Neff C67M70N3, tekst van de handleiding
Magnetron · Neff · 38 pagina's in het Nederlands · pdf: 44 pagina's, 1,9 MB
Storingen op pagina 20
Pagina 20
Vanaf de titel; het begin van pagina 20 staat in de pdf.
Storingen en reparaties
Er hoeft niet altijd contact te worden opgenomen met de klantenservice. In veel gevallen kunt u zelf voor een oplossing zorgen. In de volgende tabel staan een paar tips om storingen op te lossen.
Kans op een elektrische schok!
- Werkzaamheden aan de elektronica van het apparaat mogen alleen door een vakman worden uitgevoerd.
- Bij het werken aan de elektronica van het apparaat beslist de netstekker uit het stopcontact halen. Automatische beveiliging activeren of de zekering in de meterkast van uw woning eruit draaien.
Storingstabel
Wanneer een gerecht niet goed gelukt is, lees hier dan het hoofdstuk Voor u in onze kookstudio getest op na. Hier vindt u vele tips en aanwijzingen voor het koken.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Het apparaat werkt niet | De stekker is niet in het stopcontact gestoken. | In het stopcontact steken. |
| De stroom is uitgevallen. | Controleer of de keukenverlichting werkt. | |
| Zekering defect. | Controleer in de meterkast of de zekering voor het toestel in orde is. | |
| Foutieve functie. | Schakel de zekering in de meterkast voor het apparaat uit en na ca. 10 seconden weer in. | |
| Op het klokdisplay knipperen de dubbele punt en drie nullen. | De stroom is uitgevallen. | Stel de tijd opnieuw in. |
| De magnetron wordt niet ingeschakeld. | De deur is niet helemaal gesloten. | Controleer of er resten van een gerecht of een voorwerp tussen de deur klem zitten. |
| De toets is niet ingedrukt. | Druk op de toets . | |
| Het apparaat warmt niet op de ingestelde temperatuur op. | De toets is niet ingedrukt. | De toets indrukken. |
| De magnetronfunctie wordt zonder duidelijke reden afgebroken. | De magnetron heeft een storing. | Treedt deze fout vaker op, neem dan contact op met de servicedienst. De ovenfunctie zonder magnetron is mogelijk. |
| Bij de magnetronfunctie worden de gerechten langzamer warm dan gewoonlijk. | Er is een te klein magnetronvermogen ingesteld. | Kies een hoger magnetronvermogen. |
| Er is een grotere hoeveelheid dan gebruikelijk in het apparaat gedaan. | Dubbele hoeveelheid bijna dubbele tijdsduur. | |
| De gerechten zijn kouder dan gewoonlijk. | De gerechten tussentijds omroeren of keren. | |
| De oven warmt niet op. Op het temperatuurdisplay verschijnt “ “. | De demoschakeling is geactiveerd. Op het tekstdisplay verschijnt "Demoschakeling geactiveerd". | De zekering in de meterkast uitschakelen en na ca. 20 seconden weer inschakelen. |
| Op het temperatuurdisplay verschijnt “ “. | De automatische uitschakeling is geactiveerd. De oven warmt niet meer op. | Druk op een toets of zet het apparaat uit. |
Pagina 21
Foutmeldingen met E
Wordt op het display een foutmelding met E weergegeven, druk dan zo vaak op de klokfunctietoets tot de symbolen en 3 verschijnen. Stel vervolgens de tijd opnieuw in. Wordt de fout opnieuw weergegeven, neem dan contact op met de servicedienst.
Kans op een elektrische schok!
- Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen
uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice.
- Is het apparaat defect, schakel dan de zekering in de meterkast uit of haal de netstekker uit het stopcontact. Neem contact op met de servicedienst.
Bij enkele foutmeldingen kunt u zelf voor een oplossing zorgen.
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Op het klokdisplay verschijnt de foutmelding “E101" of “E104". | De temperatuursensor is uitgevallen. | Neem contact op met de servicedienst. De magnetronfunctie solo is mogelijk. |
| Op het display verschijnt de foutmelding "E011" | Een toets is te lang ingedrukt of is beklemd geraakt. | Druk alle toetsen afzonderlijk in. Neem contact op met de servicedienst wanneer de foutmelding aanhoudt. |
| Op het klokdisplay verschijnt de foutmelding “E010", “E310", “E009" of “E309". | Technisch defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 21)
Ovenlamp vervangen
U kunt de ovenlamp vervangen. Temperatuurbestendige halogeenlampen, 12 W, 20 V, kunt u krijgen bij de klantenservice of uw speciaalzaak.
