naslaan.comZoekenAlle merken

Etna AKI586ZT, tekst van de handleiding

Kookplaat · Etna · 23 pagina's in het Nederlands · pdf: 108 pagina's, 5,2 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: service.etna.nl

Storingen op pagina 22

Pagina 22

Vanaf de titel; het begin van pagina 22 staat in de pdf.

Tabel voor probleemoplossing

Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Als u problemen ondervindt, probeer ze dan eerst op te lossen aan de hand van onderstaande punten of ga voor meer informatie naar www.ETNA.nl.

SymptoomMogelijke oorzaakOplossing
Wanneer u de kookplaat voor het eerst inschakelt, gaat het display branden.Dit is de standaardprocedure bij opstarten.Het toestel werkt correct.
De ventilator blijft nog enkele minuten actief nadat de kookplaat wordt uitgeschakeld.De kookplaat koelt af.Het toestel werkt correct.
De kookplaat geeft bij de eerste paar kookbeurten een lichte geur af.Het nieuwe toestel wordt opgewarmd.Dit is normaal en verdwijnt wanneer het toestel een paar keer is gebruikt. Ventileer de keuken.
De pannen maken geluid tijdens het koken.Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt.Dit is normaal bij bepaalde pannen wanneer een hoge kookstand wordt gebruikt. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat.
Wanneer u een kookzone hebt ingeschakeld, wordt op het display u weergegeven.De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een te kleine diameter.Gebruik een geschikte pan.
Een kookzone stopt plotseling en er klinkt een geluidssignaal.De ingestelde timertijd is voorbij.Tik op de plus-toets (+) om het geluidssignaal uit te schakelen.
De kookplaat werkt niet en het display geeft niets weer.Het toestel krijgt geen stroom door een defecte kabel of onjuiste verbinding.Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (bij een toestel zonder stekker).
Bij het inschakelen van de kookplaat springt de zekering.De kookplaat is verkeerd aangesloten.Neem contact op met een deskundige installateur.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 22)

Pagina 23

ONDERHOUD

SymptoomMogelijke oorzaakOplossing
L wordt op het display weergegeven (van de linkerzones).De vergrendeling is geactiveerd.Schakel het kinderslot uit: zie het desbetreffende hoofdstuk van de handleiding.
n wordt het op display weergegeven. Sommige druktoetsen doen het niet.De Bridge-functie is geactiveerd.Schakel de Bridge-functie uit.
Er knippert een symbool op het display.U hebt op twee of meer toetsen tegelijk gedrukt.Zorg dat u niet op meerdere toetsen tegelijk drukt.
Het bedieningspaneel is vuil of er ligt water op.Reinig het bedieningspaneel.
Foutcode U400 wordt weergegeven en/of er klinkt een continu piepgeluid.Het toestel is verkeerd aangesloten en/of de netspanning is te hoog.Laat de aansluiting vervangen.
Het display voor de downdraft geeft de code G weer (afwisselend met het geselecteerde vermogen).Het vetfilter heeft 30 bedrijfsuren bereikt.Reinig het vetfilter.
Gebruik de reinigingsfunctie voor de downdraft.
Het display voor de downdraft geeft de code S weer (afwisselend met het geselecteerde vermogen).Het koolstoffilter heeft 120 bedrijfsuren bereikt.Vervang het koolstoffilter. Gebruik de reinigingsfunctie voor de downdraft.
Knipperende 8 in het display voor de downdraft.Te veel vocht in de binnenzijde van het downdraft-systeem.Reinig en droog de binnenzijde van het downdraft-systeem (zie:
Aanwezigheid van vocht in het toestel).
Overige foutcodes.Defecte generator.Neem contact op met de onderhoudsafdeling.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)

Pagina 24

TECHNISCHE SPECIFICATIES

Tabel met foutcodes toestel

Deze fouten kunnen op het display van de kookplaat worden weergegeven.

