ATAG HIDD07472EX, tekst van de handleiding
Kookplaat · ATAG · 36 pagina's in het Nederlands · pdf: 165 pagina's, 1,6 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: service.atag.nl
Deze handleiding geldt ook voor: HIDD08471EVX.
Storingen op pagina 35
Pagina 35
Probleemoplossing
Algemeen
LET OP!
Indien u een barst of scheurtje (hoe klein ook) in de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit en maak het toestel spanningsloos (stekker uit het stopcontact).
Neem vervolgens contact op met de servicedienst.
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw kookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website.
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het display gaat branden wanneer de kookplaat de eerste keer wordt ingeschakeld. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilatie draait nog enkele minuten door nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | Afkoeling van de kookplaat. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen van een nieuw toestel. | Dit is normaal en verdwijnt nadat de kookplaat een paar keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| U hoort een licht tikkend geluid in uw kookplaat. | Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. | Normale werking. |
| Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. | ||
| De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. |
| van de kookplaat naar de kookpan. | Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. | |
| U hebt een kookzone ingeschakeld maar het display toont 'u'. | De gebruikte pan is niet geschikt voor inductiekoken of heeft een te kleine diameter. | Gebruik een geschikte pan. |
| Een kookzone stopt plotseling met werken en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Raak de linker of rechter timertoets aan om het alarm uit te schakelen. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. | Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). |
| De zone stopt onverwachts en de restwarmte-indicator wordt getoond. | De zone is oververhit. | Nadat de kookplaat is afgekoeld, kunt u verder gaan met koken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
35
Pagina 36
Probleemoplossing
Vervolg tabel vorige pagina
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Foutieve elektrische aansluiting. | Controleer de elektrische aansluiting. |
| De keramische glasplaat is gebroken. | Neem de stekker uit het stopcontact. Neem contact op met uw installateur. | |
| Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. | ||
| Foutcode Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
| L L verschijnt op het display. | Het kinderslot is ingeschakeld. | Zie hoofdstuk ‘Bediening van de kookplaat/Kinderslot’. |
| C C verschijnt op het display van de | Verzadiging van het geurfilter. | Onderhoud van het geurfilter is noodzakelijk (zie |
| afzuigunit. | ‘Onderhoud/Rooster en filters reinigen). | |
| Er03 Er03 verschijnt op het display. | Het bedieningspaneel is vervuild of er ligt water op. | Bedieningspaneel schoonmaken. |
| U hebt op twee of meer toetsen tegelijk gedrukt. | Bedien maar één toets tegelijk. | |
| ER21 Er21 verschijnt op het display. | Oververhitting. | Laat de kookplaat afkoelen. |
| E2 E2 verschijnt op het display. | Oververhitting van de sensor van de kookzone. Mogelijk is er een lege pan gebruikt. | Geen lege pannen verwarmen. |
| E3 E3 verschijnt op het display. | Verkeerde pan. | Gebruik een geschikte pan. |
| E8 E8 verschijnt op het display. | Defect van de afzuigunit. De afzuigunit kan verstopt zijn. | Verstoppingen verwijderen en de afzuigunit reinigen. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
In geval van andere foutcodes: noteer de foutcode en neem contact op met de servicedienst.
Pagina's 37–39: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 40
Milieuaspecten
Afvoeren van het toestel en verpakking
Dit toestel is gemaakt van duurzame materialen. Het toestel moet aan het einde van zijn levensduur op verantwoorde wijze worden afgedankt. Informeer bij de plaatselijke autoriteiten hoe u dit kunt doen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFC-vrij polystyreen (hard PS-schuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Het toestel is gemarkeerd met een vuilnisbaksymbool met een kruis erdoor om u erop te wijzen dat elektrische huishoudelijke toestellen afzonderlijk moeten worden afgedankt. Dit houdt in dat het toestel aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het toestel moet naar een speciale gemeentelijke afvalverwerkingslocatie voor gescheiden afval worden gebracht of naar een dealer die deze service verleent.
Negatieve gevolgen voor mens en milieu worden voorkomen door huishoudelijke toestellen apart in te zamelen en op de juiste wijze af te danken. Dit zorgt ervoor dat de materialen waaruit het toestel bestaat, kunnen worden teruggewonnen en aanzienlijke besparingen op energie en grondstoffen kunnen worden gerealiseerd.
