ATAG IGT9472MBA, tekst van de handleiding
Kookplaat · ATAG · 30 pagina's in het Nederlands · pdf: 66 pagina's, 4,1 MB
Storingen op pagina 30
Pagina 30
STORINGEN
Algemeen Storingstabel
Indien u een barstje of scheurtje (hoe klein ook) op de glasplaat ziet, schakel dan de kookplaat onmiddellijk uit, maak het toestel spanningsloos (stekker uit het stopcontact) en sluit de gaskraan. Neem vervolgens contact op met de servicedienst.
Wanneer u twijfelt over de goede werking van uw kookplaat betekent dit niet automatisch dat er een defect is. Controleer in elk geval de volgende punten in onderstaande tabel of kijk voor meer informatie op de website ‘www.atagservice.nl’.
Let op
Indien het vierkante, rode lampje boven de pauzetoets knippert (en geen van onderstaande storingen van toepassing is) neem dan contact op met de servicedienst.
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Inductiezone’s | ||
| Bij het in werking stellen verschijnen er tekens in de displays. | Dit is de standaard opstartroutine. | Normale werking. |
| De ventilatie blijft nog enkele minuten doorwerken nadat de kookplaat is uitgeschakeld. | Afkoeling van de kookplaat. | Normale werking. |
| De kookplaat geeft bij de eerste kookbeurten een lichte geur af. | Opwarmen nieuw toestel. | Dit is normaal en verdwijnt na enkele keren koken. Ventileer de keuken. |
| U hoort een licht tikkend geluid op uw kookplaat. | Dit wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden. | Normale werking. |
| APd controleert de aanwezigheid van een pan. | Verwijder de pan of schakel de APd functie uit (pag. 19) | |
| De kookpannen maken lawaai tijdens het koken. | Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de kookpan. | Bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Dit is niet schadelijk voor de pannen of de kookplaat. |
Pagina 31
STORINGEN
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Nadat u een kookzone heeft ingeschakeld blijft de display knipperen. | De gebruikte kookpan is niet geschikt voor koken op inductie of heeft een diameter kleiner dan 12 cm. | Gebruik een goede pan (zie pagina 11 en 12). |
| Een kookzone stopt plotseling met de werking en er klinkt een signaal. | De ingestelde timertijd is voorbij. | Schakel het signaal uit door op de - of + toets van de timer te drukken. |
| De kookplaat werkt niet en er verschijnt niets in de display. | Geen stroomtoevoer door defecte voeding of foutieve aansluiting. | Controleer de zekering of de elektrische schakelaar (bij een toestel zonder stekker). |
| Bij het inschakelen van de kookplaat slaat de zekering van de installatie door. | Verkeerde aansluiting van de kookplaat. | Controleer de elektrische aansluiting. |
| In display verschijnt ‘br’ en de bediening reageert niet. | De bridge functie is ingeschakeld. | Schakel de bridge functie uit (zie pagina 15). |
| Foutcode F00 / het rode lampje naast de kinderslottoets brandt en het lampje boven de pauzetoets knippert. | Het bedieningspaneel is vervuild of er ligt water op. | Bedieningspaneel schoonmaken. |
| Foutcode F0 t/m F6 en FC. | De generator is defect. | Neem contact op met de servicedienst. |
| Foutcode F7. | De omgevingstemperatuur is niet goed. | Zet alle warmtebronnen in de omgeving van de kookplaat uit. |
| Foutcode F8 en F08 / het rode lampje naast de kinderslottoets brandt en het lampje boven de pauzetoets knippert. | Toestel oververhit. | Het toestel laten afkoelen en opnieuw beginnen met koken. |
| Foutcode F9 en/of continu geluidssignaal. | Spanning te hoog en/of niet goed aangesloten. | Laat uw aansluiting wijzigen. |
| Foutcode F99 / het rode lampje naast de kinderslottoets brandt en het lampje boven de pauzetoets knippert. | Er zijn 2 of meer toetsen tegelijk bediend. | Bedien maar 1 toets tegelijk. |
| Foutcode FA. | Spanning te laag. | Neem contact op met uw energiebedrijf. |
Pagina 32
STORINGEN
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Foutcode FAN. | Luchtcirculatie niet goed. | Zorg dat de beluchtingsgaten onderin de kookplaat open zijn. |
| Overige foutcodes. | Neem contact op met de servicedienst. | |
| Wokbrander | ||
| Het ruikt naar gas bij het toestel. | De aansluiting van het toestel lekt. | Sluit de gashoofdkraan. Neem contact op met uw installateur. |
| De brander ontsteekt niet. | Elektrische aansluiting niet juist. | Neem contact op met uw installateur. |
| 1 2 | Zekering defect/zekering in meterkast uitgeschakeld. Bougie (1) vervuild/vochtig. | Monteer een nieuwe zekering of schakel de zekering weer in. Reinig/droog de bougie. |
| Fout code F4-066 * | Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. |
| Branderdelen vervuild/vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Hoofdgaskraan gesloten. | Open de hoofdgaskraan. | |
| Storing aan het gasnet. | Informeer bij uw gasleverancier. | |
| Gasfles of -tank is leeg. | Sluit een nieuwe gasfles aan of laat de tank vullen. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. | |
| De brander brandt niet egaal. | Branderdelen niet juist geplaatst. | Zet de branderdelen via de centreernokken in elkaar. |
| Branderdelen vervuild/vochtig. | Reinig/droog de branderdelen. Let er hierbij op dat de uitstroomgaten open zijn. | |
| Verkeerd soort gas gebruikt. | Controleer of het gebruikte gas geschikt is voor het toestel. Indien dit niet juist is, neem dan contact op met uw installateur. | |
Pagina 33
STORINGEN
| Symptoom | Mogelijke oorzaak | Oplossing |
|---|---|---|
| Brander dooft na het ontsteken. Foutcode F3 * | Thermokoppel (2) is vervuild. | Reinig/droog het thermokoppel |
| Keramische glasplaat gebroken. | Sluit de gashoofdkraan en neem de stekker uit het stopcontact. Neem contact op met uw installateur. Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente. | |
| Overige foutcodes. | Neem contact op met de servicedienst. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 33)
* Resetten foutcode: schakel de kookplaat ‘uit - aan’ door middel van sleuteltoets, schakel
daarna met de slider de gaszone in.
