Etna AKI680ZT, tekst van de handleiding
Kookplaat · Etna · 25 pagina's in het Nederlands · pdf: 120 pagina's, 8,2 MB
Handleiding openen (pdf) Bron: service.etna.nl
Deze handleiding geldt ook voor: AKI380ZT.
Storingen op pagina 25
Pagina 25
PROBLEMEN OPLOSSEN
Let op
Wanneer u een barst in het glas ziet (hoe klein ook), schakelt u de kookplaat onmiddellijk uit en koppelt u deze los van het elektriciteitsnet. Neem contact op met de serviceafdeling.
Als het toestel niet naar behoren werkt, betekent dit niet altijd dat het defect is. Probeer het probleem eerst zelf op te lossen door de onderstaande tabel te raadplegen. U kunt voor meer informatie ook terecht op de website. Neem contact op met de serviceafdeling als het probleem blijft bestaan.
| Probleem | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het display gaat branden wanneer de kookplaat de eerste keer wordt ingeschakeld. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | De kookplaat koelt af. | Normale werking. |
| In het begin is het mogelijk dat u een lichte geur ruikt. | Het nieuwe toestel wordt opgewarmd. | Dit is normaal en verdwijnt nadat het toestel een aantal keer is gebruikt. Ventileer de keuken. |
| De pannen maken geluid tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. | Bij hoge instellingen is dit bij bepaalde pannen een heel normaal verschijnsel. |
| U hebt een kookzone ingeschakeld maar het display toont u. | De gebruikte pan is niet geschikt voor inductiekoken of heeft een te kleine diameter. | Gebruik een geschikte pan. |
| Een kookzone stopt plotseling en u hoort een geluidssignaal. | De ingestelde tijd van de timer is verstreken. | Raak de timertoets aan om het alarm uit te schakelen. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets op het display. | Er is geen netvoeding vanwege een defecte kabel of defecte aansluiting. | Controleer de zekeringen en de elektriciteitsschakelaar (als er geen stekker wordt gebruikt). |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat er een zekering door. | Foutieve elektrische aansluiting. | Neem contact op met een installateur. |
| Foutcode E2. | Oververhitting van de sensor van de kookzone. Mogelijk is er een lege pan gebruikt. | Laat de kookplaat afkoelen. Geen lege pannen verwarmen. |
| Foutcode E3. | Verkeerde pan. | Gebruik een geschikte pan. |
Pagina's 26–27: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 28
MILIEUASPECTEN
Verpakking en apparaat afdanken
Bij de productie van dit apparaat is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit apparaat moet aan het einde van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgedankt. De overheid kan u hierover informatie verstrekken.
De verpakking van het apparaat is recyclebaar. Mogelijk zijn de volgende materialen gebruikt:
- karton;
- polyetheenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen moeten op verantwoorde wijze en conform de overheidsvoorschriften worden afgedankt.
Om te wijzen op de noodzaak van gescheiden inzameling van elektrische huishoudelijke apparatuur, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet met het gewone huisvuil mag worden meegegeven. Het apparaat moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze dienst aanbiedt.
Het apart inleveren van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid, en zorgt ervoor dat de materialen in deze apparaten kunnen worden teruggewonnen, waardoor in aanzienlijke mate kan worden bespaard op energie en grondstoffen.
Verklaring van conformiteit
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de toepasselijke Europese richtlijnen, normen en voorschriften, evenals aan alle vereisten in de normen waarnaar wordt verwezen.
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
INHOUDSOPGAVE
Uw inductiekookplaat
Inleiding
Beschrijving
Bedieningspaneel Meldingen op het display
Veiligheid
Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzer Vermogensregeling
Voor het eerste gebruik
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar Inductiegeluiden
Geschikte pannen
Pandetectie
Vermogensniveaus
Richtlijnen voor het koken
Gebruik van de afzuigunit
Bediening van de kookplaat
Bereiding starten
Boost
Pandetectiesymbool
Klaar met koken
De automatische opwarmfunctie inschakelen De warmhoudfunctie inschakelen
De Bridge-inductiekookzones koppelen (alleen voor AKI6--) Koken pauzeren
De eierwekker gebruiken
De timer gebruiken
Toetsvergrendeling
Pagina 3
INHOUDSOPGAVE
Bediening van de afzuigunit
De automatische afzuigmodus inschakelen
De automatische afzuigmodus uitschakelen tijdens de bereiding De afzuigunit handmatig inschakelen
Boost
Verzadiging van het vetfilter en het geurfilter
Indicatie voor verzadiging van het geurfilter activeren Indicatie voor verzadiging van het vetfilter activeren Geheugenreset van de indicatie voor de filterverzadiging
Vermogensbegrenzer
Onderhoud
Reiniging
Rooster en filters reinigen
Problemen oplossen
Technische specificaties
Technische gegevens
Informatie volgens verordening (EU) 66/2014
Milieuaspecten
Verpakking en apparaat afdanken
Gebruikte pictogrammen
Belangrijke informatie
Handig om te weten
Elektrische aansluiting
Pagina 4
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
Gefeliciteerd met uw keuze voor dit toestel van Etna. In het ontwerp van dit product heeft eenvoudige bediening en optimale gebruiksvriendelijkheid centraal gestaan.
