Pelgrim MAG526RVS, tekst van de handleiding
Magnetron · Pelgrim · 11 pagina's in het Nederlands · pdf: 22 pagina's, 0,8 MB
Storingen op pagina 10
Pagina 10
7 Storingen 8 Installatievoorschrift
Wat moet ik doen als...
Als de kookresultaten niet naar wens zijn, er vonken overspringen in de magnetron, de magnetron niet start etc., probeer dan eerst zelf de oorzaak van de storing te vinden voordat u de servicedienst belt.
Controleer:
- Zit de stekker in het stopcontact?
- Is de deur goed gesloten?
- Is het vermogen en de bereidingsduur goed ingesteld?
- Staan er voorwerpen in de magnetron die er niet thuishoren?
- Is het juiste keukengerei gebruikt?
- Zijn de geleidering en het draaiplateau in de magnetron?
- Zijn de ventilatie-openingen niet geblokkeerd?
- Is het voedsel voldoende ontdooid?
- Is het voedsel tijdens de bereiding gekeerd of geroerd?
8.1 Technische gegevens
Op het gegevensplaatje aan de binnenzijde van het toestel worden de totale aansluitwaarde, de vereiste spanning en de frequentie aangegeven.
8.2 Productspecificaties
| Afmetingen toestel (bxdxh) | 595 x 340 x 384 (incl. frame) |
| Magnetron inhoud | 20 liter |
| Diameter draaiplateau | 245 mm |
| Netvoeding | 230 V / 50 Hz |
| Aansluitwaarde | 1250 W |
| Magnetronvermogen | 800 W |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 10)
8.3 Elektrische aansluiting
Voor dit toestel is een netvoeding vereist van 230V, 50 Hz wisselstroom. Het toestel heeft een netsnoer voorzien van aardeverbinding.
Let op! Voor veilig gebruik is het noodzakelijk dat het toestel correct geaard is. Sluit het toestel nooit aan op gelijkstroomvoeding. Verkeerd gebruik kan elektrische schokken tot gevolg hebben.
8.4 Plaatsing
- Levensgevaar! De ommanteling van de magnetron nooit verwijderen. Het aanraken van interne onderdelen van dit toestel kan aanzienlijke verwonding en zelfs de dood tot gevolg hebben.
- Plaats de magnetron op een stevige en vlakke ondergrond.
- Zorg voor voldoende ventilatie rondom de magnetron. Houd aan de achterzijde en zijkanten minimaal 10 cm ruimte vrij.
- Dek de ventilatie-openingen niet af.
- Verwijder de stelvoetjes nooit.
- Plaats de magnetron niet in de buurt van warmtebronnen.
- Zend- en ontvangstapparatuur zoals radio’s en televisietoestellen kunnen de werking van de magnetron beïnvloeden.
Pagina 11
8 Installatievoorschrift 8 Installatievoorschrift
min.
8.5 Inbouwmaten
- 40-50
8.6 Inbouwen
- 1. Plaats het inbouwraam A om de magnetron en zet het vast met de vier bijgeleverde schroeven.
- 2. Schuif de magnetron voorzichtig een eindje in de kast. Draai aan stelschroef B totdat er nog 1 mm ruimte over is tussen de schroef en de bovenkant van de inbouwruimte.
Schuif de magnetron nu helemaal in de kast en zorg ervoor dat de magnetron in het midden staat. Met de vier stelvoetjes aan de onderkant van de magnetron kunt u de magnetron eventueel nog in hoogte verstellen.
- 3. Open de deur en schroef (met bijgeleverde schroef) de magnetron vast.
- 4. Plaats tot slot het afdekdopje over de schroef.
B
A
Pagina 12
9 Bijlagen Table of contents
Verpakking en toestel afvoeren
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFK-vrij polystyreen (PS-hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
1 Your microwave oven
1.1 Appliance description 1.2 Introduction
2 Safety instructions
What you should pay attention to...
