ATAG HI88471FV, tekst van de handleiding
Kookplaat · ATAG · 52 pagina's in het Nederlands · pdf: 228 pagina's, 1,7 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: service.atag.nl
Deze handleiding geldt ook voor: HI86471FV, HI88471F, HI88571FV, HI89571FV.
Storingen op pagina 39
Pagina 39
Probleemoplossing
Algemeen
LET OP!
Indien u een barst of scheurtje (hoe klein ook) in de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit en maak het toestel spanningsloos (stekker uit het stopcontact-indien aanwezig).
Neem vervolgens contact op met de servicedienst.
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw kookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website.
Inductiezones
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Bij het in werking stellen van het toestel verschijnen er tekens in de displays. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilatie draait nog enkele minuten door nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | Afkoeling van de kookplaat. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen van een nieuw toestel. | Dit is normaal en verdwijnt nadat de kookplaat een paar keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| U hoort een licht tikkend geluid in uw kookplaat. | Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. | Normale werking. |
| Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. | ||
| De cirkel van de panbodem blijft zichtbaar na reiniging. | Er is een pan met vieze bodem gebruikt op de kookzone. | Reinig de inductiekookplaat met een reinigingsmiddel voor keramische kookplaten en verwijder het vuil/vet van de bodem van de pan. |
| De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. |
| van de kookplaat naar de kookpan. | Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. | |
| Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen. | De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter kleiner dan 12 cm. | Gebruik een goede pan (zie hoofdstuk 'Pannen voor inductiekoken'). |
| Een kookzone stopt plotseling met werken en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Schakel het signaal uit door op de kookzonetoets van de timer te drukken. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
39
Pagina 40
Probleemoplossing
Vervolg tabel vorige pagina
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. | Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). |
| De zone stopt onverwachts en de restwarmte-indicator wordt getoond. | De zone is oververhit. | Nadat de kookplaat is afgekoeld, kunt u verder gaan met koken. |
| Bij het elektrisch aansluiten van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Verkeerde aansluiting van de kookplaat. | Controleer de elektrische aansluiting. |
| De keramische glasplaat is | Maak het toestel spanningsloos. | |
| gebroken. | Neem contact op met uw installateur. | |
| Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
Foutcodes
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Foutcode F0 t/m F7 en FC. | De generator is defect. | Koppel het toestel los van de netvoeding, wacht 10 seconden en sluit opnieuw aan. |
| Indien de fout code niet verdwijnt, neem dan contact op met de installateur. | ||
| Foutcode Fc | Toestel is oververhit geraakt. | Laat het toestel afkoelen en begin opnieuw met koken. |
| Foutcode FC02 | Spanning te hoog en/of niet goed aangesloten. | Laat uw aansluiting wijzigen. |
| Foutcode Fc01, FC04, FC08 | Bedieningspaneel fout | Koppel het toestel los van de |
| , FC10 en FH | netvoeding, wacht 10 seconden en sluit opnieuw aan. | |
| Indien de fout code niet verdwijnt, neem dan contact op met de installateur. | ||
| Foutcode FJ | Spanning te laag. | Neem contact op met uw energiebedrijf. |
| Foutcode F9 | Luchtcirculatie niet goed. | Zorg dat de beluchtingsgaten onderin de kookplaat open zijn. |
| Overige foutcodes. | Neem contact op met de servicedienst. |
Pagina 41
Probleemoplossing
LET OP!
In geval van andere foutcodes: noteer de foutcode en neem contact op met de servicedienst.
