Bosch CSG656BS1, tekst van de handleiding
Pagina's 28–40 van 68 · inhoud en begin van de handleiding · pdf
← pagina's 15–27verder op pagina 41 →
Pagina 28
nl Schoonmaakmiddelen
Watertank
Warm zeepsop:
Met een schoonmaakdoekje reinigen en grondig naspoelen met schoon water, om resten van schoonmaakmiddel te verwijderen.
Met een zachte doek nadrogen. Met het deksel eraf laten drogen. Dichting van het deksel na gebruik droogwrijven.
Niet afwassen in de vaatwasmachine.
--------
Aanwijzingen
- Geringe kleurverschillen op de voorzijde van het apparaat ontstaan door gebruik van verschillende materialen, zoals glas, kunststof en metaal.
- Donkere plekken bij de ruiten van de deur, lijkend op vegen, zijn lichtreflexen van de verlichting van de binnenuimte.
- Het email wordt ingebrand op zeer hoge temperaturen.Hierdoor kunnen er kleine kleurverschillen ontstaan. Dit is normaal en heeft geen nadelige invloed op de werking.
De smalle randen van de bakplaten kunnen niet volledig worden geëmailleerd. Ze kunnen daarom ruw zijn. De bescherming tegen corrosie blijft hierbij intact.
Oppervlakken in de binnenruimte
Achterwand, plafond en zijwanden van de binnenruimte zijn zelfreinigend. Dit kunt u zien aan het ruwe oppervlak.
De bodem van de binnenruimte is geëmailleerd en heeft een gladoppervlak.
Emaillen vlakken reinigen
Reinig de gladde emaillen vlakken met een schoonmaakdoekje en warm zeepsop of azijnwater. Met een zachte doek nadrogen.
Ingebrande voedselresten met een vochtige doek en zeepsop losweken. Bij sterke verontreiniging een schuursponsje van roestvrij staal of ovenreiniger gebruiken.
Attentie!
Nooit ovenreiniger in de warme binnenruimte gebruiken. Er kan schade aan het email ontstaan. Vóór het volgende opwarmen resten uit de binnenruimte en van de toesteldeur volledig verwijderen.
De binnenruimte na het schoonmaken open laten om te drogen.
Aanwijzing: Door levensmiddelresten kan witte aanslag ontstaan. Deze zijn ongevaarlijk en hebben geen invloed op de werking. Indien nodig kunt u de resten met citroenzuur verwijderen.
Zelfreinigende oppervlakken schoonmaken
De zelfreinigende oppervlakken zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spatten van het bakken en braden worden door deze laag opgezogen en afgebroken terwijl het apparaat in gebruik is.
Wanneer de zelfreinigende oppervlakken zichzelf niet meer voldoende reinigen en er donkere vlekken ontstaan, kunnen ze met de reinigingsfunctie worden
schoongemaakt. Volg hiervoor de aanwijzingen in het betreffende hoofdstuk op. "Reinigingsfunctie" op pagina 29
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenreiniger op deze oppervlakken komt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reinigingsmiddelen gebruiken.
Apparaat schoon houden
Om te voorkomen dat er hardnekkig vuil ontstaat, dient u het apparaat altijd schoon te houden en vuil direct te verwijderen.
Waarschuwing – Risico van brand!
Losse voedselresten, vet en vleessap kunnen in brand vliegen. Voor gebruik dient u de binnenruimte, de verwarmingselementen en de accessoires vrij te maken van grove verontreiniging.
Tips
- De binnenruimte na gebruik altijd schoonmaken. Zo kan er geen vuil inbranden.
- Verwijder kalk-, vet-, zetmeel- en eiwitvlekken altijd onmiddellijk.
- Voor het bereiden van zeer vochtig gebak de braadslede gebruiken.
- Gebruik geschikt gerei om te braden, bijv. een braadpan.
Pagina 29
Reinigingsfunctie nl
Reinigingsfunctie
Uw apparaat beschikt over de functies “EcoClean” en “Ontkalken”..Met de reinigingsfunctie “EcoClean” worden de zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte gereinigd. Met de functie Ontkalken verwijdert u kalk uit de verdamper.
EcoClean
Met de “reinigingsfunctie” worden de zelfreinigende oppervlakken in de binnenruimte gereinigd.
De zelfreinigende oppervlakken (achterwand, plafond en zijwanden) zijn voorzien van een laagje poreuze, matte keramiek. Spetters tijdens het bakken, braden en grillen worden door deze laag opgezogen en afgebroken als de oven in bedrijf is. Als de oppervlakken niet meer voldoende worden gereinigd en er donkere vlekken ontstaan, kunnen de oppervlakken m.b.v. de reinigingsfunctie worden gereinigd.
Aanwijzing: De toepassingen worden door het apparaat geregistreerd. Het apparaat geeft aan wanneer er een reiniging wordt aanbevolen. Deze melding wordt weergegeven tot de reiniging volledig is uitgevoerd.
Wanneer u hieraan geen gehoor geeft, kan er schade aan de zelfreinigende oppervlakken ontstaan.
Is uw apparaat al voortijdig sterk vervuild of ziet u donkere vlekken op de achterwand, wacht dan niet met de reiniging tot deze melding verschijnt. Hoe vaker de reiniging namelijk wordt uitgevoerd, des te langer is gegarandeerd dat de zelfreinigende oppervlakken gereinigd kunnen worden. U kunt uw apparaat op elk moment naar wens reinigen m.b.v. de reinigingsfunctie.
Voor de reiniging
Neem de rekjes, uitschuifrails, toebehoren en vormen uit de binnenruimte.
De bodem van de binnenruimte en de binnendeur van het apparaat reinigen
Verwijder grove verontreiniging die zich op de bodem en bij de verlichting van de binnenruimte en op de binnendeur van het apparaat bevindt.Anders ontstaan er mogelijk vlekken die niet meer verwijderd kunnen worden.