3 Use
3.1 Before use 3.2 Do’s and don’ts
4 Working
How the microwave oven works
5 Operation
5.1 Cooking 5.2 Defrosting 5.3 Cooking tips
6 Maintenance
Keeping your appliance neat
7 Faults
What to do if...
8 Installation
8.1 Technical information 8.2 Technical specifi cations 8.3 Electrical connection 8.4 Placement 8.5 Installation dimensions 8.6 Building in
9 Appendix
Disposal of packaging and appliance
Pagina 1: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 2
MAG526 Inhoud
NL
Handleiding
GB
Manual
Gebruikte pictogrammen - Used icons
Belangrijk om te weten - Important information
Tip
1 Uw magnetron
1.1 Toestelbeschrijving 1.2 Inleiding
2 Veiligheidsvoorschriften
Waar u op moet letten
3 Vóór gebruik
3.1 Vóór het eerste gebruik 3.2 Wat wel, wat niet
4 Werking
Hoe werkt de magnetron
5 Bediening
5.1 Koken 5.2 Ontdooien 5.3 Kooktips
6 Onderhoud
Houd uw toestel mooi
7 Storingen
Wat moet ik doen als...
8 Installatievoorschrift
8.1 Technische gegevens 8.2 Productspecificaties 8.3 Elektrische aansluiting 8.4 Plaatsing 8.5 Inbouwmaten 8.6 Inbouwen
9 Bijlagen
Verpakking en toestel afvoeren
Pagina 3
1 Uw magnetron 1 Uw magnetron
1.1 Toestelbeschrijving
- 1. Deurvergrendeling
- 2. Deur
- 3. Ruit
- 4. Glazen draaiplateau
- 5. Geleidering
- 6. Aandrijving
- 7. Bedieningspaneel
- 8. Vermogensinstelknop
- 9. Timer/gewicht-instelknop
- 10. Deurontgrendeling
De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau. Het draaiplateau moet met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden geplaatst worden.
1.2 Inleiding
Koken in uw nieuwe magnetron is veilig en comfortabel. U zet binnen een handomdraai de lekkerste gerechten op tafel. Het toestel is uiterst simpel te bedienen, mede dankzij de automatische kook- en ontdooiprogramma’s.
In deze handleiding vindt u informatie over de installatie, veiligheid, bediening en het onderhoud van uw magnetron.
Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging.
De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst. Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Veel kookplezier!
5
4
Pagina 4
2 Veiligheidsvoorschriften
Waar u op moet letten
Houd rekening met onderstaande veiligheidsvoorschriften om brand, elektrische schokken, verwonding van personen en blootstelling aan microgolven te voorkomen.
Houd het toestel schoon, dit verlengt de levensduur van uw magnetron en voorkomt gevaarlijke situaties.
Deze magnetron is ontworpen voor huishoudelijk gebruik en is niet bedoeld voor professioneel gebruik of gebruik in de horeca. Gebruik dit toestel uitsluitend voor het bereiden van etenswaren. Wanneer het apparaat oneigenlijk gebruikt wordt, kan er bij defecten geen aanspraak op schadevergoeding worden gemaakt en vervalt het recht op garantie.
- Voorzorgsmaatregelen om blootstellig aan hoogspanning te voorkomen: º Levensgevaar! De ommanteling van de magnetron nooit verwijderen. Het aanraken van interne onderdelen van dit toestel kan aanzienlijke verwonding en zelfs de dood tot gevolg hebben. º Levensgevaar! In geen geval reparaties zelf uitvoeren. Reparaties aan elektrische apparaten mogen uitsluitend door geauthoriseerde servicemedewerkers uitgevoerd worden. Het toestel nooit gebruiken met onderdelen die niet door de fabrikant zijn aanbevolen of geleverd.
- Voorzorgsmaatregelen om blootstelling aan microgolven te voorkomen:
- Let op! Schakel de magnetron nooit in met de deur open.
- Let op! Plaats geen enkel voorwerp tussen de deur van de magnetron.