Problemen met wifi oplossen
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Wifi-pictogram niet weergegeven. | Wifi uitgeschakeld. | De kookplaat moet uitgeschakeld zijn. |
| Druk vervolgens op de aan/uit-toets en houd deze 5 seconden ingedrukt. | ||
| Instellen van wifi is mislukt. | Problemen met het thuisnetwerk. | Controleer of het signaal van uw thuisnetwerk sterk is en of de internetverbinding werkt. |
| Het thuisnetwerk wordt niet weergegeven tijdens het instellen van de verbinding. | Het thuisnetwerk is niet ingesteld op 2,4 GHz, het netwerk is verborgen of het signaal is te zwak. | Controleer de netwerkinstellingen. Zorg ervoor dat een 2,4 GHz netwerk aanwezig is. Als het signaal te zwak is plaats dan de router dichter bij het toestel. |
| De app laat zien dat de kookplaat is losgekoppeld. | Wifi is uitgeschakeld of er zijn problemen met het thuisnetwerk. | Controleer of wifi is ingeschakeld en de internetverbinding van uw thuisnetwerk werkt. Breng indien nodig de verbinding opnieuw tot stand. |
| Ander wifi-probleem. | Verschillende oorzaken. | Schakel eerst de wifi uit en weer in. Controleer of de internetverbinding van uw thuisnetwerk werkt. Breng indien nodig de verbinding opnieuw tot stand. |
| Voor meer informatie over het oplossen van problemen, ga naar www.connectlife.io of neem contact op met de serviceafdeling. | ||
| Het firmware-updateproces is mislukt. | De internetverbinding of stroomtoevoer is verbroken. | Controleer of de stroomtoevoer in orde is en zorg voor een stabiele internetverbinding voordat u het opnieuw probeert. |
| Als dit opnieuw is mislukt, neem dan contact op met de serviceafdeling. |
Pagina 42
Probleemoplossing
Foutcode
E7
Symptoom
E7 verschijnt op het display na het instellen van de Wi-Fi-verbinding.
Mogelijke oorzaak
Verbinding maken met wifi netwerk mislukt.
Oplossing
Probeer het toestel opnieuw te verbinden met uw netwerk.
Zorg ervoor dat nieuwe toestellen verbinding kunnen maken met het netwerk (bijv.
MAC-adresfiltering is gedeactiveerd).
Pagina 43
Technische gegevens
Nalevingsinformatie
Type radioapparatuur
Wifi
Frequentiebereik
Maximaal uitgangsvermogen
Maximale antenneversterking
Bluetooth
Frequentiebereik
Drageruitgang
Emissietype
HL3215STG HLW3215-TG HLW3215-TG01
2,412GHz - 2,472GHz ≤ 10 dBm/MHz (EIRP) (antenneversterking 10 dBi)
Versterking: 0 dBi
2,402 GHz - 2,4800 GHz 6 dBm (≤ 10 dBm) F1D
Het bedrijf verklaart dat het apparaat met de functie Connectlife voldoet aan de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Richtlijn 2014/53/EU. De gedetailleerde verklaring van conformiteit is in te zien op het webadres https://auid.connectlife.io van de pagina van uw apparaat onder de aanvullende documenten.
Pagina 44
Installatie
Als de aansluitkabel beschadigd is moet deze door de fabrikant of een gemachtigde servicemonteur worden vervangen om gevaar te voorkomen.
Veiligheid
Indien de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor de schade die daarvan het gevolg is.
- Dit toestel mag uitsluitend door een erkende monteur worden geïnstalleerd.
- Controleer het toestel op transportschade. Sluit het toestel niet aan als het beschadigd is.
- De wanden en het werkblad rondom het toestel moeten minimaal tot 105 °C hittebestendig zijn.
- Het werkblad waarin de kookplaat wordt ingebouwd moet vlak zijn.
- Lokale voorschriften inzake de afvoer van lucht moeten worden nageleefd.
Elektrische aansluiting
- Dit toestel moet worden geaard.
- De elektrische aansluiting moet voldoen aan de nationale en lokale voorschriften.
- Zorg er voorafgaand aan de installatie voor dat de lokale distributievoorwaarden (spanning en frequentie) en de aansluitingen van het toestel compatibel zijn.
- De spanning, frequentie, vermogen, en het land waarvoor het toestel is ingericht staan vermeld op het gegevensplaatje.
- Controleer voor toestellen van klasse I of het elektriciteitsnet in uw huis een goede aarding garandeert.
- Wandcontactdoos en stekker moeten altijd bereikbaar blijven.
- Als een vast opgesteld toestel niet is voorzien van een netsnoer en een stekker, of van een andere manier om de verbinding met het elektriciteitsnet te verbreken, waarbij er sprake is van een contactverbreking in alle polen die volledige contactverbreking biedt in situaties die onder overspanningscategorie III vallen, moet er in het vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestel een schakelaar worden aangebracht volgens de geldende richtlijnen. Dit is ook van toepassing op toestellen met een netsnoer en stekker waarbij de stekker niet toegankelijk is na installatie van het toestel. Door het toepassen van een meerpolige schakelaar met een contactafstand van tenminste 3 mm in de vaste bedrading van het elektriciteitsnet naar het toestel wordt aan deze eis voldaan.