FoutcodeBeschrijvingMogelijke oorzaakOplossing
De symbolen C-E-C knipperen, het symbool E knippert of het min-symbool (-) knippertAls het display bij een van de kookzones een van deze symbolen weergeeft, is er in de basisconfiguratie van het systeem een onderbreking opgetreden.De basisconfiguratie van het systeem is aangepast of vertoont een storing.Neem contact op met het geautoriseerde servicecentrum en meld de foutcode.
E2Te hoge temperatuur van de kookzone.Oververhitte pan.Laat het systeem afkoelen door het vermogen te verlagen of de pan te verwijderen.*
E3Storing door gebruik van pannen van het verkeerde materiaal.Er wordt een niet-geschikte pan gebruikt of de magnetische eigenschappen van de pan gaan bij een hogere temperatuur verloren.Gebruik een pan van een geschikt materiaal of vervang de pan.*
E4,E5, E6, E7, E8, E9, EA, EC, EH,HardwarefoutenEr zijn hardwarematige storingen gedetecteerd.Neem contact op met het geautoriseerde servicecentrum en meld de foutcode.
Geen display/functieOnjuiste spanning of fout in aanraakgevoelige bedieningDefecte elektrische aansluiting of defect onderdeelNeem contact op met het geautoriseerde servicecentrum en meld de foutcode.
uEr is geen pan gedetecteerd.De gebruikte pan is niet geschikt.Gebruik een geschikte pan. Zie de handleiding voor informatie over geschikte pannen.*
Er31, Er47, Er22, Er20 of delen van het display gaan regelmatig branden.Fout in aanraakgevoelige bedieningFout in aanraakgevoelige bediening gedetecteerdNeem contact op met het geautoriseerde servicecentrum en meld de foutcode.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)

Pagina 25

TECHNISCHE SPECIFICATIES

Er 03 ofEen van de toetsen wordt continu geactiveerd; de toets wordt na 10 seconden uitgeschakeld.Er is vocht of een pan op de bedieningszone.Reinig en droog de glasplaat of verwijder de pot van de bedieningszone.
Het vermogen wordt teruggezet naar niveau 0.Er is een storing gedetecteerd in een hardware-onderdeel.Neem contact op met het geautoriseerde servicecentrum en meld de foutcode.
LGeen storing. Het kinderslot is actief.Kinderslot uitschakelen: zie het desbetreffende hoofdstuk van de handleiding.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)

* Als het probleem zich blijft voordoen, neem dan contact op met een geautoriseerd servicecentrum en vermeld de foutcode.

Pagina 26: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 27

MILIEUASPECTEN

Het toestel en het verpakkingsmateriaal afvoeren

Voor de productie van dit toestel is gebruikgemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.

De verpakking van het toestel is recyclebaar. De volgende materialen kunnen zijn gebruikt:

Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.

Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden afgevoerd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.

Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.

Verklaring van conformiteit

Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese richtlijnen, besluiten en verordeningen en de vereisten die in de genoemde normen worden vermeld.

Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 3

INHOUDSOPGAVE

Uw inductiekookplaat

Inleiding

Beschrijving

Bedieningspaneel Veiligheidsinstructies

Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzer Gezond koken Gebruik

Geluiden bij inductie Pannen

Vermogensniveaus voor koken Pandetectie

Kooktimer/wekker Meldingen op het display Tabel met kookplaatfuncties Timer

Vergrendelen

Downdraft

Vermogensniveaus voor koken

Bediening

De downdraft gebruiken De inductiekookplaat bedienen Bridge Induction-zones koppelen De kooktimer/wekker instellen De vergrendelfuncties gebruiken De downdraft regelen Onderhoud

Reinigen

Filters en opvangbak Algemeen

Tabel voor probleemoplossing Technische specificaties

Informatie over EU-verordening 66/2014

Milieuaspecten

Het toestel en het verpakkingsmateriaal afvoeren

Pagina 4

UW INDUCTIEKOOKPLAAT

Inleiding

Deze kookplaat met ingebouwde downdraft is ontworpen voor de echte kookliefhebber. Koken op een inductiekookplaat heeft een aantal voordelen. De kookplaat reageert snel en is bovendien op een zeer laag vermogen in te stellen, waardoor koken een eitje wordt. Daarnaast zorgt het hoge vermogen ervoor dat u gerechten zeer snel aan de kook kunt brengen. Er is voldoende ruimte tussen de kookzones zodat u comfortabel kunt koken.

Koken op een inductiekookplaat is anders dan koken op een traditioneel toestel. Bij inductiekoken wordt een magnetisch veld gebruikt om warmte op te wekken. Dit houdt in dat u niet zomaar een willekeurige pan kunt gebruiken. In het hoofdstuk 'Pannen' vindt u hierover meer informatie.

Voor optimale veiligheid is de inductiekookplaat uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmte-indicator, waardoor u kunt zien welke kookzones nog heet zijn.

