naslaan.comZoekenAlle merken

ATAG FG1011N, tekst van de handleiding

Kookplaat · ATAG · 6 pagina's in het Nederlands · pdf: 32 pagina's, 2,0 MB

Handleiding openen (pdf) Bron: service.atag.nl

Deze handleiding geldt ook voor: FG1011L, FG1093K, FG1093L.

Pagina's 1–23: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 24

NL

INSTALLATIE

De installatie moet worden uitgevoerd door een deskundige, die zich aan de geldende normen dient te houden.

Vóór de installatie controleren of de karakteristieken van het lokale gas-distributienet (aard en druk van het gas) overeenstemmen met de afstelling van het apparaat.

De afstellingsvoorwaarden van het apparaat staan op het etiket op de omslag beschreven.

Dit apparaat is niet aangesloten op een afvoerinrichting voor verbrandingsprodukten. Deze zal moeten worden geïnstalleerd en aangesloten overeenkomstig de geldende installatievoorschriften.

Dit apparaat mag uitsluitend in permanent geventileerde ruimtes en overeenkomstig de nationaal geldende normen worden geïnstalleerd en functioneren.

VENTILATIE VAN DE RUIMTE

Voor een juiste verbranding van het gas en een goede ventilatie dienen de ruimtes waarin gasapparaten worden geïnstalleerd goed te worden gelucht.

Vooral de toevoer van de lucht, noodzakelijk voor de verbranding mag nooit minder dan 2 m³/h per elke kW nominaal geïnstalleerde capaciteit bedragen.

PLAATSING

Het fornuis ontdoen van alle verpakkingsaccessoires, met inbegrip van de folies die verchroomde of inox gedeelten bedekken. Het fornuis op een droge, makkelijk toegankelijke en tochtvrije plek plaatsen. De noodzakelijke afstand van warmtegevoelige wanden (hout, linoleum, papier enz.) in acht nemen.

De wanden van de nevenliggende meubels moeten zich op een afstand van minmaal circa 2 cm van het fornuis bevinden, mogen niet hoger zijn dan het werkblad en moeten bestendig zijn tegen een temperatuur van 80° C.

AANSLUITING OP DE GASTOEVOER

Alvorens over te gaan tot aansluiting op het gasnet controleren of de afstelling van het fornuis overeenkomt met het type gas waar hij mee zal worden gevoed. Als dit niet het geval mocht zijn moet het fornuis worden aangepast zoals beschreven in de paragraaf "Aanpassing aan de verschillende gassen". De aansluiting op het gasnet wordt aan de rechterkant uitgevoerd. Als de slang achter de keuken langs moet lopen, moet deze langs de onderkant van het fornuis lopen omdat hier de temperatuur ongeveer 50°C zal bedragen.

- Niet flexibele aansluiting (zie fig. 3-A-B):

De aansluiting op het gas kan met een metalen pijp (A) worden uitgevoerd. Hiertoe de slangaansluiting (indien al gemonteerd) verwijderen en het niet flexibele verloopstuk op het met schroefdraad uitgevoerde verloopstuk van het inlaatstuk draaien; het voor de niet-flexibele verbinding te gebruiken verloopstuk bevindt zich, indien niet reeds op het inlaatstuk gemonteerd, bij de andere accessoires van het fornuis.

- Aansluiting met rubberen slang op slanghouder (zie fig. 3-C en D):

Deze aansluiting wordt uitgevoerd met een rubberen slang waarop het conformiteitsmerk met de geldende normen staat afgedrukt. Deze slang moet op de aangegeven datum worden vervangen en dient aan beide uiteinden met behulp van genormaliseerde slangklemmen bevestigd en over de volledige lengte voor inspectie toegankelijk te zijn.

- Aansluiting met een flexibele metalen slang (A):

Deze aansluiting wordt uitgevoerd met een slang overeenkomstig de geldende nationale normen, die, met plaatsing van de speciale sluitende pakking op het verloopstuk wordt geschroefd.

