Bosch CPA465GS0, tekst van de handleiding
Oven · Bosch · 45 pagina's in het Nederlands · pdf: 192 pagina's, 7,1 MB
Storingen op pagina 175
Pagina 175
Vanaf de titel; het begin van pagina 175 staat in de pdf.
3Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel.
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
| Wat te doen bij storingen? | Bij sommige foutmeldingen kunt u zelf voor een oplossing zorgen. | |
| Foutmelding | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
| Het apparaat werkt niet | Stekker niet in het stopcontact gestoken | Steek de stekker in het stopcontact |
| Stroomonderbreking | Controleer of de keukenverlichting werkt | |
| Zekering defect | Controleer in de meterkast of de zekering voor het apparaat in orde is | |
| Verkeerde bediening | Schakel de zekering in de meterkast uit. Na ca. 10 seconden weer inschakelen | |
| Het ingeschakelde apparaat kan niet bediend worden, op het display wordt het symbool weergegeven. | Het kinderslot is geactiveerd | Veld net zo lang aanraken, tot het symbool dooft |
| De verlichting in de binnenruimte is uitgevallen. | LED-lamp defect | Neem contact op met de klantenservice |
| Op het display knippert : en het symbool 0 is verlicht. | Stroomonderbreking | Tijd opnieuw instellen |
| Het apparaat is niet in gebruik. Op het display staat een tijdsduur. | Na het instellen is niet op het veld start stop getipt. | Op het veld start stop tippen of de instelling wissen door met de functiekeuzeknop een andere functie te kiezen. |
| De magnetron werkt niet. | De deur werd niet helemaal gesloten. | Ga na of er etensresten of een vreemd voorwerp tussen de deur geklemd zitten |
| Het veld start stop werd niet aangetipt. | Tip op veld start stop | |
| De gerechten worden langzamer warm dan gebruikelijk | Er werd een te laag magnetronvermogen ingesteld. | Kies een hoger magnetronvermogen |
| Er is een grotere hoeveelheid dan anders in het apparaat gedaan. | Dubbele hoeveelheid - dubbele tijdsduur | |
| De gerechten waren kouder dan gewoonlijk. | Gerechten tussentijds omroeren of keren | |
| De magnetronfunctie wordt zonder duidelijke reden afgebroken. | De magnetron vertoont een storing. | Neem contact op met de servicedienst wanneer deze fout zich meerdere keren voordoet. |
| Het apparaat kan worden ingesteld, maar warmt niet op. De dubbele punt knippert. | Het apparaat bevindt zich in de demonstratiestand. | Demonstratiestand in de basisinstellingen deactiveren. Aanwijzing: De demonstratiestand is alleen zichtbaar binnen de eerste 5 minuten na aansluiting van het apparaat. |
| De symbolen voor watertank en opvangbakje knipperen voortdurend. | Technisch probleem. | Zorg ervoor dat de watertank en het opvangbakje volledig in de betreffende tankschacht zijn ingeschoven. Blijven de symbolen knipperen, bel dan de servicedienst. Het apparaat kan verder worden gebruikt, met uitzondering van de stoomfunctie. |
| De warme lucht/stoom ontsnapt via de deur. | Koelventilator van het apparaat draait | Geen storing. De ventilator draait ook na het gebruik nog een korte periode na. Het apparaat wordt door de ventilator beschermd tegen oververhitting. |
| De koelventilator draait ook na het gebruik na. | Het apparaat moet na het gebruik worden gekoeld. | Geen storing. |
| Koelventilator draait bij geopende deur. | Het apparaat moet tijdens en na het gebruik worden gekoeld. | Geen storing. Alle kookfuncties (magnetron, ...) worden bij het openen van de deur gestopt. |
Pagina 176
nl Wat te doen bij storingen?
| Foutmelding | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Stoom is niet zichtbaar in heteluchtfunctie/grill-combinatiefunctie. | Stoom is niet in elk temperatuurbereik zichtbaar. Hoe heter de stoom is, des te minder deze zichtbaar is. | Geen storing. |
| Opvangbakje is na stoombedrijf leeg. | Bij normale stoom-/stoomcombifunctie wordt het condenswater van de glasplaat op de bodem en in de grijze lekbak in de bodemplaat opgevangen. Dit komt niet in het opvangbakje. | Het opvangbakje dient slechts voor de spoel- en ontkalkingsprocedure, niet voor de gewone stoom-/ stoomcombifunctie. Zie ook het hoofdstuk "Stoom". |
| Er zitten witte kalkdeeltjes in de opvangbak. | Tijdens het spoelen of ontkalken lossen kleine kalkdeeltjes uit de boiler op. | Bij het spoelen en ontkalken kunnen kalkdeeltjes losraken. Controleer de instelling van de waterhardheid. Ontkalking met de aangegeven intervallen uitvoeren. |
| Lager waterverbruik in de combinatiefunctie. In het bijzonder bij combinatiefunctie met 3 functies. | In de stoom combinatiefunctie, met name bij combinatiefunctie met 3 functies, kan het voorkomen dat er deels slechts weinig stoom wordt gebruikt. Zodoende wordt er slechts weinig water uit de schoonwatertank verbruikt. | Geen storing. |
| Door vuil op het bedieningspaneel is het touchveld voortdurende actief. | Het apparaat uitschakelen en het bedieningspaneel schoonmaken. Apparaat weer inschakelen. Doet de fout zich direct na het inschakelen weer voor, neem dan telefonisch contact op met de servicedienst. | |
| De stoomfunctie werd bij het legen van de watertank meerdere malen geactiveerd. | Zorg er voordat u het apparaat weer gaat gebruiken voor dat de watertank met koud water gevuld is en volledig in de tankschacht is geschoven. Doet de fout zich opnieuw voor, neem dan telefonisch contact op met de servicedienst. |
Pagina 177
Servicedienst nl
4Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u aan de rechterkant wanneer u de deur van het apparaat opent. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FDnr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4010
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Dit apparaat beantwoordt aan de norm EN 55011 resp. CISPR 11. Het is een product van groep 2, klasse B.
Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt zijn voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzing: Bij het bereiden van levensmiddelen kan veel waterdamp in de binnenruimte ontstaan.
Uw apparaat is heel energie-efficiënt en geeft tijdens de werking slechts weinig warmte naar buiten af. Op grond van de hoge temperatuurverschillen tussen de binnenruimte en de buitenste delen van het apparaat kan er condenswater op de deur, het bedieningspaneel of nabijgelegen meubelfronten neerslaan. Dit is een normaal natuurkundig verschijnsel. Door voorverwarmen of de deur voorzichtig te openen, kan het condensaat worden gereduceerd.
Bij stomen of een toepassing met stoom is het gewenst dat er veel waterdamp in de binnenruimte ontstaat. Veeg na het garen de binnenruimte droog nadat deze is afgekoeld.
Algemene aanwijzingen
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse gerechten de optimale functie. Temperatuur/standen en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid, de vorm, de kwaliteit, de temperatuur en de aard van de levensmiddelen. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Gebruik indien nodig de volgende keer een hogere instelling.
Bij de magnetronfunctie stelt u de langste tijd in die aangegeven staat en controleert u het gerecht na de kortste tijd.
Zorg er bij het begin voor dat de watertank bij toepassingen met stoom gevuld is.
Het kan zijn dat u andere hoeveelheden heeft dan in de tabellen staan aangegeven. Voor magnetron-solo geldt een vuistregel: dubbele hoeveelheid - bijna dubbele tijdsduur, halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
Voor bepaalden gerechten is voorverwarmen nodig, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden gebakken. Deze zijn in de tabel aangegeven.
Maakt u iets klaar volgens eigen recept, neem dan soortgelijke gerechten als basis. Bijkomende informatie vindt u onder de tips na de insteltabel.
Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte.
Pagina 178
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Accessoires
Gebruik alleen de originele accessoires die bij uw apparaat horen. Deze zijn optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Let erop dat u altijd geschikte vormen gebruikt en deze er goed om inschuift.
Houd u ook aan de aanwijzingen over geschikte vormen voor de magnetron en het gebruik van stoom in de betreffende hoofdstukken. "De magnetron" op pagina 159 "Stoom" op pagina 161
Gebruik altijd pannenlappen wanneer u hete accessoires of serviesgoed uit de binnenruimte neemt.
Bakvormen en vormenxxx
Voor een optimaal kookresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.
Wilt u vormen van silicone gebruiken, raadpleeg dan de informatie van de fabrikant om te zien of ze geschikt zijn voor gebruik met stoom en de magnetron. Zie ook de opgaven en recepten van de fabrikant.xxx
Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De hoeveelheid- en receptgegevens kunnen afwijken.
Principieel geldt:
- Bakken met hete lucht in de glazen braadslede, inschuifhoogte 2
- Bakken met hete lucht in de vorm op het rooster, inschuifhoogte 1
- Braden op het rooster of in de glazen braadslede, inschuifhoogte 2. Gebruikt u het rooster, schuif de glazen braadslede hier dan onder.
- Grillen op het rooster op inschuifhoogte 3 of 4.
Plaats de glazen braadslede hieronder.
- Magnetron-solo: vorm op de bodem van de binnenruimte, inschuifhoogte 0.
- Stoom-solo: glazen braadslede met stoombak op inschuifhoogte 3.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.
Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de accessoires.
Ontdooien
Plaats de diepvriesproducten in een open vorm op de bodem van de binnenruimte.
Kwetsbare delen, bijv. kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken, kunt u afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. De folie mag de wanden van het apparaat niet raken. Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
Bij het ontdooien van vlees en gevogelte ontstaat vloeistof.Verwijder deze tijdens het keren. De vloeistof in geen geval verder gebruiken en niet met andere levensmiddelen in aanraking laten komen.