- Let op! Gebruik de magnetron niet als er beschadigingen zijn aan de deur (verbogen), de deurvergrendeling, de afdichting of het hang- en sluitwerk.
- Let op! Houd deur en afdichting schoon.
- Waarschuwing! Verhitting van vloeistoffen in de magnetron kan resulteren in kookpuntvertraging. Dit houdt in dat de vloeistof pas na verwijdering uit de magnetron heftig kan gaan koken met het risico dat u zich brandt. Het effect van kookpuntvertraging kunt u opheffen door een kunststof of glazen lepeltje in de vloeistof te zetten alvorens de vloeistof op te warmen in de magnetron.
| 2 | Veiligheidsvoorschriften | |
| • • | Waarschuwing! Sluit het apparaat alleen aan op wisselstroom, op een stopcontact, met een netspanning overeenkomstig met de informatie op het typeplaatje van het apparaat. Waarschuwing! Maak het toestel spanningsloos voordat met reparatie | geaard aangegeven of |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 4)
schoonmaken wordt gestart. Trek de stekker uit het stopcontact of draai de schakelaar in de meterkast op nul.
- Waarschuwing! Gebruik het toestel niet wanneer de stekker, het snoer of het toestel beschadigd is of wanneer het toestel niet (meer) naar behoren functioneert.
- Waarschuwing! Kinderen herkennen de gevaren niet die kunnen ontstaan bij het bedienen van elektrische apparatuur. Laat de magnetron daarom niet door kinderen bedienen en plaats het toestel buiten bereik van kinderen.
- Waarschuwing! Let op met babyvoeding:
º Let op! Schud of roer de inhoud van babyflesjes of potjes babyvoeding na verwarming.
º Let op! Controleer de temperatuur van de voeding zorgvuldig vóór consumptie om brandwonden te voorkomen.
- Waarschuwing! Vloeistoffen of etenswaren in luchtdichte verpakking mag u alleen opwarmen indien u gaatjes in de verpakking prikt. Dit in verband met explosiegevaar.
- Waarschuwing! Let op met vocht. Gebruik het toestel daarom niet in de buitenlucht, in vochtige ruimten of in de buurt van een waterkraan. Raak het toestel niet aan met natte handen.
- Waarschuwing! Bestek en serviesgoed kan heet zijn na gebruik van de magnetron.
- Voorzichtig! Gebruik uitsluitend bestek en serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron (let op serviesgoed met goud- of zilverkleurige randjes). º Let op! Verwijder metalen sluitstrips van plastic zakken alvorens deze in de magnetron te plaatsen.
- Voorzichtig! Schakel de magnetron niet in als deze leeg is. De magnetron kan zijn energie niet kwijt en kan beschadigd raken.
- Voorzichtig! Laat het toestel niet zonder toezicht achter wanneer deze in werking is.
- Voorzichtig! Houd het snoer uit de buurt van warme oppervlakken.
- Voorzichtig! Ventilatieopeningen nooit afdekken.
Pagina 5
| 2 | Veiligheidsvoorschriften | |
| • | Let op! Het toestel is niet bedoeld voor gebruik door kleine kinderen, hulpbehoevenden en/of personen met gebrek aan kennis en ervaring, goede begeleiding krijgen of geïnstrueerd zijn in het veilig gebruiken door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid. | tenzij zij van het toestel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
- Let op! Gebruik de magnetron alleen voor het ontdooien en bereiden van voedsel en niet voor bijvoorbeeld het drogen van kleding of papier. Deze kunnen vlam vatten.
- Let op! In geval van rook of vuur in de magnetron:
º Schakel de magnetron uit.
º Houd de magnetrondeur gesloten.
º Haal de stekker uit het stopcontact.
- Let op! Gebruik geen chemicaliën in dit toestel.
- Let op! Gebruik de ovenruimte niet voor opslagdoeleinden.
- Let op! Installeer de magnetron volgens het installatievoorschrift.