- De aansluitkabel moet vrij hangen en niet door een lade worden aangestoten.
- Gebruik voor het aansluiten een goedgekeurde kabel met de juiste kabel diameters behorend bij de aansluiting. De kabel ommanteling moet van rubber zijn (bijvoorkeur type H05VV-F of H07V2V2).
- Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltage dat wordt aangegeven op het toestel overeenkomt met het voltage in uw huis.
- De aansluiting moet worden aangepast aan de stroom en de zekeringen.
- Het toestel mag niet via een stekkerdoos of verlengsnoer op netspanning worden aangesloten, aangezien veilig gebruik van het toestel dan niet langer kan worden gegarandeerd.
- Na de installatie moeten de elektrische stroomvoerende en geïsoleerde onderdelen tegen aanraking worden beschermd.
Pagina 45
Installatie
WAARSCHUWING!
Het niet gebruiken van schroeven of bevestigingsmiddelen voor installatie zoals beschreven in het installatievoorschrift kan leiden tot elektrische schok.
Service
- Maak het toestel spanningsloos voordat met de reparatie wordt gestart.
- Defecte onderdelen mogen alleen vervangen worden door originele onderdelen. Alleen van die onderdelen kan de fabrikant garanderen dat zij aan de veiligheidseisen voldoen.
Pagina 46
Installatie
Voorbereidingen voor montage
Vrije ruimte rondom toestel
A (>mm) B (>mm) C (>mm) D (>mm) = 650 = 900 = 450 = 50
Bereikbaarheid
Bereikbaarheid
Oven
Ventilatieopeningen in de onderkast
Voor een normale werking van de elektronische componenten van de inductiekookplaat is voldoende luchtcirculatie vereist.
Onderkast
- Over de gehele breedte van de kast moet in de achterwand van de kast een opening aanwezig zijn met een hoogte van niet minder dan 140 mm.
Pagina 47
Installatie
De kookplaat is uitgerust met een ventilator in het onderste gedeelte. Als er een lade onder het aanrechtblad zit, gebruik deze dan niet om kleine voorwerpen of papier in op te bergen. Deze kunnen in de ventilator worden gezogen en zo de ventilator en het koelsysteem beschadigen. Gebruik de lade ook niet om aluminiumfolie of brandbare stoffen of vloeistoffen (zoals sprays) in op te bergen. Houd dergelijke stoffen uit de buurt van de kookplaat. Explosiegevaar! Er moet minstens 20 mm vrije ruimte zijn tussen de inhoud van de lade en de inlaatopeningen van de ventilator.
Onderkast met een oven
- Onder de inductiekookplaat kan een oven worden geplaatst, mits deze beschikt over een koelventilator. Voordat de oven wordt geplaatst, moet de achterwand van de keukenkast worden verwijderd rondom de installatie-opening.
- Als andere toestellen onder de inductiekookplaat worden geïnstalleerd, kunnen wij de correcte werking ervan niet garanderen.
Verzonken montage
Het toestel mag alleen worden geïnstalleerd in een temperatuur- en waterbestendig aanrecht, zoals een aanrecht van (natuur)steen (marmer, graniet) of massief hout (de randen langs de uitsparing moeten worden afgedicht). Bij installatie in een aanrechtblad van keramiek, hout of glas moet een houten onderstel worden gebruikt. Het onderstel wordt niet meegeleverd met het toestel. Het toestel mag alleen in een aanrechtblad van andere materialen worden geïnstalleerd na raadpleging en uitdrukkelijke goedkeuring van de fabrikant van het aanrechtblad. De binnenmaat van de basiseenheid moet minimaal gelijk zijn aan de interne uitsparing voor het toestel, zodat het toestel eenvoudig uit het aanrecht kan worden verwijderd. Bevestig afdichtband langs de omtrek van de onderzijde van het glazen paneel.
Installeer het toestel (zie 'Inbouwen') en sluit het toestel aan op de netvoeding (zie instructies voor het aansluiten van het toestel). Test de werking van het toestel voordat u de afdichting aanbrengt. Dicht de gleuf tussen het toestel en het aanrechtblad af met siliconenkit. De siliconenkit die wordt gebruikt om het toestel af te dichten, moet temperatuurbestendig zijn (tot minimaal 160 °C). Maak de siliconenkit glad met behulp van geschikt gereedschap. Neem de gebruiksaanwijzing van de gekozen siliconenkit in acht. Schakel het toestel pas in als de siliconenkit volledig is gedroogd.