Kans op een elektrische schok!
De ovenlamp nooit vervangen wanneer het apparaat ingeschakeld is. Haal de netstekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit.
Aanwijzing: Neem de nieuwe halogeenlamp altijd met een droge doek uit de verpakking. Hierdoor wordt de levensduur van de lamp verlengd.
Zo gaat u te werk
- 1. Zekering in de meterkast uitschakelen.
- 2. Theedoek in de onverwarmde oven leggen, om schade te voorkomen.
- 3. Glazen afscherming verwijderen. Daarvoor de afscherming met de hand van onderaf openen.
Kan de afscherming moeilijk worden verwijderd, gebruik er dan een lepel bij. (Afbeelding A)
$
- 4. Lamp eruit halen en vervangen door hetzelfde type lamp. (Afbeelding B)
- 5. De afscherming weer aanbrengen. (Afbeelding C)
% &
- 6. Droogdoek verwijderen.
- 7. Zekering in de meterkast weer inschakelen of de netstekker in het stopcontact steken.
Deurdichting vervangen
Is de deurdichting defect, dan moet deze worden vervangen. Vervangende dichtingen zijn verkrijgbaar bij de klantenservice. Vermeld a.u.b. het Enummer en het FDnummer van uw apparaat.
Ernstig gezondheidsrisico!
Het apparaat nooit gebruiken wanneer de deurdichting beschadigd is. Dan kan er energie van de magnetron vrijkomen. Het apparaat pas opnieuw gebruiken wanneer het gerepareerd is.
- 1. Ovendeur openen.
- 2. Oude deurdichting eraf trekken.
- 3. Aan de deurdichting zijn 5 haken bevestigd. Met deze haken de nieuwe dichting aan de ovendeur bevestigen.
Aanwijzing: De las onderaan in het midden van de deurdichting heeft een technische reden.
Pagina 22
Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om onnodig bezoek van een technicus te voorkomen.
Enummer en FDnummer
Geef aan de klantenservice altijd het productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u in de oven. Om niet te lang te hoeven zoeken wanneer u de klantenservice nodig heeft, kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
Enr. FDnr.
Servicedienst
Let erop dat het bezoek van een technicus van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantietijd kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4040
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Dit apparaat beantwoordt aan de norm EN 55011 resp. CISPR
- 11. Het is een product van groep 2, klasse B.
Groep 2 betekent dat er microgolven worden geproduceerd om levensmiddelen te verwarmen. Klasse B houdt in dat het apparaat geschikt is voor huishoudelijk gebruik.
Energie en milieutips
Hier krijgt u tips over de manier waarop u bij het bakken en braden kunt besparen op energie en het apparaat op de juiste manier afvoert.
Energie besparen
De oven alleen voorverwarmen als dit in het recept of in de tabellen van de gebruiksaanwijzing is opgegeven.
Gebruik donkere, zwart gelakte of geëmailleerde bakvormen. Deze nemen de hitte bijzonder goed op.
Open de apparaatdeur tijdens het garen, bakken of braden zo weinig mogelijk.
Meerdere taarten of cakes kunt u het beste na elkaar bakken. De oven is dan nog warm. Hierdoor kan de baktijd voor de tweede taart of cake korter zijn.
Bij langere bereidingstijden kunt u de oven 10 minuten voor het einde van de bereidingstijd uitzetten en de restwarmte gebruiken voor het afbakken..
Milieuvriendelijk afvoeren
Voer de verpakking op een milieuvriendelijke manier af.
Dit apparaat is gekenmerkt in overeenstemming met de Europese richtlijn 2012/19/EU betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (waste electrical and electronic equipment - WEEE).
De richtlijn geeft het kader aan voor de in de EU geldige terugneming en verwerking van oude apparaten.
Automatische programma's
Met de automatische programma's kunt u heel eenvoudig twee gerechten klaarmaken. U kiest het programma en voert het gewicht van uw gerecht in. Automatisch wordt de optimale instelling gekozen.
Vormen
De automatische programma's zijn alleen geschikt voor de bereiding in gesloten vormen. Gebruik bij alle programma's een hoge, gesloten vorm. Plaats de vorm op het rooster, hoogte 1.
Geschikte vormen
Geschikt zijn hittebestendige vormen (tot 300°C), bijv. vormen van glas of glaskeramiek.