Attentie!
Gebruik geen ovensprays voor de zelfreinigende oppervlakken. De oppervlakken raken dan beschadigd. Wanneer er toch ovenspray op deze oppervlakken terechtkomt, direct afnemen met water en een vaatdoekje. Niet wrijven en geen schurende reingingshulp gebruiken.
Waarschuwing – Risico van verbranding!
- De buitenkant van het apparaat wordt zeer heet tijdens het reinigen. Nooit de apparaatdeur aanraken. Het apparaat laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Reinigingsfunctie instellen
Let erop dat u alvorens de reinigingsfunctie in te stellen alle aanwijzingen voor de voorbereiding opvolgt.
De tijdsduur is bij de reinigingsfunctie standaard ingesteld op 1 uur. Hij kan niet worden gewijzigd.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 3. Tip op het tekstveld “EcoClean”.
- 4. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display. De opwarmlijn verschijnt niet bij de reinigingsfunctie.
De reinigingsfunctie start.
Zorg ervoor dat de keuken geventileerd wordt zolang de reiniging loopt.
Wanneer de reiniging beëindigd is, klinkt er een signaal. Op het display staat de tijdsduur 00m 00s. Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
U kunt de eindtijd uitstellen.Voor de start op het tekstveld “Einde” tippen en met de bedieningsring de eindtijd uitstellen.
Na de start gaat het apparaat in de wachtstand.De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd.
Afbreken
Wilt u de reinigingsfunctie afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit. Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Aanwijzing: De bedrijfsurenteller wordt niet teruggezet. De melding om de reinigingsfunctie te gebruiken verschijnt op het display.
Na de reinigingsfunctie
Nadat hij afgekoeld is, de binnenruimte eventueel met een vochtig doekje afnemen.
Aanwijzing: Tijdens het gebruik en de reiniging kunnen er roodachtige vlekken op het oppervlak ontstaan. Dit is geen roest, het gaat om resten van levensmiddelen. Deze vlekken vormen geen risico voor de gezondheid en het reinigingsvermogen van de zelfreinigende oppervlakken wordt hierdoor niet beperkt.
Ontkalken
Voor een goede werking dient u het apparaat regelmatig te ontkalken.
Het ontkalken gebeurt in een paar stappen. Om hygiënische redenen is het apparaat pas weer gebruiksklaar nadat het ontkalken helemaal voltooid is. In totaal duurt het ontkalken ca. 70 - 95 minuten.
- Ontkalken (ca. 55 - 70 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en vul hem opnieuw
- Eerste keer spoelen (ca. 9 - 12 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en vul hem opnieuw
- Tweede keer spoelen (ca. 9 - 12 minuten), maak vervolgens de watertank leeg en droog hem
Wordt het ontkalken onderbroken (bijv. door een stroomonderbreking of uitschakeling van het apparaat),
Pagina 30
nl Reinigingsfunctie
dan wordt u nadat het apparaat opnieuw ingeschakeld is gevraagd om twee keer te spoelen. Tot aan het einde van de tweede spoelcyclus blijft het apparaat geblokkeerd voor andere toepassingen.
Hoe vaak het apparaat moet worden ontkalkt, hangt af van de waterhardheid van het gebruikte water. Zodra er nog 5 of minder keer stoom kan worden gebruikt, wordt op het display vermeld dat u dient te ontkalken. Het aantal keren dat gebruik met stoom nog mogelijk is, wordt na het inschakelen weergegeven. Zo kunt u het ontkalken op tijd voorbereiden.
Starten
Attentie!
- Schade aan het apparaat: gebruik voor het ontkalken uitsluitend het door ons aanbevolen vloeibare ontkalkingsmiddel. De inwerkingstijden tijdens het ontkalken zijn afgestemd op het ontkalkingsmiddel.Andere ontkalkingsmiddelen kunnen schade aan het apparaat veroorzaken. Ontkalkingsmiddel bestelnr. 311 680
- Ontkalkingsoplossing: zorg ervoor dat er geen ontkalkingsoplossing of ontkalkingsmiddel op het bedieningspaneel of andere oppervlakken van het apparaat komt. De oppervlakken raken dan beschadigd. Gebeurt dit toch, verwijder de ontkalkingsoplossing dan direct met water.
Wanneer u voor het ontkalken een functie met stoom heeft gebruikt, dient u het apparaat eerst uit te schakelen. Dan kan het restwater uit het stoomsysteem worden gepompt.
- 1. 400 ml water en 200 ml vloeibaar ontkalkingsmiddel mengen tot een ontkalkingsoplossing.
- 2. Met de toets on/off starten.
- 3. Watertank verwijderen en vullen met de ontkalkingsoplossing.
- 4. De met de ontkalkingsoplossing gevulde watertank volledig inschuiven.
- 5. Paneel sluiten
- 6. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 7. Tip op het tekstveld “Reinigen”.
- 8. Tip op het tekstveld “Ontkalken”.
De duur van het ontkalken wordt weergegeven.Deze kan niet worden veranderd.
- 9. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat wordt ontkalkt. De tijdsduur loopt af op het display.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.
Eerste keer spoelen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank verwijderen, grondig omspoelen, vullen met water en weer inschuiven.
- 3. Paneel sluiten
- 4. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat spoelt.
Wanneer de tijdsduur afgelopen is, klinkt er een signaal.
Tweede keer spoelen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank verwijderen, grondig omspoelen, vullen met water en weer inschuiven.
- 3. Paneel sluiten
- 4. Starten met de toets start/stop .
Het apparaat spoelt.
Wanneer de tijdsduur afgelopen is, klinkt er een signaal.
Nareinigen
- 1. Paneel openen.
- 2. Watertank leegmaken en drogen.