De gerechten tussendoor 1-2 keer omroeren of keren. Grote stukken moet u herhaaldelijk keren.
Laat het ontdooide product nog 10 - 60 minuten rusten bij kamertemperatuur, zodat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld.Bij gevogelte kunt u dan de ingewanden eruit nemen.
Het vlees kan ook verder worden verwerkt als het van binnen nog een beetje bevroren is.
Aanwijzingen
- Gebruik open vormen en plaats deze altijd op de bodem van de oven.
- Houd er rekening mee dat een instelling meerdere stappen kan inhouden.
- Stel altijd de maximaal aangegeven tijd in en controleer het gerecht na de kortste tijd die aangegeven wordt.
Gerecht Aanwijzingen
Vlees in zijn geheel van Herhaaldelijk keren. rund-, varken- en kalfsvlees (met en zonder been)
| Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Gewicht | Stappen | Magnetronstand | Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Open vorm Open vorm | 0 0 | 800 g | 1 2 | 180 90 | 15 15 - 25 | |
| 1000 g | 1 2 | 180 90 | 15 25 - 35 | |||
| 1500 g 200 g | 1 2 1 2 | 180 90 180 90 | 20 25 - 35 5 4 - 6 | |||
| 500 g | 1 2 | 180 90 | 10 5 - 10 | |||
| 800 g | 1 2 | 180 90 | 10 10 - 15 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 178)
Vlees in stukken of plak- De stukken vlees tijdens het ken van rund-, varkens- keren van elkaar losmaken. of kalfsvlees
Pagina 179
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Gewicht | Stappen | Magnetronstand | Tijdsduur in min. | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gehakt, gemengd | Open vorm | 0 | 200 g 500 g 800 g | 1 1 2 1 2 | 90 180 90 180 90 | 15 5 10 - 15 10 15 - 20 | Zo vlak mogelijk invriezen. Tussendoor regelmatig keren en reeds ontdooid vlees verwijderen. | |
| Gevogelte of stukken gevogelte | Open vorm | 0 | 600 g 1200 g | 1 2 1 2 | 180 90 180 90 | 5 10 - 15 10 20 - 25 | Tussendoor keren. Ontdooivloeistof verwijderen. | |
| Eend | Open vorm | 0 | 2000 g | 1 2 | 180 90 | 20 30 - 40 | Herhaaldelijk keren. Ontdooivloeistof verwijderen. | |
| Gans | Open vorm | 0 | 4500 g | 1 2 | 180 90 | 30 60 - 80 | Om de 20 minuten keren. Ontdooivloeistof verwijderen. | |
| Visfilet, viskotelet of plakken | Open vorm | 0 | 400 g | 1 2 | 180 90 | 5 10 - 15 | Ontdooide delen van elkaar losmaken. | |
| Hele vis | Open vorm | 0 | 300 g 600 g | 1 2 1 2 | 180 90 180 90 | 3 10 - 15 8 15 - 25 | Tussendoor keren. | |
| Groente, bijv. erwten | Open vorm | 0 | 300 g 600 g | 1 1 2 | 180 180 90 | 10 - 15 10 9 - 15 | Tussendoor voorzichtig roeren. | |
| Fruit, bijv. frambozen | Open vorm | 0 | 300 g 500 g | 1 1 2 | 180 180 90 | 7 - 10 8 5 - 10 | Tussendoor voorzichtig roeren en ontdooide stukken van elkaar losmaken. | |
| Boter, ontdooien | Open vorm | 0 | 125 g 250 g | 1 1 2 | 90 180 90 | 6 - 8 2 3 - 5 | Verpakking volledig verwijderen. | |
| Brood, heel | Open vorm | 0 | 500 g 1000 g | 1 2 1 2 | 180 90 180 90 | 3 10 - 15 5 15 - 25 | Tussendoor keren. | |
| Gebak, droog, bijv. cake | Open vorm | 0 | 500 g 750 g | 1 1 2 | 90 180 90 | 10 - 15 3 10 - 15 | Stukken gebak van elkaar losmaken. Alleen voor gebak zonder glazuur, room of crème. | |
| Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart | Open vorm | 0 | 500 g 750 g | 1 2 1 2 | 180 90 180 90 | 5 15 - 25 7 15 - 25 | Alleen voor gebak zonder glazuur, room of gelatine. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 179)
Diepvries gerechten opwarmen
Neem kant-en-klare voedingsproducten voor het ontdooien uit de verpakking. In magnetronbestendige vormen worden ze sneller en gelijkmatiger warm. De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.
Platte voedingsproducten zijn sneller klaar dan hoge. Verdeel de gerechten daarom zo plat mogelijk in de
vorm.Levensmiddelen mogen niet in laagjes op elkaar liggen.
De gerechten moet u tussendoor 2 - 3 keer omroeren of keren.
Laat de gerechten na de bereiding nog 2 tot 5 minuten rusten, zodat de temperatuur zich gelijkmatig kan verdelen.