In deze handleiding leest u hoe u dit toestel het best kunt gebruiken. Naast informatie over de bediening, vindt u hier ook achtergrondinformatie die u tijdens het gebruik van het toestel van pas kan komen.
Lees eerst de separate veiligheidsinstructies voordat u het toestel gebruikt.
Lees deze handleiding door voordat u het toestel in gebruik neemt, en berg de handleiding daarna veilig op voor toekomstig gebruik.
Deze handleiding dient als referentie voor de servicedienst. Plak het typeplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter op de handleiding. Het typeplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Op onze website kunt u de meest recente versie van de gebruiksaanwijzing vinden.
Pagina 5
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Beschrijving
| AKI671-- | AKI680-- | 4 5 6 7 |
| AKI380-- |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
- 1. Kookzone links voor 210 x 190 mm / 2,1 kW (boost 3,0 kW)
- 2. Kookzone links achter 210 x 190 mm / 1,6 kW (boost 1,85 kW)
- 3. Gekoppelde kookzones links 210 x 390 mm / 3,7 kW
- 4. Afzuigunit
- 5. Kookzone Ø200 mm / 2,3 kW (boost 3,0 kW
- 6. Kookzone Ø160 mm / 1,2 kW (boost 1,4 kW)
- 7. Bedieningspaneel
Pagina 6
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Bedieningspaneel
- 1. Vergrendelingstoets
- 2. Pauzetoets
- 3. Warmhoudtoets
- 4. Toets automatische verhitting
- 5. Timerdisplay
- 6. Plus-toets timer
- 7. Min-toets timer
- 8. Kookzonetoets links achter (display kookzone) en timertoets
- 9. Indicatie afzuiging actief / Toets ‘Filterverzadiging activeren’
- 10. Afzuigtoets (display afzuigunit)
- 11. Kookzonetoets rechts achter (display kookzone) en timertoets
- 12. Kookzonetoets rechts voor (display kookzone) en timertoets
- 13. Toets ‘Filterverzadiging resetten’
- 14. Kookzonetoets links voor (display kookzone) en timertoets
- 15. Toets ‘Automatische afzuigmodus’ ▷ Wanneer een kookzone wordt gekozen en een vermogensniveau is ingesteld, wordt de afzuigunit automatisch ingeschakeld met de vereiste afzuigsnelheid. Standaard is de automatische modus niet actief.
- 16. Aan/uit-toets
- 17. Boost-toets
- 18. Schuifregelaar (van stand 0 t/m stand 9) voor:
▷ het instellen van een waarde (vermogensniveau/afzuigsnelheid/minuten)
Pagina 7
UW INDUCTIEKOOKPLAAT
Meldingen op het display
| Display kookzone | Beschrijving |
|---|---|
| - | Vermogensniveau: 1 = lage stand ; 9 = hoge stand. |
| Boostniveau actief. | |
| Geen (geschikte) pan op de kookzone (pandetectiesymbool). | |
| Restwarmte-indicator: de kookplaat heeft voor elke kookzone een restwarmte-indicator waarmee wordt aangegeven welke kookzone nog warm is. Zelfs als de kookplaat is uitgeschakeld, blijft de indicator ‘H’ ingeschakeld zolang de kookzone nog warm is! Raak de kookzones niet aan wanneer deze indicator brandt. Gevaar! Risico op brandwonden. | |
| Automatische verhitting actief. | |
| Warmhoudfunctie actief. | |
| Pauzefunctie actief. | |
| Gekoppelde Bridge inductie zones actief. | |
| Timer actief. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
| Display afzuigunit | Beschrijving |
|---|---|
| - | Afzuigsnelheid: 1 = lage stand ; 4 = hoge stand. |
| Boostniveau actief. | |
| Display timer | Beschrijving |
| Timer niet ingesteld. | |
| Timer ingesteld (1 uur en 25 minuten). |
Pagina 8
VEILIGHEID
Lees eerst de afzonderlijke veiligheidsinstructies voordat u het apparaat in gebruik neemt!