- Na installatie de goede afsluiting van de verbindingen controleren.

- Bij gebruik van het apparaat met vloeibaar gas (Butaan/Propaan), moet u controleren of de gasdruk overeenstemt met hetgeen aangegeven op het typeplaatje met de functiegegevens).

Instalatie

BELANGRIJK: - Uitsluitend genormaliseerde rubberen slangen gebruiken. Voor gebruik bij LPG een slang en drukregelaar overeenkomstig de geldende nationale normen gebruiken - Knikken in de slang voorkomen en een gepaste afstand ten opzichte van de warme wanden in acht nemen.

- Verwijzingen naar de installatie-voorwaarden voor de aansluiting van het apparaat op het gas:

België: ISO 7-1

AANSLUITING OP HET ELEKTRICITEITSNET

Alvorens tot de aansluiting over te gaan, controleren of: - de netspanning overeenstemt met hetgeen aangegeven op

het typeplaatje met de functiegegevens.

- de aardaansluiting goed werkf.

Als het stopcontact niet eenvoudig toegankelijk is dient de installateur een onderbrekingsschakelaar met contact-openingen van minimaal 3 mm. te installeren.

Als het apparaat met een kabel zonder stekker is uitgevoerd, moet de te gebruiken stekker genormaliseerd zijn en dient er rekening mee te worden gehouden dat:

- de geel-groene draad voor de aardaansluiting moet worden gebruikt; - de blauwe draad een neutrale leider is; - de bruine draad voor de fase is; - de kabel niet met wanden warmer dan 75°C in aanraking mag komen; - bij vervanging, de kabel van het H05RR-F of H05V2V2-F type dient te zijn, met een geschikte doorsnede (zie schema’s fig.

BELANGRIJK: de fabrikant onthoudt zich van enige verantwoordelijkheid voor schade veroorzaakt door het niet naleven van de voorschriften en geldende normen. Het wordt aanbevolen de correcte aansluiting van de aardverbinding van het apparaat te controleren (zie schema’s fig. 2).

FORNUIZEN UITGERUST MET ELEKTRISCHE ONTSTEKING

De juiste afstanden tussen de elektrode en de brander zijn vermeld in de figuren 4,5.

Als er geen vonking plaatsvindt is het beter niet te vaak te proberen: de generator zou beschadigd kunnen raken. Mogelijke oorzaken van het afwijkend- of niet goed functioneren kunnen zijn:

- natte, aangekoekte of kapotte ontstekingsstift; - verkeerde afstand tussen brander en elektrode; - draad naar de ontstekingsstift kapot of zonder isolatie;- - vonk ontlaadt naar de massa (in andere gedeelten van het fornuis); - de generator of de microschakelaar kapot; - luchtophoping in de leidingen (vooral na lange periodes van stilstand); - verkeerd gas-luchtmengsel (slechte carburatie).

DE BEVEILIGINGSINRICHTING

De juiste afstand tussen het uiteinde van het gevoelige element van het warmtekoppel en de brander is aangegeven in de figuren 4,5.

Om de efficiëntie van de klep te controleren als volgt te werk gaan:

- de brander aansteken en gedurende 3 min. laten branden; - de brander doven door de knop in de sluitingsstand te plaatsen ( ); - na 90 seconden de wijzer van de knop op de stand "open" plaatsen.

- de knop in deze stand laten en een brandende lucifer bij de brander houden: DEZE MOET NIET GAAN BRANDEN.

24

Pagina 25: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.

Pagina 26

NL

onder de bodem van de pan uit te komen. Wij raden aan: - voor een hulpbrander = pot of pan van minstens 8 cm. en met gebruikmaking van het bijgesloten reduktierooster.

- voor de halfsnelle brander = pot of pan van tenminste 14 cm. - voor de snelbrander en die met dubbele vlamkroon = pot of pan van tenminste 22 cm.

- controleer of u de vlamverdeler op correcte wijze op de brander heeft geplaatst: de twee pijltjes moeten overeenstemmen.