Pagina 180
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
Aanwijzingen
- Plaats de vorm altijd op de bodem van de oven.
- U moet de gerechten altijd afdekken. Wanneer u geen geschikte deksel voor de vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- Stel altijd de maximaal aangegeven tijd in en controleer het gerecht na de kortste tijd die aangegeven wordt.
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Gewicht | Magnetronstand | Tijdsduur in min. | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Soep, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 400 g | 600 | 8- 15 | ||
| Eenpansgerecht, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 500 g 1000 g | 600 600 | 8 - 13 20 - 25 | ||
| Menu, bordgerecht, kant-en-klaar gerecht (2-3 componenten), diepvries | Gesloten vorm | 0 | 300 - 400 g | 600 | 11 - 15 | ||
| Plakken of stukken vlees in saus, bijv. goulash, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 500 g 1000 g | 600 600 | 12 - 17 25 - 30 | Tijdens het doorroeren de stukken vlees van elkaar losmaken. | |
| Ovenschotels, bijv. lasagne of cannelloni, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 450 g | 600 | 10 - 15 | ||
| Bijgerechten, bijv. rijst, pasta, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 250 g 500 g | 600 600 | 2 - 5 8 - 10 | Vloeistof toevoegen | |
| Groenten, bijv. erwten, broccoli, wortelen, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 300 g 600 g | 600 600 | 8 - 10 14 - 17 | Water toevoegen, zodat de bodem bedekt is | |
| Spinazie à la crème, diepvries | Gesloten vorm | 0 | 500 g | 600 | 11 - 16 | Bereiden zonder toevoeging van water, tussendoor roeren |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 180)
Verwarmen
Waarschuwing
Risico van verbranding!
- Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder dat er bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof dan plotseling hevig overkoken en opspatten. Zorg ervoor dat er tijdens het verwarmen altijd een lepel in de vorm staat. Zo wordt kookvertraging voorkomen.
Attentie!
Metaal - bijv. een lepel in het glas - moet minstens 2 cm van de ovenwanden en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Door vonken kan het glas aan de binnenkant van de deur worden vernietigd.
Aanwijzingen
- Neem kant-en-klare voedingsproducten voor het ontdooien uit de verpakking. In magnetronbestendige vormen worden ze sneller en gelijkmatiger warm. De snelheid waarmee de verschillende componenten van de gerechten warm worden kan verschillen.
- U moet de gerechten tussendoor meerdere keren omroeren of keren. Controleer de temperatuur.
- Laat de gerechten na het verwarmen nog 2 tot 5 minuten rusten, zodat de temperatuur zich gelijkmatig kan verdelen.
- Gebruik altijd pannenhandschoenen of -lappen wanneer u vormen vastpakt.
- Dek de gerechten evt. af wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Plaats de vorm altijd op de bodem van de oven. Wilt u ook de stoomfunctie inschakelen, plaats de vorm dan op de glazen braadslede op inschuifhoogte 3. Vul de watertank.
Pagina 181
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
| Gerecht Vormen Inschuif- Verwar- Gewicht / Magnetron- Stoom Tijdsduur Aanwijzingen hoogte mings- Hoeveel- stand stand in min. methode heid | |
|---|---|
| Babyvoeding, bijv. melk- Open vorm 0 flesjes | 150 ml 360 - 0,5-1,5 Zonder speen of deksel. Na het verwarmen altijd goed schudden. Beslist de temperatuur controleren. |
| Drank Open vorm 0 | 200 ml 1000 - 1-2 Lepel in het glas zetten, alco-500 ml 1000 - 4-5 holische dranken niet oververhitten; tussendoor controleren |
| Soep, 2 koppen à 175g Open vorm 0 | 350 g 600 - 3-4 |
| Soep, 4 koppen à 175g Open vorm 0 | 700 g 600 - 6-8 |
| Vlees of stukken vlees in Gesloten vorm 0 saus | 500 g 600 - 7-10 Lapjes vlees van elkaar losmaken |
| Menu, bordgerecht, kant- Open vorm 3 + en-klaar gerecht (2-3 componenten) | 400 g 360 3 9-14 |
| Eenpansmaaltijd Gesloten vorm 0 | 400 g 600 - 6-8 800 g 600 - 8-11 |
| Groente Open vorm 3 + Open vorm 3 + | 150 g 360 3 3-5 300 g 360 3 4-7 |
| Tips voor de magnetron | |
| U vindt geen instelgegevens voor de voorbereide hoeveelheid voedsel. | Maak de bereidingstijd langer of korter volgens deze vuistregel: dubbele hoeveelheid = bijna dubbele tijd, halve hoeveelheid = halve tijd |
| Het gerecht is te droog geworden. | Stel de volgende keer een kortere bereidingstijd in of kies een lager magnetronvermogen.Dek het gerecht af en voeg meer vloeistof toe. |
| Het gerecht is na afloop van de ingestelde tijd nog niet ontdooid, niet warm of niet gaar. | Stel een langere tijd in. Bij grotere hoeveelheden en hogere gerechten is meer tijd nodig. |
| Na afloop van de bereidingstijd is het gerecht bij de randen oververhit, maar in het midden nog niet gaar. | Roer tussendoor om en kies de volgende keer een lager vermogen en een langere bereidingstijd. |
| Na het ontdooien is het gevogelte of vlees van buiten gebakken maar in het midden nog niet ontdooid. | Kies de volgende keer een kleiner magnetronvermogen. Bij grotere hoeveelheden dient u het te ontdooien gerecht ook meerdere malen te keren. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 181)
Gebak, klein gebak en brood
In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gebak.