Temperatuurbeveiliging
Een sensor controleert continu de temperatuur van bepaalde onderdelen van de kookplaat. Elke kookzone is voorzien van een sensor die continu de temperatuur van de bodem van de pan controleert om risico op oververhitting te voorkomen wanneer een pan droogkookt. Bij een te hoge temperatuur wordt de kookstand van de kookplaat automatisch verlaagd of wordt de kookplaat automatisch uitgeschakeld.
Kookduurbegrenzer
De kookduurbegrenzer is een veiligheidsfunctie van uw kookplaat. Deze wordt geactiveerd als u vergeet de kookplaat uit te schakelen. Afhankelijk van het gekozen vermogensniveau wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Vermogensniveau | Maximale gebruikstijd (in uren, minuten) |
|---|---|
| 1 | 8 uur, 36 min. |
| 2 | 6 uur, 42 min. |
| 3 | 5 uur, 18 min. |
| 4 | 4 uur, 18 min. |
| 5 | 3 uur, 30 min. |
| 6 | 2 uur, 18 min. |
| 7 | 2 uur, 18 min. |
| 8 | 1 uur, 48 min. |
| 9 | 1 uur, 30 min. |
| P (boost) | 5 min. (schakelt dan terug naar stand 9) |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Vermogensregeling
Twee kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. Wanneer de boostfunctie wordt gekozen, wordt de andere kookzone automatisch op een iets lagere stand gezet. Staat een kookzone op boost en u wilt de andere op stand 9 of boost zetten, zal de kookzone met boost automatisch naar een lagere stand gaan. De automatische opwarmfunctie wordt uitgeschakeld.
Pagina 9
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Gebruik van de aanraaktoetsen en de schuifregelaar
Plaats uw vingertop plat op een toets of op de schuifregelaar voor het beste resultaat. U hoeft geen druk uit te voeren. De aanraaktoetsen reageren alleen op lichte druk van een vingertop. Bedien de toetsen niet met andere objecten.
Inductiegeluiden
Een tikkend geluid
Dit wordt veroorzaakt door de vermogensbegrenzer op de linker- en rechterzones. Ook bij lagere kookstanden kunt u een tikkend geluid horen.
Pannen maken geluid
Pannen kunnen tijdens het koken geluid maken. Dit wordt veroorzaakt door de energie die van de kookplaat naar de pan stroomt. Bij hoge niveaus is dit bij sommige pannen een heel normaal verschijnsel.
De ventilator maakt geluid
Het toestel is voorzien van een ventilator om de levensduur van de elektronica te verlengen. Als u het toestel intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld om het toestel te koelen en hoort u een zoemend geluid. De ventilator blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld.
Geschikte pannen
Voor inductiekoken moet een pan een dikke vlakke bodem hebben (minimaal 2,25 mm). Gebruik pannen van magnetisch materiaal of pannen met een sandwichbodem. Pannen van koper, aluminium of keramisch materiaal zijn niet geschikt.
Gebruik alleen pannen met een vlakke bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de droogkookbeveiliging belemmeren; het toestel kan dan te warm worden. Dit kan tot schade leiden. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pannen die op een gaskookplaat zijn gebruikt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.
Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen! Het emaille kan beschadigen op een hoge stand wanneer de pan te droog is. Door te hoge vermogensstanden kan de panbodem gemakkelijk kromtrekken.
Pagina 10
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Minimale pandiameter
- De minimale pandiameter per zone is als volgt:
▷ Ø160 mm: minimale pandiameter 110 mm.
▷ Ø200 mm: minimale pandiameter 120 mm.
▷ Kookzone links voor: minimale pandiameter 120 mm.
▷ Kookzone links achter: minimale pandiameter 120 mm.
- Het beste resultaat wordt bereikt met een pan die dezelfde diameter heeft als de kookzone. De kookzone wordt niet ingeschakeld als een pan te klein is.
- Op gekoppelde Bridge inductie kookzones moet de minimale pandiameter 230 mm zijn.
Let op
Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op de kookplaat. Wij adviseren om pannen op te tillen en niet te verschuiven over de kookplaat.
Pandetectie
- Het pandetectiesysteem detecteert automatisch een pan die op een kookzone wordt geplaatst. Het display van deze kookzone licht feller op en de punt stopt met knipperen.
- Als de kookplaat, na plaatsing van een pan op een kookzone, geen (ijzerhoudende) pan detecteert, gaat het symbool voor pandetectie op het display knipperen. De kookzone schakelt na 20 seconden uit.
Vermogensniveaus
De kookzones hebben 9 niveaus en een boostniveau (P). Stel het vermogensniveau in door de regelaar aan te raken. Door over de regelaar te vegen, verandert u de instelling. De stand wordt hoger wanneer u naar rechts schuift. De stand wordt lager wanneer u naar links schuift. Als u uw vinger van de regelaar haalt, begint de kookzone op de ingestelde stand te verwarmen.