Ongeschikte vormen
Vormen van ongeglazuurd aardewerk en vormen van kunststof of met kunststof handgrepen zijn niet geschikt.
Vormen van metaal zijn niet geschikt.
Bij sommige programma's wordt de magnetron gebruikt.
Metaal laat geen microgolven door. Het gerecht wordt niet zo bruin en het vlees niet zo gaar.
Grootte van de vorm
Het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. twee derde bedekken. Zo krijgt u mooi braadsap.
De afstand tussen het vlees en het deksel moet minstens 3 cm bedragen. Het vlees kan tijdens het braden uitzetten.
Programma kiezen
Voorbeeld in de afbeelding:
programma voor 0,30 kg polenta kiezen en instellen.
- 1. De functiekeuzeknop naar buiten drukken. Het apparaat is klaar voor gebruik.
Pagina 23
- 2. De toets indrukken.
De eerste programmagroep wordt weergegeven.
| 3 | |
|---|---|
| 3. Met de functiekeuzeknop de gewenste programmagroep kiezen. | |
| 3 | |
| 4. De toets indrukken. Het eerste programma van de programmagroep verschijnt op het tekstdisplay. 5. Aan de functiekeuzeknop draaien tot het passende programma verschijnt. | |
| 3 | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
- 6. Met de temperatuurkeuzeknop het gewicht van het gerecht instellen. De programmaduur wordt op het klokdisplay weergegeven.
- 7. De toets indrukken.
Het programma start.
Aanwijzing: Na de start: de toets een keer indrukken. Op de displays worden de ingestelde waarden weergegeven.
Het programma is beëindigd
Er klinkt een signaal. De oven warmt niet meer op. De oven met de functiekeuzeknop uitschakelen of opnieuw een functie kiezen en instellen.
Programma afbreken:
Met de toets de oven uitschakelen en de functiekeuzeknop op de -stand draaien en indrukken.
Informatie opvragen
Voor de start: de toets kort indrukken. Er worden verschillende soorten informatie bij de programma's
weergegeven. Voor elke nieuwe informatie weer de toets kort indrukken.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Zie het hoofdstuk Elektronische klok.
Individueel aanpassen
Wanneer het bereidingsresultaat dat een programma oplevert niet aan uw voorstellingen beantwoordt, kunt u dit de volgende keer veranderen.
Stel in volgens de beschrijving bij punt 1 tot 5.
De toets indrukken en met de functiekeuzeknop het verlichte veld verplaatsen.
Naar links = bereidingsresultaat zwakker.
Naar rechts = bereidingsresultaat sterker.
Met de toets starten.
De tijdsduur is gewijzigd.
Ontdooien en garen met de automatische programma's
Aanwijzingen
- Neem het product uit de verpakking en weeg het. Kunt u het exacte gewicht niet invoeren, rond het dan naar boven of beneden af.
- Gebruik voor de programma's altijd vormen die geschikt zijn voor de magnetron, bijv. van glas of keramiek, of de braadslede. Let op de tips over de toebehoren in de programmatabel.
- Zet de levensmiddelen in de onverwarmde binnenruimte
- Na de tips vindt u een tabel met geschikte levensmiddelen, het betreffende gewichtsbereik en de benodigde toebehoren.
- Het is niet mogelijk gewichten in te stellen buiten het gewichtsbereik.
- Bij veel gerechten klinkt na enige tijd een signaal. Keer het gerecht of roer het om.
Ontdooien
Aanwijzingen
- De levensmiddelen zo vlak mogelijk en verdeeld in porties bij 18 °C invriezen en bewaren.
- Leg de diepvriesproducten op een ondiepe vorm van bijv. glas of porselein
Broodjes legt u rechtstreeks op het rooster.
- Kwetsbare en uitstekende delen afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. Zo voorkomt u dat de gerechten aanbakken. Let er op dat de aluminiumfolie de wanden van de binnenruimte niet raakt.
- Laat de levensmiddelen na het ontdooien met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling nog 10 tot 90 minuten rusten.
- Bij het ontdooien van vlees, gevogelte of vis komt vloeistof vrij. U dient deze bij het keren te verwijderen. In geen geval verder gebruiken of met andere levensmiddelen in aanraking brengen.
- Leg rund-, lams- en varkensvlees eerst met de vette kant naar onderen op de vorm.