- 3. Met de toets on/off het apparaat uitschakelen. Het ontkalken is afgesloten en het apparaat is weer klaar voor gebruik.
Pagina 31
Rekjes nl
Rekjes
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de rekjes kunt verwijderen en schoonmaken.
Rekjes verwijderen en bevestigen
Waarschuwing – Risico van verbranding!
De rekjes worden heel heet. Nooit de hete rekjes aanraken. Het apparaat altijd laten afkoelen. Zorg ervoor dat er geen kinderen in de buurt zijn.
Rekjes verwijderen
- 1. Het rekje aan de voorkant een beetje optillen en verwijderen (Afb. ).
- 2. Vervolgens het hele rekje naar voren trekken en uitnemen (Afb. ).
Maak de rekjes schoon met zeepsop en een schoonmaaksponsje. Gebruik bij hardnekkig vuil een borstel.
Rekjes ophangen
De rekjes passen alleen links of rechts. Let er bij beide rekjes op dat de gebogen stangen zich aan de voorkant bevinden.
- 1. Het rekje eerst in het midden van de achterste bus steken , tot het aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar achteren drukken (Afb. ).
- 2. Het rekje vervolgens in de voorste bus steken , tot het ook hier aansluit op de wand van de binnenruimte, en naar beneden drukken (Afb. ).
Pagina 32
nl Apparaatdeur
Apparaatdeur
Wanneer uw apparaat goed wordt onderhouden en schoongemaakt blijft het er lang mooi uitzien en goed functioneren. Hier leggen wij u uit hoe u de apparaatdeur kunt verwijderen en schoonmaken.
Apparaatdeur verwijderen en inbrengen
Om de deurruiten schoon te maken en te demonteren, kunt u de apparaatdeur verwijderen.
De scharnieren van de apparaatdeur zijn alle voorzien van een blokkeerhendel.
Wanneer de blokkeerhendels zijn dichtgeklapt (Afb. ), is de apparaatdeur beveiligd. Hij kan niet worden verwijderd.
Wanneer de blokkeerhendels voor het verwijderen van de apparaatdeur opengeklapt zijn (Afb. ), zijn de scharnieren beveiligd. Ze kunnen niet dichtklappen.
- 1 2
Waarschuwing
Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer de scharnieren niet beveiligd zijn, kunnen ze met grote kracht dichtklappen.Let erop dat de blokkeerhendels altijd helemaal dichtgeklapt zijn, of bij het verwijderen van de apparaatdeur helemaal opengeklapt.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Apparaatdeur verwijderen
- 1. Apparaatdeur in de richting van het apparaat helemaal open drukken.
- 2. Beide blokkeerhendels links en rechts openklappen (Afb. ).
- 3. Apparaatdeur sluiten tot de aanslag . Met beide handen links en rechts vastpakken en iets naar boven trekken (Afb. ).
- 1 2
E
D
E
Apparaatdeur inbrengen
- 1. Dichting langs de druipgoot aandrukken (Afb. ), omdat deze tijdens de reiniging kan losraken.
1
D
- 2. De apparaatdeur in de omgekeerde volgorde weer inbrengen.
Let er bij het inbrengen van de apparaatdeur op dat beide scharnieren recht in de opening worden geleid (Afb. ).
Leg beide scharnieren tegen de onderkant van de buitenste ruit en gebruik deze bij de geleiding. Let erop dat de scharnieren in de juiste opening worden geschoven. Dit moet gemakkelijk gaan, zonder merkbare weerstand. Voelt u weerstand, controleer dan of de scharnieren in de juiste opening zijn geschoven.
2
- 3. Apparaatdeur helemaal openen.Beide blokkeerhendels weer dichtklappen (Afb. ).
- 4. Deur van de binnenruimte sluiten.
Pagina 33
Apparaatdeur nl
Deurafscherming afnemen
De roestvrijstalen inlegger in de deurafscherming kan verkleuren. Om de deur grondig schoon te maken kunt u de afscherming verwijderen.
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
Apparaatdeur voorzichtig sluiten.
- 1 2
Aanwijzing: De roestvrijstalen inlegger in de afscherming schoonmaken met een middel voor roestvrij staal. De rest van de deurafscherming schoonmaken met warm zeepsop en een zachte doek.
- 4. Apparaatdeur weer een beetje openen De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
- 5. Apparaatdeur sluiten.
Deurruiten verwijderen en inbrengen
Om ze gemakkelijker schoon te maken kunt u de ruiten van de apparaatdeur afnemen.
Van het apparaat verwijderen
- 1. Apparaatdeur een beetje openen.
- 2. Links en rechts op de afscherming drukken (Afb. ).
- 3. Afscherming afnemen (Afb. ).
- 1 2
- 4. De schroeven links en rechts van de apparaatdeur losdraaien en verwijderen (Afb. ).
- 5. Klem er voordat u de deur weer sluit, een samengevouwen vaatdoek tussen (Afb. ).
De ruit aan de voorkant er naar boven uittrekken en met de deurgreep naar beneden op een egaal oppervlak leggen.
Reinig de ruiten met glasreiniger en een zachte doek.
Waarschuwing
Risico van letsel!
Risico van
- Wanneer er krassen op het glas van de apparaatdeur zitten, kan dit springen. Geen schraper, scherpe of schurende schoonmaakmiddelen gebruiken.
- letsel!Bij het openen en sluiten van de apparaatdeur bewegen de scharnieren zich en kunnen ze klem komen te zitten. Kom niet met uw handen bij de scharnieren.
Inbrengen in het apparaat
- 1. Voorste ruit in de houders geleiden (Afb. ).
- 2. Voorste ruit sluiten tot de beide bovenste haken zich tegenover de opening bevinden (Afb. ).
- 1 2
- 3. Tegen de onderkant van de onderste ruit tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. )
- 4. Apparaatdeur weer een beetje openen en vaatdoek verwijderen.
