelijkmatiger opgewarmd. Verschillende bestanddelen van de gerechten kunnen snel of minder snel worden opgewarmd dan andere.
- Dek de gerechten altijd af. Wanneer u geen geschikte deksel voor uw vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- Tussendoor dient u de gerechten meermaals door te roeren of te keren. Controleer de temperatuur.
- Laat de gerechten nadat ze opgewarmd zijn nog 2 tot 5 minuten rusten, met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling.
- Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
Gewicht
Gerechten verhitten
Menu, schotel, kant-en-klaar gerecht
Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten
600 W, 4-8 min.
Aanwijzingen
Gerecht uit de verpakking nemen, voor het verwarmen afdekken
350-500 g
Dranken
Babyvoeding, bijv. flesjes melk
Soep 1 kop
2 koppen
4 koppen
Lapjes of stukken vlees in saus, bijv. goulash
Eenpansgerecht
Groente
Attentie!
Lepel in het glas zetten, alcoholische dranken niet oververhitten., tussendoor controleren
Flesjes zonder speen of deksel op de bodem van de binnenruimte plaatsen, na het verwarmen goed schudden of omroeren, beslist de temperatuur controleren
-
| 150 ml | 1000 W, 1-3 min. |
|---|---|
| 300 ml | 1000 W, 3-4 min. |
| 500 ml | 1000 W, 4-5 min. |
| 50 ml | 360 W, ½-1 min. |
| 100 ml | 360 W, 1-1½ min. |
| 200 ml 175 g à 175 g à 175 g 500 g | 360 W, 1-2 min. 1000 W, 1½-2 min. 1000 W, 2-4 min. 1000 W, 4-6 min. 600 W, 7-10 min. |
| 400 g | 600 W, 5-7 min. |
| 800 g 150 g | 600 W, 7-10 min. 600 W, 2-3 min. |
| 300 g | 600 W, 3-5 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
afgedekt gesloten vorm een beetje vloeistof toevoegen
Gerechten garen
Aanwijzingen
- Platte gerechten zijn sneller klaar dan hoge. Verdeel de gerechten daarom zo plat mogelijk in de vorm. U dient geen levensmiddelen in lagen op elkaar te leggen.
- Bereid alle gerechten in een gesloten vorm. Wanneer u geen geschikte deksel voor uw vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- De eigen smaak van de gerechten blijft in hoge mate behouden. Daarom kunt u spaarzaam omgaan met zout en kruiden.
- Laat de gerechten met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling na het garen nog 2 tot 5 minuten rusten.
- Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
Gerechten garen Gewicht
Hele kip, vers, zonder inge- 1,5 kg wanden
Magnetronvermogen in watt Tijdsduur in minuten
600 W, 25-30 min.
Aanwijzingen
halverwege de bereidingstijd keren.
Visfilet, vers
Groente, vers
Aardappels
Rijst
Zoete desserts, bijv. pudding (instant)
Fruit, compote
- In stukken van gelijke grootte snijden, per 100 g 1 tot 2 el water toevoegen, tussendoor roeren
In stukken van gelijke grootte snijden, per 100 g 1 tot 2 el water toevoegen, tussendoor
| 400 g 250 g | 600 W, 8-13 min. 600 W, 6-10 min. |
| 500 g | 600 W, 10-15 min. |
| 250 g | 600 W, 8-11 min. |
| 500 g | 600 W, 12-15 min. |
| 750 g 125 g | 600 W, 15-22 min. 600 W, 4-6 min. + 180 W, 12-15 min. |
| 250 g 500 ml | 600 W, 7-9 min. + 180 W, 15-20 min. 600 W, 5-8 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 31)
roeren dubbele hoeveelheid vloeistof toevoegen; een hoge, gesloten vorm gebruiken tussendoor met de garde 2 tot 3 keer roeren
-
500 g 600 W, 9-12 min.
Pagina 32
Popcorn voor de magnetron
Aanwijzingen
- Gebruik hittebestendige, ondiepe vormen, bijv. de deksel van een ovenschaal, een glazen bord of een glazen schaal (pyrex)
- Plaats de vorm altijd op het rooster op hoogte 1.