- Brood dient u alleen in de benodigde hoeveelheid te ontdooien. Het wordt snel oudbakken.
- Verwijder gehakt dat al ontdooid is na het keren.
- Gevogelte in zijn geheel eerst met de borstzijde en stukken gevogelte eerst met de zijde van het vel op de vorm leggen. Poten en vleugels afdekken met kleine stukken aluminiumfolie.
- Bij hele vis de staartvinnen, bij visfilet de randen en bij viskotelet de uitstekende uiteinden afdekken met aluminiumfolie.
Pagina 24
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma
Ontdooien
Tarwebrood
Volkorenbrood***
Broodjes
Taart, droog* Cake zonder glazuur en couverture, koek van gistdeeg
Taart, vochtig Cake met vruchten zonder couverture, glazuur of gelatine, zonder crème of slagroom Gehakt* Gehakt van rund-, lams- of varkensvlees Rundvlees** Rundvlees, kalfsvlees, steak Varkensvlees** Halsstuk zonder been, rollade, schnitzel, goulash
Lamsvlees** Lamsbout, lamsschouder, lamsrollade Gevogelte, heel** Kip, eend
Stukken gevogelte** Kippenpoten, halve kippen, ganzenbout, ganzenborst, eendenborst
Hele vis** Forel, dors, kabeljauw
Visfilet** Filet van snoek, kabeljauw, zalm, roodbaars, koolvis, snoekbaars
Viskotelet* Kotelet van kabeljauw, snoek, dors, zalm
* Signaal voor het keren na ca. de helft van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd
***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,10 - 0,60 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,50 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,05 - 0,45 | Rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,50 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,70 - 2,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,20 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
| 0,20 - 1,00 | Ondiepe open vorm rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Garen
Groente
Aanwijzingen
- verse groente: in stukken van gelijke grootte snijden. 2 eetlepels water per 100 g groente toevoegen.
- Diepvriesgroente: alleen geblancheerde, niet voorgekookte groente is geschikt. Diepvriesgroente met roomsaus is niet geschikt. 1 tot 2 eetlepels water per 100 g toevoegen. Bij spinazie en rode kool geen water toevoegen.
- Laat de groente na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten.
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma | Gewichtsbereik in kg |
|---|---|
| Groente | |
| verse groente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, prei, paprika, courgettes | 0,20 - 1,00 |
| diepvriesgroente garen* Bloemkool, broccoli, wortelen, koolrabi, rode kool, spinazie | 0,20 - 1,00 |
| * Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1
gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Aardappels
Aanwijzingen
- Aardappels: snijd deze in stukken van gelijke grootte. Per 100 g aardappels twee eetlepels water en wat zout toevoegen.
- Aardappels in de schil: gebruik aardappels van gelijke grootte. Aardappels wassen en meerdere keren in de schil prikken. Nog vochtig in een vorm zonder water doen.
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma
Aardappels
Gekookte aardappels* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels
* Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na van de bereidingstijd.
- Laat de aardappels na afloop van het programma nog ca. 5 minuten rusten. Giet eerst het water dat is ontstaan af.
- Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen.
- Laat de ovenschotel na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten.
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Pagina 25
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma | Gewichtsbereik in kg |
|---|---|
| Aardappels in de schil* Vastkokende, overwegend vastkokende of droogkokende aardappels | 0,20 - 1,00 |
| Gegratineerde aardappels, vers | 0,50 - 3,00 |
| Frites, diepvries** | 0,20 - 0,60 |
| Kroketten, diepvries** | 0,20 - 0,70 |
| Rösti, diepvries** | 0,20 - 0,80 |
| * Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd. | |
| ** Signaal voor het keren na van de bereidingstijd. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Ondiepe open vorm, rooster hoogte 1
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede hoogte 2
Graanproducten
Aanwijzingen
- Graan schuimt sterk tijdens het koken. Neem daarom voor alle graanproducten een hoge vorm met een deksel. Stel het brutogewicht van het graanproduct (zonder vloeistof) in.
- Rijst:
gebruik geen rijst in kookbuideltjes. Twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof bij de rijst doen.
- Polenta:
gebruik bij polenta afhankelijk van de maling twee tot drie keer zoveel water.
- Couscous:
voeg twee keer zo veel vloeistof toe.
- Gierst:
voeg twee tot tweeënhalf keer zoveel vloeistof toe.
- Laat het graanproduct na afloop van het programma nog ca. 5 tot 10 minuten rusten.