- 5. De beide schroeven links en rechts weer vastdraaien.
- 6. De afscherming plaatsen en aandrukken tot hij hoorbaar vergrendelt (Afb. ).
Pagina 34
nl Wat te doen bij storingen?
- 7. Apparaatdeur sluiten.
Attentie!
Gebruik de binnenruimte pas weer wanneer de ruiten naar behoren zijn ingezet.
3Wat te doen bij storingen?
Storingen worden vaak veroorzaakt door een kleinigheid. Probeer voordat u contact opneemt met de servicedienst de storing zelf op te lossen met behulp van de tabel.
Storingen zelf verhelpen
Technische storingen aan het apparaat kunt u vaak heel gemakkelijk zelf verhelpen.
Lukt een gerecht niet optimaal, dan vindt u aan het einde van de gebruiksaanwijzing vele tips en aanwijzingen voor de bereiding. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 38
| Storing | Mogelijke oorzaak | Oplossing / aanwijzing |
|---|---|---|
| Apparaat werkt niet | Zekering defect | Controleer de zekering in de meterkast. |
| Stroomuitval | Controleer of het keukenlicht of andere keukenapparaten functioneren. | |
| Op het display staat “Sprache Deutsch”. | Stroomuitval | Stel de taal en de tijd opnieuw in. |
| Als het apparaat uitgeschakeld is, verschijnt de actuele tijd niet. | Basisinstelling gewijzigd. | Wijzig de basisinstelling van de tijdsindicatie |
| Apparaat warmt niet op, op het display is het symbool niet meer verlicht. | De demonstratiemodus is geactiveerd in de basisinstellingen. | Ontkoppel het apparaat even van het net (zekering in de meterkast uitschakelen) en deactiveer de demonstratiemodus vervolgens binnen 3 minuten in de basisinstellingen. |
| Het apparaat start niet en op het display verschijnt “Binnenruimte te heet” | De binnenruimte is te heet voor het gekozen gerecht of de verwarmingsmethode | Binnenruimte laten afkoelen en opnieuw starten |
| De bedieningsring is uit het lager op het bedieningspaneel gevallen. | De bedieningsring is per ongeluk ontgrendeld. | De bedieningsring is afneembaar. Leg de bedieningsring eenvoudig weer in het lager op het bedieningspaneel en druk hem erin, zodat hij vergrendelt en weer normaal kan worden gedraaid. |
| De bedieningsring kan niet gemakkelijk meer worden gedraaid. | Er zit vuil onder de bedieningsring. | De bedieningsring is afneembaar. Om hem te ontgrendelen trekt u hem eenvoudig uit het lager. Of u drukt op de buitenste rand van de ring, zodat hij kantelt en gemakkelijk kan worden opgepakt. De bedieningsring en het lager op het apparaat voorzichtig reinigen met zeepsop en een schoonmaakdoekje. Met een zachte doek nadrogen. Gebruik hiervoor geen scherpe of schurende middelen. Niet laten weken of in de vaatwasmachine doen. Neem de bedieningsring niet te vaak af, zodat het lager stabiel blijft. |
| Het gebruik met stoom of het ontkalken start niet of loopt niet verder | Watertank leeg | Watertank vullen |
| Afscherming is open | Afscherming sluiten | |
| Door het ontkalken wordt het gebruik met stoom geblokkeerd | Ontkalken uitvoeren | |
| Sensor defect | Contact opnemen met de servicedienst | |
| Het apparaat vraagt u te spoelen | Tijdens het ontkalken is de stroomtoevoer onderbroken of het apparaat uitgeschakeld | Nadat het apparaat weer ingeschakeld is, twee keer spoelen |
| Het apparaat vraagt u te ontkalken, zonder dat eerst de teller verschijnt | De ingestelde waterhardheid is te laag | Ontkalken uitvoeren Ingestelde waterhardheid controleren en eventueel aanpassen |
| Toetsen knipperen | Normaal verschijnsel door condenswater achter het bedieningspaneel | Zodra het condenswater verdampt is, knipperen de toetsen niet meer |
| Het bereidingsresultaat bij toepassingen met stoom is te vochtig of te droog geworden | Er is een verkeerde stoomintensiteit gekozen | Een lagere of hogere stoomintensiteit kiezen |
Pagina 35
Wat te doen bij storingen? nl
| De melding "Watertank vullen“ verschijnt, hoewel de tank gevuld is | Afscherming is open | Afscherming sluiten |
| Watertank niet vergrendeld | Watertank vergrendelen "Stoom" op pagina 18 | |
| Sensor defect | Contact opnemen met de servicedienst | |
| Watertank is gevallen. Als gevolg van de trillingen zijn er onderdelen in de watertank losgekomen, hierdoor raakt hij lek. | nieuwe watertank bestellen | |
| De afscherming voor het uitnemen van de tank gaat niet open | Stekker is niet in het stopcontact gestoken | Apparaat aansluiten op het elektriciteitsnet |
| Stroomuitval | Controleer of andere keukenapparaten functioneren | |
| Zekering defect | Controleer in de meterkast of de zekering voor het apparaat in orde is | |
| Sensor van het veld defect | Contact opnemen met de servicedienst Zo nodig de watertank leegmaken: apparaatdeur openen, de afscherming rechts en links vastpakken en de afscherming eruit trekken | |
| Bij het stomen ontstaat extreem veel stoom | Apparaat wordt automatisch gekalibreerd | Normale procedure |
| Bij het stomen ontstaat herhaaldelijk extreem veel stoom | Apparaat kan bij te korte bereidingstijden niet automatisch worden gekalibreerd | Apparaat terugzetten naar de fabrieksinstelling en opnieuw kalibreren |
| Tijdens het gebruik is een plofgeluidje hoorbaar -------- | Koud/warmeffect bij diepvriesproducten, veroorzaakt door de waterdamp | Niet mogelijk |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 35)
Waarschuwing – Gevaar voor letsel!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk.Nooit proberen het apparaat zelf te repareren. Reparaties mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Bij defect van het apparat met de servicedienst contact opnemen;
Waarschuwing – Kans op een elektrische schok!
