ATAG IG9571MBB, tekst van de handleiding
Kookplaat · ATAG · 33 pagina's in het Nederlands · pdf: 74 pagina's, 4,0 MB
Storingen op pagina 34
Pagina 34
STORINGEN GAS
Storingstabel
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw gaskookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website ‘www.atagservice.nl’.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Het ruikt naar gas bij het toestel. | De aansluiting van het toestel lekt. | Sluit de gashoofdkraan. Neem contact op met uw installateur. |
| Een brander ontsteekt niet. | Elektrische aansluiting niet juist. | Neem contact op met uw installateur. |
| Zekering defect/zekering in meterkast uitgeschakeld. | Monteer een nieuwe zekering of schakel de zekering weer in. | |
| 1 2 | Bougie (1) vervuild/vochtig. | Reinig/droog de bougie. |
| Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. | |
| Branderdelen vervuild/ vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Hoofdgaskraan gesloten. | Open de hoofdgaskraan. | |
| Storing aan het gasnet. | Informeer bij uw gas-leverancier. | |
| Gasfles of -tank is leeg. | Sluit een nieuwe gasfles aan of laat de tank vullen. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. | |
| De brander brandt niet egaal. | Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. |
| Branderdelen vervuild/ vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. |
Pagina 35
STORINGEN GAS
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Brander dooft na het ontsteken. | U heeft de bedieningsknop niet lang en/of diep genoeg (minimaal 3 seconden) ingedrukt gehouden. | Houd de bedieningsknop minimaal 3 sec. volledig ingedrukt tussen de vol- en de kleinstand. Bij eerste gebruik kan dit langer duren i.v.m. aanvoer van gas. |
| Thermokoppel (2) is vervuild. | Reinig/droog het thermokoppel | |
| Keramische glasplaat gebroken. | Voorwerp op gevallen. | Sluit de gashoofdkraan en neem de stekker uit het stopcontact. Neem contact op met uw installateur. Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. |
Pagina 36
TECHNISCHE GEGEVENS
Vermogens- en inbouwtabel
Dit toestel voldoet aan alle relevante CE richtlijnen.
| Kookplaattype | IG9571MB |
|---|---|
| Inductie | x |
| Aansluiting | 230V - 50Hz |
| Max. vermogen kookzones | |
| Linksvoor | 3,7 kW (180x220) |
| Linksachter | 3,7 kW (180x220) |
| Rechtsachter | 3,7 kW (180x220) |
| Rechtsvoor | 3,7 kW (180x220) |
| Aansluitwaarde | |
| L1 | 3,7 kW |
| L2 | 3,7 kW |
| L3 | max. 5 W |
| Totale aansluitwaarde | 7400 W |
| (Inbouw)maten | |
| Toestel breedte x diepte | 904 x 522 mm |
| Inbouwhoogte vanaf bovenkant werkblad | 54 mm |
| Zaagmaat breedte x diepte | 860 x 490 mm |
| Minimale afstand zaagmaat tot achterwand | 40 mm |
| Minimale afstand zaagmaat tot zijwand | 40 mm |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 36)
Gastechnische gegevens
| G25 (IG9571MBAE) 25 mbar | G20 (IG9571MBBE) 20 mbar | |
| Brandertype | (kW) | (kW) |
| Wok | 6,0 | 6,0 |
Pagina 37
MILIEUASPECTEN
Afvoeren toestel en verpakking
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
Conformiteitsverklaring
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese Richtlijnen, Besluiten en Verordeningen en de eisen die zijn vermeld in de normen waar naar wordt verwezen.
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUDSOPGAVE
Uw gas-inductiekookplaat Inleiding Bedieningspaneel Beschrijving
Veiligheid
Gebruik inductie
Bediening inductie
Temperatuurbeveiliging Kookduurbegrenzing
Werking van de aanraaktoetsen Inductiekoken
Werking inductie
Inductiegeluiden
Pannen
Inschakelen en vermogen instellen Restwarmte-indicatie
Boost
Twee achter elkaar liggende kookzones Bridgen van de Vario inductiezones Uitschakelen
Stand-by modus
Eco stand-by modus
Kinderslot
Pauze
Herkennen van een modus
Timer / Kookwekker
Geluidssignaal in- en uitschakelen Automatische pandetectie
Automatische kookprogramma’s Gezond koken
Kookstanden
Onderhoud inductie Reinigen
Storingen inductie
Algemeen Storingstabel
Bediening gas
Onderhoud gas
Storingen gas
Ontsteken en instellen Gebruik
Reinigen
Storingstabel
Technische gegevens
Vermogens- en inbouwtabel Gastechnische gegevens
Milieuaspecten
Afvoeren toestel en verpakking
Pagina 4
UW GAS-INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
Deze combinatie kookplaat is ontworpen voor de echte kookliefhebber. De kookplaat bestaat uit een wokbrander op gas en vier inductiekookzones.