Programmagroep Gewichtsbereik in kg Vorm / toebehoren, inschuifhoogte Programma
Graanproducten
Rijst met lange korrel* 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Basmatirijst* 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Zilvervliesrijst* 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Polenta*** 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Couscous** 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Gierst* 0,10 - 0,50 Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
* Signaal voor het omroeren afhankelijk van het gewicht na 2-14 minuten.
** Signaal voor het omroeren na 1-2 minuten.
*** Signaal voor het omroeren na de helft van de bereidingstijd.
Ovenschotel
Aanwijzingen
- Plaats het gerecht altijd in een voor de magnetron geschikte vorm op het rooster.
- Hartige en zoete ovenschotel altijd in een laag van ca. 5 cm in een ondiepe vorm doen.
- Gegratineerde aardappels in een laag van 3 tot 4 cm in een ondiepe vorm leggen.
- Laat de gegratineerde aardappels na afloop van het programma nog 5 tot 10 minuten in het apparaat rusten.
| Programmagroep | Gewichtsbereik in kg |
|---|---|
| Programma | |
| Ovenschotel | |
| Lasagne bolognese diepvries | 0,40 - 1,00 |
| Canneloni, diepvries | 0,40 - 1,00 |
| Macaronisoufflé, diepvries | 0,40 - 1,00 |
| Ovenschotel, hartig, gegaarde ingrediënten. | 0,40 - 3,00 |
| Ovenschotel, zoet | 0,50 - 1,80 |
| Gegratineerde aardappels, vers | 0,50 - 3,00 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1
Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1
Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1
Ondiepe open vorm, rooster, hoogte 1
Diepvriesproducten
Aanwijzingen
- Voorgebakken diepvriespizza's en pizza-baguettes gebruiken.
- Frites, kroketten en rösti moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
- Loempia's en mini-loempia's dienen geschikt te zijn voor bereiding in de oven.
- Let erop dat diepvriesgerechten niet op elkaar liggen.
Pagina 26
Programmagroep Gewichtsbereik in kg Programma
Pizza, dunne bodem 0,30 - 0,50 Pizza, dikke bodem 0,40 - 0,60 Mini-pizza's 0,10 - 0,60 Pizza-baguettes, voorgebakken 0,10 - 0,75 Frites* 0,20 - 0,60 Kroketten* 0,20 - 0,70 Rösti* 0,20 - 0,80 Lasagne bolognese 0,40 - 1,00 Canneloni 0,40 - 1,00 Macaronisoufflé 0,40 - 1,00 Loempia's** 0,10 - 1,00 Mini-loempia's** 0,10 - 0,60 Vissticks* 0,20 - 0,90 Gepaneerde inktvisringen* 0,20 - 0,50
* Signaal voor het keren na van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd.
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 1
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2 open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1 open vorm, rooster, hoogte 1
Braadslede hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Gevogelte
Aanwijzingen
- Leg de kip of de poularde eerst met de borstzijde naar onderen in de vorm.
- Leg de stukken kip met de kant van het vel naar boven in de vorm.
Programmagroep Programma
Gevogelte
Kip, vers*
Stukken kip, vers
Poularde, vers*
Kalkoenfilet, vers**
Geschikte levensmiddelen
Hele kip, vers
Kippenpoten, halve kippen
Kalkoenfilet zonder vel
* Signaal voor het keren bij hele kip na van de bereidingstijd.
** Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd.
Vlees
Aanwijzingen
- Rosbief eerst bereiden met de kant van het vet naar onderen.
- Rundvlees, kalfsvlees, kalfsschenkel, lamsbout en varkensvlees:
het vlees moet de bodem van de vorm voor ca. twee derde bedekken. Voeg aan het vlees 50 tot 100 ml vloeistof toe.
Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma
Rundvlees
Stoofvlees, vers**
Rosbief, medium * 5 - 6 cm hoge rosbief Rosbief, doorbakken* 5 - 6 cm hoge rosbief Gehakt ca. 8 cm hoog Vleesrolletjes
* Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd
** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd
***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd
- Kalkoenfilet bereiden zonder vel. Voeg aan de kalkoenfilet 100 tot 150 ml vloeistof toe. Voeg na het keren eventueel opnieuw 50 tot 100 ml vloeistof toe.
- Laat de kalkoenfilet na afloop van het programma nog 10 minuten rusten.