Ondeskundige reparaties zijn gevaarlijk. Reparaties en de vervanging van beschadigde aansluitleidingen mogen uitsluitend worden uitgevoerd door technici die zijn geïnstrueerd door de klantenservice. Is het apparaat defect, haal dan de stekker uit het stopcontact of schakel de zekering in de meterkast uit. Contact opnemen met de klantenservice.
Foutmeldingen op het display
Verschijnt er op het display een foutmelding met “D” of “E”, bijv. D0111 of E0111, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit en weer in.
Betreft het een eenmalige storing, dan verdwijnt de indicatie. Verschijnt de foutmelding opnieuw, neem dan contact op met de servicedienst en geef hierbij exact aan wat de foutmelding is.
Maximale gebruiksduur
Heeft u de instellingen van uw apparaat meerdere uren niet gewijzigd, dan wordt het opwarmen automatisch stopgezet. Zo wordt voorkomen dat het apparaat ongewild blijft werken.
Het tijdstip waarop de maximale gebruiksduur wordt bereikt, is afhankelijk van de functie-instellingen.
Maximale gebruiksduur bereikt
Op het display verschijnt een melding dat de maximale gebruiksduur is bereikt.
Om de werking voort te zetten tipt u op een willekeurig veld of draait u aan de bedieningsring.
Wanneer u het apparaat niet gebruikt, schakel het dan met de toets on/off uit.
Tip: Om te voorkomen dat het apparaat niet ongewenst uitschakelt, bijv. bij zeer lange bereidingstijden, kunt u een tijdsduur instellen. Het apparaat warmt op totdat de ingestelde tijdsduur is afgelopen.
Lampen van de binnenruimte
Voor de verlichting van de binnenruimte beschikt uw apparaat over een of meerdere duurzame LED-lampen.
Mocht een LED-lamp of het glazen kapje toch eens defect zijn, neem dan contact op met de servicedienst. Het kapje van de lamp mag niet verwijderd worden.
Pagina 36
nl Servicedienst
4Servicedienst
Wanneer uw apparaat gerepareerd moet worden, staat onze servicedienst voor u klaar. Wij vinden altijd een passende oplossing, ook om een onnodig bezoek van medewerkers van de servicedienst te voorkomen.
E-nummer en FD-nummer
Geef aan de servicedienst altijd het volledige productnummer (E-nr.) en het fabricagenummer (FD-nr.) van uw apparaat op, zodat wij u goed van dienst kunnen zijn. Het typeplaatje met de nummers vindt u wanneer u de apparaatdeur opendoet.
Bij enkele apparaten die werken met stoom vindt u het typeplaatje achter de afdekking.
( 1U
)'
= 1U
Om niet te lang te hoeven zoeken kunt u hier direct de gegevens van uw apparaat en het telefoonnummer van de servicedienst invullen.
E-nr. FD-nr.
Servicedienst
Houd er rekening mee dat een bezoek van medewerkers van de servicedienst in het geval van een verkeerde bediening ook tijdens de garantieperiode kosten met zich meebrengt.
De contactgegevens in alle landen vindt u in de bijgesloten lijst met Servicedienstadressen.
Verzoek om reparatie en advies bij storingen NL 088 424 4010
Vertrouw op de competentie van de fabrikant. Dan bent u ervan verzekerd dat de reparatie wordt uitgevoerd door ervaren technici die gebruikmaken van de originele reserveonderdelen voor uw apparaat.
Gerechten
Met de functie “Gerechten” kunt u de meest uiteenlopende gerechten bereiden. Het apparaat kiest de optimale instelling voor u.
Om goede resultaten te bereiken, mag de binnenruimte niet te heet zijn voor de gekozen gerechten. Is dit wel het geval, dan krijgt u een aanwijzing op het display. Laat de binnenruimte afkoelen en start nogmaals.
Aanwijzingen bij de instellingen
- Het bereidingsresultaat is afhankelijk van de kwaliteit van de levensmiddelen en de grootte en de aard van de vormen. Gebruik voor een optimaal bereidingsresultaat alleen ongeschonden levensmiddelen en vlees op koelkasttemperatuur.
Gebruik bij diepvriesgerechten alleen levensmiddelen die direct uit de diepvries komen.
- Bij enkele gerechten wordt een temperatuur, verwarmingsmethode en bereidingstijd voorgesteld.
U kunt de temperatuur en bereidingstijd aanpassen aan uw behoeften
- Bij andere gerechten wordt u gevraagd het gewicht in te voeren. Voer altijd het totale gewicht in, tenzij het apparaat iets anders aangeeft. Hier regelt het apparaat de tijd- en temperatuurinstellingen voor u.
Het is niet mogelijk gewichten in te stellen buiten het betreffende gewichtsbereik.
- Bij vleesgerechten waarbij het apparaat de temperatuurkeuze voor u regelt, kunnen temperaturen tot 300 °C worden bereikt. Let er daarom op dat u vormen gebruikt die voldoende hittebestendig zijn.
- U krijgt bijv. aanwijzingen over de vorm, de inschuifhoogte of het toevoegen van vloeistof aan vlees. Vele gerechten moeten tijdens de bereiding bijv. worden gekeerd of omgeroerd. Dit wordt kort na de start weergegeven op het display. U wordt hier op het juiste tijdstip door een signaal aan herinnerd.