Pagina 34
MILIEU
Afvoeren toestel en verpakking
Bij de vervaardiging van dit toestel is gebruik gemaakt van duurzame materialen. Dit toestel moet aan het eind van zijn levenscyclus op verantwoorde wijze worden afgevoerd. De overheid kan u hierover informatie verschaffen.
De verpakking van het toestel is recyclebaar. Gebruikt kunnen zijn:
- karton;
- polyethyleenfolie (PE);
- CFK- vrij polystyreen (PS- hardschuim).
Deze materialen dient u op verantwoorde wijze en conform de overheidsbepalingen af te voeren.
Om op de verplichting tot gescheiden verwerking van elektrische huishoudelijke apparatuur te wijzen, is op het product het symbool van een doorgekruiste vuilnisbak aangebracht. Dit betekent dat het apparaat aan het einde van zijn levensduur niet bij het gewone huisvuil mag worden gevoegd. Het toestel moet naar een speciaal centrum voor gescheiden afvalinzameling van de gemeente worden gebracht of naar een verkooppunt dat deze service verschaft.
Het apart verwerken van huishoudelijke apparaten voorkomt mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid die door een ongeschikte verwerking ontstaat. Het zorgt ervoor dat de materialen waaruit het apparaat bestaat, teruggewonnen kunnen worden om een aanmerkelijke besparing van energie en grondstoffen te verkrijgen.
Let op! Werp een gebarsten keramische glasplaat niet in de glasbak maar lever deze in bij de milieustraat van de gemeente.
Conformiteitsverklaring
Wij verklaren dat onze producten voldoen aan de van toepassing zijnde Europese Richtlijnen, Besluiten en Verordeningen en de eisen die zijn vermeld in de normen waar naar wordt verwezen.
Pagina's 1–2: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 3
INHOUDSOPGAVE
Uw gas-inductiekookplaat
Inleiding
Werking van de aanraaktoetsen Beschrijving
Bediening inductie zone’s Bediening wokbrander
Veiligheid
Gebruik inductie
Temperatuurbeveiliging inductie zone’s Kookduurbegrenzing
Inductiekoken Werking inductie Inductiegeluiden Pannen
gebruik wokbrander
Pannen Wokbrander plaatsen
Bediening
Bediening inductie
Eco stand-by modus
Stand-by modus
Kinderslot
Pauze
Herkennen van een modus Timer / Kookwekker
Geluidssignaal in- en uitschakelen
Inschakelen en vermogen instellen Restwarmte-indicatie
Boost
Twee achter elkaar liggende kookzones Bridge induction
Uitschakelen
Automatische kookprogramma’s Kookstanden
Bediening wokbrander
Ontsteken en instellen Restwarmte-indicatie Menu functie
Onderhoud
Storingen
Milieu
Reinigen glasplaat
Reinigen wok branderdelen
Algemeen Storingstabel
Afvoeren toestel en verpakking
Pagina 4
UW GAS-INDUCTIEKOOKPLAAT
Inleiding
In deze handleiding staat beschreven op welke manier u de kookplaat zo optimaal mogelijk kunt benutten. Naast informatie over de bediening treft u ook achtergrondinformatie aan die van dienst kan zijn bij het gebruik van dit product. Tevens zijn onderhoudstips opgenomen.
Lees eerst de gebruiksaanwijzing geheel en aandachtig door voordat u het apparaat gaat gebruiken en bewaar deze zorgvuldig voor latere raadpleging.
De handleiding dient bovendien als referentie voor de servicedienst.
Plak daarom het los bijgeleverde gegevensplaatje in het daarvoor bestemde kader, achter in de handleiding. Het gegevensplaatje bevat alle informatie die de servicedienst nodig heeft om adequaat op uw vragen te reageren.
Werking van de aanraaktoetsen
Leg uw vingertoppen plat op de toetsen voor het beste effect. U hoeft niet hard te drukken. De sensoren onder de toetsen bevinden zich op de buitenste ring van de slider.
De aanraaksensoren zijn zodanig ingesteld dat deze alleen reageren op de druk en het formaat van vingertoppen. De kookplaat is niet te bedienen met andere voorwerpen en zal bijvoorbeeld niet inschakelen als uw huisdier over de kookplaat loopt.
Let op
Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken!
