naslaan.comZoekenAlle merken

Bosch CMG6764S1, tekst van de handleiding

Pagina's 50–60 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf

← pagina's 40–49verder op pagina 61 →

Pagina 50

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

Gerecht
Vleesgerechten
Accessoires/vormen Inschuif- Verwar- Temperatuur in Magnetron- Duur in hoogte mingsme- °C / grillstand vermogen in min. thode watt
Gehaktbrood, 1 kgOpen vorm 1 7 170-180 - 70-80
Gebraden gehakt, 1 kg + 50 ml water Open vorm 1 7 170-190 360 30-40
* voorverwarmen
** zonder keren
*** Braadslede op inschuifhoogte 1 eronder plaatsen
* na 2/3 van de totale tijd keren
Tips voor het braden, stoven en grillen
De binnenruimte wordt erg vuil.Bereid het product in een gesloten braadslede of gebruik het grillrooster. Wanner u het grillrooster gebruikt, behaalt u een optimaal braadresultaat. U kunt het grillrooster als speciaal toebehoren kopen.
Het braadvlees is te donker en de korst is op enkele plaatsen verbrand en/of het braadvlees is te droog.Controleer de inschuifhoogte en de temperatuur. Kies de volgende keer een lagere temperatuur en verkort evt. de braadtijd.
De korst is te dun.Verhoog de temperatuur of schakel na afloop van de braadtijd de grill even in.
Het braadvlees ziet er goed uit, maar de jus is aangebrand.Neem de volgende keer kleiner braadgerei en voeg evt. meer vloeistof toe.
Het braadvlees ziet er goed uit, maar de jus is te licht en te waterig.Neem de volgende keer groter braadgerei en voeg evt. minder vloeistof toe.
Bij het stoven brandt het vlees aan.Het deksel moet goed op de braadvorm passen en goed sluiten.
Reduceer de temperatuur en voeg zo nodig nog wat vloeistof toe tijdens het smoren.
Het vlees is niet doorbakken.Snijd het vlees open. Bereid de jus in de braadvorm en leg vervolgens de braadstukken in de jus. Bereid het vlees verder alleen met microgolven.
Het grillproduct wordt te droog.Het vlees pas na het grillen zouten. Zout onttrekt water aan het vlees. Steek tijdens het keren niet in het grillproduct. Gebruik een grilltang.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 50)

Vis

Uw apparaat biedt diverse verwarmingsmethoden voor het bereiden van vis. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.

Hele vis hoeft niet gekeerd te worden. Plaats de hele vis in de zwemstand, met de rugvin naar boven, in de binnenruimte. Een ingesneden aardappel of een kleine ovenvaste vorm in de buik van de vis zorgt voor stabiliteit.

U kunt herkennen dat de vis gaar is, wanneer de rugvin gemakkelijk loslaat.

Braden en grillen op het rooster

Schuif het rooster met het opschrift “Microwave” naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht op de aangegeven hoogte naar binnen. Plaats bovendien de universele braadslede met de schuine kant naar de apparaatdeur ten minste één inschuifhoogte eronder.

Giet afhankelijk van de grootte en de soort vis tot liter water in de braadslede. Vrijkomende vloeistof wordt opgevangen. Er ontstaat zo minder rook en de binnenruimte blijft schoner.

Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit met een geopende apparaatdeur grillen.

Neem indien mogelijk grillstukken van ongeveer dezelfde dikte en gewicht. Zo worden ze gelijkmatig

bruin en blijven ze lekker mals. Leg de te grillen stukken vlees rechtstreeks op het rooster.

Keer de grillstukken met een grilltang. Wanneer u met een vork in de vis prikt, verliest hij sap en wordt hij droog.

Aanwijzingen

Braden en stomen in een vorm

Gebruik alleen vormen die geschikt zijn voor de werking oven. Controleer of de vorm in de binnenruimte past.

Glazen vormen zijn het meest geschikt. Zet hete vormen van glas op een droge onderzetter. Is de ondergrond nat of koud, dan kan het glas knappen.

Glanzende braadsledes van edelstaal of aluminium reflecteren de warmte als een spiegel en zijn daardoor niet zo geschikt. De vis gaart langzamer en wordt minder bruin. Houd een hogere temperatuur en/of langere bereidingstijd aan.

Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm.