NOTA: de knop nooit in een stand halverwege het symbool voor de maximale vlam en de gesloten stand ( ) plaatsen.

HET GEBRUIK VAN DE ELEKTRISCHE GRILL

- het grill element; - de levensmiddelen op het rooster plaatsen; - alles zo hoog mogelijk in de oven plaatsen; - de druippan hier onmiddellijk onder plaatsen; - de deur voorzichtig sluiten ; - na enkele minuten het voedsel omdraaien om de andere kant aan de infrarode stralen bloot te stellen.

De grill moet uitsluitend op zijn nominale caloriecapaciteit te worden gebruikt.

LET OP: de bereikbare onderdelen kunnen heet zijn tijdens het gebruik van de grill! Kinderen uit de buurt houden.

De weerstand van de grill, die bovenin de oven is geplaatst, wordt in werking gesteld door de knop van de thermostaat of van de functiekeuzes rechtsom te draaien tot het grillsymbool op het bedieningspaneel.

Het oplichten van het rode controlelampje zal op de inwerkingstelling van de weerstand wijzen.

Ter oriëntatie kan de volgende tabel worden gebruikt, waarbij dient te worden opgemerkt dat er variaties mogelijk zijn afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van de te koken gerechten en ieders persoonlijke voorkeur.

Te grilleren levensmiddelenNiveauTijdsduur in minuten
1e zijde2e zijde
Dikke vleessoorten27 - 85 - 6
Hamburger28 - 107 - 9
Worstjes28 - 108 - 10
Flinke vis27 - 96 - 8
Geroosterd brood25 - 7-

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

ELEKTRISCHE MULTIFUNCTIEOVEN

Dankzij de verschillende, door een enkele knop bediende en door een thermostaat gecontroleerde warmte-elementen, biedt deze oven verscheidene kookmogelijk-heden, gebaseerd op drie fundamentele warmtebron principes:

Vanuit stand 0 (uit) krijgen we bij het rechtsom draaien van de keuzeknop achtereenvolgens de volgende standen:

- symbool : ontsteking ovenverlichting en rode controlelampje, werking van de ventilator.

- symbool : conventionele kookwijze "statische" oven, de oventemperatuur wordt geregeld met behulp van de thermostaatknop.

- symbool : koken met geventileerde oven, op één of twee niveaus, de oventemperatuur wordt geregeld met behulp van de thermostaatknop.

- symbool : koken met geventileerde oven, op één of twee

niveaus, de oventemperatuur wordt geregeld met behulp van

Voor de gebruiker

de thermostaatknop.

- symbool : ontsteking van de grill , de thermostaatknop moet in de stand van de maximumtemperatuur staan.

- symbool : ontsteking van de grill , de thermostaatknop moet in de stand van de maximumtemperatuur staan. Het draaispit is ingeschakeld.

- symbool

: koken met geventileerde oven en ontsteking

van de grill , de oventemperatuur wordt geregeld met behulp van de thermostaatknop. Het draaispit is ingeschakeld. In alle standen, met uitzondering van de 0 stand, zal het rode controlelampje en de ovenverlichting branden.

NOTA - Het gele controlelampje zal gaan branden afhankelijk van de werking van de thermostaat.

Alvorens de te koken levensmiddelen in de oven te plaatsen, moet de oven gedurende ten minste 10 minuten worden voorverwarmd.

- Het rooster van de oven dient om de normale ovenschotels, voor gebak of gebraden gerechten op te zetten, of om rechtstreeks vlees op te grilleren.

- De druippan dient uitsluitend voor het opvangen van sappen afkomstig van de gerechten, en mag nooit als kookpan te worden gebruikt.

- Als met de geventileerde oven wordt gekookt is het mogelijk tegelijkertijd twee roosters te gebruiken. Er moet evenwel rekening worden gehouden met de mogelijkheid dat de kooktijden kunnen variëren als de gerechten onderling, voor wat betreft de aard en hoeveelheid, verschillen.