LET OP!
Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, verordeningen en voorschriften, evenals aan de eisen die staan beschreven in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 41
Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel.
Plak hier het toestel-identificatieplaatje.
www.atag.nl www.atag.be
905356-a1
We behouden ons het recht voor om wijzigingen aan te brengen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Inhoudsopgave
Gebruikte pictogrammen .......................... 3
Veiligheid .................................................... 4
Veilig gebruik ............................................... 4
Vermogensregeling ..................................... 5
Uw kookplaat met afzuigunit .................... 6
Geachte klant! ............................................. 6
Beschrijving ................................................. 7
Bedieningspaneel ........................................ 8
Meldingen op het display ............................ 9
Voor het eerste gebruik ............................. 10
Inductiekoken .............................................. 10
Inductiegeluiden .......................................... 11
Pannen voor inductiekoken ......................... 12
Kookstanden ................................................ 14
Gebruik van de afzuigunit ............................ 15
Bediening van de kookplaat ..................... 16
Bereiding starten ......................................... 16
Boost ............................................................ 17
Pandetectiesymbool .................................... 17
Klaar met koken ........................................... 17
De automatische opwarmfunctie inschakelen .................................................. 18
De warmhoudfunctie inschakelen ............... 18
De Bridge Induction kookzones koppelen ... 19
Koken pauzeren ........................................... 19
Herstelfunctie ............................................... 20
De eierwekker gebruiken ............................. 20
De timer gebruiken ...................................... 21
Kinderslot ..................................................... 22
Vergrendelingsfunctie voor een snelle reiniging tijdens het koken ........................... 23
Bediening van de afzuigmodule ............... 24
De automatische afzuigmodus uitschakelen ................................................. 24
De automatische afzuigmodus uitschakelen tijdens het koken .......................................... 24
Handmatig de afzuigunit inschakelen ......... 24
Boost ............................................................ 25
Instellen van een aantal minuten vertragingstijd .............................................. 25
Verzadiging van het geurfilter ..................... 26
Verzadiging van het geurfilter ..................... 26
Geheugenreset van de indicatie van de filterverzadiging ........................................... 27
Gebruikersmenu ........................................ 28
Vermogensbegrenzer ................................ 30
Configuratie van de vermogensbegrenzer ... 30
Onderhoud .................................................. 32
Reinigen glasplaat ....................................... 32
Waterreservoir .............................................. 32
Rooster en filters reinigen ............................ 33
Koolstoffilters (recirculatiegebruik) .............. 34
Probleemoplossing .................................... 35
Algemeen ..................................................... 35
Storingstabel ................................................ 35
Technische gegevens ................................ 37
Informatie volgens verordening (EU) 66/2014 ........................................................ 37
Milieuaspecten ........................................... 40
Afvoeren van het toestel en verpakking ...... 40
Notities ........................................................ 41
Pagina 3: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 4
Veiligheid
WAARSCHUWING!
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het toestel gaat gebruiken!
Veilig gebruik
Temperatuurbeveiliging
- De kookplaat is voorzien van een koelventilator die de elektronische componenten tijdens het koken afkoelt. De ventilator kan zelfs na afloop van het kookproces nog enige tijd in werking zijn.
- De inductiekookplaat is tevens voorzien van een oververhittingsbeveiliging die de elektronische componenten beschermt tegen beschadiging. De bescherming werkt op verschillende manieren. Wanneer de temperatuur van de kookzone zeer hoog wordt, wordt het kookvermogen automatisch verlaagd. Als dit niet voldoende is, neemt het vermogen van de kookzone verder af, totdat de veiligheidsmechanismen de kookzone volledig uitschakelen. Zodra de kookplaat is afgekoeld, is het totale vermogen weer beschikbaar.
Kookduurbegrenzing
WAARSCHUWING!
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen.
Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Instelling | De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na: |
| 1 | 8 uur, 36 min. |
| 2 | 6 uur, 42 min. |
| 3 | 5 uur, 18 min. |
| 4 | 4 uur, 18 min. |
| 5 | 3 uur, 30 min. |
| 6 | 2 uur, 18 min. |
| 7 | 2 uur, 18 min. |
| 8 | 1 uur, 48 min. |
| 9 | 1 uur, 30 min. |
| P (boost) | 5 min. (schakelt dan terug naar stand 9) |
Pagina 5
Veiligheid
Vermogensregeling
Twee kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. Wanneer de boostfunctie wordt gekozen, wordt de andere kookzone automatisch op een iets lagere stand gezet. Staat een kookzone op boost en u wilt de andere op stand 9 of boost zetten, zal de kookzone met boost automatisch naar een lagere stand gaan. De automatische opwarmfunctie wordt uitgeschakeld.