Pagina 51

Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl

Open vorm

Gebruik voor het bereiden van hele vis het beste een hoge vorm. Plaats de vorm op het rooster. Wanneer u geen geschikte vorm heeft, gebruikt u de braadslede.

Gesloten vorm

De binnenruimte blijft bij de bereiding in een gesloten vorm veel schoner. Let erop dat het deksel voor de pan past en goed sluit. Plaats de vorm op het rooster.

Doe voor het stomen twee tot drie eetlepels vloeistof en wat citroensap in de vorm.

Bij het openen van het deksel na het garen, kan zeer hete stoom ontwijken. Til het deksel van achteren op, zodat de hete stoom van het lichaam af naar buiten gaat.

Vis kan ook in een gesloten braadslede knapperig worden. Gebruik hiervoor een braadslede met glazen deksel en stel een hogere temperatuur in.

Stoven met microgolven

U kunt vis ook met microgolven stoven.

Gebruik hiervoor een gesloten, magnetronbestendige vorm of dek de vorm af met een bord of speciaal magnetronfolie. Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm. "De magnetron" op pagina 20

De smaak blijft grotendeels behouden en u kunt met minder zout en specerijen volstaan. Voeg bij hele vissen één tot drie eetlepels water of citroensap toe.

Laat de vis na het garen nog 2-3 minuten rusten voor een egale temperatuur.

Neem kant-en-klare gerechten voor het ontdooien uit de verpakking. In magnetronbestendige vormen gaart u sneller en gelijkmatiger.

Braadthermometer

Met de braadthermometer kunt u exact garen. Lees de belangrijke instructies voor het gebruik van de braadthermometer na in het betreffende hoofdstuk. U vindt daar gegevens over het insteken van de

braadthermometer, de mogelijke verwarmingsmethoden en verdere informatie. "Braadthermometer" op pagina 23

Aanbevolen instelwaarden

In de tabel vindt u voor visgerechten de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid, kwaliteit en temperatuur van het levensmiddel. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.

De instelwaarden gelden voor vis op koelkasttemperatuur die in de onverwarmde binnenruimte wordt geplaatst. Zo kunt u tot 20 procent energie sparen. De aangegeven bereidingstijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.

In de tabel vindt u gegevens voor vis met voorgesteld gewicht. Wanneer u een zwaardere vis wilt bereiden, gebruik dan in elk geval de lage temperatuur. Bij meerdere vissen oriënteert u zich aan de zwaarste vis om de bereidingsduur te bepalen. De afzonderlijke vissen dienen ongeveer even groot te zijn.

In het algemeen geldt: hoe groter een vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.

Vis die niet in de zwemstand is na ca. tot van de aangegeven tijd keren.

Aanwijzing: Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.

Niet gebruikte toebehoren verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.

Gebruikte verwarmingsmethoden:

Gerecht VisAccessoires/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / grillstandMagnetronvermogen in wattDuur in min.
Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forelOpen vorm17170-190-20-30
Vis, gegrild, heel 300 g, bijv. forelRooster229015-20
Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forelVorm gesloten1-600 3603 2-7
Vis, gegrild, heel 1,5 kg, bijv. zalmOpen vorm17170-190-30-40
Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalmVorm gesloten1-600 36010 10-15
Visfilets
Visfilet, ongepaneerd, gegrildRooster21*-15-25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 51)

* Voorverwarmen

** Braadslede op inschuifhoogte 1 eronder plaatsen

*** Tussentijds keren

Pagina 52

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

GerechtAccessoires/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / grillstandMagnetronvermogen in wattDuur in min.
Visfilet, ongepaneerd, gestoofd, 400 gVorm gesloten1-600 3604 5-15
Viskoteletten
Viskotelet, 3 cm dik**Rooster23-18-22
Vis, diepvries
Vis, heel 300 g, bijv. forelVorm gesloten1-600 3605 7-12
Visfilet, ongepaneerdGesloten vorm1210-230-25-40
Visfilet, ongepaneerd, 400 gGesloten vorm1-60010-15
Visfilet, gegratineerdRooster27220-240-35-45
Visfilet, gegratineerd, 400 gOpen vorm1336015-20
Vissticks***Bakplaat1220-240-10-20
Visgerechten
Visterrine, 1000 g Terrinevorm
* Voorverwarmen
** Braadslede op inschuifhoogte 1 eronder plaatsen
*** Tussentijds keren
1-36020-25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 52)

Groente en bijgerechten

Hier vindt u gegevens voor het bereiden van gegrilde groente, aardappels en diepvries-aardappelproducten.