Boostfunctie
- Met de boostfunctie kunt u gedurende korte tijd (maximaal 5 minuten) op de hoogste vermogensstand koken. Na het verstrijken van de maximale boost-tijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 9.
- De boostfunctie is niet beschikbaar wanneer de Bridge inductie kookzones gekoppeld zijn!
Pagina 11
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Richtlijnen voor het koken
Aangezien de instellingen afhankelijk zijn van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht in de pan, geldt de onderstaande tabel alleen als richtlijn.
Gebruik de boost-instelling voor:
- de pan snel heet maken;
- snel aan de kook brengen van vloeistof.
Gebruik instelling 8 en 9 voor:
- aanbraden van vlees;
- voedsel bruinen;
- beginnen met koken;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van bacon (vet);
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren van voedsel.
Gebruik instelling 6 en 7 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dikke lappen gepaneerd vlees en gepaneerde vis;
- koken van rauwe aardappelen;
- bereiden van vis;
- bakken van omeletten.
Gebruik instelling 5 en 6 voor:
- iets aan de kook houden.
- zachtjes koken van voedsel;
- doorkoken van pasta;
- doorkoken van grote hoeveelheden;
- ontdooien van harde groenten.
Gebruik instelling 1-4 voor:
- trekken van bouillon;
- stoven van vlees;
- zacht koken van groenten;
- smelten van chocolade;
- pocheren;
- smelten van kaas.
Pagina 12
VOOR HET EERSTE GEBRUIK
Gebruik van de afzuigunit
Kook bij voorkeur met een deksel op de pan; dit vermindert kookgeuren en energieverbruik. Een te vochtig geurfilter door waterdampen, vermindert tevens de effectiviteit van het geurfilter.
Pagina 13
BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
Lees het hoofdstuk ‘Vóór het eerste gebruik’ zorgvuldig door voordat u begint met koken. Zo voorkomt u een onjuist gebruik van de kookplaat.
Bereiding starten
- 1. Houd de aan/uit-toets ingedrukt totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ Alle displays gaan branden; de inductiekookplaat staat in de stand-bymodus. ▷ De kookzones en de afzuigunit hebben een vermogensniveau van nul.
Als de kookplaat 20 seconden niet wordt gebruikt, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
- 2. Plaats een geschikte pan op een kookzone.
▷ De kookzone detecteert de pan automatisch; het display van deze kookzone licht nu feller op.
Zolang het display van de kookzone helder oplicht, is de kookzone geselecteerd en kan het vermogensniveau worden ingesteld.
- 3. Als de reactietijd is verstreken (of tijdens het koken), kunt u de kookzone activeren door het display van de gewenste kookzone handmatig te selecteren.
- 4. Stel in 10 seconden het vermogen in door op de schuifregelaar te drukken.
▷ De kookplaat start op het ingestelde niveau.
▷ Stel met behulp van de schuifregelaar een hoger of lager niveau in.
▷ De afzuigunit kan handmatig of automatisch worden ingeschakeld. Raadpleeg ‘De afzuigunit bedienen’.
▷ Standaard is de automatische afzuigmodus niet actief. Als de automatische afzuigmodus actief is, wordt de afzuigunit automatisch ingeschakeld op de vereiste afzuigsnelheid. Druk op de toets ‘Automatische afzuigmodus’ om de automatische afzuigmodus te activeren.
▷ Na 10 seconden wordt de schuifregelaar uitgeschakeld.
Boost
U kunt de boostfunctie gebruiken om max. vijf minuten op de hoogste kookstand te koken. U kunt de boostfunctie voor maximaal twee naast elkaar liggende kookzones tegelijk gebruiken.
- 1. Druk op het vermogensniveau ‘P’ om de boostfunctie te selecteren.
▷ ‘P’ wordt op het display weergegeven.
▷ Na het verstrijken van de maximale boosttijd schakelt de kookzone terug naar vermogensniveau 9.
Pagina 14
BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
Pandetectiesymbool
Wanneer het symbool ‘Pandetectie’ op het display verschijnt:
- hebt u de pan niet op de juiste kookzone geplaatst;
- is de gebruikte pan niet geschikt voor inductiekoken;
- is de pan te klein of niet goed op de kookzone geplaatst.
▷ De kookzone werkt pas als er een geschikte pan op de kookzone is geplaatst.
Klaar met koken
- 1. Zet het vermogensniveau op ‘0’ om de kookzone uit te schakelen.
- 2. Schakel de inductiekookplaat uit door op de aan/uit-toets te drukken.