- Geen porseleinen of zeer gewelfde borden gebruiken.
- Instellen volgens de beschrijving in de tabel. Afhankelijk van product en hoeveelheid kan een tijdsaanpassing nodig zijn.
- Om te voorkomen dat de popcorn aanbrandt de popcornzak er na 1 minuut en 30 seconden even uitnemen en schudden. Let op: heet!
Kans op verbrandingen!!
- Popcornzak voorzichtig openen, er kan hete damp vrijkomen.
- Nooit het volledige magnetronvermogen instellen.
| Gewicht | Toebehoren | Hoogte | Magnetronvermogen in watt Tijdsduur in minuten | |
|---|---|---|---|---|
| Popcorn voor de magnetron | 1 zak à 100 g | Vorm, rooster | 1 | 600 W, 4min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
Tips voor de magnetron
| U vindt geen instelgegevens voor de voorbereide hoeveelheid voedsel. | Verleng of verkort de gaartijden aan de hand van de volgende vuistregel: dubbele hoeveelheid is = bijna de dubbele tijd halve hoeveelheid = halve tijd |
| Het gerecht is te droog geworden. | Stel de volgende keer een korte gaartijd in of kies een laag magnetronvermogen. Dek het gerecht af en voeg meer vloeistof toe. |
| Het gerecht is na afloop van de ingestelde tijd nog niet ontdooid, warm of gaar. | Stel een langere tijd in. Grotere hoeveelheden en hogere gerechten hebben meer tijd nodig. |
| Aan het einde van de gaartijd is het gerecht bij de randen te heet, maar in het midden nog niet klaar. | Roer tussendoor om en kies de volgende keer een lager vermogen en een langere tijdsduur. |
| Na het ontdooien is het gevogelte of het vlees van buiten gaar, maar in het midden nog niet ontdooid. | Kies de volgende keer een lager magnetronvermogen. Bij grotere hoeveelheden dient u het te ontdooien gerecht ook meerdere malen te keren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
Taart, cake en gebak
Bij de tabellen
Aanwijzingen
- De opgegeven tijden gelden voor producten die in de onverwarmde oven worden geplaatst.
- Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van het deeg. In de tabellen zijn bereiken aangegeven. Begin met de laagste waarde en stel zo nodig de volgende keer hoger in. Een lage temperatuur zorgt ervoor dat het gerecht gelijkmatiger bruin wordt.
- Bijkomende informatie vindt u onder Tips voor het bakken na de tabellen.
- Zet de vorm altijd in het midden van het rooster.
Bakvormen
Aanwijzing: Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
- 3 Hete lucht
- Boven- en onderwarmte
- Intensieve warmte
| Gebak in vormen | Toebehoren | Hoogte | Verwarmingsmethode | Temperatuur ° C | Magnetronvermogen in watt | Tijdsduur in minuten |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Cake eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 3 | 160-180 | 90 W | 30-40 |
| Cake fijn (bijv. zandtaart) | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | - | 60-80 | |
| Taartbodem roerdeeg | Vorm vruchtentaartbodem | 2 | 3 | 160-180 | - | 25-35 |
| Vruchtentaart fijn, roerdeeg | Springvorm/tulband-vorm | 1 | 3 | 160-180 | 90 W | 30-40 |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Vorm vruchtentaartbodem | 1 | 150-160 | - | 20-25 | |
| Biscuittaart, 6 eieren** | donkere springvorm | 1 | 170-180 | - | 30-40 | |
| Bodem van zandtaartdeeg met rand | donkere springvorm | 1 | 170-190 | - | 30-40 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg* | donkere springvorm | 2 | 3 | 160-170 | 180 W | 30-40 |
| Zwitserse Wähe (platte vruchtentaart) | donkere springvorm | 1 | 190-200 | - | 40-50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 32)
* Gebak ca. 20 minuten in de oven laten afkoelen.