Niet gebruikte toebehoren verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal kookresultaat en spaart u energie.

Bereiden in combinatie met microgolven

Als u in combinatie met microgolven wilt garen, dient u altijd een gesloten magnetronbestendige vorm te gebruiken. Als u geen passende deksel voor uw vorm hebt, gebruikt u een bord of speciaal magnetronfolie. Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm.

Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Verdeel de voedingsproducten daarom zo vlak mogelijk in de vorm.

Graan schuimt sterk tijdens het koken. Gebruik voor alle graanproducten, waaronder bijvoorbeeld ook rijst, een hoge vorm met deksel.

De eigen smaak van de voedingsproducten blijft dan zoveel mogelijk behouden. Hierdoor kunt u met minder zout en specerijen volstaan.

Als u voor een voorbereide hoeveelheid voedingsproduct geen instelling vindt, verlengt of verkort u de gaartijd op basis van de volgende vuistregel: bij een dubbele hoeveelheid kan de duur bijna worden verdubbeld.

Tussentijds kunt u de voedingsproducten het beste twee tot drie maal keren of omroeren. Laat de voedingsproducten na het verhitten nog twee tot drie minuten rusten voor een egale temperatuur.

De voedingsproducten geven warmte aan de vorm af. Ook als er alleen microgolven worden gebruikt, kan de vorm daarom zeer heet worden.

Inschuifhoogtes

Gebruik de aangegeven inschuifhoogtes.

Bereiden op één niveau

Volg de opgaven in de tabel op.

Bereiden op twee niveaus

Gebruik 4Dhetelucht. Bakplaten die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.

Toebehoren

Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.

Rooster

Schuif het rooster met het opschrift “Microwave” naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht naar binnen. Plaats de vormen altijd op het rooster.

Braadslede of braadpan

De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.

Bakpapier

Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.

Pagina 53

Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl

Aanbevolen instelwaarden

In de tabel vindt u voor diverse gerechten de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid, de vorm en de kwaliteit van de levensmiddelen. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.

De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. De

aangegeven tijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.

Indien u volgens eigen recept wilt bereiden dan oriënteert u zich aan soortgelijke gerechten in de tabel.

Gebruikte verwarmingsmethoden:

Gerecht
Groente, vers
Accessoires/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / grillstandMagnetronvermogen in wattDuur in min.
Groente, vers, 250 g*Gesloten vorm1-6008-12
Groente, vers, 500 g*Gesloten vorm1-60010-15
Groente, diepvries
Spinazie, 450 g*Gesloten vorm1-60013-18
Gemengde groente, 250 g + 25 ml water*Gesloten vorm1-60010-14
Gemengde groente, 500 g + 25 ml water*Gesloten vorm1-60015-20
Groentegerechten
Gegrilde groenteBraadslede33-10-15
Aardappels
Gebakken aardappels, gehalveerdBraadslede1160-180-45-60
Gebakken aardappels, gehalveerd, 1 kgBraadslede27200-22036015-20
Aardappels in de schil, heel, 250 g*Gesloten vorm1-60010-13
Gekookte aardappels, gekwart, 500 g*Gesloten vorm1-60012-15
Aardappelproducten, diepvries
Aardappel-rösti (tussentijds keren)Braadslede2200-220-20-30
Kartoffeltaschen, gevuld (tussentijds keren)Braadslede2190-210-15-25
AardappelkrokettenBakplaat1200-220-15-25
Patates frites (tussentijds keren)Bakplaat1190-210-20-30
Frites, 500 gBraadslede27250-27018015-20
Patates frites, 2 niveaus (tussentijds keren)Braadslede + bakplaat3+1200-220-30-40
Rijst
Rijst met lange korrel, 250 g + 500 ml waterVorm gesloten1-600 1807-9 13-16
Zilvervliesrijst, 250 g + 650 ml waterVorm gesloten1-600 18011-13 25-30
Risotto, 250 g + 900 ml waterVorm gesloten1-600 18012-14 22-27

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 53)

* tussentijds een tot twee keer doorroeren

Pagina 54

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

Gerecht GranenAccessoires/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °C / grillstandMagnetronvermogen in wattDuur in min.
Couscous, 250 g + 500 ml waterGesloten vorm1-6006-8
Gierst, heel, 250 g + 600 ml waterVorm gesloten1-600 1808-10 10-15
Polenta/maïsgriesmeel, 125 g + 500 ml water*Gesloten vorm1-6006-8
Gerst, 250 g + 750 ml waterVorm gesloten1-600 18011-13 15-20
Ei
Eiergelei van 2 eieren Gesloten vorm
* tussentijds een tot twee keer doorroeren
1-3606-8

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 54)

Dessert

Met uw apparaat kunt u yoghurt en diverse desserts bereiden.