- Let op! Trek niet aan het snoer of het toestel om de stekker uit het stopcontact te halen.
- Let op!! Vermijd het aanraken van warme oppervlakken wanneer het toestel ingeschakeld is.
- Let op! Indien het apparaat na het inschakelen niet functioneert, dan is mogelijk de zekering of de aardlekschakelaar in de meterkast uitgeschakeld. De betreffende groep kan te zwaar zijn belast of het geïnstalleerde toestel is defect.
- Let op! Als u besluit het toestel, vanwege een defect, niet langer te gebruiken, adviseren wij u, nadat u de stekker uit het stopcontact heeft verwijderd, het snoer af te knippen. Breng het toestel naar de betreffende afvalverwerkingsafdeling van uw gemeente.
| 3 Vóór gebruik | |
| 3.1 Vóór het eerste gebruik • Open de deur, verwijder al het verpakkingsmateriaal en controleer de beschadigingen. Installeer de magnetron niet als deze beschadigd is, | magnetron op maar neem |
| contact op met uw leverancier. | |
| • Verwijder de beschermfolie van de ommanteling. • Reinig de ovenruimte en het toebehoren met een vochtige doek. Gebruik geen schuurmiddel of sterk geurende schoonmaakmiddelen. • Plaats de geleidering in het midden van de ovenruimte. Leg het draaiplateau op de geleidering met de uitsparing voor de aandrijving naar beneden. De magnetron mag niet gebruikt worden zonder geleidering en draaiplateau. • Test de magnetron op juiste werking. Plaats een glas water in de ovenruimte. Schakel de magnetron één minuut in op de hoogste stand (stel 800 Watt in met de vermogensinstelknop en stel 1 minuut bereidingstijd in met de timer/ gewichtinstelknop). Het water moet na afloop heet zijn. 3.2 Wat wel, wat niet |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 5)
Als de magnetron ingeschakeld is, mag de deur geopend worden; de magnetron schakelt automatisch uit en de ingestelde tijd wordt stilgezet.
De magnetron is niet geschikt voor:
- het inmaken van etenswaren;
- het verhitten van frituurolie;
- het koken van eieren in de schaal in verband met explosiegevaar (ook nadat de magnetron uitgeschakeld is).
Pagina 6
3 Vóór gebruik 4 Werking
Niet alle materialen mogen in de magnetron. In de tabel hieronder wordt aangegeven welke materialen u wel en niet mag gebruiken.
- Voorzichtig! Gebruik uitsluitend bestek en serviesgoed dat geschikt is voor gebruik in de magnetron (let op serviesgoed met goud- of zilverkleurige randjes). º Let op! Verwijder metalen sluitstrips van plastic zakken alvorens deze in de magnetron te plaatsen.
| Materiaal | Toegestaan |
|---|---|
| Papier | Ja |
| Aluminiumfolie | Ja |
| Huishoudfolie | Ja |
| Aluminium bakjes | Nee |
| Diepvries/magnetron servies | Ja |
| Hittebestendig plastic | Ja |
| Ongeglazuurd aardewerk | Nee |
| Geglazuurd aardewerk | Ja |
| Metalen kookgerei | Nee |
| Normaal glas | Ja |
| Pyrex, ander ovenvast glas en keramiek | Ja |
| Serviesgoed met metaalhoudende sierrand | Nee |
| Metalen sluitstrip | Nee |
| Kwikthermometer | Nee |
| Afgesloten pot | Nee |
| Fles met nauwe hals | Nee |
| Braadzakken | Ja |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 6)
Hoe werkt de magnetron
Een magnetron is een kooktoestel dat door middel van microgolven voedsel verhit. Microgolven zijn elektromagnetische golven, net zoals radio- en tv-golven. Een radio zet deze golven om in geluid. In een magnetron worden de golven omgezet in warmte.