Het symbool H wordt weergegeven op het display van de kookzone, als die te heet is om te worden aangeraakt. Het symbool verdwijnt wanneer het oppervlak is afgekoeld tot een veilige temperatuur. U kunt ook energie besparen door een nog hete kookzone te gebruiken om andere pannen te verwarmen.
De automatische opwarmfunctie inschakelen
Met deze functie wordt de kookzone op het hoogste niveau ingesteld, zodat uw pan snel op de gewenste temperatuur is. Na verloop van een bepaalde tijd keert het vermogensniveau weer terug naar het ingestelde niveau. Deze functie is beschikbaar voor de vermogensniveaus 1 t/m 8.
- 1. Schakel de kookplaat in en selecteer de gewenste kookzone .
- 2. Stel het vermogen in door op de schuifregelaar te drukken.
- 3. Druk op de toets ‘Automatisch opwarmen’.
▷ In het display verschijnen afwisselend een ‘A’ en het geselecteerde vermogensniveau. Na afloop van de automatische opwarmtijd schakelt de kookzone automatisch over naar het gekozen niveau, dat permanent op het display wordt weergegeven.
- 4. Als u de automatische opwarmfunctie wilt uitschakelen, selecteer dan de kookzone en druk op de schuifregelaar om het vermogensniveau te verlagen.
Pagina 15
BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
De warmhoudfunctie inschakelen
- 1. Schakel de kookplaat in en zet een geschikte pan op een van de kookzones.
- 2. Druk op de kookzonetoets van de gewenste kookzone.
▷ De ‘0’ van de geselecteerde kookzone licht duidelijk op en er klinkt een enkele pieptoon.
- 3. Druk op de warmhoudtoets.
▷ Het warmhoudsymbool verschijnt op het display. De warmhoudfunctie is geselecteerd.
- 4. Druk op de schuifregelaar of de warmhoudtoets om de warmhoudfunctie uit te schakelen.
De Bridge-inductiekookzones koppelen (alleen voor AKI6--)
Twee Bridge-inductiekookzones kunnen aan elkaar worden gekoppeld. Hierdoor ontstaat één grote zone die kan worden gebruikt voor bijvoorbeeld een grillplaat of een vispan op hetzelfde vermogensniveau. De pan moet groot genoeg zijn om het midden van de voorste en achterste Bridge-inductiekookzones te bedekken (ten minste 23 cm).
Koppeling van de Bridge-inductiekookzones
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk de kookzonetoetsen aan de linkerzijde tegelijkertijd in.
▷ Op het display van de achterste kookzone wordt een verbindingssymbool weergegeven. Dit houdt in dat de twee kookzones aan elkaar zijn gekoppeld.
- 3. Stel het vermogen in door op de schuifregelaar te drukken.
▷ Op het display van de voorste kookzone wordt het vermogensniveau weergegeven.
Ontkoppeling van de Bridge-inductiekookzones
- 1. Druk tegelijkertijd op de kookzonetoetsen van de gekoppelde kookzones. ▷ Het verbindingssymbool verdwijnt op het display van de achterste kookzone.
Koken pauzeren
Met behulp van deze functie kunt u de kookactiviteit tijdelijk onderbreken (max. 10 minuten). De afzuiging wordt op het laagste niveau gezet en de timers worden gepauzeerd.
- 1. Druk op de pauzetoets.
▷ Op alle displays wordt het pauzesymbool weergegeven.
- 2. Als u de bereiding wilt hervatten, houd de pauzetoets dan ten minste 1 second ingedrukt totdat deze knippert.
- 3. Druk binnen 10 seconden op een andere toets. Het bereidingsproces wordt nu hervat. ▷ De kookplaat wordt na 10 minuten automatisch uitgeschakeld als de pauzefunctie niet tussentijds is uitgeschakeld.
Pagina 16
BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
De eierwekker gebruiken
De eierwekker is niet gekoppeld aan een kookzone. Een kookzone kan niet worden uitgeschakeld door de eierwekker.
De kookplaat wordt ingeschakeld en voor nog geen enkele kookzone is een vermogensniveau ingesteld.
- 1. Druk op het timerdisplay om de eierwekker in te schakelen.
▷ Het timerdisplay geeft ‘0.00’ weer.
- 2. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 min. tot 1 uur en 59 min.). ▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de eierwekker na 10 seconden met aftellen. ▷ Op het timerdisplay wordt de resterende tijd in minuten weergegeven.
▷ De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven.
▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
- 3. Druk op het timerdisplay om het alarm uit te schakelen.
▷ Het alarm stopt automatisch na 2 minuten.
Druk op het timerdisplay en druk vervolgens op de toets ‘-’ om de tijd in te stellen op ‘0.00’. Daarmee schakelt u de eierwekker voortijdig uit.