Koken op inductie heeft een aantal voordelen. Het is comfortabel, omdat de kookplaat snel reageert en ook op een zeer laag vermogen is in te stellen. Dankzij het hoge vermogen gaat het aan de kook brengen zeer snel. De ruime afstanden tussen de kookzones maken het koken ook comfortabel.
Koken op het inductie kookgedeelte verschilt met koken op een traditioneel toestel. Inductiekoken maakt gebruik van een magnetisch veld om warmte op te wekken. Dit betekent dat u niet zomaar een willekeurige pan kunt gebruiken. Het hoofdstuk pannen geeft u hierover meer informatie.
Met de wokbrander (gas) die een zeer hoog vermogen heeft, kunt u nog beter wokgerechten bereiden. Dankzij de in de knop geïntegreerde vonkontsteking ontsteekt èn bedient u de wokbrander met één hand.
Voor optimale veiligheid is de wokbrander voorzien van een thermo-elektrische vlambeveiliging. Het inductiegedeelte van de kookplaat is uitgerust met meerdere temperatuurbeveiligingen en een restwarmtesignalering die aangeeft welke kookzones nog heet zijn.
In deze handleiding staat beschreven op welke manier u de inductiekookplaat zo optimaal mogelijk kunt benutten. Naast informatie over de bediening treft u ook achtergrondinformatie aan die van dienst kan zijn bij het gebruik van dit product. Tevens zijn kooktabellen en onderhoudstips opgenomen.
Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging.
Pagina 5
UW GAS-INDUCTIEKOOKPLAAT
De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst.
Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Veel kookplezier!
Let op
Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken!
Pagina's 6–7: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 8
VEILIGHEID
Lees voor gebruik eerst de separate veiligheidsinstructies!
Temperatuurbeveiliging
- Elke inductiezone is voorzien van een sensor. Deze sensor controleert ononderbroken de temperatuur van de bodem van de kookpan en van de onderdelen van de kookplaat om elk risico op oververhitting, bij bijvoorbeeld een drooggekookte pan, te vermijden. Bij een te hoge temperatuur wordt het vermogen van de kookzone/ kookplaat automatisch verlaagd of schakelt de kookzone/kookplaat helemaal uit.
Kookduurbegrenzing
•
•
Als een kookzone gedurende een ongebruikelijk lange tijd aan is, wordt deze automatisch uitgeschakeld.
Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | De kookzone wordt automatisch uitgeschakeld na: |
|---|---|
| 1 en 2 | 9 uur |
| 3, 4 en 5 | 5 uur |
| 6, 7 en 8 | 4 uur |
| 9 | 3 uur |
| 10 | 2 uur |
| 11 en 12 | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Als bovengenoemde tijd verstreken is schakelt de kookzone automatisch uit.
| Kookstand | De kookzone wordt automatisch naar stand 12 geschakeld na: |
|---|---|
| boost | 10 minuten |
Pagina 9
GEBRUIK INDUCTIE
Werking van de aanraaktoetsen
Het bedienen van de kookplaat door middel van de aanraaktoetsen is even wennen als u andere bediening gewend bent. Leg uw vingertoppen plat op de toetsen voor het beste effect. U hoeft niet hard te drukken.
De aanraaksensoren zijn zodanig ingesteld dat deze alleen reageren op de druk en het formaat van vingertoppen. De kookplaat is niet te bedienen met andere voorwerpen en zal bijvoorbeeld niet inschakelen als uw huisdier over de kookplaat loopt.
Inductiekoken
Geen warmteverlies en de handgrepen blijven koud bij inductiekoken.
Inductiekoken is snel
- In het begin zult u verrast zijn door de snelheid van het toestel. Vooral het op een hogere stand aan de kook brengen gaat zeer snel. Om overkoken of droogkoken te voorkomen, kunt u er het beste altijd bij blijven.
Het vermogen past zich aan
- Bij inductiekoken wordt alleen dat deel van de zone benut waar de pan op staat. Gebruikt u een kleine pan op een grote zone, dan zal het vermogen zich aanpassen aan de diameter van de pan. Het vermogen zal dus kleiner zijn en het zal langer duren voordat het gerecht in de pan aan de kook is.