Gebruik voor de bereiding met microgolven altijd een hitte- en magnetronbestendige vorm. Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm. "De magnetron" op pagina 20

Als u de vorm op het rooster plaatst, schuift u het rooster met het opschrift “Microwave” naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht naar binnen.

Yoghurt maken

Neem rekjes en accessoires uit de binnenruimte. De binnenruimte moet leeg zijn. De apparaatdeur niet openen tijdens het gebruik.

Pudding van puddingpoeder

Roer het puddingpoeder volgens de instructies op de verpakking met de melk en suiker in een hoge magnetronbestendige kom om. Instellen zoals aangegeven in de tabel.

Roer de melk goed door zodra deze opkomt. Herhaal dit twee tot drie keer.

Rijstepap klaarmaken

Roer de rijst tijdens het koken meerdere keren door.

Compote

Weeg de vruchten in een magnetronbestendige kom af en voeg per 100 géén eetlepel water toe. Voeg naar smaak suiker en kruiden toe. Dek de kom af en stel het apparaat in aan de hand van de tabel.

Roer tijdens het garen twee tot drie keer om.

Popcorn voor de magnetron

Gebruik een hittebestendige, vlakke glazen vorm, zoals het deksel van een ovenschaal. Gebruik geen porceleinen of sterk gewelfde schaal.

Leg de popcornzak met de gemarkeerde kant naar beneden gericht op de vorm. Instellen zoals aangegeven in de tabel. Afhankelijk van het product en de hoeveelheid moet de tijd mogelijk worden aangepast.

Verwijder de popcornzak na 1 minuut en schud deze om zodat de popcorn niet aanbrandt. Veeg de binnenruimte na de bereiding schoon.

Waarschuwing – Risico van verbranding!

De verpakking van luchtdicht verpakte levensmiddelen kan barsten. Houd u altijd aan de opgaven op de verpakking. Neem gerechten altijd met een pannenlap uit de binnenruimte.

Pagina 55

Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl

Aanbevolen instelwaarden

Gebruikte verwarmingsmethoden:

Gerecht Toebehoren/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CMagnetronvermogen in wattDuur in min.
Pudding van puddingpoeder* Gesloten vorm1-6005-8
Yoghurt PortievormenBodem binnenruimte40-45-8-9h
Rijstepap, 125 g + 500 ml melk* Vorm gesloten1-600 18010 20-25
Vruchtencompote, 500 g Gesloten vorm1-6009-12
Popcorn voor de magnetron, Open vorm 1 zak à 100 g**
* tussentijds een tot twee keer doorroeren
** gesloten zak op de vorm plaatsen
1-6004-6

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 55)

Eco-verwarmingsmethoden

Hetelucht Eco en boven- en onderwarmte Eco zijn intelligente verwarmingsmethoden voor het gezond bereiden van vlees, vis en gebak. Het apparaat regelt de energietoevoer in de binnenruimte optimaal.Het product wordt in fases bereid met behulp van restwarmte. Zo blijft het sappiger en wordt het minder bruin. Afhankelijk van de bereiding en het product kan energie worden bespaard. Als u tijdens het bereiden vroegtijdig de ovendeur opent of door het voorverwarmen verdwijnt dit effect.

Gebruik alleen de originele accessoires die bij uw apparaat horen. Deze zijn optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte.

Plaats de gerechten in de onverwarmde, lege binnenruimte. Kies een temperatuur bij hete lucht Eco tussen 125-275 °C en bij boven-/onderwarmte Eco tussen 150-250 °C. Houd de deur van het apparaat tijdens de bereiding gesloten. Gebruik slechts één niveau.

De verwarmingsmethode wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de circulatieluchtmodus en de energie-efficiëntieklasse gebruikt. De verwarmingsmethode boven-/onderwarmte Eco wordt voor het bepalen van het energieverbruik in de conventionele modus gebruikt.

Toebehoren

Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.