- 1. Siliconenkit, 2. Afdichtband
Pagina 48
Installatie
LET OP!
Neem altijd de inbouwmaten in acht maar vooral bij (natuur)stenen aanrechtbladen. Let bij het kiezen van de siliconenkit op het materiaal van het aanrecht en raadpleeg de fabrikant van het aanrecht. Het gebruik van ongeschikte siliconenkit kan leiden tot blijvende verkleuring van sommige onderdelen.
Stenen aanrechtblad
- 1. Aanrechtblad
- 2. Apparaat
- 3. Sleuf
Gezien de foutmarge (tolerantie) voor de keramische glasplaat van het toestel en de uitsparing in het aanrecht is de sleuf instelbaar (min. 2 mm).
Keramisch, houten of glazen aanrechtblad
- 1. Aanrechtblad
- 2. Apparaat
- 3. Sleuf
- 4. Houten frame, dikte 16 mm
WAARSCHUWING!
De serviceafdeling is uitsluitend verantwoordelijk voor de reparatie en het onderhoud van de kookplaat. Raadpleeg uw gespecialiseerde keukenapparatuur dealer over het opnieuw installeren van de inbouwkookplaat.
Inbouwen
Toestel afmetingen
| A (mm) | B (mm) | C (mm) | D (mm) | |
| HI86xxx | 600 | 520 | 46 | 50 |
| HI87xxx | 700 | 520 | 46 | 50 |
| HI88xxx | 800 | 520 | 46 | 50 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 48)
48
Pagina 49
Installatie
Vervolg tabel vorige pagina HI89xxx 900
520
Uitsparing in aanrechtblad
HI86xxx HI87xxx HI8847x HI8857x HI89xxx
Min. 600
Min. 600
Min. 600
Min. 600
Min. 600
Uitsparing in aanrechtblad (flush)
HI86xxx HI87xxx HI8847x HI8857x HI89xxx
A1 (mm)
604-605 704-705 804-805 804-805 904-905
A2 (mm)
Min. 600
Min. 600
Min. 600
Min. 600
Min. 600
- 46 50
| C (mm) | D (mm) | E (mm) |
|---|---|---|
| 490 | Min. 40 | Min. 60 |
| 490 | Min. 40 | Min. 60 |
| 490 | Min. 40 | Min. 60 |
| 490 | Min. 40 | Min. 60 |
| 490 | Min. 40 | Min. 60 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 49)
| C1 (mm) | C2 (mm) D (mm) | E (mm) |
|---|---|---|
| 524-525 | 490 Min. 40 | Min. 60 |
| 524-525 | 490 Min. 40 | Min. 60 |
| 524-525 | 490 Min. 40 | Min. 60 |
| 524-525 | 490 Min. 40 | Min. 60 |
| 524-525 | 490 Min. 40 | Min. 60 |
Pagina 50
Installatie
Afdichttape
Kookplaat
Afdichttape (S)
Elektrische aansluiting
Bepalen van de aanwezige elektrische aansluiting
- Controleer de spanning. Voordat u het toestel aansluit, dient u te controleren of het voltage op het typeplaatje overeenkomt met het voltage in uw huis. De netspanning bij u thuis (220-240 V tussen L en N) moet worden gecontroleerd door een deskundige met behulp van een geschikt meettoestel.
- Controleer de aanwezige spanningen zoals aangegeven in de onderstaande schema's.
3 fase - 1 nul 2 fase - 1 nul 1 fase - 1 nul
2 fase - 2 nullen (alleen voor NL)* 3 fase (alleen voor BE) 1 fase (alleen voor BE)
* De 2 fasen (L1 en L2) dienen te worden beveiligd door slechts één en dezelfde aardlekschakelaar. Het is niet toegestaan om L1/N1 via een andere aardlekschakelaar dan L2/N2 te laten lopen.
Aansluitschema
LET OP!
Raadpleeg de aansluitschema's op de onderzijde van het toestel.
Pagina 51
Installatie
- 1. Open het deksel van de aansluitbox.
- 2. Geleid het netsnoer door een trekontlastingsklem die de kabel beschermt tegen uittrekken.
- 3. Sluit de draden aan volgens de instructies voor uw type toestel.