** De binnenruimte voorverwarmen
Pagina 33
| Gebak in vormen Toebehoren Hoogte Verwar- Temperatuur ° C Magnetronvermo- Tijdsduur in mings- gen in watt minuten methode | ||
|---|---|---|
| Tulband Tulbandvorm 1 | 3 160-180 90 W 30-40 | |
| Notentaart donkere springvorm 1 | 3 170-180 90 W 35-45 | |
| Pizza, dunne bodem, weinig ronde pizzaplaat 1 bedekking** | 220-240 - | 15-20 |
| Hartig gebak donkere springvorm 1 | 180-200 - | 50-60 |
| * Gebak ca. 20 minuten in de oven laten afkoelen. ** De binnenruimte voorverwarmen ■ Boven- en onderwarmte ■ 3Dhetelucht | ■ 3 Hete lucht ■ Intensieve warmte | |
| Gebak op de plaat Toebehoren | Hoogte Verwar- Temperatuur mingsme- ° C thode | Magnetronvermo- Tijdsduur in gen in watt minuten |
| Roerdeeg met droge bedekking Braadslede | 2 160-180 | - 25-35 |
| Roerdeeg met droge bedekking Braadslede + Emaillen bakplaat* | 1 150-170 3 | - 40-50 |
| Roerdeeg met vochtige bedek- Braadslede king (vruchten) | 1 3 160-180 | 90 W 30-40 |
| Gistdeeg met droge bedekking Braadslede | 2 170-190 | - 35-45 |
| Gistdeeg met droge bedekking Braadslede + Emaillen bakplaat | 1 160-180 3 | - 50-60 |
| Gistdeeg met vochtige bedek- Braadslede king (vruchten) | 2 170-190 | - 45-55 |
| Gistdeeg met vochtige bedek- Braadslede + king (vruchten) Emaillen bakplaat* | 1 160-180 3 | - 50-60 |
| Zandtaartdeeg met droge bedek- Braadslede king | 2 160-180 | - 25-35 |
| Zandtaartdeeg met droge bedek- Braadslede + king Emaillen bakplaat* | 1 160-180 3 | - 30-40 |
| Zandtaartdeeg met vochtige Braadslede bedekking (vruchten) | 1 160-180 | - 50-60 |
| Zwitserse Wähe (platte vruchten- Braadslede taart) | 1 190-200 | - 40-50 |
| Biscuitrol, voorverwarmen Braadslede | 2 170-190 | - 10-20 |
| Broodvlecht van 500 g bloem Braadslede | 2 160-180 | - 40-50 |
| Kerststol van 500 g bloem Braadslede | 2 150-170 | - 60-70 |
| Kerststol van 1 kg bloem Braadslede | 2 3 140-150 | - 65-75 |
| Strudel, zoet Braadslede | 1 3 190-210 | 180 W 30-40 |
| Pizza Braadslede | 1 210-230 | - 25-35 |
| Pizza Braadslede + Emaillen bakplaat* | 1 180-200 3 | - 40-50 |
| Flammkuchen, voorverwarmen Braadslede | 2 220-240 | - 15-20 |
| * Emaillen bakplaten kunt u als extra toebehoren kopen | in uw speciaalzaak. | |
| ■ Boven- en onderwarmte | ■ 3Dhetelucht | |
| Klein gebak Toebehoren Hoogte Verwarmingsme- Temperatuur in °C Tijdsduur in thode minuten | ||
| Koekjes Braadslede 2 | 150-170 | 20-30 |
| Koekjes Braadslede + 1 Emaillen bakplaat* 3 | 140-160 | 30-40 |
| Bitterkoekjes Braadslede 2 | 120-140 | 35-45 |
| Bitterkoekjes Braadslede + 1 Emaillen bakplaat* 3 | 110-130 | 40-50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
* Emaillen bakplaten kunt u als extra toebehoren kopen in uw speciaalzaak.