Om het deeg te laten rijzen, dient u de deegkom met folie of een doek af te dekken. Plaats hem op de bodem van de oven en stel Hete lucht 40 °C in.
Bakken in combinatie met magnetron
Wanneer u in combinatie met de magnetron bakt, kunt u de bereidingstijd aanzienlijk verkorten.
Gebruik altijd een hitte- en magnetronbestendige vorm. Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm. "De magnetron" op pagina 159
In de combistand kunt u doorgaans normale bakvormen van metaal gebruiken. Als tussen bakvorm en rooster vonken optreden, controleert u of de buitenzijde van de vorm schoon is. Verander de positie van de vorm op het rooster. Als dat niet helpt, bakt u zonder magnetron verder. De bakduur zal daardoor toenemen. Als u vormen van kunststof, keramiek of glas
gebruikt, kunt u de baktijden uit de insteltabellen verkorten.
Bakken met stoom
Bepaald gebak (bijv. gebak van gistdeeg) krijgt met stoom een knapperig korstje en een glanzend oppervlak. Het gebak droogt minder uit.
Vul de watertank tot de markering "MAX". Is het water opgebruikt, dan wordt uw gerecht met de ingestelde verwarmingsmethode verder bereid zonder toevoeging van stoom.
Diepvriesproducten
Neem het gerecht volledig uit de verpakking.Gebruik geen sterk met ijs bedekte diepvriesproducten. Verwijder het ijs van het gerecht.
Diepvriesproducten zijn ten dele ongelijkmatig voorgebakken. De ongelijkmatige bruine kleur blijft ook na het bakken bestaan.
Brood en broodjes
Nooit water in de hete binnenruimte gieten of vormen met water op de bodem van de oven plaatsen. Door de
Pagina 182: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 183
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
Brood en broodjes
| Gerecht Vormen | Inschuif- Verwar- Stappen Tempera- Grillsta Stoom- Bereidings- Aanwijzingen hoogte mings- tuur in °C nd stand tijd method in min. e |
|---|---|
| Brood, 1 kg* Glazen braadslede | 1 + 1 230 - 3 10-15 Nooit heet water 2 190-200 - - 30-45 rechtstreeks in de hete oven gieten. |
| Brood 1,5 kg* Langwerpige 0 + 1 230 - 3 10-15 bakvorm 2 200-210 - - 40-50 | |
| Broodjes, bijv. van tarwe- Glazen bloem* braadslede | 1 + 1 200-220 - 3 25-35 |
| Geroosterd brood, 12 Rooster sneetjes | 3 1 - 3 - 3-6 |
| Geroosterd brood, 4 sne- Rooster etjes | 3 1 - 3 - 3-6 Boterhammen naast elkaar in het midden van het rooster plaatsen. |
| Toast gegratineerd, 2-4 Rooster + gla- 3+1 1 - 3 - 8-10 sneetjes zen braadslede *voorverwarmen | |
| Tips voor het bakken | |
| Tussen vorm en rooster ontstaan vonken. | Controleer of de vorm van buiten schoon is. Verander de positie van de vorm in de oven.Als dat niet helpt, bakt u zonder magnetron verder of gebruikt u de glazen braadslede als stelvlak. De bakduur wordt dan langer. |
| U wilt vaststellen of het gebak doorbakken is. | Steek met een houten prikker op de hoogste plaats in het gebak. Zit er geen deeg meer aan de prikker, dan is het gebak klaar. |
| Het gebak stort in. | Gebruik de volgende keer minder vloeistof. Of stel de temperatuur 10 °C lager in en verleng de baktijd. Houd u aan de opgegeven ingrediënten en bereidingsaanwijzingen in het recept. |
| Het gebak is in het midden hoog gerezen en lager bij de randen. | Vet alleen de bodem van de springvorm in. Na het bakken maakt u het gebak voorzichtig los met een mes. |
| Klein gebak plakt bij het bakken aan elkaar. | Tussen de gebakstukken dient een afstand van ca. 2 cm te zijn. Zo is er voldoende plaats om het gebak goed te laten rijzen en helemaal bruin te laten worden. |
| Het gebak is te droog. | Stel de temperatuur 10 °C hoger in en houd een kortere baktijd aan. |
| Het gebak is over het geheel te licht. | Zijn de inschuifhoogte en de accessoires juist, verhoog dan evt. de temperatuur of houd een langere baktijd aan. |
| Het gebak in een (langwerpige) vorm wordt te donker aan de achterkant. | Zet de bakvorm niet direct tegen de achterwand maar midden op het accessoire. |
| Het gebak is in zijn geheel te donker. | Kies de volgende keer een lagere temperatuur en houd evt. een langere baktijd aan. |