Pagina 6
Uw kookplaat met afzuigunit
Geachte klant!
Lees de gebruiksaanwijzing voor gebruik. Deze bevat algemene tips, informatie over de instellingen en aanpassingen die u kunt maken en hoe u het beste voor uw toestel kunt zorgen.
Daarnaast dient de handleiding als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
TIPS!
Op onze website kunt u de meest recente versie van de gebruiksaanwijzing vinden.
Veel kookplezier!
Pagina 7
Uw kookplaat met afzuigunit
Beschrijving
Aangezien de toestellen waarvoor deze handleiding is opgesteld, verschillende uitrustingen of onderdelen kunnen hebben, kan het zijn dat sommige functies of elementen die in de handleiding worden beschreven mogelijk niet in uw toestel aanwezig zijn.
- 1. Bridge Induction kookzones 210 x 190 mm / 2,1 kW (boost 3,0 kW)
- 2. Gekoppelde Bridge Induction kookzones 210 x 390 mm / 3,7 kW
- 3. Afzuigunit
- 4. Bedieningspaneel (alleen zichtbaar bij ingeschakelde kookplaat)
- 5. Kookzone Ø 145 mm / 1,4 kW (boost 2,1 kW)
- 6. Kookzone Ø 210 mm / 2,3 kW (boost 3,0 kW)
- 7. Kookzone Ø 175 mm / 1,4 kW (boost 2,1 kW)
Pagina 8
Uw kookplaat met afzuigunit
Bedieningspaneel
- 1. Pauzetoets
- 2. Vergrendelingstoets
- 3. Warmhoudtoets
- 4. Eierwekkertoets
- 5. Display timer
- 6. Plus-toets timer
- 7. Min-toets timer
- 8. Kookzonetoets links achter (display kookzone) en timersymbool
- 9. Afzuigtoets (display afzuigunit) en timersymbool
- 10. Kookzonetoets rechts achter (display kookzone) en timersymbool
- 11. Kookzonetoets rechts voor (display kookzone) en timersymbool
- 12. Toets ‘Automatische afzuigmodus’
- Standaard is de automatische modus actief. Wanneer een kookzone wordt gekozen en een vermogensniveau (>2) is ingesteld, wordt de afzuigunit automatisch ingeschakeld met de vereiste afzuigsnelheid.
- 13. Kookzonetoets links voor (display kookzone) en timersymbool
- 14. Vetfiltersymbool
- 15. Aan/uit-toets
- 16. Boost-toets voor een kookzone en voor de afzuiging
- 17. Schuifregelaar (van stand 0 t/m stand 9) voor:
- het instellen van een waarde voor een kookzone en voor de afzuiging
Pagina 9
Uw kookplaat met afzuigunit
Meldingen op het display
Display kookzone Beschrijving
Vermogensniveau: 1 = lage stand / 9 = hoge stand.
Boostniveau actief.
Geen (geschikte) pan op de kookzone (pandetectiesymbool).
Restwarmte-indicatie: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicatie die aangeeft welke kookzone nog heet is na uitschakeling. Hoewel de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicatie zichtbaar zolang de kookzone nog warm is. Raak de kookzone niet aan als de indicatie brandt.
HEET OPPERVLAK!
Gevaar! Risico op brandwonden.
Het kinderslot is ingeschakeld.
Automatische verhitting actief.
Warmhoudfunctie actief.
Pauzefunctie actief.
Gekoppelde Bridge Inductie zones actief.
Display afzuigunit Beschrijving
Afzuigsnelheid: 1 = lage stand / 9 = hoge stand.
Boostniveau actief.
Indicatie verzadiging geurfilter.
Display timer
Beschrijving
Timer niet ingesteld.
Timer ingesteld (1 uur en 25 minuten).