Als de kookplaat is uitgeschakeld, druk dan tweemaal op de aan/uit-toets om de eierwekker voortijdig uit te schakelen.
De timer gebruiken
De timer is gekoppeld aan een kookzone. Nadat de ingestelde tijd is verstreken, wordt de kookzone automatisch uitgeschakeld.
De kookplaat wordt ingeschakeld en voor ten minste één kookzone is een vermogensniveau ingesteld.
- 1. Druk op de gewenste kookzonetoets.
- 2. Druk op de timertoets boven de gewenste kookzone.
▷ Het timersymbool van de actieve kookwekker licht helder op.
- 3. Gebruik de toets ‘+’ of ‘-’ om de gewenste tijd in te stellen (van 1 min. tot 1 uur en 59 min.). ▷ De linkerpositie van het timerdisplay geeft de uren weer, de overige posities de minuten. ▷ Wanneer de tijd is ingesteld, begint de timer na 10 seconden met aftellen. Het timersymbool knippert langzaam.
▷ Op het timerdisplay wordt de resterende tijd in minuten weergegeven.
▷ De laatste 10 minuten worden in minuten en seconden weergegeven.
▷ De geselecteerde kookzone wordt automatisch uitgeschakeld zodra de ingestelde tijd is verstreken.
▷ De timer knippert en het alarm klinkt wanneer de ingestelde tijd is verstreken.
Pagina 17
BEDIENING VAN DE KOOKPLAAT
- 4. Druk op het timerdisplay om het alarm uit te schakelen. ▷ Het alarm stopt automatisch na 2 minuten.
Voor alle kookzones kan een timer worden ingesteld. Op het display wordt de tijd weergegeven van de geselecteerde kookzone.
De vooraf ingestelde kookduur wijzigen
U kunt de kookduur op elk gewenst moment wijzigen.
- 1. Druk op de relevante kookzonetoets.
- 2. Druk op de timertoets.
- 3. Wijzig de tijd met de toets ‘+’ of ‘-’.
De resterende kookduur controleren
- 1. Druk op de kookzonetoets om de zone te selecteren waarvan u de resterende tijd wilt bekijken.
▷ Een aan de kookwekker gekoppelde zone is te herkennen aan een knipperend timersymbool boven het kookzonedisplay.
▷ De timer geeft de resterende tijd van de geselecteerde kookzone weer. ▷ Tijdens de laatste 10 minuten van de looptijd wordt de resterende tijd in minuten en seconden weergegeven.
De kookwekker uitschakelen
Voer de volgende stappen uit om de kookwekker uit te schakelen voordat de vooraf ingestelde tijd is verstreken:
- 1. Druk op de kookzonetoets om de zone te selecteren waarvoor u de kookwekker wilt uitschakelen.
▷ Een aan de kookwekker gekoppelde zone is te herkennen aan een knipperend timersymbool boven het kookzonedisplay.
- 2. Druk op de timertoets.
- 3. Druk op de toets(en) ‘-’ om de tijd in te stellen op ‘0.00’.
▷ Het timersymbool is nu niet meer helder verlicht.
Toetsvergrendeling
Met behulp van de toetsvergrendeling kunt u kookzones vergrendelen wanneer u de kookplaat reinigt. Zo voorkomt u onbedoelde aanpassingen en blijven de ingestelde functies actief.
- 1. Druk op de vergrendelingstoets.
▷ De vergrendelingstoets is nu helder verlicht; de kookplaat is vergrendeld.
▷ Als u nu op een andere toets drukt, knippert de vergrendelingstoets om aan te geven dat de kookplaat is vergrendeld.
- 2. Druk nogmaals op de vergrendelingstoets om de kookplaat te ontgrendelen.
Pagina 18
BEDIENING VAN DE AFZUIGUNIT
Standaard is de automatische afzuigmodus niet actief. In de automatische afzuigmodus wordt de afzuigstand automatisch aangepast aan het gebruik van de kookzones. Als de kookzones worden uitgeschakeld, verlaagt de afzuigkap geleidelijk aan de afzuigsnelheid en worden achtergebleven dampen en geuren verwijderd.
De automatische afzuigmodus inschakelen
- 1. Houd de aan/uit-toets ingedrukt totdat u een geluidssignaal hoort.
▷ Alle displays gaan branden; de inductiekookplaat staat in de stand-bymodus. ▷ De kookzones en de afzuigunit hebben een vermogensniveau van nul.
- 2. Druk op de toets ‘Automatische afzuigmodus’.
▷ De toets ‘Automatische afzuigmodus’ is nu helder verlicht; de automatische afzuigmodus is geactiveerd.