De warmte ontstaat doordat de microgolven water- en vetmoleculen, die altijd in voedsel aanwezig zijn, snel laten bewegen. Hierdoor schuren de moleculen snel langs elkaar en ontstaat er wrijving. Deze wrijving veroorzaakt warmte (wrijf maar eens snel met uw handen langs elkaar).
De magnetron verhit voedsel zeer intensief, omdat de golven direct het voedsel binnendringen. De golven warmen dus niet alleen de buitenkant van het gerecht op -zoals bij de traditionele manier van koken het geval is-, maar dringen door tot de kern. Ten opzichte van de conventionele manier van koken is de bereidingstijd bij kleine hoeveelheden voedsel veel korter.
Magnetronvermogens
Deze magnetron heeft vijf vermogensstanden, het maximale vermogen is 800 W. In de onderstaande tabel zijn de vermogensstanden weergegeven:
| Vermogen | Watt | Gerecht |
|---|---|---|
| Hoog | 800 | - Water koken, opwarmen - Koken van kip, vis en groenten |
| Midden hoog | 620 | - Opwarmen - Koken van paddestoelen en schaaldieren - Koken van gerechten die ei en kaas bevatten |
| Midden | 440 | - Koken van rijst en soep |
| Midden laag | 260 | - Ontdooien - Chocola en boter smelten |
| Laag | 140 | - Ontdooien van kwetsbare gerechten - Ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten - Consumptie-ijs zacht maken - Laten rijzen van deeg |
Pagina 7
5 Bediening
5.1 Koken
- Waarschuwing! Verhitting van vloeistoffen in de magnetron kan resulteren in kookpuntvertraging. Dit houdt in dat de vloeistof pas na verwijdering uit de magnetron heftig kan gaan koken met het risico dat u zich brandt. Het effect van kookpuntvertraging kunt u opheffen door een kunststof of glazen lepeltje in de vloeistof te zetten alvorens de vloeistof op te warmen in de magnetron.
- Waarschuwing! Let op met babyvoeding:
º Let op! Schud of roer de inhoud van babyflesjes of potjes babyvoeding na verwarming.
º Let op! Controleer de temperatuur van de voeding zorgvuldig vóór consumptie om brandwonden te voorkomen.
- Waarschuwing! Bestek en serviesgoed kan heet zijn na gebruik van de magnetron.
- 1. Open de deur. Plaats het gerecht op het draaiplateau.
Sluit de deur.
- 2. Stel het gewenste vermogen in met de vermogensinstelknop. Afhankelijk van het soort gerecht kiest u een hoger of lager vermogen (zie hiervoor de tabel met magnetronvermogens).
- 3. Stel de gewenste bereidingstijd in met de timer/ gewichtinstelknop.
De magnetron schakelt in. Aan het eind van de bereidingstijd hoort u een geluidssignaal en dooft de ovenlamp. De magnetron schakelt uit.
Let op: Het toestel schakelt in zodra u de timer/gewichtsinstelknop van de 0-positie draait.
Tips
- Draai de timer/gewichtinstelknop eerst iets voorbij de gewenste bereidingstijd en vervolgens terug naar de juiste bereidingsduur om deze nauwkeurig in te stellen.
- Controleer het gerecht tijdens de bereidingstijd. Druk op de ontgrendelingsknop om de deur te openen. De magnetron schakelt uit. De gemaakte instellingen en de resterende bereidingstijd blijven bewaard. Als u de deur sluit schakelt de magnetron weer in.
| 5 Bediening | |
| Opmerking Zie pagina 13 t/m 16 voor kooktips en informatie over gerechten. | |
| 5.2 Ontdooien | |
| In de magnetron kunt u gerechten snel en veilig ontdooien. Ten opzichte van koken kost ontdooien in de magnetron wel meer tijd. Controleer het gerecht tijdens het ontdooiproces. Draai het minimaal één keer om en verwijder (indien mogelijk) reeds ontdooid voedsel. 1. Stel de vermogensinstelknop in op defrost. 2. Stel de timer/gewichtinstelknop in op het juiste gewicht. Aan het eind van de ontdooitijd hoort u een geluidssignaal en dooft de ovenlamp. Let op: Het toestel schakelt in zodra u de timer/gewichtsinstelknop draait. | van de 0-positie |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 7)
5.3 Kooktips
5.3.1 Opwarmen en koken
- De magnetron verwarmt altijd met dezelfde intensiteit. Hoe meer u in de magnetron plaatst, des te langer de kooktijd.