Pagina 10
Voor het eerste gebruik
Inductiekoken
Inductiekoken is snel
In het begin zult u verrast zijn door de snelheid van inductiekoken. Vooral het op een hogere stand aan de kook brengen gaat zeer snel. U kunt pannen het beste niet onbeheerd achterlaten om te voorkomen dat ze overkoken of droogkoken. Bij inductiekoken treedt er geen warmteverlies op en blijven de handgrepen koel.
Het vermogen past zich aan
Bij inductiekoken wordt alleen de zone gebruikt waarop de pan staat. Gebruik je een kleine pan op een grote zone, dan past de zone het vermogen aan op de diameter van de pan. Het vermogen zal dus lager zijn en het duurt langer voordat het voedsel aan de kook komt.
goed
•
•
•
INFORMATIE!
Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op het kookvlak en til pannen altijd op als u ze verplaatst.
Gebruik de kookplaat niet als werkvlak.
Kook altijd met het deksel op de pan om energieverlies te voorkomen.
fout
Werking van de aanraaktoetsen en sliders
- De aanraakbediening kan even wennen zijn als u gewend bent aan andere (draai)knoppen. Plaats uw vingertop plat op de toets voor het beste resultaat.
- De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de toetsen niet met andere objecten.
- Raak de gewenste plek op de slider aan om het vermogensniveau van de kookzone in te stellen.
Als u de slider aanraakt, verschijnt het geselecteerde vermogensniveau op het display van de kookzone.
- Het geselecteerde deel van de slider is volledig verlicht.
- Gebruik geen voorwerpen om de slider te bedienen.
Werking inductie
De spoel (1) in de kookplaat (2) wekt een magnetisch veld (3) op. Door een pan met een ijzer houdende bodem (4) op de spoel te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom.
Pagina 11
Voor het eerste gebruik
Comfortabel
De elektronische regeling is nauwkeurig en eenvoudig in te stellen. Op de laagste stand kunt u bijvoorbeeld chocolade direct in de pan smelten of ingrediënten bereiden die u gewoonlijk au bain marie verwarmt.
Snel
Door het hoge vermogen van de inductiekookplaat gaat het aan de kook brengen erg snel.
Schoon
De kookplaat is eenvoudig te reinigen. Doordat de kookzones niet heter worden dan de pan zelf, kunnen voedselresten vrijwel niet inbranden.
Veilig
De warmte wordt opgewekt in de pan zelf. De glasplaat wordt niet warmer dan de pan. Hierdoor blijft de kookzone een stuk koeler dan die van bijvoorbeeld een keramische kookplaat.
Na het wegnemen van een pan is de kookzone snel afgekoeld.
Inductiegeluiden
- Tikkend geluid
Dit geluid kan worden veroorzaakt bij een lager vermogensniveau of door de automatische pandetectie.
- Pan maakt geluid
Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Dit is normaal bij bepaalde pannen wanneer een hoge kookstand wordt gebruikt. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
- Ventilator maakt geluid
Om de levensduur en de prestaties van de elektronica te verhogen, is het toestel uitgerust met ventilatoren. Bij intensief gebruik van het toestel wordt de ventilator geactiveerd om het toestel af te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator draait nog enkele minuten nadat de kookplaat is uitgeschakeld.
Pagina 12
Voor het eerste gebruik
Pannen voor inductiekoken
Inductiekoken stelt eisen aan de kwaliteit van de pannen.
Pannen die al voor het koken op een gaskookplaat zijn gebruikt, zijn niet langer geschikt voor gebruik op een inductiekookplaat!
Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch- en inductiekoken met:
- een dikke bodem van minimaal 2,25 mm;
- een vlakke bodem.
TIPS!
U kunt zelf met een magneet controleren of uw pannen geschikt zijn. De pan is geschikt als de magneet door de bodem wordt aangetrokken.
Geschikt
Speciale roestvrijstalen pannen Class Induction
Solide geëmailleerde pannen Geëmailleerde gietijzeren pannen
Ongeschikt
Aardewerk Roestvrij staal Porselein
Koper
Kunststof
Aluminium
WAARSCHUWING!
Wees voorzichtig met geëmailleerde plaatstalen pannen:
- als u de kookplaat op een hoge stand inschakelt terwijl de pan (te) droog is, kan het email afsplinteren (hierbij laat het email los van het staal);
- de bodem van de pan kan kromtrekken - bijvoorbeeld: Door oververhitting;
- verwarm geëmailleerde pannen langzaam.