Pagina 5
UW GAS-INDUCTIEKOOKPLAAT
Beschrijving
- 1. Wokbrander (gas)
- 2. Bridge induction zone
- 3. Inductie zone
- 4. Bediening wokbrander
- 5. Bediening bridge induction zone midden-voor
- 6. Pauzetoets/sleuteltoets
- 7. Bediening bridge induction zone midden-achter
- 8. Bediening inductiezone rechts
- 9. Pauzetoets
- 10. Pauze-indicatie
- 11. Kinderslotindicatie (eco stand-by indicatie)
- 12. Sleuteltoets (kinderslot- / eco stand-by functie)
Pagina 6: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 7
UW GAS-INDUCTIEKOOKPLAAT
Bediening wokbrander
- 1. Menufuncties brander programma’s wokbrander
- 2. Slide control (12 standen)
- 3. Standen-indicatie
- 4. Braadstand ‘XL’ indicatie
- 5. Tijd verlagen toets
- 6. Tijd ophogen toets
- 7. Timer/kookwekker
- 8. Minuten indicatie
- 9. Timer-/kookwekkertoets
- 10. Kookwekkerindicatie
- 11. Timerindicatie
- 12. Aan-/uittoets
- 13. Menutoets (voor het kiezen van de brander standen)
Pagina 8
VEILIGHEID
Lees voor gebruik eerst de separate veiligheidsinstructies!
Temperatuurbeveiliging inductie zone’s
- Elke inductiezone is voorzien van een sensor. Deze sensor controleert de temperatuur van de bodem van de kookpan en van de onderdelen van de kookplaat. Deze voorziening voorkomt oververhitting (bijvoorbeeld door een drooggekookte pan). Bij een te hoge temperatuur wordt het vermogen van de kookzone/kookplaat automatisch verlaagd of schakelt de kookzone/kookplaat helemaal uit.
Kookduurbegrenzing
•
•
Als een kookzone of de wokbrander gedurende een ongebruikelijk lange tijd ingeschakeld is, wordt deze automatisch uitgeschakeld. Afhankelijk van het gekozen kookvermogen wordt de kookduur als volgt begrensd:
| Kookstand | De kookzone of wokbrander wordt automatisch uitgeschakeld na: |
|---|---|
| 1 en 2 | 9 uur |
| 3, 4 en 5 | 5 uur |
| 6, 7 en 8 | 4 uur |
| 9 | 3 uur |
| 10 | 2 uur |
| 11 en 12 | 1 uur |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 8)
Als bovengenoemde tijd verstreken is schakelt de kookzone of wokbrander automatisch uit.
| Kookstand | De kookzone wordt automatisch naar stand 12 geschakeld na: |
|---|---|
| boost | 10 minuten |
Pagina 9
GEBRUIK INDUCTIE
Inductiekoken
Geen warmteverlies en de handgrepen blijven koud bij inductiekoken.
Inductiekoken is snel
- In het begin zult u verrast zijn door de snelheid van het toestel. Vooral het op een hogere stand aan de kook brengen gaat zeer snel. Om overkoken of droogkoken te voorkomen, kunt u er het beste altijd bij blijven.
Het vermogen past zich aan
- Bij inductiekoken wordt alleen dat deel van de zone benut waar de pan op staat. Gebruikt u een kleine pan op een grote zone, dan zal het vermogen zich aanpassen aan de diameter van de pan. Het vermogen zal dus lager zijn en het zal langer duren voordat het gerecht aan de kook is.
Let op!
- Zandkorreltjes kunnen krasjes veroorzaken die niet meer te verwijderen zijn. Zet daarom alleen pannen met een schone bodem op het kookvlak en til pannen altijd op als u ze verplaatst.
- Gebruik de kookplaat niet als werkvlak.
- Kook altijd met het deksel op de pan om energieverlies te voorkomen.
Pagina 10
GEBRUIK INDUCTIE
Werking inductie
De spoel (1) in de kookplaat
- (2) wekt een magnetisch veld (3) op. Door een pan met een ijzeren bodem (4) op de spoel te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom.
Inductiegeluiden
In het toestel wordt een magnetisch veld opgewekt.
Door een pan met een ijzeren bodem op een kookzone te plaatsen ontstaat in de panbodem een inductiestroom. Deze inductiestroom wekt warmte op in de panbodem.
Comfortabel
De elektronische regeling is nauwkeurig en eenvoudig in te stellen. Op de laagste stand kunt u bijvoorbeeld chocolade direct in de pan smelten of ingrediënten bereiden die u gewoonlijk au bain marie verwarmt.
Snel
Door het hoge vermogen van de inductiekookplaat gaat het aan de kook brengen erg snel. Het doorkoken kost evenveel tijd als koken op een andere kookplaat.
Schoon
De kookplaat is eenvoudig te reinigen. Doordat de kookzones niet heter worden dan de pan zelf, kunnen voedselresten niet inbranden.
Veilig
De warmte wordt opgewekt in de pan zelf. De glasplaat wordt niet warmer dan de pan. Hierdoor blijft de kookzone een stuk koeler dan die van bijvoorbeeld een keramische kookplaat.
Na het wegnemen van een pan is de kookzone snel afgekoeld.
Tikkend geluid
Een licht tikkend geluid wordt veroorzaakt door de vermogensverdeling van de voorste en de achterste zone. Ook bij lage kookstanden kan een zacht tikkend geluid optreden.