- 4. Maak de nodig doorverbindingen tussen de aansluitklemmen met de geleverde verbindingsbruggen (TB). De bruggen bevinden zich in de aansluitbox.
Vermogensbegrenzer
Zie hoofdstuk 'Instellingen', onder Con - vermogensbegrenzer om de parameter in te stellen. Deze parameter moet worden ingesteld voordat een pan op de kookplaat wordt geplaatst of de kookzone wordt geactiveerd.
WAARSCHUWING!
Het instellen van de vermogensbegrenzer mag alleen worden uitgevoerd door een erkende en gekwalificeerde installateur. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.
Sommige automatische kookfuncties worden uitgeschakeld als de vermogensbegrenzer van het toestel op een lagere waarde is ingesteld. Raadpleeg onderstaande tabel.
| Fase | IMax (A) | Grillen | Bakken | Koken | Sudderen | Warmhouden | Smelten |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 3 Fase | 16 | x | x | x | x | x | x |
| 13 | x | x | - | x | x | x | |
| 10 | - | - | - | x | x | x | |
| 6 | - | - | - | x | x | x | |
| 2 Fase (2 en 3 | 16 | x | x | x | x | x | x |
| doorverbonden) | 13 | x | x | - | x | x | x |
| 10 | - | - | - | x | x | x | |
| 6 | - | - | - | x | x | x |
Pagina 52
Installatie
Vervolg tabel vorige pagina
Fase IMax (A) Grillen
1 Fase 40 x (1, 2 en 3
35 x doorverbonden)
32 x 25 x 20 x 16 x 13 x 10 - 6 -
Bakken x x x x x x x
-
-
Koken x x x x x x
-
-
-
Sudderen x x x x x x x x x
Warmhouden x x x x x x x x x
Smelten x x x x x x x x x
LET OP!
Het instellen van een lagere waarde van de vermogensbegrenzingsparameter kan leiden tot verminderde prestaties van de inductiekookplaat.
Zie de aansluitschema's voor de spanning tussen de fase- en nulgeleiders en spanning tussen de fasegeleiders.
De doorsnede van de voedingskabel moet minstens 1,5 mm² bedragen voor de volgende instellingen van de vermogensbegrenzer, die moeten worden aangepast aan de stroomonderbrekers bij u thuis:
| Configuratie van de vermogensbegrenzer | Type aansluiting |
|---|---|
| 3x16 A / 3x13 A / | 3 fase - 1 nul |
| 3x10 A / 3x06 A | |
| 2x16 A / 2x13 A / | 2 fase - 1 nul |
| 2x10 A / 2x06 A | |
| 2 x 16 A | 2 fase - 2 nullen (alleen voor NL) |
| 3 x 16 A | 3 fase (alleen voor BE) |
| 2 x 32 A | 2 fase - 1 nul |
| 1x32 A / 1x25 A | 1 fase - 1 nul |
| 1x20 A | 1 fase - 1 nul |
| 1x16 A | 1 fase - 1 nul |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
| Type netsnoer H05V2V2-F | Aantal en doorsnede van de voedingskabels 5 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 5 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 4 x 1,5 mm² |
| H05V2V2-F | 4 x 4,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 4,0 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 2,5 mm² |
| H05V2V2-F | 3 x 1,5 mm² |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)
Aansluiten en testen
- Sluit het toestel met het netsnoer aan op het elektriciteitsnet. Het stopcontact moet geaard zijn. De nominale spanning en de frequentie van het toestel vindt u op het typeplaatje (label met basisinformatie) die zich op het toestel bevindt.
52
Pagina 53
Installatie
- Test het toestel op de juiste werking.
- Kit, bij verzonken montage de kookplaat af (raadpleeg 'Verzonken montage in het werkblad').
Het ingebouwde apparaat verwijderen
Koppel het toestel los van de stroomvoorziening en koppel het los van het afvoerkanaal. Gebruik een geschikt gereedschap om de siliconen afdichting van de omtrek te verwijderen. Verwijder het toestel door het vanaf de onderkant omhoog te duwen.
LET OP!
Probeer het toestel niet vanaf de bovenzijde van het aanrechtblad te verwijderen!
Pagina 54
Milieuaspecten
Afvoeren van het toestel en verpakking
Dit toestel is gemaakt van duurzame materialen. Het toestel moet aan het einde van zijn levensduur op verantwoorde wijze worden afgedankt. Informeer bij de plaatselijke autoriteiten hoe u dit kunt doen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
WAARSCHUWING!