| Het gebak is ongelijkmatig bruin geworden. | Kies een wat lagere temperatuur. Ook bakpapier dat uitsteekt kan de luchtcirculatie beïnvloeden. Knip het bakpapier altijd zo af dat het goed past. Let erop dat de bakvorm niet direct voor de openingen in de achterwand van de binnenruimte staat. Bij het bakken van klein gebak moet u indien mogelijk gelijke groottes en diktes aanhouden. |
| Het gebak ziet er goed uit, maar is van binnen niet goed doorbakken. | Bak iets langer bij een wat lagere temperatuur en voeg evt. minder vloeistof toe. Bij gebak met een vochtige bovenkant bakt u eerst de bodem voor. Bestrooi hem met amandelen of paneermeel en doe dan de bovenlaag erop. |
| Het gebak laat niet los wanneer u het uit de vorm wilt storten. | Laat het gebak na het bakken nog 5 tot 10 minuten afkoelen. Komt het er nog steeds niet uit, maak de rand dan voorzichtig los met een mes. Stort het gebak opnieuw en bedek de vorm meerdere keren met een natte, koude doek. Vet de vorm de volgende keer in en bestrooi hem met paneermeel. |
Pagina 184
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Ovenschotels & gegratineerde gerechten
Met uw apparaat kunt u ovenschotels en gegratineerde gerechten bereiden.In de insteltabellen vindt u voor enkele gerechten optimale instellingen.
De bereidingstoestand van een ovenschotel is afhankelijk van de grootte van de vorm en de hoogte van het gerecht. Gebruik voor ovenschotels en gegratineerde gerechten een platte, brede vorm. In een smalle, hoge vorm hebben de gerechten meer tijd
nodig en worden donkerder aan de bovenkant. Gebruik altijd de aangegeven inschuifhoogtes.
Houd u aan de aanwijzingen voor de magnetronbestendige vorm. "De magnetron" op pagina 159
Gebruik een vlakke ovenvorm met een hoogte van 4- 5 cm.Ovenschotels en gegratineerde gerechten moeten nog 5 minuten nagaren in de uitgeschakelde oven.
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur | Magnetronstand Tijdsduur in min. |
|---|---|---|---|---|---|
| Ovenschotels zoet, bijv. kwarkschotel met fruit 1,5 kg | Ovenschaal | 0 | 4+ | 130-150 | 180 25-35 |
| Ovenschotel hartig, van gegaarde ingrediënten, bijv. noedelsoufflé, 1 kg | Ovenschaal | 0 | 4+ | 180-190 | 600 12-17 |
| Ovenschotel hartig, van rauwe ingrediënten, bijv. gegratineerde aardappels, 1,1 kg | Ovenschaal | 0 | 4+ | 170-180 | 600 20-30 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 184)
Gevogelte, vlees en vis
Uw apparaat biedt talrijke mogelijkheden voor het klaarmaken van gevogelte, vlees en vis. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten. Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden bereid. Deze zijn in de tabel aangegeven.
Bereiding in vormen
Waarschuwing – Risico van letsel door barstend glas!
Zet hete vormen van glas op een droge onderzetter. Is de ondergrond nat of koud, dan kan het glas knappen.
Gebruik alleen vormen die geschikt zijn voor uw toepassing. Vormen van glas zijn het meest geschikt. Controleer of de vorm in de binnenruimte past.
Glanzende braadsledes van edelstaal of aluminium zijn niet geschikt voor gebruik met de magnetron. Bij conventioneel gebruik reflecteren glanzende braadsledes de warmte als een spiegel en zijn daardoor slechts in beperkte mate geschikt. Gevogelte, vlees en vis wordt langzamer gaar en minder bruin. Houd bij de conventionele bereiding een hogere temperatuur en/of langere bereidingstijd aan.
Houd u aan de aanwijzingen van de fabrikant van de braadvorm.
Open vorm
Voor het klaarmaken van gevogelte, vlees en vis kunt u het beste een hoge vorm gebruiken. Plaats de vorm op de bodem van de binnenruimte. Wilt u gebruikmaken van stoom neem dan een open vorm.Wanneer u geen geschikte vorm heeft, kunt u de glazen braadslede gebruiken.
Gesloten vorm
Let erop dat het deksel past en goed sluit. Plaats de vorm op het rooster.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
Wanneer het deksel na de bereiding wordt afgenomen kan er zeer hete stoom vrijkomen. Til het deksel aan de achterkant op, zodat de hete stoom van het lichaam af naar buiten gaat.