Let op
- Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op het kookvlak en til pannen altijd op als u ze verplaatst.
- Gebruik de kookplaat niet als werkvlak.
- Kook altijd met het deksel op de pan om energieverlies te voorkomen.
Pagina 10
GEBRUIK INDUCTIE
Werking inductie
De spoel (1) in de kookplaat
- (2) wekt een magnetisch veld (3) op. Door een pan met een ijzeren bodem (4) op de spoel te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom.
Inductiegeluiden
In het toestel wordt een magnetisch veld opgewekt.
Door een pan met een ijzeren bodem op een kookzone te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom. Deze inductiestroom wekt warmte op in de panbodem.
Comfortabel
De elektronische regeling is nauwkeurig en eenvoudig in te stellen. Op de laagste stand kunt u bijvoorbeeld chocolade direct in de pan smelten of ingrediënten bereiden die u gewoonlijk au bain marie verwarmt.
Snel
Door het hoge vermogen van de inductiekookplaat gaat het aan de kook brengen erg snel. Het doorkoken kost evenveel tijd als koken op een andere kookplaat.
Schoon
De kookplaat is eenvoudig te reinigen. Doordat de kookzones niet heter worden dan de pan zelf, kunnen voedselresten niet inbranden.
Veilig
De warmte wordt opgewekt in de pan zelf. De glasplaat wordt niet warmer dan de pan. Hierdoor blijft de kookzone een stuk koeler dan die van bijvoorbeeld een keramische kookplaat of een gasbrander. Na het wegnemen van een pan is de kookzone snel afgekoeld.
Tikkend geluid
Een licht tikkend geluid wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden.
Pan maakt geluid
De pannen kunnen geluid maken tijdens het koken. Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de pan. Met name bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Het is niet schadelijk voor de pan of de kookplaat.
Pagina 11
GEBRUIK INDUCTIE
Pannen
Ventilator maakt geluid
Om de levensduur van de elektronica te vergroten, is het apparaat voorzien van een ventilator. Als u het apparaat intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld en hoort u een zoemend geluid. Ook nadat u het apparaat heeft uitgeschakeld, kan de ventilator nog geluid maken.
Automatische inschakelfunctie
Wanneer de automatisch inschakel functie (APD) actief is, is een tikkend geluid waarneembaar ook als de zone niet in gebruik is.
Pannen voor inductiekoken
Inductiekoken stelt eisen aan de kwaliteit van de pannen.
- Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.
- Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch- en inductiekoken met:
▷ een dikke bodem van minimaal 2,25 mm; ▷ een vlakke bodem.
- Het beste zijn pannen met het “Class Induction” keurmerk.
Tip
Met een magneet kunt u zelf controleren of uw pannen geschikt zijn. Wanneer de magneet wordt aangetrokken, is de pan geschikt.
| Geschikt | Ongeschikt |
|---|---|
| Speciale roestvrijstalen pannen | Aardewerk |
| Class Induction | Roestvrijstaal |
| Solide geëmailleerde pannen | Porselein |
| Geëmailleerde gietijzeren pannen | Koper |
| Kunststof | |
| Aluminium |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Voor de automatische kookprogramma’s wordt geadviseerd om de pannen te gebruiken die door ATAG worden aanbevolen (zie www.atagservice.nl).
Pagina 12
GEBRUIK INDUCTIE
Let op
Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen:
- op een hoge stand kan het emaille er afspringen wanneer de pan te droog is;
- door het hoge vermogen kan de panbodem gemakkelijk kromtrekken.
Let op
Gebruik nooit pannen met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de oververhittingsbeveiliging belemmeren. Het toestel kan dan te warm worden waardoor de glasplaat kan barsten en de panbodem kan smelten. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pandiameter
De maximale pan diameter is 18cm. De minimale diameter van de panbodem bedraagt 12 cm. Bij te kleine pannen schakelt de kookzone niet in.
Snelkookpannen
Inductiekoken is zeer geschikt voor het koken in snelkookpannen. De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk komt. Zodra u een kookzone uitschakelt, stopt het kookproces direct.
Pagina 13
BEDIENING INDUCTIE
Inschakelen en vermogen instellen
Het vermogen is in te stellen in 12 standen. Daarnaast is er nog een ‘boost’ stand.
- 1. Plaats een pan op het midden van een kookzone.
- 2. Druk op de sleuteltoets.
Er klinkt een enkel geluidssignaal.
- 3. Druk op de aan-/uittoets van de gewenste kookzone.