- Vlakke en platte gerechten zijn sneller warm dan smalle, hoge gerechten.
- Gerechten afdekken met magnetronfolie of een passende deksel voorkomt spetteren, verkort de gaartijd en helpt de vochtigheidsgraad te behouden. Na afloop de folie of het deksel voorzichtig verwijderen.
º Let op! De vrijkomende stoom kan zeer heet zijn!
- Gerechten die snel uitdrogen eventueel bevochtigen. Zet aardappels en groenten eerst even in koud water voordat u ze in de magnetron plaatst. Hiermee voorkomt u dat er zich een velletje op vormt.
- Voor een gelijkmatig resultaat kunt u het beste gerechten één- tot tweemaal roeren of keren.
Pagina 8
| 5 | Bediening | |
| • • | Kies voor het opwarmen van reeds bereide gerechten altijd de hoogste magnetronstand. Bij het koken hoeft u maar weinig water, zout en kruiden te gebruiken. het beste na afloop toevoegen. Hiermee voorkomt u dat het vocht aan | Zout kunt u het gerecht |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
wordt onttrokken.
- Nadat de magnetron is uitgeschakeld gaart het gerecht nog enige tijd na. Houd hier rekening mee door het gerecht niet te lang op te warmen.
- Let op! Plaats, bij het opwarmen van kleine hoeveelheden poedervormige producten (zoals bij het drogen van kruiden), altijd een bekertje water in de magnetron. Anders bestaat er, door de geringe hoeveelheid, kans op zelfontbranding.
5.3.2 Ontdooien
- Ontdooi grote compacte stukken altijd met behulp van het ontdooiprogramma. Doordat het gerecht geleidelijk en gelijkmatig ontdooit, loopt u niet de kans dat de buitenkant uitdroogt terwijl de kern nog bevroren is.
- Om het ontdooiproces sneller te laten verlopen, wordt aanbevolen om het gerecht na enige tijd in stukken te verdelen.
- Las, bij grote stukken vlees en compacte gerechten, tweemaal een pauze in.
- Bij het ontdooien van onregelmatig gevormde gerechten kunt u dunne delen na de helft van de ontdooitijd afdekken of omwikkelen met aluminiumfolie.
5.3.3 Factoren die van invloed zijn op het kookproces
- De temperatuur van ingrediënten is van invloed op de bereidingstijd. Een koude maaltijd heeft een langere kooktijd nodig dan een maaltijd op kamertemperatuur.
- Lichte, poreuze gerechten garen sneller dan zware en massieve gerechten, zoals stoofgerechten of rollades. Let op bij het bereiden van lichte, poreuze gerechten. De randen worden snel droog en taai.
- Kleine gerechten worden gelijkmatiger verwarmd als u ze los van elkaar, liefst cirkelvormig, in de magnetron plaatst.
- Botten en vet geleiden hitte beter dan vlees. Aluminiumfolie blokkeert de magnetrongolven. Door dunnere gedeelten van gerechten (zoals kippenpoten en -vleugeltjes) af te dekken voorkomt u dat ze te snel garen.