- Aan het einde van de gebruiksaanwijzing vindt u aanwijzingen voor geschikte vormen en tips en trucs voor de bereiding. "Voor u in onze kookstudio uitgetest." op pagina 38
Stoom
Bij enkele gerechten wordt automatisch de stoomfunctie geactiveerd. Algemene aanwijzingen bij de stoomfunctie vindt u in het betreffende hoofdstuk. "Stoom" op pagina 18
Na de start wordt de bereidingstijd weergegeven.Deze begint pas af te lopen als de ingestelde temperatuur bereikt is.
Waarschuwing – Kans op verbrandingen!
Bij het openen van de deur van het apparaat kan hete stoom vrijkomen. Afhankelijk van de temperatuur is er geen stoom te zien. Tijdens het openen niet te dicht bij het apparaat staan. De deur van het apparaat voorzichtig openen. Zorg ervoor dat kinderen uit de buurt blijven.
Pagina 37
Gerechten nl
Gerecht kiezen
De gerechten zijn op dezelfde manier opgebouwd:
- Categorie
- Voedingswaar
- Gerecht
In de volgende tabellen staan de categorieën met de bijbehorende etenswaar vermeld. Achter alle etenswaren vindt u een of meerdere gerechten.
| Categorieën Gebak | Etenswaar Gebak in vormen |
|---|---|
| Gebak op de bakplaat | |
| Klein gebak | |
| Koekjes | |
| Brood, broodjes | Brood |
| Broodjes | |
| Pizza, hartig gebak | Pizza |
| Hartig gebak, quiche | |
| Ovenschotels, soufflés | Ovenschotel, hartig, vers, gegaarde ingrediënten |
| Lasagne, vers | |
| Aardappelgratin, rauwe ingrediënten, 4 cm hoog | |
| Ovenschotel, zoet, vers | |
| Soufflé in portievormen | |
| Diepvriesproducten | Pizza |
| Broodjes | |
| Ovenschotels | |
| Aardappelproducten | |
| Vlees, gevogelte | |
| Gevogelte | Kip |
| Eend, gans | |
| Kalkoen | |
| Vlees | Varkensvlees |
| Rundvlees | |
| Kalfsvlees | |
| Lamsvlees | |
| Wildbraad | |
| Vleesgerechten | |
| Vis | Vis |
| Groente | Eenpansgerecht met groente |
| Groente gegratineerd | |
| Gebakken aardappels, gehalveerd | |
| Aardappels in de oven, heel |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 37)
Gerecht instellen
U wordt volledig door het instelproces van het door u gekozen gerecht geleid.
Met behulp van de bedieningsring kunt u in de afzonderlijke niveaus bladeren.
- 1. Tip op het veld menu.
De keuzelijst met de functies verschijnt.
- 2. Tip op het tekstveld “Assist”.
De categorieën worden weergegeven.
- 3. Tip op de gewenste categorie.
De bij de categorie behorende gerechten worden weergegeven.
- 4. Tip op het gewenste gerecht.
De afzonderlijke gerechten worden weergegeven.
- 5. Tip op het gewenste gerecht.
Op het display verschijnen de bijbehorende instellingen. Bij veel gerechten kunt u de instellingen aanpassen aan uw wensen.
Bij sommige gerechten moet u in de plaats hiervan het gewicht instellen.
Tip: Via het tekstveld “Tip” krijgt u aanwijzingen voor de accessoires en de inschuifhoogte.
- 6. Starten met de toets start/stop .
De tijdsduur loopt af op het display.
Het apparaat begint op te warmen.
Wanneer de tijdsduur beëindigd is, klinkt er een signaal.Het apparaat warmt niet meer op.
Wanneer het gerecht klaar is, schakelt u het apparaat uit met de toets on/off .
Nagaren
Nadat de tijdsduur afgelopen is, kunt u indien u nog niet tevreden bent met het bereidingsresultaat bij enkele gerechten nagaren.
Op het display verschijnt de vraag of u wilt nagaren. Wilt u nagaren, tip dan op het tekstveld “Nagaren”. Er wordt een tijdsduur voorgesteld die u kunt veranderen. Starten met de toets start/stop .
Aanwijzing: U kunt zo vaak nagaren als u wilt.
Bent u tevreden met het resultaat, tip dan op het tekstveld “Beëindigen”.
Schakel het apparaat met de toets on/off uit.
De eindtijd op een later tijdstip zetten
Bij enkele gerechten kunt u de eindtijd op een later tijdstip zetten. Voor de start op het tekstveld “Einde” tippen en met de bedieningsring de eindtijd uitstellen.
Na de start gaat het apparaat in de wachtstand.De eindtijd kan niet meer worden gewijzigd.
Wijzigen en afbreken
Na de start kunnen de instellingen niet meer worden gewijzigd.
Wilt u het proces afbreken, schakel het apparaat dan met de toets on/off uit.Met de toets start/stop kunt u de werking niet meer stopzetten.
Pagina 38
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
Voor u in onze kookstudio uitgetest.
U vindt hier een keur aan gerechten en de daarbij behorende optimale instellingen. Wij laten u zien welke verwarmingsmethode en temperatuur het meest geschikt zijn voor uw gerecht. U krijgt informatie over de juiste toebehoren en de hoogte waarop ze ingeschoven dienen te worden. U krijgt tips over vormen en de bereiding.
Aanwijzing: Bij het bereiden van levensmiddelen kan veel waterdamp in de binnenruimte ontstaan.
Uw apparaat is heel energie-efficiënt en geeft tijdens de werking slechts weinig warmte naar buiten af. Op grond van de hoge temperatuurverschillen tussen de binnenruimte en de buitenste delen van het apparaat kan er condenswater op de deur, het bedieningspaneel of nabijgelegen meubelfronten neerslaan. Dit is een normaal natuurkundig verschijnsel. Door voorverwarmen of de deur voorzichtig te openen, kan het condensaat worden gereduceerd.