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,80 - 1,80 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,40 - 1,20 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 1,50 - 3,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,80 - 2,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)
Voeg na het keren eventueel opnieuw 50 tot 100 ml vloeistof toe.
- Voeg aan het gehakt 50 bis 100 ml vloeistof toe.
- Laat het vlees na afloop van het programma nog 10 minuten rusten.
| Gewichtsbereik in kg | Vorm / toebehoren, inschuifhoogte |
|---|---|
| 0,80 - 2,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,80 - 2,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,80 - 2,00 | open vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,80 - 1,50 | gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
| 0,50 - 3,00 | Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1 |
Pagina 27
| Programmagroep Geschikte levensmiddelen Programma | Gewichtsbereik in kg |
|---|---|
| Kalfsvlees | |
| Braadstuk, vers* Bout, fricandeau | 0,80 - 2,00 |
| Schenkel met been, vers | 0,80 - 3,00 |
| Osso buco | 0,80 - 3,00 |
| Varkensvlees | |
| Halsstuk, vers, zonder been*** | 0,80 - 2,00 |
| Halsstuk, vers, met been* | 0,80 - 2,50 |
| Braadstuk met korstje, vers | 0,80 - 2,00 |
| Gehakt ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 |
| Rollade, vers* | 1,00 - 3,00 |
| Lamsvlees | |
| Bout, vers, zonder been, medium* | 0,80 - 2,00 |
| Bouten, vers, met been, doorbakken* | 0,80 - 2,00 |
| Gehakt ca. 8 cm hoog Wildbraad | 0,80 - 1,50 |
| Hertenvlees, vers* | 0,50 - 3,00 |
| Reebout, zonder been, vers*** | 0,50 - 2,50 |
| Hazenbout, met been, vers*** | 0,50 - 1,50 |
| Wild zwijn, vers*** | 0,50 - 2,50 |
| Konijn, vers | 0,50 - 2,00 |
| * Signaal voor het keren na de helft van de bereidingstijd ** Signaal voor het keren na en van de bereidingstijd ***Signaal voor het keren na van de bereidingstijd |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1
gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1
gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1
gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Vis
Aanwijzingen
- Hele vis, vers:
1 tot 3 eetlepels water of citroensap toevoegen.
Visfilet, vers:
1 tot 3 eetlepels water of citroensap toevoegen.
- Gepaneerde inktvisringen, diepvries:
deze moeten geschikt zijn voor bereiding in de oven.
Programmagroep Gewichtsbereik in kg Programma
Verse vis in zijn geheel stoven 0,30 - 1,10 Verse visfilet stoven 0,20 - 1,00 Vissticks* 0,20 - 0,90 Inktvisringen, diepvries* 0,20 - 0,50
* Signaal voor het keren na van de bereidingstijd.
Gehakt en eenpansgerecht
Aanwijzing: Voeg 50 bis 100 ml vloeistof aan het gehakt toe.
| Programmagroep | Geschikte levens- | Gewichtsbereik |
|---|---|---|
| Programma | middelen | in kg |
| Gehakt | ||
| van vers rundvlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 |
| van vers varkensvlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 |
| van vers, gemengd vlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 |
| van vers lamsvlees | ca. 8 cm hoog | 0,80 - 1,50 |
| Eenpansgerecht* | ||
| Goulash | 0,30 - 2,00 | |
| Vleesrolletjes | 0,50 - 3,00 | |
| * Gewicht van het vlees instellen |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Braadslede, hoogte 2
Braadslede, hoogte 2
Vorm / toebehoren, inschuifhoogte
gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1 gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Hoge gesloten vorm, rooster, hoogte 1
Pagina 28
Voor u in onze kookstudio getest
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode, temperatuur of welk magnetronvermogen het meest geschikt is voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzingen
- De tabel geldt altijd voor producten die in de onverwarmde en lege binnenruimte worden geplaatst. Alleen voorverwarmen wanneer dit in de tabel wordt aangegeven. Verwijder voor het gebruik alle toebehoren die u niet nodig heeft uit de binnenruimte.
- Leg pas na het voorverwarmen bakpapier op de toebehoren.
- De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de kwaliteit en de aard van de levensmiddelen.
- Maak gebruik van de meegeleverde toebehoren. Bij de klantenservice of in speciaalzaken kunt u toebehoren of extra toebehoren kopen.
- Gebruik altijd pannenlappen wanneer u hete accessoires of serviesgoed uit de binnenruimte neemt.