Stand thermostaatknopTemperatuur in °C
70 100 120 150 180 210 230 25077 97 124 153 182 207 232 25375 95 121 150 175 204 227 244

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 26)

BAKTIPS VOOR DESSERTS.

De keuken is uitgerust met een geglazuurde bakplaat voor desserts, met dezelfde vorm als de lekbak, maar met een ondiepere gleuf in het midden, wat het beste resultaat levert voor desserts.

Desserts moeten worden gebakken bij een gemiddelde temperatuur (150 tot 200 °C), in een oven die ongeveer tien minuten is voorverwarmd.

Open de klep pas als ten minste _ van de baktijd is verstreken.

Geklopte mengsels moeten stijf zijn en aan de lepel blijven kleven; een te vochtig mengsel heeft als nadeel dat de baktijd langer wordt

Ter oriëntatie kan de volgende tabel worden gebruikt, waarbij dient te worden opgemerkt dat er variaties mogelijk zijn afhankelijk van de kwaliteit en de hoeveelheid van de te koken gerechten en ieders persoonlijke voorkeur.

26

Pagina 27

NL Voor de gebruiker

Gebaktabel

Soort gebakNiveauTemperatuur °CDuur kooktijd in minuten
Statische werkingGeventileerde werk.Statische werkingGeventileerde werking
Cake22160 - 180150 - 17050 - 65
Vruchtentaart22160 - 180150 - 17045 - 55
Biscuit22170 - 190150 - 17015 - 20
Taartbodem22170 - 190160 - 17020 - 25
Appeltaart22170 - 190150 - 17050 - 65
Ricotta-taart22180 - 200150 - 17065 - 75
Biscuit taart22170 - 190160 - 18030 - 40
Gerezen taarten22170 - 190160 - 18035 - 45
Gerezen biscuits22170 - 190150 - 17025 - 35
Pizza22200 - 210180 - 20025 - 40
Beignets22190 - 210 *180 - 20035 - 45
Bitterkoekjes22120 - 140 *100 - 120 *40 - 60

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

Vleestabel

Soort vleesNiveauTemperatuur °CDuur kooktijd in minuten
Statische werkingGeventileerde werk.Statische werkingGeventileerde werking
Varkensgebraad (1 kg)22190 - 210165 - 18090 - 120
Varkensfilet ( 1 kg)22180 - 200165 - 18070 - 80
Grote gehaktbal (1 kg)22190 - 210170 - 19055 - 70
Rundergebraad (1 kg)22190 - 210170 - 190100 - 120
Rosbief ( 1 kg)22200 - 220 *180 - 190 *35 - 45
Kalfsgebraad ( 1 kg)22190 - 210165 - 180100 - 120
Gans (3,5 - 5 kg)22180 - 200165 - 180150 - 180
Kip ( 1 kg)22180 - 200165 - 18055 - 70
Kalkoen (3,5 - 5 kg)22180 - 200165 - 180180 - 220
Vis ( 1,5 kg)22190 - 210165 - 18045 - 70

Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 27)

HET GEBRUIK VAN HET DRAAISPIT

- rijg het te braden vlees op de spies en zet het in het midden vast met behulp van de twee grote vorkklemmen; - steek de punt van de spies in de aangedreven naaf op het frame (zie afb. 6); - schroef de handgreep van het braadspit; - plaats het draagframe van de spies op de middelste richel van de oven en plaats de aandrijfas in de naaf van het elektromotortje (zie afb. 7); - plaats de druippan op de onderste richel van de oven en vergeet niet er een beetje water in te doen; - schakel het grillelement in; - de deur voorzichtig sluiten ; - bevochtig zo nu en dan het vlees. Verwijder, als het koken is voltooid, het frame van de naaf van het motortje en draai de handgreep weer vast op de spies.

OVENS MET THERMOSTAAT

Als tijdens het koken een afwijkend gedrag van de temperatuur wordt waargenomen, dient een technicus te worden

gewaarschuwd om de thermostaat te laten controleren.