Laat kinderen nooit met het verpakkingsmateriaal spelen vanwege het gevaar van verwonding of verstikking. Bewaar het verpakkingsmateriaal op een veilige plaats of voer het af op een milieuvriendelijke manier.
Het toestel is gemarkeerd met een vuilnisbaksymbool met een kruis erdoor om u erop te wijzen dat elektrische huishoudelijke toestellen afzonderlijk moeten worden afgedankt. Dit houdt in dat het toestel aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het toestel moet naar een speciale gemeentelijke afvalverwerkingslocatie voor gescheiden afval worden gebracht of naar een dealer die deze service verleent.
Negatieve gevolgen voor mens en milieu worden voorkomen door huishoudelijke toestellen apart in te zamelen en op de juiste wijze af te danken. Dit zorgt ervoor dat de materialen waaruit het toestel bestaat, kunnen worden teruggewonnen en aanzienlijke besparingen op energie en grondstoffen kunnen worden gerealiseerd.
LET OP!
Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, verordeningen en voorschriften, evenals aan de eisen die staan beschreven in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 55: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 56
Het toestel-identificatieplaatje bevindt zich aan de onderkant van het toestel.
Plak hier het toestel-identificatieplaatje.
www.atag.nl www.atag.be
941136-a4
We behouden ons het recht voor om wijzigingen aan te brengen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
Inhoudsopgave
Gebruikte pictogrammen .......................... Veiligheid ....................................................
Veilig gebruik ...............................................
Uw inductiekookplaat ................................
Geachte klant! ............................................. Beschrijving ................................................. Bedieningspaneel ........................................ Aanraaktoetsen-functie uitleg ...................... Programma-functie uitleg ............................ Meldingen op het display ............................
Gebruik .......................................................
Inductiekoken .............................................. Pannen voor inductiekoken ......................... Inductiegeluiden .......................................... Dynamische slider ....................................... Kookstanden ................................................
Bediening ....................................................
Bereiding starten ......................................... Standaard koken .......................................... Bridge Induction zone ................................. Koken met het PLUS-menu .......................... Pauze ........................................................... Kinderslot ..................................................... Tijdfuncties ...................................................
Bediening van de gekoppelde afzuigkap .... 27
ConnectLife ................................................ 29
Wifi .............................................................. 30
Wifi in- en uitschakelen ................................ 30
Firmware-update .......................................... 31
Instellingen ................................................. 33
Onderhoud .................................................. 37
Reinigen glasplaat ....................................... 37
Probleemoplossing .................................... 39
Algemeen ..................................................... 39
Storingstabel ................................................ 39
Technische gegevens ................................ 43
Nalevingsinformatie ..................................... 43
Installatie .................................................... 44
Veiligheid ..................................................... 44
Voorbereidingen voor montage ................... 46
Verzonken montage ..................................... 47
Inbouwen ..................................................... 48
Elektrische aansluiting ................................. 50
Aansluiten en testen .................................... 52
Het ingebouwde apparaat verwijderen ....... 53
Milieuaspecten ........................................... 54
Afvoeren van het toestel en verpakking ...... 54
Pagina 3: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 4
Veiligheid
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN
LEES DEZE VOORSCHRIFTEN ZORGVULDIG EN BEWAAR ZE VOOR TOEKOMSTIG GEBRUIK!
Algemeen
Wanneer de veiligheidsinstructies en waarschuwingen niet worden opgevolgd, kan de fabrikant niet aansprakelijk worden gesteld voor de schade die daarvan het gevolg is.
Schade veroorzaakt door onjuiste aansluiting, verkeerde montage of verkeerd gebruik valt niet onder de garantie.
WAARSCHUWING!
- Dit toestel kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder, mensen met een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking of mensen die weinig ervaring met en kennis van het toestel hebben, mits zij onder toezicht staan of zijn geïnstrueerd hoe zij het toestel veilig moeten gebruiken en zij de mogelijke gevaren begrijpen.
- Dit toestel en de toegankelijke delen worden heet tijdens het gebruik. Raak hete delen niet aan. Houd kinderen jonger dan 8 jaar uit de buurt van het toestel tenzij er voortdurend op hen wordt gelet.