Pan maakt geluid
De pannen kunnen geluid maken tijdens het koken. Dit wordt veroorzaakt door de doorstroming van de energie van de kookplaat naar de pan. Met name bij een hoge kookstand is dit normaal bij bepaalde pannen. Het is niet schadelijk voor de pan of de kookplaat.
Pagina 11
GEBRUIK INDUCTIE
Pannen
Ventilator maakt geluid
Om de levensduur van de elektronica te verlengen, is het apparaat voorzien van een ventilator. Als u het apparaat intensief gebruikt, wordt de ventilator ingeschakeld en hoort u een zoemend geluid. Ook nadat u het apparaat heeft uitgeschakeld, kan de ventilator nog geluid maken.
Automatische pandetectie
Wanneer de automatisch pandetectie (APd) actief is, is een tikkend geluid waarneembaar ook als de zone niet in gebruik is.
Pannen voor inductiekoken
Inductiekoken stelt eisen aan de kwaliteit van de pannen.
- Pannen waarmee al eerder op een gaskookplaat is gekookt, zijn niet meer geschikt voor inductiekoken.
- Gebruik alleen pannen die geschikt zijn voor elektrisch- en inductiekoken met:
▷ een dikke bodem van minimaal 2,25 mm; ▷ een vlakke bodem.
- Het beste zijn pannen met het “Class Induction” keurmerk.
Tip!
Met een magneet kunt u zelf controleren of uw pannen geschikt zijn. Wanneer de magneet wordt aangetrokken, is de pan geschikt.
| Geschikt | Ongeschikt |
|---|---|
| Speciale roestvrijstalen pannen | Aardewerk |
| Class Induction | Roestvrijstaal |
| Solide geëmailleerde pannen | Porselein |
| Geëmailleerde gietijzeren pannen | Koper |
| Kunststof | |
| Aluminium |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 11)
Voor de automatische kookprogramma’s wordt geadviseerd om de pannen te gebruiken die door ATAG worden aanbevolen. Voor de bridge induction zone’s zijn speciale accessoires te bestellen (zie www.atag.nl).
Pagina 12
GEBRUIK INDUCTIE
Let op!
Wees voorzichtig met dunne plaatstaal geëmailleerde pannen:
- op een hoge stand kan het emaille er afspringen wanneer de pan droogkookt;
- door het hoge vermogen kan de panbodem kromtrekken.
Let op!
Gebruik nooit pannen met een vervormde bodem. Een holle of bolle bodem kan de werking van de oververhittingsbeveiliging belemmeren. Het toestel kan dan te warm worden waardoor de glasplaat kan barsten en de panbodem kan smelten. Schade, ontstaan door het gebruik van ongeschikte pannen of droogkoken, valt buiten de garantie.
Pandiameter
De minimale diameter van de panbodem is 12 cm. Bij te kleine pannen schakelt de kookzone niet in.
Snelkookpannen
Inductiekoken is zeer geschikt voor het koken in snelkookpannen. De kookzone reageert zeer snel, waardoor de snelkookpan ook snel op druk komt. Zodra u een kookzone uitschakelt, stopt het kookproces direct.
Pagina 13
GEBRUIK WOKBRANDER
Pannen
Pannen
- Zorg er altijd voor dat de vlammen onder de pan blijven. Als vlammen om de pan heen spelen gaat veel energie verloren. Bovendien kunnen de handgrepen dan te heet worden.
- Gebruik geen pannen met een kleinere bodemdiameter dan 12 cm. Kleinere pannen staan niet stabiel.
fout
goed wokring
Wokring
De wokring die ten behoeve van de wokbrander meegeleverd is, zorgt voor extra stabiliteit bij een wok met een ronde bodem.
Gebruik de wokring uitsluitend op de wokstand in combinatie met een (ronde bodem) wok. Bij gebruik tijdens de braadstand, kan de wokring verkleuren.
Pandrager
Plaats de pandrager rechtstandig naar beneden, zonder over de glasplaat te schuiven. Positioneer de pandrager op de glasplaat met behulp van de positioneernokken.
Pagina 14
GEBRUIK WOKBRANDER
Wokbrander plaatsen
Plaats de wokbrander op de juiste manier. Het onjuist plaatsen van de wokbranderdelen kan leiden tot een slecht functionerende brander.
- 1. Plaats de branderkelk (2) in het branderhuis (1).
- 2. Plaats de binnenring (3) op de branderkelk (2) met gebruik van de positioneernokken.
- 3. Plaats de buitenring (4) op de branderkelk (2) met behulp van de positioneernokken.
- 1 2
kelk plaatsen ringen plaatsen
zijaanzicht
Pagina 15
BEDIENING
Eco stand-by modus
In eco stand-by modus is de kookplaat uitgeschakeld en verbruikt de kookplaat het minste energie.
De kookplaat kan naar eco stand-by modus geschakeld worden vanuit de stand-by modus en wanneer er nog kookzones actief zijn.
De kookplaat naar eco stand-by modus schakelen
- Druk kort op de sleuteltoets.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. De eco stand-by modus is actief, het rode lampje naast de sleuteltoets knippert langzaam.
Stand-by modus
Vanuit de eco stand-by modus kunt u niet meteen beginnen met koken. Hiervoor moet de kookplaat eerst naar stand-by modus geschakeld worden.