- Gebruik bij magnetron solo, d.w.z. alleen, zonder verwarmingsmethode, altijd het rooster op hoogte 1.
Ontdooien, verwarmen en garen met de magnetron
In de volgende tabellen vindt u vele mogelijkheden en instelwaarden voor de magnetron.
De aangegeven tijden in de tabellen zijn richtwaarden. Ze zijn afhankelijk van de vorm, de kwaliteit, de temperatuur en de aard van de levensmiddelen.
In de tabellen zijn vaak tijdsbereiken aangegeven. Stel eerst de kortste tijd in en verleng deze zo nodig.
Het kan zijn dat u andere hoeveelheden heeft dan in de tabellen staan aangegeven. Hiervoor bestaat een vuistregel: Dubbele hoeveelheid bijna dubbele tijdsduur.
halve hoeveelheid - halve tijdsduur.
Schuif het rooster in op hoogte 1. Zet de vorm in het midden. Zo kunnen de microgolven de gerechten van alle kanten bereiken.
Ontdooien
Aanwijzingen
- Zet de diepvriesproducten in een open vorm op het rooster.
- Kwetsbare delen, bijv kippenvleugels en -poten of vette randen van braadstukken, kunt u afdekken met kleine stukken aluminiumfolie. De folie mag de wanden van de binnenruimte niet raken. Halverwege het ontdooien kunt u de aluminiumfolie verwijderen.
- De gerechten tussendoor 1 tot 2 maal keren of omroeren. Grote stukken meerdere keren omdraaien. Verwijder tijdens het keren de vloeistof die door het ontdooien is ontstaan.
- Laat het ontdooide gerecht nog 10 tot 60 minuten rusten bij kamertemperatuur, zodat de temperatuur gelijkmatig wordt verdeeld. Bij gevogelte kunt u dan de ingewanden verwijderen.
| Ontdooien | Gewicht | Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten | Aanwijzingen |
|---|---|---|---|
| Vlees, heel, van rund, kalf of varken (met en zonder been) | 800 g 1 kg 1,5 kg | 180 W, 15 min. + 90 W, 10-15 min. 180 W, 15 min. + 90 W, 20-30 min. 180 W, 25 min. + 90 W, 25-35 min. | meerdere malen keren. |
| Vlees in stukken of plakken van rund, kalf of varken | 200 g 500 g 800 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 4-6 min. 180 W, 8 min. + 90 W, 5-10 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 10-15 min. | tijdens het keren de ontdooide delen van elkaar scheiden. |
| Gehakt, gemengd | 200 g 500 g 800 g 1 kg | 90 W, 8-15 min. 180 W, 5 min. + 90 W, 1015 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 15-20 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 20-25 min. | meerdere malen keren, al ontdooid vlees verwijderen |
| Gevogelte of stukken gevogelte | 600 g 1,2 kg | 180 W, 5 min. + 90 W, 13-18 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 10-15 min. | tussendoor keren. |
| Eend | 2 kg | 180 W, 10 min. + 90 W, 30-40 min. | meerdere malen keren. |
| Gans | 4,5 kg | 180 W, 20 min. + 90 W, 60-80 min. | om de 20 minuten keren, ontdooivloeistof verwijderen |
| Visfilet, viskotelet of plakken | 400 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 1015 min. | ontdooide delen van elkaar scheiden. |
| Hele vis | 300 g 600 g | 180 W, 3 min. + 90 W, 10-15 min. 180 W, 8 min. + 90 W, 1015 min. | tussendoor keren. |
| Groente, bijv. erwten | 300 g 600 g | 180 W, 5-15 min. 180 W, 10 min. + 90 W, 8-13 min. | tussendoor voorzichtig roeren. |
| Fruit, bijv. frambozen | 300 g 500 g | 180 W, 5-10 min. 180 W, 8 min. + 90 W, 5-10 min. | tussendoor voorzichtig roeren en ontdooide delen van elkaar scheiden. |
| Boter, ontdooien | 125 g 250 g | 90 W, 79 min. 180 W, 2 min. + 90 W, 3-5 min. | Verpakking volledig verwijderen. |
Pagina 29
Ontdooien
Heel brood
Gebak, droog, bijv. cake
Gebak, vochtig, bijv. vruchtentaart, kwarktaart
Aanwijzingen tussendoor keren.
| Gewicht | Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten |
|---|---|
| 500 g | 180 W, 3 min. + 90 W, 10-15 min. |
| 1 kg 500 g | 180 W, 3 min. + 90 W, 15-25 min. 90 W, 1015 min. |
| 750 g | 180 W, 2 min. + 90 W, 10-15 min. |
| 500 g | 180 W, 5 min. + 90 W, 15-20 min. |
| 750 g | 180 W, 10 min. + 90 W, 15-20 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
alleen voor gebak zonder glazuur, room of crème, stukken van elkaar scheiden alleen voor gebak zonder glazuur, slagroom of crème.