PROGRAMMEREN VAN HET EINDE VAN DE KOOKTIJD MET EEN ENKELE KNOP (ZONDER KLOK) (fig. 8)

Maakt het mogelijk de duur van de kooktijd in te stellen. Werking:

- De knop op de gewenste kooktijd instellen (max. 120 min.). - De temperatuur met behulp van de thermostaatknop instellen en de keuzeschakelaar op de gekozen kookmethode instellen. - Als de keuzeknop van de programmering op het symbool 0 staat is de kooktijd beëindigd. De kooktijd wordt automatisch onderbroken.

- De thermostaatknop op het symbool terugzetten.

- De keuzeknop op het symbool 0 terugzetten.

N.B.: Als de programmering niet wordt gebruikt, zal de oven uitsluitend functioneren indien de keuzeknop van de programmering in de handbediende stand staat.

27

Pagina 28

NL

GEBRUIK VAN DE ELEKTRONISCHE PROGRAMMERING (fig. 9)

Maakt het mogelijk de begintijd en de duur van de kooktijd in de oven te programmeren. Als het te koken gerecht voorts niet continu hoeft te worden gecontroleerd, kan dit ook in afwezigheid van de gebruiker gebeuren. Tijdens de installatie of na een stroomonderbreking, zal de display knipperen; dit betekent dat de juiste tijd moet worden ingesteld, omdat anders de programmering niet juist zal zijn.

INSTELLING VAN DE TIJD - Door tegelijkertijd op de 2 toetsen (DUUR KOOKTIJD, EINDE KOOKTIJD) en op de toets "+" of "-" te drukken kan de tijd worden ingesteld. Met deze operatie zullen eventuele voorheen ingestelde programma’s worden verwijderd en zal het symbool AUTO knipperen.

NOTA: als het symbool AUTO knippert is het niet mogelijk de oven handbediend te gebruiken.

TOETSEN "+" EN "-" - Door op de toetsen "+" of "-" te drukken zal de tijd vooruit of achteruit gaan, met een snelheid, overeenkomstig de duur van de druk die op de toets wordt uitgeoefend.

HANDBEDIEND FUNCTIONEREN

- De toets indrukken: het AUTO symbool zal uitgaan (als hij knipperde of continu brandde), het symbool zal gaan branden, en het is dus mogelijk de oven in werking te stellen door de thermostaatknop en de keuzeknop te draaien volgens de instructies van de handleiding.

AUTOMATISCH FUNCTIONERING MET INSTELLING KOOKTIJD EN EINDE KOOKTIJD - Bijvoorbeeld: het is 9.25; we willen dat de oven om 11.00 aangaat en dat het koken om 12.00 stopt (kooktijd 1 uur). - Op de toets DUUR KOOKTIJD drukken en binnen 5 seconden op de toets "+" drukken, tot 01.00 wordt afgebeeld, eventueel de afgebeelde tijd met de toets "-" aanpassen. De symbolen AUTO en zullen permanent branden.

- Op de toets EINDE KOOKTIJD drukken en binnen 5 seconden op de toets "+" drukken tot de display "12.00" aangeeft. Het symbool zal uitgaan, terwijl AUTO zal blijven branden. - De thermostaatknop van de oven op de gewenste temperatuur instellen, en de keuzeknop voor de kookmethode op de gewenste kookwijze; het rode controlelampje zal oplichten, de ovenverlichting zal gaan branden en de programmering is voor het gebruik ingesteld: om 11.00 zal de oven automatisch aangaan en zal het symbool gaan branden.

- Op het eind van de kooktijd (12.00 uur) zal het AUTO symbool gaan knipperen en zal doven terwijl een geluidssignaal het einde van de kooktijd kenbaar maakt: om dit signaal te doen stoppen kan een willekeurige toets worden ingedrukt. - Vervolgens de thermostaatknop van de oven en de keuzeknop op "uit" stand.