Rooster

Schuif het rooster met het opschrift “Microwave” naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht naar binnen. Plaats de vormen altijd op het rooster.

Braadslede of braadpan

De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.

Bakvormen en vormen

Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen. Hierdoor kunt u tot 35 procent energie sparen.

Vormen van edelstaal of aluminium reflecteren de warmte als een spiegel. Niet-reflecterende vormen van email, hittebestendig glas of gecoat, drukgegoten aluminium is beter geschikt.

Lichte vormen, keramische vormen of vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.

Bakpapier

Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.

Aanbevolen instelwaarden

Hier vindt u gegevens voor verschillende gerechten. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.

Aanwijzing: De baktijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. Gebak of klein gebak zou dan alleen van buiten gaar, maar van binnen niet goed doorgebakken zijn.

Pagina 56

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

Gebruikte verwarmingsmethoden:

Gerecht
Gebak in vormen
Toebehoren/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CDuur in min.
Cake in de vormKrans/rechthoekige vorm1140-16060-80
Taartbodem van roerdeegTaartbodemvorm1140-16020-40
Biscuitbodem, 2 eierenTaartbodemvorm1150-17020-30
Biscuittaart, 3 eierenSpringvorm Ø 26 cm1160-17025-35
Biscuittaart, 6 eierenSpringvorm Ø 28 cm1150-16050-60
GistdeegtulbandTulbandvorm1150-16065-75
Gebak op de plaat
Cake met droge bedekkingBakplaat1160-18020-40
Zandtaartdeeggebak met droge bedekkingBakplaat1170-18025-35
Broodvlecht, gistdeegkransBakplaat1150-16035-45
Gistdeeggebak met droge bedekkingBakplaat1150-17020-35
Klein gebak
MuffinsMuffinplaat2160-18015-30
Small cakesBakplaat1150-16025-35
BladerdeeggebakBakplaat2170-19025-50
Branddeeggebak, bijv. soesjesBakplaat1200-22035-45
KoekjesBakplaat2140-16015-30
SpritsBakplaat2140-15025-40
Klein gebak van gistdeegBakplaat1150-16030-40
Brood & broodjes
Gemengd brood, 1,5 kgLangwerpige bakvorm1200-21035-45
Plat rond broodBraadslede1250-27015-20
Broodjes, zoet, versBakplaat1170-19015-20
Broodjes, versBakplaat1180-20025-35
Vlees
Gebraden varkensvlees zonder zwoerd, bijv. halsstuk, 1,5 kgOpen vorm1180-190120-140
Gestoofd rundvlees, 1,5 kgGesloten vorm1200-220140-160
Gebraden kalfsvlees, 1,5 kgOpen vorm1170-180110-130
Vis
Vis, gestoofd, heel 300 g, bijv. forelGesloten vorm1190-21025-35
Vis, gestoofd, heel 1,5 kg, bijv. zalmGesloten vorm1190-21045-55
Visfilet, ongepaneerd, gestoofdGesloten vorm1190-21015-35

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 56)

Pagina 57

Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl

Acrylamide in levensmiddelen bijv. patates frites, aardappelchips, toast, broodjes,

brood of fijne bakwaren (koekjes, taaitaai, speculaas). Acrylamide ontstaat vooral bij met hoge verhitting klaargemaakte graan- en aardappelproducten, zoals
Tips voor een acrylamidearme bereiding van gerechten
Algemeen■ Zo kort mogelijke bereidingstijden aanhouden.
■ Gerechten goudgeel, niet te donker laten worden.
■ Grote, dikke gerechten bevatten minder acrylamide.
BakkenMet boven- en onderwarmte, max. 200 °C. Met hete lucht max. 180 °C.
KoekjesMet boven- en onderwarmte, max. 190 °C.
Met hete lucht max. 170 °C.
Ei of eigeel vermindert de vorming van acrylamide.
Oven-fritesGelijkmatig en in één laag over de plaat verdelen. Minstens 400g per plaat bakken, zodat de aardappels niet uitdrogen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)

Langzaam garen

Langzaam garen is garen bij lage temperatuur. Het wordt daarom ook garen bij lage temperatuur genoemd.

Het langzaam garen is ideaal voor alle fijne stukken vlees (bijv. malse delen van het rund, kalf, varken, lam en gevogelte), die rosé of à point (medium) gegaard moeten worden. Het vlees blijft zeer sappig, mals en zacht.