Bereiding in combinatie met de magnetron
De bereidingstijd wordt hierdoor aanzienlijk verkort. Anders dan bij conventioneel gebruik, wordt de bereidingsduur bij het braden in combinatie met de magnetron bepaald door het totale gewicht.
Aanwijzing: Bij andere hoeveelheden dan in de insteltabellen zijn aangegeven, helpt de volgende vuistregel: bij een dubbele hoeveelheid kan de bereidingsduur bijna worden verdubbeld. Gebruik altijd een hitte- en magnetronbestendige vorm. Braadvormen van metaal en een Römertopf zijn alleen geschikt voor het braden zonder magnetron. Houd u aan de aanwijzingen over magnetronbestendige vormen. "De magnetron" op pagina 159
Bereiding met stoom
Bepaalde gerechten worden bij de bereiding met stoom knapperiger. Zij krijgen een glanzend oppervlak en droger minder uit.
Gebruik een open vorm. De vormen dienen hitte- en stoombestendig te zijn. Schakel de stoomfunctie in, zoals aangegeven in de insteltabel. De watertank tot de markering "MAX" vullen. Wanneer de tank gevuld is, wordt de bereiding van het gerecht met de ingestelde verwarmingsmethode voortgezet, zonder toevoeging van stoom.
Stomen in de stoombak
In tegenstelling tot de bereiding met stoom wordt het vlees met de functie Stomen behoedzamer bereid en krijgt het geen korstje. Het blijft bijzonder mals.
Als smaakvariant kunt u stukken vlees voor het stomen kort bakken, de bereidingsduur wordt dan korter. Voor
Pagina 185
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
grotere stukken is een langere bereidingsduur nodig. Stukken vlees hoeven niet gekeerd te worden.
Voor het stomen van gevogelte, vlees of vis legt u het product in de stoombak in de glazen braadslede. Plaats deze vervolgens op inschuifhoogte 3. De watertank tot de markering "MAX" vullen. Wanneer de watertank tijdens het gebruik leegraakt, wordt het programma onderbroken. Op het display wordt u hierop opmerkzaam gemaakt.
Grillen
Laat de deur van het apparaat tijdens het grillen gesloten. Nooit grillen terwijl de apparaatdeur geopend is.
Leg het te grillen stuk op het rooster. Plaats ook de glazen braadslede onder het rooster. Afdruipend vet wordt opgevangen.
Neem indien mogelijk grillstukken van ongeveer dezelfde dikte en hetzelfde gewicht. Dan worden ze gelijkmatig bruin en blijven lekker mals. Leg de te grillen stukken rechtstreeks op het rooster.
Keer ze met een grilltang. Wanneer u met een vork in het vlees prikt, verliest het sap en wordt het droog.
Bestrooi vlees pas na het grillen. Zout onttrekt water aan het vlees.
Aanwijzingen
- De grillverwarmingsstaven schakelen steeds weer in en uit. Dit is normaal. Hoe vaak dit gebeurt, is afhankelijk van de ingestelde grillstand.
- Bij het grillen kan rook ontstaan.
Aanbevolen instelwaarden
De instelwaarden gelden voor ongevuld vlees, braadklaar gevogelte en vlees en vis op koelkasttemperatuur, die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst.
In de tabel vindt u gegevens voor gevogelte, vlees en vis en voorgestelde gewichten. Wilt u zwaarder gevogelte, vlees of vis bereiden, gebruik dan in elk geval de lagere temperatuur. Om bij meerdere stukken de bereidingsduur te bepalen dient u uit te gaan van het gewicht van het zwaarste stuk. De stukken dienen ongeveer even groot te zijn.
Hoe groter het gevogelte, het vlees of de vis, des te lager de temperatuur en des te langer de bereidingstijd.
Keer gevogelte, vlees of de vis wanneer dit in de insteltabel is aangegeven.
Gevogelte
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur |
|---|---|---|---|---|
| Kip, heel, 1,3 kg, (koken) | Gesloten vorm | 0 | - | |
| Kip, heel, 1,3 kg (braden) | Open vorm | 0 | 4+ + | 190 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 185)
Gevogelte
Prik bij eend of gans het vel onder de vleugels in. Zo kan het vet weglopen.
Snijd bij eendenborst het vel in. Keer de eendenborst niet.
Let er bij het keren van gevogelte op dat eerst de borstzijde resp. de kant van het vel onder ligt.
Vlees
Bestrijk mager vlees naar wens met vet of leg er reepjes spek op.
Voeg aan braadstukken van mager vlees een beetje vloeistof toe. In glazen vormen moet de bodem van de vorm net bedekt zijn.
Snij een zwoerd kruisgewijs in.
Als het braadvlees klaar is, moet het nog 10 minuten in de uitgeschakelde, gesloten binnenruimte blijven liggen. Zo kan het vleessap zich beter verdelen. Wikkel het braadvlees evt. in aluminiumfolie. Bij de opgegeven bereidingstijd is de aanbevolen rusttijd niet inbegrepen.