SEMIAUTOMATISCH FUNCTIONEREN MET INSTELLING DUUR KOOKTIJD - Bijvoorbeeld: het is 11.35; we willen dat de oven vanaf dit ogenblik gedurende 25 minuten functioneert.

- Op de toets DUUR KOOKTIJD drukken en binnen 5 seconden op de toets "+" drukken, tot 00.25 wordt afgebeeld, eventueel de afgebeelde tijd met de toets "-" aanpassen. De symbolen AUTO en zullen ijd met de toets "-" aanpassen. De symbolen AUTO en zullen permanent branden.

- De thermostaatknop van de oven op de gewenste temperatuur instellen, en de keuzeknop voor de kookmethode op de gewenste kookwijze; het rode controlelampje zal oplichten, de ovenverlichting zal gaan branden en de oven zal in werking treden.

- Na verloop van 25 minuten zullen de oven en het symbool uitgaan, het AUTO symbool zal gaan knipperen en het geluidssignaal zal het eind van de kooktijd kenbaar maken: om dit signaal te stoppen kan een willekeurige knop worden

Voor de gebruiker

ingedrukt.

- Vervolgens de thermostaatknop van de oven en de keuzeknop op de "uit" stand zetten.

KEUKENWEKKER - Op de toets KEUKENWEKKER drukken en de gewenste tijd instellen met behulp van de toets "+" of "-".

- Tijdens de werking van de keukenwekker zal het KLOK symbool branden.

- Bij het aflopen van de kooktijd zal het geluidssignaal gaan werken en zal het KLOK symbool uitgaan.

GELUIDSSIGNAAL - Het geluidssignaal zal aan het eind van de programmering in werking treden en duurt 7 minuten.

- Om dit signaal te onderbreken kan een willekeurige toets worden ingedrukt.

- Het is mogelijk de frequentie van het geluidssignaal te veranderen door, zonder eerst een functie te selecteren, op de toets "-" te drukken. Er kunnen tot maximaal 3 verschillende signalen worden gekozen. Zolang de toets "-" ingedrukt blijft zal het geselecteerde signaal blijven klinken.

AANVANG PROGRAMMA EN CONTROLE - Het programma zal ongeveer 4 seconden na beëindiging van de instelling beginnen.

- Het is mogelijk een programma op elk gewenst moment te controleren door op de overeenkomstige toets te drukken. FOUTEN TIJDENS DE PROGRAMMERING - Bijvoorbeeld: om 12.15 wordt een DUUR KOOKTIJD van 30 minuten ingesteld terwijl de tijd voor het EINDE KOOKTIJD op 12.30 wordt geprogrammeerd.

- De fout in de programmering kan worden hersteld door de duur of de tijd van beëindiging te veranderen, of door op de toets HANDBEDIEND te drukken en vervolgens de programmering op de juiste wijze te herhalen.

ANNULERING VAN EEN PROGRAMMA - Een programma kan worden verwijderd door op de toets DUUR KOOKTIJD en vervolgens op de toets "-" te drukken tot op de display de tijd 0.00 wordt afgebeeld.

BELANGRIJK:

OP HET EIND VAN ELKE GEPROGRAMMEERD KOOKPROGRAMMA WORDT AANBEVOLEN OP DE TOETS TE DRUKKEN, ANDERS ZAL DE OVEN NIET HANDBEDIEND FUNCTIONEREN.

ALGEMENE AANBEVELINGEN EN OPMERKINGEN

- De elektrische aansluiting moet altijd worden verbroken alvorens werkzaamheden binnen de oven uit te voeren of op plaatsen waar de mogelijkheid bestaat met gedeelten onder spanning in aanraking te komen.

- De bordenopwarmruimte niet gebruiken om brandbare vloeistoffen of niet-hitte bestendige voorwerpen zoals hout, papier, spuitbussen, lucifers, enz. in op te bergen.