Gebruik nooit pannen met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de oververhittingsbeveiliging belemmeren. Het toestel kan dan te warm worden waardoor de glasplaat kan barsten en de panbodem kan smelten. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pagina 13
Voor het eerste gebruik
Pandiameter
- De minimale pandiameter per zone is als volgt:
- Ø 145 mm / Ø 160 mm: minimale pandiameter 120 mm. - Ø 210 mm: minimale pandiameter 140 mm.
- Bridge Induction zone: minimale pandiameter 140 mm.
- Het beste resultaat wordt bereikt met een pan die dezelfde diameter heeft als de kookzone.
De kookzone wordt niet ingeschakeld als een pan te klein is.
- Op gekoppelde Bridge Induction kookzones moet de minimale pandiameter 220 mm zijn.
Snelkookpannen
Inductiekoken is zeer geschikt voor het koken in snelkookpannen. De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk komt. Zodra u een kookzone uitschakelt, stopt het kookproces direct.
Pandetectie
- Het pandetectiesysteem detecteert automatisch een pan die op een kookzone wordt geplaatst.
Het display van deze kookzone licht feller op en de punt stopt met knipperen.
- Als de kookplaat, na plaatsing van een pan op een kookzone, geen (ijzerhoudende) pan detecteert, gaat het symbool voor pandetectie op het display knipperen. De kookzone schakelt na 20 seconden uit.
Vermogensniveaus
De kookzones hebben 9 niveaus en een boostniveau (P). Stel het vermogensniveau in door de regelaar aan te raken. Door over de regelaar te vegen, verandert u de instelling. De stand wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. De stand wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de regelaar haalt, begint de kookzone op de ingestelde stand te verwarmen.
Boostfunctie
- Met de boostfunctie kunt u gedurende korte tijd (maximaal 5 minuten) op de hoogste vermogensstand koken. Na het verstrijken van de maximale boost-tijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
- De boostfunctie is niet beschikbaar wanneer de Bridge Induction kookzones gekoppeld zijn!
Pagina 14
Voor het eerste gebruik
Kookstanden
Het onderstaande overzicht is uitsluitend bedoeld als leidraad, omdat de instelwaarde afhankelijk is van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht en de pan.
| Niveau | Doel |
|---|---|
| Gebruik stand 1-3 voor: | • trekken van bouillon, • stoven van vlees, • sudderen van groenten, • smelten van chocolade, • pocheren, • smelten van kaas. |
| Gebruik stand 4 - 6 voor: | • doorkoken van grote hoeveelheden, • ontdooien van harde groenten, • bakken van dikke lappen gepaneerd vlees. |
| Gebruik stand 7 - 8 voor: | • bakken van dikke pannenkoeken, • bakken van bacon (vet), • koken van rauwe aardappelen, • gepaneerde vis maken, • garen van vis, • bakken van dunne lapjes gepaneerd vlees. |
| Gebruik stand 9 voor: | • aanbraden van vlees, • bereiden van vis, • een omelet bakken, • bakken van gekookte aardappelen, • frituren van voedsel. |
| Gebruik de boost-stand voor: | • snel aan de kook brengen van vloeistoffen, • slinken van groenten, • verhitten van olie en vet, • wokken. |
Pagina 15
Voor het eerste gebruik
Gebruik van de afzuigunit
Het plaatsen van pannen en deksels
TIPS!
Kook bij voorkeur met een deksel op de pan; dit vermindert kookgeuren en energieverbruik. Plaats indien gewenst het deksel in een hoek op de pan met de opening naar de afzuigzijde. Dit zorgt voor een optimale afzuiging.
Pagina 16
Bediening van de kookplaat
Bereiding starten
WAARSCHUWING!
Lees het hoofdstuk ‘Voor het eerste gebruik’ zorgvuldig door voordat u begint met koken. Dit voorkomt onjuist gebruik van de kookplaat.
- 1. Raak de aan/uit-toets aan totdat u een geluidssignaal hoort.
- De displays lichten op; de inductiekookplaat staat in de stand-by modus.
- De kookzones en de afzuigunit hebben vermogensniveau nul.
TIPS!
Als de kookplaat 20 seconden niet wordt gebruikt, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
- 2. Plaats een geschikte pan op een kookzone.
- De kookzone detecteert de pan automatisch; het display van deze kookzone licht feller op en de punt stopt met knipperen.