- Magnetrongolven dringen tot ongeveer 3 cm in het gerecht door. De kern van dikke gerechten wordt verhit doordat de warmte zich van het verwarmde deel (de buitenkant) naar binnen verspreidt.
| 5 | Bediening | |
| • • | Vlees en gevogelte dat langer dan een minuut of 15 in de magnetron bruint lichtjes. Gerechten die korter bereid worden kunt u van te voren een ‘bruinende’ saus, zoals Worcestershire saus, sojaolie of barbecue Vetvrij papier voorkomt spetteren en helpt warmte vast te houden. | gekookt wordt, insmeren met saus. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
5.3.4 Basistechnieken
Plaatsen
Plaats dikkere stukken aan de buitenkant op het draaiplateau. Gerechten die aan de buitenkant op het draaiplateau geplaatst worden ontvangen de meeste microgolven.
Roeren
Door gerechten regelmatig te roeren verspreidt u de opgeslagen warmte. Roer altijd van buiten naar binnen, aangezien de buitenkant van het gerecht altijd het eerste warm wordt.
Omdraaien
Grote, dikke gerechten regelmatig omdraaien. Ze garen dan regelmatiger en sneller.
Prikken
Gerechten met een vel of schaal, zoals eierdooiers, schaaldieren en fruit, barsten open in de magnetron. Voorkom dit door er van te voren enkele keren met een vork of satéprikker in te prikken.
Controleren
Gerechten garen snel. Controleer ze daarom regelmatig. Haal gerechten net voordat ze gaar zijn uit de magnetron.
Nagaren
Laat gerechten, nadat u ze uit de magnetron hebt gehaald, over het algemeen 3 tot 10 minuten afgedekt staan. De gerechten garen dan na. Gerechten met een droge korst, zoals cake, niet afdekken.
Invriezen
Bij het invriezen kunt u al rekening houden met het ontdooien in de magnetron, door geen aluminiumfolie of -bakjes te gebruiken en door plattere porties in te vriezen.
Pagina 9
| 5 Bediening | |
| 5.3.5 Koken van groente | |
| • Gebruik indien mogelijk verse groenten. Als groenten al wat slap zijn doordat ze te lang gelegen hebben kunt u ze een tijdje in koud water ze zich weer vol kunnen zuigen. | geworden leggen, zodat |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 9)
- Gebruik voor het koken van groente een ruime schaal, zodat de schaalbodem bedekt wordt met een niet al te dikke laag.
- Kook groente bij voorkeur met aanhangend water.
- Dek de schaal altijd af met een deksel of magnetronfolie.
- Voeg geen zout toe. De van nature in de groente aanwezige zouten geven meestal voldoende smaak. Indien u toch zout toe wilt voegen, doe dat dan na het koken.
- Kook groente zo kort mogelijk. Houd rekening met het nagaren.
- Controleer met een satéprikker of vork of de groente gaar is.
5.3.6 Koken van vis
Vis moet geleidelijk gaar worden. Schakel daarom bij dunne vissen, vette vissen of kleine porties het vermogen in op 260 Watt. In andere gevallen kunt u het vermogen gerust iets hoger instellen. Houd wel rekening met nagaren. Vis is gaar als het vlees ondoorschijnend is geworden.
6 Onderhoud
Houd uw toestel mooi
- Reinig de binnen- en buitenzijde regelmatig; gebruik een sopje van afwasmiddel en maak de oven met een droge doek goed droog. Zorg dat de afdekking van de microgolfverdeler (rechterzijde van de ovenruimte) schoon is. Vervuiling van de afdekking kan leiden tot vonkvorming.
- Reinig de binnenzijde direct na gebruik. Verwijder overgekookt vocht en voedselresten met een vochtige doek. Achtergebleven kruimels en vocht absorberen microgolven en verlengen de kooktijd.
- Reinig het toebehoren regelmatig; gebruik een sopje van afwasmiddel met een borstel en maak het toebehoren met een droge doek goed droog. Het toebehoren mag ook in de vaatwasmachine.
- Geurtjes verdwijnen als u een glas azijn of water met citroen in de ovenruimte zet. Schakel de magnetron gedurende twee minuten in op vol vermogen. Daarna afnemen met een vochtige doek.
Pagina 10: zie Storingen hierboven.
Pagina 11: zie hierboven.
Pagina 12: zie hierboven.