Pagina 34
| Klein gebak Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur | in °C | Tijdsduur in minuten | |
|---|---|---|---|---|---|
| Schuimgebak Braadslede | 2 | 80-100 | 90-110 | ||
| Muffins Muffinplaat op het rooster | 2 | 160-180 | 35-45 | ||
| Muffins steeds 1 muffinplaat op braadslede + Rooster | 1 3 | 140-160 | 50-60 | ||
| Deeg van bijv. soesjes Braadslede | 2 | 200-220 | 30-40 | ||
| Bladerdeeggebak Braadslede | 2 | 170-190 | 25-35 | ||
| Bladerdeeggebak Braadslede + Emaillen bakplaat* | 1 3 | 170-190 | 30-40 | ||
| Gistdeeggebak Braadslede | 2 | 200-220 | 20-30 | ||
| * Emaillen bakplaten kunt u als extra toebehoren kopen in uw speciaalzaak. | |||||
| ■ Boven- en onderwarmte ■ 3 Hete lucht | De oven altijd voorverwarmen. | ||||
| Brood en broodjes Toebehoren | Hoogte Verwarmingsmethode | Temperatuur °C Tijdsduur in minuten | |||
| Gistbrood van 1 kg bloem Braadslede | 2 | 270 + 170 | 10 15-25 | ||
| Zuurdeegbrood van 1,2 kg bloem Braadslede | 2 | 270 + 170 | 10 40-50 | ||
| Plat rond brood Braadslede | 2 3 | 220-240 | 15-20 | ||
| Broodjes Braadslede | 2 | 200-220 | 20-30 | ||
| Broodjes van gistdeeg, zoet Braadslede | 2 | 190-210 | 15-25 | ||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 34)
Tips voor het bakken
| U wilt bakken volgens uw eigen recept. | Raadpleeg de baktabellen voor gelijksoortig gebak. |
| U wilt een vorm van silicone, glas, kunststof of keramiek gebruiken. | De vorm moet tot 250 °C hittebestendig zijn. In deze vormen wordt het gebak minder bruin. Wanneer u de magnetron inschakelt, wordt de tijdsduur eventueel korter dan wat in de tabel staat aangegeven. |
| Zo stelt u vast of de cake goed doorbakken is. | Steek ongeveer 10 minuten voor het einde van de opgegeven baktijd een houten prikker in op de plek waar het gebak het hoogst is. Wanneer er geen deeg meer aan de prikker zit, is het gebak klaar. |
| Het gebak zakt in. | Voeg de volgende keer minder vloeistof toe of stel de oventemperatuur 10 graden lager in en houd een langere baktijd aan. Houd rekening met de omroertijden in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | Vet nu de bodem van de springvorm in. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Het gebak wordt te donker. | Kies een lagere temperatuur en een wat langere baktijd. |
| Het gebak is te droog. | Als het gebak klaar is, prikt u er met een prikker kleine gaatjes in. Vervolgens bedruppelt u het met vruchtensap of alcohol. Stel de temperatuur de volgende keer 10 graden hoger in en houd kortere baktijden aan. |
| Het brood of het gebak (bijv. kwarktaart) ziet er goed uit, maar is van binnen klef (zacht, doortrokken met waterstrepen). | Gebruik de volgende keer wat minder vloeistof en bak iets langer bij een wat lagere temperatuur. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor, deze bestrooit u met amandelen of paneermeel en vervolgens brengt u de bovenste laag erop aan. Let op recepten en baktijden. |
| Het gebak laat niet los wanneer u het uit de vorm wilt storten. | Laat het gebak na het bakken nog 5 tot 10 minuten afkoelen, dan komt het gemakkelijker los uit de vorm. Als het er nog steeds niet uit komt, maakt u de rand voorzichtig los met een mes. Stort het gebak opnieuw en bedek de vorm meerdere keren met een natte, koude doek. Vet de vorm de volgende keer goed in en strooi er ook paneermeel in. |
| U heeft met uw eigen thermometer de oventemperatuur gemeten en daarbij een afwijking vastgesteld. | De oventemperatuur wordt door de fabrikant met een testrooster na een bepaalde tijd in het middelpunt van de binnenruimte gemeten. Alle vormen en toebehoren hebben invloed op de gemeten waarde, zodat u altijd een verschil zult vaststellen wanneer u zelf meet. |
| Tussen vorm en rooster ontstaan vonken. | Controleer of de vorm van buiten schoon is. Verander de positie van de vorm in de binnenruimte. Als dat niet helpt, bakt u zonder magnetron verder. De bakduur wordt dan langer. |