In stand-by modus is de kookplaat ingeschakeld, maar staan alle zones uit. U kunt naar de stand-by modus schakelen vanuit eco stand-by modus, of door alle afzonderlijke kookzones uit te schakelen. Vanuit de stand-by modus kunt u direct beginnen met koken. Druk op de aan-/uittoets van de gewenste kookzone of de wokbrander of zet een pan op een inductiezone en kies het gewenste vermogen.
De kookplaat vanuit eco stand-by modus naar stand-by modus schakelen
Het rode lampje naast de sleuteltoets knippert langzaam.
- Druk kort op de sleuteltoets om naar stand-by modus te schakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal. Alle lampjes op de kookplaat zijn uit, behalve eventueel de restwarmte-indicator “H”.
Tip!
De kookplaat verbruikt in eco stand-by modus minder dan 0,5 W. Na 30 minuten in de stand-by modus schakelt de kookplaat automatisch naar eco stand-by modus om onnodig energieverbruik te voorkomen.
Pagina 16
BEDIENING
Kinderslot
Pauze
U kunt de kookplaat met het kinderslot vergrendelen. Onbedoeld inschakelen van de kookzones wordt hiermee voorkomen.
De kookplaat naar kinderslot schakelen
- Druk gedurende 2 seconden op de sleuteltoets.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal. Alle toetsen zijn nu inactief behalve de sleuteltoets. De kookplaat schakelt eerst naar eco standby modus en dan door naar de kinderslot modus. Het rode lampje brandt constant.
- Druk nogmaals 2 seconden op de kinderslottoets om de kookplaat van het kinderslot te halen.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. De kookplaat is nu in stand-by modus. Het rode lampje naast de sleuteltoets is uit.
Tip!
Zet de kookplaat in de kinderslot modus voordat u de kookplaat gaat reinigen om te voorkomen dat deze per ongeluk inschakelt.
Wanneer de kookplaat in de kinderslot modus staat, verbruikt deze net zo weinig energie als in de eco stand-by modus.
Met de pauze functie kunt u de gehele kookplaat tijdens het koken gedurende 5 minuten ‘op pauze’ zetten. De energietoevoer naar de kookzone stopt, zonder instellingen te verliezen. Denk er echter aan dat de kookzone nog een tijd heet blijft, verwijder delicate gerechten daarom bij voorkeur van de kookzone.
De kookplaat naar pauze modus schakelen
- Druk éénmaal op de pauzetoets.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal en het rode lampje naast de pauzetoets knippert.
▷ Eventueel ingestelde timers/kookwekkers staan stil.
▷ Alle kookzones worden automatisch teruggeschakeld naar stand 1 of 2, de wokbrander wordt terug geregeld naar de laagste stand. ▷ Alle toetsen zijn inactief behalve de sleuteltoets en de pauzetoets. Ook de aan-/uittoetsen van de afzonderlijke kookzones blijven actief, echter deze reageren met een vertraging van twee seconden zodat u het bedieningspaneel kunt schoonmaken.
Pagina 17
BEDIENING
- Indien u binnen 5 minuten nogmaals op de pauzetoets drukt, zullen de gepauzeerde kookprocessen hervatten.
Er klinkt een dubbel geluidssignaal, de kookplaat hervat de instellingen zoals deze voor de pauze ingesteld zijn.
- Indien u binnen 5 minuten geen verdere actie onderneemt:
Worden alle actieve kookzones automatisch uitgeschakeld. Daarna blijft de pauzetoets nog 25 minuten knipperen om aan te geven dat de kookprocessen door de pauze modus zijn beëindigd. Na
25 minuten schakelt de kookplaat automatisch van pauze modus naar eco stand-by modus.
Herkennen van een modus
| De eco stand-by modus | Het rode lampje naast de sleuteltoets knippert langzaam. |
| De stand-by modus | Er brandt geen enkel lampje. |
| De kinderslot modus | Het rode lampje naast de sleuteltoets brandt constant. |
| De pauze modus | Het rode lampje naast de pauzetoets knippert. |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 17)
Timer / Kookwekker
Let op!
- Per kookzone is één timer/kookwekker beschikbaar.
- De timer-/kookwekkerfunctie kan ook gebruikt worden zonder een bijbehorende kookzone te activeren.
De timer inschakelen
- Druk éénmaal op de timer-/kookwekkertoets van de kookzone. De display van de timer licht op en u ziet drie nullen knipperen. Daaronder verschijnt een + en -.
- Als u geen tijd instelt met de + of - toets gaat na 3 seconden automatisch de timer lopen. De timer loopt tot maximaal 9 uur en 59 minuten.
Het rode pijltje naar boven licht op en de tijd loopt op.
- Druk nogmaals op de timer-/kookwekkertoets om deze uit te schakelen.
Pagina 18
BEDIENING
De kookwekker inschakelen
- Druk éénmaal op de timer-/kookwekkertoets van de kookzone.
- Druk op de + of - toets om van de timerfunctie naar de kookwekkerfunctie te schakelen. Daarna kunt met de + toets de gewenste kookduur instellen. Vervolgens kunt u met de - toets de ingestelde tijd aanpassen.
Het rode pijltje naar beneden licht op. De tijd telt af.
- Druk nogmaals op de timer-/kookwekkertoets om deze weer uit te schakelen.
Let op!
- De kookwekker is gekoppeld aan de kookzone indien de bijbehorende kookzone ingeschakeld is.