In de display verschijnt een knipperende ‘-’ en er klinkt een enkel geluidssignaal. Wanneer u geen verdere actie onderneemt, schakelt de kookzone na 10 seconden vanzelf uit.
- 4. Stel met de + of - toets, of de << of >> toets de gewenste stand in. De kookplaat start automatisch in de ingestelde stand (als er een pan gedetecteerd wordt).
▷ Drukt u de eerste keer op de + of - toets, dan verschijnt stand 6. ▷ Drukt u de eerste keer op de >> toets dan verschijnt stand 12 + ‘boost’. Dit is de ‘boost’ stand en deze kunt u gebruiken om een korte tijd op heel hoog vermogen te koken (zie pagina 14). ▷ Drukt u de eerste keer op de << toets dan verschijnt stand 1.
Tips
- Met de + of - toets kunt u de stand stapsgewijs ophogen of verlagen. Drukt u op de << of de >> toets, dan kunt u de stand versneld ophogen of verlagen.
- U kunt de << , - , + of >> toets ingedrukt houden om sneller het gewenste vermogen in te stellen.
Pandetectie
Indien de kookplaat na het instellen van een kookvermogen geen (ijzerhoudende) pan detecteert, zal het display blijven knipperen en de kookzone blijft koud. Indien er binnen 1 minuut geen (ijzerhoudende) pan geplaatst wordt, schakelt de kookzone automatisch uit.
Restwarmte-indicatie
Na gebruik van een kookzone kan de gebruikte zone nog een tijd heet blijven. Zolang de kookzone heet is, blijft er een ‘H’ in de display staan.
Pagina 14
BEDIENING INDUCTIE
Boost
De ‘boost’ functie kunt u gebruiken om gedurende een korte tijd (maximaal 10 minuten) op het hoogste vermogen te koken. Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 12.
Boost inschakelen
- 1. Zet een pan op een kookzone en schakel de kookzone in.
- 2. Druk direct na inschakeling een keer op de >> toets. In de display verschijnt stand 12 en ‘boost’.
- Staat een zone al ingesteld op een bepaalde stand en wilt u deze op de ‘boost’ stand zetten, dan kunt u dit doen door meerdere keren op de >> toets of de + toets te drukken.
De boost functie uitschakelen
De boost functie is ingeschakeld, in de display is stand 12 en ‘boost’ zichtbaar.
- 1. Druk op de << of - toets.
In de display verschijnt een lagere stand.
Of:
- 2. Druk op de aan-/uittoets van de kookzone die u wilt uitschakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal en de display dooft. De kookzone is nu helemaal uit.
Twee achter elkaar liggende kookzones
- Twee kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. De eerst ingestelde kookzone houdt te allen tijde de ingestelde stand. De stand die maximaal ingesteld kan worden voor de voor- of achterliggende kookzone die later wordt bijgeschakeld, hangt dus af van de stand van de eerste kookzone. Wanneer u de maximale combinatie van kookstanden heeft bereikt, gaat de laatst ingestelde stand knipperen en wordt automatisch verlaagd naar de hoogst mogelijke stand.
- Twee naast elkaar liggende kookzones beïnvloeden elkaar niet. U kunt beide kookzones op een hoge stand instellen.
- Indien de vario zones gebridged zijn kunnen deze niet op boost gezet worden en kunnen de menufuncties niet gebruikt worden.
Pagina 15
BEDIENING INDUCTIE
Bridgen van de Vario inductiezones
De Vario inductiezones kunnen aan elkaar gebridged (gekoppeld)worden. Hierdoor ontstaat 1 grote zone die gebruikt kan worden voor bijv. een grote vispan.
- Indien de vario zones gebridged zijn kunnen deze niet op boost gezet worden en kunnen de menufuncties niet gebruikt worden. Gebruik een (vis)pan die ten minste een van de vario zones in het midden bedekt.
Bridge functie inschakelen
- 1. Zet de grote pan op beide kookzones zodat deze beide goed bedekt zijn.
- 2. Schakel de voorste kookzone in.
- 3. Houd (gedurende een aantal seconden) twee toetsen gelijktijdig ingedrukt: druk eerst de << toets van de achterste vario zone in en druk meteen daarna de >> toets van de voorste vario zone erbij in. ‘BR’ verschijnt in de display van de achterste zone. Daarna kunt u met de voorste zone bediening voor beide zones een kookstand instellen.
- 4. Stel met de + of - toets, of de << of >> toets van de voorste zone de gewenste stand in. Beide zones worden verhit in de ingestelde stand.
Bridge functie uitschakelen
- 1. Druk gelijktijdig op de >> toets van de voorste vario zone en de << toets van de achterste vario zone om de stand ‘bridge’ uit te schakelen.