Bij stomen of een toepassing met stoom is het gewenst dat er veel waterdamp in de binnenruimte ontstaat. Veeg na het garen de binnenruimte droog nadat deze is afgekoeld.
Vormen van silicone
Voor een optimaal kookresultaat raden wij u aan donkere bakvormen van metaal te gebruiken.
Wanneer u niettemin vormen van silicone wilt gebruiken, raadpleeg dan de informatie en de recepten van de fabrikant. Vormen van silicone zijn vaak kleiner dan normale vormen. De hoeveelheid- en receptgegevens kunnen afwijken.
Voor het bereiden met stoom en bij het stomen zijn vormen van silicone niet geschikt.
Gebak en klein gebak
Uw apparaat biedt talrijke verwarmingsmethoden voor het bakken van gebak en klein gebak. In de insteltabellen vindt u optimale instellingen voor vele gerechten.
Neem ook de aanwijzingen in de paragraaf over het rijzen van het deeg in acht.
Gebruik alleen originele toebehoren van uw apparaat. Dit is optimaal op de binnenruimte en de functies afgestemd.
Bakken met stoom
Bepaald gebak (bijv. gebak van gistdeeg) krijgt met stoom een knapperig korstje en een glanzend oppervlak. Het gebak droogt minder uit.
Bakken met stoom is alleen in één niveau mogelijk.
Sommige gerechten lukken het best wanneer ze in meerdere stappen worden gebakken. Deze zijn in de tabel aangegeven.
Inschuifhoogtes
Gebruik de aangegeven inschuifhoogtes.
Bakken op één niveau
Gebruik de volgende inschuifhoogte voor het bakken op één niveau:
- Hoogte 1
Bakken op twee niveaus
Gebruik 4Dhetelucht. Bakplaten of vormen die gelijktijdig in de oven worden geplaatst, hoeven niet op hetzelfde moment klaar te zijn.
- Braadslede: hoogte 3
Bakplaat: hoogte 1
- Vormen op het rooster eerste rooster: hoogte 3 tweede rooster: hoogte 1
Door de gerechten gelijktijdig te bereiden, kunt u tot 45 procent energie sparen. Plaats de vormen naast elkaar of verspringend boven elkaar in de binnenruimte.
Toebehoren
Let erop dat u altijd geschikte toebehoren gebruikt en dit er goed om inschuift.
Rooster
Het rooster met de open kant naar de deur van de binnenruimte en met de welving naar beneden inschuiven. Plaats de vormen altijd op het rooster.
Braadslede of braadpan
De braadslede of de bakplaat er voorzichtig tot de aanslag inschuiven, met de afgeschuinde kant naar de deur van het apparaat.
Gebruik bij vochtig gebak de braadslede, zodat bij overlopend vocht de binnenruimte niet vuil wordt.
Bakvormen
Het meest geschikt zijn donkere metalen bakvormen.
Lichte vormen, keramische vormen en vormen van glas verlengen de baktijd en het gebak bruint niet gelijkmatig.
Voor het bakken met stoom dienen de bakvormen hitte- en stoombestendig te zijn.
Bakpapier
Gebruik alleen bakpapier dat geschikt is voor de gekozen temperatuur. Knip het bakpapier altijd zodanig af dat het goed past.
Aanbevolen instelwaarden
In de tabel vindt u voor diverse soorten gebak de optimale verwarmingsmethode. Temperatuur en tijdsduur zijn afhankelijk van de hoeveelheid en de kwaliteit van het deeg. Daarom zijn er instelbereiken aangegeven. Probeer het eerst met de lagere waarden. Bij een lage temperatuur wordt het gerecht gelijkmatiger bruin. Stel de oven indien nodig de volgende keer hoger in.
Aanwijzing: De baktijden kunnen niet door hogere temperaturen worden ingekort. Gebak of klein gebak zou dan alleen van buiten gaar, maar van binnen niet goed doorbakken zijn.
De instelwaarden gelden voor producten die in de onverwarmde binnenruimte worden geplaatst. Zo kunt u
Pagina 39
Voor u in onze kookstudio uitgetest. nl
tot 20 procent energie sparen. De aangegeven baktijden worden enkele minuten korter wanneer u voorverwarmt.
Voor bepaalden gerechten is het nodig om voor te verwarmen, dit staat in de tabel aangegeven. Plaats uw gerecht en de accessoires pas na het voorverwarmen in de binnenruimte.
Wilt u volgens eigen recept bakken, ga dan te werk volgens de beschrijving van soortgelijk gebak in de tabel.Bijkomende informatie vindt u onder de tips voor het bakken na de insteltabel.
Niet gebruikte accessoires verwijderen uit de binnenruimte. Zo krijgt u een optimaal bakresultaat en spaart u tot 20 procent energie.