- Indien de kookwekker gekoppeld is aan een kookzone zal de kookzone uitschakelen nadat de ingestelde tijd verstreken is. Het kookwekkeralarm gaat af en geeft gedurende een kwartier in afnemende mate een geluidssignaal, terwijl ‘0.00’ en het rode pijltje naar beneden blijven knipperen. Druk nogmaals op de timer-/ kookwekkertoets of verwijder de pan van de kookzone om het kookwekkeralarm weer uit te schakelen.
Tip!
U kunt de + of - toets ingedrukt houden om sneller de gewenste kookduur in te stellen.
Geluidssignaal in- en uitschakelen
- Houd tegelijkertijd de menutoets en de timer-/kookwekkertoets van een willekeurige kookzone ingedrukt totdat u een geluidssignaal hoort. Het geluidssignaal is nu uitgeschakeld voor alle toetsbedieningen, behalve bij de pauzetoets en de sleuteltoets. Let wel: het kookwekkeralarm en het geluidssignaal bij foutmeldingen zijn niet uit te schakelen.
- Gebruik dezelfde toetscombinatie om het geluid weer in te schakelen.
Pagina 19
BEDIENING INDUCTIE
Inschakelen en vermogen instellen
- 1. Druk op de sleuteltoets.
Er klinkt een enkel geluidssignaal.
- 2. Plaats een pan op het midden van een kookzone.
De APd registreert een pan en in de display verschijnt een knipperende ‘-’. Wanneer u geen verdere actie onderneemt, schakelt de kookzone na 10 seconden vanzelf uit.
- 3. Schuif met uw vinger over de slide control (met de klok mee) of tip met uw vinger op de slide control om de gewenste stand in te stellen. De kookplaat start automatisch in de ingestelde stand.
- 4. Stel een hoger of lager vermogen in door met uw vinger over de slide control te schuiven of op de slide control te tippen. Het vermogen is in te stellen in 12 standen. Daarnaast is er nog de stand ‘boost’ voor de inductiezones.
Let op!
Indien de APd functie uitgeschakeld is, schakel dan de kookzone in met de aan/uittoets.
Automatische pan detectie
Als er, na het inschakelen van de kookplaat, een pan op een inactieve kookzone geplaatst wordt licht de corresponderende bediening op en kan deze direct bedient worden (zonder de aan-/uittoets te bedienen). Als de kookzone niet binnen 10 seconden wordt ingeschakelt gaat deze vanzelf weer uit. De kookzone kan vervolgens weer geactiveerd worden door de pan te verwijderen en opnieuw op de kookzone te plaatsen of door gebruik te maken van de aan-/uittoets.
Deze functie is standaard actief, maar kan ook uitgeschakeld worden. Schakel de functie uit door de kookplaat uit te schakelen. In de ‘eco standby modus’ vervolgens de ‘Pauze’ toets (9) 5 seconden te bedienen. Op de displays verschijnt dan ‘APd OFF’. Door de handeling te herhalen wordt de functie weer geactiveerd en verschijnt ‘APd On’ in de display.
Let op!
Indien de kookplaat na het instellen van een kookvermogen geen (ijzerhoudende) pan detecteert, zal het display blijven knipperen en de kookzone blijft koud. Indien er binnen 1 minuut geen (ijzerhoudende) pan geplaatst wordt, schakelt de kookzone automatisch uit.
Pagina 20
BEDIENING INDUCTIE
Restwarmte-indicatie
Na gebruik van een kookzone kan de gebruikte zone nog een tijd heet blijven. Zolang de kookzone heet is, blijft er een ‘H’ in de display staan.
Boost
De ‘boost’ functie kunt u gebruiken om gedurende een korte tijd (maximaal 10 minuten) op het hoogste vermogen te koken. Na het verstrijken van de maximale boosttijd wordt het vermogen verlaagd naar stand 12.
Boost inschakelen
- 1. Zet een pan op een kookzone en schakel de kookzone in.
- 2. Tip met uw vinger twee keer op het einde van de slide control om de stand ‘boost’ in te stellen.
‘Boost’ en ‘12’ verschijnen in het display.
De boost functie uitschakelen
De boost functie is ingeschakeld, in de display is stand 12 en ‘boost’ zichtbaar.
- 1. Tip met uw vinger op een willekeurige plek op de slider.
In de display verschijnt een lagere stand.
Of:
- 2. Druk op de aan-/uittoets van de kookzone die u wilt uitschakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal en de display dooft. De kookzone is nu helemaal uit.
Twee achter elkaar liggende kookzones
- Twee kookzones die achter elkaar liggen beïnvloeden elkaar. Wanneer deze kookzones tegelijk ingeschakeld zijn, wordt het vermogen automatisch verdeeld. De eerst ingestelde kookzone houdt te allen tijde de ingestelde stand. De stand die maximaal ingesteld kan worden voor de voor- of achterliggende kookzone die later wordt bijgeschakeld, hangt dus af van de stand van de eerste kookzone. Wanneer u de maximale combinatie van kookstanden heeft bereikt, gaat de laatst ingestelde stand knipperen en wordt automatisch verlaagd naar de hoogst mogelijke stand.
- Twee naast elkaar liggende kookzones beïnvloeden elkaar niet. U kunt beide kookzones op een hoge stand instellen.
Pagina 21
BEDIENING INDUCTIE
Bridge induction
De Bridge induction zones kunnen aan elkaar gekoppeld worden. Hierdoor ontstaat 1 grote zone die gebruikt kan worden voor bijv. een grote vispan of meerdere pannen op hetzelfde vermogen.