In deze handleiding wordt beschreven hoe u de inductiekookplaat optimaal kunt benutten. Naast informatie over de bediening vindt u hier ook achtergrondinformatie die van pas kan komen bij het gebruik van het product. In de handleiding staan ook kooktabellen en onderhoudstips.

Lees de handleiding en de afzonderlijke veiligheidsinstructies goed door voordat u het apparaat in gebruik neemt, en bewaar deze op een veilige plaats voor toekomstig gebruik.

Daarnaast dient de handleiding als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding.

Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de onderhoudstechnicus nodig heeft om uw vragen te kunnen beantwoorden.

Veel kookplezier!

Pagina 5

UW INDUCTIEKOOKPLAAT

Beschrijving

1

4

Pagina 6

UW INDUCTIEKOOKPLAAT

Bedieningspaneel

13

Pagina 7

VEILIGHEIDSINSTRUCTIES

Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het toestel gaat gebruiken.

Temperatuurbeveiliging

Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Als de temperatuur te hoog wordt, wordt het vermogen van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.

Kookduurbegrenzer

De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze begrenzer wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van de gekozen stand wordt de kookduur als volgt begrensd:

KookstandMaximale gebruikstijd (in uren)
18
26
35
45
54
61,5
71,5
81,5
91,5
P5 minuten

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Gezond koken

Rookpunt van diverse oliesoorten

Om zo gezond mogelijk te bakken, wordt geadviseerd om de oliesoort af te stemmen op de baktemperatuur. Elke oliesoort heeft een ander rookpunt, waarop er giftige gassen kunnen vrijkomen. Onderstaande tabel toont het rookpunt van diverse oliesoorten.

OlieRookpunt in °C
Extra vergine olijfolie160 °C
Boter/kokosolie177 °C
Koolzaadolie204 °C
Vergine olijfolie216 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

OlieRookpunt in °C
Zonnebloemolie227 °C
Maisolie/arachideolie232 °C
Olijfolie242 °C
Rijstolie255 °C

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)

Pagina 8

GEBRUIK

Geluiden bij inductie

Tikkend geluid

Pannen maken geluid

De ventilator maakt geluid

Pannen

Plaats een pan altijd in het midden van een kookzone. Gebruik bij de Bridge-functie altijd een (vis)pan die minimaal één van de middenposities van de gekoppelde zones bedekt.

Pannen voor inductiekoken

Voor inductiekoken zijn pannen van een bepaalde kwaliteit vereist.

Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor een inductiekookplaat.

▷ een dikke bodem (minimaal 2,25 mm);

▷ een vlakke bodem.

U kunt zelf met een magneet controleren of uw pannen geschikt zijn. De pan is geschikt als de magneet door de bodem wordt aangetrokken.

GeschiktOngeschikt
Speciale roestvrijstalen pannenAardewerk
Class InductionRoestvrij staal
Slijtvaste geëmailleerde pannenPorselein
Geëmailleerde gietijzeren pannenKoper/aluminium
Kunststof

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)

Pagina 9

GEBRUIK

Wees voorzichtig met geëmailleerde pannen van plaatstaal. Als u de kookplaat op een hoge stand inschakelt terwijl de pan (te) droog is, kan het email gaan schilferen (het email laat los van het staal). Ook kan de panbodem kromtrekken door bijvoorbeeld oververhitting of gebruik van een te hoog vermogen.

Hierdoor kan de glasplaat barsten en de panbodem smelten. Schade als gevolg van het gebruik van ongeschikte pannen of van droogkoken, valt buiten de garantie.

Minimale pandiameter

Snelkookpannen

Vermogensniveaus voor koken

De kookzones hebben 9 vermogensniveaus en een booststand (afhankelijk van de zone).

▷ Als u op de min-toets (-) tikt, wordt de kookzone gestart op niveau 9.

▷ Als u eerst op de min-toets (-) en daarna op de plus-toets (+) tikt, wordt de booststand ingeschakeld.

▷ De kookzone start op het ingestelde vermogensniveau.

Boostfunctie

Pagina 10

GEBRUIK

Beheer van boostvermogen Vanwege het beperkte vermogen van de inductiekookplaat kunt u de boostfunctie alleen op één kookzone tegelijkertijd instellen (voor de linker- of rechterkookzone). Beide kookzones kunnen op stand 9 worden ingesteld. Als voor de ene kookzone de boostfunctie is ingeschakeld, kan de andere kookzone maximaal op stand 7/8 worden ingesteld.

▷ De kookzone waarvan het vermogen wordt verlaagd, knippert in het display.