TIPS!
Zolang de punt niet knippert, is de kookzone geselecteerd en kan het vermogensniveau worden in gesteld.
- 3. Wanneer de response tijd is verstreken, of tijdens het koken, activeert u de kookzone door de display van de gewenste kookzone handmatig te selecteren.
- 4. Stel binnen 10 seconden het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken.
- De kookzone start op het ingestelde niveau.
- De afzuigunit schakelt automatisch in vanaf stand 3. De afzuigunit is op stand 1 en 2 handmatig in te schakelen.
- De afzuigunit schakelt automatisch in met de vereiste afzuigsnelheid. De automatische modus staat standaard op ‘actief’.
- Stel een hoger of lager niveau in met de schuifregelaar.
16
Pagina 17
Bediening van de kookplaat
- Raak de toets ‘Automatische afzuigmodus’ aan om de automatische modus uit te schakelen.
De afzuigmodus kan nu, indien gewenst, handmatig worden ingesteld. Zie ‘Bediening van de afzuigunit’.
- Na 10 seconden wordt de schuifregelaar uitgeschakeld en de kookduur teller wordt verborgen.
Boost
U kunt de boostfunctie gebruiken om max. 5 minuten op de hoogste kookstand te koken. De boostfunctie kan voor maximaal twee naast elkaar liggende kookzones tegelijk gebruikt worden.
- 1. Raak vermogensniveau P aan om de boostfunctie te selecteren.
- ‘P’ verschijnt op het display.
- Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
Pandetectiesymbool
Wanneer het symbool voor pandetectie op het display verschijnt:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst.
De kookzone werkt niet totdat er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.
Klaar met koken
- 1. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.
- 2. Schakel de inductiekookplaat uit door de aan/uit-toets aan te raken.
HEET OPPERVLAK!
Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als deze te heet is om te worden aangeraakt. Het symbool verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen.
Pagina 18
Bediening van de kookplaat
De automatische opwarmfunctie inschakelen
Met deze functie wordt de kookzone op het hoogste niveau ingesteld zodat uw pan snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde vermogen. Deze functie is beschikbaar voor vermogensniveau 1 t/m 8.
| Vermogensniveau | Opwarmtijd (seconden) |
|---|---|
| 1 | 48 |
| 2 | 144 |
| 3 | 230 |
| 4 | 312 |
| 5 | 408 |
| 6 | 120 |
| 7 | 168 |
| 8 | 216 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 18)
- 1. Schakel de kookplaat in en selecteer de gewenste kookzone.
- 2. Raak de schuifregelaar ten minste 3 seconden op het gewenste niveau aan (van 1 t/m 8).
- In het display verschijnt een ‘A’ afgewisseld met het geselecteerde vermogensniveau. Na afloop van de automatische opwarmtijd schakelt de kookzone automatisch over naar het gekozen niveau, dat permanent op het display wordt weergegeven.
- 3. Stop de automatische opwarmfunctie door de kookzone te selecteren en de schuifregelaar aan te raken.
De warmhoudfunctie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in en plaats een geschikte pan op een kookzone.
- 2. Raak de kookzonetoets van de gewenste kookzone aan.
- De ‘0’ van de geselecteerde kookzone licht duidelijk op en er klinkt een enkele pieptoon.
- 3. Raak de warmhoudtoets aan.
- Het warmhoudsymbool ‘u’ verschijnt op het display. De warmhoudfunctie is geselecteerd.
- 4. Zet het vermogensniveau op ‘0’ of raak de warmhoudtoets aan om de warmhoudfunctie uit te schakelen.
Pagina 19
Bediening van de kookplaat
De Bridge Induction kookzones koppelen
Twee Bridge Induction zones kunnen aan elkaar worden gekoppeld. Hierdoor ontstaat één grote zone die kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld een grillplaat of een vispan op hetzelfde vermogen. De pan moet groot genoeg zijn om het midden van de voorste en achterste kookzone te bedekken (minimaal 22 cm).
Koppeling van Bridge Induction kookzones
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak tegelijkertijd de kookzonetoetsen aan de linkerzijde aan.
- Een verbindingssymbool verschijnt op het display van de achterste kookzone om aan te geven dat de twee kookzones zijn verbonden.
- 3. Stel het vermogen in door de schuifregelaar aan te raken.