- Regelmatig de rubberen toevoerslang controleren en erop toezien dat zij niet te dicht langs hete wanden loopt, geen knikken heeft of ingeklemd is, en verder in goede staat verkeert. Op uiterlijk de aangegeven datum moet de slang worden vervangen en moeten de twee uiteinden met behulp van genormaliseerde slangeklemmen worden bevestigd. - Mochten de kraantjes na verloop van tijd stroever gaan draaien, dan dient men zich tot de Servicedienst te wenden.

- De geëmailleerde of verchroomde delen moeten met lauw zeepsop of met niet schurende schoonmaakmiddelen worden schoongemaakt. De bovenste branders en de vlamverdelers kunnen daarentegen ook met een metalen borsteltje worden ontkoekt. Goed afdrogen.

- Geen schuurmiddelen gebruiken voor het schoonmaken van geëmailleerde of verchroomde delen.

- De kookplaat moet tijdens het schoonmaken niet overstromen. Erop toezien dat er geen water of ander materiaal in de

28

Pagina 29

Voor de gebruiker

NL

openingen van de branderhouders komt, daar dit gevaar op zou kunnen opleveren.

- De ontstekingsstiften voor de elektrische ontsteking moeten na elk gebruik schoon worden gemaakt en afgedroogd; vooral als er is gemorst of overgekookt.

- Niet tegen de geëmailleerde delen en ontstekingsstiften (indien aanwezig) stoten.

- Als het fornuis niet wordt gebruikt, wordt het aanbevolen de hoofdkraan (of de kraan aan de muur) van het gas te sluiten.

- U MAG HET HANDVAT VAN DE OVENDEUR NOOIT GEBRUIKEN OM HET FORNUIS MEE OP TE TILLEN

- Een eventuele overmatige verhitting van de buitenwanden van de oven zal de beveiligingsinrichting in werking doen treden. Deze de elektrische voeding zal onderbreken. Het herstel van de voeding gebeurt automatisch zodra de buitentemperatuur van de oven weer binnen de vastgestelde limieten zal zijn teruggekeerd. Er wordt echter op gewezen dat een eventuele regelmatige interventie van de beveiliging door een abnormale gebruikssituatie (bijv. een defect aan de thermostaat die de temperatuur binnen de oven regelt) veroorzaakt wordt. In zo’n geval dient de hulp van de technicus te worden ingeroepen. - Als de oven en grill voor de eerste keer worden aangestoken is het mogelijk dat een typische brandlucht wordt waargenomen en kan er rook uit de ovenmond zelf komen. Dit is het gevolg van de oppervlakte-behandeling. Het wordt aanbevolen de oven eerst leeg te laten functioneren, alvorens er gerechten in te bereiden. - Sommige modellen zijn uitgerust met een koelmotor.

De fabrikant kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade aan personen of zaken als gevolg van een slechte installatie of een niet juist gebruik van het fornuis.

Bij afwijkingen, en vooral als er gaslekken of stroomdispersies worden geconstateerd, dient onmiddellijk een technicus te worden geraadpleegd.

Pagina 30

Figures / Figures/ Abbildungen/Afbeeldingen

A = Auxiliaire/Auxiliary/Hilfsbrenner/ Sudderbrander SR = Semi-rapide/Semi-rapid/Normaal br./Normalbrenner R = Rapide/ Rapid//Schnellbrenner/Sterkbrander C = Triple flamme/ Ultra-rapid/ Kranzbrenner/ Wokbrander

3 SCHEMA DES BRANCHEMENTS CONNECTION DIAGRAM ANSCHLUSSPLAN AANSLUITSCHEMA

230 V BIPHASE / TWO-PHASE / ZWEIFASIG/ TWEEFASIG / Section câble Wire gaugel Leiterquerschnitt

1 2 Doorsneede kabel

> 3,5 kW 3x2,5 mm² 2,2 - 3,5 kW 3x1,5 mm² 0 - 2,2 kW 3x1 mm²

Inhoud

Meer handleidingen: ATAG kookplaat