Pandetectie

Als de inductiekookplaat op een kookstand is ingesteld en er geen voor inductie geschikte pan wordt gedetecteerd, knippert het symbool voor pandetectie op het display. Plaats een geschikte pan op de kookzone. Als er geen pan wordt gedetecteerd, wordt de kookzone na 10 minuten automatisch uitgeschakeld.

Kooktimer/wekker

Als de wekker is ingesteld, blijft hij ook aftellen nadat de kookzone wordt uitgeschakeld.

De gewenste functie selecteren:

Meldingen op het display

Display kookzoneStatus kookzone
<->Vermogen van kookzone: 1 = lage stand / 9 = hoge stand
Booststand kookzone actief.
Geen (geschikte) pan op de kookzone (symbool voor pandetectie).
Foutcode: zie de tabel voor probleemoplossing.
Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Hoewel de kookplaat is uitgeschakeld, blijft indicator H zichtbaar zolang de kookzone warm is.
Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar!
Risico op brandwonden.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)

Pagina 11

GEBRUIK

Foutcode: zie de tabel voor probleemoplossing.
Foutcode: zie de tabel voor probleemoplossing.
Vergrendeling actief.
Bridge-zones actief.
Display downdraftStatus downdraft
<->Afzuigstand: 1 = lage stand / 4 = hoge booststand (knipperend)
Indicator voor het reinigen van het vetfilter
Indicator voor het vervangen van het koolstoffilter.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Tabel met kookplaatfuncties

FunctieTe gebruiken toetsenBeschrijving
KoppelenOp beide toetsen voor de Bridgekookzone tegelijkertijd tikkenU kunt de Bridge-kookzones aan elkaar koppelen. Hierdoor ontstaat één grote zone die u bijvoorbeeld kunt gebruiken voor een grote vispan of kookpan.
▷ U kunt voor gekoppelde zones de boostfunctie niet inschakelen.
▷ Gebruik een (vis)pan die minimaal één van de middenposities van de Bridge-zones bedekt.
TimerOp de min- (-) en plus-toetsen (+) tegelijkertijd tikkenU kunt voor elke kookzone de timer afzonderlijk instellen. U kunt een kookduur tot 99 minuten programmeren. De timer stopt zodra u de pan verwijdert en wordt hervat wanneer u de pan weer terugzet. Het timeralarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken. De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld wanneer de ingestelde tijd is verstreken. Wanneer er geen kookzone geselecteerd is, werkt de timer als kookwekker (zonder automatische uitschakeling).
VergrendelenVergrendeltoets drie seconden vasthoudenDe ingestelde kookstanden en instellingen worden vergrendeld.
DowndraftAan-uittoets downdraftU kunt de downdraft-afzuiging instellen op 3 ventilatorsnelheden en een booststand (stand 4). Met de timer kunt u de ventilator 5, 10 of 20 minuten ingeschakeld laten. Na de ingestelde tijd wordt de afzuiging automatisch uitgeschakeld.

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)

Pagina 12

GEBRUIK

Vermogensniveaus voor koken

De instellingen zijn afhankelijk van de hoeveelheid en samenstelling van de ingrediënten in de pan. De onderstaande tabel is daarom slechts een richtlijn.

Gebruik de booststand voor het:

Gebruik stand 9 voor het:

Gebruik stand 7 en 8 voor het:

Gebruik stand 4-6 voor het:

Gebruik stand 1-3 voor het:

Pagina 13: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 14

BEDIENING

De inductiekookplaat bedienen

De aanraaktoetsen gebruiken

Plaats uw vingertop plat op een aanraaktoets. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren op een lichte aanraking met uw vingertop. Bedien de toetsen alleen met uw vinger.

▷ De kookplaat staat in de stand-bymodus.

kookzone.

2. Druk op een kookzonetoets.
▷ Raak de knop aan van de gewenste ▷ Het display laat 0 zien.
3. Tik op de min- (-) of plus-toets (+) om

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 14)

het vermogensniveau in te stellen van 1 tot P.

Als de kookplaat een paar seconden niet wordt gebruikt, wordt deze automatisch uitgeschakeld.

Pagina 15

BEDIENING

De kookstanden aanpassen

▷ Het lampje voor de kookstand gaat branden.

Een kookzone uitschakelen

Er is slechts één kookzone actief.

▷ De kookzone wordt uitgeschakeld.

▷ Als alle kookzones op nul (0) zijn ingesteld en er geen andere functies worden gebruikt, wordt de kookplaat na een paar seconden uitgeschakeld.