Braden en stoven in een vorm is comfortabeler. U kunt het braadvlees met de vorm eenvoudiger uit de binnenruimte nemen en de saus direct in de vorm bereiden.
De hoeveelheid vloeistof is afhankelijk van het soort vlees en het materiaal van de vormen en of u een deksel gebruikt. Wanneer u vlees in geëmailleerde of donkere braadvormen klaarmaakt, is er wat meer vloeistof nodig dan in glazen vormen.
Tijdens het braden verdampt de vloeistof in de vorm. Voeg zo nodig voorzichtig wat vloeistof toe.
De afstand tussen het vlees en het deksel moet minstens 3 cm bedragen. Het vlees kan tijdens de bereiding uitzetten.
Voor het stoven braadt u het vlees naar wens eerst aan. Voeg er voor het braadsap water, wijn, azijn of iets soortgelijks aan toe. De bodem van de vorm dient ca 1- 2 cm bedekt te zijn.
Vis
Hele vis hoeft niet gekeerd te worden.De vis is gaar wanneer de rugvin gemakkelijk loslaat.
Wilt u vis klaarmaken op het rooster, bestrijk dit dan van tevoren met wat olie. Dan komt de vis later gemakkelijker los.
| Grillstand | Magnetronstand | Stoomstand | Tijdsduur in min. | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|
| - | 600 | - | 25-35 | Halverwege de bereidingstijd keren. |
| - | 360 | 3 | 40-45 | Met de borstzijde naar boven leggen. Niet keren. 5 min laten nasudde-ren. |
Pagina 186
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur | Grillstand | Magnetronstand | Stoomstand | Tijdsduur in min. | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Stukken kip, bijv. kwart kip, 800 g | Open vorm | 0 | 4+ | 190 | - | 180 | - | 20-35 | Gaatjes in het vel prikken. Met de kant van het vel naar boven leggen. Niet keren. |
| Eendenborst, 500 g | Rooster + glazen braadslede | 3+2 | + + | - | 3 | 180 | 3 | 10-12 | Met de kant van het vel naar boven leggen. Niet keren. |
| Ganzenborst, ganzenbout, 700- 900 g | Open vorm | 0 | + | - | 2 | 180 | - | 30-40 | Hoge open vorm.Niet keren. |
| Vlees |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 186)
Gerecht Vormen Inschuif- Verwar- Stap- Tempera- Grill Magnetron- Stoom- Tijds- Aanwijzingen hoogte mingsme- pen tuur stan stand stand duur
| thode | d | in min. | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Runderstoof-vlees, 1 kg | Gesloten vorm | 0 | 4+ | 1 | 160-170 | - | 180 | - | 80-90 | |
| Rosbief, kort gebakken, 1,5 kg | Open vorm | 0 | 4+ | 1 | 180-190 | - | 180 | - | 30-40 | Halverwege de bereidingstijd keren.Tot slot 10 minuten laten rusten. |
| Rundersteaks 2- 3 cm dik, 2-3 stuks à 200 g | Rooster + Glazen braadslede | 3+1 | 1 2 | - | 3 3 | - - | - - | 10-15 5-10 | ||
| Varkensvlees zonder zwoerd, 750 g, bijv. halsstuk | Open vorm | 0 | 4+ + | 1 | 170-180 | - | 360 | 3 | 25-35 | Tot slot 10 minuten laten rusten. |
| Varkensvlees met zwoerd, ca. 1 kg, bijv. schouder | Open vorm | 0 | 4+ + | 1 | 170-180 | - | 180 | 3 | 60-80 | Zwoerd insnijden. Tot slot 10 minuten laten rusten. Niet keren. |
| Varkenslende 500-600 g | Open vorm | 0 | 4+ | 1 | 180-190 | - | 180 | - | 35-40 | Tot slot 10 minuten laten rusten. |
| Steaks van varkensnek 2-3 cm dik, 2- 3 stuks, à 120 g | Rooster + glazen braadslede | 3+1 | 1 2 | - | 2 2 | - - | - - | 15-20 10-15 | ||
| Grillworsten 4-6 stuks, à 150 g | Rooster + glazen braadslede | 3+1 | 1 2 | - | 3 3 | - - | - - | 10-15 5-10 | ||
| Gebraden gehakt, 750 g | Open vorm | 0 | 4+ + | 1 | 190 | - | 360 | 3 | 15-20 | Tot slot 10 minuten laten rusten. |
| Vis | ||||||||||
| Gerecht | Vormen | Inschuifhoogte | Verwar- Tempera-mingsme- tuur thode in °C | Grillstand | Magnetronstand | Stoom- Tijdsduur stand in min. | ||||
| Visfilet, vers 400 g | Glazen braadslede + stoombak | 3 | - | - | - | 3 | 15-17 | |||
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 186)
Stukken visfilet, diepvries, Gesloten vorm 3 - - - 3 18-20 400 g
Verder lezen op pagina 145Inhoud