U heeft veel speelruimte bij de menuplanning, want langzaam gegaard vlees kan probleemloos worden warmgehouden. Tijdens het garen hoeft u het vlees niet te keren. Houd de deur van het apparaat gesloten om een gelijkmatig bereidingsklimaat te krijgen.

Gebruik uitsluitend vers en hygiënisch perfect vlees zonder bot. Verwijder pezen en vetranden zorgvuldig. Vet ontwikkelt bij het langzaam garen een sterke eigen smaak. U kunt ook gekruid of gemarineerd vlees gebruiken. Gebruik geen ontdooid vlees.

Het vlees kan direct na het langzaam garen in stukken worden gesneden. Het hoeft niet te rusten. Door de speciale bereidingsmethode ziet het vlees er rosé uit maar het is niet rauw of niet gaar genoeg.

Aanwijzing: Een starttijdvoorkeuze met eindtijd is bij de verwarmingsmethode langzaam garen niet mogelijk.

Vormen

Gebruik een vlakke vorm, bijv. een serveerplaat van porselein of glas. Plaats de vorm voor het voorverwarmen ook in de binnenruimte.

Plaats de open vorm altijd op hoogte 1 op het rooster.

Bijkomende informatie vindt u onder "Tips voor langzaam garen", na de insteltabel.

Uw apparaat beschikt over de verwarmingsmethode langzaam garen. Start de werking alleen wanneer de binnenruimte geheel is afgekoeld. Laat de binnenruimte met de vorm ca. 10 minuten goed doorwarmen.

Braad het vlees op de kookplaat even zeer heet en lang genoeg aan alle kanten, ook de uiteinden. Doe het onmiddellijk in de voorverwarmde vorm. De vorm met het vlees weer in de binnenruimte plaatsen en langzaam garen.

Aanbevolen instelwaarden

De temperatuur en de tijdsduur voor langzaam garen zijn afhankelijk van de grootte, dikte en kwaliteit van het vlees. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven.

Gebruikte verwarmingsmethode:

Gerecht GevogelteVormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeAanbraadduur in min.Temperatuur in °CTijdsduur in min.
Eendenborst, rosé, à 300 gOpen vorm16-895*45-60
Kipfilet, à 200 g, doorbakkenOpen vorm14120*45-60
Kalkoenfilet, zonder been, 1 kg, doorbakkenOpen vorm16-8120*100-130
Varkensvlees
Gebraden varkenslende, 5-6 cm dik, 1,5 kgOpen vorm16-885*130-180
Varkenshaas, heelOpen vorm14-685*45-70

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 57)

* voorverwarmen

Pagina 58

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

Gerecht RundvleesVormenInschuif- Verwarhoogte mingsmethodeAanbraadduur in min.Temperatuur in °CTijdsduur in min.
Gebraden rundvlees (heupstuk), 6- 7 cm dik, 1,5 kg, doorbakkenOpen vorm16-8100*150-190
Runderfilet, 1 kgOpen vorm14-685*90-120
Rosbief, 5-6 cm dikOpen vorm16-885*120-180
Rundermedaillons/rumpsteak, 4 cm dikOpen vorm1485*40-60
Kalfsvlees
Gebraden kalfsvlees, 4-5 cm dik, 1,5 kgOpen vorm16-885*100-130
Gebraden kalfsvlees, 7-10 cm dik, 1,5 kgOpen vorm16-885*150-210
Kalfsfilet, heel, 800 gOpen vorm14-685*70-120
Kalfsmedaillons, 4 cm dikOpen vorm1480*40-60
Lamsvlees
Lamszadels, zonder been, à 200 gOpen vorm1485*30-45
Lamsbout zonder been, medium, 1 kg ingebonden
* voorverwarmen
Open vorm16-895*120-180
Tips voor het langzaam garen
Eendenborst langzaam garen.Leg de eendenborst koud in de pan en braad eerst de huidzijde aan. Na het langzaam garen gedurende 3 tot 5 minuten knapperig grillen.
Het langzaam gegaarde vlees is niet zo heet als vlees dat op de gebruikelijke manier is gebraden.Om ervoor te zorgen dat het gebraden vlees niet te snel afkoelt, kunt u de borden van te voren opwarmen en de sauzen zeer heet opdienen.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 58)

Drogen

Uw apparaat beschikt over een verwarmingsmethode drogen, waarmee u uitstekend fruit, groente en kruiden kunt drogen. Bij deze soort conservering worden aromastoffen door het onttrekken van water geconcentreerd.