- Indien de Bridge induction zones gekoppeld zijn kunnen deze niet op boost gezet worden en kunnen de menufuncties niet gebruikt worden.
- Gebruik een (vis)pan die ten minste een van de Bridge induction zones in het midden bedekt.
Bridge functie inschakelen
- 1. Zet een grote pan op beide kookzones zodat deze de beide zone’s geheel bedekt.
- 2. Schakel de voorste kookzone in.
- 3. Druk twee seconden op de bridge toets van de voorste slide control om de bridge stand te selecteren.
‘br’ verschijnt in de display van de achterste zone. De achterste zone is niet meer te bedienen. Beide zones worden verhit naargelang de ingestelde stand van de voorste kookzone.
- 4. Schuif met uw vinger over de voorste slide control (met de klok mee) of tip met uw vinger op de slide control om de gewenste stand in te stellen.
Bridge functie uitschakelen
- 1. Druk twee seconden op de bridge toets van de voorste slide control om de bridge stand uit te schakelen.
De bridge functie word uitgeschakeld, de display van de achterste kookzone dooft, in de display van de voorste kookzone staat stand 1.
Of:
- 2. Druk op de aan-/uittoets van de voorste kookzone om beide zones uit te schakelen.
Er klinkt een enkel geluidssignaal en de display dooft. De kookzone is nu helemaal uit.
Pagina 22
BEDIENING INDUCTIE
Uitschakelen
Eén kookzone uitschakelen
Druk op de aan-/uittoets van de kookzone die u wilt uitschakelen. Er klinkt een enkel geluidssignaal en de slider dooft.
- Indien alle kookzones op deze manier uitgeschakeld zijn staat de kookplaat automatisch in stand-by modus (zie ook ‘stand-by modus’).
Alle kookzones tegelijk uitschakelen
Druk kort op de sleuteltoets om alle kookzones gelijktijdig uit te schakelen.
Er klinkt een enkel geluidssignaal. Naast de sleuteltoets blijft een rood lampje langzaam aan en uit gaan.
- De kookplaat staat nu in de eco stand-by modus (zie ook ‘eco stand-by modus’).
Automatische kookprogramma’s
Elke inductiezone is voorzien van 6 automatische kookprogramma’s. De eventuele eindtijd van een automatisch kookprogramma kunt u zelf instellen met behulp van de kookwekkerfunctie (zie pagina 17). De kookprogramma’s zijn gebaseerd op gangbare hoeveelheden.
Deze functie werkt het best met pannen die door ATAG worden geadviseerd (zie hiervoor www.atag.nl).
Deze menufuncties werken het best als ze worden opgestart aan het begin van het kookproces.
Een automatisch kookprogramma instellen
De kookzone is ingeschakeld.
- Druk op de menutoets.
Een reeks van 6 iconen licht op, waarvan 1 icoon feller dan de anderen.
- Druk nogmaals op de menutoets, of houd de menutoets ingedrukt om naar de volgende menufunctie te gaan.
Het gekozen kookprogramma start automatisch na 3 seconden. Een ‘A’ van ‘automatisch’ verschijnt in de display.
Indien er een automatisch kookprogramma actief is, kunt u door met uw vinger op de slide control te tippen terugkeren naar het handmatige kookproces.
Pagina 23
BEDIENING INDUCTIE
Let op!
De kookprogramma’s zijn niet werkzaam indien de zones gebridged zijn.
(Aan)kookfunctie
Brengt de inhoud van de pan aan de kook (100 °C) en houdt deze aan de kook. Er klinkt een geluidssignaal als de inhoud aan de kook is of als het gerecht moet worden toegevoegd. Deze functie werkt alleen zonder deksel op de pan.
Sudderfunctie
De temperatuur van het gerecht wordt constant tegen het kookpunt (90 °C - 95 °C) aangehouden. De sudderstand werkt het beste met een deksel op de pan. Dikkere gerechten moeten elke 15 minuten omgeroerd worden. De maximale suddertijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
Warmhoudfunctie
De temperatuur van het gerecht wordt automatisch op een constante temperatuur van 70 °C - 75 °C gehouden. De warmhoudstand werkt het beste met een deksel op de pan. Grotere hoeveelheden en dikkere gerechten moeten af en toe geroerd worden. De maximale warmhoudtijd is 8 uur, tenzij er met behulp van een timer een kortere tijd ingesteld is.
Wokfunctie
De wokstand zorgt voor een optimale woktemperatuur, zowel voor de olie als voor het wokken. Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur, de olie kan in de pan en daarna het gerecht.
Braadfunctie
De braadstand zorgt voor een optimale braadtemperatuur.
Na het geluidssignaal is de pan op temperatuur. De olie of boter kan in de pan en daarna het gerecht.
Grillfunctie
De grillstand zorgt voor een optimale grilltemperatuur. Er klinkt een geluidssignaal als de pan op temperatuur is.
Pagina 24
BEDIENING INDUCTIE
Kookstanden
Het onderstaande overzicht is uitsluitend bedoeld als leidraad, omdat de instelwaarde afhankelijk is van de hoeveelheid en samenstelling van het gerecht en de pan.
Gebruik ‘boost’ en stand 11 en 12 voor:
- snel aan de kook brengen;
- slinken van bladgroenten
- verhitten van olie en vet;
- onder druk brengen van een snelkookpan;
- wokken.