Alle kookzones tegelijk uitschakelen

Er zijn verschillende kookzones actief.

▷ Alle displays en de kookplaat worden uitgeschakeld.

Het hoofddisplay en de kookzonedisplays worden uitgeschakeld. De inductiekookplaat is nu uitgeschakeld. De indicator voor restwarmte (een H bij elke kookzone) blijft branden totdat deze zones voldoende zijn afgekoeld.

WAARSCHUWING: Risico op brandwonden.

Raak de kookzone niet aan als de indicator H brandt.

Als de kookzone te lang actief blijft op hetzelfde vermogensniveau, wordt het toestel automatisch uitgeschakeld en gaat de indicator voor restwarmte H branden. Schakel de kookzone weer in om de werking te herstellen.

Pagina 16

BEDIENING

Bridge Induction-zones koppelen

De Bridge-koppeling deactiveren

De kooktimer/wekker instellen

▷ Voor gebruik als kookwekker: selecteer een kookzone en vermogensniveau. ▷ Voor gebruik als wekker: selecteer geen kookzone en vermogensniveau. ▷ Zie hoofdstuk: kooktimer/wekker

▷ Het display van de kookzone gaat een lampje knipperen.

Pagina 17

BEDIENING

▷ De kookzone wordt uitgeschakeld wanneer de ingestelde tijd is verstreken. ▷ Er zal twee minuten een geluidssignaal klinken.

▷ Druk op de plus- (+) of min-toets (-) om het alarm uit te schakelen.

De vooraf ingestelde kookduur wijzigen

U kunt de kookduur op elk gewenst moment wijzigen.

▷ Het knipperende lampje geeft aan welke zone u hebt geselecteerd.

De resterende kookduur controleren

Het display van de timer geeft alle timerinstellingen weer. De verschillende timerinstellingen worden beurtelings getoond in het display.

▷ Het knipperende lampje geeft aan welke zone u hebt geselecteerd.

▷ De timer geeft de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weer.

De timer uitschakelen

Voer de volgende stappen uit om de timer uit te schakelen voordat de ingestelde tijd is verstreken:

▷ Het knipperende lampje naast het display stopt met knipperen.

Pagina 18

BEDIENING

De vergrendelfuncties gebruiken

▷ De vergrendeling wordt ingeschakeld en het display toont L.

▷ De kookplaat is nu vergrendeld. De instellingen kunnen niet worden gewijzigd.

▷ De kookplaat is nu ontgrendeld. U kunt de instellingen wijzigen.

De downdraft regelen

Afhankelijk van de installatie kunt u de bedrijfsmodus van het toestel instellen (afzuiging en filtratie). Wanneer het toestel is ingeschakeld, tikt u op de aan-uittoets van de downdraft (15). Het display geeft nu de huidige bedrijfsmodus aan.

Een pieptoon bevestigt de gewijzigde modus.

Als de ingestelde tijd is verstreken, gaat het programma uit deze bedrijfsmodus en wordt de stand-bymodus geactiveerd. U kunt ook op de aan-uittoets van de motor drukken. Als u een andere bedrijfsmodus wilt instellen, schakelt u de stroomvoorziening van het toestel uit en weer in.

OPMERKING: Als het toestel in de afzuigingsmodus staat en wordt uitgeschakeld, blijft de afzuiging 20 minuten actief op minimale snelheid. Hierdoor wordt condensvocht afgevoerd dat tijdens het koken ontstaat.

Pagina 19

BEDIENING

Aan-/uittoets motor (15):

Als u op deze toets tikt, wordt de motor gestart. Als u nog een keer tikt, wordt de motor uitgeschakeld. U kunt de aanzuigsnelheid (vermogen) aanpassen aan de hand van de plus- (+) en min-toetsen (-). Voor de uitvoering met de motor met vier versnellingen (serieel) wordt alleen de vierde versnelling getimed.

Toets (2) voor verlagen aanzuigsnelheid (vermogen):

Als u op de min-toets (-) tikt, wordt de aanzuigsnelheid van de downdraft verlaagd.

Toets (3) voor verhogen aanzuigsnelheid (vermogen):

Als u op de plus-toets (+) tikt, wordt de aanzuigsnelheid van de downdraft verhoogd.