Of:
- 2. Druk op de aan-/uittoets van de kookzone die u wilt uitschakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal en de display dooft. De kookzone is nu helemaal uit.
Pagina 16
BEDIENING INDUCTIE
Uitschakelen
Eén kookzone uitschakelen
Druk op de aan-/uittoets van de kookzone die u wilt uitschakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal en de display dooft.
- Indien alle kookzones op deze manier uitgeschakeld zijn staat de kookplaat automatisch in stand-by modus (zie ook ‘stand-by modus’).
Alle kookzones tegelijk uitschakelen
Druk kort op de sleuteltoets om alle kookzones gelijktijdig uit te schakelen.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. Naast de sleuteltoets blijft een rood lampje langzaam aan en uit gaan.
- De kookplaat staat nu in de eco stand-by modus (zie ook ‘eco stand-by modus’).
In stand-by modus is de kookplaat uitgeschakeld. U kunt naar de stand-by modus schakelen vanuit eco stand-by modus, of door alle afzonderlijke kookzones uit te schakelen.
Vanuit de stand-by modus kunt u direct beginnen met koken door op de aan-/uittoets van de gewenste kookzone te drukken.
De kookplaat vanuit eco stand-by modus naar stand-by modus schakelen
Het rode lampje naast de sleuteltoets blijft langzaam aan en uit gaan.
- Druk kort op de sleuteltoets om naar stand-by modus te schakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal. Alle lampjes op de kookplaat zijn uit.
Stand-by modus
Eco stand-by modus
In eco stand-by modus is de kookplaat uitgeschakeld en verbruikt de kookplaat het minste energie.
De kookplaat kan naar eco stand-by modus geschakeld worden vanuit de stand-by modus en wanneer er nog kookzones actief zijn.
Wist u dat
De kookplaat in eco stand-by modus minder dan 0,5 W verbruikt. Dit is nog minder dan in de stand-by modus van de kookplaat.
Pagina 17
BEDIENING INDUCTIE
Kinderslot
De kookplaat naar eco stand-by modus schakelen
- Druk kort op de sleuteltoets.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. De eco stand-by modus is actief, het rode lampje naast de sleuteltoets blijft langzaam aan en uit gaan.
Vanuit de eco stand-by modus kunt u niet meteen beginnen met koken. Hiervoor moet de kookplaat eerst naar stand-by modus geschakeld worden.
Wist u dat
Na 30 minuten in de stand-by modus schakelt de kookplaat automatisch naar eco stand-by modus om onnodig energieverbruik te voorkomen.
U kunt de kookplaat met het kinderslot vergrendelen. Onbedoeld inschakelen van de kookzones wordt hiermee voorkomen.
De kookplaat naar kinderslot schakelen
- 1. Druk gedurende 2 seconden op de sleuteltoets.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal. Alle toesten zijn nu inactief behalve de sleuteltoets. De kookplaat schakelt eerst naar eco standby modus en dan door naar de kinderslot modus. Het rode lampje brandt constant.
- 2. Druk nogmaals 2 seconden op de sleuteltoets om de kookplaat van het kinderslot te halen.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. De kookplaat is nu in stand-by modus. Het rode lampje naast de sleuteltoets is uit.
Tip
Zet de kookplaat in de kinderslot modus voordat u de kookplaat gaat reinigen om te voorkomen dat deze per ongeluk inschakelt.
Wist u dat
Wanneer de kookplaat op het kinderslot staat, deze net zo weinig energie verbruikt als in de eco stand-by modus.
Pagina 18
BEDIENING INDUCTIE
Pauze
Met de pauze functie kunt u de gehele kookplaat tijdens het koken gedurende 5 minuten ‘op pauze’ zetten. U kunt de kookplaat zo gedurende een korte tijd, op een veilige manier alleen laten of schoonmaken, zonder instellingen te verliezen.
De kookplaat naar pauze modus schakelen
- Druk éénmaal op de pauzetoets.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal, de kookzones gaan uit en het rode lampje naast de pauzetoets knippert.
▷ Eventueel ingestelde timers/kookwekkers staan stil.
▷ Alle kookzones worden automatisch uitgeschakeld.
▷ Alle toetsen zijn inactief behalve de sleuteltoets en de pauzetoets. Ook de aan-/uittoetsen van de afzonderlijke kookzones blijven actief, echter deze reageren met een vertraging van twee seconden zodat u het bedieningspaneel kunt schoonmaken.