Als tijdens de automatische werking een afzuigsnelheid van 1 t/m 3 wordt geselecteerd met behulp van de schuifregelaar, wordt de automatische afzuigmodus onderbroken.
Als er een booststand is geselecteerd, wordt de automatische afzuigmodus aan het einde van de maximale boosttijd hervat. Ondertussen blijft het symbool van de automatische afzuiging knipperen.
De automatische afzuigmodus uitschakelen tijdens de bereiding
Een kookzone is in werking en de automatische afzuigmodus is actief.
- 1. Druk op de toets ‘Automatische afzuigmodus’.
▷ De toets ‘Automatische afzuigmodus’ is nu minder helder verlicht. U kunt de afzuigunit nu handmatig instellen.
De afzuigunit handmatig inschakelen
De afzuigunit beschikt over drie afzuigsnelheden.
- 1. Druk op de afzuigtoets.
▷ Het display van de afzuigunit licht op.
- 2. Schuif met uw vinger over de schuifregelaar. Schuif naar rechts om het vermogensniveau te verhogen en naar links om het vermogensniveau te verlagen.
▷ De afzuigunit wordt ingeschakeld op het ingestelde niveau.
▷ Stel met behulp van de schuifregelaar een hoger of lager niveau in.
Pagina 19
BEDIENING VAN DE AFZUIGUNIT
Boost
U kunt de boostfunctie gebruiken om max. 5 minuten op de hoogste stand af te zuigen. Na het verstrijken van de maximale boosttijd schakelt de afzuigunit terug naar het vorige vermogensniveau.
- 1. Druk op de afzuigtoets.
▷ Het display van de afzuigunit licht op.
- 2. Schuif met uw vinger over de schuifregelaar (voorbij niveau 4) en activeer boost. ▷ De afzuigunit wordt ingeschakeld.
▷ ‘P’ wordt op het display weergegeven.
Verzadiging van het vetfilter en het geurfilter
Wanneer onderhoud aan het vetfilter noodzakelijk is, gaat het filtersymbool knipperen (zie ‘Onderhoud/Het rooster en de filters reinigen’).
Wanneer onderhoud aan het geurfilter noodzakelijk is, gaat het filtersymbool branden (zie ‘Onderhoud/Het rooster en de filters reinigen’).
Standaard is de indicatie voor de filterverzadiging gedeactiveerd.
Indicatie voor verzadiging van het geurfilter activeren
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk op de afzuigtoets wanneer de motor van de afzuigunit en de kookzones zijn uitgeschakeld.
- 3. Houd de toets ‘Filterverzadiging activeren’ (hood) meer dan 6 seconden ingedrukt, totdat ‘F’ en ‘G’ afwisselend knipperen op het display.
- 4. Druk op de afzuigtoets als ‘F’ op het display wordt weergegeven.
- 5. Druk op de toets ‘Filterverzadiging resetten’ (filter).
▷ ‘Filter’ gaat branden.
- 6. Houd de toets ‘Filterverzadiging activeren’ (hood) opnieuw ingedrukt om de activering van de indicatie voor verzadiging van het geurfilter te bevestigen.
▷ Als het symbool verlicht is, moet er onderhoud aan het geurfilter worden uitgevoerd.
Pagina 20
BEDIENING VAN DE AFZUIGUNIT
Indicatie voor verzadiging van het vetfilter activeren
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Druk op de afzuigtoets wanneer de motor van de afzuigunit en de kookzones zijn uitgeschakeld.
- 3. Houd de toets ‘Filterverzadiging activeren’ (hood) meer dan 6 seconden ingedrukt, totdat ‘F’ en ‘G’ afwisselend knipperen op het display.
- 4. Druk op de afzuigtoets als ‘G’ op het display wordt weergegeven.
- 5. Druk op de toets ‘Filterverzadiging resetten’ (filter).
▷ ‘Filter’ knippert.
- 6. Houd de toets ‘Filterverzadiging activeren’ (hood) opnieuw ingedrukt om de activering van de indicatie voor verzadiging van het geurfilter te bevestigen.
▷ Als het symbool knippert, moet er onderhoud aan het geurfilter worden uitgevoerd.
Geheugenreset van de indicatie voor de filterverzadiging
Reset het geheugen na het reinigen van het vetfilter en/of het reinigen of vervangen van het geurfilter
- 1. Schakel de kookplaat in.
- 2. Houd de toets ‘Filterverzadiging resetten’ (filter) ingedrukt.
▷ ‘Filter’ gaat uit en het geheugen begint opnieuw te tellen.
Pagina 21
VERMOGENSBEGRENZER
Het instellen van de vermogensbegrenzer mag alleen worden uitgevoerd door een erkende en gekwalificeerde installateur. Lees de veiligheidsvoorschriften en de installatie-instructies zorgvuldig door.