Kinderen mogen niet met het toestel spelen. Kinderen mogen het toestel niet reinigen of onderhouden als zij niet onder toezicht staan.
BRANDGEVAAR!
- WAARSCHUWING: Brandgevaar: bewaar geen voorwerpen op het kookoppervlak.
- WAARSCHUWING: Koken met vet of olie op de kookplaat zonder toezicht kan gevaarlijk zijn en brand veroorzaken.
Pagina 5
Veiligheid
LET OP!
- VOORZICHTIG! Houd toezicht tijdens het koken. Houd continu toezicht bij een kort kookproces.
Probeer NOOIT de brand te blussen met water, maar zet het toestel uit en dek de vlammen daarna af met bijvoorbeeld een deksel of een blusdeken.
Wanneer onder het toestel een lade toegestaan is (zie het installatievoorschrift), zonder tussenbodem, dan mogen daarin geen licht ontvlambare voorwerpen/stoffen worden bewaard. Zorg voor enkele centimeters afstand tussen de onderkant van de kookplaat en de inhoud van een lade.
Zorg altijd voor voldoende ventilatie!
Gebruik de kookplaat alleen voor het bereiden van gerechten.
Dit toestel is uitsluitend bedoeld voor huishoudelijk gebruik.
Het toestel is niet geschikt om ruimtes te verwarmen.
Dek het toestel nooit af met een doek of iets dergelijks. Als het toestel nog heet is of wordt ingeschakeld, bestaat er brandgevaar.
Gebruik het toestel niet als werkblad. Het toestel kan per ongeluk worden ingeschakeld of nog heet zijn, waardoor voorwerpen kunnen smelten, heet worden of vlam vatten.
Het toestel is niet bedoeld om te worden bediend door middel van een externe timer of een apart afstandsbedieningssysteem.
Gebruik nooit een stoomreiniger om het toestel te reinigen. Reinig het toestel alleen als het uitgeschakeld is. De stoom van een stoomreiniger kan onder spanning staande onderdelen bereiken en kortsluiting veroorzaken.
De glaskeramische plaat is zeer sterk, maar niet onbreekbaar. Wanneer er bijvoorbeeld een kruidenpotje of een puntig voorwerp op valt, kan er een breuk ontstaan.
Pagina 6
Veiligheid
Als u besluit het toestel, vanwege een defect, niet langer te gebruiken, adviseren wij u, nadat u de stekker uit het stopcontact heeft verwijderd, het snoer af te knippen. Breng het toestel naar de betreffende afvalverwerkingsafdeling van uw gemeente.
WAARSCHUWING: Schakel het toestel uit als het oppervlak gebarsten is om mogelijke elektrische schokken te voorkomen.
Keramische glasplaat gebroken
- Schakel onmiddellijk alle branders en elektrische verwarmingselementen uit en verbreek de stroomtoevoer naar het toestel.
- Raak het oppervlak van het toestel niet aan.
- Gebruik het toestel niet.
De kookzones worden warm tijdens gebruik en blijven na gebruik ook een tijd warm. Laat geen kleine kinderen in de buurt tijdens en vlak na het koken.
Gebruik inductie
- Metalen voorwerpen of voorwerpen die metaal bevatten, zoals messen, vorken, lepels en deksels, mogen niet op de kookplaat worden gelegd, omdat deze heet kunnen worden.
- Houd bij gebruik van de inductiekookplaat voorwerpen die gevoelig zijn voor magnetische velden (creditcards, bankkaarten, diskettes, horloges en dergelijke) uit de buurt van de kookplaat. We raden iedereen met een pacemaker aan om eerst een cardioloog te raadplegen.
- Gebruik nooit aluminiumfolie om te koken en plaats nooit in aluminium verpakte producten op de kookplaat. Het aluminium zou kunnen smelten en uw toestel onherstelbaar beschadigen.
Veilig gebruik
- Bewaar geen voorwerpen in kastjes boven of achter het toestel die voor kinderen interessant zijn.
- Verwarm geen dichte blikken op de kookplaat. Er ontstaat een overdruk waardoor de blikken uiteenspatten. U kunt zich hierdoor verwonden/verbranden.
- Gebruik het toestel niet bij een temperatuur beneden 5 °C.
6
Pagina 7
Veiligheid
- Het toestel mag niet in de buitenlucht geplaatst of gebruikt worden.