Gebruik uitsluitend fruit, groente en kruiden zonder gebreken en was deze grondig. Bedek de braadslede en het rooster met bak- of perkamentpapier. Laat de vruchten goed afdruipen en maak ze droog.

Snij ze eventueel in even grote stukken of dunnen plakjes. Leg ongeschild fruit op de schaal met de snijvlakken naar boven. Let erop dat zowel fruit als paddenstoelen niet op elkaar liggen.

Rasp de groente en blancheer het vervolgens. Laat de geblancheerde groente afdruipen en verdeel het gelijkmatig over het rooster.

Droog kruiden met de steel. Leg de kruiden gelijkmatig in kleine hoopjes op het rooster.

Gebruik de volgende inschuifhoogtes voor het drogen:

Fruit en groente met veel vocht enkele malen keren. Het gedroogde gerecht direct na het drogen losmaken van het papier.

Aanbevolen instelwaarden

In de tabel vindt u de instellingen voor het drogen van verschillende levensmiddelen. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de soort, vochtigheid, rijpheid en dikte van de te drogen levensmiddelen. Hoe langer u de te drogen levensmiddelen laat drogen, des te beter zijn ze geconserveerd. Hoe dunner men snijdt, des te sneller is het einde van de droogtijd bereikt en des te aromatischer blijft het gedroogde levensmiddel. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven.

Indien u nog meer levensmiddelen wilt drogen, dan oriënteert u zich aan soortgelijke levensmiddelen in de tabel.

Pagina 59

Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl

Gebruikte verwarmingsmethode:

GerechtToebehorenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CTijdsduur in uren
Pitvruchten (appelringen, 3 mm dik, per rooster 200 g)1-2 Roosters-804-7
Steenvruchten (pruimen)1-2 Roosters-808-10
Wortelgewassen (wortelen), geraspt, geblancheerd1-2 Roosters-804-7
Paddestoelen in plakjes1-2 Roosters-606-9
Kruiden, schoongemaakt1-2 Roosters-602-4

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 59)

Inmaken

In uw apparaat kunt u fruit en groente inmaken.

Waarschuwing – Risico van letsel!

Wanneer de levensmiddelen niet goed zijn ingekookt, kunnen de inmaakpotten barsten. Volg de aanwijzingen voor het inkoken.

Potten

Gebruik uitsluitend schone en onbeschadigde weckflessen. Gebruik uitsluitend hittebestendige, schone en onbeschadigde rubber afdichtringen. Klemmen en veren van tevoren controleren.

Gebruik bij een inmaakproces alleen weckflessen van gelijke grootte en met dezelfde levensmiddelen. In de binnenruimte kunt u de inhoud van maximaal zes weckflessen met , 1 of 1 liter tegelijkertijd inmaken. Gebruik geen grotere of hogere potten. De deksels zouden kunnen springen.

De weckflessen mogen tijdens het inkoken in de binnenruimte niet met elkaar in contact komen.

Fruit en groente voorbereiden

Gebruik uitsluitend fruit en groente zonder gebreken. Was het grondig.

Fruit resp. groente afhankelijk van de soort, schillen, pitten verwijderen en kleinmaken en in weckflessen tot ca. 2 cm onder de rand vullen.

Fruit

De vruchten in de weckflessen met hete, afgeschuimde suikeroplossing vullen (ca. 400 ml voor 1-literfles). Op één liter water:

Groente

De groente in de weckflessen vullen met heet, afgekookt water.

De glazen randen schoonmaken. Leg op elke pot een natte rubberen ring en een deksel. Sluit de potten af met klemmen. Plaats de glazen potten zó in de braadslede dat ze elkaar niet raken. 500 ml heet water (ca. 80 °C) in de braadslede gieten. Instellen zoals aangegeven in de tabel.

Inmaken beëindigen

Fruit

Na enige tijd stijgen er met korte tussenpozen belletjes op. Apparaat uitschakelen, zodra alle weckflessen belletjes vormen. Haal de weckflessen na de aangegeven nawarmtijd uit de binnenruimte.

Groente

Na enige tijd stijgen er met korte tussenpozen belletjes op. Zodra alle weckflessen borrelen, de temperatuur op 120 °C reduceren en de flessen zoals aangegeven in de tabel in de gesloten binnenruimte verder laten borrelen. Schakel na afloop van deze tijd het apparaat uit en maak zoals in de tabel aangegeven nog enkele minuten gebruik van de nawarmte.