- Het display van de voorste kookzone toont het vermogensniveau.
Ontkoppeling van Bridge Induction kookzones
- 1. Raak de kookzonetoetsen van de verbonden kookzones tegelijk aan.
- Het verbindingssymbool verdwijnt op het display van de achterste kookzone.
Koken pauzeren
Deze functie stopt de kookactiviteit tijdelijk (max. 10 minuten); timers en tellers worden ook gepauzeerd.
- 1. Raak minstens 1 seconde de pauzetoets aan.
- Alle displays tonen het pauzesymbool.
Pagina 20
Bediening van de kookplaat
- 2. Raak, om door te gaan met koken, minstens 1 seconde de pausetoets aan totdat deze knippert.
- 3. Raak binnen 10 seconden een willekeurige toets aan en het kookproces wordt vervolgd.
- De kookplaat wordt na 10 minuten automatisch uitgeschakeld als de pauzefunctie tussendoor niet wordt beëindigd.
Herstelfunctie
Als de kookplaat met de aan/uit-toets per ongeluk werd uitgeschakeld, kunnen alle instellingen worden teruggezet met behulp van de herstelfunctie.
- 1. Raak binnen 5 seconden opnieuw de aan/uit-toets aan.
- De pauzetoets knippert.
- 2. Raak binnen 6 seconden de pauzetoets aan.
- De vorige instellingen zijn weer actief.
De eierwekker gebruiken
TIPS!
De eierwekker is niet aan een kookzone gekoppeld. De eierwekker schakelt de kookzone niet uit.
De kookplaat is ingeschakeld en er is voor geen enkele kookzone vermogen ingesteld.
- 1. Raak de eierwekkertoets aan om de eierwekker in te schakelen.
- Het display van de timer toont ‘0.00’.
- 2. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 9 uur en 59 minuten).
- De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten.
- Wanneer de tijd is ingesteld, begint deze af te tellen.
- Op het timerdisplay wordt de resterende tijd weergegeven.
- De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven.
- De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
- 3. Raak het timerdisplay aan om het alarm uit te schakelen.
- Het alarm stopt automatisch na 2 minuten.
Pagina 21
Bediening van de kookplaat
TIPS!
- Raak het timerdisplay aan en raak vervolgens de toets ‘-’ aan om de tijd in te stellen op ‘0.00’ om voortijdig de eierwekker uit te schakelen.
- Als de kookplaat uitgeschakeld is; raak tweemaal achter elkaar de aan/uit-toets aan om voortijdig de eierwekker uit te schakelen.
De timer gebruiken
TIPS!
De timer is gekoppeld aan een kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken schakelt de kookzone automatisch uit.
De kookplaat is ingeschakeld en voor minimaal één kookzone is het vermogen ingesteld.
- 1. Raak de kookzonetoets van de gewenste kookzone aan.
- 2. Raak het timerdisplay aan.
- Het timersymbool van de actieve kookwekker licht helder op.
- 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 minuut tot 9 uur en 59 minuten).
- De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten.
- Wanneer de tijd is ingesteld, begint deze af te tellen en het timersymbool knippert langzaam.
- Op het timerdisplay wordt de resterende tijd weergegeven.
- De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven.
- De geselecteerde kookzone wordt automatisch uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken.
- De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
- 4. Raak het timerdisplay aan om het alarm uit te schakelen.
- Het alarm stopt automatisch na 2 minuten.
TIPS!
Alle kookzones kunnen een ingestelde timer hebben. Het display toont altijd de tijd van de kookzone met de kortst resterende tijd.
De vooraf ingestelde tijd wijzigen
U kunt de tijd op elk gewenst moment wijzigen.
- 1. Raak de betreffende kookzonetoets aan.
21
Pagina 22
Bediening van de kookplaat
- 2. Raak het timerdisplay aan.
- 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de tijd te wijzigen.
De resterende tijd controleren
- 1. Druk op de kookzonetoets om de zone te selecteren waarvan u de resterende tijd wilt zien.
- Een aan de timer gekoppelde zone is te herkennen aan het knipperende timersymbool boven het kookzonedisplay.
- De timer geeft de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weer.
- Tijdens de laatste 10 minuten van de looptijd wordt de resterende tijd in minuten en seconden weergegeven.