- Indien u binnen 5 minuten nogmaals op de pauzetoets drukt, zullen de gepauzeerde kookprocessen hervatten.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal, de kookplaat hervat de instellingen zoals deze voor de pauze ingesteld zijn.
- Indien u binnen 5 minuten geen verdere actie onderneemt: Worden alle actieve kookzones automatisch uitgeschakeld. Daarna blijft de pauzetoets nog 25 minuten knipperen om aan te geven dat de kookprocessen door de pauze modus zijn beëindigd. Na 25 minuten schakelt de kookplaat automatisch van pauze modus naar eco stand-by modus.
Herkennen van een modus
| De stand-by modus | Er brandt geen enkel lampje. |
| De eco stand-by modus | Het rode lampje naast de sleuteltoets blijft langzaam aan en uit gaan. |
| De kinderslot modus | Het rode lampje naast de sleuteltoets brandt constant. |
| De pauze modus | Het rode lampje naast de pauzetoets knippert. |
Pagina 19
| BEDIENING INDUCTIE | |||
| Timer / Kookwekker De timer-/kookwekkertoets van elke kookzone heeft twee functies: | |||
| De timerfunctie | De kookwekkerfunctie | ||
| Deze functie is te herkennen aan het rode pijltje naar boven. | Deze functie is te herkennen aan het rode pijltje naar beneden. | ||
| In de timerfunctie loopt de tijd op. | In de kookwekkerfunctie telt de tijd af. | ||
| De timer is niet te koppelen aan een kookzone. | De kookwekker is te koppelen aan een kookzone. Dit houdt in dat de kookzone uitschakelt als de ingestelde tijd afgelopen is. | ||
| De timerfunctie schakelt na | De kookwekkerfunctie is te | ||
| het drukken op de timer-/ | bereiken vanuit de timerfunctie | ||
| kookwekkertoets na 3 seconden vanzelf in als u niets doet. | door op de rode + of - toets te drukken. | ||
| Let op | |||
| • Per set van twee kookzones (voor en achter) is één timer/ kookwekker beschikbaar. • De timer/kookwekker kan per set van twee kookzones slechts aan één van beide kookzones gekoppeld worden. • De timer-/kookwekkerfunctie kan ook gebruikt worden zonder een bijbehorende kookzone te activeren. | |||
| De timer inschakelen | |||
| 1. Druk éénmaal op de timer-/kookwekkertoets van de kookzone. De display van de timer licht op en u ziet drie nullen knipperen. onder verschijnt een + en -. • Als u geen tijd instelt met de + of - toets gaat na 3 seconden automatisch de timer lopen. De timer loopt tot maximaal 9 uur en 59 minuten. Het rode pijltje naar boven licht op en de tijd loopt op. 2. Druk nogmaals op de timer-/kookwekkertoets om deze uit te schakelen. | Daar NL 19 | ||
Pagina 20
BEDIENING INDUCTIE
De kookwekker inschakelen
- 1. Druk éénmaal op de timer-/kookwekkertoets van de kookzone.
- 2. Druk op de + of - toets om van de timerfunctie naar de kookwekkerfunctie te schakelen. Daarna kunt met de + toets de gewenste kookduur instellen. Vervolgens kunt u met de - toets de ingestelde tijd aanpassen.
Het rode pijltje naar beneden licht op. De tijd telt af.
- 3. Druk nogmaals op de timer-/kookwekkertoets om deze weer uit te schakelen.
Let op
- De kookwekker is gekoppeld aan de kookzone indien de bijbehorende kookzone ingeschakeld is. De kookwekker stopt zodra de pan wordt verwijderd en gaat verder als de pan wordt
| teruggeplaatst. • Indien de kookwekker gekoppeld is aan een kookzone zal de kookzone uitschakelen nadat de ingestelde tijd verstreken is. Het kookwekkeralarm gaat af en geeft gedurende een kwartier in afnemende mate een geluidssignaal, terwijl ‘0.00’ en het rode | |||
| pijltje naar beneden blijven knipperen. Druk nogmaals op de timer-/kookwekkertoets van de kookzone waarvan het rode pijltje naar beneden knippert, of verwijder de pan van de zone om het kookwekkeralarm weer uit te schakelen. | |||
| De kookduur instellen | |||
| • Schakel de kookwekker in. | |||
| Toets | Stappen van x per toetsaanraking | Tijdsduur | |
| + | x = 1 minuut | 0.00 tot ... | |
| - | x = 10 seconden | 5.00 - 0.00 | |
| - | x = 30 seconden | 9.00 - 5.00 | |
| - | x = 1 minuut | ... tot 9.00 | |
| Na 9 minuten en 0 seconden (‘9.00’) verschijnt boven het display het woord ‘.min’ en tellen de minuten verder op achter de punt. NL 20 | |||
Pagina 21
BEDIENING INDUCTIE
Tip
U kunt de + of - toets ingedrukt houden om sneller de gewenste kookduur in te stellen.