De kookplaat is voorzien van een vermogensbegrenzer. Als het totale vermogen van de actieve kookzones het maximaal beschikbare vermogen overschrijdt, wordt het vermogen automatisch verlaagd. Het display van de kookzone die in vermogen wordt verlaagd knippert eerst; het niveau wordt dan automatisch verlaagd naar het hoogste beschikbare vermogen.
- De begrenzer is af fabriek ingesteld op 7400 W, maar het is mogelijk om deze instelling te wijzigen naar 3100 W of 4500 W.
Configuratie van de vermogensbegrenzer
Controleer voordat u begint of er geen pannen op de kookplaat staan.
- 1. Koppel het apparaat los van de hoofdvoeding door de stekker uit het stopcontact te halen, de zekering te verwijderen of de stroomonderbreker uit te schakelen.
- 2. Sluit het apparaat weer aan op de stroomvoorziening.
▷ De toets ‘Automatische afzuigmodus’ knippert.
- Voer, binnen 2 minuten na het aansluiten van de kookplaat op de stroomvoorziening, de volgende stappen uit.
- Zorg ervoor dat alle kookzones zijn uitgeschakeld.
- 3. Houd de toets ‘Automatische afzuigmodus’ ingedrukt.
- 4. Druk vervolgens, tegen de klok in, op alle kookzonetoetsen (begin met de kookzonetoets rechtsvoor).
- 5. Laat de toets ‘Automatische afzuigmodus’ los.
▷ ‘C’ en ‘0’ knipperen afwisselend op het display van de kookzone linksachter. ▷ De configuratiewaarde verschijnt op het display van de kookzone linksvoor.
- 6. Druk op de kookzonetoets linksachter en kies ‘8’ met behulp van de schuifregelaar ▷ ‘C’ en ‘8’ knipperen afwisselend op het display van de kookzone linksachter.
Pagina 22
VERMOGENSBEGRENZER
- 7. Druk op de kookzonetoets linksvoor en selecteer de gewenste vermogensbegrenzing met behulp van de schuifregelaar (zie tabel).
- 8. Houd vervolgens de aan/uit-toets gedurende 2 seconden ingedrukt.
▷ Er klinkt een lang geluidssignaal om aan te geven dat de instelling is bevestigd. ▷ De kookplaat is nu klaar voor gebruik met de geselecteerde vermogensbegrenzer.
| Stand schuifregelaar | Instelling van de vermogensbegrenzer |
|---|---|
| 0 | 7400 W |
| 1 | 4500 W |
| 2 | 3100 W |
Pagina 23
ONDERHOUD
Reiniging
Dagelijkse reiniging
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden in het glas, verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
- Voor de dagelijkse reiniging kunt u het best een vochtige doek met een mild reinigingsmiddel gebruiken.
- Droog de glasplaat vervolgens met keukenpapier of met een droge doek.
Hardnekkige vlekken
- Ook hardnekkige vlekken zijn te verwijderen met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel.
- Verwijder watervlekken en kalkaanslag met azijn.
- Metaalsporen (veroorzaakt door het schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale producten verkrijgbaar.
- Verwijder voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u het beste verwijderen met een glasschraper.
Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze laten krassen achter waarin vuil en kalkaanslag zich kunnen ophopen. Gebruik nooit scherpe voorwerpen als staalwol of schuursponsjes.
Rooster en filters reinigen
- Reinig het rooster met warm water en neutrale zeep; gebruik geen schuurspons (geen schoonmaakmiddelen gebruiken!). Reinig het rooster niet in een vaatwasser.
- Reinig het vetfilter, indien in gebruik, minimaal eenmaal per maand (of wanneer het systeem aangeeft dat het filter verzadigd is). Dit zorgt ervoor dat de afzuigunit goed blijft werken en voorkomt mogelijk brandgevaar door ophoping van vet.
- Reinig het vetfilter met een niet-agressief reinigingsmiddel, bij voorkeur met de hand. Was het filter niet in de vaatwasser.
4
1
Pagina 24
ONDERHOUD
Geurfilter (recirculatiegebruik)
De verzadiging van de geurfilters kan optreden na wat langer gebruik, afhankelijk van het type koken en hoe regelmatig het vetfilter wordt gereinigd. De geurfilters kunnen elke 2-3 maanden thermisch geregenereerd worden in een voorverwarmde oven op 200 °C, gedurende 45 minuten. De juiste regeneratie van het filter zorgt ervoor dat het 5 jaar lang constant efficiënt kan filteren.
Pagina 25: zie Storingen hierboven.
Pagina's 26–27: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 28: zie hierboven.