De timer uitschakelen
Om de timer uit te schakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken:
- 1. Raak de kookzonetoets aan om de zone te selecteren waarvan u de timer wilt uitschakelen.
- Een aan de timer gekoppelde zone is te herkennen aan het knipperende timersymbool boven het kookzonedisplay.
- 2. Raak de toets(en) ‘-’ aan om de tijd in te stellen op ‘0.00’.
- Het timersymbool is nu niet meer helder verlicht.
Kinderslot
Om het kinderslot in te schakelen, moeten de beschreven stappen binnen 10 seconden worden uitgevoerd.
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak een willekeurige kookzonetoets 3 seconden aan.
3 sec.
- 3. Laat de toets los en schuif van 0 naar 9 over de schuifregelaar.
- Alle displays tonen het symbool ‘L’.
Pagina 23
Bediening van de kookplaat
De kookplaat is nu vergrendeld. Onbedoeld inschakelen van het toestel wordt hiermee voorkomen. Na 20 seconden wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Om het kinderslot uit te schakelen, moeten de beschreven stappen binnen 10 seconden worden uitgevoerd.
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak een willekeurige kookzonetoets 3 seconden aan.
- 3. Laat de toets los en schuif van 9 naar 0 over de schuifregelaar.
- Het symbool L verdwijnt in alle displays; het kinderslot is nu gedeactiveerd.
3 sec.
Vergrendelingsfunctie voor een snelle reiniging tijdens het koken
- 1. Raak de vergendelingstoets aan.
- De vergrendeltoets licht op; de instellingen van de kookplaat zijn vergrendeld voor een snelle reiniging.
- 2. Raak de vergendelingstoets weer aan na de snelle reiniging om de functie uit te schakelen.
Pagina 24
Bediening van de afzuigmodule
WAARSCHUWING!
Standaard is de automatische afzuigmodus actief; de toets is fel verlicht. In de automatische afzuigmodus wordt de afzuigsnelheid automatisch aangepast aan het gebruik van de kookzones.
TIPS!
Als de kookplaat wordt uitgeschakeld en nog heet is (symbool H is zichtbaar), dan werkt de afzuigunit nog 15 minuten in naloopstand.
De automatische afzuigmodus uitschakelen
- 1. Raak de aan/uit-toets aan totdat u een geluidssignaal hoort.
- De displays lichten op; de inductiekookplaat staat in de stand-by modus.
- De kookzones en de afzuigunit hebben vermogensniveau nul.
- 2. Raak de toets ‘Automatische afzuigmodus’ aan.
- De toets ‘Automatische afzuigmodus’ is nu minder fel verlicht; de automatische afzuigmodus is uitgeschakeld.
De automatische afzuigmodus uitschakelen tijdens het koken
Een kookzone is ingeschakeld (in dit voorbeeld stand 8) en de automatische afzuigmodus is actief (stand 5).
- 1. Raak de toets ‘Automatische afzuigmodus’ aan.
- De toets ‘Automatische afzuigmodus’ is nu minder fel verlicht. De afzuigunit is nu handmatig in te stellen.
Handmatig de afzuigunit inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak de afzuigtoets aan.
- Het display van de afzuigunit licht op.
- 3. Stel binnen 3 seconden de afzuigsnelheid in door de schuifregelaar aan te raken (1 t/m 9).
Pagina 25
Bediening van de afzuigmodule
- De afzuigunit schakelt in op het ingestelde niveau.
- Stel een hoger of lager niveau in met de schuifregelaar.
Boost
- 1. Schakel de kookplaat in en stel een vermogensniveau in (>2).
- 2. Raak de toets ‘Automatische afzuigmodus’ aan om de automatische afzuigmodus uit te schakelen.
- 3. Raak de afzuigtoets aan.
- Het display van de afzuigunit licht op.
- 4. Raak niveau P aan om ‘Boost’ te selecteren.
- De afzuigunit schakelt in op niveau P (Boost).
- ‘P’ verschijnt op het display.
Instellen van een aantal minuten vertragingstijd
Gebruik deze functie om de afzuigunit met een vertraging van een aantal minuten uit te schakelen.
WAARSCHUWING!
De automatische afzuigmodus moet uitgeschakeld zijn.
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Raak de afzuigtoets aan en stel een afzuigsnelheid in.
Verder lezen op pagina 26Inhoud