Gebruik stand 9 en 10 voor:
- aanbraden van vlees;
- bakken van vis;
- bakken van omeletten;
- bakken van gekookte aardappelen;
- frituren.
Gebruik stand 7 en 8 voor:
- bakken van dikke pannenkoeken;
- bakken van dik, gepaneerd vlees;
- uitbakken van spek of bacon;
- bakken van rauwe aardappelen;
- bakken van wentelteefjes;
- bakken van gepaneerde vis;
- doorkoken pasta;
- bakken en garen van dun vlees;
- aanbraden groot vlees.
Gebruik stand 4 t/m 6 voor:
- doorkoken;
- ontdooien van harde groenten;
- bakken en garen van dikker vlees;
- stomen.
Pagina 25: niet in het Nederlands of zonder lopende tekst, zie de pdf.
Pagina 26
BEDIENING WOKBRANDER
Ontsteken en instellen
- 1. Plaats een pan op het midden van het kookrooster.
- 2. Druk op de sleuteltoets.
Er klinkt een enkel geluidssignaal.
- 3. Druk op de aan-/uittoets van de wokbrander. De brander ontsteekt en gaat branden op stand 5.
In de display verschijnt stand 5 en er klinkt een enkel geluidssignaal.
- 4. Stel een hogere of lagere stand in door met uw vinger over de slide control te schuiven of op de slide control te tippen. De brander is in te stellen in 12 standen.
Restwarmte-indicatie
Na gebruik van de wokbrander kan deze nog een tijd heet blijven. Zolang de brander heet is, blijft er een ‘H’ in de display staan.
Menu functie
De wokbrander is voorzien van 4 brander standen. De brander start automatisch op de wokstand.
Met de ‘Menu’ toets kan een ‘braadstand’, ‘sudderstand’ of een ‘braadstand XL’ worden gekozen.
Een branderstand instellen
Druk op de menutoets, of houd de menutoets ingedrukt om naar de volgende menufunctie te gaan.
Het gekozen kookprogramma start automatisch na 3 seconden. Het betreffende icoon licht op.
Wokstand
De wokstand zorgt voor geconcentreerde warmte in de kern van de pan. Gebruik het meegeleverde wokrooster voor stabieler plaatsen van de wok.
Pagina 27
BEDIENING WOKBRANDER
Braadstand
Gebruik deze stand voor het braden van gerechten.
De buitenbrander is ingeschakeld en zorgt voor een egale verdeling van de warmte in de pan.
Sudderstand
Deze stand is geschikt voor langzaam garen en warmhouden van het gerecht. Met de twaalf instellingen is zeer precies het gewenste vermogen te regelen.
XL braadstand
Gebruik deze stand voor het braden van gerechten op hoog vermogen. Deze stand is geschikt voor grote pannen (>28 cm).
De buitenbrander is ingeschakeld en zorgt met het maximaal beschikbare vermogen voor een egale verdeling van de warmte in de pan.
Pagina 28
ONDERHOUD
Reinigen glasplaat
Tip!
Schakel, voordat u met schoonmaken begint, eerst het kinderslot in.
Dagelijkse reiniging
- Hoewel overgekookt voedsel niet kan inbranden verdient het aanbeveling de kookplaat direct na gebruik schoon te maken.
- Voor de dagelijkse reiniging kunt u het beste een mild reinigingsmiddel en een vochtige doek gebruiken.
- Nadrogen met keukenpapier of een droge doek.
Hardnekkige vlekken
- Ook hardnekkige vlekken zijn met een mild reinigingsmiddel, bijvoorbeeld afwasmiddel, te verwijderen.
- Verwijder waterkringen en kalkresten met schoonmaakazijn.
- Metaalsporen (ontstaan door schuiven van pannen) zijn vaak lastig te verwijderen. Hiervoor zijn speciale middelen verkrijgbaar.
- Verwijder overgekookte voedselresten met een glasschraper. Ook gesmolten kunststof en suiker kunt u verwijderen met een glasschraper.
Let op!
- Gebruik nooit schuurmiddelen. Deze veroorzaken krasjes waarin zich kalk en vuil ophopen.
- Gebruik ook nooit scherpe voorwerpen, zoals staalwol en schuursponsjes.
Pagina 29
ONDERHOUD
Reinigen wok branderdelen
Let op!
Branderdelen mogen niet in de vaatwasser gereinigd worden. De onderdelen kunnen door het vaatwasmiddel aangetast worden!
Hardnekkige vlekken op emaille (pandragers, branderdoppen)
Hardnekkige vlekken kunt u het beste ver wij de ren met een vloeibaar reinigingsmiddel of een kunststof schuursponsje. Gebruik nooit schuurpoeders, schuurpads, scherpe voorwerpen of agressieve reinigingsmiddelen.
Messing wokbranderdelen
Enkele delen van de wokbrander zijn vervaardigd uit messing. Het is normaal dat de kleur van het messing verandert als gevolg van de hoge temperaturen die tijdens het wokken ontstaan.
Let op!
Raadpleeg de website www.atagservice.nl voor aanvullende onderhouds- en reinigingsinstructies!
Pagina 30: zie Storingen hierboven.
Pagina 31: zie hierboven.
Pagina 32: zie hierboven.
Pagina 33: zie hierboven.
Pagina 34: zie hierboven.