Haal de flessen na het inmaken uit de binnenruimte en plaats ze op een schone doek. Zet de hete potten niet op een koude of natte ondergrond, ze zouden anders kunnen knappen. Dek de weckflessen af om ze tegen tocht te beschermen. Klemmen pas verwijderen wanneer de glazen koud zijn.

Aanbevolen instelwaarden

De aangegeven tijden in de insteltabel zijn richtwaarden voor het inmaken van fruit en groente. Deze kunnen worden beïnvloed door de omgevingstemperatuur, het aantal potten, de hoeveelheid, de temperatuur en de kwaliteit van de inhoud. De gegeven hebben betrekking op ronde potten van1 liter. Controleer voor u om- of uitschakelt of de potten werkelijk borrelen. Het borrelen begint na ca. 30-60 minuten.

Pagina 60

nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.

Gebruikte verwarmingsmethode:

Gerecht InmakenVormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CDuur in min.
Groente, bijv. wortelenInmaakpotten 1 liter1160-170tot aan het borrelen: 30-40
120vanaf het borrelen: 30-40
-Nawarmen: 30
Groente, bijv. komkommerInmaakpotten 1 liter1160-170tot aan het borrelen: 30-40
-Nawarmen: 30
Steenvruchten, bijv. kersen, pruimenInmaakpotten 1 liter1160-170tot aan het borrelen: 30-40
-Nawarmen: 35
Pitvruchten, bijv. appels, aardbeienInmaakpotten 1 liter1160-170tot aan het borrelen: 30-40
-Nawarmen: 25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 60)

Deeg laten rijzen

U kunt in het apparaat gistdeeg duidelijk sneller laten rijzen dan bij kamertemperatuur. Gebruik de verwarmingsmethode boven- en onderwarmte. Start de werking alleen wanneer de binnenruimte geheel is afgekoeld.

Laat gistdeeg altijd twee maal rijzen. Let op de gegevens in de insteltabellen voor het 1e en 2e rijzen (gaarheid van het deeg en afzonderlijke gaarheid).

Gaarheid van deeg

Instellen zoals aangegeven in de tabel. en het apparaat verwarmen. Zet de deegkom op het rooster.

Open tijdens het gisten de apparaatdeur niet omdat er anders vochtigheid ontwijkt. Het deeg met een vochtige doek afdekken.

Afzonderlijke gaarheid

Plaats het gebak op de inschuifhoogte die in de tabel is aangegeven.

Wanner u wilt voorverwarmen vindt de afzonderlijke gaarheid buiten het apparaat op een warme plek plaats.

Aanbevolen instelwaarden

Temperatuur en duur van het gisten zijn afhankelijk van de soort en hoeveelheid van de ingrediënten. Daarom zijn de opgaven in de insteltabel richtwaarden.

Gebruikte verwarmingsmethode:

GerechtToebehoren/vormenInschuifhoogteVerwar-mingsmethodeTemperatuur in °CDuur in min.
Gistdeeg, lichtKom
Bakplaat
1 135-40 35-4025-30 10-20
Gistdeeg, zwaar en vetrijkKom
Bakplaat
1 135-40 35-4020-40 15-25

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 60)

Ontdooien

Gebruik voor het ontdooien van bevroren fruit, groente, gevogelte, vlees, vis en gebak de magnetronfunctie. Neem de bevroren levensmiddelen uit de verpakking en leg deze in een magnetronbestendige vorm op het rooster. Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm. "De magnetron" op pagina 20

Schuif het rooster met het opschrift “Microwave” naar de apparaatdeur en de kromming naar beneden gericht naar binnen.

Niet gebruikte toebehoren verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal kookresultaat en spaart u energie.

Aanbevolen instelwaarden

De tijdgegevens in de tabel zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit, vriestemperatuur (- 18 °C) en de aard van de levensmiddelen. Er zijn tijdintervallen aangegeven. Stel eerst de kortste tijd in en verleng deze zo nodig. Ontdooien lukt vaak beter in meerdere stappen. Deze zijn in de tabel onder elkaar aangegeven.

Tip: Vlak bevroren of geportioneerde stukken ontdooien sneller dan wanneer zij als blok werden bevroren.

← pagina's 40–49verder op pagina 61 →Inhoud