Ontdooien, verhitten of garen van diepvriesgerechten
Aanwijzingen
- Neem de kant-en-klare gerechten uit de verpakking In vormen die geschikt zijn voor de magnetron worden ze sneller en gelijkmatiger opgewarmd. Verschillende bestanddelen van de gerechten kunnen snel of minder snel worden opgewarmd dan andere.
- Platte gerechten zijn sneller klaar dan hoge. Verdeel de gerechten daarom zo plat mogelijk in de vorm. U dient geen levensmiddelen in lagen op elkaar te leggen.
- Dek de gerechten altijd af. Wanneer u geen geschikte deksel voor uw vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- Tussendoor dient u de gerechten 2 tot 3 maal om te roeren of te keren.
- Laat de gerechten nadat ze opgewarmd zijn nog 2 tot 5 minuten rusten, met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling.
- Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
- De eigen smaak van de gerechten blijft in hoge mate behouden. Daarom kunt u spaarzaam omgaan met zout en kruiden.
Ontdooien, verhitten of garen van Gewicht diepvriesgerechten
Menu, schotel, kant-en-klaar gerecht 300-400 g
Magnetronvermogen in watt, tijdsduur in minuten
600 W, 11-15 min.
Aanwijzingen
Gerecht uit de verpakking nemen, voor het verwarmen afdekken
Soep
Eenpansgerechten
Lapjes of stukken vlees in saus, bijv. goulash
Vis, bijv. stukken filet
Bijgerechten, bijv. rijst, pasta
Groente, bijv. erwten, broccoli, wortels
Spinazie à la crème
Gerechten verhitten
gesloten vorm gesloten vorm gesloten vorm afgedekt
| 400-500 g 500 g | 600 W, 8-13 min. 600 W, 10-15 min. |
| 1 kg 500 g | 600 W, 20-25 min. 600 W, 12-17 min. |
| 1 kg 400 g | 600 W, 25-30 min. 600 W, 10-15 min. |
| 800 g 250 g | 600 W, 18-23 min. 600 W, 2-5 min. |
| 500 g 300 g | 600 W, 7-10 min. 600 W, 8-12 min. |
| 600 g 450 g | 600 W, 13-18 min. 600 W, 11-16 min. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 29)
gesloten vorm; vloeistof toevoegen gesloten vorm; 1 el water toevoegen zonder toevoeging van water garen
Attentie!
Kans op verbrandingen!!
Bij het verwarmen van vloeistof kan er kookvertraging ontstaan. Dit houdt in dat de kooktemperatuur wordt bereikt zonder dat er bellen ontstaan. Al bij een kleine trilling van de vorm kan de hete vloeistof plotseling hevig overkoken en opspatten. Wanneer u vloeistof verhit, zet dan altijd een lepel in het voorwerp waarin de vloeistof zich bevindt. Zo voorkomt u kookvertraging.
Metaal - bijv. de lepel in het glas - moet minstens 2 cm van de ovenwanden en de binnenkant van de deur verwijderd zijn. Door vonken kan het glas aan de binnenkant van de deur worden vernietigd.
Aanwijzingen
- Neem kant-en-klare gerechten uit de verpakking. In vormen die geschikt zijn voor de magnetron worden ze sneller en gelijkmatiger opgewarmd. Verschillende bestanddelen van de gerechten kunnen snel of minder snel worden opgewarmd dan andere.
- Dek de gerechten altijd af. Wanneer u geen geschikte deksel voor uw vorm heeft, neemt u een bord of speciaal folie voor de magnetron.
- Tussendoor dient u de gerechten meermaals door te roeren of te keren. Controleer de temperatuur.
- Laat de gerechten nadat ze opgewarmd zijn nog 2 tot 5 minuten rusten, met het oog op een gelijkmatige temperatuurverdeling.
- Gebruik altijd keukenhandschoenen of pannenlappen wanneer u de vorm eruit neemt.
Verder lezen op pagina 3Inhoud