Toets voor resetten filter (16):

Als u op deze toets tikt, worden alle waarschuwingen voor het antivetfilter van metaal gereset. Wanneer de afzuiging 30 uur actief is geweest, zullen de symbolen op toetsen 14 en 16 wisselend knipperen om aan te geven dat het antivetfilter van metaal moet worden gereinigd. Dit alarm blokkeert totdat het wordt gereset de werking van het aanzuigsysteem. Dit geeft u de mogelijkheid de opvangbak voor condens te legen (dit moet gebeuren wanneer dat nodig is, maar het is verplicht wanneer u de filters reset).

Toets voor resetten filter (alleen actief in filtratiemodus) (14):

Wanneer de afzuiging 120 uur actief is geweest, zullen de symbolen op toetsen 14 en 2 wisselend knipperen om aan te geven dat de actief-koolstoffilters moeten worden gereinigd/vervangen. U kunt de koolstoffilters één keer in de vaatwasser schoonmaken, maar daarna moeten ze worden vervangen.

OPMERKING: In de afzuigingsmodus is het alarm voor koolstoffilters uitgeschakeld.

Timertoets (1):

Wanneer u op deze toets (1) tikt, wordt de timer ingeschakeld. De ingestelde aanzuigsnelheid heeft hier geen invloed op.

Als u vier keer op de toets tikt, wordt de timer uitgeschakeld.

Toets voor downdraft-vermogen (4):

Als u op deze toets (4) tikt, schakelt de motor direct over op hoog vermogen. De toets wordt geactiveerd en de hoge aanzuigsnelheid wordt uitgeschakeld (vierde snelheidsinstelling met timer op ongeveer 8 minuten).

De snelheidstimer is alleen actief in afzuigingsmodus.

Pagina 20

ONDERHOUD

Reinigen

Eerste gebruik

Gebruik een vochtige doek om het glazen oppervlak te reinigen en laat de kookplaat drogen voordat u deze voor het eerst gebruikt.

Als u het toestel met een vochtige doek hebt gereinigd, wordt het aanbevolen het toestel te laten drogen om kalkresten te voorkomen.

Dagelijkse reiniging

Hardnekkige vlekken

Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krassen waarin zich kalk en vuil kunnen ophopen. Gebruik nooit een voorwerp met scherpe randjes, zoals staalwol of een schuursponsje.

Filters en opvangbak

Indicator vetfilter

De indicator (G) op het display voor het vetfilter gaat branden wanneer de downdraft 30 uur actief is geweest. Tijdens gebruik knippert de indicator met de gekozen afzuigstand.

▷ De afzuigingsmodus wordt weergegeven. Wanneer de downdraft wordt uitgeschakeld, wordt de vetfilterindicator G opnieuw in het display weergegeven.

Pagina 21

ONDERHOUD

Het vetfilter reinigen

Het vetfilter moet eenmaal per maand worden gereinigd (of als de filterindicator dat aangeeft). Gebruik geen agressieve reinigingsmiddelen en reinig het filter handmatig of in de vaatwasser op een lage temperatuur en met een kort programma. Plaats de filters met de opening omlaag in de vaatwasser, zodat het water eruit kan lopen. Door de reinigingsmiddelen wordt het aluminiumfilter dof. Dit is normaal.

Indicator koolstoffilter (filtratiegebruik)

Wanneer de downdraft 120 uur actief is geweest, gaat toets 14 branden.

U kunt het regenereerbare actief-koolstoffilter met de hand wassen of in de vaatwasser op maximaal 65 °C. Als u de vaatwasser gebruikt, moet de vaatwasser verder leeg zijn en u mag geen afwasmiddel gebruiken. Gebruik geen reinigingsmiddelen!

Verwijder overtollig water. Wees voorzichtig, zodat u het filter niet beschadigt. Plaats het filter in de oven en laat het ten minste 1 uur drogen op maximaal 100 °C. Afhankelijk van hoe vaak u het toestel gebruikt, moet het filter na maximaal 3 jaar (of als het beschadigd is) worden vervangen.

Het is belangrijk dat het vetfilter en regenereerbare actief-koolstoffilter goed worden gedroogd voordat ze weer worden gemonteerd.

Let op! De indicator voor het koolstoffilter gaat ook branden als de downdraft niet als recirculatie-afzuiging wordt gebruikt. Reinig vervolgens het vetfilter.

Pagina 22: zie Storingen hierboven.

Pagina 23: zie hierboven.

Pagina 24: zie hierboven.

Pagina 25: zie hierboven.

Pagina 26: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 27: zie hierboven.

Inhoud

Meer handleidingen: Etna kookplaat