- Als de kookplaat voor de eerste keer gebruikt wordt, zult u een ‘nieuwigheidsluchtje’ ruiken.
Dit is normaal. Door te ventileren verdwijnt de geur vanzelf.
- Open nooit de behuizing van het toestel.
- Zodra u de kookpan van een inductiekookplaat verwijdert, stopt automatisch de kookactiviteit.
Wen uzelf er echter aan altijd de kookplaat of zone na gebruik uit te schakelen om onbedoeld inschakelen te voorkomen.
- Schakel het kookplaatelement na gebruik uit met de bediening en vertrouw niet alleen op de pandetector.
- Houd er rekening mee dat als de kookplaat op een hoge stand wordt gebruikt, de opwarmtijd erg kort zal zijn. Laat de kookplaat niet onbeheerd achter als u een zone op een hoge stand gebruikt.
Temperatuurbeveiliging inductie zones
- De kookplaat is voorzien van een koelventilator die de elektronische componenten tijdens het koken afkoelt. De ventilator kan zelfs na afloop van het kookproces nog enige tijd in werking zijn.
- De inductiekookplaat is tevens voorzien van een oververhittingsbeveiliging die de elektronische componenten beschermt tegen beschadiging. De bescherming werkt op verschillende manieren. Wanneer de temperatuur van de kookzone zeer hoog wordt, wordt het kookvermogen automatisch verlaagd. Als dit niet voldoende is, neemt het vermogen van de kookzone verder af, totdat de veiligheidsmechanismen de kookzone volledig uitschakelen. Zodra de kookplaat is afgekoeld, is het totale vermogen weer beschikbaar.
Kookduurbegrenzing
WAARSCHUWING!
Als een kookzone gedurende een ongebruikelijk lange tijd ingeschakeld is, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Instelling | De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na: |
| 1 en 2 | 9 uren |
| 3, 4 en 5 | 5 uren |
| 6, 7 en 8 | 4 uren |
| 9 | 3 uren |
| 10 | 2 uren |
| 11 en 12 | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
De kookduurbegrenzer schakelt de kookzones uit wanneer de in de tabel vermelde tijd is verstreken.
Pagina 8: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 9
Uw inductiekookplaat
Geachte klant!
Lees de gebruiksaanwijzing voor gebruik. Deze bevat algemene tips, informatie over de instellingen en aanpassingen die u kunt maken en hoe u het beste voor uw toestel kunt zorgen.
Daarnaast dient de handleiding als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Ga voor meer gedetailleerde instructies en tips naar https://atag.nl of scan de QR-code. Deze QR-code vindt u op de onderkant van het toestel, bij de meegeleverde documenten of (indien aanwezig) op de beknopte handleiding.
Veel kookplezier!
Pagina 10
Uw inductiekookplaat
Beschrijving
Aangezien de toestellen waarvoor deze handleiding is opgesteld, verschillende uitrustingen of onderdelen kunnen hebben, kan het zijn dat sommige functies of elementen die in de handleiding worden beschreven mogelijk niet in uw toestel aanwezig zijn.
- 1. Kookzone ø 260 mm - 2,3 kW (3,6 kW boost)
- 2. Kookzone ø 180 mm - 2,0 kW (3,0 kW boost)
- 3. Kookzone ø 210 mm - 2,2 kW (3,6 kW boost)
- 4. Bridge Induction kookzones 190 x 220 mm / 2,2 kW (3,6 kW boost)
- 5. Kookzone 190 x 220 mm - 2,2 kW (3,6 kW boost)
Pagina 11
Uw inductiekookplaat
Bedieningspaneel
- 1. Aan/Uit en Kinderslot aanraaktoets
- 2. Pauze/Start aanraaktoets
- 3. Wifi/connectiviteit aanraaktoets
- 4. Kookwekker aanraaktoets
- 5. Bediening voor kookzone linksvoor
- a. Kookzone-timer aanraaktoets + indicatie
- b. Kookzonetoets + display
- c. PLUS-programma's aanraaktoets
- 6. Bediening voor kookzone links achter
- 7. Afzuigkap (gekoppeld) ventilator aanraaktoets
- 8. Bediening voor middelste kookzones
- 9. Afzuigkap (gekoppeld) verlichting aanraaktoets
- 10. Bediening voor kookzone rechtsvoor
- 11. Bediening voor kookzone rechtsachter
- 12. Slide control
Verder lezen op pagina 12Inhoud