Geluidssignaal in- en uitschakelen
- 1. Druk tweemaal op de meest linker aan-/uittoets.
- 2. Houd daarna tegelijkertijd de << toets en de + toets ingedrukt totdat u een geluidssignaal hoort.
Het geluidssignaal is nu uitgeschakeld voor alle toetsbedieningen, behalve bij de pauzetoets en de sleuteltoets. Let wel: het kookwekker alarm en het geluidssignaal bij foutmeldingen zijn niet uit te schakelen.
- 3. Gebruik dezelfde toetscombinatie om het geluid weer in te schakelen.
Automatische pandetectie in- en uitschakelen
Als er, na het inschakelen van de kookplaat, een pan op een inactieve kookzone geplaatst wordt licht de corresponderende bediening op en kan deze direct bedient worden (zonder de aan-/uittoets te bedienen). Als de kookzone niet binnen 10 seconden ingeschakelt wordt gaat deze weer uit en kan vervolgens weer geactiveerd worden door de pan te verwijderen en opnieuw te plaatsen of door gebruik te maken van de aan-/uittoets.
Deze functie is standaard actief, maar kan ook uitgeschakelt worden. Dit gebeurd door de kookplaat uit te schakelen en ‘Menu’ en ‘aan-/ uittoets’ van de linker bediening 5 sec. te bedienen. Op de displays verschijnd dan ‘APd OFF’. Door de handeling te herhalen wordt de functie weer geactiveerd en verschijnd ‘APd On’ in de display.
Pagina 22
BEDIENING INDUCTIE
Automatische kookprogramma’s
Uw kookplaat is voorzien van 6 automatische kookprogramma’s. De eventuele eindtijd van een automatisch kookprogramma kunt u zelf instellen met behulp van de kookwekkerfunctie (zie pagina 19). De kookprogramma’s zijn gebaseerd op gangbare hoeveelheden. De tabellen zijn bedoeld als richtlijn, door de ruime marges kunt u het gerecht naar uw eigen wensen aanpassen.
Een automatisch kookprogramma instellen
De kookzone is ingeschakeld.
- Druk op de menutoets.
- Druk nogmaals op de menutoets, of houd de menutoets ingedrukt om naar de volgende menufunctie te gaan.
Het gekozen kookprogramma start automatisch na 3 seconden. Een ‘A’ van ‘automatisch’ verschijnt in de display.
Indien er een automatisch kookprogramma actief is, kunt u met de volgende toetsen terugkeren naar het handmatige kookproces: << , + , - , >> .
Let op
Bij de ‘Vario’ toestellen zijn de kookprogramma’s en boost functie niet werkzaam indien de zones gebridged zijn.
Pagina 23
BEDIENING INDUCTIE
| (Aan)kookfunctie*/** | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Brengt de inhoud van de pan aan de kook (100 °C) en houdt deze aan de kook. Er klinkt een geluidssignaal als de inhoud aan de kook is of als het gerecht moet worden toegevoegd. Deze functie werkt alleen met deksel op de pan. | ||||||
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone | De pan vullen tot: (begin kookproces) | |
| Gekookte aardappelen | 6 - 8 | 1000 - 1400 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario | 2,5 l incl. aardappelen | |
| Gekookte (harde) groenten | 4 - 6 | 500 - 750 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario | 2,5 l incl. groenten | |
| Rijst | 4 - 5 | 400 - 500 g | Hoge pan (Ø 240) | Ø 210 / Vario | 2,0 l alleen water ¹) | |
| Pasta | 2 - 3 | 200 - 300 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario | 2,0 l alleen water ¹) | |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 23)
- 1) Na het geluidssignaal kan de rijst of pasta worden toevoegd.
* Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
** Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
Sudderfunctie*
De temperatuur van het gerecht wordt constant tegen het kookpunt (90 °C - 95 °C) aangehouden. De sudderstand werkt het beste met een deksel op de pan. Dikkere gerechten moeten elke 15 minuten omgeroerd worden. De maximale suddertijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
| Gerecht | Hoeveelheid +/- | Pan | Zone |
|---|---|---|---|
| Saus of soep | 1 l | Lage pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario |
| 1,5 l | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario |
Pagina 24
BEDIENING INDUCTIE
Warmhoudfunctie*
De temperatuur van het gerecht wordt automatisch op een constante temperatuur van 70 °C - 75 °C gehouden. De warmhoudstand werkt het beste met een deksel op de pan. Grotere hoeveelheden en dikkere gerechten moeten af en toe geroerd worden. De maximale warmhoudtijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid +/- | Pan | Zone |
| Alle gerechten | 4 | 2000 g | Hoge pan (Ø 200) | Ø 210 / Vario |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
* Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
Wokfunctie*/**
De wokstand zorgt voor een optimale woktemperatuur, zowel voor de olie als voor het wokken. Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur, de olie kan in de pan en daarna het gerecht.
| Gerecht | Aantal personen | Maximale hoeveelheid vlees of vis / groente | Pan | Zone |
| Vlees, vis, groenten | 3 - 4 | 600 g / 600 g | Wokpan | Ø 210 / Vario |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
Braadfunctie*/**
De braadstand zorgt voor een optimale braadtemperatuur.
Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur. De olie of boter kan in de pan en daarna het gerecht.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone |
| Vlees, vis | 4 - 5 | 400 - 500 g | Koekenpan | Ø 210 / Vario |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 24)
* Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
** Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
Pagina 25
BEDIENING INDUCTIE
Gezond koken
Grillfunctie*/**
De grillstand zorgt voor een optimale grilltemperatuur. Er klinkt een geluidssignaal als de pan op temperatuur is.
| Gerecht | Aantal personen | Hoeveelheid | Pan | Zone |
| Vlees, vis, groenten | 3 - 4 | 300 - 400 g | Grill pan / plaat | Ø 210 / Vario |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
Rookpunt van verschillende oliesoorten
Om gezond te bakken, adviseert Atag om de oliesoort af te stemmen op de baktemperatuur. Elke oliesoort heeft een ander rookpunt waarbij giftige gassen vrijkomen. In onderstaande tabel ziet u de rookpunten van verschillende oliesoorten.
| Olie | Rookpunt °C |
|---|---|
| Extra vierge olijfolie | 160 °C |
| Boter | 177 °C |
| Kokosolie | 177 °C |
| Raapzaadolie | 204 °C |
| Vierge olijfolie | 216 °C |
| Zonnebloemolie | 227 °C |
| Maisolie | 232 °C |
| Arachideolie | 232 °C |
| Olijfolie | 242 °C |
| Rijstolie | 255 °C |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 25)
* Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atagservice.nl).
** Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
Pagina 26
BEDIENING INDUCTIE
Kookstanden
Het onderstaande overzicht is uitsluitend bedoeld als leidraad, omdat de instelwaarde afhankelijk is van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht en de pan.
Gebruik ‘boost’ en stand 11 en 12 voor:
- snel aan de kook brengen;
- slinken van bladgroenten
- verhitten van olie en vet;
- onder druk brengen van een snelkookpan;
- wokken.
Gebruik stand 9 en 10 voor:
- aanbraden van vlees;
- bakken van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren.
Gebruik stand 7 en 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dik, gepaneerd vlees;
- uitbakken van spek of bacon;
- bakken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken pasta;
- bakken en garen van dun vlees;
- aanbraden groot vlees.
Gebruik stand 4 t/m 6 voor:
- doorkoken;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken en garen van dikker vlees;
- stomen.
Gebruik stand 1 t/m 3 voor:
- trekken van bouillon;
- pocheren;
- warmhouden;
- bereiden van stoofvlees;
- smoren van groenten;
- smelten van chocolade;
- smelten van kaas.
Pagina 27
ONDERHOUD INDUCTIE
Reinigen
Tip
Schakel, voordat u met schoonmaken begint, eerst het kinderslot in.
Dagelijkse reiniging
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
- Voor de dagelijkse reiniging kunt u het beste een mild reinigingsmiddel en een vochtige doek gebruiken.
- Nadrogen met keukenpapier of een droge doek.
Hardnekkige vlekken
- Ook hardnekkige vlekken zijn met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel, te verwijderen.
- Verwijder waterkringen en kalkresten met schoonmaakazijn.
- Metaalsporen (ontstaan door schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale middelen verkrijgbaar.
- Verwijder overgekookte voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u verwijderen met een glasschraper.
Nooit gebruiken
- Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krasjes waarin zich kalk en vuil ophopen.
- Gebruik ook nooit scherpe voorwerpen, zoals staalwol en schuursponsjes.
Verder lezen op pagina 28Inhoud