Gebruikte verwarmingsmethoden:
- 4D hetelucht
- • Boven- en onderwarmte
- • Pizzastand
De standen van de stoomintensiteit zijn met behulp van cijfers in de tabel aangegeven:
- 1 = laag
- 2 = gemiddeld
- 3 = hoog
| Gerecht Gebak in vormen | Accessoires/vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoom-intensiteit | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Cake, eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | - | 55-70 | |
| Cake, eenvoudig | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-160 | 1 | 50-70 | |
| Cake, fijn | Krans/rechthoekige vorm | 1 | 150-170 | - | 60-80 | |
| Vruchtentaart van roerdeeg, fijn | Tulband-/springvorm | 1 | 160-180 | - | 45-60 | |
| Taartbodem van roerdeeg | Taartbodemvorm | 1 | 150-170 | - | 20-40 | |
| Taartbodem van roerdeeg | Taartbodemvorm | 2 | 160-170 | 1 | 25-35 | |
| Vruchten- of kwarktaart met bodem van zandtaartdeeg | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 170-180 | - | 60-80 | |
| Zwitserse vruchtentaart | Pizzaplaat | 1 | 190-210 | - | 45-55 | |
| Taart | Taartvorm, zwart metaal | 1 | 190-210 | - | 25-40 | |
| Taart | Taartvorm, zwart metaal | 1 | 210-220 | 1 | 30-40 | |
| Gistdeegtulband | Tulbandvorm | 1 | 150-160 | - | 65-75 | |
| Gistdeegtulband | Tulbandvorm | 1 | 150-160 | 1 | 60-70 | |
| Gistdeeggebak in de springvorm | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150-160 | - | 25-35 | |
| Gistdeeggebak in de springvorm | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 160-170 | 2 | 25-35 | |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Taartbodemvorm | 1 | 170-180 | - | 20-30 | |
| Biscuitbodem, 2 eieren | Taartbodemvorm | 1 | 150-160 | 1 | 25-35 | |
| Biscuittaart, 3 eieren | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 160-170* | - | 25-35 | |
| Biscuittaart, 3 eieren | Springvorm Ø 26 cm | 1 | 150-160 | 1 - | 10 20-30 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150-170* | - | 30-50 | |
| Biscuittaart, 6 eieren | Springvorm Ø 28 cm | 1 | 150-160 | 1 - | 10 25-35 | |
| Gebak op de plaat | ||||||
| Cake met bedekking | Bakplaat | 1 | 160-180 | - | 20-40 | |
| Cake met bedekking | Bakplaat | 1 | 160-170 | 1 | 30-40 | |
| Cake, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | - | 35-50 | |
| Zandtaartdeeggebak met droge bedekking | Bakplaat | 1 | 170-190 | - | 25-40 | |
| Zandtaartdeeggebak met droge bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-170 | - | 40-55 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 39)
* voorverwarmen
** 5 min. voorverwarmen, niet de snelverwarmingsfunctie gebruiken.
Pagina 40
nl Voor u in onze kookstudio uitgetest.
| Gerecht | Accessoires/vormen | Inschuifhoogte | Verwar-mingsmethode | Temperatuur in °C | Stoom-intensiteit | Duur in min. |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Zandtaartdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 160-180 | - | 60-80 | |
| Zwitserse vruchtentaart | Braadslede | 1 | 180-200 | - | 40-50 | |
| Gistdeeggebak met droge bedekking | Bakplaat | 1 | 160-180 | - | 15-25 | |
| Gistdeeggebak met droge bedekking | Bakplaat | 1 | 150-160 | 1 | 25-35 | |
| Gistdeeggebak met vochtige bedekking | Braadslede | 1 | 180-200 | - | 30-45 | |
| Gistdeeggebak met droge bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 160-170 | - | 25-35 | |
| Gistdeeggebak met vochtige bedekking, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150-160 | - | 45-60 | |
| Broodvlecht, gistdeegkrans | Bakplaat | 1 | 150-160 | - | 35-45 | |
| Broodvlecht, gistdeegkrans | Bakplaat | 1 | 150-170 | 2 | 30-40 | |
| Biscuitrol | Bakplaat | 1 | 190-210* | - | 10-15 | |
| Biscuitrol | Bakplaat | 1 | 190-210* | 1 | 10-15 | |
| Kerststol van 500 g bloem | Braadslede | 1 | 150-160 | - | 50-60 | |
| Kerststol van 500 g bloem | Braadslede | 1 | 140-150 | 2 | 80-90 | |
| Strudel, zoet | Braadslede | 1 | 170-180 | - | 40-60 | |
| Strudel, zoet | Braadslede | 1 | 180-190 | 2 | 50-60 | |
| Strudel, diepvries | Braadslede | 1 | 190-210 | - | 35-50 | |
| Strudel, diepvries | Braadslede | 1 | 180-190 | 1 | 35-45 | |
| Klein gebak | ||||||
| Small cakes | Bakplaat | 1 | 160** | - | 25-35 | |
| Small cakes | Bakplaat | 1 | 150** | - | 25-35 | |
| Small cakes, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 150** | - | 25-35 | |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 170-190 | - | 15-30 | |
| Muffins | Muffinplaat | 1 | 150-160 | 1 | 25-30 | |
| Muffins, 2 niveaus | Muffinplaten | 3+1 | 150-170* | - | 20-30 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160-170 | - | 30-40 | |
| Klein gebak van gistdeeg | Bakplaat | 1 | 160-180 | 2 | 25-35 | |
| Bladerdeeggebak | Bakplaat | 2 | 170-190* | - | 20-45 | |
| Bladerdeeggebak | Bakplaat | 1 | 200-220* | 1 | 15-25 | |
| Bladerdeeggebak, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 170-190* | - | 20-45 | |
| Deeg van bijv. soesjes | Bakplaat | 1 | 200-220 | - | 30-45 | |
| Deeg van bijv. soesjes | Bakplaat | 1 | 200-220* | 1 | 25-35 | |
| Plunderdeeggebak | Bakplaat | 1 | 160-180 | - | 20-30 | |
| Plunderdeeggebak | Bakplaat | 1 | 160-180 | 2 | 25-35 | |
| Koekjes | ||||||
| Sprits | Bakplaat | 1 | 150-160** | - | 25-40 | |
| Sprits | Bakplaat | 1 | 140-150** | - | 25-40 | |
| Sprits, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 140-150** | - | 30-40 | |
| Koekjes | Bakplaat | 2 | 140-160 | - | 15-30 | |
| Koekjes, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 130-150 | - | 20-35 | |
| Schuimgebak | Bakplaat | 2 | 90-100* | - | 100-130 | |
| Schuimgebak, 2 niveaus | Braadslede + bakplaat | 3+1 | 90-100* | - | 100-150 |
Bekijk deze tabel in de handleiding (pdf, pagina 40)
* voorverwarmen
** 5 min. voorverwarmen, niet de snelverwarmingsfunctie gebruiken.